Ik heb niks biezonders gelezen in de krant, toch niet iets dat aan mijn vel blijft kleven. In de komkommertijd moet men tevreden zijn met nieuws over allerlei onderwerpen dat steeds maar herkauwd wordt met allerlei andere titels. Zoals al enkele dagen over het gigantische lerarentekort bij het begin van het nieuwe schooljaar. Leraren die gedetacheerd worden naar de kabinetten hebben geen goesting meer om voor de klas te gaan staan om het 'ezelsbrugsken' uit te leggen of de vervoegingen en het 'd/t' gebruik. Het ezelsbrugsken heb ik later nog dikwijls gebruikt in berekeningen maar ik heb nog altijd last met d of t voor een werkwoord. Enfin, mijn lezers zullen me wel vergeven dat ik af en toe taalkundige steken laat vallen. Tenslotte is het de boodschap die ik breng belangrijker dan de fouten die ik schrijf. Daarom doe ik ook nog iedere dag mijn 'beter spellen' oefeningen, om toch nog wat te corrigeren in mijn schrijven. Ik denk dat het 'weer' ook aan zijn laatste zomerse stuiptrekkingen begonnen is. Het is verre van koud met 22°C, maar de blauwe lucht is verdwenen, en de wind heeft een hogere snelheid gekregen. Tot hiertoe nog altijd droog, dat wil zeggen dat ik vanavond weer mijn potplanten en zomerbloeiers water moet geven. Daar heeft de hond veel plezier aan want dan kan hij proberen de waterstraal in zijn muil te krijgen, en hem eens goed laten nat maken. Het is dan ook niet voor niks dat ik een waterhond heb. Nog een goeie tweetal weken en we kunnen weer pootje baden in de zee en over de baren en golfjes springen. En als het dan terug warm weer zou zijn kan ik het liedje van Anneke Grönloh (1942-2018) "Brandend Zand" eens ten gehore brengen aan de schelpen, mosselen, kreeftjes, krabjes en misschien zelfs een zeester. Dat zijn dan toch weer een hele hoop luisteraars, die kunnen genieten van mijn zangtalenten. Tot morgen
|