Onze diertjes die naar de regenboogbrug gegaan zijn
Hallo bezoeker,
welkom op het blog van de Mailgroep Huisdieren, een hechte groep Dierenvrienden-SeniorenNetters, die er zijn voor, door en met elkaar.
Op dit blog kunnen jullie kennismaken met onze dieren, tips vinden over de verzorging en de gezondheid van de dieren, dierengedichten en dierenartikels lezen, werkjes in verband met dieren bekijken, enz.
Veel kijk- en leesplezier!
13-01-2012
Katers vaak linkspotig, poezen zijn vaker rechts
Katers vaak linkspotig, poezen zijn vaker rechts
Een rechtspotige poes. rr
AMSTERDAM - Na het eerste levensjaar ligt de voorpootvoorkeur van katten vast.
Kijk, een stukje tonijn! De onderzoeker, een Ierse dierpsycholoog, laat de kat er even aan ruiken; dan gaat de lekkernij in een (open) glazen potje. Kat erop af, natuurlijk: met een van zijn voorpoten hengelt het diertje naar de vis. En de onderzoeker noteert met welke poot het eerst.
Dat blijkt bij kittens van twaalf weken nog niet uit te maken, na een half jaar begint er een patroon te ontstaan en na een jaar hebben de meeste katten een duidelijke voorpootvoorkeur: de meeste katers zijn links, de meeste poezen rechts. En katten die goed konden hengelen, hadden tegen die tijd in totaal anderhalve kilo tonijn binnen kunnen krijgen, zo vaak werd het experiment herhaald.
Dierpsychologen uit Belfast beschrijven hun onderzoek onder 37 rasloze huiskatten, allemaal geen familie van elkaar, in een artikel dat ze online publiceerden in het Journal of Comparative Psychology . Van de twaalf jonge katjes die ze volgden van twaalf weken tot een jaar oud, had slechts één van de vijf katers na een jaar geen duidelijke voorkeurspoot. De andere vier katers waren op éénjarige leeftijd duidelijk links en alle zeven vrouwtjes rechts. Daarnaast testten de Ieren nog elf katten van een half jaar en veertien katten van een jaar oud. Daarbij vonden ze een vergelijkbaar voorkeurspootpatroon, dat waarschijnlijk stabiel blijft. Dit suggereert, schrijven de onderzoekers, dat links- of rechtspotigheid ten minste deels biologisch bepaald is. Misschien dat katten die met broertjes of zusjes opgroeien, daar ook nog door worden beïnvloed. Dat moet apart worden onderzocht.
Ook allerlei andere dieren hebben een 'voorkeurskant', zoals bultrugwalvissen, zeeleeuwen, duiven, kippen, honden, muizen en padden. Maar behalve bij mensen en primaten is het verschijnsel eigenlijk nauwelijks onderzocht.
Duiven mogen dan niet bekend staan om hun talent voor wiskunde, misschien is dat wel onterecht, volgens een onderzoek onder leiding van Damian Scarf van de University of Otago in Nieuw-Zeeland, dat verschenen is in Science .
De onderzoekers trainden duiven eerst om beelden met één, twee of drie vormen op een computerscherm in de juiste volgorde aan te tikken, eerst de één, dan twee, dan drie. Als ze dat juist deden, kregen ze lekkers. Daarna kwam de test: de duiven kregen tekeningen met meer dan drie vormen te zien. Ook die bleken ze nu in de juiste volgorde van klein naar groot te kunnen aanwijzen, tot negen toe.
Hondenliefhebbers zullen niet verbaasd zijn: onderzoek heeft nu aangetoond dat honden écht verstaan wat hun baasjes zeggen. Wat je zegt is daarbij even belangrijk als het oogcontact dat je met de hond maakt. Die pikt de 'wens tot communiceren' op, net zoals een kleuter van twee jaar dat kan.
"De manier waarop hinden signalen oppikken lijkt op dat van kinderen tussen zes maanden en twee jaar in veel opzichten. Mensen en honden delen dus bepaalde sociale vaardigheden", verklaart de Hongaar Jszsef Topal van de Hungarian Academy of Sciences in het vakblad Current Biology. Oogcontact is cruciaal in die communicatie.
Lichaamstaal "Honden kijken naar onze ogen om beter te begrijpen wat we bedoelen en waarom we het zeggen. Net als kleuters zijn ze dus gevoelig voor onze lichaamstaal, voor signalen die onze bedoeling verraden."
Testen Topal kwam tot die conclusie na enkele testen met honden, die een video te zien kregen van een persoon die 'Hallo hond' zei in verschillende toonaarden en verschillende manieren van oogcontact. De reactie van de honden werd in de gaten gehouden via eyetrackter-technologie.
Oogcontact van belang Als de hond rechtstreeks werd aangesproken met een hoge stem, dan bleek de hond meer geneigd om de handelingen van de spreker te volgen (in dit geval: het kijken naar een van twee identitieke potten). Als de hond werd aangesproken in een lage stem, zonder oogcontact, had de hond minder interesse voor wat de persoon deed.
Of dat betekent dat hondenhersenen op dezelfde manier informatie verwerken als bij mensen is nog niet duidelijk. Topal belooft alvast meer onderzoek in die richting.
Bij de africhting van honden was al duidelijk dat bevelen het best aangeleerd worden door vocale boodschappen te koppelen aan handbewegingen (dus lichaamstaal). (edp) (HLN)
Honden worden wel eens 'de beste vriend van de mens' genoemd. Dat mag dan gelden voor individuele relaties, op koppelniveau spelen ze een bijzonder slechte rol: zo veroorzaakt de hond 2.000 ruzies tijdens zijn leven, goed voor 156 per jaar of drie keer per week. Daarbij werd uitgegaan van een 'gemiddelde' leeftijd van 12,8 jaar.
Het grootste struikelblok was de vakantie, en wat er dan met de hond moest gebeuren: meenemen, in een kennel of bij een vriend of familielid achterlaten? Op de tweede plaats wordt er ruzie gemaakt over wiens beurt het is om met de viervoeter te gaan wandelen.
Eén op vier maakt ook regelmatig ruzie over waar de hond wel en niet mag komen in huis. Wel of niet in de zetel, op het bed of op de bovenverdieping, zijn discussies die elke hondeneigenaar wel zal herkennen.
Ook het straffen en trainen van de hond zorgt voor kibbelpartijen: 18 procent vindt dat de partner te hard is voor de hond, 15 procent is het niet eens over wie hem of haar nu 'mag' (of moet) trainen.
De ruzies kunnen hoog oplopen: 17 procent sliep zelfs al eens in een andere kamer om af te koelen. Een kwart heeft al overwogen de hond weg te doen om de gezinsvrede te bewaren.
"Een hond hebben lijkt wel een beetje op een baby: je moet er de hele dag voor zorgen, altijd, en dat kan zwaar wegen op iemand. Het is erg vermoeiend om elke dag met de hond te gaan wandelen, hem doen bewegen zodat hij niet het huis aan flarden scheurt en gezond blijft", legt Nikki Sellers uit.
De top-20 'hondgerelateerde' ruzies 1) Wat te doen met de hond tijdens de vakantie 2) Wie met de hond moet buiten gaan 3) Mag de hond op bed of niet? 4) Mag de hond naar boven of niet? 5) Wie ruimt de rommel in de tuin op? 6) Te streng zijn voor de hond 7) De hond in de zetel 8) Het geld dat aan de hond besteed wordt 9) Het trainen van de hond 10) Mag de hond restjes krijgen van tafel? 11) Wie zorgt er voor de hond? 12) Wie de hond moet verzorgen en kammen 13) Over de schade die hond veroorzaakt 14) Wiens idee het was om de hond te kopen 15) Wie ruimt de plasjes en kakjes op? 16) Wie ruimt het braaksel op? 17) Wie de hond moet socialiseren? 18) Over wie de hond toeliet in 'verboden' kamers 19) Speelgoed van de kinderen dat kapotgebeten wordt 20) Over schoenen die opgegeten worden
Je huisdier moeten afgeven is geen pretje. Maar zonder trouwe viervoeter door het leven gaan is voor dierenliefhebbers vaak nog lastiger. Wanneer neem je een nieuw dier in huis?
Voor je aan een nieuw huisdier denkt, neem je best de tijd om afscheid te nemen van je vorige kameraad. Neem de tijd om te rouwen, want je kan niet zomaar het ene huisdier voor het andere inwisselen. "Elk huisdier heeft immers zijn eigen persoonlijkheid", zegt dierenarts Sheri Morris aan Web MD. "Je mag je overleden huisdier gerust nog een tijdje missen. Als je voelt dat je nood hebt aan gezelschap tijdens wandelingen of bij je thuiskomst van het werk, dan weet je dat de tijd rijp is om aan een nieuwe kompaan te denken."
Een nieuw dier in huis is natuurlijk wennen. Voor jou, maar zeker ook voor het dier. Laat je nieuwe vriend rustig zijn territorium onderzoeken. Blijf de eerste weken zoveel mogelijk in de buurt, zodat je op tijd kan reageren als er problemen zijn. Heb je nog andere huisdieren, gun ze dan ook de tijd om kennis te maken met de nieuwkomer. De eerste weken is het serieus wat aftasten, maar na een goede maand is het weer helemaal zoals tevoren.
Is je kat een speelvogel en heeft ze het om je meubelen gemunt? Neem het haar niet te kwalijk. Katten zijn nu eenmaal van nature ‘krabbers’. De oplossing? Een krabpaal!
1) Een krabpaal kan je best van bij het begin in huis halen. Want als de kat al aan een stoel of ander meubel krabde voor de krabpaal er was, dan heeft ze daar haar geur afgezet met de geurklieren in de voetzolen en zal ze telkens naar deze plek terugkeren.
2) Veel katten krabben ook aan je spullen in huis om aandacht te vragen. Als je telkens op die vraag ingaat, wordt je kat dit natuurlijk gewoon en zal ze dit blijven doen.
3) Zorg ervoor dat de krabpaal op een aantrekkelijke plek staat. Zet je hem in een verlaten hoekje, dan zal je kat de neiging hebben om meer centrale plekken op te zoeken. Lees: zetel of tafel!
4) Kies een goede krabpaal uit. Is de paal wankel of is er te weinig krabgedeelte, dan zal je kat hem gauw links laten liggen.
5) Had je kat een lievelingsstoel om aan te krabben voor je een krabpaal in huis haalde? Bedek deze stoel dan tijdelijk met aluminiumfolie of dik plastic.
6) De kat kan je regelmatig naar de krabpaal lokken met speeltjes. Besprenkel hem indien nodig met feromonenspray, zo zal je kat zich in een mum van tijd weer op haar gemak voelen.
Muizen zijn bijna de kleinste knaagdieren die als huisdier kunnen worden gehouden. Wanneer mensen denken aan muizen halen de meesten de "witte muizen met de rode oogjes" voor de ogen. Nochtans is deze diersoort te krijgen in verschillende kleuren en variëteiten. Het is niet altijd gemakkelijk om muisjes in een dierenspeciaalzaak terug te vinden, omdat ze niet zo populair zijn als huisdier in vergelijking met een dwergkonijn of cavia. Dit is jammer, want één of meerdere muizen kunnen zeer goed dienen als huisdier; ze hebben immers niet veel ruimten nodig, kunnen binnenshuis worden gehouden, zijn goedkoop in aanschaf en onderhoud en kunnen zeer tam worden gemaakt.
Huisvesting
Kartonnen of houten dozen/kratten zijn niet echt geschikt om muizen in te houden. Ze gaan namelijk de urine van het diertje opnemen en daardoor na een tijdje een slecht geur verspreiden.
De dieren kunnen hier ook niet veel of niet klimmen en niet naar buiten "kijken". Deze dozen kunnen wel gebruikt worden wanneer u van plan bent om muizen te kweken.
Kooien zijn geschikt voor muisjes, mits de afstand tussen de tralies genoeg klein is! Muisjes zijn immers meesters in het ontsnappen. Een goede vuistregel is dat een volwassen persoon zijn/haar vinger niet doorheen de tralies mag kunnen steken. Kooien voor hamsters of vogels kunnen hier zeer goed dienst doen. Een groot voordel van kooien (in vergelijking met dozen of glazen bakken) is dat de muisjes goed kunnen klimmen (wat hen in een goede conditie houdt) en dat er een goede ventilatie present is.
Vooral kooien met verschillende verdiepingen zijn aan te raden, omdat op die manier heel veel ruimte voor het dier wordt gecreëerd terwijl er niet veel ruimte van de woonkamer wordt ingenomen.
Glazen bakken (oude aquaria) kunnen eigenlijk ook worden gebruikt. Deze hebben als voordeel dat de muisjes hier niet kunnen uit ontsnappen (tenminste reeds er een goed sluitend dekraam op ligt). In glazen bakken kan ook een dikke laag bodembedekking worden gestapeld zonder dat het (zoals bij kooien) op de vloer of tapijt terecht komt. Het is immers zo dat muisjes graag holen graven en een dikke laag bodembedekking geeft hen de mogelijkheid hiertoe. Een ander voordeel is het feit dat deze bakken goedkoop in aanschaf zijn en de muizen beschermen tegen tocht. Twee belangrijke nadelen zijn aan de ene kant het feit dat de dieren hier niet kunnen klimmen en aan de andere kant dat er in deze bakken geen goede ventilatie present is.
Als bodembedekking kunt u zaagsel, hooi of papier gebruiken. Versnipperd papier geeft niet echt veel warmte; kranten daarentegen voelen warm en gezellig aan.
Het is belangrijk dat u voor de muis een interessante en boeiende omgeving creëert. U kan bvb zorgen voor (kartonnen) wc of huishoudpapier rolletjes, allerhande houten speeltjes, loopwieltjes, lege kartonnen doosjes, houten takken...
Voeding
U kan aan uw muis een volledig hamster- of gerbilvoer geven, wat u kunt kopen in iedere goede dierenspeciaalzaak. U geeft wel beter nog extra groenten en fruit erbij als druiven, appels, bananen, komkommer, broccoli, wortelen... Als extraatjes (wat bvb als beloning kan dienen) kan u gekookte pasta geven, zonnebloemzaden, rozijnen, noten, beschuit... Niettegenstaande het feit dat muizen eerder niet veel drinken, moeten ze toch altijd vers water ter beschikking hebben. U kan beter gebruik maken van drinkflesjes; het is immers zo dat, als u water in potjes/bekers geeft, dit water zeer vlug bevuild zal geraken met uitwerpselen en urine.
Hanteren
Om muisjes tam te krijgen, kunt u als volgt tewerk gaan.
De eerste dag is het beter het diertje gerust te laten, zodat hij/zij gewoon kan worden aan de nieuwe omgeving en kan bekomen van de rit van de winkel naar huis.
De tweede dag brengt u uw hand in de kooi van het diertje en wacht u een tijdje tot de muis aan uw hand komt ruiken. Wanneer het diertje dit doet, houdt u uw hand stil en laat u het diertje uw hand besnuffelen.
De derde dag kunt u het diertje optillen. Probeer dit ’s avonds te doen, omdat de diertjes dan actief beginnen te worden en goed zijn uitgeslapen. U kan het diertje optillen aan de staarbasis (niet de staarttop) en op uw hand zetten. In het begin is het beter het diertje te blijven vasthouden aan de staart om te voorkomen.
In de praktijk wordt voor haast 90 procent zuiver leidingwater gebruikt voor het vullen van aquaria. Daardoor hangt ook de basiskwaliteit van het aquariumwater rechtstreeks af van de deugdelijkheid van het drinkwater, die echter in toenemende mate gehypothekeerd wordt door milieuvervuiling en intensieve landbouw (overbemesting, pesticidengebruik). Als gevolg daarvan vinden wij in het water ongeveer overal sporen van nitraten, herbiciden, koolwaterstofverbindingen en zware metalen. Daarbij komt dat de samenstelling van het water door bewerking in de waterbed rijven volkomen veranderd wordt. Voor waterplanten belangrijke voedingsstoffen als ijzer, mangaan en koolzuur worden verwijderd omdat ze de leidingbuizen beschadigen, en vruchtbare organische bestanddelen vlokt men uit. Meestal wordt het water bovendien nog op een alkalische pH-waarde ingesteld.
Belangrijk: Een volledige analyse van uw drinkwater kunt u aanvragen bij de watermaatschappij. Om de opgesomde redenen brengt het gebruik van drinkwater voor onze aquaria meestal een aantal problemen met zich mee, bijvoorbeeld:
het ontbreken van voedingsstoffen voor planten
het ontbreken van beschermende organische colloïden voor de vissen
een te hoog nitraat- en fosfaatgehalte Uitsluitend leidingwater gebruiken als basis voor een aquarium is in heel wat streken dan ook niet meer aan te bevelen. Ter verbetering van de kwaliteit kan men mengen met gedistilleerd water, gezuiverd water of met water dat uit een bron komt in een gebied waar geen inspoeling van landbouwgrond plaatsvindt en waarvan u de voornaamste parameters laat bepalen (vraag dat bij een aquariumvereniging in uw buurt).
Wateranalyse
Voor de wetenschappelijk geïnteresseerde aquariaan gaat door de analyse van zijn aquariumwater een volledige wereld open, maar voor een "gewone" hobby-aquarist roept ze meestal vraagtekens en dus ongerustheid op. Aangezien men zijn vissen alleen soortgericht kan houden wanneer men weet in welk water ze zwemmen, moet iedere siervissenhouder vertrouwd zijn met de voornaamste waterparameters. Die kennis is ook van belang om de plantengroei tot een goed einde te brengen. Bovendien zijn de werking en de betekenis van technische middelen en het optreden van algenplagen alleen te begrijpen door ze te koppelen aan de waterchemie. Daarom zal ik in de volgende hoofdstukken de voor aquariumkunde belangrijkste parameters zo begrijpelijk mogelijk beschrijven en op de onderlinge samenhang wijzen.