|
Een kille en mistige zondag. Dat deert mijn buurman niet om naar de bakker te gaan en voor mij ook een "Zondag" mee te brengen. Ik ben dus weeral voorzien van het 'laatste' nieuws, dat niet echt nieuws is. De journalisten moesten geen tekst schrijven, zodat er wat meer fait divers in de krant staan, die niet echt nieuwswaarde hadden. De politiek is in weekend-modus en links en rechts zijn er nog nieuwjaarsrecepties. In ieder geval heb ik alleen maar gelezen dat het een modeshow was, wat eigenlijk te verwachten valt als al de VIPs bijeenkomen en zich op die manier kunnen onderscheiden van de rest van the most important people van ons Vlaanderenland. Ik heb niet naar het programma "Kastaars" gekeken. Ik wilde geen uren voor de beeldbuis zitten en kijken naar mensen die naar het podium werden geroepen door gekoppelde BV's en die alleen maar "dank u" en "dankzij" moesten zeggen voor hun beeldje dat ze kregen. Gelukkig waren er goede detectieves op verschillende zenders te zien, waarvan ik de meeste opgenomen heb om op latere tijdstippen te bekijken. Een zogenaamde wintervoorraad aanleggen.
"We zijn collectief verslaafd aan voedsel dat niet meer voedt"; Een titel die op VRTnws verschijnt. Ik denk dat zoiets waar is. We knabbelen meer, eten meer smaakmakers die instant een goed voldaan gevoel geven, we vergeten een beetje naar het seizoen te leven en wensen alle voedingsmiddelen van heinde en verre op ons bord te krijgen. Voor mij geld nog altijd, in de winter geen tomaten, sla en aardbeien. Die worden geimporteerd of in verwarmde serres geproduceerd en smaken niet zoals ze de smaak van de zon zouden krijgen. De industrie springt mee op de kar van 'bliss points', producten waar we verslaafd aan worden gemaakt door een mengsel van zout, vet en suiker aan alles toe te voegen. Die bevatten veel caloriën geven, geen voeding, zoals bv chips. Het is wel zo dat als je boodschappen gaat doen, de verleiding van al die snacks groot is en dat er een sterke wil nodig is om al die schappen met lekkers voorbij te racen zonder er iets ervan te nemen en in de kar te leggen. De reden dat ik wat meebreng is altijd: ik wil iets lekkers in huis hebben voor als er volk komt. Is dat niet het geval, dan kan ik het zelf wel opeten want het is lekkeren soms een troostvoer. Maar ik krijg deze namiddag waarschijnlijk bezoek, ik kan mijn zoete hapjes delen en iedereen blij maken. Tot morgen
|