NIEUW: Blog reclamevrij maken?
Foto
Inhoud blog
  • De Nood van Sinterklaas - Felix Timmermans
  • De Vlietjesdemping te Lier - Felix Timmermans
  • Pallieter naast Boerenpsalm
  • Pallieter in het klooster - Cees Visser
  • Info FT Genootschap
  • F T Fring bestaat 25 jaar
  • Timmermans en de Muziek - Daniël De Vos
  • Fons De Roeck
  • Is Timmermans Groot ? - Felix Morlion O.P.
  • Renaat Veremans vertelt - José De Ceulaer
  • Vacantie bij de oude boeken - Gaston Durnez
  • De Pastoor uit den Bloeyenden Wijngaerdt
  • Brief Gommer Lemmens - 11/06/2013
  • 70 jaar geleden ....
  • Overlijden van de Fé
  • Openingstoespraken - Timmermans-Opsomerhuis 1968
  • Toespraak Hubert Lampo - 1968
  • Toespraak Artur Lens Archivaris - 1968
  • Luisterspel Pallieter 2016
  • Bibliotheek van de stad Lier
  • Anton Thiry - Gaston Durnez
  • Een Mandeke Brabants fruit
  • Beste bezoeker
  • Clara Timmermans overleden
  • Covers van Pallieter
  • Pallieter wordt honderd jaar - Bertje Warson
  • Pallieter en Felix Timmermans
  • Toespraken 25/6/2016 - Kevin Absillis, Kris Van Steenberge en Gerda Dendooven
  • De Lierse Lente - Ronald De Preter
  • Felix Timmermans - Emiel Jan Janssen
  • Pallieter honderd jaar - Gaston Durnez
  • Adagio - Frans Verstreken (Hermes)
  • Pallieter, een aanval en verdediging
  • Driekoningen-Tryptiek - Jacques De Haas
  • Over Pallieter (25/01/1919)
  • Timmermans' werk in het buitenland
  • De Eerste Dag - Felix Timmermans
  • Het Kindeke Jezus in Vlaanderen
  • Fred Bogaerts - Felix Timmermans
  • De Harp van Sint Franciscus - Gabriël Smit
  • Timmermans en Tijl Uilenspiegel
  • Felix Timmermans ter Gedachtenis
  • De Vlaamse Timmermans - Paul Hardy
  • Timmermans was Einmalig - José De Ceulaer
  • Levenslied in schemering van de dood - Gaston Durnez
  • Expositie in De Brakke Grond te Amsterdam
  • Bij de Hilversumsche Gymnasiastenbond
  • Timmermans als schilder en tekenaar - W.A.M. van Heugten
  • De onsterfelijke Pallieter - Tom Vos
  • Soldaten, Dichter en boeken
  • Karel Van den Oever te Averbode gehuldigd
  • Aan Karel van den Oever - Felix Timmermans
  • Karel van den Oever gehuldigd - Felix Timmermans
  • Timmermans' werk in het buitenland
  • Lier Gegroet - nog duizend pluimen op uw hoed
  • De vroolijkheid in de kunst - Carel Scharten
  • Pallieter door Felix Timmermans, Tiende druk
  • Rembrandt-prijs aan Felix Timmermans - Frans Vanel
  • De Bende van de onzichtbare Hand - Felix Timmermans
  • Felix Timmermans en De Witte
  • De Triomf van Timmermans' Mirakelspel in Nederland
  • Baron Isidoor Opsomer - Felix Timmermans
  • Beste Mejuffrouw Lyra - Felix Timmermans
  • Het Geheim - Felix Timmermans
  • De eerste opvoering van De Ster
  • Pallieter van Felix Timmermans - Peter van Arkel
  • Een Fransche Pallieter - 1929
  • De Liersche Zimmer-Ommeganck 1930
  • Het feest van Felix Timmermans
  • In het Land van Pallieter - Eduard Veterman
  • Felix Timmermans - Tony Van Tichelen
  • Bij Felix Timmermans
  • Zijn kinderverhalen
  • Timmermans en Schoon Lier - V. Wouters
  • Beschrijving van een stad - Frans Eerens
  • Gustaf uit De Roode Kat - Felix Timmermans
  • Hoe Anne-Marie ontstaan is - André Demedts
  • Een ras-schrijver overleed...
  • Ereburger van de stad Lier - Gaston Durnez
  • Timmermans vertelt over Pallieter
  • Liefde voor al wat leeft - Pieck en Timmermans
  • Een boek van Pallieter - Erik Dams
  • Eeuwfeest Tony Bergmann
  • De Sterre in Frans-Vlaanderen - Jan Hardeman
  • Felix Timmermans over zijn werk en de Vlaamschen humor
  • Felix Timmermans als schilder - Georg Hermanowski
  • Timmermans en Schoon Lier - V. Wouters
  • Pallieter verboden - 2/11/1920
  • Timmermans over het verbod van Pallieter
  • Fred Bogaerts, de Liersche Breugel
  • Vlaamschen brieven van Felix Timmermans
  • Over Pallieter - Lezing door Felix Timmermans
  • Een Vlaamsch Kunstwerk - Vincent Cleerdin
  • Pijp en Toebak - E. Elias
  • Tooneel in een kleine stad - Felix Timmermans
  • Openingswoord tentoonstelling 1957 - Leo Arras
  • De Leefkamers van Felix Timmermans - Frans Verstreken
  • Het weergalooze Lier - Jeanne De Bruyn
  • Felix Timmermans te Lier gehuldigd
  • Werklust tot den laatsten dag
  • Lot er ons de sijs van aflakke - Jos Borré
  • Een brave burger uit het vrome Lier - Stefaan Praet
  • De Pastoor in den bloeienden Wijgaard
  • De Meimaand mint de nachtegaal - Guido Defever
  • Lie (r) ver groot - Reuzen erfgoed onder de loep
  • Schreiben is wie beichten... - Karlheinz Pieroth
  • Zij die wij bewonderen... - Risoto
  • Een ongekuiste Pallieter in Geitenleer verpakt
  • Bij de Breugelplaten - Felix Timmermans
  • De Harp van Sint Franciscus - Antoon Van Duinkerken
  • Franck Mortelmans vriend van Oscar Van Rompay
  • Het boek van den Boer - A.J.D. Van Oosten
  • Timmermans dwingt je te kijken - Jaak Dreesen
  • Voordracht Felix Timmermans, in den Bijenkorf
  • Felix Timmermans nog erg geliefd
  • Ter herinnering aan Pastoor Ignaas Dom
  • Walter Arras
  • Felix Timmermans, ook tekenaar en schilder
  • Homilie Eucharistieviering 1986 - Herman-Emiel Mertens
  • Een briefkaart uit 1927
  • Pallieter en Marieke - werk van Bertro
  • Timmermans' Krabbenkoker - Maurice Roelants
  • Een praatjes met den populairen Vlaming.
  • Met Felix Timmermans door Lier - Jan Lampo
  • Toespraak Timmermansjaar - Jos Borré
  • Er gebeurt iets... - Jos Borré
  • Felix Timmermans - Jozef Muls
  • Het ontstaan van mijn werk - Felix Timmermans
  • De Gestoorde Bloedprocessie - Felix Timmermans
  • De Processie in Brugge - Felix Timmermans
  • De Domper, Pallieter op de index
  • De Zeven Zusters - Felix Timmermans
  • Het Filmspel van St. Franciscus
  • Isidoor Opsomer werd zeventig jaar
  • En als de ster bleef stille staan... - Felix Timmermans
  • Ontslag als Gildemeester - brief van Timmermans
  • Honderd jaar Felix Timmermans - W. Peeters-Somers
  • Het Oude Lier - Felix Timmermans
  • Bloemenhulde Felix Timmermans - Louis Vercammen
  • Renaat Veremans en Felix Timmermans - Tom Bouws
  • Pallieter - W. Van den Broeck
  • De Goede Fee - Jaak Dreesen
  • Lier herdenkt zijn grootste zoon - François Thijs
  • De Kreatie van Boerenpsalm te Lier - José De Ceulaer
  • Met de woonwagen bij Felix Timmermans
  • Onze grote schrijver Felix Timmermans
  • Felix Timmermans op audientie bij de Paus
  • Pallieter op den Index
  • Pallieter - Gerard Brom
  • Oorlogtribulaties die de Fé doormaakte
  • Felix Timmermans, Belgie - la Belgique 1830-1930
  • Boerenpsalm - Gabriël Smit
  • Mijn Kinderverdriet - Gommaar Timmermans
  • De Eeuwige stilte - Felix Timmermans
  • Lierke Plezierke en Pallieter
  • Flaemische Weinachts Gesellen
  • Hij moest de grapjas blijven - Dirk Goster
  • De Pelgrim te Antwerpen
  • Timmermans als scenario-schrijver
  • Felix Timmermans, Mens, Schrijver, Schilder en Tekenaar
  • Boudewijn - Karel Van den Oever
  • De Hemelsche Salome - Wies Moens
  • Het Verken als Kluizenaar - Felix Timmermans (1)
  • Het Verken als Kluizenaar - Felix Timmermans (2)
  • Felix Timmermans' Pieter Bruegel - JH François
  • Felix Timmermans en Ernest Claes - M. Roelants
  • Bij Felix Timmermans - Annie Hirsch
  • Felix Timmermans redivivus - José De Ceulaer
  • De Driejaarlijksche prijs voor Letterkunde
  • Hoe Felix Timmermans begon te schrijven, 15 jaar oud
  • Het Kindeke Jezus in Vlaanderen - Gaston Durnez
  • Tu felix eris - Anton Van Wilderode
  • Over Levenshumor
  • Felix Timmermans vijftig jaar
  • En waar de Ster bleef stille staan...
  • Veel klappen en uitleggen - Della Bosiers
  • De erfenis van Timmermans
  • OL Vrouw in de Doornkens - Henri Ghéon
  • Eerste opvoering van De Hemelsche Salomé
  • Felix Timmermans is niet meer - Frans Verstreken
  • Een pen in stilte gedoopt - Marcel Janssens (deel1)
  • Een pen in stilte gedoopt - Marcel Janssens (deel2)
  • De andere kant van een vermaard verteller
  • In het voetspoor van Timmermans - Jules Kockelkoren
  • Timmermans anno 1972 - Hubert Lampo
  • Voordracht van Felix Timmermans
  • Felix Timmermans over Pieter Breugel
  • Uit het Timmermansjaar - Hans Vandevoorde, Jaques Lust
  • Een Minnezangers-leven
  • Felix Timmermans litterair debuut
  • Macht en onmacht van Felix Timmermans - F. Morlion
  • De schakel en Felix Timmermans
  • De Wilgen - Felix Timmermans
  • Het werk van Albert Saverijs - Felix Timmermans
  • Een Vlaamsche Kluite - Felix Timmermans
  • 25 jaar Pallieter - Bert Ranke
  • Gesprekken met Felix Timmermans - Eugeen Yoors
  • Felix Timmermans en de Nederrijn - Ignaas Dom
  • De ouverture tot Pallieter - Marcel Janssens
  • Pallieter - Marcel Janssens
    Zoeken in blog

    Beoordeel dit blog
      Zeer goed
      Goed
      Voldoende
      Nog wat bijwerken
      Nog veel werk aan
     
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Felix Timmermans
    Vlaamse schrijver, dichter en schilder * 1886 - 1947 *
    02-04-2006
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.De Fe

    Felix Timmermans
    5 juli 1886  -  24 januari 1947.


    (Foto door Nestor Gerard 1897 - 1996)

    Felix Timmermans via het Internet

     

                Hoe ik een Timmermans’ Fan ben geworden en bij het Genootschap en de Kring terecht ben gekomen is zoals bij velen van ons een verhaal appart. Misschien kan er een soort vervolgverhaal over geschreven worden want ik denk dat er geen enkel geval hetzelfde zal zijn en het een al specifieker dan het andere.

    Mijn eerste boek van Timmermans, was de omnibus “Met Timmermans door Vlaanderenland , met de verschillende verhalen er in, mooi om mee te beginnen.

    Pallieter, Schoon Lier en Bij de Krabbekoker  stonden ook redelijk vlug in de boekenkast en wat daarna volgde ging in een snel tempo verder.

     

                Er bestaan bij mijn weten nu nog twee officiële organisaties die de Lierse schrijver hoog in hun vaandel dragen, met name :

    het Felix Timmermans Genootschap

    de  Felix Timmermans Kring

     

                De Fé kreeg ondertussen in Lier zijn eigen plein en wel pal naast het belangrijkste plein van de stad, de Grote Markt. Straat- en pleinnamen worden uit zijn werken geplukt. Pallieter en Symforosa staan in het stadsbeeld te pronken en het Timmermanspad doorkruist Lierke Plezierke. Waarom zou Timmermans in het, zich vlug ontwikkelende, electronische tijdperk zijn plaats niet krijgen op het WWW. Het Genootschap beschikt nu al over een degelijke website met de meest elementaire info er op.

     

                Dat er in het digitale tijdperk, op dat gebied, niet meer te vinden was motiveerde mij om eens te kijken hoe we op deze snelle en moderne manier de liefhebbers kon bereiken met de info die verzameld kon worden op één blog of web-site.

    Het was op aandringen van een goede vriendin, die zelf ook reeds jaren actief is met een blog, een gemakkelijke manier om een soort web-site te maken, die mij er toe heeft aangezet om de info die er zoal te vinden is te bundelen tot een geheel.

     

                Heel voorzichtig werd gestart met de bibliografie en een korte biografie van de Fé te plaatsen op het blog, dit onder de eenvoudige maar veel zeggende titel : “Timmermans Fan”

    Het nodige startmateriaal kon ik zonder moeite vinden in de verschillende jaarboeken van het genootschap en het Gesellschaft, maar erg nieuw en baanbrekend was deze info uiteindelijk niet. Het is dan ook meer dan verwonderlijk wat men mits enig zoekwerk zoal kan vinden op het internet. De befaamde zoekmachiene, Google, werd in gang gezet en het gevolg liet zich al raden. De vele uren voor het scherm zijn ondertussen niet meer te tellen, maar ik kan jullie verzekeren dat het uiteindelijk de moeite waard is.

     

                Verslagen, boekbesprekingen, samenvattingen, teveel op ze allemaal op te noemen komen via de downloads?? gemakkelijk op het scherm terecht en mits een weinig aanpassing en schikking in een degelijke vorm op het blog.

    De reacties bleven niet uit, en lezers van het blog waren er van overtuigd dat de maker hiervan wel een “specialist” moest zijn, met als gevolg dat de eerste vragen om te helpen via de electronische briefwisseling (E-mail) binnen kwamen. Hier begon een andere wending in het geheel. Opzoeken wat de lezers wilde weten was geen gemakkelijke opdracht en ik kon (gelukkig maar) al gauw de echte Timmermans’ kenners raadplegen. Deze kenners zoals Gaston Durnez, Etienne De Smedt, Fons De Roeck, Gommaar Timmermans om er maar enkele te noemen, zijn er ieder op hun vlak steeds in geslaagd om mij de helpende hand (brief, nota of telefoon) toe te steken.

    Enkele reacties via het gastenboek :

     

     

    Titel: Stadsgids van Lier.

    He ... hartelijk bedankt voor je knappe website.

    Ik ben stadsgids van Lier (nog maar pas) en zocht wat info op ivm de verhalen van Timmermans om mijn gidsbeurten te kleuren en dat zal nu wel lukken ...

    Bedankt he,

     

     

     

    Geachte,

    Ik werk in de animatieploeg van rusthuis Dijlehof, hartje Leuven. Wij lezen regelmatig voor uit het werk van Timmermans en dat valt ongelooflijk goed in de smaak! Mijn vraag is of leden van jullie kring voordrachten geven over de auteur en zijn werk.De bewoners zouden daar zeker van genieten. Eén van onze bewoonsters is nog goed bevriend geweest met Lia en Clara Timmermans( ze zaten op dezelfde school in Antwerpen!).

    Ik wacht op een positief antwoord en groet jullie vriendelijk,

    Clara Schurmans - Rusthuis Dijlehof - Minderbroedersstr 9b 3000 Leuven

     

     

     

    Mijnheer,

    Prachtige site voor een groot Vlaams schrijver.Heb de bewondering en waardering van de schrijver als mens doorgekregen van ,mijn helaas vroeg overleven vader ,die steeds is blijven geloven in de vlaamse toekomst en waar ik nog steeds in geloof.Ben in het bezit van ( volgens informatie) een borstbeeld van Timmermans gemaakt door A.Moortgat.Daar zouden maar 7 exemplaren van bestaan .Kan je mij hierover meer informatie geven?Dit borstbeeld kocht mijn vader in de jaren 1950.Ben eveneens in het bezit van practisch al zijn vroege werken. Hartelijk dank voor de informatie die je mij misschien kan geven.

     

     

     

    Awel Mon,

    dat laatste artikel, de wandeling, prachtig gedaan, daar kunnen veel mensen van genieten en niet alleen de echte Lierenaars maar ook vele die uw Blog bekijken kunnen merken dat ons begijnhof de moeite waard is om eens te komen bezoeken. Doe zo verder en uw blog geraakt bekend over heeeeeel ons land. Prachtig!!

     

     

                Wat mij de dag van vandaag meer en meer verwonderd is dat er toch wel aardig wat liefhebbers van de Fé zijn die dagdagelijks de website (blog) bezoeken. Via de statistieken van het blog kan ik goed volgen hoe de interesse verloopt.

    Zo waren er in de maand december 2013 maar liefst 1755 verschillende bezoekers en zoals de jaar-grafiek het laat zien blijft de variatie toch wel  mooi om te volgen.

     

    Als het zou kloppen dat de gemiddelde ouderdom van de Timmermans’ liefhebbers aan de hoge kant ligt, dan kan men uit de gegevens toch twee mogelijkheden naar voor brengen.

     

    Ofwel zijn er nog steeds jongeren die via het internet met de info over Felix Timmermans zich kunnen vinden of anders is het toch wel mogelijk dat meer en meer senioren zich bezig houden met het surfen en zoeken naar informatie. Spijtig genoeg kan ik die gegevens niet terug vinden in de statistieken. Laat mij met deze de liefhebbers van Felix Timmermans, en uiteraard ook alle andere liefhebbers, uitnodigen om toch een schuchtere poging te wagen op de onderstaande links.

     

    http://blog.seniorennet.be/timmermans_fan

    http://www.felixtimmermans.be/

     

     

    Tevens wil ik nog maar eens een oproep doen om mee te helpen aan de uitbouw van het blog en eventuele nieuwe info, liefst info die nog niet zou bekend zijn, aan mij te laten bezorgen zodat we samen nog meer kunnen genieten van de meest gelezen schrijver van bij ons. Gemakkelijk gaat dit niet want de ondervinding leert mij dat mensen niet altijd geneigd zijn om info, teksten, foto’s en dergelijke te delen met anderen.

    Goed, maar ik blijf proberen. Voor meer info over het blog kan men mij steeds contacteren.

     

    Groeten uit het Pallieterland

     

     

    Gemiddeld aantal bezoekers per dag : 34

    Gemiddeld aantal bezoekers per week : 236

    Gemiddeld aantal bezoekers per maand : 1027

     

    Aantal bezoekers per jaar :

    PER JAAR

     

    Jaar

    Paginaweergaves



    Bezoekers

    2016
    2015

    2014

    2013

    2012

    8.975
    16.976

    33.607

    21.080
    27.491

    5.962
    11.140

    26.912

    13.167
    15.533

    2011

    20.520

    12.661

    2010

    18.482

    12.799

    2009

    18.333

    13.384

    2008

    15.185

    10.030

    2007

    12.424

    7.517

    2006

    4.370

    1.941

     

     

     

    Inhoud van het blog over Felix Timmermans

     

    Aan de bezoekers van dit blog

     

    Geachte mevrouw, mijnheer

     

    De inhoud van het ganse blog kan je vinden via het "archief per maand" (rechtsboven van het scherm).

    Klik op de onderste regel : 01-2006 en je krijgt een overzicht, een lijst, van de artikels en foto’s die op het blog zijn geplaatst. Via de maand en het jaar, kan je in het archief de desbetreffende teksten of artikels terug vinden.

     

    Bijvoorbeeld : het artikel  -  Fred Bogaerts - Willy Feliers   (15/08/2012) kan je vinden als je in het archief op 08-2012 klikt.


    Je kan ook aan de linker zijde een artikel aanklikken, maar hou er rekening mee dat deze lijst maar de laatste twee jaar weergeeft. Er is dus heel wat meer te bekijken dan deze lijst alleen.

    02-04-2006 om 00:00 geschreven door Mon

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 3/5 - (54 Stemmen)
    >> Reageer (5)
    18-07-2017
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.De Nood van Sinterklaas - Felix Timmermans

    De Nood van Sinterklaas

    Onlangs zijn er twee nieuwe vertalingen vrij gegeven van het werk van Timmermans : De Nood van Sinterklaas. In het WAALS en in het PICARDISCH



    *****

    18-07-2017 om 00:00 geschreven door Mon

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (2 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    17-07-2017
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.De Vlietjesdemping te Lier - Felix Timmermans
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    De Vlietjesdemping te Lier

    Door Felix Timmermans.

    Waar het lieve stadje Lier zijn zeer schilderachtige huizen en daken bijeen troppelt, wentelde vroeger de groote zee. Eeuwen lang, na zij zich terug getrokken had, bleven er nog groote moerassen en drabbige gronden bedekt met riet. Vandaar de naam der Nethestreek "Het Rietland" of "het land van Ryen". Het was daar dat de Menapiërs, die reeds met noesten arbeid en taaie wilskracht bij plekken gezonden grond veroverd hadden, zulke moeilijke taak aan Julius Cesar opleverden.

    Ten noorden van Lier begint aanstonds den zandigen zeegrond der Kempen die zich uitstrekt ten noorden tot in Holland en ten oosten tot in Duitschland, langs Limburg door. Ten zuiden openen zich de vlakke vettige velden van het vruchtbare land van Brabant. Lier ligt dus op de scheiding en is lager gelegen dan het oppervlak der beide Nethen, die te Lier samenstroomen en het water meevoeren van overtollige bijloopen, komende uit de provinciën Limburg en Antwerpen. Aldus baanden de samenvloeiende wateren, vooraleer zij door dijken en afsluitingen wierden gestremd, zich in alle richtingen uit en alzoo ontstonden de natuurlijke waterloopen in onze stad. Het water moet in die tijden van af 1200 zoo geweldig in hoeveelheid geweest zijn dat onze voorouders nog waterloopen in en buiten de stad bijgraafden, daar de natuurlijke waterloopen alles niet konden afvoeren en het water in de huizen drong.

    Aldus kan men zien dat Lier een waterstad is en zij zich uit het water heeft moeten winnen, en dat zij nu nog slechts vrij blijft door de hooge steile dijken langsheen de Nethe. Nóg zelfs is het bij springvloed geen zeldzaam geval dat het laagste gedeelte der stad onder water staat.

    Al deze natuurlijke en kunstmatige waterloopen binnen de stad worden vlietjes genoemd.

    In de 17e eeuw waren ze heel talrijk al waren er toen reeds vele verdwenen ; want in de aanteekeningen van Avondtroodt, voor titel dragend : "Een beknopte aanteekening van onheilen en rampen veroorzaakt door stormwinden, springvloeden enz", lezen wij, dat de Beggijnenvliet in 1579 werd te niet gedaan om er een stevig bolwerk op te maken.

    De Vrouwevliet werd in twee gesneden door de verbinding, gegraven in 1426 en sedert dien verloor zij alle belang, wierd aan haar uiteinden opgestopt en veranderde in een modderpoel. Later wierd deze dicht gemaakt en thans is er geen spoor meer van te vinden. En nu sedert langs alle kanten degelijke waterafleidingen in de beemden zijn gemaakt, de Nethe een kalmen, regelmatigen loop heeft gekregen, zijn deze vlietjes aangeslijkt geworden en staan ze zelfs bij de hoogste tij geen meter onder water.

     

    Deze vlietjes, die tusschen huizen en onder straten door loopen, namen vroeger allen afval en uitgestorte vuilnis mee, doch nu er bijna geen water meer in komt en de vuiligheid niet meer afgedreven wordt zijn zij een werkelijk gevaar voor de openbare gezondheid geworden.

    Zij liggen soms heelder weken droog, opgepropt van slijk, met in 't midden een vuil waterken van nog geen arm breed, en het krioelt er van stukken ijzeren en steenen potten. Al wat den huismoeders, die langs de vlietjes wonen, niet meer aanstaat, wordt er in geworpen : overschot van het eten, graten van visch, beenderen, enz. Dan nog met hooge water komen er hondenlijken in gedreven en gaan er niet meer uit, en zoo zijn deze vlietjes een waar mengelmoes geworden van allerlei onzuiverheid ; zij zijn er van opgepropt, en 's zomers, als zij meestal droog liggen en de zon op al die rottigheid stooft en bakt, dan komt er een geur uit die alles behalve aangenaam is.

     

    De onderaardsche waterlaag, die de putten en pompen voedt, is meestal bedorven en er zijn reeds menige malen epidemische ziekten door ontstaan.

    Zoo zijn er op zijn minst 17 vlietjes die de stad doorkruisen, en het wierd werkelijk tijd dat er aan dit gevaar een eind moest gesteld.

    Het stadsbestuur heeft eindelijk het groote werk ondernomen deze vlietjes te dempen.

    Langs alle kanten is men reeds aan 't werken : gieten van buizen, aanbrengen van gezonden grond enz. enz. en binnen het bestek van twee jaar zullen de vlietjes tot het verleden behoren.

    De openbare gezondheid zal er bij gewonnen hebben, maar... er is een grooten maar bij.

    Een maar, die mij dit artikel deed schrijven : den maar dat Lier op zijn schoonst, op zijn schilderachtigst, op zijn intiemst, er mee zal verdwenen zijn ! En dat is te betreuren.

     

    Dit valt zoo te betreuren, dat men spijt gevoelt dat het ontwerp gaat verwezenlijkt worden, of beter : dat men geen ontwerp heeft uitgedacht 't welk tevens de vlietjes behield en tegelijkertijd rekening hield met de gezondheid. Men had b.v. de vlietjes kunnen laten uitbaggeren en het zoo regelen, dat er gedurig aan zuiver water zou instaan. Het zou waarschijnlijk niets meer kosten en de ziel van het blijde stadje Lier werd er mee gespaard. Want de vlietjes zijn het hart en de ziel van Lier. Zonder die is Lier, Lier niet meer !

    Mijn voorstel kan heel naïef schijnen, ik weet het helaas : ’t zijn vijgen na Paschen.

    De ziel van Lier gaat er mee verloren, zeg ik !

     

    Och ge moest ze eens zien, de lieve kleurige, intieme oude hoekjes die de vlietjes doen ontstaan hebben ! Zij verlekkeren hert en ziel ! Daar is Lier te zien ! Mag ik hunne wispelturige wandelingen maken ?

    Zij schieten in het volle veld los uit de Nethe, kruipen onder een oude steenen brug en dan gaan ze tusschen oude vochtige muren, waarover klimop en veil kwistig neerhangt, wandelen langs neerdalende hoven met groene hagen en spiegelen terug den sneeuwwitten droom die de Lente op de appelaren en kersenboomen kuste ; ze wringen zich tusschen de oude achterbuurten, met hun hooge daken, rood-kareelen muren met witte banden, en nog met in loodgevatte ruitjes perelen : van schilderachtigheid.

    Ze schuiven nevens hooge witte kloostermuren, waarboven dikke populieren komen uitgewiegd, en verdwijnen onder donkere bogen tot ze, na een heel eind in de duisternis geweest te zijn, weer openschitteren nevens een zongevulde bleekerij, de stad weer indraaien op een volkspleintje, andere vlietjes ontmoeten, vijvers in hoven maken en weer krinkelkronkelend langs een heel andere kant zich in de Nethe verliezen.

     

    Het slijk heeft riet en rijk groen nevens hunne boorden doen wassen en met dien edelen gordel slingeren ze zot als de Ourthe in de Walen, in en uit de stad. Een klein, Vlaamsch Venetië !

    Er is nooit op gedacht de vreemdelingen, die onze stad bezoeken, op een vlietjestocht per boot te vergasten. Och dat zou heerlijk zijn, ik heb het eens gedaan en ik mag gerust zeggen dat het van 't schoonste en 't fijnste is wat men van het Vlaamsche land kan proeven.

     

    In de stille zonuren daarop te varen, voorbij de wemeling van muurkens, poortjes en daken, voorbij hofkes met bleekend linnengoed aan koorden, en helkleurige bloemen op den grond, voorbij kloosters en pleintjes, van de duisternis in de zon, met de vredige geluiden van den achternoen: een dichtbije smishamer, het geroep van een mosselvent, het gekraai van een haan, — en dan uit den hoogen stadstoren de klare blije rammel te hooren lossprenkelen aan de roode daken en de groote zomerboomen. Ach 't is om het water van in den mond te krijgen ! En nu gaat er van al die schoonheid, van die echte "De Braakeleers" in den levene, niets meer overblijven, niets.

    De wateren worden gedempt en toegedaan. Alzoo te hunnen profijte zullen de eigenaars der aanpalende huizen den nieuwen grond voor goedkoop in beslag nemen, de tuinen uitbreiden, de muren optrekken, de gebouwen vergrooten, zoodat het een het ander zal raken en alzoo wordt dan alles ingenomen en afgesloten.

     

    Schoone dingen verdwijnen. Zie maar de plaat op bladzijde 563. De oude brug zal er niet meer van noode zijn en verdwijnen, het schoone gezicht dat men thans tusschen de twee kloostermuren te aanschouwen krijgt zal ons verstoken worden door een hooge muur.

    Waar de oude knuistige haag bloeit en groeit zal waarschijnlijk ook een muur komen, ofwel zal er bijgebouwd worden en aldus zullen wij voor altijd de weerspiegeling van de schoone hoofdkerk in het water moeten missen.

    Op het stadsgedeelte dat bladzijde 561 afbeeldt zal een plein komen, een markt. Het oude schippershuis zal voorzeker nieuwe eranderingen ondergaan, doorgetrokken worden tot aan de linksliggende fabriek en men zal van hier van de oude gevangenpoort geen steek meer te zien krijgen.

    Zoo zal alles wat van Lier de fijnheid uitmaakt voor eeuwig verdwijnen.

    Verschillige kunstschilders, waaronder bizonder Isidoor Opsomer uitmunt — want uit alle landen komen er — hebben gelukkiglijk indertijd menige van deze zoo echt-traditioneele brokjes stadsschoon op doek gebracht, die al de intieme liefelijkheid van deze onherroepelijk ten ondergang gedoemde hoekjes weergeven.

    De troost is klein, doch wat wil men : de nieuwe tijd eet den oude op. Maar het zien van deze schilderijen zal aan onze nakomelingen het spijtig geval van de demping der vlietjes nog droever maken.

    ("Van Onzen Tijd", XII, 55, 9 juni 1912, pp. 561-364).

    *****

    17-07-2017 om 00:00 geschreven door Mon

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    23-06-2017
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Pallieter naast Boerenpsalm

    Hoe Felix Timmermans begon te schrijven,
    vijftien jaar oud...

    Pallieter naast Boerenpsalm.

    Uit Het Volk 16/11/1940.

    Streuvels werd als voorbeeld te realistisch geacht!

    Met de post uit Vlaanderen ontvingen we vandaag het Jongste nummer van "Sirene", het halfmaandelijks blad voor kunst en letteren, dat enkele jongeren dapper in stand houden.

    Het nummer opent met een gesprek met Felix Timmermans, die aardige dingen vertelt over zijn eerste stappen op het gebied van de literatuur. Toen "den Fé" nog heel klein was, mocht hij eens mee naar een concert, waar ook werd voorgedragen. Daar hoorde hij gedichten voordragen en thuis begon hij toen maar direct aan het rijmen oftewel verzen maken. Dat was dus nog vóór hij schrijven kon. Bij gebrek aan kennis van het alfabet is deze poëzie verloren gegaan. Al gauw begon hij daarna lange vertellingen te doen. Neven en nichtjes, vader en moeder en kennissen vormden een willig gehoor. Later schreef de jonge Timmermans wel eens een stukje van deze vertellingen op en hij maakte er tekeningen bij, precies zoals nu nog in sommige van zijn boeken.

    Leerjaren
    Het onderwijs dat Felix Timmermans in zijn Jeugd genoot, was niet bijzonder intensief. Er was nog geen leerplicht en bovendien was hij vaak ziek. Bovendien was hij wel vlug, maar buitengewoon zwak van geheugen. Zelfs het "Onze Vader" en "Jantje zag eens pruimen hangen" heeft hij nooit uit zijn hoofd kunnen leren. Het spreekt vanzelf, bekent Felix Timmermans openhartig, dat ik dankbaar van elke echte of geveinsde ongesteldheid gebruik maakte om die verfoeilijke school te laten opdonderen!"

    Lezen leerde Felix wel, maar er waren thuis maar weinig boeken. Een kist met boeken, die een oom naliet, bevatte grotendeels Latijn, Frans en Duits en zo moest Felix zijn eerste boek uit de Stadsbibliotheek lenen. Het was "Op weg naar Frankrijk": Fier gelijk een Turk liep ik er mee over straat en hoopte, dat niemand mij en mijn boek over 't hoofd zou zien! Van dan af heb ik veel, zeer veel gelezen — maar nooit verzen".

    De globe als boekenbron
    Aan de poëzie heeft den Fé dus blijkbaar een broertje dood. Wel verdiepte hij zich zeer in... de sterrenkunde. Dat kwam doordat zijn vader zo graag een wereldbol, een globe, wilde hebben. In een advertentie werd er een aangeboden. Als premie. De kopers kregen de globe cadeau bij een hele vracht boeken over sterrenkunde! Gehoorzaam kocht de vader de boeken en hij kreeg zijn globe — de zoon de lectuur!

    Toen Felix 15 of 16 jaar was, sloot hij zich aan bij een jeugdig genootschap ter beoefening van de schone kunsten. Op het programma stonden schilderen, schrijven, musiceren en drinken. Deze kring heeft op Timmermans, naar hij erkent, grote invloed gehad. Hij schreef toen nog in de trant van Conscience.

    Zo : "De glorierijke dagvorstin verhief zich boven de bevende kimme". Gedurende een verblijf te Westerloo zag ik een boek van Stijn Streuvels: "Dagen".
    Terwijl ik even tijd had, las ik enkele mooie zinnen, zoiets als: ........"De knotwilgen in de mist"......       Dat is 't! dacht ik bij mezelf. Die enkele woorden brachten zulk een totale omwerping in mij teweeg, dat ik mij met verdubbelde ijver in dit nieuwe trachtte in te werken. Een paar weken nadien verscheen in een weekblad te Westerloo een verhandeling van mijn hand over Lepold I.
    Twee dagen na die heuglijke gebeurtenis ontmoette ik een priester, die naar de begrafenis van Servaes Daems ging. Was het een neef, of een kozijn? ......dat doet niets ter zake.

    Hij gaf me de raad aan mijn moeder de werken van Guido Gezelle te vragen. Natuurlijk, dat ik hem over mijn ontdekking van Stijn Streuvels vertelde. Maar dien schrijver keurde hij sterk af, daar Streuvels veel te realistisch was, zei hij. Op een Davidsfondsfeest heeft professor Bauwer me bij de Lierenaars ingeleid. Zo kwam ik dan eindelijk in de letterkunde, onrechtstreeks geholpen door Streuvels en Gezelle.

    Op de vraag naar de moeilijkheden, die hij moest overwinnen, zegt Timmermans: — Ik moet zeggen, dat mijn opgang zeer vlot van stapel gelopen is. Ik geloof, dat dit te danken is aan het volgende feit : Van jongs af heb ik veel van de schilderijen van Breughel gehouden. Als een vijs zat een ideaal in mijn hoofd: "gelijk hij schildert : zo vertellen".

    Dit heeft zich dan ook steeds stevtger in mij vastgeankerd. Ik begon dus met zijn leven te beschrijven. En nu moet u een groot onderscheid maken tussen den geschiedschrijver en den verteller. Wij verzinnen zelf 't leven van onze figuren. Wij laten ze handelen en wandelen. Kortom : ze zijn ons eigendom. Wij houden ons niet zo nauwkeurig aan de feiten — natuurlijk houden wij er wel rekening mee en volgen ongeveer de draad van de geschiedenis. Daaruit volgt
    natuurlijkerwijs, dat we 't leven van zo'n persoon beschrijven, zoals 't zou kunnen gebeurd zijn.

    Om u daarvan 'n klaar voorbeeld te geven, zal ik een passage uit "De Harp van St. Franciscus" nemen. Zeker ogenblik verlaat hij Rome. De ene geschiedschrijver zegt langs die poort, een andere zegt langs gindse. Ik ben dus verplicht te kiezen (of ik moet er helemaal niets van zeggen, als dit mij aanstaat).

    Dan gaat mijn verbeelding aan t werk en zal die handelwijze kiezen, die 't meest bij het verhaal aansluit. Zo ontstaat eindelijk, na duizenden gevallen te hebben opgelost, een psychologisch harmonisch geheel. Het spreekt vanzelf, dat ook wij niet vrij zijn van walingen, evenmin als 'n rekenkunstenaar verlost is van 't fouten maken.
    Ook de vraag, welk boek hij van zijn eigen productie het mooist vindt, heeft Timmermans beantwoord: „Dat zijn er drie. 'k Zou 't ene niet kunnen noemen zonder 't andere. Namelijk : Pallieter, Symphorosa en Boerenpsalm." En over de oorsprong van "De Boerenpsalm": "Hoe eigenaiardig en schijnbaar ongerijmd het ook moge klinken, "Pallieter" is de onmiddellijke oorsprong van Boerenpsalm. In Pallieter is het leven uitgebeeld, zoals ik het graag zou zien: ontdaan van alle overbodigheden en zonder zorgen. Het is het leven beschouwd door een regenboog.

    Toen ik mijn werk overlas, zag ik plots, dat het een utopie was. Het was alsof ik ontwaakte uit een heerlijke droom en ruw de werkelijkheid voor mijn ogen had.

    En het echte, het harde leven — maar ook het schone leven! — heeft zijn belichaming gevonden in Boerenpsalm. Van al de mensen is het de boer, die zich zelf het meest geeft, die de meest dienende is! Hij ook heeft de meeste moeilijkheden. Hij telt elke regendruppel; hij bekommert zich over elk zaadje. Want niemand is zo afhankelijk, dan juist de boer. En Ja, ik beken het : ik schrijf zeer gaarne over een boer......"

    *******

    23-06-2017 om 00:00 geschreven door Mon

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    04-06-2017
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Pallieter in het klooster - Cees Visser

    Pallieter in het klooster

    Door Cees Visser uit Zilveren Verpozingen december 2012.

    "En zie! Ginder, heel, héél ver, een witte stip, langs den kant waar het zuiden openklaarde, reed de witte huifwagen de regenboging onderdoor.Alzo vertrok Pallieter, de dagenmelker uit het Neteland. en ging de wijde, schone wereld in, lijk de vogels en de wind."

    Met deze woorden sluit Felix Timmermans Zijn Pallieterroman af. Hoeveel lezers zullen zich sindsdien afgevraagd hebben: waar zal Pallieter uiteindelijk terecht gekomen zijn?

    Een paar jaar geleden deed ik tot mijn verbazing een verrassende ontdekking: Pallieter heeft een schitterend plekje gevonden in het klooster van de Zusters van Liefde aan de Oude Dijk in Tilburg!!!
    Hoe het zo gekomen is, dat is een lang verhaal. Maar eerst moet ik uitleggen hoe ik mijn ontdekking deed. Mijn vrouw en ik waren uitgenodigd door een goede vriendin. Zij behoort tot de congregatie van de Zusters van Liefde te Tilburg. Vanuit onze protestantse achtergrond zijn wij altijd nieuwsgierig naar het rijke Roomse leven en zo kwam het, dat wij een rondleiding kregen door het klooster. Wie schetst onze verbazing toen ons in de voormalige Novicenkapel een prachtige collectie beelden werd getoond.

    We waren er stil van...

    Dat is werk van Zuster Jesualda, vertelde onze vriendin. We keken geïnteresseerd rond en plotseling zag ik een expressief beeldje van een jonge man die gretig het leven in volle overgave omarmt. Op het kaartje ernaast las ik: Pallieter [brons 32 cm] "Als in het oosten een klaarte bibberde en er een haan gekraaid had wipte Pallieter uit zijn bed, trok zijn hemd uit en sprong pardoes in de Nete.
    Over de grond en tussen de bomen hing een grijze smoor. Het was heel stil, het gers woog zwaar van de koele dauw en van de bomen vielen grote lekken." Een citaat uit het begin van het eerste hoofdstuk van Pallieter "Een fijne morgen in de Mei.''

    Deze eerste kennismaking met het werk van zuster Jesualda Kwanten (1901-2001) was voor ons een openbaring. Zij heeft heel veel prominente Nederlanders in brons 'in beeld' gebracht Voor haar passeerden schrijvers zoals Anton van Duinkerken, Albert Helman en Pieter van der Meer de Walcheren. Uit de toneelwereld kwamen we Albert van Dalsum, Mary Dresselhuys, Hans Tiemeijer en Henk van Ulsen tegen. Heel bijzonder expressief zijn de beelden van cabaretier Toon Hermans en zijn vrouw Rietje. En last but not least hebben de koninginnen Juliana en Beatrix model voor haar gestaan.
    Maar daar is nog veel meer te genieten! De Christusdrager Christofoor, een intiem tuinbeeld 'Het Gesprek', een kleine Piëta, schitterende kinderkopjes, een ingekeerde Benedictus en prachtig intrigerend tekenwerk. Te veel om op te noemen!

    Als Timmermans-liefhebber was ik natuurlijk zeer verguld met mijn ontdekking. Ik besloot het Pallieter-geheim voorlopig voor mezelf te houden. Maar een jaar later kwam toch het moment dat ik in het bestuur van de Timmermans-Kring voorzichtig een tipje van de sluier oplichtte door aan te kondigen dat ik een stukje voor Zilveren Verpozingen wilde schrijven over 'Pallieter in het klooster'. Dat riep natuurlijk direct vragen op en aarzelend bekende ik een en ander over mijn ontdekking zonder het achterste van mijn tong te laten zien. Grote verbazing op de gezichten... Daar hadden ze toch eigenlijk van moeten weten... Maar nee, het was echt een nieuwtje voor hen. Wie had nu ook kunnen denken dat Pallieter uiteindelijk asiel gevonden zou hebben in een klooster... Dat het bij de Zusters van Liefde was, verzweeg ik voorlopig maar! Enkele weken na mijn biecht zoemden de geruchten al rond. Ik kreeg zelfs via de mail vragen om informatie. Een doorgewinterde Timmermans-speurder wist mij zelfs te melden dat hij dicht bij de oplossing van het raadsel was.

    Ik heb die drukte maar zo'n beetje laten betijen met begrip voor het feit dat het voor Vlamingen best moeilijk te verteren is dat Pallieter in het Nederlandse Brabant de serene rust had gevonden...
    Nu moest het artikel over deze zaak op korte termijn dan toch maar eens geschreven worden. Omdat ik wel begreep dat er 'eerst zien, dan geloven' geroepen zou worden, besloot ik een afspraak met onze Tilburgse vriendin te maken en haar te vragen of we het Pallieterbeeldje mochten komen fotograferen. Dat bleek niet zo maar te gaan. Daar moest eerst toestemming voor gegeven worden om het uit de vitrine te halen. Een maand later sprong het licht op groen en togen mijn vrouw en ik vol verwachting naar Tilburg. We werden gastvrij ontvangen en keken verrast op toen bleek dat Pallieter verlof had gekregen om enkele dagen bij onze vriendin op de kamer te logeren.

    Mijn vrouw Akki maakte een serie foto's en we gebruikten de Pallieteruitgave met de prenten van Anton Pieck als achtergrond om Pallieter op zijn gemak te stellen, het werd een genoeglijke middag daar tezamen op die kamer in het klooster. Straks zou Pallieter weer terug moeten naar de Novicenkapel. En om het gemis een beetje te compenseren deden we onze vriendin het mooie Pieck-Pallieterboek cadeau.

    Nu zullen er zeker Timmermans liefhebbers zijn die in de komende lijd op beeweg willen gaan naar de Novicenkapel aan de Tilburgse Oude Dijk om daar het werk van Zuster Jesualda te bewonderen. Om hen enigszins voor te bereiden vertel ik kort iets over haar leven.

    Jesualda werd in 1901 in een dorpje vlakbij Nijmegen geboren. Toen zij in 1928 haar intrede deed in de congregatie van de Zusters van Liefde was zij reeds in het bezit van onderwijsdiploma's. Al gauw ontdekte men dat zij een bijzonder tekentalent had. Dat bleek onder meer uit de bidprentjes die zij ontwierp. Zij werd gestimuleerd om de tekenopleiding voor het Middelbaar Onderwijs te volgen aan de Rijksacademie voor Beeldende Kunsten in Amsterdam. Nadat zij de akte behaald had, gaf ze vele jaren les in tekenen en kunstgeschiedenis aan een Middelbare Meisjesschool in Amsterdam. Toen zij na haar zestigste jaar met 'pensioen' ging, kreeg zij de gelegenheid om zich verder te bekwamen in de beeldhouwklas van de Amsterdamse Rijksacademie. Haar eerste proeve was een kop in klei van een Amsterdamse volksvrouw uit de Jordaan die daar model stond.

    Ze werkte er met veel passie aan, zich inlevend in haar model en het resultaat was verbluffend. Na de opleiding mocht ze zich vanaf 1966 'erkend' beeldhouwster noemen! Dat werd het begin van een carrière die tot op zeer hoge leeftijd voortduurde. Zij kreeg een eigen atelier in het klooster aan Oude Dijk in Tilburg waar zij met veel succes in alle vrijheid haar kunst kon vormgeven. In 2001 stierf zij, 100 jaar oud. Zij liet het klooster een schat aan beelden en tekeningen na. Dat leidde in 2003 tot het inrichten van een museum dat speciaal aan haar werk gewijd is.

    Wie belangstelling voor het indrukwekkende oeuvre van Zr. Jesualda heeft, kan zich oriënteren op de webstek van de Zusters van Liefde (www.scmm.nl). Als men het museum zou willen bezoeken, dan kan men via e-mail, per brief of telefonisch contact opnemen met het Provincialaat van de Zusters van Liefde, Oude Dijk 1, 5038 VL te Tilburg (e-mail: provincialaat@scmm-tilburg.nl; telefoon: 0031.13.5433196).

     

    Daar, in de voormalige Novicenkapel, zult u oog in oog komen te staan met de eeuwig jonge Pallieter. Zr. Jesualda heeft zich in hem verdiept en hem gestalte gegeven zoals hij vrij en onschuldig op die eerste zomerse morgen in mei het paradijs van de Nete betrad en 'pardoes' in het koele water sprong. Het bijschrift bij het vitale beeldje heeft zij enigszins gekuist aangepast, maar dat mag in het klooster! Het zij haar vergeven...

    In de oorspronkelijke uitgave staat: Als er in het Oosten een klaarte bibberde en er een haan had gekraaid, wipte Pallieter uit zijn bed, trok zijn hemd uit en liep in zijne blote flikker naar de Nete. Over de grond en tussen de hoge bomen hing een grijze smoor. Het was heel stil, het gers woog zwaar van de koele dauw en van de bomen vielen grote lekken.
    Pallieter liep en sprong zo maar rats het hoge water in, duikelde naar onder en kwam weer blinkend van water en geluk, naar asem scheppend, in het midden boven. De waterkoelte deed het bloed in zijn lijf opspringen, het deed hem deugd en hij lachte.
    ...........

    Zoo dee Adam -
    Zoo dee Adam -
    Zoo dee Adam 's Zonen
    Adam had zeve zone,
    zeve zonen had Adam.

    **********

    XX

    04-06-2017 om 00:00 geschreven door Mon

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    11-05-2017
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Info FT Genootschap

     

    U kan de Jaarboeken van het Felix Timmermans-Genootschap aankopen in het

    Timmermans-Opsomerhuis,

    Netelaan 4

    2500  -  Lier

    (open alle dagen behalve maandag van 10 tot 12u. en van 13 tot 17u.)

     

    of bij

    Koen De Vriese ( secretaris FTG )

    Jozef Ickxstraat 87,

    2180   -  Ekeren

    (T. 03 646 78 40 of 03 205 21 82).


    ***********************

    Felix Timmermans-Genootschap :

    contactadres:

    Dhr. Marc Somers

    Van de Wervestraat 41A

    2060  -   Antwerpen

     

    11-05-2017 om 00:00 geschreven door Mon

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 1/5 - (5 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    10-05-2017
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.F T Fring bestaat 25 jaar

              

    Reeds 25 jaar Felix Timmermans Kring.

     

    Toen in 1990 een klein groepje enthousiastelingen overging tot de stichting van een nieuwe Timmermansvereniging, waren de reacties zeer uiteenlopend : onbegrip, meewarig hoofdschudden, ja zelfs hier en daar een licht ongenoegen. Maar wij hebben doorgezet, zonder enige vorm van subsidie, van wie dan ook. En kijk, reeds dat eerste jaar verscheen tweemaal ons blaadje Zilveren Verpozingen”.

    Van een kleine nieuwsbrief ondertussen uitgegroeid tot een zeer gewaardeerde en rijk geïllustreerde Timmermans-magazine van telkens 40 blz, met dank aan een gedreven groep medewerkers.

     

    Elk jaar organiseren wij een ledendag die in Lier gelinkt kan worden aan Felix Timmermans.

    Op 22 maart  2015 gaat het dus voor de 45ste keer! zijn.

     

    Met nauwelijks bedwongen trots, zagen wij hoe de vier kinderen van de Lierse schrijver er alles aan deden om daar telkens aanwezig te zijn.

    Zonder te hoog van de toren te blazen, zijn er toch enkele verwezenlijkingen waar we erg trots op zijn.

    Zo maakten wij zesmaal een Italiëreis in de voetsporen van Timmermans. Zo gaven wij tot vijfmaal toe een toneelwerk van Timmermans uit in de huidige spelling, geïllustreerd met knappe houtsneden. Een daarvan, De zachte Keel, was zelfs een 1ste druk in het Nederlands.

     

    Verder brachten wij een CD op de markt met o.a. de stem van Timmermans, een video met het TV-spel Anna-Marie van de VRT en een video met een prachtige zwart-wit film over Lier met beelden van Timmermans in zijn werkkamer.

    Maar wat het belangrijkste is en blijft: ondertussen is de Felix Timmermans-Kring meer dan zo maar een vereniging geworden, het werd een echte vriendenkring waar het goed vertoeven is. Wij zijn de kleinste en de jongste maar wellicht ook de actiefste.

     

    Ondertussen een beetje nieuwsgierig geworden?

    Wel, door storting van 20 € op rekening BE61 0017 0952 9717 van onze Kring, kan je een jaar van al dat moois genieten. En als je absoluut erelid wil worden, dan stort je 30 €.


    Aan het erelidmaatschap is ieder jaar een boeiende Timmermansbrochure verbonden.

    Wij van onze kant heten je nu reeds van harte welkom.

    ********************************

    Een bijzondere Timmermans-verrassing!

     

    Door toedoen van ons bestuurslid Jan Schroven kunnen wij jullie een primeur aanbieden. Wij beschikken nu over de tekst van een nooit gepubliceerd jeugdwerk van Felix Timmermans :
    een roman met als titel Opgestoken.

    Dit romantisch-tragisch verhaal brengen wij vanaf het decembernummer in afleveringen in ons tijdschrift Zilveren Verpozingen.

    Na enkele jaren zullen onze leden dus in het bezit zijn van de volledige tekst.

    Als voorproefje dit fragment :

     

    Op een slijkerige weg die van Schilde over Zandhoven naar Lier loopt, gingen drie mensen.

    De eerste was een jonge, flukse boer met blozende wangen en brede schouders, het hoofd hing hem op de borst en een zweem van mismoed en verdriet verduisterde zijn gelaat, zijn ogen waren op de lekken gericht die aan de klep van zijn klak biggelden. Op een dikke knuppel leunende, stapte hij loom voort alsof twee kanonballen aan zijn voeten hingen.

     

    In ons 46ste nummer brengen we dus een unieke en enige première : een onbekende en ongepubliceerde roman van Felix Timmermans. Een terug gevonden jeugdwerk uit 1903 van de 17 jarige Felix Timmermans. Hoogstwaarschijnlijk handelt het hier over zijn eerste volledige roman, de eerste oefening van de meester.

    Net zoals de voorpublicaties in oude literaire tijdschriften brengen we met toestemming van de familie Timmermans, waarvoor onze grote dank , in een tiental afleveringen deze roman.

    Ter ere van Vlaanderens grootste schrijver.

    Voor allen die reeds een voorsmaakje willen, verwijzen we naar de Timmermans biografie, geschreven door Gaston Durnez. Op pag 44 vindt u een bondige samenvatting.

    Voor de volledige roman : lid worden van onze Felix Timmermans Kring!

      

    **********

    10-05-2017 om 00:00 geschreven door Mon

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 2/5 - (5 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    16-04-2017
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Timmermans en de Muziek - Daniël De Vos

    FELIX TIMMERMANS EN DE MUZIEK

    door Daniël De Vos

    Ledendag van de Felix Timmermans Kring  -  30/3/2014 - Huis van Oscar

    O Schoonheid, die wij niet verstaan
    en toch zo gaarne ondergaan
    wanneer uw reine klanken
    in ingewikkeld’ harmonie
    of met een simpele melodie
    omheen de zielen ranken.
    ./.
    O Schoonheid, die wij niet verstaan
    laat ons in uw genade staan 
    en luistrend U bedanken!
    O Dauw en vuur in klank gehuld,
    die ons met zaligheid vervult!
    Muziek is God in klanken.

    (Uit Aan de muziek, een nagelaten gedicht, voor het eerst gepubliceerd in het tijdschrift Dietsche Warande en Belfort van januari 1949)

    Felix Timmermans was tot en met een gevoelsmens met een groot hart voor muziek. In zijn laatste levensmaanden, tekende hij impressies op, die hij Postkaarten noemde.  De volgende tekst noteerde hij naar aanleiding van het beluisteren van Jardin sous la pluie een meesterlijk pianostuk van Claude Debussy:

    Het is een dunnen zoeten regen. Een die men niet ziet. Maar men moet zijn hand maar uitsteken om te weten dat hij er is. Niets straalt maar alles is nat en van een edele natheid. ’t Zijn perlesfines, turkooizen en ametysten, die heel den tuin verfraaien. Om den vijver borduurt de regen een net van ronde mazen, die immer uiteendeinen als ronde orgelnoten. Een rooden goudvisch ziet verwonderd naar het ritselen op de ruit van zijn huis. Een gipsen beeld van een Griekschen fluitspeler druipt van neus en vingeren. De hoge boomen prevelen en hun bladeren reiken de druppels aan elkander over. Maar de rozen houden fier hun edelsteenen vast.

    Een bruin vogeltje zit in den hagedoorn, met de pluimen uiteen, naar het lied van den regen te luisteren en onderlijnt hier en daar, als met een blauw streepje, een schoonen zin, met één van zijn eigen vrome geluidjes. Het is overal muziek en wierook, die door de dieren en de bloemen beluisterd en genoten wordt.

    Maar ook een dichter staat aan ’t open venster; hij wordt er door bewogen; hij verstaat den dieperen zin ervan. En zielsgespannen laat hij op het klavier zijn bezieling sprankelen. En dan is het alsof er een engel met zijn teen tegen het kernkristal van den hemel stoot, dat in duizend muzikale druppels op de aarde openvalt. Onze harten worden bloemen, die zich versieren met glinsters van geluk.

    Over de muziek gaat het ook in volgend dagboekfragment, gedateerd 3 oktober, zonder jaartal, maar wellicht uit 1920, het geboortejaar van Lia:

    Vandaag piano gebracht. 3100 frank. Ik kan er niets op spelen dan wat ik onthouden kan met één vinger. Maar René zal het voor mij doen. Ik kan geen muziek onthouden. Ik heb al 12 keer Tannhäuser gehoord en ik ken er nog geen drie regels van. Maar terwijl ik het hoor smelt mijn ziel van zaligheid. Ik ben niet muzikaal, maar ik geloof dat er weinigen zijn die zo gaarne muziek horen en zo onder de invloed van de muziek komen. Alle muziek, zowel de Salve Regina als een polka, een draaiorgel, een Beethoven, een Wagner of een oud kerstlied: als ’t maar goed gedaan wordt, volledig in zijn karakter, dan geniet ik er van, dan roert er wat in mij, wat meer dan anders.   ./.

    Muziek heeft op mij een grote invloed, niet alleen op mijn werk, maar ook op mijn leven! Ik zeg altijd als ik een kaart voor een Wagneravond koop:  Ik koop voor drie frank geluk! Ik zal zorgen dat ons Lia muziek kan!

    Merkwaardig  is dat niet Lia, maar Clara de wens van haar vader vervulde door aan het Antwerpse Conservatorium te gaan studeren. Zij werd een prachtige sopraan en zij deed zelfs meer: ze trouwde met een Wagner!
    In een brief van 19 april 1923 aan zijn goede vriend Rik Cox, schrijft hij dat De Pastoor uit den Bloeyenden Wijngaerdt af is.  Ik heb er iets Beethovens willen in leggen hier en daar. De inspiratie hiervoor had hij gevonden op 25 maart bij de jaarlijkse Goede Vrijdag-viering met zijn vrienden Flor Van Reeth en Renaat Veremans.

    Aan Flor Van Reeth brengt hij in een brief van 3 april 1926 verslag uit over de Goede Vrijdag van dat jaar. Hij was met Veremans naar de Antwerpse Opera getogen en had daar Parsifal van Richard Wagner bijgewoond. Tot in de jaren 80 van de vorige eeuw, was het een heilige traditie in Antwerpen: met Goede Vrijdag en Paaszaterdag werd altijd Parsifal geprogrammeerd, en heel vaak was dat in een Nederlandse vertaling. Daar kwam altijd massaal veel volk op af, ook uit het buitenland. Antwerpen noemde men het Bayreuth van het Noorden.

    Timmermans schrijft:  Ik zit hier nog met tranen in de ogen als ik aan dien derden akt denk, en aan de slotscène:  zalf! Hemel! Wierook! Eeuwigheid van schoonheid en liefde. Ik kom uit een andere wereld, ik zit hier klein, een zandkorrel in ’t heelal, maar gonzend van goddelijke muziek van geloof en vertrouwen.  Och, er is over mij een sluis geklaterd van zegen. Ik riek brokken van den hemel in deze lente.

    Clara vertelt over haar vader en de muziek:
    Vader was gevoelig voor elke esthetische ontroering. Hij kon moeiteloos de vriendschap van de componisten Renaat Veremans en Lode De Vocht beantwoorden. Hij kon hun muzikale verrukking in zich opnemen en via zijn taal geestdriftig aan anderen mededelen. Via Veremans leerde vader Wagner kennen en genieten. In huis klonken de hoogtepunten uit Lohengrin, Parsifal of Siegfried, uit een ouderwetse grammofoon die met de hand moest worden opgewonden. De fonoplaten werden door vaders Duitse uitgever (Anton Kippenberg van het Insel Verlag) elk jaar als kerstgeschenk toegezonden. Er waren ook platen met klassieke opera-aria’s, gezongen door o.m. de grote Enrico Caruso. En ook Schubert en Brahms klonken op zondagmorgenden bij het genot van een glas bourgogne. Later bracht vader van zijn reizen Schubert-partituren mee, waaruit mama en ik hem voorzongen. M aar het was Beethoven die zijn voorkeur kreeg. Veremans kon hem geen groter plezier doen dan door de serene Mondschein-sonate van Beethoven te spelen.

    En zeker ook Bach. De hele familie woonde verschillende keren de uitvoering bij van de Matthäus-Passion in Antwerpen op Paaszaterdag. Dat was in die tijd nog met de beroemde Nederlandse sopraan Jo Vincent en onder leiding van De Vocht. Toen ik later zelf Bach en Mozart zong, hielden we vaak gezellige huisconcerten. Medestudenten uit het conservatorium kwamen tijdens de oorlog per tram naar Lier en brachten hun instrument mee. Vader was vooral gesteld op de cello, dat was zijn lievelingsinstrument. Hij was er nooit toegekomen een instrument te bespelen. De notenleer was niets voor hem. Maar af en toe tokkelde hij voorzichtig op de piano en ook op zijn kleine porseleinen ocarina kon hij enkele liedjes spelen.

    Via zijn te jong overleden vriend Flor Coutëele, leerde hij “moderne” componisten als Arthur Honneger, Paul Hindemith en Gustav Mahler waarderen. Vader vond het treffend en belangrijk dat zij voor hun muziek inspiratie hadden gezocht in de bronnen van de volksmuziek. Vader leerde ons in de maand december op voorhand alle mogelijke nieuwjaars- en driekoningenliedjes.

    Vader had ook aandacht voor de smartlappen van de eeuwwisseling, die door kantwerksters en kleermakers thuis bij het werk werden gezongen. Het waren vaak klaagzangen over de armoede of de onderdrukking van de lagere klassen, in twaalf strofen en evenveel refreinen. Moeder had toevallig twee zusters-kantwerksters en drie broers-kleermakers, allen met prachtige natuurstemmen. Bij elk familiefeest werd er dan ook veel en prachtig gezongen.

    Toen ik muzikale studies begon, ging ik geregeld met vader en met mama naar recitals en opera’s. Zo hoorden we grote sterren als Clara Clairbert, Amelita Galicurci en de Vlaamse tenor Jef Sterkens, die een internationale ster was en die onsterfelijk zou worden als de stralende vertolker van het lied Elisa in de “eerste Vlaamse film”, nl. De Witte van Jan Vanderheyden uit 1934. Vader luisterde thuis vaak aandachtig naar de liederen die ik instudeerde. Sommige ervan hebben hem zeker geïnspireerd bij het schrijven van de Adagio-gedichten .
    En dan was er nog vaders godvruchtige bewondering voor de Gregoriaanse zang; die was volgens hem “zuiver en alleen voor Gods eer gemaakt”. Daarvoor reisde hij in de Paasweek speciaal naar Averbode om met de paters Witte Donderdag of Goede Vrijdag te vieren.

                    

    De muziek in het werk van Timmermans.
    Honderden vindplaatsen zijn er waar rechtstreeks of in beeldspraak, instrumenten, zang of muziek worden vermeld. Zonder moeite vinden we zeker een 500-tal citaten. Wat valt op? Zelden spreekt hij over grote ensembles (koor, orkest, opera, symfonie…). Hij had een voorkeur voor het meer populaire: de harmonie, fanfare, beiaard, het volkslied… Er worden daarom heel weinig componisten of beroemde werken vernoemd.

    Dat gebeurt wel in Pallieter: de Walkürenrit van Wagner en de Träumerei van Schumann worden met naam en componist vermeld. Verder nog in Pallieter, titels zonder vermelding van componist:  Connais-tu le pays? (uit de opera Mignon van Ambroise Thomas) en de wals uit Faust (van Charles Gounod) op draaiorgel. De cello horen we in werk van Beethoven, Benoit, Wagner en Grieg.

    In Anna-Marie speelt het kwartet van de Dolfijnen (viool, mandoline, klarinet en fluit) een serenade van Mozart.

    In Schoon Lier zingt de beiaard uit Faust, Lohengrin, Carmen en de Herbergprinses van de Antwerpse meester Jan Blockx.

    In Minneke Poes zit de koster op z’n eentje in de kerk aan Bach te frutselen en op zaterdagavond speelt het trio, zijnde de pastoor op klarinet, de secretaris op klein klarinet en de koster op piano in de pastorie. De klanken vallen door de open vensters, zij pinkelpankelen door den hof en kruipen door de hoge haag. En telkens eindigt het trio met het Ave Maria van Gounod. Het is de snik van hun geloof, die altijd opnieuw hun hart van aandoening doet smelten.

    Komen we in Timmermans werk niet tegen: Brahms, Händel, Liszt, Johann Strauss, Tsjaikovsky, Weber of door hem zo geliefde werken als Bachs Matthäuspassion, Beethovens 9e symfonie, Parsifal van Wagner of de Rubenscantate van Peter Benoit.

    Instrumenten in het werk van Timmermans.
    Er worden zo’n 40 muziektuigen vermeld. Nog niet de helft daarvan hoort thuis in het symfonisch orkest.  De overige komen uit de volkscultuur.  Enkele voorbeelden:

    De vedel (voorloper van de viool) komt voor in Het Kindeken Jezus in Vlaanderen en in Boudewijn.

    De harp : Anna-Marie speelt in de zondagschemer op de vergulde harp. En Franciscus hoort het kristallen gedruppel van harpen en cithers.

    De luit: Adriaan Brouwer deed of hij de luit betokkelde.

    De lier: komen we tegen in Schoon Lier.

    De mandoline: wordt bespeeld door Franciscus van Assisië en ook aan het hof van Herodes uit Het Kindeken Jezus in Vlaanderen. Dat moet wel lastig geweest zijn, want het instrument kwam pas in gebruik in de 18e eeuw.

    De accordeon: horen we in o.m. Het Kindeken Jezus in Vlaanderen en in Bij de Krabbekoker. Hier lezen we: Fourtpolleken speelde geweldig schoon met bibberingeskes en donkere akkoorden.

    De doedelzak: In Bruegel geeft de schrijver ons enige staaltjes van creatieve woordvorming: doedel, doedelblaas, doedelzakkend, doedelen, doedelarij en Pallieter liet op dit speeltuig ’t liefst zijn ziel leven.

    De hoorn: komt geregeld voor als koehoorn, kinkhoorn, alpenhoorn, natuur- of jachthoorn waarop men blaast, toetert of blaaskaakt.

    De muziekdoos: in Anna-Marie lezen we: van onder in de doos begost er een muziekske te ritselen. Het waren korte, smalle klankjes, voorzichtigjes, gespitst, tedertjes en langzaam als een dun regentje, dripselend op een kristallen roemer.

    Tot slot nog een bijzonder bericht, dat ons bezorgd werd door ons bestuurslid Mon Van den heuvel.  Het verscheen in de Nieuwe Tilburgsche Courant van 18 september 1937:

    De Koninklijke Vlaamsche Opera van Antwerpen zal dit jaar haar deuren wederom op zaterdag 2 october ontsluiten om het kunstminnend publiek te laten genieten van muziek, spel en dans, zooals men dat van de Kon. Vl. Opera gewoon is. Dit speelseizoen worden o.a. opgevoerd de werken van Wagner, Bizet, Mozart, Massenet,  Giordano enz. Werken van Felix Timmermans behooren ook dit seizoen bij het repertoir en zullen veel publiek trekken. Enz…
    Timmermans componist?  Neen, wellicht heeft de opsteller van dit bericht een bok geschoten en bedoelt hij de opera Anna-Marie van Renaat Veremans, gebaseerd op het gelijknamige boek van Timmermans, dat in de Antwerpse Opera in première ging op 22 februari 1938De naam Timmermans trok blijkbaar meer de aandacht dan deze van de arme Veremans.

    ***********

    16-04-2017 om 00:00 geschreven door Mon

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    12-03-2017
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Fons De Roeck

    Gedachtenis aan

    Fons De Roeck

    14 juli 1939  -  10 maart 2017

    Goede Vrienden, Op zaterdag 11 maart overleed Fons De Roeck aan de gevolgen van een zware hersenbloeding die hem een jaar geleden trof. De begrafenis was op vrijdag 17 maart in de Sint-Martinuskerk in Kontich.

    Fotobewerking van Stanny Corewijn, waarvoor dank.

    Kontich 17 maart 2017

    Afscheid van een groot woordkunstenaar.

    Hallo Lisette en kinderen,

    Beste mensen,

    Toen ik vorig jaar, samen met Griet in de herfstvakantie, Fons ging bezoeken in het WZC Cantershof, wees niets in de richting van datgene waar we nu mee geconfronteerd worden.

    En zie ! Ginder heel, heel ver, een witte stip, langs den kant waar het Zuiden openklaarde, reed de witte huifwagen de reuzenboging onderdoor.

    Alzo vertrok Pallieter, de dagenmelker, uit het Netheland, en ging de wijde, schoone wereld in, lijk de vogels en de wind.

    Dit ware de laatste zinnen die Fons ons bracht in een geweldig einde van zijn voordracht, die hij voor ons had samengevat, in het Huis van Oscar.

    Hij heeft ons toen allemaal verrast en gepakt met een enig, unieke samenvatting van de Timmermans' roman Pallieter.

    Het aaneen vlechten van de verschillende passages uit het boek van de Fé vloeiden mooi en onverwacht ineen, en dit op de tonen van een intermezzo met een mondharmonica , bespeeld door Fons himself. Nog een verborgen talent!

    De verbazing was algemeen en we stonden minutenlang te applaudisseren, zodat zelfs Fons er een klein beetje ongemakkelijk bij stond.

    Twee dagen later sloeg het noodlot toe en het ongeloof werd door iedereen gedeeld.

    Het is verdorie niet eerlijk !

    Fons was een woordkunstenaar pur sang.

    We gaan door hem niet meer verwend worden, we gaan niet meer sprakeloos zitten luisteren naar de vertel- en voordrachtkunst die Fons zo kon beheersen.

    We gaan dit alles nu moeten missen.

    Fons het ga je goed daar aan de andere bladzijde van het boek.

    Mon Van den heuvel

    *****

    12-03-2017 om 00:00 geschreven door Mon

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (1 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    11-03-2017
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Is Timmermans Groot ? - Felix Morlion O.P.

    Is Timmermans groot?

    Door Felix Morlion O.P. – Uit Kunst en Geestesleven van 29/10/1932.

    Er zijn zekere lofspraken welke veel erger zijn dan een veroordeeling. Het geval Timmermans is met het verschijnen van « de harp van St-Franciscus » weer wat erger geworden ; men heeft weer in koor gesproken over de sappigheid van Timmermans en zich daarmee weer definitief de moeite gespaard om verder na te denken. Het wordt een echte plaag in Vlaanderen en ook in het buitenland steeds maar dien sappigen Vlaming te ontmoeten : zo vangt men een mensch en een volk in een adjektief, in een enkel-uiterlijke hoedanigheid. We moeten nu wel eindigen met eens lang en geduldig de vraag te stellen : is Timmermans dan toch niet meer dan dat? Kom, laten we even terug het werk van Timmermans doorwandelen en zoeken tusschen het weelderig, pallieteriaansch gewas, naar iets dat dieper wortelt, naar iets dat die- per is. Laten we midden het eenvoudig, sappig proza toch maar vragen stellen naar wat niet volledig uitgeschreven staat. Laten wij tusschen de adjectieven en beschrijvingen zoeken naar de ziel van den schrijver, naar zijn zwakheden en zijn overwinningen, naar de groei vooral van zijn God in hem.

    I

    'k Heb dorens om mijn hoofd gedragen
    en dorre bloemen in mijn hand.
    'k Ben lijk een beedlaar smart gaan vragen.
    'k Heb kruisen langs mijn weg geplant...

    'k Heb alles, alles afgebroken
    hetgeen ik nooit bewierookt had.
    Maar 'k heb mijn wit geluk gevonden in 't kleed
    van wee dat mij omvat!

    Geloof me, beste lezer, ik ben hier niet verstrooid en in een ander onderwerp verdwaald. Die verzen zijn werkelijk van onzen sappigen Felix Timmermans. Onze Fé had in zijn jeugd een romantieke dichtersziel, een van die zielen de zich eerst met het wit kleed van wee moeten omhullen eer ze zich dichterlijk voelen. Timmermans is zijn letterkundig leven begonnen met de erbarmelijkste romantiek, met die jammerlijke vlucht uit het gewone leven die een mensch wel echt ongelukkig maken kan, niet echt poëtisch. We lachen best niet te erg met de huilerige verzen van dien tijd of met het akelig monsterdrama ; « Holdijn ».
    Het was den jongen ernst en wat hij zijn kunst noemde was een zorgvuldig gekweekte ziekte die hem ten minste één aangenaam gevoel gaf: zich superieur te voelen aan de burgers rondom hem. Zoo is het romantisme.

    Maar er was erger. De ongevormde volksjongen begon te lezen en wel de troebel-geestelijke boeken van Maeterlinck en Huysmans en tutti-quanti. Zijn onbestemd romantisch heimwee-gevoel begon zich te verwikkelen met gedachten. Hij ontdekte een wereld die ver genoeg was, en ongewoon: de kabala-boeken; de theosofie, het occultisme. Een scheutje Ruusbroek daarbij (theosofisch gelezen), een select kunstenaarskringetje zelfs enkele experimenten spiritisme : het is genoeg om heelemaal neurasteniek te worden. En toch, dan reeds lag er in Timmermans iets onverwinnelijk gezond, sterker dan al die ziektekiemen.

    « De schemeringen van de dood » zijn het eerste werk uit dien tijd, en zeker het meest oprechte. De akelige geschiedenis van « De Lijkbidder » die de dood komt aanmelden van moeder, van «De Kelder», waarin zich de zinnelijke bruid verdronk die van haar mystieken man geen geslachtsvoldoening kreeg, van « Het Zevende Graf » dat toch voor de morgen kwam zijn prooi wist te krijgen, van « De witte Vaas » die door de rondwarende dood werd omgesmeten, van « Het Onbekende » dat den rampzaligen minnaar trekt naar den dood dien hij met zijn geliefde niet samen had durven ondergaan... dat alles is doorhuiverd van het echte torment dat de schrijver dan tot in de diepten van zijn ziel donker onderging. Doch wat de schrijver zelf slechts later in zichzelf heeft kunnen ontdekken dat voelen wij reeds onder de lezing dier verschrikkingen: hier is een man die een hoofd gekregen heeft om in het gewone dagelijksche gelaat der schepping schoonheid te zien en er te scheppen. In volmaakte tegenspraak, met de drakerig-akelige inhoud der verhalen ontwikkelt zich hier de blijde gave om kleur te brengen in het eentonige der dingen, om verrassing te brengen midden het alledaagsche, om een tapijt van frissche vergelijkingen te weven tusschen de naden van het banaalste zijn en gebeuren. Dit alles nog met donkere gaten, dit alles gedurig onderbroken door een holle pathos waar men niet de echte Timmermans vindt, maar de restjes van zijn onverwerkte lezing.

    Daarom grijpen we nieuwsgieriger naar zijn volgend werk: « Begijnhofsproken » en we vinden er wat gebeuren moest. De tooververhalen zijn nu al niet veel meer dan een excuus, en gelegenheid voor de kleurige tafereelen, voor de prettige vondsten, een kader voor het spelletje van een essentieel frissche fantasie. Alle kunstenaars, of ten minste alle zichzelf ontdekkend kunstenaar is zoo een beetje dilettant; hij geniet van zijn eigen middelen, van zijn uitbeeldingsmacht en vergeet daarbij een beetje waarover het gaat, en wat hij eigenlijk te zeggen heeft. Het geloof van Timmermans was in al zijn okkultistische doenerij natuurlijk heel vaag en ijl geworden. Hier is het al niet veel meer dan een decoratieve achtergrond waarop hij zijn figuurtjes kan schilderen. 

    Het begijnhof is voor hem wat het is voor veel verloopen romantiekers : een aangenaam anachronisme, een zoete herinnering uit tijden die ver weg zijn en dus poëtisch schoon. Voeg daarbij echter dat dit alles bij den rasechten Vlaming veel zichtbaarder, tastbaarder... en eetbaarder is dan bij den vreemden romantikus « lijk appelenreuk in een kast waar appelen hebben gelegen zoo leefde hier de vergane devotie der Kerstenheid » En spijts het « sappige » ophoopen van vergelijkingen en adjektieven, spookt in vollen ernst door Felix' proza en door zijn ziel de eenbaarlijke figuur van den duivel, waaraan hij sidderend gelooft En daar geurt toch steeds de zoete, zoete devotie voor Onze Lieve Vrouw die hij altijd heeft vereerd.

    II

    Pallieter is geen roes, geen zinnelijke roes zooals de meeste kritici herhalen (weer al een van die woorden die sukses hebben en ons verstand onstrueeren voor verder inzicht). Pallieter is een genezing, en niet enkel de vreugde om de genezing maar het voltrekken der genezing zelf. Pallieter is de krachtige stap in de natuur, van een man die zijn ziekte heeft gezocht in de vermufte kamers van een occultistisch gedroom. Het grijpen van een fel bezintuigde ziel naar al de volheden die door haar meer dan door andere grijpbaar zijn.
    Het herworden van een heerlijk kind dat te vergeefs gepoogd heeft oud en intellektueel en tragisch te worden. Wat moeten wij hier van zinnelijkheid spreken in den zin van die verkeerd ingevolgde neiging die men aan de menschen verwijt. Het is de zinnelijkheid van iemand die voor het eerst het volle register van de lichaams- en zielskrachten openzet, die zichzelf geheel in gezonde werking zet, die Gods schepping proeft met al de monden die God hem heeft gegeven. 

    Men zoeke hier geen regels hoe men leven moet: men vindt er dan wat men niet volgen mag en met recht heeft een kerkelijk gezag het boek (vooral om enkele passages) aan die onoordeelkundige lezers verboden. Men zoeke er den gang van een levensvreemdeling terug het leven in. Men zie in Pallieter niet Timmermans of niet een mensch maar een verlangen om weer heelemaal mensch te zijn, en hier in casu een verlangen dat sterk genoeg was en vier jaar geduldig om van den tranerigen, bibberigen verscheurden dichter weer een gezond mensch te maken.

    Theologisch is het boek ook niet juist en men kan (theologisch gesproken) wel van den amoralistischen Pallieter spreken: het is altijd eenzijdig. Wie al zijn krachten mobiliseert om tot de gezondheid, het physiologisch evenwicht, de harmonie der vermogens terug te keeren mag wel even voor een tijdje van de erfzonde abstraktie maken, en zelf vergeten te spreken over de zonde die toch in hem woelt. Pallieter, de mensch zonder bekoringen, de paradijsrnensch is wel niet mogelijk, maar hij helpt ons wel (als we die vraag niet stellen) om ons ook weer dichter bij de natuur te voelen en ten slotte dichter bij God. In dit geval heeft de dichter zelf klaar gezien, en klaar gezegd (« uit mijn rommelkas ») : « Wat was het vraagstuk van het leven? Er was geen vraagstuk meer. Het was maar iets dat te bewonderen was. Er is niets te doen dan te bewonderen. Bewonderen en anders niet! »

    III

    Timmermans is gezond. Hij is zichzelf. Wat zal hij worden? We volgen hem door zijn werk en we maken onderscheidingen. In de rust van zijn gemoed is bij Timmermans het oude geloof weer wakker geworden en warm en gemoedelijk. De oude vertellingen van vader zaliger komen weer boven. Hij schrijft « Het Kindeke Jezus in Vlaanderen ». Het boezemt hem echter geen belang in hier aan psychologie te doen, in het geval hier aan heiligenpsychologie. Timmermans neemt het eenvoudig evangelie en hij beschildert het met prettige Vlaamsche koleuren zooals de naïeve verluchters het eertijds deden. Hij laat in zijn verhaal ook enkele Vlaamsche menschen binnenwandelen, onder meer den guitigen zanger Kruisduit. Hij doet wel zijn best om Jezus, Maria, Jozef zoo heilig mogelijk te houden: hun geestelijkheid en hemelschheid verdwijnt nog al dikwijls onder de malsche kleuren van het tafereel. Het gevaar, of het gebrek, of de onvolledigheid, van alle schilder in de letterkunde: hij is meer schilderachtig dan diep.
    Het onderwerp was hier heilig diep. De schilder-schrijver heeft het vol vrome eenvoudige devotie met de bloemen en vruchten van zijn verbeelding omkranst en hij heeft misschien niet bemerkt dat de kransen ons dikwijls verhinderen het heilig gegeven te zien. En als hij later nog probeert rechtstreeks zijn « verve » in dienst van zijn geloof te stellen, dan moeten we erkennen dat het doorgaans nog niet beter lukt. Zoo in « De hemelsche Salomé », waar St. Katharina zelf wel een beetje opgeschroefd voorkomt en de dikke volksche figuur van Lapa heel het stuk overschaduwt.

    Beter dan, nederiger onderwerpen. Het leven der eenvoudige lui beschrijven in al zijn volkschheid die echte poësis is. « Het keerske in den lanteern » bevat juweeltjes in dat genre: « De Koninklijke Vlaai », « Tantjes Begrafenis », « Ambiorix » enz. De folklore, het volksche bijgeloof vervullen niet de rol die hun in de letterkunde toekomt: zij dienen niet om iets te beweren dat de schrijver wil doen gelooven maar om de psychologie te uiten van die menschen die erin gelooven. 
    Wat zijn « De Madonna der Visschen », « De lijkkistprocessie » en vooral « De tryptiek der heilige Drie Koningen » meesterwerkjes op dat gebied! En de uitbundigheid der kleuren van sommige tafereelen, verhindert de opperste fijnheid niet in enkele : getuige het stille, genuanceerde verhaal van « Juffer Symforoza, begijntje. » En toch hier ook een gevaar, of gebrek, of onvolledigheid, en ongeveer het tegenovergestelde van het voorgaande. Hier het heilige, dikwijls om het volksche te illustreeren. 

    We zien wat reeds in Pallieter een procedé geworden was: de processie, de pastoor en vele andere dingen worden er gebruikt om het geval wat plezanter en « sappiger » te maken, en de godsdienst komt er zoo niet onsympathiek, dan toch niet echt serieus voor? Wachten wij ons wel hier de zaak te ernstig op te nemen; lachen is toch geen kwaad ook niet wanneer nu, in een prettig vertelselke, de pastoor of zijn meid of zijn processie daartoe gelegenheid geeft. Doch we staan hiermee aan de groote vraag die we voor Timmermans en voor ieder schrijver die als groot aanzien wordt stellen moeten. Kan Timmermans niet meer dan vertelselkes schrijven?
    Kan hij niet grijpen naar 't binnenste geheim van het werkelijke, tragische leven waar geen verbeeldingskens of sappigheden helpen kunnen maar alleen de duistere slag van geest en hart treffen kan? Geeft bij ons niet wat meer is dan kleurige landschappen en koddige figuurtjes: menschen, echte menschen in al hun diepte en volledigheid?

    IV

    Anne-Marie is het eerste groote werk van Timmermans. Het is misschien niet kleuriger en fijner dan « Het Kindeke Jezus in Vlaanderen. » Het is zeker niet zoo gul en geweldig lyrisch als Pallieter. Doch Pallieter is een opbruischen naar buiten en we bevinden, als we het koel herlezen dat de diepere mensch daar absoluut niet aanwezig is, die mensch die zich beweegt tusschen de wereld van goed en de wereld van kwaad. Het « Kindeke » en de andere boeken zijn lief en soms gemoedelijk, maar ze blijven hopeloos schilderen aan den buitenkant der dingen. Hier in dit boek zien we voor 't eerst bij Timmermans een ziel van binnen, een meisjesziel die blijven zal als alle kleuren en geuren vergaan.

    De eerste bladzijden van het boek met hun meer getemperde kleur en humor (renaissance-stijl, lichtjes ironisch en sentimenteel) hebben als voornaamste hoedanigheid dat ze een gewenschte atmosfeer scheppen voor de zachtvrouwelijke, zuivere en stille verschijning van het meisje uit Italië. En lijze, toch hoorbaar midden het luide gerucht van Pirroens gedachten, en het tikken en zingen der dolfijnen, en de wandelingen en processies en vermaken, hooren we den slag van het maagdelijk hart van Anna-Marie, en de liefde die zacht maar sterk wordt in dat hart, en de even sterke wil van het geweten. Dit is hier nu geen litteratuur uit het leven weggedroomd, maar dit is het diepere, meest ongeziene gebeuren van het leven zelf. In het hart van dat naïeve ongerepte kind strijden de twee groote machten : de liefde voor een man die bezitten wil ook al is die man reeds gehuwd, en de liefde voor God die gehoorzaam maakt. En wat zeldzaam is, zelfs bij romanciers die zich katholiek noemen, de genade van God is hier geen ver geloof, maar een werkelijkheid even dicht en even sterk als de warmste liefde. En we zien dat alles in zijn geheimste roerselen, met zijn naiëfheden en zelfbedrog, met zijn zwakheden en zijn overwinningen, en zijn steeds intensere strijd... tot op het oogenblik dat de rede en de vrijheid een enkele maal bezwijken onder den angst: Anna-Marie eindigt haar leven onder de wateren der Nethe.
    De schrijver heeft het
    geheim van die daad niet willen oplossen: de kristen schrijver laat het laatste woord van zijn roman, zooals van het leven, best bij God. 

    « De Pastoor uit den Bloeienden Wijngaerdt » weer een greep meer in het sappige. Het sap der druiven is in dit geval de grote vereering en mijnheer de pastoor illustreert dat sappige, met een soort mystiek die tracht een beetje franciskaansch te zijn. Het is een brave mensch, mijnheer de pastoor, zooals ten andere de schrijver zelf, die alles wel ernstig meent wat de pastoor zegt. 
    Doch als mystiek nemen we dat niet ernstig op : het is niet meer dan een zeer devote gedachtekronkeling die in het verhaal zeer dekoratief werkt. Wat meer dan jammer is : de Fé heeft getracht in de figuur van Isidoor, de ongeloovige twijfelaar weer eens intellektueel te doen en hij had toen moeten weten dat dit nu juist zijn specialiteit niet was. Isidoor is psychologisch vals en zijn twijfels rieken naar de boeken Timmermans gelezen heeft, of om het klaarder te zeggen : een Isidoor levend wezen is niet, maar wel een bloemlezing uit enkel slecht geschreven en slecht overgeschreven droomerijen. Maar daar is de figuur van Leontientje die dat alles vergeten doet, een weder uitgave van Anne-Marie, even schoon en vrouwelijk en kinderlijk heldhaftig in haar geloof.

    Breughel: de maat breeder uitgezet, min of meer het meisjesfijne en subtiele-geestelijke, nu hun mannelijk-geweldige en tragisch-kristelijke Breughel: 't volle orkest der zinnen berst open op de wereld, maar ook hun bitterheid komt tot het hart. Breughel, een Pallieter die langer heeft geleefd dan zijn eerste ontdekkings-vreugden, die gevoeld heeft welke wet tegen zijn zinnen streed, die gezondigd heeft maar die ook heeft verzaakt tot hartebloedens toe Het overdadige van stijl en fantasie hebben hier eindelijk een onderwerp gevonden dat juist in die atmosfeer best leven kan. Breughel, de man naar buiten en naar binnen geweldig, wiens zielegeweld niet wordt overschreeuwd door de geweldigste kleuren, en wiens twijfels zwakheden geen litteraire reminiscenties zijn maar doorleefde werkelijkheid. Prachtige zielsdoordaverende driftmomenten (en nog meest misschien die schreeuwen en dat geduld in de liefde van bijzit Anneke), maar ook tusschen dit alles, dikwijls zwak en onmachtig, maar altijd werkelijk de macht van het geloof. Timmermans staat nu heelemaal buiten het kleurig hofke van zijn verbeelding, in het volle tragische leven der werkelijkheid.

    V

    En « De Harp van St-Franciskus » ? Een heilige naar zijn nart, een kristelijke Pallieter! Een heilige waar de genade en de natuurlijkste natuur één geworden zijn! De sappigste der menschen en de heiligste sappigheid! Ja. Dit zou misschien wel het beste boek moeten zijn van Felix Timmermans. Maar we zoeken te vergeefs naar dien golfslag die door het boek en door ons golven moet, en we vinden slechts passages waar we worden
    aangedaan. We vinden, prettige beschrijvingen en veel naïef schoon gevoel, maar vinden niet de ziel van Franciskus en haar eenheid en volledigheid. En wat erger is, we voelen dat hier en daar de asem van het boek verslapt en zelfs zijn technische vaardigheid. We voelen dat hier en daar de asem van het boek verslapt
    en zelfs zijn technische vaardigheid. We voelen zelfs de armoede die hier en daar (waar het niet anders meer gaat), de taalfouten zijn sappigheid te zoeken en te denken dat de lezer ook onder den indruk komt als « hij begost straf te bidden ».

    Zou Timmermans werkelijk gaan gelooven in het sappigheidsdogma zijner kunst? Zou hij
    het beginnen gemakkelijk nemen en niet verder zoeken naar wat in hem nog niet uitgebaat is? Nu moeten we wachten. We weten : het heilige onderwerp is boven de kennis en vorschingskracht van Timmermans. Hier is geen diepere intuïtie in het geheim van den heilige. Met een groote liefde heeft Timmermans het vertelseltje der Floretti wat versierd en getracht (soms zonder te lukken) het nog sappiger te maken. Maar hij heeft aan het geheele werk niet kunnen geven dien innerlijken levensstroom die opwelt uit zijn eigen diepte. Hij heeft het heiligenverhaal smakelijk en vroom naverteld: hij heeft den heilige niet doen leven in zijn volledig menschelijke werkelijkheid.

    We wachten nu Timmermans grijpe nu weer eens in dat gewone leven dat hij bereiken kan, en begrijpen, en beleven, in al zijn kleinheid en grootheid, in zijn sappigheid en eigen intensiteit, in zijn zwakheden en in zijn geheime, godgenadige goedheid. Hij schrijve weer de geschiedenis van een mensch niet te heilig en te boos, een mensch die hij niet in de legende, of in zijn bewondering zoeken most, maar in de wereld rondom hem en in zijn eigen zelf.
    Dan kunnen we wellicht nog eens zeggen, fier en vreugdevol:

    Timmermans is groot.

    *************

    11-03-2017 om 00:00 geschreven door Mon

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (1 Stemmen)
    >> Reageer (0)


    Foto

    Archief per maand
  • 07-2017
  • 06-2017
  • 05-2017
  • 04-2017
  • 03-2017
  • 02-2017
  • 01-2017
  • 10-2016
  • 09-2016
  • 08-2016
  • 07-2016
  • 06-2016
  • 04-2016
  • 03-2016
  • 02-2016
  • 12-2015
  • 11-2015
  • 10-2015
  • 09-2015
  • 08-2015
  • 06-2015
  • 04-2015
  • 03-2015
  • 02-2015
  • 01-2015
  • 11-2014
  • 10-2014
  • 09-2014
  • 08-2014
  • 07-2014
  • 06-2014
  • 05-2014
  • 04-2014
  • 03-2014
  • 02-2014
  • 01-2014
  • 12-2013
  • 11-2013
  • 10-2013
  • 09-2013
  • 08-2013
  • 07-2013
  • 06-2013
  • 05-2013
  • 04-2013
  • 03-2013
  • 02-2013
  • 01-2013
  • 12-2012
  • 11-2012
  • 10-2012
  • 09-2012
  • 08-2012
  • 07-2012
  • 06-2012
  • 05-2012
  • 04-2012
  • 02-2012
  • 01-2012
  • 12-2011
  • 11-2011
  • 10-2011
  • 09-2011
  • 08-2011
  • 07-2011
  • 06-2011
  • 05-2011
  • 04-2011
  • 03-2011
  • 02-2011
  • 01-2011
  • 12-2010
  • 05-2010
  • 03-2010
  • 02-2010
  • 04-2009
  • 09-2008
  • 06-2008
  • 03-2008
  • 02-2008
  • 12-2007
  • 10-2007
  • 06-2007
  • 05-2007
  • 03-2007
  • 02-2007
  • 01-2007
  • 11-2006
  • 10-2006
  • 09-2006
  • 08-2006
  • 07-2006
  • 05-2006
  • 04-2006
  • 01-2006


    E-mail mij

    Druk op onderstaande knop om mij te e-mailen.


    Gastenboek

    Druk op onderstaande knop om een berichtje achter te laten in mijn gastenboek


    Blog als favoriet !

    Over mijzelf
    Ik ben Mon Van den heuvel
    Ik ben een man en woon in Lier (België) en mijn beroep is op pensioen.
    Ik ben geboren op 19/06/1944 en ben nu dus 73 jaar jong.
    Mijn hobby's zijn: Kano varen - Felix Timmermans - Geschiedenis van Lier in de ruimste zin genomen.

    Een interessant adres?

    Mijn favorieten websites
  • Thuispagina Louis Jacobs
  • Guido Gezelle
  • Ernest Claes Genootschap
  • Oscar Van Rompay
  • Felix Timmermans Genootschap
  • Schrijversgewijs
  • Kempens erfgoed

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto


    Blog tegen de regels? Meld het ons!
    Gratis blog op http://blog.seniorennet.be - SeniorenNet Blogs, eenvoudig, gratis en snel jouw eigen blog!