3.3.3. Een laatste aanloop en dan eindelijk iets, dat probeert een definitie te zijn.
Zodra de menselijke geest zegt: "God, ik ben ontvankelijk voor uw gedachten", begint de wedergeboorte. De menselijke geest behoeft dat niet met hoorbare woorden te zeggen. Zelfs in ons zielenleven bewust geworden gedachten zijn niet nodig. De ontvankelijkheid is er op het ogenblik van de echt gemeende, maar nog volkomen prille bekering. Er zijn vele manieren om het speldenknopkleine geestelijke vruchtje af te drijven. Ook wanneer het zich al aan het ontwikkelen ís, blijft het mogelijk om het te aborteren. Daar heb ik het nu niet over. We hebben dat onderwerp al zo vele malen doorgekauwd. Men zou er haast triest van worden. Bekering is geen automatische zaak. Voor het vasthouden daarvan moet geknókt worden (Phil. 2:12). Wedergeboorte is óók geen uit-zichzelf-lopende aangelegenheid. Een voortgaande ontwikkeling daarvan moet bevóchten worden (Hebr. 12:4).
Geef die vrucht een kans om uit te groeien tot een echt wezentje met een hartje, dat begint te kloppen. Let op de symptomen, dat het nieuwe wezen er ís. Bespeurt u ze, beweegt er iets, dan: actief en passief medewerken.
Een voorbeeld: soms komt er zo'n fijne gedachte bij een opgroeiende gelovige boven temidden van alle gekmakende herrie in zijn brein. Ineens kunt u het tedere idee hebben om die kleine, dappere handen van uw vrouw te kussen, vingertop voor vingertop. Dóe dat dan, zeg iets liefs. Wat is er namelijk gebeurd: Gods Geest heeft de uwe bevrucht; edele gedachten proberen zich in uw geest te vermenigvuldigen en zwermen daarin uit. Ja, ze maken zelfs al eerste verkenningtochten naar minder diepe niveaus, naar uw zielenleven.
Wedergeboorte herkent u aan goede, gezond makende gedachten, zó nieuw; zó nieuw! Nog nooit eerder hebt u ze bij uzelf waargenomen (Ef. 4:23). Gooi alle binnendeuren open, nu God door de buitendeur is gekomen. Ga Hem loven voor zijn geschenken. Dan gáát Hij me toch een héil geven! (Ps. 50:23).
En daar ís hij dan, de ongetwijfeld kreupele definitie: "Wedergeboorte is een bevruchting van onze geest door God. Die bevruchting vindt in eerste instantie plaats bij onze bewuste, maar nog heel jonge bekering. God is namelijk áltijd bereid om ons te verrijken. Hij begint daarmee direct, wanneer er bij ons ook maar een spoor van bereidheid is om ons door Hem te láten gelukkig maken. (Jes. 65;24). Naarmate onze bekering zich verdiept, krijgt God méér mogelijkheden om het nieuwe leven in ons te laten groeien. Alles hangt af van de mate van onze ontvankelijkheid (Op. 3:20)."