De rotzooi in je vleeswaren !

![]()
De rotzooi in je 'toespijs'
<iframe src="https://5623631.fls.doubleclick.net/activityi;src=5623631;type=pages;cat=lidlb0;u1=31-03-2017;dc_lat=;dc_rdid=;tag_for_child_directed_treatment=;ord=1?" width="1" height="1" frameborder="0" style="display:none"></iframe>
Charcuterie, van gekookte hesp over salami tot kip-met-tuinkruiden en het hele gamma dat bij de slager of in de supermarkt ligt te blinken, is volgens de Britse voedingsspecialiste Joanna Blythman een schoolvoorbeeld van bewerkte voeding waarvoor de voedingsindustrie haar hele trukendoos opentrekt. © Kos.
WEET WAT JE EET De schandelijke mishandeling van varkens in het slachthuis van Tielt. Dagen zonder vlees. De heisa rond onverdoofd slachten. Het zijn slechts enkele van de vele aanwijzingen dat we als consument twee keer beginnen nadenken als de vraag 'wat eten we vanavond?' wordt gesteld. Recent werd het onthullende boek van de Britse voedingsexperte Joanna Blythman naar het Nederlands vertaald. De publicatie van 'Slik je dat? Wat je niet mag weten over je eten' heeft zijn effect niet gemist. Wij brachten twee jaar geleden, naar aanleiding van dat verontrustende rapport, al de reeks 'weet wat je eet'. De hoogtepunten daaruit brengen we nog eens naar voren. Samengevat: alles wat niet vers is en dus werd bewerkt, bevat meer dat slecht is voor je gezondheid dan je ooit had vermoed.

© 4thestate.co.uk.
Je gekookte ham of kalkoenworst bevat fosfaatvervangers zoals tapiocazetmeel. Wat doet een tropische knol in je plak charcuterie? Het verraadt dat je vlees is 'opgeblazen' door het te injecteren met water en bindende stoffen (pekel) of dat het werd gecentrifugeerd met hetzelfde doelJoanna Blythman
Speel jij op 's middags ook graag een belegd broodje naar binnen, of een boterham met 'toespijs' of 'charcuterie'? We willen je meteen waarschuwen: veel geruststellende berichten daarover zal je hier niet lezen.
Charcuterie, van gekookte hesp over salami tot kip-met-tuinkruiden en het hele gamma dat bij de slager of in de supermarkt ligt te blinken, is volgens de Britse voedingsspecialiste Joanna Blythman een schoolvoorbeeld van bewerkte voeding waarvoor de voedingsindustrie haar hele trukendoos opentrekt. Doel? "Zo goedkoop mogelijk produceren met een minimum aan dat dure ingrediënt dat vlees heet, zo weinig mogelijk onrustwekkende vermeldingen op het etiket en een zo lang mogelijke houdbaarheid".
Vol water
"Je gekookte ham of kalkoenworst bevat fosfaatvervangers zoals tapiocazetmeel. Wat doet een tropische knol in je plak charcuterie? Het verraadt dat je vlees is 'opgeblazen' door het te injecteren met water en bindende stoffen (pekel) of dat het werd gecentrifugeerd met hetzelfde doel. Die stoffen hebben één ding gemeen: ze laten vlees doen wat het normaal niet zou doen: water opzuigen en vasthouden".
Hopsa, gewicht verdubbeld
"Zo'n fosfaatvervanger als tapiocazetmeel staat ook beter op een etiket dan de fosfaat-indicatie E452. Fosfaten zijn alomtegenwoordig in charcuterie: ze maken het eiwit oplosbaar zodat die de gewenste kleverigheid krijgt en het vlees makkelijk 'plakt' met water. Ook hydrocolloïden, kleverige en zoete zetmelen, helpen om vlees een huwelijk te doen aangaan met water. Volgens een bedrijf dat het hydrocolloïde carrageenan (afgeleid uit zeewier) aanbiedt aan de vleesindustrie, kan dit kleverig goedje het gewicht van hun producten met niet minder dan 100 procent doen toenemen".
"In de zogenaamde 'pekel' waar je charcuterie mee werd ingespoten of waarin je worst werd gecentrifugeerd, zitten ook zetmelen en vezels die hetzelfde doen: water doen kleven aan de andere ingrediënten. De maker van zo'n product, Swelite, verklaart dat zijn product '50 tot 100 procent van de proteïnebron kan vervangen en tegelijk de sappigheid bevorderen'. Met andere woorden: het staat fabrikanten van charcuterie toe de hoeveelheid vlees in hun eindproducten drastisch te verminderen".
Vleeslijm
"Het enzym (een eiwit dat als katalysator werkt bij een bepaalde chemische reactie, redactie) transglutaminase wordt in de industrie 'vleeslijm' genoemd. Het zorgt voor een sterke binding tussen eiwitten, waardoor het stukken vlees zonder commerciële waarde transformeert in gestandardiseerd vlees met een grote toegevoegde waarde. Het vergemakkelijkt bovendien de toevoeging van water en zorgt ervoor dat de droog- of rijptijd voor je broodbeleg met 40 procent wordt ingekort. Transglutaminase hoeft niet op het etiket vermeld te worden".
Lees ook
- Kijk eens op de doos. Of hoe misleidend etiketten zijn
- De duistere geheimen van de voedingsindustrie
- Dit wist je wellicht nog niet over kant-en-klaarmaaltijden
- Er zit een haar in je kant-en-klaar
- Zit er gif in ons brood?
Voedselregulatoren hebben een maximale 'aanvaardbare dagelijkse inname' voor deze additieven vastgesteld, als een veilige limiet gebaseerd op dierproeven. Alleen: niemand weet hoeveel je van een kankerverwekkende stof moet binnenkrijgen vooraleer je kanker krijgt, of hoeveel van een bepaalde gifstof je lichaam kan verdragen tot het je zenuwstelsel gaat vergiftigenJoanna Blythman
Tot 30 procent soja
"Ook sojaproteïne is een populaire 'vleesuitbreider'. Het wordt gemaakt door soja te wassen in zuur. Dat gebeurt in aluminium tanks, waardoor dit voor de hersenen en het zenuwstelsel schadelijke zware metaal kan lekken in het product. Ook het oplosmiddel hexaan, dat je ook in lijmen en cement aantreft, wordt gebruikt in het extractieproces van sojaproteïne. Soja is de plantaardige voedingsstof die qua textuur het dichts in de buurt van vlees komt. Volgens de voedsel- en landbouworganisatie van de Europese Unie mag soja gebruikt worden om tot 30 procent van het vlees te vervangen in producten als worst, sauzen, kant- en klaarmaaltijden en vleesballen".
Karkassen
Heb je liever dat de fabrikant van je charcuterie voor het 'binden' van zijn producten voor gelatine opteert? Blythman: "Dat is een geraffineerde vorm van collageen, het eiwit uit dierlijke gewrichten, ligamenten en huid. Gelatine wordt bekomen uit de karkassen van dieren nadat al het vlees is verwijderd, in een chemisch proces waarbij een zuur- of alkalioplossing wordt gebruikt".
"Gelatine moet op het etiket vermeld worden, maar daar is al een oplossing voor: collageen eiwitpoeder, afkomstig van dierlijke bijproducten en bekomen zonder chemische processen. Die poeders zorgen voor een stevigheid waardoor je charcuterie makkelijker te versnijden is en ze gaan ook het lekken van het water tegen. De producent hoeft enkel 'rundproteïne', 'gevogelteproteïne' of 'varkensproteïne' op het etiket te zetten. Bijkomend voordeel: het poeder vervangt een aanzienlijk deel van het vlees. 'Functionele proteïnes laten je toe duurdere ingrediënten in je toepassing te vervangen, waardoor je tegelijk kosten bespaart en gewicht wint', zo vat een proteïnebedrijf het samen".
Lees verder onder de foto

Salami bevat extract van rozemarijn. Niet omwille van het aroma, maar om het verkleuren van het vlees tegen te gaan zodat je salami er wekenlang vers uitziet. © thinkstock.
In charcuterie zal je antioxidanten of bewaarmiddelen als BHT (ook een bestanddeel van balsemvloeistof en kerosine) en BHA (ook terug te vinden in rubber) aantreffen. Bij proefdieren veroorzaken ze kanker en verstoren ze de hormonen- en zenuwstelselsJoanna Blythman
Rozemarijn in je salami?
Die rustiek ogende salami bevat rozemarijnextract, en ook hier is dat het resultaat van een 'clean label'-oefening. "Rozemarijnextract is een zachtere verwoording voor antioxidanten (E300-21) en heeft wel een E-nummer (E392) maar producenten drukken liever het poëtischer 'extract van rozemarijn' op het etiket. Geloof maar niet dat dit antioxidant in je salami zit omwille van het aroma. Het dient om het verkleuren van het vlees tegen te gaan zodat je salami er wekenlang vers uitziet. De chemische stoffen worden uit rozemarijn gehaald door middel van een extractiemethode waarbij koolstofdioxide of chemische solventen zoals hexaan (uit petroleum), ethanol (uit de fermentatie van suiker en zetmeel) en aceton (het ontvlambare goedje waarmee je nagellak verwijdert) worden gebruikt".
Hyperactieve kinderen
Dergelijke extracten zijn nog onschuldige bewaarmiddelen in vergelijking met klassiekers als benzoaten, nitrieten, nitraten, sorbaten en sulfieten. Blythman: "De industrie van additieven geeft zelf toe dat sulfieten voor ademhalingsproblemen kunnen zorgen. Natriumbenzoaat in combinatie met kleurstoffen kan voor hyperactiviteit bij kinderen zorgen. Nitraten worden in de maag omgezet tot potentieel kankerverwekkende nitrosamines".
Kerosine en rubber
"In charcuterie (net als in margarine, chips en in olie gebakken voedsel zoals vissticks) zal je antioxidanten of bewaarmiddelen als BHT (ook een bestanddeel van balsemvloeistof en kerosine) en BHA (ook terug te vinden in rubber) aantreffen. Bij proefdieren veroorzaken ze kanker en verstoren ze de hormonen- en zenuwstelsels. Toch hebben onze voedselagentschappen besloten dat deze additieven, in de toegelaten hoeveelheden, geen gevaar voor de volksgezondheid opleveren. Daarom hebben ze een maximale 'aanvaardbare dagelijkse inname' voor deze additieven vastgesteld, als een veilige limiet gebaseerd op dierproeven. Alleen: niemand weet hoeveel je van een kankerverwekkende stof moet binnenkrijgen vooraleer je kanker krijgt, of hoeveel van een bepaalde gifstof je lichaam kan verdragen tot het je zenuwstelsel gaat vergiftigen".



Door: 







































Door:




















Ziekmakend !