NIEUW: Blog reclamevrij maken?
Inhoud blog
  • Leestenaars in W.O.-II : Vervolg Jules BOONEN.
  • Leestnaars in W.O.-II : Jules BOONEN.
  • Vervolg : Leestenaars in de Tweede Wereldoorlog.
  • Vervolg : Leestenaars in de Tweede Wereldoorlog.
  • Zoeken in blog

    Beoordeel dit blog
      Zeer goed
      Goed
      Voldoende
      Nog wat bijwerken
      Nog veel werk aan
     
    Kronieken van Leest
    bij Mechelen
    16-08-2018
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Leestenaars in W.O.-II : Vervolg Jules BOONEN.

    Wijzigingen – Aanvullingen – Kronieken van Leest.

    Vervolg 1940 – Leestenaars in de Tweede Wereldoorlog

    JULES BOONEN (deel 2)

    ’t Voor in Nieuwenrode

    Toen ik nog maar goed thuis was, vroeg onze va : "Jules, wat gade gij doen, terugkeren of blijven ?" Ik antwoordde : "ik zou gaarne blijven".
    Er was trouwens al van geklapt tegen mijn nonkel, de broer van mijn moeder, Jules Siebens, die in ’t Voor in Nieuwenrode woonde.
    De volgende zondag kwamen nonkel Jules en tante Germaine. ‘Kom bij ons’, zei nonkel Jules, ‘ge zult er goed zijn’.
    En zo ben ik dan ondergedoken.

    ’t Voor was een speciale streek, bijna in elk huis zat er een ondergedokene. En omdat zij zo afgelegen was, kon men er ook buitenkomen.
    Ik heb er veel op ’t land gewerkt, tegen het bos aan en ver van de weg.
    Zo was ik eens met de paarden aan het ploegen. Er stopte in de verte een Duitse auto op de steenweg, Duitsers stapten er uit en met een verrekijker keken ze naar mij. Dan heb ik een stommiteit gedaan : ik heb de paarden laten staan en ik ben gaan lopen. Een andere boer had het gezien en is naar de paarden gegaan en heeft verder geploegd alsof er niets gebeurd was. De Duitsers zijn dan verder gereden.
    De sjampetter –de veldwachter- was ook ne goeie : hij heeft ons dikwijls verwittigd wanneer er controle in het dorp was. Dan gingen wij ons wegsteken in het bos of in huis.
    Op de slaapkamer was er een val, die moest ge wegtrekken en daardoor kon je vluchten langs de hooizolder. Zelfs konden wij naar ’t café gaan, bij de ouders van Boogmans. Soms kwamen daar wel meer dan 10 verstekelingen samen. Dan stonden er wel 4 – 5 boeren buiten op de wacht.
    Af en toe dierf ik ook naar huis gaan. Meestal ’s morgens vroeg om 4 uur, met de velo, langs het sas van Kapelle, over Oxdonk, onder de brug van Steinenmolen en zo langs binnen.
    Ik was zo eens bij mijn toekomstige schoonouders, die toen woonden in de boerderij onder aan de wijk, waar nu Mertens woont (Noot : Hof ten Broecke). Ik ging de paarden voederen en ik liep met een emmer haver in de hand en een bussel hooi onder de arm rond de stalling. Op enkele tientallen meters stond daar een Duitse soldaat voor mij. Ik spring terug, loop binnen, ze steken mij in de kelderkamer, schuiven het bed opzij, doen een val open en steken mij in een donker kot : en zo kwam ik terecht in de smokkelkelder van mijn schoonouders : dat lag daar vol met eten en graan. Die Duitse soldaat is gewoon verder gewandeld, het was er een van het afweergeschut in Hombeek.
    De zuster van mijn lief is ook in die periode getrouwd en ik ben op de trouwfeest geweest. De nacht ervoor zat ik ondergedoken in Blaasveld en daar hebben ze mijn feestklederen gebracht. De nacht van het feest zelf ben ik bij Jefke Verbruggen in de Scheerstraat gaan slapen, ik weet het nog goed, ik heb de pijpen van de broek van mijn schoon kostuum opgerold om zo door het lang nat gras en over de velden te kunnen lopen.

    Grote schrik heb ik gehad toen ze Frans van den Ossenboer opgepakt hebben, dan was ik ook toevallig thuis. Wij hoorden ze schieten, ik ben dan gaan lopen tot achter het kasteel aan de grot.

    Acht maanden ben ik ondergedoken. Acht maanden gene moment gerust, opgejaagd als honden. Altijd die spanning.
    En dan is de bevrijding gekomen. Ik was thuis en onze va zei : ‘jongen, ga niet terug, ’t is te gevaarlijk, de Engelsen zijn op komst en de Duitsers trekken af.’ Mijn vader had de oorlog van 14-18 meegemaakt. Die mannen hebben zo een gevoel. En een beetje nadien kwam Mijnheer De Meester voorbij, en die zei dat ze al in Mechelen waren.
    En zo kwam het einde van dat ondergedoken zitten.
    Mijn jeugd was voorbij. Ik had mijn ouderdom om te gaan trouwen…en wij hebben nog wat moeten wachten hé Melanie, tot in 1946…” (Gepubliceerd in “De Band” van december 1986)

    Vervolgt met Frans De Bruyn, weggevoerde en werkweigeraar.

    Foto’s :

    -Jules was aanwezig op het huwelijk van Mariette Beullens, de zus van zijn lief, met Louis De Bondt in april 1944.

    -Jules en Nieke Boonen-Beullens tijdens hun huwelijksdag.





    16-08-2018 om 09:49 geschreven door Marcel Van Hoof

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (1 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Leestnaars in W.O.-II : Jules BOONEN.

    Wijzigingen – aanvullingen Kronieken van Leest.

    1940 – Leestenaars in de Tweede Wereldoorlog

    JULES BOONEN

    Soldaat in mei ’40 – Opgeëist tewerkgesteld in Berlijn – Ondergedoken in Nieuwenrode.

    Jules Boonen was te Leest geboren op 24 oktober 1920 en gehuwd met Melanie “Nieke” Beullens (°Kapelle-o-d-Bos 8/12/1919, +Edegem 9/10/1998). Hij overleed te Leest op 21/9/1990. Jules was ploegbaas bij de NMBS en samen met zijn echtgenote teelde hij ook asperges.
    Jules was een hevige “Sus” terwijl Nieke de dochter was van een gemeenteraadslid van de “Blekken”, de twee folkloristische dorpspartijen van Leest. Dat gaf, vooral rond de gemeenteraadsverkiezingen, zoals in vele gemengde Leestse gezinnen, heel wat spanningen.

    Het echtpaar kreeg drie kinderen :
    -Marie-Louise (“Wikke” of “Wiske”) Boonen (°16/7/1948) gehuwd met Marc Leemans.
    -Francois (“Soïke”) Boonen (°19/7/1950) gehuwd met Maria De Keersmaeker.
    -Vera Boonen (°13/1/1959) gehuwd met Jan Mariën.

    “En toen kwam de bevrijding, ik kon terug onder de mensen komen. En wij konden beginnen denken aan trouwen”, zegt Jules, terwijl hij naar zijn Melanie kijkt met een vertedering waarmee enkel mensen op ouderdom naar mekaar kunnen kijken. “Ja” zegt Melanie, “maar dat trouwen is eerst maar in 1946 gebeurd…kwestie van sparen, meubelen, een huis…”

    Soldaat in mei ‘40.

    “Ik was van de klas 40 en ben binnengegaan”, zegt Jules, “in februari ’40 in de Dossinkazerne te Mechelen bij het 57e Linie. Daar kreeg ik mijn opleiding en ik trof het : mijn kommandant was Meester Dons van Tisselt en Meester Huysmans was er Luitenant. Die twee gingen ’s avonds naar huis en hadden met mij afgesproken dat als er iets was, ik gauw naar hen thuis zou rijden en hen verwittigen. Daarom stond mijn fiets in een café bij de kazerne en had men de cafébaas verwittigd dat hij ook ’s nachts moest opendoen als er geklopt werd. En zo gebeurde het dat ik op 10 mei in de nacht uit mijn bed gehaald ben en ik naar Tisselt gereden ben om Meester Dons te verwittigen dat de oorlog uitgebroken was. Ik zelf mocht eerst nog eens langs thuis passeren en dan terug naar de kazerne waar wij die eerste dag gebleven zijn. De 11de mei zijn wij dan ’s morgens vroeg te voet vertrokken. In Kapelle op den Bos kwamen wij aan de brug : die was de avond ervoor door de Duitsers gebombardeerd, de huizen waren in puin, alles was nog aan het roken en er waren vele doden gevallen. Ineens wisten wij wat oorlog was. Wij waren nog maar pas verder of wij zaten in het bombardement van de brug van de autostrade over de spoorweg in Londerzeel. Ook daar huizen plat en doden. Te voet zijn wij dan tot in Kortrijk getrokken. Daar heeft men ons dan op een trein geladen en 6 dagen en nachten -rechtgehouden met soldatenkoeken- zijn wij dan dwars door Frankrijk gereden tot vlak bij de Spaanse grens. Lisle Jourdain heette dat plaatsje waar we terecht kwamen. Wij werden daar links en rechts ingekwartierd, ik lag in een oude pastorij. Veertien dagen hebben we daar niets gedaan. Ik was wel de ordonnans van Meester Dons geworden, gans zijn leven heeft Meester Dons mij ‘ordonnans’ genoemd, ook wanneer wij vele jaren later samen eens een pintje pakten. De Franse bevolking was zeer vriendelijk tegen ons, maar aan die vriendelijkheid kwam ineens een einde als Koning Leopold III gekapituleerd had. Ik zie nog altijd Fransen het portret van onze Koning over de straatstenen sleuren.
    Plots kregen wij dan het bevel om voor Parijs tankversperringen te gaan aanleggen en wij terug van waar wij gekomen waren. Maar eer wij in Parijs waren hielden ze ons al tegen omdat de Duitse troepen al zo dicht waren. Wij zijn dan 4 dagen terug te voet achteruit gegaan. De 4de dag, een zondag, zaten wij in een grote boerderij. In de verte lag er een steenweg en daar trokken de Duitsers voorbij. Daarmee waren wij krijgsgevangen. We werden naar St. Germain bij Parijs gebracht en hebben er de nacht doogebracht in een grote hal van een vliegveld. ’s Anderendaags moesten wij per kamion haver gaan laden voor de paarden. En toen moesten wij in een school komen, in een bureau. En wie zat daar : Meester Dons, die gaf ons de papieren, echte goeie papieren met stempels op, dat wij naar huis mochten gaan. Aan hem is het te danken dat wij ginder zo rap weg waren. Wij zijn dan naar Parijs gegaan en hebben er geslapen in de kazerne. Dat was ook nen toer. Enkele anciens, die veel slimmer waren dan wij, deden ons in ’t gelid op rijen van drie, al marcherend in die kazerne binnengaan. Niemand vroeg ons iets. En op dezelfde manier, al marcherend dus, zijn wij ’s anderendaags ook uit die kazerne geraakt. Wanneer wij zo die grote boulevard afgemarcheerd en uit het zicht waren hebben wij ons verspreid in groepjes van vier. Dan zijn wij eigenlijk autostop gaan doen en een Duitse legerkamion heeft ons opgeladen en gevoerd tot in…Kortrijk. Daar hebben wij wel mee moeten helpen munitie laden. Maar op 1 dag waren wij van Parijs in Kortrijk. In Kortrijk kom ik dan ’s anderendaags ’s morgens op de Grote Markt Gene Dockx en Jean Briat tegen. En die mannen hadden geld. Wij lopen zo wat rond en wij zien een jong koppelken wat zitten flikflakken in een kleine kamion. Die twee mannen daar naartoe : ‘Makker wat moet dat kosten om ons naar Mechelen te voeren ?’ Die verschieten maar uiteindelijk laat hij zich toch overhalen. En zo wordt ik afgezet in Leest dorp zelf, want in Blaasveld zegden ze ons dat wij niet over Heffen naar Mechelen konden omdat daar de brug gesprongen was. En zo was ik op een dag en half thuis van Parijs. ’t Was nog in den aspergetijd. Want ik weet het nog goed : de eerste die ik zag was mijn lief – allé, ’t was toen eigenlijk nog niet aan – op het aspergeveld. Wij dronken met de chauffeur een pintje, waar nu de Telstar is. En voor mijn pint ingeschonken was kwamen mijn vader en broer al in de café binnengelopen, ze hadden al horen zeggen dat ik thuis gekomen was.” (Gepubliceerd in “De Band” van december 1986)

    Berlijn – Bahnhof Tempelhof.

    “Sinds maart ’41 werkte ik in Mechelen aan de Spoorweg. Daar werd ik opgeëist om in Duitsland te gaan werken. Maar ik ging mij niet aangeven. Ze zijn mij op het werk dan komen opzoeken, maar ik was er niet, ik had met de nacht gestaan en ik was thuis. Dan zijn twee Gestapo mannen, zo van die mannen met een ijzeren plaat op de borst, thuis komen zoeken. Ik ben gauw op de zolder gevlucht en mijn zuster zei dat ik gaan ‘arbeiden’ was op het ‘bahnhof’. Uit schrik dat ze iets zouden doen aan mijn vader of mijn broer, ben ik me dan ’s anderendaags gaan aangeven op de ‘Werkbestelle’. Ik mocht terug naar huis en drie dagen later moest ik op de Bruul zijn. Daar ben ik nog met andere mannen op een kamion geladen en naar Antwerpen gevoerd, recht naar het gevang in de Begijnenstraat. Daar heb ik dan veertien dagen gezeten met zes man in een cel en ik heb er veel stampen gekregen. Op een maandagmorgen zijn wij dan met een speciale tram en onder gewapende begeleiding naar het Centraal station gevoerd. Wij werden in een speciale wagon opgeladen en alle deuren werden afgesloten. Toch zijn daar twee mannen van Willebroek kunnen ontsnappen omdat een chef-garde van de spoorweg hen zijn speciale sleutel gooide waarmee ze hun deur konden openen : die mannen zijn over vele sporen gelopen recht in een trein die al aan het rijden was naar Brussel. Wij die uit het prison kwamen, wij zaten in voituren 2e klasse met pluchen zetels en de vrijwilligers die zaten in 3e klasse op houten banken : dat was wel plezant. Als wij in Berlijn aankwamen moesten wij in een doorgangslager, precies een mensenmarkt. Daar is een bediende van Bahnhof Tempelhof me komen halen samen met ene van Hombeek en twee man van de Elzenstraat. We lagen daar in een groot lager waar wel 700 man in ondergebracht was, bijna allemaal Fransen, wij waren er slechts met 7 Hollanders en 9 Belgen. Wij waren daar niet slecht : ik moest helpen aan de verzending : met verhuiswagens getrokken door paarden werden de goederen aangebracht en overgeladen in spoorwegwagons. De Duitsers die wij als chef hadden waren goei mannen, ze waren allemaal al oud, de jongste was 64 jaar. De meesten hadden de oorlog 14-18 meegemaakt en als ze met ons alleen waren dierven ze zeggen dat ze hetzelfde gat ingingen als in 14-18. Ik ben verschillende keren bij die mannen thuis geweest en dan dierven ze ook zeggen wat ze meenden, behalve als er hun kinderen bij waren, dan zwegen ze. ’s Morgens als ze binnenkwamen bij ons op ’t werk, zegden ze ‘Gute morgen’ maar als er een andere Duitser bij ons was, dan ging de arm naar omhoog en was het ‘Heil Hitler’. Ik had er een goed werk en bij brave mensen.
    Maar toch heb ik er veel meegemaakt : 17 bombardementen, ik heb schrik gehad. Het lager is gans uitgebrand. Ik had niets meer, van huis hebben ze dan kleren moeten opsturen. Gust Neutjens, die ginder ook in Berlijn was, kwam af en toe op bezoek om zich eens grondig te wassen. Hij heeft voor mij een valies gemaakt van triplex, de scharnieren heeft hij van een WC-deur gehaald. Die valies bewaar ik nu nog, dat is een familiestuk.
    Na 11 maanden mocht ik dan in 1943 in verlof komen.

    Vervolgt met “’t Voor in Nieuwenrode”.

    Foto’s :

    -Jules en Melanie “Nieke” Boonen-Beullens.

    -Luitenant Constant Huysmans.

    -De vernielde brug van Kapelle-op-den-Bos in 1940. (Foto : Frans De Gendt)

    -Zijn lief, maar ’t was nog niet aan…

    -Gust Nuytkens en zijn echtgenote Julia Van Erp voor hun huisje in het Pensenstraatje.











    16-08-2018 om 09:33 geschreven door Marcel Van Hoof

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (1 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    15-08-2018
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Vervolg : Leestenaars in de Tweede Wereldoorlog.

    Wijzigingen – aanvullingen Kronieken van Leest.

    1940 – Leestenaars in de Tweede Wereldoorlog

    Florent “Florang” BOONEN

    Op 8 mei 2018 bracht ik samen met Hugo Lauwens en zijn vader Rik een bezoek aan Florent “Florang” Boonen en zijn echtgenote Josephine Van Asch in de Lareveenstraat te Zemst-Laar, in het ouderlijk huis van haar ouders.

    Rik en Florent zijn al jarenlang bevriend en de bedoeling was om oorlogservaringen uit te wisselen. Die van Rik zijn hierna terug te vinden, Florent had over dat item minder te vertellen maar des te meer over zijn leven en ervaringen als melkboer.

    Florent is een zoon van de melkhandelaar uit de Kouter Frans Hendrik Boonen (°Leest 24/5/1891, +Leest 27/2/1963) en Louise Siebens (°Nieuwenrode 23/2/1894, +Leest 10/4/1969).
    Dit echtpaar zette naast Florent nog twee kinderen op de wereld :
    -Jules Boonen, gehuwd met Nieke Beullens (kinderen : Marie-Louise, Francois en Vera).
    -Victorine Boonen, gehuwd met Herman Rheinhard (kinderen : Jos, Gerda en Wilfried).
    -Een vierde kind werd in het gezin opgevoed : Miel Jacobs (°1931) maar iedereen noemde hem Miel Boonen en voor zijn gezinsleden was hij “Onze Miel”. Deze jongen was een zoon van buur August “Gust” Jacobs bijgenaamd “den Ossenboer” (°Leest 8/9/1886), een man met een dubieuze reputatie. Bij Virginie Diddens had “den Ossenboer” 6 kinderen gemaakt en 3 bij Marie Van Loo. Vader Boonen ontmoette het verwaarloosde kind in een café en overmand door medelijden nam hij het mee en op in zijn gezin.
    Later wilde den Ossenboer zijn zoon terug maar die weigerde kordaat en bleef voor altijd onvermurwbaar en bij zijn pleegouders wonen.
    Miel Jacobs huwde met een (?) Van Dijck die hem drie kinderen schonk : Rudi, Dirk en Steven. Miel was beroepsmilitair en werkte een tijdlang in de haven van Antwerpen.

    Florent “Florang” Hendrik Boonen was te Leest geboren op 9 april 1925 en hij huwde in 1948 met Josephine Van Asch die geboren was te Zemst-Laar op 27 september 1925. Het echtpaar kreeg één zoon : Francois, boekhouder bij Esso.

    Vader Boonen baatte een lucratieve melkhandel uit met een ruime klantenkring in Mechelen en de periferie en daarbij kreeg hij hulp van zijn jongste zoon. Na zijn huwelijk met Josephine trok deze laatste bij haar schoonouders in en ze hielp haar man en schoonvader met de melkronde. Het eerste jaar van hun huwelijk werkten Florent en Josephine nog pro deo, voor kost en inwoon. Het tweede jaar kregen ze de helft van de verdiensten maar het derde jaar liep het scheef. Vader Boonen kon het werk niet meer aan maar weigerde zijn zaak, die al een hele tijd volledig gerund werd door Florent en Josephine, door te geven. De ruzie escaleerde en het jonge paar vestigde zich bij haar ouders in Zemst-Laar en bouwde van daar uit de zaak verder uit. Later zou er gelukkig een verzoening komen tussen de beide partijen.
    Toen hij zijn vader begon bij te staan was Florent amper 14 jaar.
    In het begin leverden we nog een tijdlang met de hondenkar vertelde Florent. Later met paard en kar en uiteindelijk met verschillende wagens. Respectievelijk een FN, een Ford, nog een Ford, drie Volkswagens en twee Citroëns.
    In het begin was de melk afkomstig van eigen koeien en van de koeien van de buren. Ze werd fris gehouden door de kruiken onder te dompelen in een welput (bornput).
    De concurrentie was hard, alleen al in Leest-Dorp waren er 5 melkventers actief, maar de ronde van Florang en Josephine situeerde zich vooral in het centrum van Mechelen waar ze de meeste winkelstraten bevoorraadden en vooral bij de horeca goeie zaken deden. Toen het “gasthuis” van Mechelen een aanbesteding uitschreef voor een zuivelleverancier werd dit contract totaal onverwacht in de wacht gesleept door Florent en Josephine. Meer dan 15 jaar lang zouden ze het ziekenhuis in de Keizerstraat voorzien van melk, boter en eieren.
    Na een tijd kon moeder Josephine de melktoer van de Heffenaar Tooten overnemen en een hele tijd lang was het zeven op de zeven dagen hard werken van zes uur ’s morgens tot acht uur ’s avonds. Josephine werkte simultaan met een “triporteur”, een driewielige bakfiets die ze voortduwde.
    Dagelijks zetten ze meer dan 20 kg boter, 200 liter melk en 400 eieren af. Daarbovenop nog vele kilo’s aardappelen..

    In 1990, na 51 jaar deur-aan-deur verkoop, zette Florent een punt achter zijn broodwinning en kon zich opnieuw toeleggen op zijn tuin en akkers, terwijl Josephine zich opnieuw kon bezighouden met haar oude liefde het naaien.

    De Oorlog.

    Veel herinneringen aan de oorlog heeft Florent niet meer. Toen Louis Symons “De Pitte” op de vlucht vertrok, op weg naar de provincie Brabant, met een hoog volgeladen kar achter zijn pony, torende daar bovenuit het hoofd van pastoor Beukelaers die op die kar had plaatsgenomen.
    Een hilarisch beeld vond Florent dat en onvergetelijk…
    Schrikken deed hij toen er plots drie Duitsers per fiets op hun erf stonden.
    De eerste bezetters die hij te zien kreeg.
    Hij was er ook getuige van hoe, op het einde van de oorlog, de amper 18-jarige Tony Teughels plots van achter de pastorij kwam opdagen met twee Duitse soldaten in burgerkledij die hij had gevangen genomen. Tony was gewapend met een geweer en de Duitsers hieven hun armen heel hoog ten teken van overgave.
    Wat ze niet bemerkt hadden was dat het geweer waardeloos was, de trekker ontbrak…

    Antoon “Tony” Teughels was een zoon van Door Teughels uit de Roozelaar en zou in 1947 Jef Rheinhard opvolgen als koster van Leest. Hij trouwde met de uit Hombeek afkomstige Maria Publie die hem vijf kinderen zou schenken.
    Toen het gezin in 1952 naar Hombeek verhuisde zegde hij zijn kerkdienst in Leest op.Tony Teughels overleed als 58-jarige te Mechelen bij de zusters Franciscanessen in de Katelijnestraat op 24 mei 1985. Hij werd te Leest begraven maar zijn sobere grafsteen werd er in 2001 verwijderd.
    De daad van de jonge Leestenaar wekte in Leest veel bewondering op.
    De reden van zijn interventie lag in het feit dat hij de Duitsers had betrapt op plundering.

    In die tijd was het de gewoonte dat de boeren hun jonge aardappelen in zakken aan de straatkant plaatsten waar ze vlot konden worden opgehaald.
    Er werd toen een “Boerenwacht” in het leven geroepen.
    Die bestond uit twee vrijwilligers die ’s nachts de wacht optrokken.
    Ook Florent maakte deel uit van de Boerenwacht. Meestal vormde hij een team met Torre Somers of Torre Beullens.

    Hierna volgen de ervaringen van Florent’s broer Jules Boonen.

    Foto’s :

    -Florent Boonen.

    -In de schuur bewaren ze hun oude bakfiets.

    -Tony Teughels.

    -Je zou het hen niet aangeven : Florent is 93, Josephine  in september.











    15-08-2018 om 08:37 geschreven door Marcel Van Hoof

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (1 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    06-08-2018
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Vervolg : Leestenaars in de Tweede Wereldoorlog.

    Wijzigingen – aanvullingen Kronieken van Leest.

    Leestenaars in de Tweede Wereldoorlog.

    Enkele Leestenaars hebben hun oorlogservaringen, soms uitvoerig, soms beknopt, neergeschreven of doorverteld. Van anderen hebben we enkele noemenswaardige, niet exact gedateerde, weetjes opgevangen.
    Vooraleer de chronologie van 1940 aan te vatten komen hierna hun ervaringen tijdens de Tweede Wereldoorlog aan beurt.
    Achtereenvolgens komen aan bod :

    -Beullens Pieter Jozef “Jef”, de pachter van het Hof ten Broecke.

    -Boonen Florent, melkhandelaar.

    -Boonen Juul, diens broer, uit de Kouter.

    -De Bruyn “Bruinke” Frans.

    -De Laet Georges uit de Scheerstraat.

    -De Prins Ferdinand “Nante den beenhouwer”.

    -Fierens Jan uit de Winkelstraat.

    -Huysmans Jacob Albert “Bert” (“Anselms Jedrie”).

    -Lauwens Hendrik “Rik” uit de Kouter.

    -Polspoel Frans uit de Vinkstraat.

    -Selleslagh Raphäelle “Raf” (°13/1/1933) uit de Dorpstraat.

    -Strykowski Jacques uit de Larestraat.

    -Teughels Frans “Susse”, van de gelijknamige schrijnwerkerij uit het dorp.

    -Van den Broeck Constant, “Stanne” de eeuweling uit de Scheerstraat.

    -Van Hoof Victor, de laatste “garde” van het autonome Leest.

    -Veiller Georges “Jos”, de waard van café “De Zwaan” (Later “Vivelamour”).

    -Verbruggen Willy van de Warande.

    Verder in de Kronieken per datum :

    -10/4/1942 : Clement De Rooster (Grondvergunning voor familiekelder).

    -5/4/1943 : Maria Van Dam, slachtoffer van het luchtbombardemert op Mortsel.

    -26/4/1943 : Frans De Laet aangehouden.

    -23/6/1943 : De vliegtuigcrash aan de Kroningerhoeve.

    -12/3/1945 : Franciscus Van der Elst vond de dood in concentratiekamp.

    Pieter Jozef “Jef” BEULLENS.

    Jef Beullens was te Hombeek geboren op 9 mei 1882 als zoon van de schepene Frans Beullens (°Leest 22/6/1857, +Leest 5/8/1931) en van Maria Victoria Neefs (°Hombeek 29/9/1856, +24/9/1893). Frans Beullens was vader van 13 kinderen toen zijn eerste echtgenote overleed. Hij hertrouwde te Leest op 14 mei 1895 met zijn meidje Joanna Maria De Hertogh die hem op haar beurt nog 14 kinderen schonk. Van het 25ste was koning Albert peter en het jongetje werd dan ook naar zijn peter genoemd zoals dat toen de gewoonte was.
    Op de derde oorlogsdag, 12 mei 1940, sneuvelde deze Albert, op Sinksendag, te Lummen. Hij was soldaat bij het 36ste Linieregiment (zie foto).

    Jef, pachter van het eeuwenoude Hof ten Broecke, zorgde, zoals zijn vader, ook voor een kroostrijk gezin. Hij was gehuwd met Maria Clementina Robijns (°Kapelle-op-den-Bos 20/3/1887, +Blaasveld 25/8/1949) (zie foto).

    Het geweer van vader Beullens.

    Jef Beullens had een jachtgeweer en daar was hij trots op. Reeds in het begin van de oorlog verplichtten de Duitsers het gemeentebestuur om alle wapens in de gemeente aanwezig, op te halen en in te leveren.
    Jef weigerde tot groot ongenoegen van zijn eega en uiteindelijk kwamen ze tot de overeenkomst dat hij het zou begraven onder een grote boom in hun tuin.
    Zo gezegd, zo gedaan. Niet lang nadien werd hun huis omsingeld door gewapende Duitsers en de hele familie werd, toeval of niet, tegen de bewuste boom geplaatst.
    Waar is dat geweer ?” brulde een feldwebel.
    Wij hebben geen geweer, nooit gehad” antwoordde Jef met bibberende stem.
    De Duitsers hielden hun wapens gericht op de pachter en zijn vrouw en kinderen die doodsangsten uitstonden. Uiteindelijk hebben ze Jef geloofd en zijn ze vertrokken.
    Achteraf vertelde Rachel Beullens tegen haar oudste dochter Marieke De Veirman : "Hadden ze dat geweer gevonden, dan waren wij er allemaal aan geweest…”
    Nog heel lang heeft ze aan dat voorval angstdromen overgehouden.
    Wie de Duitsers getipt had hebben ze nooit kunnen achterhalen.

    Johnny.

    Toen hun paard door de Duitsers was opgeeist en om de continuïteit van het werk te verzekeren vond vader Jef de oplossing in Tienen. Daar konden ze een os op de kop tikken die hun paard moest vervangen.
    Johnny werkte even goed als een paard.
    Hij was braaf en intelligent en de hele familie hield van hem. Als hij, bij winterachtig weer, moest plassen, maakte dochter Pauline steevast gebruik van de eindeloze warme waterstraal om haar handen te warmen.
    In 1944 stapte Johnny met één van zijn poten in een balein en liep een ontsteking op.
    Tot groot verdriet van de familie moest hij worden afgemaakt.
    De slachter was Frans De Schoenmaecker, de vader van de bekende beroepsrenner en knecht van Eddy Merckx, Jos De Schoenmaecker.

    Vervolgt met Florent “Florang” Boonen.

    Foto’s :

    -Albert Beullens, een halfbroer van Jef, sneuvelde op Sinksendag 1940.

    -Jef Beullens en Maria Clementina Robijns.

    -De omvangrijke familie Beullens met bovenaan van links naar rechts : Sooi, Rachel, Louis, Jet, Frans, Marie, Roos en Torre.
    Onderaan : Nie, vader Jef Beullens, Moeder Maria Clementina en Pauline.

    -Johnny aan het werk. Rechts zoon Torre en vader Jef.

    -Dochter Pauline die niet afkerig was van Johnny’s warme waterstraal.











    06-08-2018 om 11:48 geschreven door Marcel Van Hoof

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (1 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.

    Wijzigingen – aanvullingen Kronieken van Leest.

    1940.

    Het jaar dat de Tweede Wereldoorlog begon.

    Dit jaar was geen jaar zoals een ander. Op vrijdagochtend 10 mei 1940 om halfzeven kwam het radiobericht : “Duitse troepen zijn België binnengevallen”.
    Eben-Emael, het modernste Belgische fort, cruciaal voor de verdediging, was onaangekondigd aangevallen door Duitse parachutisten.
    Duitse troepen hadden op dat ogenblik Tsjecho-Slovakije, de helft van Polen en heel Denemarken in handen en vochten in Noorwegen.
    België had in september 1939 zeshonderdduizend man onder de wapens geroepen waardoor het economische leven nagenoeg werd lamgelegd.
    Ondanks talrijke waarschuwingen dat een Duitse aanval op handen was, werd op 9 mei 1940 het normale verlofstelsel voor de soldaten ingevoerd en de dag erna vielen de Duitsers België, het groothertogdom Luxemburg en Nederland binnen.
    Franse en Britse versterkingen trokken ons land binnen in de hoop de Duitse aanval te stuiten, maar slechte organisatie en coördinatie verhinderden een succesvolle samenwerking.
    De Duitse aanval en vooral de snelle successen van de Blitzkrieg joegen honderdduizenden mensen op de vlucht en zorgde voor een ware schokgolf in ons land.
    In het kader van de “Vijfde-Kolonnepsychose” hielden de Belgische autoriteiten talrijke verdachten aan. Belgische nieuwe Orde-leden, communisten, Duitse spionnen en naar België gevluchte Joden werden systematisch opgepakt.

    Op 10 mei wierpen Duitse vliegtuigen bommen uit over Mechelen.
    Op 15 mei capituleerde Nederland waardoor Duitse troepen vrijkwamen voor de aanval op België.
    Op 17 mei werden Mechelen en Brussel veroverd, op 18 mei Antwerpen, op 23 mei viel Gent in Duitse handen.
    Achttien dagen na de Duitse inval capituleerde koning Leopold III onvoorwaardelijk. Hij weigerde zijn regering in ballingschap te volgen : het begin van wat later de Koningskwestie zou worden. Ongeveer 6.000 Belgische soldaten en ongeveer evenveel burgers hadden het leven gelaten door de militaire operaties.
    De Britten waren ondertussen ingescheept vanuit Duinkerke, maar ook vanuit Oostende, Nieuwpoort en De Panne vertrok men richting de Engelse Kanaalkust.
    Het Franse leger staakte de strijd op 22 juni.
    Ruim 225.000 Belgische militairen werden naar Duitse gevangenenkampen gebracht.
    Na enkele maanden werden de meeste Vlamingen vrijgelaten.
    De bezetting zou duren tot de uiteindelijke bevrijding op 1 oktober 1944.
    Later werd nog een deel van België bezet tijdens het Ardennenoffensief.
    België bleef, samen met Noord-Frankrijk tot 7 juni 1944 onder militair bestuur en de Pruisische generaal Freiherre Alexander von Falkenhausen werd als militair gouverneur aangewezen.
    Direct na de inval werd er een oproep gedaan om in Duitsland te gaan werken.
    In België zaten 500.000 mensen zonder werk, terwijl er in Duitsland volop werk was in de oorlogsindustrie. Velen gingen noodgedwongen vrijwillig op de oproep in.
    Op 6 oktober 1942 werd er een verplichte tewerkstelling afgekondigd. Mannen tussen 18 en 50 jaar en vrouwen tussen 21 en 35 jaar konden opgevorderd worden. Dat leidde tot massaal protest en zorgde ervoor dat velen onderdoken om aan de opvordering te ontkomen.(Knack van 8/5/2002 en Wikipedia)

    Slachtoffers.

    In “De Band” vonden we een lijst van de soldaten en burgers die in de Tweede Wereldoorlog voor het vaderland gestorven zijn.

    Soldaten :

    -Beullens Pieter Albert, soldaat van het 36ste Linieregiment. Geboren te Leest 3/6/1909, gesneuveld te Lummen op 12/5/1940.

    -Brugghemans Pieter Jan, geboren te Leest op 6/4/1914, gesneuveld te Kessel-Lo op 14/5/40.

    -Janssens Albert Jozef, geboren te Leest op 16/5/1910, gesneuveld te Oostende 27/5/1940.

    -Van Winghe Emiel, geboren te Leest 24/10/1919, gevallen bij de scheepsramp van Willemstad op 31/5/1940.

    Burgers :

    -De Prins Frans Roger, geboren te Mechelen op 16/10/1925, gevallen in een luchtbombardement te Grand Fort Filippe (Fr) op 25/5/1940.

    -Ernemann Bernard Lud. Cecilia, 54 jaar oud, gevallen op zee op 11/11/1943. Geen verdere details van teruggevonden.

    -Janssens Hendrik L.F., geboren te Mechelen 5/2/1915, gevallen bij een scheepsramp te Willemstad (Nl) op 7/6/1940.

    -Van den Brande Maria Nathalie, geboren te Leest 3/3/1898, slachtoffer van een V-bom in de nacht van 27 op 28 oktober 1944.

    -Verbruggen Joannes, geboren te Leest 17/11/1890, echtgenoot van Maria Van den Brande, slachtoffer van dezelfde V-bom in de nacht van 27 op 28 oktober 1944.

    -Verbruggen Lodewijk, geboren te Leest 17/6/1927, zoon van voorgaande, slachtoffer van de bom in de nacht van 27 op 28 oktober 1944.

    -Vloebergh Remy Albert, geboren te Leest 29/10/1916, gesneuveld te Calais (Fr) 11/6/1940.

    Archief Provincie Antwerpen.

    De gebeurtenissen in 1940

    1. Leest bleef gans buiten de beschouwingen van het Belgisch militair gezag en er werden geen verdedigingsmaatregelen genomen.

    2. Ook in de meidagen ’40 hadden alhier geen andere gebeurtenissen plaats dan dat de Genie op 17 mei ’40 te 12 uur de Zennebrug liet springen. Drie gebouwen in de buurt van die brug werden verwoest.

    3. Als burgerlijke slachtoffers dier dagen te vermelden : Vloebergh Remi Albert, 25 jaar oud, die te Kales omkwam. De Prins Frans Roger, 14 jaar oud, gedood te Grand Fort Philippe. Ernemann Bernard Lud. Cecilia, 54 jaar oud, op zee omgekomen. Verbruggen Jan, 54 jaar oud, die de dood vond te Leest. Verbruggen Louis, 17 jaar oud, omgekomen te Leest. Van den Brande Maria Berthilia, 46 jaar oud, omgekomen te Leest.

    4. Als militairen uit onze gemeente die sneuvelden in de meidagen ’40 hebben we te vermelden : Beullens Pieter Albert, gevallen te Lummen. Janssens Albert Joseph, gevallen te Oostende. Brugghemans Pieter Jan, gesneuveld te Kessel-Lo. Van Winghe Emiel Louis Emerantia, omgekomen te Willemstad (Nederland).

    De bezettingstijd.

    1. Merkwaardige gebeurtenissen hebben zich in onze gemeente niet voorgedaan in deze periode. Ten hoogste kunnen wij verpalingswerken vermelden in augustus ’44 uitgevoerd door de Firma De Rooster.

    2. Verscheidene malen had onze gemeente te lijden onder bombardementen : de Kapellebaan werd gebombardeerd op 10 mei ’40 te 19 uur. Hertveld, V1 op 28 oktober 1944 te 3 uur. De Kouter kreeg brandbommen op 19 april ’44. De Alemstraat werd gebombardeerd op 1 mei 1944 te 23u30.

    Heel het gemeentebestuur bleef in functie gedurende de bezetting.
    Verwikkelingen met “zwarten” kwamen in onze gemeente niet voor. Ook vielen geen inwoners als slachtoffers van Duits geweld en gevangenschap.
    Een paar arbeiders werden naar Duitsland meegevoerd : Voet Jan, Van Camp Lodewijk, De Laet Frans en Vloebergh Jaak.

    Onze gemeente kende de bezetting door Duitse troepen : Genietroepen in 1940, Cavalerie in 1941 en gemotoriseerde eenheden in 1941. Zij werden op de hoeven ondergebracht.
    De oversten zijn niet bekend.
    Twee klokken van de gemeente werden uit de toren gehaald : de grote en de kleine klok.
    Verder had onze gemeente opeisingen van 5 fietsen, van paarden, van hooi en van prikkeldraad.

    De bevrijding.

    Zonder verwikkelingen en verwoestingen werd onze gemeente bevrijd op 4 september 1944 te 11u30 door Engelse regimenten.
    Burgerlijke slachtoffers vielen niet te betreuren.
    De rol van de Witte Brigade heeft zich beperkt tot het bewaken van de Zennebrug.

    Na de bevrijding.

    We vermelden de aanhouding van enkele “zwarten”. Verder bleef alles kalm.
    Geen uitspattingen bij die gelegenheid.
    Geen verdere bezetting door geallieerde militairen. Geen thuiskomst van politieke gevangenen. Slechts drie vliegende bommen zijn op ons gebied neergekomen : een V1 op het Hertsveld op 28 oktober 1944 om 3 uur, en twee in de Bist. Drie slachtoffers vielen er. Een huis werd vernield en drie andere huizen werden beschadigd. Over oorlogsgebeurtenissen werd tot nog toe niets gepubliceerd. (Deze gegevens waren afkomstig van de gemeente Leest.)

    Vervolgt.

    06-08-2018 om 08:50 geschreven door Marcel Van Hoof

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (1 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.

    Wijzigingen – aanvullingen Kronieken van Leest.

    1939 – 20 augustus : 20ste IJzerbedevaart.

    "Op de 20ste editie van de IJzerbedevaart las Juliaan Platteau een lijst af met namen van gemeenten die er in hadden toegestemd dat de namen hunner gesneuvelden in de IJzertoren mochten komen. Ook Leest werd afgeroepen. (GvM, 21/8/1939)

    1939 – 30 augustus – GvM : Bevindingen van archeoloog J. Uytterhoeven.

    “…in de maand januari 1939 groef een boer, bij het uitzavelen van den Berg der Warande, hier op ons gehucht Battel, een Belgo-Romeinsche begraafplaats uit. Dank zij het inititatief van den heer WUYTS, toen gemeentesecretaris te Leest, kwamen een kruik en een schoteltje in mijn bezit. Deze keramiek behoort volgens Dr J. Breuer van het Museum Jubelpark, tot het einde der 2de , begin 3de eeuw. Vroeger werden daar nog dergelijke vondsen gedaan, zooals ik ter plaatse vernam en er doet nog steeds een vertelsel de ronde over een ‘Gouden Zadel’ dat er zou bedolven liggen…”

    1939 – 4 september : Openbare verkoop bij gedwongen onteigening.

    Gemeente Leest.- Vloeibeemd

    Koop 5 : een perceel vloeibeemd ter plaatse ‘De Groote Bleuken’, ten kadaster gekend wijk A deelen van nr 487 a en 488, groot 67 a 75 ca. De verkoop vond plaats in de verhoorzaal van het Vredegerecht in de Keizerstraat te Mechelen. (GvM, 31/8/1939)

    1939 – 11 oktober : Wipschutting te Leest.

    Ons Vermaak.- 44 schutters.
    Hooge : Valkaerts (Duffel)
    Zijden : Vervloesen en Van Beveren
    Kallen : De Groot en K. Leemans.
    (GvM, 12/10/1939)

    1939 – Zondag 12 november : Alfons Verbruggen zeer ernstig gekwetst.

    “Zondagavond deed zich te Willebroek een zeer ernstig verkeersongeval voor. De autobestelwagen van de brouwerij Van Roey uit Wieze, kwam langs den Dendermondschen Steenweg gereden, waar hij in botsing kwam met den auto, gevoerd door Van Hecke uit Zwevegem. Door de geweldige aanrijding werd de auto op de fietsbaan geslingerd waar zich op dit oogenblik juist de wielrijder Verbruggen Alfons, 43 jaar, landbouwer, wonende te Leest, Tinneschuurstraat, bevond, die ten gronde werd geslagen. De fietser werd door toegesnelde personen opgenomen en met vreselijke verwondingen en gebroken been naar het gasthuis te Willebroek ter verdere verpleging overgebracht. Een streng onderzoek werd ingesteld.”
    (GvA, 15/11/1939)

    1939 – 20 november : Uitslagen wipschutting Leest.

    Ons Vermaak – 48 schutters
    Hooge : Leemans (Leest)
    Zijden : Em. Janssens, J. Dentje
    Kallen : Vloeberghs, Pepermans
    Laatste : Pandoer.
    (GvM, 23/11/1939)

    1939 – 7 december – GvM : Voor onze Leestsche gemobiliseerden.

    “Zooals er in alle steden en dorpen organisaties en vereenigingen van het land overvloedig steun wordt verleend aan de weder-opgeroepenen onder wapens, wil ook de gemeente Leest niet ten achter blijven om hare circa 120 gemobiliseerden (1/15 der bevolking), geldelijk of in natura te steunen. Een geldinzameling werd reeds gedaan en van het bedrag zal men tot Paaschen degelijke lectuur aan onze jongens kunnen verstrekken. Nu wordt er alweer geijverd, doch thans voor ‘Het Pakje voor den Soldaat’. Daarom wordt er op zondag 17 december, een speciale Bal-avond ingericht, ten voordeele van de Leestsche wapenbroeders. Het gemeentebestuur hoopt op een flinke opkomst, vanwege de inwoners alsmede dezer der omliggende gemeenten, ten einde elke gemobiliseerde overmatig te kunnen bevredigen.”

    1939 – Nacht van 10 op 11 december : Dieven aan het werk.

    In den nacht van zaterdag op zondag zijn dieven binnengedrongen in een 3-tal woningen te Leest. Zij drongen eerst binnen bij F. De Prins, beenhouwer, waar zij een som van 1000 fr., 3 gouden ringen, een gouden armbanduurwerk en een hesp hebben kunnen buitmaken. Wat verder, bij T. Vloebergh, café “In ’t Kruispunt”, namen ze de schuiflade met geld en al mede, met nog twee pakken sigaretten. De schuif werd later op het veld teruggevonden. Bij P. Van den Eede, café “In den Boerenhandel”, drongen de booswichten binnen, zonder veel buit te maken.” (GvM, 12/12/1939)

    Hierna : Leestenaars in de Tweede Wereldoorlog.

    Foto’s :

    -De toenmalige gemeentesecretaris van Leest Louis Wuyts bezorgde archeoloog Uytterhoeven enkele antieke voorwerpen.

    -Beenhouwerij De Prins.

    -Café “In den Boerenhandel”.







    06-08-2018 om 08:31 geschreven door Marcel Van Hoof

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (1 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    01-08-2018
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Pater Kamiel Emmeregs (deel 2 en slot)

    Wijzigingen – aanvullingen Kronieken van Leest.

    Vervolg Pater Kamiel EMMEREGS.

    In 1957 schreef hij naar “De Band” :

    “Dat Leest een eigen maandblad bezit, wist ik wel, maar dat het reeds in ’t goud zit, dat had ik nooit vermoed ! Tussen haakjes : DE BAND mag er zijn ! IN ZIJN GENRE IS HET IETS VAN ’T BESTE DAT IK KEN. De redactie kent haar stiel en de technische verzorging is van de bovenste plank. Een pluimpje daarom voor de stille noeste werkers ! En nu komt eigenlijk de kat op de koord. Want, wat zou DE BAND van ’n oud-Leestenaar, reeds 32 jaar weg, wel willen vernemen in dit krabbeltje ? Ik heb mijn artikel maar ‘Leestse sigaren’ gedoopt, wat U vermoedelijk wel zal doen denken aan de ‘VLIEGENDE SIGAREN’ van het parochieblad, waarin ondergetekende reeds 12 jaar week na week tracht…geen blad voor de mond te houden.
    Ik weet niet of gij die rubriek regelmatig leest ; in ieder geval weet ge nu dat ge er af en toe uw zaligheid krijgt vanwege ’n oud-dorpsgenoot, die zijn herkomst camoefleert achter de naam ‘Sinjoorke’, en die, op één jaar na, sedert 1942 te Antwerpen woont.

    Een dag die ik nooit zal vergeten is 20 augustus 1939 : dag van mijn eremis. Zo geestdriftig en spontaan heeft heel onze gemeente toen meegevierd, meege…zweet (’t was die dag danig heet) en meege…dronken… ! Ik hoor de kanonskens nog bulderen, ik hoor de muzikanten nog blazen hun schoonste stapmarsjen !...

    Acht dagen daarop was ’t mobilisatie. Toen begon een andere kermis ! Mijn werk (hoofdzakelijk redactie en propaganda van ’t parochieblad) brengt mee, dat ik vrij veel op de baan ben. Naar schatting heb ik tot nog toe zowat 250.000 km afgeketst op Vlaanderen’s goede en…slechte wegen. Zo is het te begrijpen dat ik nog al eens naar Leest overwaai, meestal dan voor een soort blitzbezoek in de Tiendeschuurstraat. Mijn indruk is dan altijd : ten slotte is Leest tussen dit en 30 jaar niet heel veel veranderd. De mensen zijn er nog altijd even werkzaam als godsdienstig, twee kolossale eigenschappen waar Leest fier mag op gaan ! En waaraan ieder Leestenaar moet blijven houden. Verder hoor ik zeggen dat het meer zou moeten regenen voor de boeren, dat de patatten veel te goedkoop zijn, dat het parochiehuis goed floreert en de cafés niet minder en…dat er met de kiezing soms aardig wat haarkepluk wordt gedaan, maar dat zulks dan toch weer rap vergeten is.

    Waar IEDER Leestenaar in elk geval moet helpen voor zorgen is dat onze gemeente een door-christelijke parochie blijve ! Welja, ik kom graag naar Leest maar…die ellendige wegen er naartoe ! Ik bedoel vooral de weg via Hombeek (Hombeekse stwg) en…de wijdvermaarde autostrade Battel-Leest !...Geloof me, zo iets komt ge in heel West-Europa niet meer tegen ! En dan die sierlijke bocht, juist voor de Zennebrug ! Enkele confraters die Leest bezochten, onthouden er drie dingen van : ’n sympathiek dorp, zeggen ze, maar…die kwaaie weg vanuit Battel en die geurige Zenne, de machtige prachtige vloed, die ons dorp van Mechelen scheidt…Totdat ik zeg, dat de Zenne bevaarbaar is voor schepen van kleine tonnemaat en dat dit schilderachtig, dartel rivierke bovendien een blijvende rijkdom betekent voor de hooischuren van heel ’t gewest. Is’t waar of niet ?

    Uit mijn schooljaren te Leest herinner ik mij nog goed de drie onderwijzers, nu zowat de patriarchen van de jongensschool geworden : meester De Leers, de ‘bovenmeester’, die ons de eerste notities van tuinbouw en Frans heeft ingepompt ; meester Selleslagh, de ster van ’t hoogzaal van wie ik nog eens veel stokslagen heb gekregen ; en meester Meyers, bij wie ik niet meer in de klas heb gezeten, maar die ik heb weten starten als versgebakken onderwijzer.

    Toen ik 12 jaar was, had ik heel de universitaire cyclus der Leestse jongensschool doorlopen. Toen kwam E.H. Frans De Hondt, op dat moment professor aan ’t Klein Seminarie te Hoogstraten, zekere dag bij ons thuis binnen vallen om vader en moeder ervan te overtuigen dat ik misschien wel pastoor kon worden.
    In september 1925 trok ik dan, gelaarsd en gespoord, en bovendien geladen met 2 grote valiezen, naar Hoogstraten. Charelke Lamberts en Felix Van der Hasselt waren de twee andere slachtoffers. We reisden af als twee dikke boerkens onder ene paraplu…

                                 K. Emmeregs o.p.”

    Als vierenzestigjarige overleed hij in de Heilig-Hartkliniek te Tienen op 6 november 1977 : ‘mijn boekhouding is afgesloten, ik ben klaar. Ik ben een gelukkige dominikaan geweest,’ waren zijn afscheidswoorden. Zijn uitvaart gebeurde in de Dominicaanse Sint-Germanuskerk te Tienen op 10 november. Hij werd in de buurt begraven op het kerkhof van Bost. Op 14 november vond nog een pl. Eucharistieviering plaats in de St.-Niklaaskerk te Leest.

    Zijn gedachtenisprentje :

    Ik heb de goede strijd gestreden. Het geloof bewaard. Nu wacht mij de kroon der gerechtigheid. Deze gedachte begeleidde onze goede confrater toen we hem die zondagavond het Viaticum hebben gegeven. Zijn groot en machtig middel was de pen. Meer dan dertig jaar heeft hij de Vlaamse kerkgemeenschap met zijn pareltjes van artikels in Kerk en Leven aangesproken op een diepe en volkse toon. Hij heeft als goed dominikaan de waarheid van het geloof gediend. Om deze dienst aan zijn dierbare kerkgemeenschap had hij de achting van velen in de lande. Zijn rijke voorraad haalde hij uit zijn theologische dominikaanse vorming, gedragen door permanente zelfstudie en een pastoraal gevoed geloofsleven. Waar onze confrater ook geweest is, steeds was hij een graag opgezochte geestelijke begeleider. Vele jaren was hij de geestelijke adviseur van het godsdienstige bezinningscentrum te Tienen en tot aan zijn overlijden de geliefde geestelijke begeleider van de dominikaanse Lekenorde. Met een rustig gemoed en een mild oordeel was hij voor velen een steun en toeverlaat. Opgegroeid in een mooi christelijk gezin bleef hij steeds de guitige en trouwe broer in zijn familie. Met een dankbaar hart vertelde hij steeds over zijn familie. De kiemen van het christelijke gezinsleven schoten wortel in zijn geliefd Klein Seminarie te Hoogstraten en droegen rijke vruchten in zijn dominikaans priesterleven. Voor ons, zijn confraters, was hij een innig goede medebroeder. Als overste en econoom droeg hij jaren de zorg van de communauteit. Zijn sprankelende aanwezigheid nodigde uit tot samenwerking. Hij was zelden gejaagd en steeds bekommerd om ons samenleven. In klooster en kerk was geen dienst hem teveel. In de trouwe dienst aan onze Tiense gemeenschap zullen wij hem deerlijk missen. Heb dank, heel veel dank, goede confrater, voor alles wat u voor ons, voor de Tiense en Vlaamse kerkgemeenschap gedaan en betekend hebt. U was een trouw religieus en een goede priester. Dat Moeder Maria u moge begeleiden tot de Heer. Voor Haar hebt u steeds de gelovige aandacht gevraagd in het gebed van de Rozenkrans en de Rozenkransbedevaart. Wij blijven u vroom en dankbaar gedenken in ons gebed bij de Heer. De Paters Dominikanen en de families Emmeregs en Andries, danken u om uw vrome blijken van christelijke deelneming."

    A.Menu : Gelukkige Dominikaan.

    De jonge Kamiel Emmeregs begon zijn noviciaat bij de dominicanen te Gent op 23 september 1932. Hij was oud-leerling van het Klein Seminarie van Hoogstraten. Na zijn filosofie- en theologiestudies werd hij op 6 augustus 1939 tot priester gewijd. Hij begon zijn apostolaatsleven in het klooster van Antwerpen, verbleef een jaar te Genk en werd in 1947 geroepen naar Antwerpen-Linkeroever als medewerker van P.B. Janssens aan het Studiecentrum voor Zielzorg en Predikatie. Dat was het begin van zijn lange activiteit aan het parochieblad. In 1959 werd hij overgeplaatst naar Tienen : hij was er overste van 1959 tot 1965.
    Ik lees in de catalogus van de Vlaamse dominicanen, jaar 1973, bij de naam Emmeregs : “Procurator, promotor van de afdeling van de Dominicaanse Lekenorde, Verantwoordelijke voor het Rozenkransapostolaat, Biechtvader voor de studenten van de Normaalschool, Animator van het Centrum voor Godsdienstige bezinning te Tienen, Lid van de redactieploeg van het parochieblad Kerk en Leven, Directeur der Broeders Alexianen te Tienen”.
    De laatste jaren was zijn activiteit wel verminderd om reden van zijn gezondheidstoestand, maar hij was en bleef een mens met hart en ziel bekommerd en gegeven aan de mensen. Een rasechte dominicaan.
    Beste Kamiel, op zondag 6 november, twee uur voor uw dood, hebt gij heel eenvoudig aan uw overste gezegd : “ik ben altijd een gelukkige dominicaan geweest”. Dat was echt zo, Kamiel omdat gij altijd “waar” “echt” zijt geweest. Gij wist als zoon van een gezonde, diepchristelijke landbouwersfamilie, dat gij in alles van God afhankelijk waart. Maar gij wist vooral dat het niet ging om een verhouding van slaaf en meester maar wel om een verhouding van liefhebbende vader en uitverkoren kind.”

    Die overtuiging hebt gij gevoed en verdiept door de Dominicaanse leer en spiritualiteit van Gods genadigheid, van de primauteit van de genade. Daarom zijt gij onze Orde zeer dankbaar geweest, waart gij fier dominicaan te zijn.”

    “Daarom was uw leven een leven van gebed : ontmoeting met God in bewonderend beschouwen, in dankbare en vreugdevolle lofbetuiging voor zijn grote heerlijkheid. Die begeestering voor God dreef U en sterkte U om U met blijheid en volledige toewijding te geven aan al wie U toevertrouwd was of met U in aanraking kwam.”

    “Omdat Gij een gelukkig dominicaan waart, bewust van Gods genadige barmhartigheid, waart ge zelf barmhartig, zonder daarom het kwaad goed te praten. Gij waart, als Nathanaël uit het Evangelie iemand in wie geen bedrog was. – Gij liet U niet ontmoedigen door tegenslag, tegenkanting, onbegrip, lijden en afzwakken van uw werkbekwaamheid, want gij geloofde in de almacht van Christus’ machteloosheid op het kruis.”

    “Kamiel, wij danken U voor wat gij voor ons zijt geweest ; samen met U danken wij God voor uw schoon en gelukkig leven; Wij zijn blij omdat gij nu voor altijd met God en voor ons leeft.”

    M. Van Helsen : Sinjoorke.

    “Voor het eerst hadden we met elkaar contact toen ik dertig jaar geleden op het parochieblad terechtkwam. Ik zie hem nog in zijn witte pij, met tintelende ogen achter de bril, glimlachend en steeds behulpzaam om een mens wat thuis te brengen in de doolhof van het blad. Maar hij was niet veel thuis in de zandput op de oude pastorie van St.-Anna. Steeds zeer actief bezig met de redactie van het parochieblad was hij ook regelmatig op de baan, pastoors bezoekend, om propaganda te maen voor het parochieblad. De zondag zelf preekte hij veelal in een van de vele parochies.
    Geen hoekje van Vlaanderen was hem onbekend. Op de tafel van de administratie deponeerde hij na elke tocht een mooi gedetailleerd verslag met alle nodige gegevens om weer in een aantal parochies met het blad te starten. Samen met enkele andere dominicanen verrichtte hij het pionierswerk voor het parochieblad. Als redactiesecretaris verbeterde hij zelf wekelijks de drukproeven, zocht de foto’s uit en stond aan de steen naast de invormer van het blad. Hiertoe dook hij regelmatig de tunnel door naar de verschillende drukkerijen waar het parochieblad destijds werd gedrukt.
    Hij kon zich erg verheugen in het groeiend aantal parochies en abonnementen en de uitbreiding die stilaan aan de plaatselijke kroniek en het aantal bladzijden kon gegeven worden. Ook alle publicaties, buiten het parochieblad, hadden zijn belangstelling en werkten mee aan de dienst perskeuring. Hij was op de hoogte van al wat gepubliceerd werd in tijdschriften en boeken. Intussen vond hij nog af en toe de tijd om met enkele mensen van de parochie nog wat gregoriaans in te oefenen voor de zondagsviering.
    In feite kende iedereen en niemand u. Iedereen kende Sinjoorke, schrijver van de cursiefjes in het parochieblad onder de titels “Spijkertjes”, “Vliegende Sigaren” en “Vrij Commentaar”. Maar praktisch niemand, buiten zijn eigen omgeving, wist dat pater Emmeregs de auteur was en daar kon hij zich heimelijk in verheugen. Zo had hij een gesprek met een aantal priesters over de teksten die Sinjoorke schreef, maar ondanks al de lof hiervoor bleef hij verzwijgen dat hij het was. Hij stond niet echt graag in de belangstelling, bescheiden zoals hij steeds geweest is.

    Sinjoorke was voor velen een begrip. Op een volkse manier en met de nodige dosis humor – die hem steeds heeft gekenmerkt- schreef hij over al wat de kerk en mens aangaat. We vragen ons af of er nog wel onderwerpen zijn waarover hij gedurende die 32 jaar zijn pen niet heeft geroerd of zijn ‘zegje’ heeft gehad. In het begin van de vijftiger jaren had hij het regelmatig aan de stok met de linkse pers. Tot het einde van de jaren vijftig bleef hij zich actief inzetten voor het parochieblad. Dan kreeg hij een andere taak toegewezen te Tienen. Maar zijn kroniekje bleef hij schrijven. Ze werden nog steeds gretig gelezen dat bewezen de vele brieven die we ook nu nog regelmatig naar Tienen moeten doorzenden. Hij maakte er een erezaak van op elke brief persoonlijk te antwoorden, ook al waren het al eens negatieve reacties. En al was hij dan niet meer zo rechtstreeks met het parochieblad verbonden, steeds bleef hij zich interesseren voor het blad, het aantal parochies, de oplage, de plannen voor de toekomst. Hij was de laatste jaren duidelijk wat ouder geworden en hij voelde dit zelf ook wel, maar in zijn kroniekjes was dat niet altijd te merken. Toch kwam hij nog steeds glimlachend binnen voor de maandelijkse vergadering van de uitgebreide redactieraad. Met de nu startende vernieuwing van de drukkerij keek hij hoopvol uit naar de resultaten. En zoals hij onlangs nog zelf schreef, bij gelegenheid van de dag van de media, heeft hij, naast de gewone dagelijkse dingen, mee de geschiedenis verteld van Kerk en land van de laatste dertig jaar. Van in de tijd van repressie, koningskwestie, schoolstrijd, Kongo, naar het Concilie, de post-concillaire tijd en de evolutie inzake moraal, theologie en pastoraal. Dit alles heeft hij omgezet in een duidelijke, begrijpelijke en volkse taal, gekruid met schalkse humor, maar soms ook hard er tegenaan.

    Twee van zijn laatste kroniekjes handelden over de dood en eeuwigheid waar hij zelf, onverwacht, zo dicht bij stond. Wij zouden U durven aanzetten, lezer, de nummers 41 en 42 van Allerheiligen nog eens op te diepen en op de voorlaatste bladzijde te lezen wat hij schreef over de ‘Tuin van Vrede’. In deze tuin rust voor eeuwig de priester die zich steeds met de glimlach heeft ingezet om Gods boodschap op een eenvoudige manier bij zoveel mogelijk mensen te brengen."

    De hoofdredacteur van “Kerk en Leven”, Felix Dalle publiceerde volgend IN MEMORIAM :

    “Ik heb u vooral gekend als medewerker van KERK EN LEVEN. Uw leven was getekend door het parochieblad, 32 jaar hebt u onder de schuilnaam SINJOORKE wekelijks, stipt, uw bijdrage geleverd aan ons blad. U hebt er nooit een decoratie voor gekregen, maar u zou die nooit hebben willen dragen op uw witte dominicanerkleed. Op de laatste algemene redactievergadering van ons blad was uw stoel leeg. We hebben U even piëteitsvol herdacht. Nu zullen vele lezers nog maanden lang uw naam in Kerk en Leven zoeken. Dat ze even stil worden, bidden tot de Heer en bezinnen over de vergankelijkheid van het leven. Dat is uw pothume bijdrage en we weten dat u om die korte bezinning blij zou zijn. Voor een paar maanden laten we uw stoel, uw rubriek VRIJ COMMENTAAR open.

    We waren op uw uitvaart. De dominicanerkerk in Tienen, die de uwe was, is voor een goed jaar volkomen uitgebrand. We weten dat ook dit u aan het hart is geslagen en dat het de grote beproeving was die de Heer van u vroeg. Misschien was dit de lanssteek in uw kommervol hart. We zullen proberen enkele van uw raadgevingen in piam memoriam op te volgen. ‘Stoor je niet aan wat ze zeggen, wanneer je je pen in trouw aan de Kerk hebt gebruikt !’ (Over de velen die u zelf lasterlijk hebben beschuldigd en pijn gedaan). ‘Probeer altijd de armsten te verdedigen !’ ‘Wees klaar in je uitspraken !’ ‘Haal het goede uit het verleden, maar kijk altijd voor je uit !’ ‘Geloof dat de Heer je zegent als je oprecht bent in je woord !’ Toen U reeds overleden was zijn in ons blad nog drie bijdragen van u verschenen : uw laatste drie van de ongeveer achttienhonderd. Uit één van die laatste schrijven we over : ‘van sommige heiligen wordt verhaald, dat zij de dood ‘lachend’ tegemoet traden. Wellicht hebben we last om dit te geloven. En nochtans, psychologisch gezien lijkt dit ten volle te doorgronden en te verwerken. Daarom ook is het, dat men in de moderne uitvaartliturgie volop vreugdevolle alleluia’s is gaan zingen.”

    Tot slot een kursiefje van “Sinjoorke”.

    “Het christelijk geloof leert ons dat we verbonden blijven met hen die zijn heengegaan. We kunnen hen helpen door ons gebed. Door voor hen een H.Mis te laten opdragen. Want, misschien waren zij, op het ogenblik dat zij ons verlieten, nog niet helemaal klaar om onbevangen voor Gods aanschijn te verschijnen. De verdiensten van Jezus’ kruisoffer, waarvan iedere eucharistieviering een werkelijke vernieuwing is, kunnen de totale loutering van onze overledenen bespoedigen, zo leert ons de kerkelijke traditie. Wat een enorme troost zit er in het christelijk leerstuk van de gemeenschap der heiligen vervat. U weet het wellicht ook : er werd de laatste jaren ontzettend veel geschreven over het mysterie van de dood. De wetenschap heeft er zich met ongewone belangstelling op geconcentreerd. Onder meer ook om te komen tot een aangepaste en verantwoorde stervensbegeleiding. Geloof het maar, dit is en blijft een bijzonder moeilijke en hachelijke opgave. Het christelijk geloof, met zijn eigen stervensbegeleiding, met zijn indrukwekkende ziekenliturgie, met zijn mooie begrafenisliturgie, is en blijft voor ons allen van onschatbare waarde, én voor de stervenden én voor hen die zij achterlaten.”

    (Bronnen : ‘LG’, ‘De Band’, ‘Kerk en Leven’ , GvM en ‘De Sint-Niklaasparochie in Leest’, W. Hellemans)

    Foto’s :

    -“Sinjoorke” in actie.

    -Pater Kamiel.





    01-08-2018 om 09:35 geschreven door Marcel Van Hoof

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (1 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.

    Wijzigingen – aanvullingen Kronieken van Leest.

    1939 – 6 augustus : Kamiel Emmeregs alias “Sinjoorke” tot priester gewijd.

    Te Leuven werd Kamiel M. Emmeregs tot priester gewijd.

    Kamiel EMMEREGS

    Duizenden zouden hem later leren kennen als “Sinjoorke” uit zijn eenvoudige en volkse artikels in het parochieblad “Kerk en Leven”. In de loop van 30 jaar zou hij meer dan 1.800 artikels neerschrijven.

    Kamiel Emmeregs was te Leest geboren op 14 april 1913 als oudste uit een landbouwersgezin van zeven kinderen. Na humaniorastudies als intern te Hoogstraten trad hij in bij de dominicanen te Gent (1932). Hij werd er geprofest als pater Koenraad (24/9/1933) en legde zijn plechtige geloften af in het Leuvens klooster (1937).

    Op 6 augustus 1939 werd hij te Leuven tot priester gewijd.
    Zijn eremis vond plaats op 20 augustus datzelfde jaar te Leest. De dag nadien moest hij onder de wapens.
    Gazet van Mechelen van 19 augustus bracht toen volgend artikeltje : Zondag 20 augustus
    1939 :

    Plechtige eremis van Kamiel Emmeregs

    Zondag a.s. zal de gemeente Leest volop in feest zijn ter gelegenheid van de H. Eeremis van den E.P. Frater Koenraad, Dominikaan, in de wereld Karel Emmeregs. Het is ruim 12 jaar geleden dat hier een priester werd gewijd. Thans is het de eerste maal dat nederige dorpsmenschen het geluk beleven een uitverkorene onder hen, een boerenzoon als E.P. Koenraad, tot de waardigheid van priester verheven te zien.

    Nu wil de gemeente Leest, als blijk van vreugde haar Godsgezant op een plechtige wijze huldigen en hem in triomf naar de parochiekerk van den H. Nikolaus brengen, waar hij het H. Misoffer om 10 uur op plechtige wijze zal opdragen. Aan de Nutting zal de H. Communie uitgereikt worden. Aan het altaar wordt de Eerw. Pater bijgestaan door twee vroegere medestudenten, thans priester. E.P. Pauwels der Dominicanen zal een gelegenheidssermoon houden. De twee maatschappijen zullen in den stoet tegenwoordig zijn, alsook de schoolkinderen, Communiebond, enz.

    Wij wenschen den jongen Pater en zijn ouders van harte geluk.”

    Kamiel Emmeregs werkte korte tijd te Genk en te Gent, langer op Antwerpen-Linkeroever (1947) en vooral te Tienen (sinds 1957) waar hij overste was (1959-1965) en van 1959 tot aan zijn dood woonde.
    ‘Midden in de oorlog’, zo schreef zijn confrater R. Van Wassenhove, ‘werd hij aangezocht om mee te werken aan het parochieblad en het ermee verbonden studiecentrum…’ Zo werd hij kerkelijk journalist. En inderdaad, meer dan 30 jaar, week na week vanaf 9 juni 1946, schreef hij bijdragen in het parochieblad ‘Kerk en Leven’ onder de schuilnaam Sinjoorke. Het werden er meer dan 1800 !

    Eerst heetten ze ‘Vliegende Sigaren’, dan ‘Spijkertjes’ en tenslotte ‘Vrij Commentaar’. In een van die stukjes schreef hij : ‘Onder meer in ‘Vrij Commentaar’ heeft het parochieblad eerlijk gepoogd een kritisch klankbord te zijn van alles wat er in ’s Heren Kerk reilt en zeilt…en dat is meer dan een beetje !’ En elders ‘(…) waar we wel allemaal zouden moeten van wakker liggen, is de vraag : hoe slaagt het christendom erin, onze razendsnelle tijd te volgen, om hem vandaag en vooral morgen met succes de evengalieboodschap te brengen.’

    In zijn Tiense periode was hij ook nog de moderator van het centrum voor Godsdienstige Bezinning te Tienen waar hij jaarlijks een tiental conferenties organiseerde.

    Vervolgt.

    Foto’s :

    -Kamiel Emmeregs geeft zijn eerste priesterzegen aan de uitgang van de parochiekerk in Leest. De mobilisatie was volop in gang. Daags na deze eremis moest hij ook onder de wapens. Geknield en rechts van de jonge pater zijn moeder Octavie Andries. (Foto : "LG".)

    -Een blijde herinnering aan zijn priesterwijding en eremis.

    -Pater Kamiel Emmeregs.

    -Tekening van Georges Herregods.









    01-08-2018 om 09:05 geschreven door Marcel Van Hoof

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (1 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.

    Wijzigingen – aanvullingen Kronieken van Leest.

    1939 – 2 februari – GvM : Uitslag wipschutting Leest.
    Liggende wip : 47 schutters.
    Hooge : Janssens (Mechelen).
    Zijden : Scheltjens en Hellemans.
    Laatsten : Scheltjens en Huyghe.

    1939 – 5 februari – GvM : Gespan door trein verrast.

    “LEEST – Aanrijding. – Aan den onbewaakten barreel van Leest-Heike, werd het gepan van landbouwer Ongenae, gevoerd door den knecht, door den trein verrast. De kar werd gansch stukgeslagen : gelukkig liepen voerman en knecht slechts lichte kneuzingen op.” (GvM, 5/2/1939)

    En dezelfde krant van 8 februari : Gespan door trein verrast te Leest aan onbewaakte overweg. “In de Tienenschuurstraat, te Leest, gebeurde ’s morgens, aan den onbewaakten spooroverweg, een erg ongeluk. Landbouwer Jozef Ongenae, van Hombeek, die door den mist het zicht belemmerd was, werd geva&t met zijn driewielkar door den reizigerstrein, die om 8 uur uit Blaasveld in de richting van Mechelen vertrekt. De ring, die het paard aan de driewielkar verbond, werd in stukken gerukt. Het is dank aan dit maneuver, dat het paard niet werd meegesleurd. Boer Ongenae mocht van geluk spreken dat hij juist den spoorweg had overgestoken.”

    1939 – 15 maart : Leestenaar benoemd tot onderwijzer in Heffen.

    “HEFFEN.- Woensdag dezer, kwam de gemeenteraad bijeen, om over te gaan tot het benoemen van een onderwijzer. Heer De Rooster, uit Leest behaalde 5 stemmen en heer Jacobs L. 4. Er werden zoo maar 20 aanvragen ingediend.” (GvM, 17/3/1939)

    1939 – 30 maart – GvM : Uitslag Wipschieting Leest.

    Lokaal Scheltjens.
    Hooge : Fr. Van Lint
    Zijden : Fr. Van Lint – De Coster
    Kallen : Pelgrims – De Bockser.

    1939 – 9 april : Overlijden van Henri Frans Willem KERO – begraven te Leest.

    “Men verzoekt ons het overlijden te melden van Mijnh. Henri Frans Willem KERO wed. van Mevr. Eudoxia BOELENS, geboren te St. Jans-Molenbeek, op 1 october 1864, overleden te Mechelen op 9 april 1939. Bediend van de HH. Sacramenten. De plechtige lijkdienst gevolgd van de bijzetting in den familiekelder te LEEST, zal plaats hebben donderdag 13 april, ten 11 ure in de dekenale kerk van O.L.Vrouw over de Dijle. Vereeniging ten sterfhuize Graanmarkt, 51, ten 10.30 ure.” (GvM, 12/4/1939)

    1939 – 6 mei – GvM : Rechterlijke Kronijk – Boetstraffelijke rechtbank Antwerpen

    Het dodelijk ongeluk te Zandhoven.

    Op 30 mei 1938 reed een autobus, waarin werklieden van het Albertkanaal, aan Zandhoven Heikant, eene melkkar het onderste boven. Er bleef een dode en 7 personen werden gewond. Meerdere personen stelden zich burgerlijke partij samen met de nabestaanden van den doode, tegen F.D.B., autovoerder te LEEST, bestuurder van de bus, in den dienst van den textieluitbater K.C. van Mechelen. De zaak werd in ’t lang en ’t breed bepleit tijdens meerdere zittingen van de achtste kamer der rechtbank. Fr. De B. kreeg met uitstel 4 maanden gevang en 700 frank boete, zijn baas werd burgerlijk verantwoordelijk gesteld en aan de burgerlijke partijen werd in totaal 277.627 frank toegekend.” (GvM, 6/5/1939)

    1939 – Zaterdag 3 juni : Burgemeestersbenoeming.

    Bij Koninklijk Besluit van 3 juni 1939 werd Emiel Verschueren burgemeester benoemd van de gemeente Leest. (GvM, 6/6/1939)

    “Zaterdag kwam de officieele mededeeling toe dat tot burgemeester van Leest benoemd werd de heer Emiel Verschueren. De nieuwe burgervader werd geboren te Leest op 31 juli 1889. Kanonschoten en klokkengelui kondigden de blijde boodschap aan.”(GvM, 4/6/1939)

    1939 – Maandag 5 juni : Gouden Bruiloft Jan Lauwers – Flor. Beulens.

    “Uit Leest. – Morgen maandag, zal de naburige gemeente volop in feest zijn, en zulks ter gelegenheid der viering van den gouden bruiloft der echtelingen Jan Lauwers en Flor. Beulens, wonende aldaar in de Winkelstraat. De geburen en dorpsgenoten willen deze blijde gebeurtenis mee maken door dapper mee te feesten, en hebben al zoo een feeststoet en zoo meer ontworpen. Om 10 uur wordt in de parochiekerk eene plechtige dank- en jubelmis opgedragen. Daarna ontvangst ten gemeentehuize, enz. De ‘Gazet’ stuurt van heden af reeds een hartelijk proficiat aan de jubilarissen ‘Jan en Flor’. En nog vele jaren hoor !” (GvM, 4/6/1939)

    1939 – Vrijdag 16 juni : Geweldige brand te Leest – Landbouwerswoning door het vuur verslonden.

    “Vrijdagnamiddag, rond 2.15 uur, is brand ontstaan in de landbouwerswoning van Jaak Fierens-Peeters, gelegen Koeistraat 6, te Leest. De bewoners waren op dit oogenblik afwezig. Voorbijgangers merkten voor het eerst de rookwolk op en verwittigden de geburen. Daar het vuur een geweldige uitbreiding nam, gelukte men er enkel in drie koeien en een kalf te redden. Gansch de inboedel en het geld werden door het vuur verslonden. De oorzaak is niet bekend.” (GvM, 17/6/1939)

    1939 – Maandag 17 juli : Gouden Bruiloft.

    Die dag vierden, te Hombeek, Hendrik Beullens en Johanna Maria Coleta Van Camp hun gouden bruiloft.
    Hendrik was geboren te Leest op 13 november 1864 en trad op 17 juli 1889 in het huwelijk met Johanna Maria Coleta Van Camp die te Hombeek geboren was op 16 april 1868. Het echtpaar kreeg 16 kinderen waarvan er op de dag van hun gouden bruiloft nog 9 in leven waren, evenals 23 kleinkinderen. Het feest werd ingezet met een Mis om 10 uur, ingezegend door pastoor Nijs in de parochiale kerk St Martinus van Hombeek. Daarna volgde een plechtige ontvangst in het gemeentehuis door het Schepencollege en de gemeenteraadsleden. De jubilaris zetelde zelf 12 jaar in de gemeenteraad. ’s Avonds bracht de Kon. Harmonie, waarvan Hendrik Beullens ondervoorzitter was, een feestserenade. (GvA, 14/7/1939) (Foto onderaan)

    1939 – 28 juli – GvM : Plaats van gemeentesecretaris te begeven.

    Plaats van GEMEENTESECRETARIS te begeven te Leest met de volgende voorwaarden : Minstens 30 jaar oud zijn op 1 augustus 1939 en geen 35 jaar geworden zijn, oud-strijders en gelijkgestelden 5 jaar meer. Belg zijn. Van goed gedrag en zeden. Diploma bezitten van bestuurswetenschappen 1ste en 2de studiejaar der prov. Antwerpen. Getuigschrift van middelbare studiën van den lageren graad. Aan zijn militieplicht voldaan hebben. Wedde volgens de wet. De gemeente bewonen zes maand na de goedkeuring der benoeming. Aanvragen met de noodige bewijsstukken per aangeteekend schrijven te sturen aan den heer Burgemeester te Leest, voor 13 augustus 1939.” (GvM,28/7/1939)

    Op 22 augustus 1939 werd Egied Bradt met 8 stemmen op de 8 verkozen tot gemeentesecretaris van Leest. (zie foto)

    1939 – 30 juli : Examenuitslagen.

    In de Provinciale Middelbare Landbouwschool Deurne behaalde Irma Selleslagh haar einddiploma met onderscheiding. (GvM)

    Foto’s :

    -Hendrik Beullens en Johanna Van Camp.

    -Egied Bradt.





    01-08-2018 om 08:51 geschreven door Marcel Van Hoof

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    30-07-2018
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Vervolg burgemeester Emiel Verschueren deel 6 en slot.

    Wijzigingen – aanvullingen Kronieken van Leest.

    Vervolg Burgemeester Emiel Verschueren (Deel 6 en slot).

    Miel Verschueren overleed te Leest op 1 februari 1975.
    L.B. publiceerde in “De Band” volgend In Memoriam :

    “Een goed en geliefd mens ging heen ! De mars van zijn overlijden op 1 februari l.l., één dag voor zijn geboortedag, deed zich als een donderslag gevoelen. Daags tevoren, bij de jaarwisseling, bracht hij deze nog door in familiekring, om in diezelfde nacht, rustig en kalm, in den Heer te ontslapen. Een dienstvaardig mens was de gemeente Leest ontvallen. Hoevelen hebben geen beroep gedaan op hem, hij stond immer ter beschikking van iedereen. Hoevelen werden er niet geholpen ? Dienstvaardigheid aanzag hij als de grootste plicht ! Het werd een grandioze uitvaart. Een overtalrijke menigte had er aan gehouden hem ter kerke te vergezellen. Onder treurmarsen, uitgevoerd door de Koninklijke Fanfare St.-Cecilia, waaraan hij gans zijn leven had gewijd, trok de droevige stoet langs de Leestse straten ter kerke toe waar de schoolkinderen een haag vormden en meewarig toekeken. Bij de intrede van de Sint Niklaaskerk werd door het zangkoor de Intredezang aangeheven en na de mis, alvorens het huis Gods te verlaten werd door de heer Polspoel, Eerste Schepen, namens de gemeente, en door een afgevaardigde van de K.F. Ste Cecilia een afscheidswoord gesproken waarin de mens van wijlen Emiel Verschueren werd belicht. Dit gebeurde mits de toestemming van Z.E.H. Pastoor. Bij het verlaten van de kerk werd het TEN PARADIJZE gezongen : “Ten Paradijze geleiden U de engelen, en in het Vaderhuis verwelkomen U de martelaren en geleiden U tot voor de troon van God in ’s Hemels Jeruzalem. Het koor van alle engelen juicht en jubelt U toe en met Lazarus, die eens zo arm was, geniet ge nu van de rust in alle eeuwigheid.” Op de dodenakker namen de muzikanten en omstaanders afscheid. EEN GOED EN GELIEFD MENS GING HEEN !

    Uit het gedachtenisprentje van Emiel Verschueren :

    “Dank, beste Vader : omdat je pichtsgetrouw samen met Moeder aan je groot gezin, het beste van jezelf hebt gegeven ; omdat je door je voorbeeld van waarheidsliefde en vergevensgezindheid, de mensen die je opzochten, kon benaderen en helpen met een mild hart en fijn begrijpen ; omdat je steeds met de nodige humor, de hardheid van het leven wist te verzachten ; omdat je op jouw leeftijd nog steeds die grote kindervriend bent gebleven, bewijs van je eenvoud en innige goedheid ; omdat je ons hebt leren houden van de natuur, verwijzend naar de Schepper van zoveel schoons. Heer, moge alles waarin Vader groot is geweest, tot ons blijven spreken nu hij gestorven is. Genadige Jezus, geef hem de eeeuwige rust !

    Foto’s en afbeeldingen : 

    -Rechts schepen Edmond Polspoel die een afscheidswoord uitsprak. Links zijn collega Henri Van den Heuvel.

    -Gedachtenisprentjes van Emiel Verschueren en zijn echtgenote Maria Catharina Lauwers.

    -Zijn doodsbrief.

    -Emiel Verschueren, zoals zijn generatiegenoten hem gekend hebben.

    -De laatste rustplaats van Miel en Cato op het kerkhof van Leest.













    30-07-2018 om 18:29 geschreven door Marcel Van Hoof

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (1 Stemmen)
    >> Reageer (0)


    Archief per week
  • 13/08-19/08 2018
  • 06/08-12/08 2018
  • 30/07-05/08 2018
  • 23/07-29/07 2018
  • 16/07-22/07 2018
  • 09/07-15/07 2018
  • 25/06-01/07 2018
  • 18/06-24/06 2018
  • 11/06-17/06 2018
  • 04/06-10/06 2018
  • 21/05-27/05 2018
  • 07/05-13/05 2018
  • 23/04-29/04 2018
  • 16/04-22/04 2018
  • 09/04-15/04 2018
  • 02/04-08/04 2018
  • 26/03-01/04 2018
  • 19/03-25/03 2018
  • 12/03-18/03 2018
  • 05/03-11/03 2018
  • 19/02-25/02 2018
  • 12/02-18/02 2018
  • 05/02-11/02 2018
  • 29/01-04/02 2018
  • 22/01-28/01 2018
  • 15/01-21/01 2018
  • 08/01-14/01 2018
  • 01/01-07/01 2018
  • 25/12-31/12 2017
  • 18/12-24/12 2017
  • 04/12-10/12 2017
  • 27/11-03/12 2017
  • 20/11-26/11 2017
  • 06/11-12/11 2017
  • 23/10-29/10 2017
  • 16/10-22/10 2017
  • 09/10-15/10 2017
  • 25/09-01/10 2017
  • 18/09-24/09 2017
  • 11/09-17/09 2017
  • 04/09-10/09 2017
  • 28/08-03/09 2017
  • 21/08-27/08 2017
  • 14/08-20/08 2017
  • 31/07-06/08 2017
  • 10/07-16/07 2017
  • 03/07-09/07 2017
  • 12/06-18/06 2017
  • 05/06-11/06 2017
  • 29/05-04/06 2017
  • 15/05-21/05 2017
  • 01/05-07/05 2017
  • 17/04-23/04 2017
  • 10/04-16/04 2017
  • 03/04-09/04 2017
  • 27/03-02/04 2017
  • 20/03-26/03 2017
  • 13/03-19/03 2017
  • 06/03-12/03 2017
  • 27/02-05/03 2017
  • 13/02-19/02 2017
  • 06/02-12/02 2017
  • 30/01-05/02 2017
  • 23/01-29/01 2017
  • 16/01-22/01 2017
  • 09/01-15/01 2017
  • 02/01-08/01 2017
  • 26/12-01/01 2017
  • 19/12-25/12 2016
  • 05/12-11/12 2016
  • 28/11-04/12 2016
  • 21/11-27/11 2016
  • 07/11-13/11 2016
  • 24/10-30/10 2016
  • 17/10-23/10 2016
  • 10/10-16/10 2016
  • 03/10-09/10 2016
  • 26/09-02/10 2016
  • 19/09-25/09 2016
  • 05/09-11/09 2016
  • 22/08-28/08 2016
  • 15/08-21/08 2016
  • 01/08-07/08 2016
  • 25/07-31/07 2016
  • 18/07-24/07 2016
  • 11/07-17/07 2016
  • 04/07-10/07 2016
  • 27/06-03/07 2016
  • 20/06-26/06 2016
  • 13/06-19/06 2016
  • 06/06-12/06 2016
  • 30/05-05/06 2016
  • 23/05-29/05 2016
  • 16/05-22/05 2016
  • 09/05-15/05 2016
  • 02/05-08/05 2016
  • 25/04-01/05 2016
  • 18/04-24/04 2016
  • 11/04-17/04 2016
  • 04/04-10/04 2016
  • 21/03-27/03 2016
  • 14/03-20/03 2016
  • 07/03-13/03 2016
  • 29/02-06/03 2016
  • 22/02-28/02 2016
  • 15/02-21/02 2016
  • 08/02-14/02 2016
  • 25/01-31/01 2016
  • 04/01-10/01 2016
  • 28/12-03/01 2016
  • 21/12-27/12 2015
  • 07/12-13/12 2015
  • 23/11-29/11 2015
  • 16/11-22/11 2015
  • 09/11-15/11 2015
  • 02/11-08/11 2015
  • 19/10-25/10 2015
  • 12/10-18/10 2015
  • 05/10-11/10 2015
  • 21/09-27/09 2015
  • 14/09-20/09 2015
  • 07/09-13/09 2015
  • 31/08-06/09 2015
  • 13/07-19/07 2015
  • 22/06-28/06 2015
  • 08/06-14/06 2015
  • 01/06-07/06 2015
  • 25/05-31/05 2015
  • 11/05-17/05 2015
  • 04/05-10/05 2015
  • 27/04-03/05 2015
  • 20/04-26/04 2015
  • 13/04-19/04 2015
  • 06/04-12/04 2015
  • 30/03-05/04 2015
  • 23/03-29/03 2015
  • 16/03-22/03 2015
  • 09/03-15/03 2015
  • 02/03-08/03 2015
  • 23/02-01/03 2015
  • 16/02-22/02 2015
  • 09/02-15/02 2015
  • 02/02-08/02 2015
  • 26/01-01/02 2015
  • 19/01-25/01 2015
  • 12/01-18/01 2015
  • 05/01-11/01 2015
  • 29/12-04/01 2015
  • 15/12-21/12 2014
  • 08/12-14/12 2014
  • 24/11-30/11 2014
  • 17/11-23/11 2014
  • 10/11-16/11 2014
  • 03/11-09/11 2014
  • 20/10-26/10 2014
  • 13/10-19/10 2014
  • 06/10-12/10 2014
  • 29/09-05/10 2014
  • 22/09-28/09 2014
  • 08/09-14/09 2014
  • 01/09-07/09 2014
  • 25/08-31/08 2014
  • 18/08-24/08 2014
  • 04/08-10/08 2014
  • 28/07-03/08 2014
  • 21/07-27/07 2014
  • 14/07-20/07 2014
  • 07/07-13/07 2014
  • 30/06-06/07 2014
  • 23/06-29/06 2014
  • 16/06-22/06 2014
  • 09/06-15/06 2014
  • 02/06-08/06 2014
  • 26/05-01/06 2014
  • 19/05-25/05 2014
  • 12/05-18/05 2014
  • 05/05-11/05 2014
  • 28/04-04/05 2014
  • 21/04-27/04 2014
  • 14/04-20/04 2014
  • 07/04-13/04 2014
  • 31/03-06/04 2014
  • 24/03-30/03 2014
  • 17/03-23/03 2014
  • 10/03-16/03 2014
  • 03/03-09/03 2014
  • 24/02-02/03 2014
  • 17/02-23/02 2014
  • 10/02-16/02 2014
  • 03/02-09/02 2014
  • 27/01-02/02 2014
  • 20/01-26/01 2014
  • 13/01-19/01 2014
  • 06/01-12/01 2014
  • 30/12-05/01 2014
  • 23/12-29/12 2013
  • 16/12-22/12 2013
  • 09/12-15/12 2013
  • 02/12-08/12 2013
  • 25/11-01/12 2013
  • 18/11-24/11 2013
  • 11/11-17/11 2013
  • 28/10-03/11 2013
  • 21/10-27/10 2013
  • 14/10-20/10 2013
  • 07/10-13/10 2013
  • 30/09-06/10 2013
  • 23/09-29/09 2013
  • 16/09-22/09 2013
  • 09/09-15/09 2013
  • 02/09-08/09 2013
  • 05/08-11/08 2013
  • 29/07-04/08 2013
  • 22/07-28/07 2013
  • 15/07-21/07 2013
  • 08/07-14/07 2013
  • 01/07-07/07 2013
  • 24/06-30/06 2013
  • 17/06-23/06 2013
  • 10/06-16/06 2013
  • 03/06-09/06 2013
  • 27/05-02/06 2013
  • 13/05-19/05 2013
  • 06/05-12/05 2013
  • 29/04-05/05 2013
  • 22/04-28/04 2013
  • 25/03-31/03 2013
  • 18/03-24/03 2013
  • 11/03-17/03 2013
  • 04/03-10/03 2013
  • 18/02-24/02 2013
  • 28/01-03/02 2013
  • 21/01-27/01 2013
  • 07/01-13/01 2013
  • 31/12-06/01 2013
  • 24/12-30/12 2012
  • 17/12-23/12 2012
  • 10/12-16/12 2012
  • 03/12-09/12 2012
  • 26/11-02/12 2012
  • 19/11-25/11 2012
  • 12/11-18/11 2012
  • 05/11-11/11 2012
  • 29/10-04/11 2012
  • 22/10-28/10 2012
  • 15/10-21/10 2012
  • 08/10-14/10 2012
  • 01/10-07/10 2012
  • 24/09-30/09 2012
  • 10/09-16/09 2012
  • 03/09-09/09 2012
  • 13/08-19/08 2012
  • 06/08-12/08 2012
  • 30/07-05/08 2012
  • 23/07-29/07 2012
  • 02/07-08/07 2012
  • 25/06-01/07 2012
  • 18/06-24/06 2012
  • 11/06-17/06 2012
  • 04/06-10/06 2012
  • 28/05-03/06 2012
  • 14/05-20/05 2012
  • 07/05-13/05 2012
  • 30/04-06/05 2012
  • 23/04-29/04 2012
  • 16/04-22/04 2012
  • 09/04-15/04 2012
  • 02/04-08/04 2012
  • 26/03-01/04 2012
  • 19/03-25/03 2012
  • 12/03-18/03 2012
  • 05/03-11/03 2012
  • 27/02-04/03 2012
  • 20/02-26/02 2012
  • 13/02-19/02 2012
  • 06/02-12/02 2012

    E-mail mij

    Druk op onderstaande knop om mij te e-mailen.


    Gastenboek

    Druk op onderstaande knop om een berichtje achter te laten in mijn gastenboek


    Blog als favoriet !


    Blog tegen de regels? Meld het ons!
    Gratis blog op http://blog.seniorennet.be - SeniorenNet Blogs, eenvoudig, gratis en snel jouw eigen blog!