Rondreis Thailand Hoofdstuk 17 - deel 2

Hoofdstuk 17.
Deel 2.: Beweeglijke en bibberende fotomodellen.
We reden nog een beetje hoger de berg op in de hoop nu toch eíndelijk eens een viewpoint te bereiken maar ook hier werd het niks. Alles was dichtgegroeid, er stond een radarstation, een standbeeld en een tempeltje, en een groot bord met "hoogste punt van Thailand" op, maar jammer genoeg was er van dat hoogste punt niks te merken, behalve dat het er flink frisser was. Er was een visitors center in aanbouw waar ze toch al warme vestjes, sokken, bivakmutsen en sjaals verkochten. Ah ja! Het werd hier soms 10°! Een temperatuur om dood te vallen. Dat overleeft ge toch niet zonder warmwaterkruik of door minstens helemaal ingepelst te zijn op uw ogen na?! Als ge van die groepjes Thai achterin een pick-up ziet vervoerd worden dan is het precies een lading terroristjes. Iedereen een muts op en een sjaal voorgebonden zodat alleen de ogen nog zichtbaar zijn en daar zetten ze dan dikwijls nog een zonnebril voor. 
Een verkoopster met haar warmwaterkruik.
Ik denk dat ze dat hier beter een "bibberbus" kunnen noemen.
Soit, ik had die ochtend net een mail gekregen waarin gemeld werd dat het bij ons nog altijd sneeuwt en ik ben weer zo stom geweest om thuis te vertrekken zonder jas dus heb ik bij de “verkoopster-met-de-warmwaterkruik” een verrukkelijk donkerblauw fleece-vestje gekocht. Een leuke herinnering aan een plezante dag en tegelijk wat behaaglijk zachte warmte als ik over een dikke week in ‘t ijzige Schiphol aankom. Ik was zo blij met mijn vestje dat ik er onmiddellijk op zijn Japans mee ben gaan poseren voor het grote bord. Ik spring zo hoog dat ik wel een meter in de lucht lijk te zweven! Het zijn nog geweldige foto's geworden ook, ik ben niet van plan ooit nog normaal op een foto te staan, deze manier van poseren is véél plezanter!
Dan maar zonder mooi uitzicht terug naar beneden beginnen bollen tot we plots, in een gevaarlijk scherpe bocht, een pijltje "Viewpoint" zagen staan dat naar een heuveltje met een trapje wees. En op deze plek leggen die kiekens dan geen parkeerplaats aan! We hebben de auto dan maar in de kant gefoeffeld. En inderdaad vanop dat heuveltje leek het wel of we over heel 't Noorden van 't land konden rondkijken... 
Enkele kilometers verder passeerden we een overdekte markt van de Lanna-stam. Ze verkochten er mooie groenten, de gekste gedroogde vruchten en wat juweeltjes. Zo kwam ik er ook achter dat mijn gedroogde Chinese bessen een soort abrikoosjes waren. Paul kocht gedroogde aardbeien... Een vreemde keuze als er bergen verse naast liggen. Mannen zijn ondoorgrondelijk.


En als 't niet druk is doet ge een dutje...


Het zijn hier vriendelijke kleine mensjes die nog in hun veelkleurige kostuums rondlopen als dagelijkse klederdracht en niet voor de show. De meeste zijn tenger en heel fijn gebouwd. Ik voel mij toch zo reusachtig en lomp naast die wezentjes.
De tweede waterval van de dag was Vachiratarn, ook weer een die zeker geen water tekort kwam. Ik vraag me af wat het hier in 't regenseizoen moet zijn want zelfs nu werden we al vanop 50 meter afstand nat gesproedeld! 


Paul ontdekt, op de laatste namiddag van onze rondreis, nog net bijtijds dus,
ook de charme van 't "Japans poseren".



