
Jeugdherinneringen 9 :
“Aa toe jéé jéé jéé!” en de “Gèldbalderien”.
Thuis stond er zelden muziek op. We hadden alleen een opdraaibare grammofoon en die had samen met de laatste bompa zijn geest gegeven, en de radio speelde meestal enkel als Nandje - mijn beminde surrogaat-bompa - thuis was en naar orgelmuziek luisterde.
Enkel de programma’s waarin operettemuziek gedraaid werd of die waarin Joseph Schmidt of Edith Piaf en aanverwanten opdoken werden gretig beluisterd en door ons ma dapper meegekweeld.
“Non, rien de rien! Nòòòòòòòòn!!! Je ne regrette rien!!!” (OK behalve dan dat ze een ongelukske op de wereld had gezet op haar 45ste - maar dat is een detail - had ze in ’t leven ook niet veel om spijt van te hebben denk ik. Ons ma was een zalig goedgemutst vrouwmenske.)
Ma’s en bomma’s keuze van muziek - of erger nog het operette-gedoe, wat in mijn oren zelfs geen muziek was - was aan mij echt niet besteed. Ik was een kind van de jaren 60.
Bij “Erikske van den beenhouwer” luisterden ze thuis blijkbaar naar een héél andere post op de radio… Die liep van ’s ochtends tot ’s avonds : “Aa toe jéé jéé jéé!” te krijsen.
Ik vond dat een heel schoon liedje, gemakkelijk ook, en ik jengelde dapper mee.
Ons ma vond de tekst blijkbaar ietwat eigenaardig en ging op de duur toch eens opzoeken wat ik nu in feite een hele dag probeerde te zingen. Toen bleek dat ik onbewust een Beatles-fan geworden was. “Aa toe jéé jéé jéé!” bleek onze versie van “She loves you, yeah, yeah, yeah…” te zijn.
Toen ik jaren later door het huis stommelde, vrolijk kwelend van :
“Wíe ool lif in de gèldbalderien! Gèldbalderien!! Gèldbalderien!!!” heeft het ook een tijdje geduurd eer ze besefte dat de Beatles zo onnozel waren geweest om een liedje te maken over een gele duikboot. Ze vond dat nu toch echt géén onderwerp voor een liedjestekst.
Desalniettemin probeerde ze me heel educatief “Gèldbalderien” te laten vervangen door “Yellow Submarine”, maar daar had ik geen boodschap aan want ik kon me toch niet voorstellen wat een duikboot nu juist was, en dus vond ik mijn “Gèldbalderien” veel geheimzinniger en interessanter.
Jaren later zou ons ma - noodgedwongen - een hevige Beatlesfan (zelfs een Deep Purple- en Pink Floyd-fan!) worden, maar zo ver waren we nog lang niet. (Ja, er is veel tijd en energie gekropen in ’t opvoeden van mijn moeder, maar ’t was de moeite waard, want het is echt een schatje geworden. J)
Haar echte Beatles-initatie zou pas beginnen met de Sgt.Pepper’s-LP, die elke ochtend tijdens ’t ontbijt gedraaid ging worden zodanig dat mijn aandacht afgeleid was van… mijn boterhammekes, en dat ik die, zo in beslag genomen door de prachtige platenhoes met teksten, onbewust, al lezend en luisterend, binnenspeelde.
De middelen veranderden weliswaar, ze paste zich vlotjes aan aan de tijden, maar haar hogere doel : “mij te laten eten”, zou ze nooit meer uit het oog verliezen!
Zèlfs niet al moest ze elke ochtend de hele LP, tot net na “When I’m 64”, moeten aanhoren. (Aan de vier laatste nummers kon ze altijd ontsnappen want dan was mijn boterham op en was het tijd om naar school te vertrekken.)
Een zeldzame foto van mijn geliefde surrogaat-bompa "Nandje".
Efteling, september 1962. Ik ben hier bijna 5 jaar oud.

































1 reactie op dit bericht
Goedeavond