|
De Vlaamse dichter, essayist en columnist Geert Buelens werd geboren in Duffel op 5 februari 1971. Zie ook alle tags voor Geert Buelens op dit blog.
Transit (Gelukzoeken)
Wij zijn samen onderweg en kussen de zegelring van wie daar om vraagt
Beter worden we er niet van al schept het misschien een band
Die we kunnen gebruiken ankerloos als we zijn
Wagen na wagen trekt aan ons voorbij wat de afstand alleen maar vergroot
Overal vogels, scharminkels van het ongebondene een aansporing en aanfluiting gelijk
Een paar dozijn zou nog kunnen maar toch geen honderden, elke dag opnieuw
We zullen worden gezien als luxepaarden, als kamelen zonder baat
De tegenstand wordt al georganiseerd maar wij zetten door, iets anders hebben we nooit geleerd
Lament
De verenigde vezelfabriek en marche Lament De aorta & de aars & het gat Lament Het klagen van het vlees & het moeras Lament De overdosis recycleren & de barst Lament De ekster op de galg & de grimas Lament De kwadratuur van het mirakel & de blaas Lament De overdruk op het bestel & de magneet Lament De zuigkracht van het bloed & de profeet Lament Het roffelen van het ritme & het dak Lament Het doorgaan van de maat & de matrak Lament Het overgeven van de eeuw & van het spel Lament De coalitie van de geeuw & van de rel Lament. Het is het wegen van het veel & van het meer Het is het raadsel van de spankracht van de veer Het is het spektakelstuk, het galafeest, de eer Het is het dogma, het axioma & de leer Het krimpen van de stof & van de naad Lament Het overtollig vet wegsnoeien & verraad Lament Het suggereren van de stop & het ventiel Lament Het laten groeien van de rentevoet, de hiel Lament Het zwaktebod, de faling, het patroon Lament Het opslaan van de kracht, de durf, de hoon Lament Het is de lafheid & de moed, de heroïek Het is het spiegelbeeld van deze mozaïek Het is een schouwspel zonder goden of publiek Het is de kanker, de bevruchting, de koliek
 Geert Buelens (Duffel, 5 februari 1971)
De Amerikaanse schrijver William S. Burroughs werd geboren in Saint Louis (Missouri) op 5 februari 1914. Zie ook alle tags voor William S. Burroughs op dit blog.
Mijn benen, Señor
Zolderkamer en raam, mijn schaatsen aan de muur De priester kon de badkamer zien, lichtgele houten lambrisering toilet, jonge benen, glanzende zwarte beenharen “Het zijn mijn benen, señor.” De glans van haarstoppels spoelt zijn lavendelkleurige horizon af hij voelde de jongen kreunen en wat het betekende gezicht van een rotjong op de tafel van de dokter ik was de schaduw van de wassende avond en vreemde ruiten. ik was de vlek en het gejammer van gemiste tijden in de weerspiegelde hemel plekken vervuild water onder zijn lavendelkleurige horizon, raam Vlek gekrabbeld door een jongen, koude, verloren knikkers in de kamer De sjofele tafel van de dokter… zijn gezicht… De huid van de jongen spreidt zich uit naar iets anders. “CHRISTUS, WAT ZIT ERIN?” schreeuwt hij vlees en botten rezen op als een tornado “DAT DOET PIJN” ik was de vlek en het gejammer van glanzende achterbeenharen zilverpapier in de wind, rafelige geluiden van een verre stad.
Vertaald door Frans Roumen
 William S. Burroughs (5 februari 1914 – 2 augustus 1997)
Onafhankelijk van geboortedata
De Nederlandse schrijver Edzard Mik werd geboren in Groningen op 10 februari 1960. Zie ook alle tags voor Edzard Mik op dit blog.
Uit: Mea culpa
“Zijn vrouw kwam overeind maar Nazim hief zijn arm en stond erop zelf thee voor ons te halen. Hij ontworstelde zich aan zijn fauteuil en moest bij elke stap uit alle mogelijke posities van hoofd, schouders, romp en armen de juiste kiezen om zijn evenwicht te hervinden. Het was de eerste keer dat ik met eigen ogen zag dat hij nooit helemaal hersteld was. Ik begreep er niets van, dat wil zeggen, ik begreep wel hoe het een tot het ander leidde, de wurgende wetmatigheid van oorzaak en gevolg, maar wat ik begreep, begreep ik niet écht: ik kon me niet voorstellen dat de man die nu schommelend als een galjoen in de keuken verdween dezelfde was als de jongen die ooit met zijn broers voor ons was opgedoken en even later was afgevoerd, ons achterlatend in stervend zwaailicht. Ik keek naar Sybil en vroeg me af of ze in dezelfde afgrond staarde. Het kon niet anders of het duizelde haar zoals het mij duizelde. Ze had niets gedaan maar alles ge- zien, aangelicht door straatlantarens had die opeenvolging van gebeurtenissen zich voor haar ogen afgespeeld, van ons allen wist zij nog het beste wat er was gebeurd, dubieus voorrecht van de getuige. Maar haar gezicht glom, haar handen hield ze tussen haar dijen, haar onderbenen stonden uiteen, haar voeten staken naar binnen, ze zat er als een schoolmeisje bij, en als ze al ten prooi was aan vertwijfeling, dan liet ze daar niets van blijken. Uit de keuken gekletter, in de woonkamer stilte, en achter het raam gleed de stad al even stil weg in het dal. Ik liet mijn blik ronddwalen, sofa en fauteuils groot, kitsch-lamp, foto van de Bosporus, wandkleed met de Bosporus, vaas met de Bosporus, dat was het wel zo’n beetje, nee, er was meer, natuurlijk was er meer, in de hoek, bij de deur naar de gang, zag ik zijn rolstoel, opgevouwen. Zijn vrouw verroerde zich niet, haar hoofddoek sneed een ovaal uit haar gezicht, haar ogen waren groot en vochtig. Misschien kwam het door de zuiverheid van haar blik maar ik was ervan overtuigd dat ze niet van die vechtpartij wist, hij had haar er nooit over verteld, zij wist niet anders of hij was invalide geraakt door een ongelukkige val, motorongeluk of hersenbloeding, voor haar moesten Sybil en ik volstrekte vreemden zijn die uit de hemel waren komen vallen.”
 Edzard Mik (Groningen, 10 februari 1960)
Zie voor nog meer schrijvers van de 5e februari ook mijn blog van 5 februari 2021 en ook mijn blog van 5 februari 2019.
05-02-2026 om 17:06
geschreven door Romenu 
Tags:Edzard Mik, Frans Roumen, Geert Buelens, Romenu, William S. Burroughs
|