|
De Vlaamse dichter Peter Ghyssaert werd geboren op 3 januari 1966 te Wilrijk. Zie ook alle tags voor Peter Ghyssaert op dit blog.
Landschap van Rameau
Honderd broze botjes breekt de kip in haar lijf. Kleine pijpen die als takjes van de ruggegraat afhangen, en de pijn wordt in een laag van gulden vet gesmoord. Buiten het pluimvee om gaan nu ook decors barsten. Krakend vergaat een wereld van azuur en gips. Het klavecimbel in de maneglans zakt ten leste door zijn poten heen van nachtschade. Wie speelt hoort met de laatste toonladders, een rad van trillers aan de pennen, één voor één de botten gulzig knappen in zijn lichaam.
Monster
Moeizaam maalt hij uit de schoot, het hevig, bloedgeblakerd kind, zonder genade, zonder stilte voor het wit dat hem omringt.
Alle andere kinderen en zijn eigen ouders moeten dood, en zijn gaven moeten glanzend tot volmaaktheid uitvergroot.
Monster dat uit zijn omgeving alle woede in zijn pantser rooft, dat het liefst de schamel toe- gedekte mensheid had gedoofd.
In het licht ontstaat een schub, door geen verpleegster afgedroogd en per minuut groeit het gezonde kwaad en wordt zijn status opgehoogd.
Vierwoudstedenmeer
Blauw besteeg vanuit het meer de bergen; sneeuw lag in een verre kreuk in foetushouding opgerold. Druppels verhuisden daar druppels in hoog tempo. Je wist het zo intens dat het te horen was.
Wat wij vanavond ook nog moesten zien kwam voor de voet gedreven: lichtzeil van boulevards, essentie van een stad.
Hemel en aarde vielen in het water zonder veel omhaal en wij vermagerden daarbij tot twee gezichten, hevig kijkend.
 Peter Ghyssaert (Wilrijk, 3 januari 1966)
De Estse dichter Hasso Krull werd geboren op 31 januari 1964 in Tallinn. Zie ook alle tags voor Hasso Krull op dit blog.
Vader, zie je niet dat ik in brand sta?
Vader, zie je niet dat ik in brand sta? Zo sprak het jongetje tegen Freud. Maar die was al ingedut. Een kaars in de hand, het hoofd op de borst gezonken, zo zat hij te knikkebollen en droomde: hij was nog maar een klein jongetje, liep langs de stoeprand, de zon scheen fel, en van boven kwam een adelaar naar beneden en pikte hem de ogen uit. Hoe moet ik zonder ogen nu dromen krijgen, dacht Freud, hoe moet ik op de stoep blijven? Bij deze gedachte wordt Freud wakker. Een jongetje, met dodenwakekaars in de hand, buigt zich over hem heen en zegt: Er was eens een man, die nog nooit één enkele droom had gekregen.
Vertaald door Frans Roumen
 Hasso Krull (Tallinn, 31 januari 1964)
Zie voor nog meer schrijvers van de 3e januari ook mijn blog van 3 januari 2019 en ook mijn blog van 3 januari 2017 en eveneens mijn blog van 3 januari 2016 deel 1, deel 2 en deel 3.
03-01-2026 om 16:00
geschreven door Romenu 
Tags:Frans Roumen, Hasso Krull, Peter Ghyssaert, Romenu
|