Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
akke.beakke.be

Berichten van 29 september 2009 tot 30 september 2009

Truman Capote, Hendrik Marsman, Roemi, Eli Wiesel, Henk Spaan, Jurek Becker

De Amerikaanse schrijver Truman Capote werd geboren op 30 september 1924 als Truman Streckfus Persons in New Orleans. Zie ook mijn blog van 1 oktober 2006 en ook mijn blog van 30 september 2007 en ook mijn blog van 30 september 2008.

 

Uit: Too Brief a Treat: The Letters of Truman Capote

 

„TO CATHERINE WOOD [Monroeville, Ala.] [26 July 1941]

 

Dear Miss Wood, I have been in New Orleans three weeks and I just got back to Monroeville last night. I was very pleasantly surprised to find your sweet note. I was so sorry to hear about your father and I do hope he is improving.I have been gathering material here and there and some of it is rather good, I have written little but I have taken many notes and tried to give accurate accounts of things that will later stand me in good stead, (that was meant to be a period, but my typewriter slipped.)

Are you going up to visit Miss Pierce, I hope you do because her place in Maine sounded so quiet and restful-charmingly woodsy.

I have been traveling all over the south since I came. I went to Natchez, Miss. last week and I went on a picnic at a very scenic spot over looking [sic] the Mississippi River.

Teddy's mother wrote me a long letter telling me all about his doings, you know Teddy-he would'nt [sic] write anyone if his very life depended upon it. She told me that you had written him and asked me to tell you all the news about the dear raven haired child.

 

1.He has a job with the Greenich [sic] Cab company and he makes fifteen dollars week.

2.He won $130.00 dollars [sic] at the Maidstone club dinner dance. He is taking flying lessons with it.

3.His mother is desperate!

4.They have moved into their new house-the address is 179 Park Ave. Greenwich.

5.They are pleased and delighted with Teddy and he seems to be improving. BUNK!

 

P.S. He was 17 last Sat.

 

I have gone Russian with a vengeance! I finally finished WAR and Peace. Also I have read Huxley's "Point Counter Point." It is very badly written, not so badly written as confusing. But it is educating as to the point of ultra-modern sophistication.

I went all the way through the heart of Pearl River swamp in La. It took three days and it was like being in a jungle only more dangerous. These swamps are inhabited by Cajons (I believe that I spelled that correctly) and it is so wild in there that some of the younger children have never seen white people! It was really quite an experience and I collected all kinds of material and wild flowers-also a baby alligator which I will ship to you C.O.D any time that you will have him. He's a regular little monster.

I am so sorry for my procrastination in answering your letter but it was truly unavoidable. Please write me and tell me all the news as I am at present sorta this side of civilization, where the people think if you don't say "ain't" you just ain't right in the head and the double negative is accepted grammar.

 

Write me, all my very best Love, Truman“

 

 

 

 

Truman_Capote
Truman Capote (30 september 1924 – 25 augustus 1984)

 

 

 

 

 

De Nederlandse dichter en schrijver Hendrik Marsman werd geboren op 30 september 1899 in Zeist. Zie ook mijn blog van 30 september 2006  en ook mijn blog van 30 september 2007 en ook mijn blog van 30 september 2008.

 

 

Herinnering aan Holland

 

Denkend aan Holland
zie ik brede rivieren
traag door oneindig
laagland gaan,
rijen ondenkbaar
ijle populieren
als hoge pluimen
aan de einder staan;
en in de geweldige
ruimte verzonken
de boerderijen
verspreid door het land,
boomgroepen, dorpen,
geknotte torens,
kerken en olmen
in een groots verband.
De lucht hangt er laag
en de zon wordt er langzaam
in grijze veelkleurige
dampen gesmoord,
en in alle gewesten
wordt de stem van het water
met zijn eeuwige rampen
gevreesd en gehoord.

 

 

 

 

Zonnige septembermorgen

 

De zomer en de late rozen

zijn zacht ontblaadrend uitgebloeid;

het bloedend vuur, het hete blozen

tot oud oktobergoud vergloeid.

 

de groene vlammen van de bomen

- bestorven bruin en wingerdrood -

zijn van hun donkre drift benomen

o dag, o droom van blauw en goud!

 

het licht hangt in de honingraten

der vensters als een vochtig vlies

en morgenzon in de gelaten

waarin bij nacht de droefheid wies.

 

o zijden zonlicht, zacht kristal

hoe onbeschrijflijk mild en edel

verzilvert gij het smal ravijn

der huizen en de ranke schreden

 

der meisjes langs de waterval

en langs de gracht en op de bruggen

die teer gebogen ruggen

welven over het fulpen waterdal;

 

de kinderen vangen met hun handen

de zachte speren; en hun mond

vangt het geluk met open tanden

van dauw en vochte morgenstond.

 

o witte wel, o waterval

omhuiverd door die vroege tent

van hemelsblauw, o firmament

dat koel en diep doorschijnend is;

 

genees mijn hart dat in de zomer

zo ruw en rood gehavend werd;

genees het in het klare stromen

voordat het droef en avond wordt.

 

 

 

 

Zonder weerklank

 

Volk, ik ga zinken als mijn lied niet klinkt;

ik moet verdrogen als gij mij niet drinkt;

verzwelg mij, smeek ik - maar zij drinken niet;

wees mijn klankbodem, maar zij klinken niet.

 

 

 

 

 

Marsman
Hendrik Marsman (30 september 1899 – 21 juni 1940)

 

 

 

 

 

De Perzische dichter en soefistisch mysticus Jalal ad-Din Rumi (of Roemi) werd geboren op 30 september 1207 in Balkh. Zie ook mijn blog van 30 september 2007 en ook mijn blog van 30 september 2008.

 

 

Uit: Juwelen (VI:4094-4106)

 

Alle zelfzuchtige pleziertjes zijn bedrog en oplichterij,

die lichtflits wordt omgeven door een muur van duisternis.

De bliksemschicht is maar van korte duur

en je hebt, door duisternis omgeven, nog een lange weg te gaan.

Bij dat licht kun je geen brief lezen

en evenmin naar je bestemming rijden.

Maar doordat jij je door de lichtflits laat misleiden,

trekken de zonnestralen zich van je terug.

Mijl na mijl leidt het bedrog van de lichtflits

je `s nachts zonder gids dieper in een donkere wildernis.

 

Het ene moment val je tegen een berg, het volgende in een rivier,

nu eens dwaal je hier rond, dan weer daar.

Zoeker van wereldse waardigheid, je vindt de gids nooit

en als je hem vindt, keer je je van hem af

met de woorden: `Zestig mijl heb ik al op deze weg afgelegd

en nu zegt deze gids dat ik de weg kwijt ben.

Als ik gehoor geef aan zijn wonderlijke raadgeving,

moet ik de reis opnieuw aanvangen onder zijn hoede.

Ik heb mijn leven gewijd aan deze reis.

Laat maar zitten. Wat komt, komt. Ga weg, meester!'

 

`Ja, je hebt al een hele reis achter de rug,

maar eigengereidheid levert net als de lichtflits weinig op.

Kom, leg een tiende van die reis af

omwille van de luisterrijke zon van goddelijke inspiratie.

Je las het vers: 'Vermoedens wegen niet op tegen de waarheid',

maar toch werd je door zo'n lichtflits blind voor het licht van de

zon.

Luister, stap in onze boot, arme stakker,

of leg in elk geval die boot van jou vast aan die van ons.'

 

 

 

 

rumi
Roemi (30 september 1207 - 17 december 1273)

 

 

 

 

 

De Joods-Roemeens-Frans-Amerikaanse schrijver Eli Wiesel werd geboren op 30 september 1928 in Sighet (nu Sighetu Marmaţiei), Roemenië. ook mijn blog van 30 september 2007 en en ook mijn blog van 30 september 2008.

 

Uit: And the Sea is Never Full

 

„Benno Werzberger in Israel, Tadeusz Borowski in Poland, Paul Celan and Piotr Rawicz in Paris, Bruno Bettelheim in the United States, Primo Levi in Italy--the writers who were part of the shrinking community of Holocaust survivors endured severe hardship. Despairing of the written word's power, some chose silence. The silence of death.

Was it because as guardians of memory they felt misunderstood, unloved, exiles in the present, guilty of having failed in their task? Were they afraid of having spoken too much--or not enough? In light of the tragedies that continue to tear apart society, did they admit defeat?

I knew three of them well. Their final acts continue to haunt me.

Primo Levi, speaking of "experts" on the Holocaust, said "They are the thieves of Time; they infiltrate themselves through keyholes and cracks and cart off our memories without leaving a trace."

Why did Primo, my friend Primo, fling himself from the top of a staircase, he whose works finally succeeded in shaking public indifference, even outside Italy?

From our first meeting in Milan, during the seventies, we had formed bonds. In a way we were meeting again, having already "met." Over there, in Buna. I had spent some time in his barracks. I had seen him without seeing him. He had crossed my path without noticing me. Even over there, social differences existed.

Now, transcending frontiers, we moved forward side-by-side as we clung to our links to those who had abandoned us. Was it he or I who said "Maybe I'm dead and don't know it." Like him I was convinced that our experiences isolated us, that people living today or tomorrow could never understand their nature.

When we turned our gaze inward we saw the same universe. The selections, the kommandos, the "roll calls" in the icy wind, the hanging of the young boy, a member of the underground--yes, he remembered it all as I did. Sometimes he would question me about a sentence of mine he had read somewhere; I told him I was a bad interpreter of my writings. I did better commenting on his.“

 

 

 

 

wiesel
Eli Wiesel (Sighet, 30 september 1928)

 

 

 

 

De Nederlandse (gelegenheids-)dichter, (sport)journalist, televisiepresentator en columnist Henk Spaan werd geboren in Heerhugowaard op 30 september 1948. Zie ook mijn blog van 30 september 2008.

 

 

Ruud van Nistelrooij

Op de website van de heilige
Maria Magdalena-kerk in Geffen
Vind je, naast honderdvijftig foto’s
Van het huwelijk op 10 juli 2004
Van Leontien en Ruud en
Een uitgebreid beeldverslag van de
Parochiereis naar Lourdes –
Uiteraard ontbreekt de rolstoel niet –
Honderdnegentig foto’s van het
Misdienaarskamp tweeduizendvijf
Radeloze nietszeggendheid met
Uitzondering van foto 84 waarop:
Een schaal hamburgers
Een schaal frikandellen
En achttien rookworsten
Hoofdschotels van een Brabants
Avondmaal in het rijke, roomse leven.

 

 

 

 

Spaan
Henk Spaan (Heerhugowaard, 30 september 1948)

 

 

 

 

 

De Duitse schrijver, draaiboekauteur en DDR-dissident Jurek Becker werd geboren op 30 september 1937 in Łódź, in Polen. Zie ook mijn blog van 30 september 2008.

 

Uit: Uit: Jakob der Lügner

 

“Dann ist Frankfurter mit seiner Frau alleine, ohne Zeugen. Ich weiß bloß, wie es ausgegangen ist, ich kenne nur das Resultat, nichts dazwischen, aber ich kann es mir nur so oder ähnlich vorstellen.

Die Frau steht endlich auf, irgendwann. Sie wischt sich die Tränen weg, nicht mehr die vom Heiratsantrag, oder sie wischt sie nicht weg, sie geht zu ihrem Mann, leise, als wollte sie ihn nicht stören. Sie stellt sich hinter ihn, legt ihm die Hände auf die Schultern, sie bringt ihr Gesicht dicht an seins, das noch immer von den Händen verdeckt wird, und wartet. Auch als seine Arme heruntersinken nichts, er starrt auf die gegenüberliegende Wand, und sie stößt ihn leicht an. Sie sucht etwas in seinen Augen und kann es nicht finden.

"Felix", könnte sie nach einer Weile leise gesagt haben, "freust du dich denn nicht? Bezanika ist doch nicht so unendlich weit. Wenn sie bis dort gekommen sind, dann kommen sie doch auch bis zu uns."

Oder sie könnte gesagt haben: "Stell dir vor, Felix, wenn das wahr ist! Mir dreht sich der Kopf, stell dir das doch bloß vor! Nicht mehr lange, und alles wird wieder sein wie früher. Du wirst wieder spielen können, auf einer richtigen Bühne, unser Theater wird bestimmt neu aufgemacht, ich werde dich nach jeder Vorstellung abholen, neben der Anschlagtafel an der Pförtnerloge werde ich auf dich warten. Stell dir das bloß vor, Felix!"

Er antwortet nicht. Er steht unter ihren Händen auf und geht zum Schrank. Vielleicht sieht er aus wie ein Mann, der einen wichtigen Entschluss gefasst hat und keine Zeit mehr verlieren will, ihn auszuführen.

Frankfurter öffnet den Schrank, nimmt eine Tasse oder ein Kästchen heraus und findet darin den Schlüssel.

"Was willst du im Keller?" fragt sie.

Er wiegt den Schlüssel in der Hand, als ob noch etwas zu bedenken wäre, die Frage nach dem Zeitpunkt womöglich, aber je eher, desto besser, nichts gilt mehr. Vielleicht sagt er ihr jetzt schon, was er vorhat, noch im Zimmer weiht er sie ein, aber das ist unwahrscheinlich, er hat sie nie groß um ihre Meinung gebeten. Außerdem ist ganz und gar unwichtig, wann er es ihr sagt, geändert wird dadurch nichts, der Schlüssel ist schon in seiner Tasche. Nehmen wir also an, er schließt wortlos den Schrank, geht zur Tür, dreht sich dort zu ihr um und sagt nur: "Komm."

Sie gehen in den Keller.

Armeleutehäuser, in die man früher nie den Fuß gesetzt hätte, die Holzstufen sind ausgetreten, sie knarren wie verrückt, aber er geht dicht an der Wand und auf Zehenspitzen. Sie folgt ihm beunruhigt, auch leise, auch auf Zehenspitzen, sie weiß nicht warum, er tut es eben auch. Sie ist ihm bisher immer gefolgt, ohne zu fragen, sie hat oft nur erraten, was zu tun sei, es war nicht immer gut.”

 

 

 

 

Jurek_Becker_1
Jurek Becker (30 september 1937 – 14 maart 1997)

 

Geschreven door Romenu om 20:15 Reageer op dit bericht

Pé Hawinkels, Miguel de Unamuno, Hristo Smirnenski, Elizabeth Gaskell

De Nederlandse dichter, schrijver, songwriter en vertaler Pé Hawinkels werd geboren op 29 september 1942 in Heerlen. Zie ook mijn blog van 29 september 2006 en ook mijn blog van 29 september 2007 en ook mijn blog van 29 september 2008.

 

 

Nu de herfst koud als god

 

Nu de herfst koud als god in nekwervels en wortels vaart

Word ik ontmanteld, is er geen vindplaats.

In mijn ondersteboven gebouwd huis van kurk

Scharrel ik broedziek en betoverd

En ken geen andere genade

Dan de vampier die mij de slagaders opent.

 

Bevreesd, vliespotig op dit sterk water

Dat de geur van verbrand mensenhaar

En oude paringen bewaart,

Waag ik mijn hals. Luchtbel en lopend vuur

Houden mij drijvend. Een brandende kamstaart

In de diepte is mijn verspieder.

 

Mijn weer met bezemen gekeerd huis

Beeft van heugenis. Schedelbeen sluit zijn naden hechter

En versteent. Ik slaap op spijkers,

Naakt, holhoofdig en gereed.

 

 

 

 

Saturday Night

 

The neon light, of the "Open all night",

Was just in time replaced by

The magic appearance of a new day-while

A melancholic Reno was crawling on his back

Just in front of the supermarket door-way, child

Hey girl, on a cold summernight

As we stood on the corner,

As a man passed by and asked us

What we were doing, what we need

As he pointed his big fat finger

To the people hangin’ round at the corner

Of the - other side of street

Oh well

Doin' nothing, just hanging around

What do you mean doin' nothing, Sir

So we had to hit him to the ground

Doin' nothing just hanging around

His head all busted

Lookin' just a little too wise child

I just can't wait

I just can't wait for saturday night

 

 

 

 

(Tekst: Pé Hawinkels, Muziek: Herman Brood)

 

 

 

Hawinkels
Pé Hawinkels (29 september 1942 – 16 augustus 1977)

 

 

 

 

 

De Spaanse dichter en filosoof Miguel de Unamuno y Jugo werd geboren op 29 september 1864 in Bilbao. Zie ook ook mijn blog van 29 september 2006  en ook mijn blog van 29 september 2008.

 

 

Throw Yourself Like Seed

 

Shake off this sadness, and recover your spirit; sluggish you will never see the wheel of fate that brushes your heel as it turns going by, the man who wants to live is the man in whom life is abundant.

 

Now you are only giving food to that final pain which is slowly winding you in the nets of death, but to live is to work, and the only thing which lasts is the work; start then, turn to the work.

 

Throw yourself like seed as you walk, and into your own field, don't turn your face for that would be to turn it to death, and do not let the past weigh down your motion.

 

Leave what's alive in the furrow, what's dead in yourself, for life does not move in the same way as a group of clouds; from your work you will be able one day to gather yourself.

 

 

 

 

miguel-de-unamuno-2
Miguel de Unamuno (29 september 1864 – 31 december 1936)

 

 

 

De Bulgaarse dichter en schrijver Hristo Smirnenski werd geboren op 29 september 1898 in Koukoush.Zie ook ook mijn blog van 29 september 2006

 

 

The Tale Of Honour

 

It was an honour I had not

Expected, to be sure.

The Devil asked me in and offered

Me his best liqueur.

 

A candle gilt his profile.

Puffing smoke rings in a haze,

With moist eyes Mephistopheles

Upon me fixed gaze.

 

His mien, though tinged with autumn grief,

Was proud and cheerful too.

He cried: "In vino veritas -

I shall be frank with you!

 

"I can no longer bear the yoke

Of cunning and deceit.

here's to my other-worldly warmth

And worldly woes we meet!

 

"Long, long ago I came to earth

And for a joke, you see,

Took worldly Truth to be my life

But she cuckolded me.

 

"My honour to avenge I vowed

In jealousy and pain.

I trampled others' honour down

But mine I've not regained.

 

"I thought in exploits to excel.

I died in many a fray.

Though worthy causes I upheld

No honours came my way.

 

"Then in the street one day I showed

A sign I had prepared.

"Here is a man without a scrap

Of honour, 'it declared.

 

"But, strangely, no one looked askance!

With interest I was viewed

And everywhere men doffed their hats:

'No honour? Good for you!'

 

"A gentleman embraced me: 'Brother,

You too?! Man alive!'

Two pretty ladies said: 'Tomorrow

Come to tea at five!'

 

"Amazing! Such attention rare

All did to me devote.

Kings, ministers, court ladies fair

Fond letters to me wrote.

 

"Behold me rolling now in gold.

A man of place and pride!

A thief, a shameless rogue - I know -

But… honoured far and wide!"

 

He paused, our glasses he refilled

And raised a toast with glee

As, blowing rings of smoke, he fixed

His bright green eyes on me.

 

 

 

 

HristoSmirnenski

Hristo Smirnenski (29 september 1898 – 18 juni 1923)

 

 

De Britse schrijfster Elizabeth Gaskell werd geboren op 29 september 1810 in Londen. Zie ook ook mijn blog van 29 september 2006  en ook mijn blog van 29 september 2008.

 

Uit: Ruth

 

„The chapel was up a narrow street, or rather cul-de-sac, close by.  It stood on the outskirts of the town, almost in fields.  It was built about the time of Matthew and Philip Henry, when the Dissenters were afraid of attracting attention or observation, and hid their places of worship in obscure and out-of-the-way parts of the towns in which they were built.  Accordingly, it often happened, as in the present case, that the buildings immediately surrounding, as well as the chapels themselves, looked as if they carried you back to a period a hundred and fifty years ago.  The chapel had a picturesque and old world look, for luckily the congregation had been too poor to rebuild it, or new-face it, in George the Third’s time.  The staircases which led to the galleries were outside, at each end of the building, and the irregular roof and worn stone steps looked grey and stained by time and weather.  The grassy hillocks, each with a little upright headstone, were shaded by a grand old wych-elm.  A lilac bush or two, a white rose-tree, and a few laburnums, all old and gnarled enough, were planted round the chapel yard; and the casement windows of the chapel were made of heavy- leaded, diamond-shaped panes, almost covered with ivy, producing a green gloom, not without its solemnity within.  This ivy was the home of an infinite number of little birds, which twittered and warbled, till it might have been thought that they were emulous of the power of praise possessed by the human creatures within, with such earnest, long-drawn strains did this crowd of winged songsters rejoice and be glad in their beautiful gift of life.  The interior of the building was plain and simple as plain and simple could be.  When it was fitted up, oak-timber was much cheaper than it is now, so the woodwork was all of that description: but roughly hewed, for the early builders had not much wealth to spare.   The walls were whitewashed, and were  recipients of the shadows of the beauty without; on their “white plains” the tracery of the ivy might be seen, now still, now stirred by the sudden flight of some little bird.”

 

 

 

 

Gaskell
Elizabeth Gaskell (29 september 1810 – 12 november 1865)
Portret door
William John Thomson

Zie voor nog meer schrijvers van de 29e september ook mijn vorige blog van vandaag.

 

Geschreven door Romenu om 20:45 Reageer op dit bericht

Miguel de Cervantes, Ingrid Noll, Colin Dexter, Lanza del Vasto, Akram Assem

De Spaanse dichter en schrijver Miguel de Cervantes werd geboren op 29 september 1547 in Madrid. Zie ook ook mijn blog van 29 september 2006  en ook mijn blog van 29 september 2008.

 

Uit: Don Quijote von der Mancha  (Vertaald door Ludwig Braunfels)

 

„Müßiger Leser! Ohne Eidschwur kannst du mir glauben, daß ich wünschte, dieses Buch, als der Sohn meines Geistes, wäre das schönste, stattlichste und geistreichste, das sich erdenken ließe.

Allein ich konnte nicht wider das Gesetz der Natur aufkommen, in der ein jedes Ding seinesgleichen erzeugt. Und was konnte demnach mein unfruchtbarer und unausgebildeter Geist anderes erzeugen als die Geschichte eines trockenen, verrunzelten, grillenhaften Sohnes, voll von mannigfaltigen Gedanken, wie sie nie einem andern in den Sinn gekommen sind? Eben eines Sohnes,

der im Gefängnis erzeugt wurde, wo jede Unbequemlichkeit ihren Sitz hat, jedes triste Gelärm zu Hause ist. Friedliche Muße, eine behagliche Stätte, die Lieblichkeit der Gefilde, die Heiterkeit des

Himmels, das Murmeln der Quellen, die Ruhe des Geistes tragen viel dazu bei, daß die unfruchtbarsten Musen sich fruchtbar zeigen und dem Publikum Erzeugnisse bieten, die es mit Bewunderung und Freude erfüllen.

Es geschieht wohl, daß eire Vater einen häßlichen Sohn besitzt, der aller Grazie bar ist, und die Liebe, die er für ihn hat, legt ihm eine Binde um die Augen, daß er dessen Fehler nicht sieht, vielmehr sie für witzige und liebenswürdige Züge erachtet und sie seinen Freunden als scharfsinnige und anmutige Außerungen erzählt. Jedoch ich, der ich zwar der Vater Don Quijotes scheine, aber nur sein Stiefvater bin, ich will nicht mit dem Strom der Gewohnheit schwimmen, noch dich, teurer Leser, schier mit Tränen in den Augen bitten, wie andre tun, daß du die Fehler, die du an diesem meinem Sohne finden magst, verzeihen oder nicht sehen wollest; denn du bist weder sein Verwandter noch sein

Freund, hast deinen eignen Kopf und deinen freien Willen wie der Allertüchtigste auf Erden und sitzest in deinem Hause, darin du der Herr bist wie der König über seine Steuergelder, und weißt, was man gemeiniglich zu sagen pflegt: unter meinem Mantel kann ich den König umbringen. Alles dieses enthebt und befreit dich von jeder Rücksicht und Verpflichtung, und so kannst du von dieser Geschichte alles sagen, was dir gut dünkt, ohne zu besorgen, daß man dich schelte ob des Bösen, noch belohne ob des Guten, das du von ihr sagen magst.“

 

 

 

 

Miguel-Cervantes-de-Saavedra

Miguel de Cervantes (29 september 1547 – 23 april 1616)

 

 

 

 

 

De Duitse (detective)schrijfster Ingrid Noll werd geboren op 29 september 1935 in Shanghai. Zie ook mijn blog van 29 september 2008.

 

Uit: Der Hahn ist tot

 

In der Schule hatte ich zwei altjüngferliche Lehrerinnen, die behaupteten, ihre Verlobten seien im

Krieg gefallen.Wenn man wie ich nicht verheiratet, verwitwet, geschieden ist, keinen Lebensgefährten

oder Freund hat – von Kindern ganz zu schweigen – und nicht mal mit kurzfristigen Männerbekanntschaften aufwarten kann, dann kriegt man heute wie damals einen abwertenden Spitznamen angehängt. Aber eine alte Jungfer wie meine Lehrerinnen bin ich nicht. Und es gibt auch Leute, die meinen Status positiv sehen: Verheiratete Kolleginnen betrachten meine Unabhängigkeit, meine Reisen, meine berufliche Karriere oft mit Neid und dichten mir so manches romantische Urlaubserlebnis an, wozu ich vielsagend lächle.

Ich verdiene gut, ich halte mich gut. Mit meinen zweiundfünfzig Jahren sehe ich besser aus als in meiner Jugend.Mein Gott, wenn ich die Fotos von damals sehe! Gute zwanzig Pfund zuviel, eine unvorteilhafte Brille, diese plumpen Schnürschuhe und der Bordürenrock. Ich war die Frau, mit der man angeblich Pferde stehlen kann und die schließlich selbst einem Pferd immer ähnlicher wurde.Warum hat mir damals keiner gesagt, daß es auch anders geht! Make-up habe ich verachtet, ohne dabei »natürlich« auszusehen. Ich war voller Komplexe. Heute bin ich schlank und gepflegt, meine Kleider, mein Parfum und erst recht meine Schuhe sind teuer. Hat es was gebracht?

Damals im Bordürenrock studierte ich Jura. Warum gerade das? Vielleicht weil ich keine ausgesprochene Begabung für Sprachen hatte und, ehrlich gesagt, auch sonst keine. Ich dachte etwas naiv, in diesem neutralen Fach wäre ich gut untergebracht.

Viele Jahre war ich befreundet mit Hartmut.Wir lernten uns gleich im ersten Semester

kennen. Eine zündende Leidenschaft war es nicht; wir paukten zusammen bis in die Nacht, und schließlich war es zu spät zum Heimgehen.”

 

 

 

 

Noll
Ingrid Noll (Shanghai, 29 september 1935)

 

 

 

 

 

De Britse schrijver Colin Dexter werd geboren op 29 september 1935 in Stamford, Lincolnshire. Zie ook mijn blog van 29 september 2008.

 

Uit: Death Is Now My Neighbor

 

“In hypothetical sentences introduced by if and referring to past time, where conditions are deemed to be unfulfilled, the verb will regularly be found in the pluperfect subjunctive, in both protasis and apodosis.

— Donet, Principles of Elementary Latin Syntax

It is perhaps unusual to begin a tale of murder with a reminder to the reader of the rules governing conditional sentences in a language that is incontrovertibly dead. In the present case, however, such a course appears not wholly inappropriate.
If (if) Chief Inspector Morse had been on hand to observe the receptionist's dress — an irregularly triangled affair in blues, grays, and reds — he might have been reminded of the uniform issued to a British Airways stewardess. More probably, though, he might not, since he had never flown on British Airways. His only flight during the previous decade had occasioned so many fears concerning his personal survival that he had determined to restrict all future travel to those statistically far more precarious means of conveyance — the car, the coach, the train, and the steamer.
Yet almost certainly the Chief Inspector would have noted, with approval, the receptionist herself, for in Yorkshire she would have been reckoned a bonny lass: a vivacious, dark-eyed woman, long-legged and well-figured; a woman-judging from her ringless, well-manicured fingers — not overtly advertising any marital commitment, and not averse, perhaps, to the occasional overture from the occasional man.
Pinned at the top left of her colorful dress was a name tag: Dawn Charles.
Unlike several of her friends (certainlyunlike Morse) she was quite content with her Christian name. Sometimes shed felt slightly dubious about it; but no longer. Out with some friends in the Bird and Baby the previous month, shed been introduced to a rather dashing, rather dishy undergraduate from Pembroke College. And when, a little later, she'd found herself doodling inconsequentially on a Burton beer mat, the young man, on observing her sinistrality, had initiated a wholly memorable conversation.“

 

 

 

Dexter
Colin Dexter (Stamford, 29 september 1935)

 

 

 

Zie voor onderstaande schrijvers ook mijn blog van 29 september 2008.

 

De Afghaanse schrijver en historicus Akram Assem werd geboren op 29 september 1965 in Kabul.

 

De Italiaanse filosoof, dichter, artiest, en geweldloos activist Lanza del Vasto werd geboren in San Vito dei Normanni op 29 september 1901.

 

Geschreven door Romenu om 20:15 Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten