Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
seniorennet.beseniorennet.be

Berichten van 30 november 2012

David Nicholls, Christophe Vekeman, Jan G. Elburg, Mark Twain, Jonathan Swift

De Engelse schrijver David Nicholls werd geboren op 30 november 1966 in Eastleigh, Hampshire. Zie ook alle tags voor David Nicholls op dit blog.

 

Uit: One Day

 

‘‘Exciting!’’ He was imitating her voice now, her soft Yorkshire accent, trying to make her sound daft. She got this a lot, posh boys doing funny voices, as if there was something unusual and quaint about an accent, and not for the first time she felt a reassuring shiver of dislike for him. She shrugged herself away until her back was pressed against the cool of the wall.

‘Yes, exciting. We’re meant to be excited aren’t we? All those possibilities. It’s like the Vice-Chancellor said, “the doors of opportunity flung wide…”’

‘“Yours are the names in tomorrow’s newspapers…”’

‘Not very likely.’

‘So, what, are you excited then?’

‘Me? God no, I’m crapping myself.’

‘Me too. Christ…’ He turned suddenly and reached for the cigarettes on the floor by the side of the bed, as if to steady his nerves. ‘Forty years-old. Forty. Fucking hell.’

Smiling at his anxiety, she decided to make it worse. ‘So what’ll you be doing when you’re forty?’ 

He lit his cigarette thoughtfully. ‘Well the thing is, Em - ’

‘‘Em’? Who’s ‘Em’? ’

‘People call you Em. I’ve heard them.’

‘Yeah, friends call me Em.’

‘So can I call you Em?’

‘Go on then, Dex.’

‘So I’ve given this whole ‘growing old’ thing some thought and I’ve come to the decision that I’d like to stay exactly as I am right now.’

Dexter Mayhew. She peered up at him through her fringe as he leant against the cheap buttoned vinyl headboard and even without her spectacles on it was clear why he might want to stay exactly this way. Eyes closed, the cigarette glued languidly to his lower lip, the dawn light warming the side of his face through the red filter of the curtains, he had the knack of looking perpetually posed for a photograph.”

 

 

 1286505-861172a92393f16be364c6cb11b68eef.jpg

David Nicholls (Hampshire, 30 november 1966)

 

 

 

 

De Vlaamse schrijver, dichter en performer Christophe Vekeman werd geboren in Temse op 30 november 1972. Zie ook alle tags voor Christophe Vekeman op dit blog.

 

 

Lapin, la porte et l'appétit

Met een wrange, wrede blik vol wroeging wilde je weten wat mij misschien scheelde
Op zoek naar een benzinestation zat ik al acht uur achter het stuur, -
je had kunnen weten dat ik me verveelde
Ik zei : ‘Wat zou er schelen ? Wat zou er aan de hand kunnen wezen ?’
En je wereldvreemde vriendje vroeg zich in ernst en hardop af of ik ooit al een boek van hem had gelezen

En we stonden samen in een lift, die op een nacht onverwacht stokte
Je vroeg mij of ik van meisjes hield, ik zei : ‘Yep ! Vooral dan van de kortgerokte’
En terwijl je vriendje mokte en zei dat hij niet wou dat er iemand zou beginnen te gillen
Trok je treiterig traag je trui omlaag over je blote billen

Geschaard rond de rouletteschijf in wat ooit een casino geweest was
Zette jij fluks de fles aan je mond, en je fluisterde : ‘In vino veritas’
En daarna zweeg je zedig, maar ik zag wat je dacht, en ik wist wat je voelde, schat
Terwijl je held zijn geld telde en ons vervolgens vertelde dat hij niets te verliezen had

Wel, dat vreselijke vriendje van je – hoelang zal hij nog je vriendje zijn ?
Hij vreet olijven bij de vleet en kauwt zelfs de pitten fijn
Je zegt in mijn bijzijn dat je van hem houdt, en daarna zucht hij : ‘Ja, en ik van jou’
Is het dit nu wat je wilde, schat, wel, is het dít wat je wou

Toen je jaren geleden loog dat wij niet voor elkaar waren geboren
Toen je wereldvreemde vriendje zich doof hield, en zei dat hij absoluut niet kon horen
Hoe je kreunde en krijste, hijgde en kreet
Toen je hem van harte dankte omdat hij de deur dichtdeed

 

 

 1286505-6044b5fdb3fe37f4fd5fad718c1b6337.jpg

Christophe Vekeman (Temse, 30 november 1972)

 

 

 

 

 

De Nederlandse dichter en schrijver Jan G. Elburg werd geboren op 30 november 1919 te Wemeldinge. Zie ook alle tags voor Jan G. Elburg op dit blog en de andere tags voor Jan G. Elburg op dit blog.

 

 

de kleine johannes

Geen groots visioen: mieren in de mist.
Maar het stond dan ook niet aan een hemel getekend.
Dit mijn drievuldigheid: de wereld en mijn twee ogen.

Geen groots visioen maar genoeg,
als een kruimel, als een gevallen haar,
stomme getuigen van onze misdaad:
wij hebben gewaagd te bestaan.

Mensen of mieren,
klein onderweg met hun koude zeulend.
Toch zeker en giftig en sterk als
de zon of haar aanbeden zusters de sterren.

En dat volstaat als heelal,
dit wezen, dit eind van de ruimte:
tastbare maar onweerhoudbare
werkelijkheid.

 

 

 

Ars poetica

Zo maar een ei van trilling in zijn hand
vijf vingers gedragen zich als bedaagde mannen
naar wie een fatale geliefde geknipoogd heeft
zijn buiten zichzelf en hemzelf
en de hand sluit zich gretig met tegenzin

'bezoek als een koekoek van zoelte
in een hand die zal broeden'
woorden van eenzelfdeorde als de eerstgenoemde
gebeurtenis
raken optwee plaatsen
een te laat waakzaam hoofd

aldus wordt een man bezocht die in geen wonder
heeft geloofd
maar die open zijn handen leeghield
voor wat desondanks kon komen
zijn oren gespitst naar een leegte

onverwacht treft een nooitvertoonde kleur zijn ogen
zijn tong een smaak als een toonhoogte

zo redelijk raakt het gedicht met letters
een pagina

 

 

 

 1286505-f1dded5382607ee654654f119ba0d5a6.jpg

Jan G. Elburg (30 november 1919 – 13 augustus 1992)

 

 

 

 

De Amerikaanse schrijver Mark Twain (pseudoniem van Samuel Langhorne Clemens) werd geboren op 30 november 1835 te Florida. Zie ook alle tags voor Mark Twain op dit blog.

 

Uit: The Adventures of Huckleberry Finn

 

“I set down again, a-shaking all over, and got out my pipe for a smoke; for the house was all as still as death now, and so the widow wouldn't know. Well, after a long time I heard the clock away off in the town go boom -- boom -- boom -- twelve licks; and all still again -- stiller than ever. Pretty soon I heard a twig snap down in the dark amongst the trees -- something was a stirring. I set still and listened. Directly I could just barely hear a "me-yow! me-yow!" down there. That was good! Says I, "me-yow! me-yow!" as soft as I could, and then I put out the light and scrambled out of the window on to the shed. Then I slipped down to the ground and crawled in among the trees, and, sure enough, there was Tom Sawyer waiting for me.

WE went tiptoeing along a path amongst the trees back towards the end of the widow's garden, stooping down so as the branches wouldn't scrape our heads. When we was passing by the kitchen I fell over a root and made a noise. We scrouched down and laid still. Miss Watson's big nigger, named Jim, was setting in the kitchen door; we could see him pretty clear, because there was a light behind him. He got up and stretched his neck out about a minute, listening. Then he says:

"Who dah?"

He listened some more; then he come tiptoeing down and stood right between us; we could a touched him, nearly. Well, likely it was minutes and minutes that there warn't a sound, and we all there so close together. There was a place on my ankle that got to itching, but I dasn't scratch it; and then my ear begun to itch; and next my back, right between my shoulders. Seemed like I'd die if I couldn't scratch. Well, I've noticed that thing plenty times since.”

 

 
1286505-b9a0f813809327829d8c5963a1b5b99d.jpg
Mark Twain (30 november 1835 – 21 april 1910)

Scene uit de film The Adventures of Huck Finn, 1993

 

 

 

 

De Engelse schrijver Jonathan Swift werd op 30 november 1667 in Dublin geboren uit Engelse ouders. Zie ook alle tags alle tags voor Jonathan Swift op dit blog.

 

Uit: Gulliver's Travels

 

“I lay down on the grass, which was very short and soft, where I slept sounder than ever I remembered to have done in my life, and, as I reckoned, about nine hours; for when I awaked, it was just day-light.  I attempted to rise, but was not able to stir: for, as I happened to lie on my back, I found my arms and legs were strongly fastened on each side to the ground; and my hair, which was long and thick, tied down in the same manner.  I likewise felt several slender ligatures across my body, from my arm-pits to my thighs.  I could only look upwards; the sun began to grow hot, and the light offended my eyes.  I heard a confused noise about me; but in the posture I lay, could see nothing except the sky.  In a little time I felt something alive moving on my left leg, which advancing gently forward over my breast, came almost up to my chin; when, bending my eyes downwards as much as I could, I perceived it to be a human creature not six inches high, with a bow and arrow in his hands, and a quiver at his back.  In the mean time, I felt at least forty more of the same kind (as I conjectured) following the first.  I was in the utmost astonishment, and roared so loud, that they all ran back in a fright; and some of them, as I was afterwards told, were hurt with the falls they got by leaping from my sides upon the ground.  However, they soon returned, and one of them, who ventured so far as to get a full sight of my face, lifting up his hands and eyes by way of admiration, cried out in a shrill but distinct voice, Hekinah degul: the others repeated the same words several times, but then I knew not what they meant.  I lay all this while, as the reader may believe, in great uneasiness.  At length, struggling to get loose, I had the fortune to break the strings, and wrench out the pegs that fastened my left arm to the ground; for, by lifting it up to my face, I discovered the methods they had taken to bind me, and at the same time with a violent pull, which gave me excessive pain, I a little loosened the strings that tied down my hair on the left side, so that I was just able to turn my head about two inches.”

 

 

1286505-64280e2999a8bb007f3277c05ee6ff3f.jpg
Jonathan Swift (30 november 1667 – 19 oktober 1745)

Illustratie uit Gulliver's Travels

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 30e november ook mijn blog van 30 november 2011 deel 1 en eveneens deel 2 en ook deel 3.

Geschreven door Romenu om 20:53 Reageer op dit bericht

Yasmine Allas

De Nederlandse schrijfster en actrice Yasmine Allas werd geboren op 30 november 1967 in Mogadishu in Somalië. Allas' vader werd vermoord in 1977, en acht jaar later vluchtte ze naar het buitenland. Toen ze in 1987 via Saoedi-Arabië en België in Nederland terecht kwam, volgde ze een toneelopleiding, en acteerde bij een aantal gezelschappen, waaronder De Trust en Nieuw Amsterdam. Haar debuutroman Idil, een meisje verscheen in 1998. In deze roman, over een Somalisch meisje dat zich staande probeert te houden in de harde Somalische mannengemeenschap, speelt het onderwerp vrouwenbesnijdenis een belangrijke rol. De generaal met de zes vingers uit 2001 werd ook alom geprezen. In 2004 verscheen De blauwe kamer, gevolgd in 2006 door een  essaybundel, Ontheemd en toch thuis, 2006. Een nagelaten verhaal, haar vierde roman, verscheen in 2009.

 

Uit: Idil

 

‘Haar schaamlippen zijn wat teruggetrokken’, hoorde ik haar zeggen. ‘Hoe groot moet het gat zijn?’
‘Als ze nog maar kan plassen ben ik tevreden’. Antwoordde mijn moeder. De vrouw gaf een paar flinke klappen tegen mijn schaamlippen om ze te laten opzwellen. Ze gebruikte geen verdovingsmiddel. Ik voelde dat ze aan mijn schaamlippen trok. Van boven naar beneden. Ik merkte het zagen van de mesjes en het knippen van de schaar. De pijn was zo ondraaglijk dat ik mijn billen omhoog tilde, maar de vrouwen drukten me onmiddellijk weer op de grond.

(…)

 

Mijn schaamlippen zijn weggesneden, mijn clitoris is weggehaald. Alles is daarna dichtgenaaid, er werd een piepklein tunneltje opengelaten. Overal kleefde bloed.”

 

 

 1366252-0a0190e8e315dc9c44419486967b33f2.jpg

Yasmine Allas (Mogadishu, 30 november 1967)

Geschreven door Romenu om 00:00 Reageer op dit bericht

Y.M. Dangre

De Vlaamse dichter en schrijver Y.M. (Yannick) Dangre werd op 30 november 1987 geboren in Kapellen. Dangre ging naar school op het Sint-Michielscollege in Brasschaat, waar hij in 2004 afstudeerde in de richting Latijn-Wiskunde. Tijdens zijn middelbare schoolcarrière ontwikkelde hij reeds zijn literair talent door het schrijven van enkele gedichtjes zoals elke puber doet, aldus Dangre. Enkele van deze gedichten werden in het jaarboek van zijn school gepubliceerd. Dangre maakte pastiches op de Franse symbolisten en debuteerde op tweeëntwintigjarige leeftijd met de roman Vulkaanvrucht, waarvoor hij de Debuutprijs kreeg. Hij begon aan deze roman te schrijven tijdens zijn universitaire opleiding. Een klein deel van de roman werd als voorpublicatie uitgebracht in de verhalenbundel Print is Dead (2009), door uitgeverij Meulenhoff/Manteau. In 2011 verscheen zijn dichtbundel Meisje dat ik nog moet, die genomineerd werd voor de C. Buddingh'-prijs en waarmee hij de Herman de Coninckprijs won. Op 14 december 2011 nam Dangre deel aan de 22ste editie van het Groot Dictee der Nederlandse Taal waar hij met vijf fouten als tweede eindigde. In 2012 verscheen zijn tweede roman Maartse kamers bij De Bezige Bij. Zie ook alle tags voor Y.M. Dangre op dit blog.

 

 

De derde eenzaamheid

De dichter is een kant, een donkere
Helft van de mensheid waar het schijndood
En zondagse vernieling regent, waar de wolken smelten
Tussen de uitgelezen tanden van zijn weemoed.

Een schaduwland is hij, een knokig kroondomein
Van raadsels en te lang bewaarde mythes
Over witte zonnen die niemand meer bezoekt
En in wier stralen hij groeiend dakloos is.

Hij is als vanouds die kant, dat land
Van schuimende sterrenbeelden en echo’s te groot
Voor het vergeelde gras en de trouwe grafzerken
Van zijn keel. Hij dobbert rond in wanklank
Stoffig van alle seizoenen en eindigt megalomaan
Onbewoond.

 

 

 1296483-a359e652025d76f9ed5adf66bb2ff5e6.jpg

Y.M. Dangre (Kapellen, 30 november 1987)

Geschreven door Romenu om 00:00 Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten