Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
seniorennet.beseniorennet.be

Berichten van 3 april 2016

Charles Ducal, Adriaan Jaeggi, Frederik van Eeden, Peter Huchel, Arlette Cousture, Pieter Aspe, Karel N.L. Grazell

De Vlaamse dichter en schrijver Charles Ducal (pseudoniem van Frans Dumortier) werd geboren in Leuven op 3 april 1952. Zie ook alle tags voor Charles Ducal op dit blog.

 

Liefdesdans voor twee

Ik voel je zachte adem
strelend op mijn huid
plagerig verlokkend
passie straal je uit

Zwoele kussen dwalen
fladderend en traag
mijn lichaam is betoverd
beantwoordt stil je vraag

We zoeken in elkaar
verleidelijke troeven
en in ons samenzijn
kun je ook liefde proeven

In verstrengeling gebonden
steeds hoger op de tree
de hemel binnen bereik
liefdesdans voor twee

 

 

Verspreking

Door een verspreking viel ik uit het raam.
Op straat liepen gedachten te hoop,
zij bogen zich over het neergedaald lichaam
en zochten een gat in het hoofd.

Er duwde een vraag op mijn voorhoofd, zo
scherp dat mijn ogen begonnen te lopen.
Ieder gezicht ging voor mij open
en toonde hetzelfde verschrikkelijk woord.

Ik wist dat mijn status van dichter vebood
het mee te nemen, de taal in naar boven.
Daar hingen intussen, bezorgd, de genoten
en trokken mij aan mijn tong weer omhoog.

 

 

Impasse

Zo vond de vrouw haar man, de dichter:
gehurkt in het bad, het hoofd geklemd
tussen de knieën, alleen met zichzelf,
het oude vlees, de verschrompelde stichter

van haar geluk. Zij zag hoe gebogen,
hoe naakt en menselijk buiten de taal.
De warmte wolkte, vrede zong uit de kraan.
Dit, dacht zij, kon hij dit maar verwoorden...

Hij zag haar niet, rook zijn zweet,
keek naar zijn lid in het stijgende water.
Het water was heter dan hij kon verdragen.
Hij haatte.
De vrouw had hij lief

 

 1897746-0f35f5ccd4e51c6d95ca14e906406e9a.jpg
Charles Ducal (Leuven, 3 april 1952)

 

 

De Nederlandse schrijver, dichter en columnist Adriaan Jaeggi werd geboren op 3 april 1963 in Wassenaar. Zie ook alle tags voor Adriaan Jaeggi op dit blog.

 

Over geld

Hoe vaak een afscheid zich ook aandiende,
nooit dacht je aan geld. Dat je ooit berooid
zou sterven was verouderd kleingeld in je zak,
je speelde er mee, je kon er niets voor kopen.

Hoe lang heb je al geld? De eerste keer
dat je iets kocht, een wonder
dat zich bleef herhalen: brood voor beloven,
winst bij wisselen, geld voor geruststelling.
Iets voor niets.

Ze zeiden: geld kun je niet eten. Toch kwam
een dubbeltje er ongeschonden uit. Je slikte
kwartjes, guldens, zelfs rijksdaalders
en alles bleef glanzen.

Nu heb je altijd geld. Nullen op de bank,
vogels en vuurtorens in je broekzak. Beatrix'
neus drukt geruststellend tegen je ballen.

Je hebt afscheid, bagage, leeftocht. Je kunt gaan
waarheen je wilt, streven naar iets hogers.
De brandstof van je angst wordt steeds goedkoper.

 

 

Lief dat je het vraagt,

lief dat je het vraagt
laten we de formaliteiten maar even achterwege laten.
De maand ligt achter ons.
De wind houdt aan.
De dag is nauwelijks half om en nu al
blijkt hier van alles zoek.

 

 1897746-d7b57917c5ea812aeed86ce22ec89cf0.jpg
Adriaan Jaeggi (3 april 1963 – 10 juni 2008)
 

 

De Nederlandse dichter en schrijver Frederik van Eeden werd geboren in Haarlem op 3 april 1860. Zie ook alle tags voor Frederik van Eeden op dit blog.

Uit: De kleine Johannes

“Ik behoef u niet te zeggen hoeveel Johannes van Presto hield. Maar hij had toch ook heel wat ruimte in zijn hart voor anderen over. Vindt ge het vreemd dat zijn donker slaapkamertje met de kleine ruitjes daar ook een groote plaats innam? Hij hield van het behangsel met de groote bloemfiguren, waarin hij gezichten zag en waarvan hij de vormen zoo dikwijls bestudeerd had, als hij ziek was of 's morgens wakker lag, hij hield van het eene schilderijtje dat er hing, waarop stijve wandelaars waren afgebeeld, die in een nog stijver tuin wandelden langs gladde vijvers, waarin hemelhooge fonteinen spoten en kokette zwanen zwommen; - het meest hield hij echter van de hangklok. Hij wond die altijd met zorg en aandacht op en hield het voor een noodzakelijke beleefdheid naar haar te kijken als zij sloeg. Dat ging natuurlijk alleen, zoolang Johannes niet sliep. Was de klok door een verzuim stil blijven staan, dan voelde Johannes zich zeer schuldig en vroeg haar duizend maal vergeving. Gij zoudt misschien lachen, als ge hem met zijn kamer in gesprek hoordet. Maar let eens op hoe dikwijls gij bij u zelven spreekt. Dat schijnt u in 't geheel niet belachelijk. Johannes was bovendien overtuigd, dat zijne hoorders hem volkomen begrepen en had geen antwoord noodig. Maar heimelijk wachtte hij toch wel eens een antwoord van de klok of het behangsel.
Schoolkameraden had Johannes wel, maar vrienden waren het eigenlijk niet. Hij speelde met hen en smeede samenzweringen op school en vormde rooverbenden met hen buiten, maar hij voelde zich eerst recht thuis als hij alleen met Presto was. Dan verlangde hij nimmer naar jongens, en voelde zich volkomen vrij en veilig.
Zijn vader was een wijs en ernstig man, die Johannes dikwijls medenam op lange tochten door wouden en duinen; dan spraken zij weinig en Johannnes liep tien schreden achter zijn vader, de bloemen groetend, die hij tegenkwam en de oude boomen, die zoo altijd op dezelfde plaats moesten blijven, vriendelijk met zijn handje langs de ruwe schors strijkend. En ruischend dankten hem dan de goedige reuzen.
Soms schreef zijn vader letters in het zand bij het voortgaan, één voor één, en Johannes spelde de woorden die zij vormden en soms ook stond de vader stil en leerde Johannes den naam van een plant of dier.”

 

 1897746-a6fbd0a9d0932a2d13932213eca89cfd.jpg
Frederik van Eeden (3 april 1860 – 16 juni 1932)
De kleine Johannes. Beeld van Margot Hudig uit 1950 in Bussum

 

 

De Duitse dichter Peter Huchel werd geboren in Lichterfelde bij Berlijn op 3 april 1903. Zie ook alle tags voor Peter Huchel op dit blog.

 

Begegnung
              Für Michael Hamburger

Schleiereule,
Tochter des Schnees,
dem Nachtwind unterworfen,

doch Wurzeln fassend
mit den Krallen
im modrig grindigen Gemäuer,

Schnabelgesicht
mit runden Augen,
herzstarre Maske
aus Federn weißen Feuers,
das weder Zeit noch Raum berührt,

kalt weht die Nacht
ans alte Gehöft,
im Vorhof fahles Gelichter,
Schlitten, Gepäck, verschneite Laternen,

in den Töpfen Tod,
in den Krügen Gift,
das Testament an den Balken genagelt.

Das Verborgene unter
den Klauen der Felsen,
die Öffnung in die Nacht,
die Todesangst
wie stechendes Salz ins Fleisch gelegt.

Laßt uns niederfahren
in der Sprache der Engel
zu den zerbrochenen Ziegeln Babels.

 

 1897746-a7cea5e26862cb514855c54df65cc690.jpg
Peter Huchel (3 april 1903 – 30 april 1981)
Borstbeeld voor het Peter-Huchel-Hausin Wilhelmshorst - Michendorf

 

 

De Canadese schrijfster Arlette Cousture werd geboren in Saint-Lambert op 3 april 1948. Zie ook alle tags voor Arlette Cousture op dit blog.

Uit: Les Filles de Caleb

« Émilie ne ferma qu'un œil durant sa première nuit. Elle se tourna et se retourna, se demandant si un jour elle s'habituerait aux bruits incessants de cette ville. Elle se sentit bien loin de son Bourdais, là où seuls le beuglement des vaches, le hennissement occasionnel d'un cheval, le cri des oiseaux nocturnes, le chant des criquets et le coassement des grenouilles se permettaient de troubler le silence de la nuit. Elle pensa que cette symphonie de la nature avait toujours bercé ses rêves. Ce n'était pas comme ce grondement lointain des usines de pâtes et papier, ces éclats de voix ponctués de cris qui entraient par sa fenêtre, ce bruit des machines qui roulaient sans arrêt, ces portes qu'elle entendait claquer si fort qu'à deux reprises elle avait eu l'impression qu'il s'était agi de la porte de sa chambre, ce gargouillis de tuyauterie qui envahissait la maison chaque fois que les voisins du dessus ouvraient un robinet dans la cuisine ou tiraient la chasse de la toilette.
(…)

Se raclant la gorge [le médecin], il demanda à Dosithée s'il devait essayer de sauver la mère ou l'enfant. Dosithée blêmit. Il avait déjà entendu raconter de ces histoires où un homme devait devenir Dieu et décider de la mort d'une personne. Il savait que l’Église demandait de sauver l'enfant. Il pleura, dos tourné.
"Sauvez ma femme, docteur".

 

 1897746-783e43fc565d374b57a8e6e978253421.jpg
Arlette Cousture (Saint-Lambert, 3 april 1948)

 

 

De Vlaamse schrijver Pieter Aspe (pseudoniem van Pierre Aspeslag) werd geboren in Brugge op 3 april 1953. Zie ook alle tags voor Pieter Aspe op dit blog.

Uit:Het laatste bevel

“Wat doe jij hier?’
Willem Debaes bekeek de man die voor hem in de deuropening stond tegelijk onderzoekend en argwanend. Hij leek niet veel veranderd sinds ze elkaar voor het laatst hadden gezien. Zijn haar was korter, zijn blik zelfverzekerder, voor de rest zag hij er nog dezelfde oen uit als toen, behalve dat hij nu smaakvol gekleed was, mooi gebruind, een duur horloge om had en zijn handen een regelmatig bezoek bij een manicure verraadden.
‘Ik vertegenwoordig de eigenares’, klonk het afgebeten.
‘Je bent toch geen makelaar geworden?’
‘Waarom zou ik geen makelaar geworden zijn?’
De rotzak was nog even arrogant als vroeger. De spot, het misprijzen, het meewarige hoofdschudden. Hij was het evenmin verleerd mensen te kleineren, te vernederen, hun het bloed onder de nagels vandaan te halen.
‘Omdat je van lood geen goud kunt maken, ventje.’
De man glimlachte terwijl hij de pijn verbeet van oude wonden die weer werden opengereten en probeerde zijn ademhaling onder controle te houden omdat hij Debaes niet het gevoel wilde geven dat hij nog macht over hem kon uitoefenen. Die tijd was voorgoed voorbij. Hij had de teugels zelf in handen genomen.
‘Wilt u het huis dan niet bezoeken?’
‘Natuurlijk. Waarom denk je anders dat ik de moeite heb gedaan om hiernaartoe te komen?’
Omdat je met je eigen ogen wilde zien welke gek een villa met zwembad voor die prijs te koop aanbiedt, wilde de man zeggen. Willem Debaes was behalve arrogant, dominant en harteloos ook ongelooflijk hebzuchtig. Zijn bedrijf was vijftien miljoen euro waard, zijn privévermogen werd op tien miljoen geschat. Zelfs een idealistische wereldverbeteraar wist dat iemand die van nul was begonnen een dergelijk fortuin niet op een eerlijke manier had kunnen verdienen.
‘Komt u binnen, meneer Debaes. Ik geef u een rondleiding.”

 

 1897746-6dd5c8e07fc914afce12d47acf8d5bc9.JPG
Pieter Aspe (Brugge, 3 april 1953)

 

 

De Nederlandse schrijver en dichter Karel N.L. Grazell werd geboren in Amsterdam,op 3 april 1928. Zie ook alle tags voor Karel N.L. Grazell op dit blog.

 

Lekstraat: tramremise

Bovenop het snel vergeten Amsteldorp
met huisjes en tuintjes, en met ‘n strand
dat gleed naar de rivier, stonden die dag
de trams staakstil en schudden met hun
voorbalkons van nee, we rijden niet meer
uit. Wreedheid heerst tot bloedens en tot
stervens toe in de oorlogsstraten van de
stad: de jacht op Joden dient te stoppen.
Het staken ging verwoed door alle wijken.
Maar de vijand kwam en schoot de trams
die staakten, neer. Ze bloedden metaal en
straf. Er was geen ontkomen aan: traag
begonnen de trams weer te rijden en de
wreedheid groeide in rillend Amsterdam.

 

 1897746-86de84cb30b8cdf8d3f405b87ccf1015.jpg
Karel N.L. Grazell (Amsterdam,3 april 1928)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 3e april ook mijn vorige blog van vandaag.

Geschreven door Romenu om 12:06 Reageer op dit bericht

Edward Everett Hale, Johanna Walser, Washington Irving, Josef Mühlberger, George Herbert, Bodo von Hodenberg, Friedrich Emil Rittershaus

De Amerikaanse schrijver Edward Everett Hale werd geboren op 3 april 1822 in Roxbury, Massachusetts. Zie ook alle tags voor Edward Everett Hale op dit blog.

Uit: The man without a country

“I have reason to think, from some investigations I made in the Naval Archives when I was attached to the Bureau of Construction, that every official report relating to him was burned when Ross burned the public buildings at Washington. One of the Tuckers, or possibly one of the Watsons, had Nolan in charge at the end of the war; and when, on returning from his cruise, he reported at Washington to one of the Crowninshields,—who was in the Navy Department when he came home,—he found that the Department ignored the whole business. Whether they really knew nothing about it, or whether it was a "Non mi ricordo," determined on as a piece of policy, I do not know. But this I do know, that since 1817, and possibly before, no naval officer has mentioned Nolan in his report of a cruise.
But, as I say, there is no need for secrecy any longer. And now the poor creature is dead, it seems to me worth while to tell a little of his story, by way of showing young Americans of to-day what it is to be
A MAN WITHOUT A COUNTRY.
Philip Nolan was as fine a young officer as there was in the "Legion of the West," as the Western division of our army was then called. When Aaron Burr made his first dashing expedition down to New Orleans in 1805, at Fort Massac, or somewhere above on the river, he met, as the Devil would have it, this gay, dashing, bright young fellow, at some dinner-party, I think. Burr marked him, talked to him, walked with him, took him a day or two's voyage in his flat-boat, and, in short, fascinated him. For the next year, barrack-life was very tame to poor Nolan. He occasionally availed of the permission the great man had given him to write to him. Long, high-worded, stilted letters the poor boy wrote and rewrote and copied. But never a line did he have in reply from the gay deceiver. The other boys in the garrison sneered at him, because he sacrificed in this unrequited affection for a politician the time which they devoted to Monongahela, sledge, and high-low-jack. Bourbon, euchre, and poker were still unknown. But one day Nolan had his revenge.”

 

 1897742-d074c3baa310a02cb3a94bf176bc25c4.jpg
Edward Everett Hale (3 april 1822 – 10 juni 1909)
Borstbeel door  Henry Hudson Kitson, 19e eeuw

 

 

De Duitse schrijfster en vertaalster Johanna Walser werd geboren op 3 april 1957 in Ulm. Zie ook alle tags voor Johanna Walser op dit blog.

Uit: Die Unterwerfung

„Sie fesselten Lisa, dass sie sich nicht mehr rühren konnte, und sprachen sich ihr vor, dass es Lisa traf wie Peitschenschläge. Lisa stand oft nicht gerecht da, gegenüber manchen, die diese Sätze gesprochen hatten, die Vorwürfe waren oft gerechtfertigt. Auch war es nicht so, dass Lisa die Menschen dafür hassen musste oder konnte, aber die bloße Verletzung würgte sie ziemlich. Manchmal schliefen die Besatzer, auf einmal aber konnten sie aufwachen und ihre Feste feiern in Lisa.“
(…)

„Wenn Lisa abends Musik hörte, war sie gerettet; es kam ihr vor, sie verwandle sich in Musik. Den Schmerz nahm sie dann wie eine Hostie. Dann war sie plötzlich beleidigt – nur weil die Musik sich entrüstete, zuckte wie ein stolzes, misshandeltes Pferd – oder nein, sie täuschte sich, sie war von etwas emporgehoben, das hell auffährt und alles Schwere und Niederdrückende abwirft. Helle Flucht. Jemand spielte Klavier, und eine Musikstelle versetzte Lisa in einen Augenblick, in dem sie alles einfach empfing und alles sie schön berührte, zu ihr kam, an die Augen, sanft. Der Klavierspieler wiederholte diese leise, schöne Musikstelle, wieder und wieder … sie wachte auf und wachte auf, hörte nicht auf gerade aufzuwachen.“

 

 1897742-63a9fd65642468cbfb0ecf497e82fa54.jpg
Johanna Walser (Ulm, 3 april 1957)

 

 

De Amerikaanse schrijver Washington Irving werd geboren op 3 april 1783 in Manhattan, New York. Zie ook alle tags voor Washington Irving op dit blog.

Uit: Tales of the Alhambra

“The emperor Charles V. com menced a sumptuous palace within its walls, but was deterred from completing it by repeated shocks of earthquakes. The last royal residents were Philip V. and his beautiful queen, Elizabetta of Parma, early in the eighteenth century. Great preparations were made for their reception. The palace and gardens were placed in a state of repair, and a new suite of apartments erected, and decorated by artists brought from Italy. The sojourn of the sovereigns was transient, and after their departure the palace once more became desolate. Still the place was maintained with some military state. The gov ernor held it immediately from the crown; its jurisdiction extended down into the suburbs of the city, and was independent of the captain-general of Granada.
The desertion of the court, however, was a fatal blow to the Alhambra. Its beautiful halls became desolate, and some of them fell to ruin; the gardens were destroyed, and the foun tains ceased to play. By degrees the dwellings became filled with a loose and lawless population contrabandistas, 5 who availed themselves of its independent jurisdiction to carry on a wide and daring course of smuggling ; and thieves and rogues of all sorts, who made this their place of refuge whence they might depredate upon Granada and its vicinity. The strong arm of government at length interfered; the whole community was thoroughly sifted; none were suffered to remain but such as were of honest character, and had legitimate right to a residence; the greater part of the houses were
demolished, and a mere hamlet left, with the parochial church and the Franciscan convent. During the recent troubles in Spain, when Granada was in the hands of the French, the Alhambra was garrisoned by their troops, and the palace was occasionally inhabited by the French commander.
With that enlightened taste which has ever distinguished the French nation in their conquests, this monument of Moorish elegance and grandeur was rescued from the absolute ruin and desolation that were overwhelming it. The roofs were repaired, the saloons and galleries protected from the weather, the gardens cultivated, the watercourses restored, the fountains once more made to throw up their sparkling showers; and Spain may thank her invaders for having preserved to her the most beautiful and interesting of her historical monuments.”

 

 1897742-03dd6934ddc0a0746b8f295c7ea25066.jpg
Washington Irving (3 april 1783 - 28 november 1859)
Portret door Gilbert Stuart Newton, 1830

 

 

De Engelse priester en dichter George Herbert werd op 3 april 1593 geboren, waarschijnlijk te Black Hall (Wales). Zie ook alle tags voor George Herbert op dit blog.

 

Mattins

I cannot ope mine eyes,
But thou art ready there to catch
My morning-soul and sacrifice:
Then we must needs for that day make a match.

My God, what is a heart?
Silver, or gold, or precious stone,
Or star, or rainbow, or a part
Of all these things or all of them in one?

My God, what is a heart?
That thou should'st it so eye, and woo,
Pouring upon it all thy art,
As if that thou hadst nothing else to do?

Indeed man's whole estate
Amounts (and richly) to serve thee:
He did not heav'n and earth create,
Yet studies them, not him by whom they be.

Teach me thy love to know;
That this new light, which now I see,
May both the work and workman show:
Then by a sun-beam I will climb to thee.

 

 1897742-c72d3d391850118caeb1bcaf2c34f72d.jpg
George Herbert (3 april 1593 - 1 maart 1633)
Portret door Robert White, 1674

 

 

De Duitse schrijver Josef Mühlberger werd geboren op 3 april 1903 in Trautenau in Böhmen. Zie ook alle tags voor Josef Mühlberger op dit blog.

Uit: Wo ich daheim war. Erzählungen aus dem böhmischen Riesengebirge.

“Heute, vor dem Einschlafen, fiel mir ungerufen ein, was längst vergessen schien, und hier in der Fremde, in der ich seit Jahren lebe, fiel es mir ein. Ich ging den Weg wie damals als Knabe, trat aus dem Garten um unser Haus mit dem von Balsaminen umblühten Zaun, stieg den Hang hinauf, ging durch den Hohlweg, vorbei am Steinbruch mit der fleischroten Mauer unter dem Grün der Sträucher...bis zu Pater Neumann Kreuz. ...In meiner Kindheit war kein Tag gewesen ohne diesen Weg, ...ohne daß ich den Wassertümpel besucht hätte...oft mache ich den Weg in meinen Gedanken beim Einschlafen oder an Regentagen, und gehe jetzt, in der Fremde, nach vielen Jahren, wieder vor dem Einschlafen, als könne ich morgen meinen Wassertümpel besuchen, der auf mich wartet und traurig ist, wenn ich nicht komme. Sehe unter den graubärtigen Ästen einen Knaben übers Wasser geneigt sitzen, die Wangen von der Sonne gerötet wie die Himbeeren am Strauch, die Haare schimmernd wie die Ähren der Gerste und als Gold eingelegt ins Silber des Wasserspiegels. Alles noch wirklich, und doch schon Traum.“

 

 1897742-4ef18ba80dde47b4fca689021bd94462.jpg
Josef Mühlberger (3 april 1903 – 2 juli 1985)
Tijdens een reis op jongere leeftijd 

 

 

De Duitse dichter Bodo von Hodenberg werd geboren op 3 april 1604 in Hudemühlen. Zie ook alle tags voor Bodo von Hodenberg op dit blog.

 

Vor deinen Thron tret ich (Fragment)

Gott Heilger Geist, du höchste Kraft,
des Gnade in mir alles schafft,
ist etwas Guts am Leben mein,
so ist es wahrlich alles dein.

Drum danke ich mit Herz und Mund
dir, Gott, in dieser Morgenstund
für alle Güte, Treu und Gnad,
die meine Seel empfangen hat.

Und bitt, dass deine Gnadenhand
bleib über mir heut ausgespannt;
mein Amt, Gut, Ehr, Freund, Leib und Seel
in deinen Schutz ich dir befehl.

 

 1897742-c271dc790be4674b7e642ef9505d9798.jpg
Bodo von Hodenberg (3 april 1604 - 20 september 1650)
Monument ter herinnering aande familieburcht Hodenhagen van het geslacht von Hodenberg

 


 
De Duitse koopman en schrijver Friedrich Emil Rittershaus werd geboren op 3 april 1834 in Barmen. Zie ook alle tags voor Friedrich Emil Rittershaus op dit blog.

 

Auf dem Berge

Nun bin ich auf den Berg gestiegen
Und schau‘ in’s grüne Land hinein.
Im Sonnenschein die Täler liegen;
Die Berge deckt der Sonnenschein.
Im Sonnenschein die Falter scherzen,
Im Sonnenstrahle glänzt der Quell
Und in der Brust, im tiefsten Herzen
Wird’s wieder licht und sonnenhell!

Schon lugt im Wald durch’s herbstlich falbe,
Zertretne Laub der Blüten Pracht;
Schon hat die Lerche, hat die Schwalbe
Der junge Lenz zurück gebracht.
Sie alle sind der Lust Propheten,
Propheten einer sel’gen Zeit!
Aus tausend Pforten seh‘ ich treten
Hin in die Welt die Fröhlichkeit.

Sei mir gegrüßt mit meinem Liede,
Sei mir gegrüßt aus vollster Brust,
Du wunderbarer Frühlingsfriede,
Du wundersame Frühlingslust!
Mit frohem Sinne zum Himmel wende
Ich nun die Augen tiefbewegt.
Mir ist, als hätt‘ mir seine Hände
Ein Engel auf die Stirn gelegt.

 

 1897742-b1357464c06895623c5f33d06c04def8.png
Friedrich Emil Rittershaus (3 april 1834 – 8 maart 1897)

 

Geschreven door Romenu om 12:04 Reageer op dit bericht

Bert Bakker

De Nederlandse dichter, schrijver en uitgever Bert Bakker werd geboren in Huizum (Leeuwarden) op 3 april 1912. Bakker schreef een aantal letterkundige studies, twee romans, poëzie en kinderboeken. In WO II was hij betrokken bij het verzet en werkte hij mee aan het illegale Vrij Nederland. Na de bevrijding werd hij enig directeur van de uitgeverij Bert Bakker. In 1953 richtte hij het maandblad Maatstaf op, waarvan hij tot 1969 redacteur was. Als uitgever bij Bert Bakker/Daamen had hij veel succes met de reeks Ooievaar Pockets waarvan er in eerste instantie 199 verschenen. Nadat in 1972 de laatste Ooievaar van bovengenoemde serie verscheen, werd in april 1991 een nieuwe reeks Ooievaars op stapel gezet. De serie begon met de nummers 266 tot en met 305, daarna is men doorgegaan met een serie ongenummerde Ooievaars.

 

Terug

't Wordt al gezocht en weergevonden:
dezelfde tuin onder dezelfde lucht,
hetzelfde hart, waarmee ik was verbonden
vóór mijn verraad en heimelijke vlucht.

Het is er nog; het is altijd gebleven.
Alles is weer, zooals het vroeger was.
De berken wiegen en de bloemen beven
en prachtig schijnt de zon over het voorjaarsgras.

En gij, hoe vreemd, wilt mij opnieuw ontvangen,
opnieuw mijn hoofd verbergen in uw schoot.
Zoo laat mij, láát mij dan, en merk uit mijn verlangen
hoe onuitsprekelijk het was en groot.

 

Regenlied

Vaak ligt zij stil en luistert naar den regen,
Die recht en ruischend langs haar venster stroomt.
Zij weet dan niet meer of zij waakt of droomt,
En of de boomen stilstaan of bewegen.

Het is zoo vreemd: dit onophoudelijk zingen.
Altijd hetzelfde lied - Voorbij haar open raam.
Het waait naar binnen en het raakt haar aan.
Het maakt zichzelf vertrouwd met alle dingen.

Zoo duurt het door - Zoo zal het lang nog duren.
Zij weet, dat zij het niet ontkomen kan,
Vóórdat zij sterven gaat - En dan
Zal het nòg bij haar zijn - tot in haar laatste uren.

Maar als zij eindelijk afscheid heeft genomen
En door een engel zacht is weggeleid,
Zal er het ééuwig zingen komen,
Waartoe dit haar heeft voorbereid.

 

 2016139-ae1deb8fff0312a4019d646ae48d2109.jpg

Bert Bakker (3 april 1912 – 19 september 1969)

Geschreven door Romenu om 00:00 Reageer op dit bericht

In Memoriam Lars Gustafson

 

In Memoriam Lars Gustafson

De Zweedse dichter en schrijver Lars Gustafsson is op 79-jarige leeftijd overleden. Lars Gustafsson werd geboren in Västeras, op 17 mei 1936. Zie ook alle tags voor Lars Gustafsson op dit blog.

 

Elegie over een dode labrador

in twee verschillende werelden: de mijne,
meest letters, een tekst die door het leven loopt,
de jouwe voornamelijk gebeuren. Je bezat een kennis
die ik dolgraag bezeten zou hebben: het vermogen
gevoel, lust, haat of liefde
als een golf door je hele lichaam te laten gaan,
van je neus tot je staartpunt, het onvermogen
om het bestaan van de maan te accepteren.
Bij volle maan huilde je steeds luid naar haar op.
Je was een beter gnosticus dan ik. En je leefde
zodoende voortdurend in het paradijs.
Je had de gewoonte al springend vlinders te vangen
en ze op te peuzelen, iets dat sommige mensen weerzinwekkend vonden.
Ik stelde dat immer op prijs. Waarom
kon ik er geen lering uit trekken? En deuren!
Voor gesloten deuren ging je liggen slapen,
vast overtuigd dat vroeg of laat degene moest komen
die de deur open zou doen. Je had gelijk.
Ik had ongelijk. Ik vraag me af, nu deze lange
woordloze vriendschap voorgoed voorbij is,
of ik mogelijkerwijs iets kon dat jou
imponeerde. Je vaste overtuiging dat
ik het was die het onweer opriep
telt niet mee. Dat was een vergissing. Ik denk
dat mijn geloof dat de bal bleef bestaan
ook wanneer hij achter de bank verscholen lag
je ergens een idee gaf van mijn wereld.
In mijn wereld lag het meeste verscholen
achter iets anders. Ik noemde je ‘hond’.
Ik vraag mij vaak af of je mij beschouwde
als een grotere, meer lawaai makende ‘hond’,
of als iets anders, voor altijd onbekend,
dat is wat het is, bestaat in de eigenschap
waarin het bestaat, een fluitje
door het nachtelijke park waarop je
gewend was terug te keren zonder eigenlijk
te weten waarnaar. Over jou, over
wie je was, wist ik niet meer.
Je zou kunnen zeggen, vanuit dit wat objektievere
standpunt: We waren twee organismen.
Twee van deze plekken waar het universum
in zichzelf verstrikt raakt, kortstondige, komplexe
proteïnestrukturen, die steeds ingewikkelder
moeten worden om te overleven, tot alles
uiteenspringt en weer eenvoudig wordt, de knoop
ontward, het raadsel vervlogen. Je was niets dan
een vraag gericht aan een andere vraag
en geen van beiden bezat andermans antwoord.


Vertaald door Bernlef

 

 1898663-eb884ab4e5bae707bc5da9c1d2921f2e.jpg
Lars Gustafsson (17 mei 1936 - 3 april 2016)

Geschreven door Romenu om 00:00 Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten