Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
seniorennet.beseniorennet.be

Berichten van 21 maart 2018

Willem de Mérode, Pim te Bokkel, Kees van Beijnum, Hamid Skif, Jean Paul

Dit Romenu Blog bestaat vandaag precies twaalf jaar. Dank weer aan alle oude en nieuwe bezoekers voor hun interesse en reacties van het afgelopen jaar. De eerste bijdrage in 2006 ging over de dichter en schrijver Willem de Mérode. Traditiegetrouw, omdat hij aan de wieg stond van dit Blog, ook nu weer een gedicht van hem. Zie ook mijn blog van 2 september 2010 en voor het overige de Willem de Mérode tags op dit blog bij Skynet.

 

 2130970-b65e5c8e597754602ca32f8c747eb258.jpg
The Blue Boy door Thomas Gainsborough, 1779

 

 

The blue boy

Ik draag het leven in zijn rijksten tooi,
Gelijk mijn zachte blauwe zijden kleeren.
Een weelge wappering van koele veeren
Is ’t aan mijn oren: ’t leven is zoo mooi!

Zie mijn gestalte: kostelijk en trotsch
De kloeke bouw der lenig jonge leden.
Nog ken ik niet dan moeders teederheden
En ben zoo rein gelijk een engel Gods.

Maar om mijn mond schemert het weeke smachten
Naar liefde, die mijn droomen slechts vermoeden,
En in mijn oogen leeft de glans van nachten,

Wier heerlijkheid geen daglicht kan vergoeden.
En rustig wacht ik vreugden, die nog komen,
’t Leven is heerlijk als het wordt genòmen!

 

 2130970-3c432723706030f47269c824459c0992.jpg
Willem de Mérode (2 september 1887 – 22 mei 1939)

 

 

De Nederlandse dichter Pim te Bokkel werd geboren in Winterswijk op 21 maart 1983. Zie ook alle tags voor Pim te Bokkel op dit blog.

 

Fatal system error

wie is die man
die met zijn vierkante laptop
in zijn deurpost staat en zowaar
adem haalt
en dingen denkt als

Ja wie ben ik? Een kleine
lul. Op een stoepje. Mijn
stoepje. Met vierkante tegels

daar staat hij - in een
straat in een vierkantje vergeten vinex
vlak
onder dat plaatsje met
die ene naam ergens links op de landkaart

Ik sta hier. Op een planeet
Die om de zon draait. Dat
Is logisch. Dat is gewoon zo
en ja hoor daar staat
hij - de vierkante man op zijn ronde planeet
op het punt
tussen werk en ontbijt tussen rijden
en file

Ik sla alles op. De wereld als
getallen. Als formules op
mijn harddrive. Nul Nul Nul

en dan speelt hij
hamertje tik
met de hamer van een stoffige it-er en diezelfde
dwaze blik - vierkantje
ronde tik tik

 

 

Zon

Als eerste mens
ben ik vanochtend de zoon
van de zon

In het licht
van die fantastische vader
zie je me zo
als gewoon een insect
of forens

Nog even en
we zien door gloeiende wolken
mijn onverbeterlijke vader
als superman
uit zijn overhemd breken

 

 2130970-25e4df8ed56f69b230e8cdfccd23c184.png
Pim te Bokkel (Winterswijk, 21 maart 1983)

 

 

De Nederlandse schrijver Kees van Beijnum werd geboren in Amsterdam op 21 maart 1954. Zie ook alle tags voor Kees van Beijnum op dit blog.

Uit: Een soort familie

“Als hij in de stenen, glazen schittering van de hoge kantoorgebouwen door zijn rayon rijdt, heeft hij het gevoel dat hem werkelijk alles meezit op deze warme lentedag. De meeste mensen zijn al op hun werk en hij is onderweg tussen het gesuis van de auto’s en het krioelende leven, zijn radio afgestemd op de favoriete muziekzender. Een telefoontje van de binnendienst voert hem zonder uitstel naar het rayon van zijn collega Marloes, die op vakantie is aan de Rode Zee. Hem is verteld dat het een onbekend adres betreft, Eldorado Reizen is dus geen voorbewerkte prospect van Marloes, wat inhoudt dat hij als haar waarnemer de onverdeelde som aan provisie opstrijkt, mocht zijn demonstratie tot een order leiden. Eldorado Reizen blijkt gevestigd aan de Gedempte Oude Gracht in Haarlem, parkeerplaats voor de deur, begane grond, zonder drempel. Soepel en vanzelfsprekend duwt hij zijn uitklapbare kar met de XR10 erop het linoleum over. Tien minuten later staat hij weer buiten in het volle licht van zijn succes, met een getekende order inclusief uitgebreid servicecontract op zak.
over de weg door de duinen rijdt hij naar de kust, waar de strandtenten tot zijn aangename verrassing al zijn opgebouwd. Met zijn zonnebril voor zijn ogen, stropdas los, eet hij een broodje op het terras. Het licht op zee is adembenemend, feeëriek. Hij is een kind van het water, die band gaat ver terug. En terwijl de golfjes een voor een omrollen en voortkruipen over het droge zand, zou hij dit een perfecte dag willen noemen. Zijn perfecte dag.
Als hij wegrijdt van de parkeerplaats ziet hij haar lopen, zijn vrouw Tessa, gekleed in een zwierige zomerjurk, hand in hand met een man die hij, al heeft hij hem in jaren niet meer gezien, moeiteloos herkent. Ed, zijn vriend van vroeger. Hij twijfelt even en rijdt dan weg, terug naar de stad, terug naar zijn eigen rayon.
Weer enigszins tot zichzelf gekomen, ontgaat de ironie hem niet. Zoals hij in de tijd dat Tessa nog Eds vriendin was stiekem afspraakjes met haar maakte, gaat Ed nu achter zijn rug om met Tessa naar het strand. De rollen zijn omgedraaid, in zijn nadeel, ontegenzeggelijk in zijn nadeel.
Thuis zegt hij niets over waar hij op de parkeerplaats getuige van is geweest. Hun huis schijnt op deze avond van alles net iets te veel te hebben, een eethoekstoel te veel, een zijtafel te veel, een foto te veel. Samen met hun zoontje Joris eten Tessa en hij aan tafel. Ze hebben het over school, over
kos, waar ze met de vakantie heen gaan, als het toch niet Sicilië wordt. Hij weet zich geen raad met zichzelf, maar slaagt erin met zijn vrouw de voors en tegens van beide bestemmingen tegen het licht
te houden. Als iedere avond ruimen ze samen de tafel af.”

 

 2130970-6b0e3f1d7407c85f3cac87d835368c82.jpg
Kees van Beijnum (Amsterdam, 21 maart 1954) 

 

 

De Algerijnse dichter, schrijver en journalist Hamid Skif werd geboren op 21 maart 1951 in Oran. Zie ook alle tahs voor Hamid Skif op dit blog.

 

Aufbruch

Ich habe mich davon gemacht, querfeldein
Bergluft roch ich
An einer Wegbiegung
Sah mich ein Mufflon kommen und legte sich ohne Furcht auf einen Stein
Ach!, sagte es mir: Ich gehe nicht weiter
Vor Dir habe ich keine Angst
Du hast Dein Leben mit Rennen verbracht, Du bist müde
Setzt Dich, und reden wir
Erzähl mir vom bitteren Gebräu der Trennungen
Sag alles, ohne Auslassungen
Stell Dein Leid
Auf diesen Stein
Spuck das Gift der Rache aus
Lies das Buch der im Sturm
Gefangenen Einsamkeiten
Jede dieser Seiten kann unsere Zuflucht werden
Genau darum sind wir Brüder

 

 

Die Tische
für Elisabeth Wolffheim

1
Aus dem verfluchten Dunkelbaum
Aus einem Splitter zerkleinerter Tränen
Dröhnt der Lärm des Galopps
Werdet ihr Euch morgen auf das Grab der Wölfe stellen
Die den Königsvers singen
Werdet ihr mich besuchen in meinen Holzfestungen
Oder unter den Wellen meiner Ängste
Bin ich unter meinem Schattenpanzer
Mensch oder starrköpfiges Tier
Oder bin ich die Nachahmung eines Lieds
Ein Gedicht über einen Schrei ohne Schreienden
Ich möchte Euren Worten glauben
Und aus jedem einzelnen Eure Seele keltern
Ich bin weder unterwürfig noch bereit, die Bande unseres gegenseitigen Versprechens zu zerschneiden

 

Vertaald door Andreas Münzer

 

 2130970-1a76e2fcffcc289bb7536b7f371c42f9.jpg
Hamid Skif (21 maart 1951 – 18 maart 2011)

 

 

De Duitse dichter en schrijver Jean Paul werd op 21 maart 1763 in Wunsiedel geboren. Zie ook alle tags voor Jean Paul op dit blog.

Uit: Selina oder über die Unsterblichkeit der Seele

“Es war eine selige Zeit –denn im Innern war es fast noch Jugendzeit –, als ich vor dreißig Jahren unter meinen vielen Fußreisen – denn die Jugend will auf Reisen sein, sogar in der Nacht, so wie das Alter immer übernachten, sogar am Tage – als ich da, sag' ich, die schönste Reise in der schönsten Gesellschaft machte durch das Kampaner Tal und als um mich bloß Liebende waren und um uns lauter Glückliche bis hinauf zu der sanften grünenden Bergkette, wo junge Hirten herabsangen zu den arbeitenden Männern in dem Gebirg-Abhang und zu den Hirtengreisen unten, welche von den Jugendjahren in stillem Glücke schon auf der Erde, nicht in ihr ausruhten.
Unsere Reisegespräche betrafen, wie meine Leser aus dem kleinen Buche darüber wissen, meistens die Seelenunsterblichkeit; an die Aussichten in das Zaubertal und auf die Zauberhöhen wurden die Aussichten in die zweite Welt gereiht wie die blumige Erde sich an den gestirnten Himmel schließt. Nur der Rittmeister Karlson nahm den Gottesacker für den ewigen Brachacker ohne Saat; daher dichtete er seine »Klage ohne Trost« [Fußnote], als er die von ihm im stillen geliebte Braut seines Freundes Wilhelmi nach einer falschen Nachricht gestorben glaubte.
Der Baron Wilhelmi war mit ihr in Spanien in dem Zauberschlosse geblieben, wohin die Kampaner Tagreise sie zur Trauung geführt hatte; den Rittmeister Karlson aber hatten sein liebetrauerndes Herz und sein Dichtergeist gleichsam auf vier Flügeln nach andern Ländern, auf neue Berghöhen der Musen und in neue Tempe-Täler der Sehnsucht getragen. Rechte Leser des Kampanertals werden leicht, wenn auch traurig durch den Nonnenschleier gesehen haben, den seine Liebe für Gione genommen. Keine Liebe ist so rührend als die verhehlte, die sich selber ihre Klostermauern zum Entsagen baut. Aber nur durch die irrige Nachricht von Gionens Tode konnte man wie durch eine Wunde so tief in seine Brust hineinsehen.“

 

 2130970-6dfe026186be9e1d595ba92eefbc77e2.jpg
Jean Paul (21 maart 1763 – 14 november 1825) 
Cover

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 21e maart ook mijn vorige blog van vandaag en ook Romenu’s 1e lustrum pagina.

Zie voor bovenstaande schrijvers ook mijn blog van 21 maart 2007 en ook mijn blog van 21 maart 2008 en eveneens mijn blog van 21 maart 2009.

 

Geschreven door Romenu om 18:08 Reageer op dit bericht

Hubert Fichte, Peter Hacks, Michel Bartosik, Youssef Rzouga, Günter Vallaster, Siegfried Kapper

De Duitse schrijver Hubert Fichte werd geboren op 21 maart 1935 in Perleberg, Brandenburg. Zie ook alle tags voor Hubert Fichte op dit blog.

Uit: Detlevs Imitationen „Grünspan”

„Oder vielleicht ist auch alles verbrannt. Der junge und die Fotografien. Die Buchstaben schmolzen. Bücher verbrannten. Die Gehirne, die Buchstaben zusammenfügten, verbrannten.
Es gibt neue Buchstaben, mit dmm über das Verbrennen berichtet wird.
Ziffirn.
70000.
Einige behaupten.·
-240000.
Gibt es einen Ausdruck dafür?
Buchstaben verbrennen lassen. Bleilettern schmelzen ? Keine Ulanen daraus gießen?
Sollen sich Schriftsteller anzünden?
Oder Ideogramme nfindm wie Kaiser Njoja für die Bamum?
Lateinische Buchstaben und arabische Ziffern vermitteln nur Mengenangaben und Entfernungen-Unterschiede.
Vermitteln Ideogramme das Feuer selbst und die Asche?
- Die BBkellerschrumpjleiche.
Vermitteln Ideogramme das Gefühl des ertrinkenden Matrosen Paul oder das Verbrennen
seines Sohnes?
Zwei Seiten dieses Buches schwarz ein.fiirben:
- Dies sei die Zerstörung!
Oder einen schwarzen, Jettglänundm Fleck auf zwei Seiten des Buches drucken - in der Mitte, winzig. den fünfzackigen Stern der Amerikaner aussparen, den Glücksstern an den Waffin - und am Rande des Kleckses Silben rausgucken lassen - ev, ma, o - oder Frau Wichmanns Ohrläppchen?
War in der Literatur eine große Kühnheit, wäre als Grafik wahrscheinlich ziemlich dünn.
Die Buchstaben sind nicht alle verbrannt.“

 

 2130961-4393f10b48039015a103da1a2c1e4574.jpg
Hubert Fichte (21 maart 1935 – 8 maart 1986)
Cover 

 

 

De Duitse schrijver en dichter Peter Hacks werd geboren op 21 maart 1928 in Breslau. Zie ook alle tags voor Peter Hacks op dit blog.

 

Freu dich, Liebe

Ich hab eine Nachbarin,
Der ich nicht zu häßlich bin.
Muss nicht weit nach Küssen gehn.
Hab mein Schatz im Hausflur stehn.
Wohnte sie in Thüringen,
Müßte ich nach Thüringen.
Oh wie reich bin ich belohnt,
Daß sie nicht in Gotha wohnt.

Ich hab eine Nachbarin,
Der ich nicht zu häßlich bin.
Freu dich, Liebe, freue dich.
Nebenan, da nimmt man mich.

 

 

Sproß der Olive, mordendes Gerät

Sproß der Olive, mordendes Gerät,
Blutiger Schößling, mildem Stamm entsprossen,
Dich pflanz ich in den alten Boden hin,
Auf daß, nach bösem Umweg, neu ersteht
Der reife Baum, langher in dir beschlossen,
Des Landes Schirm, Zier, Müh und Nährerin.

Schlag Wurzeln, Ölbaum, breite deinen Schatten,
Der Sonne Unmaß birg in deinem Laub,
Bis schöne Gärten wir und grüne Matten
Entschwellen sehn dem neu belebten Staub.
Wachse mit unserm Wuchs, nehmend und gebend,
Uns immer dienend, immer widerstrebend.
Es schaff der Irdischen Lust und Beschwerde
Eine geheure Erde.

 

 2130961-c5478faefbf779512e4ebed391b1aabe.jpg
Peter Hacks (21 maart 1928 – 28 augustus 2003)
Breslau

 

 

De Vlaamse dichter, essayist en docent poëzie Michel Bartosik werd geboren in Antwerpen op 21 maart 1948. Zie ook alle tags voor Michel Bartosik op dit blog.

 

Bloedvlek

Wat ik wil is je
uit de steen houwen,
de bloedvlek vinden in het marmer
van je bed, en je moet mogen
aanstalten maken, de wet stellen, je onlijdelijk
gebaren moet het verordenen:
ik ga opstaan

Maar je zat
gekromd over de rand, alles
mocht, doeltreffender

kon je hart niet afgemat, absolutum
dat daar de diepte ging
peilen, bokser

met plots een geheim op

bij klaarlicht uur - o gekoesterde, droom,
zo toegewijd, op het nippertje nog
zichtbaar te willen
zijn:
Agonie -

 

 2130961-0af6a17520e8561a3d55c61e1ace8ad8.jpg
Michel Bartosik (21 maart 1948 – 1 februari 2008)

 

 

De Tunesische dichter Youssef Rzouga werd geboren op 21 maart 1957 in Mahdia. Zie ook alle tags voor Youssef Rzouga op dit blog.

 

Hurlement

Ce n’est qu’un nœud
Sa vie d’enfant à quatre chemins.

Emu
Soucieux
Et silencieux..
Le loup blanc
Tire sur sept cieux
Et il ne se tire
Vers son rez-de-chaussée
Nu
Et silencieux
Que pour hurler
Et créer son petit site..
Lâ
Sous l’inerte couleur blanche d’un linceul

Et toujours seul,
Le loup blanc hurle encore
Le loup blanc crache
Son background, le sang
Et se met à contempler le couloir
Et son visage au miroir

Emu
Soucieux
Et silencieux
Le loup blanc perd le nord et le sud
Et il est seul
Emu
Nu comme un linceul

Sa louve
A quelque centimètres près
De sa tombe
Silencieuse
Soucieuse
Regarde la tombe
Pendant qu’une rose pousse
A quelques bonds de sa main.

 

 2130961-b628c2c3d0f42220d71a1ba03acecabc.jpg
Youssef Rzouga (Mahdia 21, maart 1957)

 

 

De Oostenrijkse dichter en schrijver Günter Vallaster werd geboren op 21 maart 1968 in Schruns (Vorarlberg). Zie ook alle tags voor Günter Vallaster op dit blog.

 

der reim

der reim
auf dem leim
daheim
(räuma?)

tackt nackt hackt
ding ding ding
(tickt da d'uhr?)

schöne stöhne töne
so fa so fa so fa
(da süßt maine scheune heumahd?)

& sehn den zaun vor lauter zaunpfeln
nicht

& pflanzen abfällbäumchen

 

 2130961-db04fa1a75a784b61f3fa31f9e66af42.jpg
Günter Vallaster (Schruns, 21 maart 1968)

 

 

De Tsjechische schrijver en vertaler Siegfried Kapper werd op 21 maart 1820 geboren in Smichov. Zie ook alle tags voor Siegfried Kapper op dit blog.

 

Der Klügste von den Dreien

Gingen, liebe Griechenmädchen,
Gingen wohl zu Drein.
Goldnen Rahmen trug die Eine,
Dacht' zu sticken fein;
Zarte Perlen trug die Andre,
Dacht' sie anzureihn;
Weißes Linnen trug die Dritte,
Wollt' es bleichen rein.

Kamen schmucke Griechenknaben,
Kamen dar zu Drein.
Goldne Harfe trug der Eine,
Dacht' zu singen fein,
Gelbe Schuhe trug der Andre,
Dacht', getanzt muß sein;
Unterdeß die Griechenmädchen
Küßt der Dritt' allein!

 

 2130961-2ed5531caea129c93bc63bbab77d8d26.jpg
Siegfried Kapper (21 maart 1820 – 7 juni 1879)
Cover

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 21e maart ook Romenu’s 1e lustrum pagina.

Zie voor bovenstaande schrijvers ook mijn blog van 21 maart 2007 en ook mijn blog van 21 maart 2008 en eveneens mijn blog van 21 maart 2009.

Geschreven door Romenu om 18:07 Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten