Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
seniorennet.beseniorennet.be

Berichten van 20 oktober 2013

Hans Warren, Arthur Rimbaud, Marnix Gijsen, Oskar Pastior, Elfriede Jelinek

De Nederlandse dichter, schrijver en criticus Hans Warren werd op 20 oktober 1921 geboren in Borssele. Zie ook mijn blog van 20 oktober 2010 en eveneens alle tags voor Hans Warren op dit blog.

 

Uit: Geheim dagboek (Deel 20)

 

“27 nov. — 14.15 (…) Inmiddels waren ook de sapeur-pompiers er, een hele groep. Iedereen was uiterst aardig en hulpvaardig, er was een ventje bij, nog zo jong dat het me ontroerde, telkens vroeg hij of het toch ging. Ik werd op de voor mij te korte brancard gehesen, naar buiten gedragen en in de ambulance geschoven. Wat een marteling! Het sidderen van de motor, het ongelijke plaveisel in het hartje van Parijs, m’n hoofd dat geen steun had, de bochten. M’n angst in het ziekenhuis: ik wil naar huis, hoe kom ik nu toch nog thuis, arme Mario, hoe regel jij alles, hij kan niet zonder eten en het is al zo laat.

De dokter begon met vast te stellen: ‘Vous travaillez encore?’ Het eindigde ermee dat hij hoogstpersoonlijk m’n sokken weer aantrok. Ik moest allerlei komische oefeningen doen, onder andere met m’n armen zwaaien en dan met de wijsvinger m’n neuspunt raken, eerst met open, vervolgens met gesloten ogen. En je bent enorm trots als het je lukt en zo blij als een kind, want: ‘Cher docteur, je ne dois pas être hospitalisé?’ ‘Non, m.Warren, vous pouvez rentrer à la maison.’ Hij zal niet geweten hebben dat het minstens vier uur rijden was.
De ruzie, het is zo pijnlijk. Pas nu besef ik hoe diep M. is geschokt, hoe een traumatische ervaring het voor hem is geweest. Hij bleef maar vragen hoe het toch kwam dat ik viel. Ik zei dat het aan de al te drukke dag lag, dat daardoor m’n aandacht was verslapt. M. leidde eruit af dat ik hém de schuld gaf. Ik zei dat het onzin was, maar dat hij in m’n dagboek zou kunnen lezen hoe ik tegen zulke dagen opzag. Hij zei dat ik moest beloven niet meer te vallen. De verwijten begonnen te verscherpen, ik sloeg door, vloekte en schold: ‘Gooi me er maar uit.’ Het eindigde in een huilbui op een parkeerplaats, 400 kilometer van huis. En ik hield van hem, ik voelde hoe hij van mij hield. Bij Seclin probeerden we een sandwich te eten, het smaakte ons geen van beiden, maar M. kan nu eenmaal niet zonder brandstof.
Het gaat goed, maar als ik mezelf in de spiegel bekijk, schrik ik. En zo ziet M. me natuurlijk. Hij raakt me telkens bezorgd aan en liefkoost me: ‘Dit mag nooit meer gebeuren, beloof me toch dat je nooit meer zult vallen.’ Hij heeft het honderden keren gesmeekt, maar hoe kan ik dit beloven? Ik kan alleen zo goed mogelijk oppassen, en dat deed ik altijd al.”

 

 

 

Ik lieg

 

Ik heb je lief, ik lieg.
Je geur bedwelmt me.
Kom niet nog nader,
je geur stoot me straks af.
Nu heet je zo, morgen heet je anders.
Ik vlucht omdat je bent
wie je bent, lijfelijk, lawaaierig, te jong.
Ik heb je niet lief, ik lieg.

 

 

 

 

Adieu

 

Je leek een Florentijnse doodspage
met je sluike, halflange haar,
je matte, sombere gelaat,
je engsluitende zwarte tuniek
zelfs je ogen schenen git.
Je zong met een metalen alt.
Ik kon mijn ogen niet van je afhouden
en jij keek telkens terug tot ik bloosde.

Na het concert bleek je een banale
Engelse jongen van een jaar of zeventien
met grijze ogen en een diepe spreekstem.
Je was gewillig en je stonk een beetje.
Je hebt tegen me geglimlacht
toen we elkaar de volgende dag herkenden
en in Dordrecht, tijdens een maartse bui
zijn we voorgoed uit elkaar geregend.

 

 

 

1479535-3bcb93077f6cbe946d396e52cfceb99d.jpg 

Hans Warren (20 oktober 1921 – 19 december 2001)

 

 

 

 

 

De Franse dichter Arthur Rimbaud werd geboren op 20 oktober 1854 in Charleville. Zie ook mijn blog van 20 oktober 2010 en eveneens alle tags voor Arthur Rimbaud op dit blog.

 

 

Nos fesses ne sont pas les leurs

 

Nos fesses ne sont pas les leurs. Souvent j'ai vu
Des gens déboutonnés derrière quelque haie,
Et, dans ces bains sans gêne ou l' enfance s'égaie,
j' observais le plan et l' effet de notre cul.

Plus ferme, blême en bien des cas, il est pourvu
De méplats évidents que tapisse la claie
Des poils; pour elles, c' est seulement dans la raie
Charmante que fleurit le long satin touffu.

Une ingénuité touchante et merveilleuse
Comme l' on ne voit qu' aux anges des saints tableaux
Imite la joue où le sourire se creuse.

Oh! de même être nus, chercher joie et repos,
Le front tourné vers sa portion glorieuse,
Et libres tous les deux murmurer des sanglots!

 

 

 

 

Hun Billen Zijn De Onze Niet...

Hun billen zijn de onze niet. Dat ondervond
Ik als ik heren neer zag hurken achter hagen,
En bij die plonspartijen die de jeugd behagen
Ontdekte ik model en vorm van onze kont.

In veel gevallen vaster, bleker, minder rond,
Zo ziet ons achterwerk eruit, met ruige lagen
Beharing; vrouwenbillen daarentegen dragen
Slechts in de fraaie gleuf een bloei van welig bont.

Een blootheid die aandoenlijk is en wondermooi
Als slechts bij engelen op vrome taferelen
Tovert op deze wang een glimlachende plooi.

O naakt zijn om het spel van lust en rust te spelen,
Zijn hoofd te keren naar de uitverkoren prooi
En in gefluister snikken met elkaar te delen!

 

 

 

Gevoel

 

Ik zal op pad gaan in het zomers avondblauw,

Geprikt door korenaren over dun gras lopen:

Verdroomd zal ik mijn voeten drenken in de dauw

En ik zal door de wind mijn haren laten dopen.

 

Elk woord, elke gedachte zal me dan vergaan:

Maar weidse liefde zal zich in mijn ziel verbreiden

En als een vagebond zal ik ver, heel ver gaan

Door de Natuur ­ verblijd alsof een vrouw me leidde.

 

 

 

 

Vertaald door Paul Claes

 

 

 

 1479535-82ad46d4479dbabe87a14d91bd8682a3.jpg

Arthur Rimbaud (20 oktober 1854 – 10 november 1891)

Leonardo DiCaprio als Rimbaud in de film Total Eclipse (1995)

 

 

 

 

 

De Vlaamse dichter en schrijver Marnix Gijsen werd geboren op 20 oktober 1899 in Antwerpen. Zie ook mijn blog van 20 oktober 2010 en eveneens alle tags voor Marnix Gijssen op dit blog.

 

Uit: Klaaglied om Agnes

 

“Wat de achterhouding van mijn weekgeld het ergste voor mij maakte, was dat ik het wilde gebruiken om op de rommelmarkt de volledige werken van Goethe te kopen. Volledige werken fascineerden mij in mijn jeugd. Ik wist wel dat ik ze nooit volledig zou lezen, maar ik had het gevoel dat het bezit van die tien deeltjes, onooglijk gedrukt op vergeeld en broos papier, mij als het ware Goethe als gevangene zou overleveren. Niets van de grote man zou mij ontsnappen; geen meesterwerk, geen tirade, zelfs geen snipper van zijn wezen en zijn talent: der ganze Goethe. In geen taal kon men het beter zeggen. De hele Vondel zou gek hebben geklonken. Der ganze Goethe had een edele klank. Vele zondagen had ik reeds rondgelopen op de rommelmarkt waar boeken in enkele stalletjes te koop lagen, tussen de plaats waar men honden van bedenkelijk ras en dikke witte konijnen met rode ogen verkocht, en die waar een West-Indische neger in keurig Nederlands een onfeilbaar middel tegen uiteenlopende kwalen aanprees. Verder was er een chaotische verzameling van kramen waar men ellengoederen en breiwerk aan de man bracht. Zo dikwijls had ik reeds de prijs van ‘der ganze Goethe’ gevraagd aan de marskramer, dat hij mij woest het bedrag toesnauwde. Daar het nu geheel buiten mijn bereik lag, besteedde ik mijn tijd aan het slenteren over de markt. Ik bleef lang stil bij de open plaats waar een fel vrouwmens, van top tot teen gedost in een nauwsluitend zwart tricot, de mannen uitdaagde tot een eerlijk gevecht in Grieks-Romeinse stijl. Herhaaldelijk ben ik daar verjaagd door mijn eerwaarde opvoeders, die een dergelijk tafereel voor mijn moraal verderfelijk achtten. Zij vergaten echter dat de pappige vormen van de virago heel wat minder suggestief waren dan de doeken van onze oude meesters in hun eigen kerk en dan de mooie naakte engelen, die de biechtstoelen versierden waarin wij elke week onze zonden gingen opbiechten.”

 

 

1479535-76fe74578f09a387b9b3d99fa0ad58b3.jpg
Marnix Gijsen (20 oktober 1899 – 29 september 1984)

Op jonge leeftijd

 

 

 

 

De Duits-Roemeense schrijver Oskar Pastior werd in 1927 in Hermannstadt (Transsylvanië, Roemenië) geboren. Zie ook mijn blog van 20 oktober 2010 en eveneens alle tags voor Oskar Pastior op dit blog.

 

 

tacho eschnapur

 

mach ernst mach mach
mach überschall vitel-
lo tubs mach ungenau
gemach mach straub mach
futsch provisorat mach
ususlasch mich wachtel-
fett und damenmatt mach
sachen ach am fachwerk-
dach und das mit wucht

 

daß tacheles emedokles
rachmaninov concordia im
tagebau vom stapel clinch
mach fluntsch mach krall
mach rachengold mach ro-
chenkrach mach doch im
schacht den schlauch von
achternach bis chur zu-
gleich dem nachbar auch

 

saug mich in dein know-how
strichnin krauch mir zum
trachtenball falun rauch
schluchtensud am techtel-
mech stauch mir den ruch
im spachtelholm klau mir
den lauschkordon am apfel-
strauch und tatsch den
ramses noch von cheops

 

mach mandelbrot mach stau
mach mir das mumientuch am
überhang zum fuchtelbruch
im achsendrall synapsen-
flau mach huch das tor zum
wal ganz loch mach einmal
noch die grachten schmal
ach tafelblatt streng am ag-
nello mir den tubus flach

 

 

1479535-c66da2e1655ee301d213e667d46de2da.jpg 

Oskar Pastior (20 oktober 1927 – 4 oktober 2006)

 




 

De Oostenrijkse schrijfster Elfriede Jelinek werd geboren op 20 oktober 1946 in Mürzzuschlag, een kleine stad in de deelstaat Stiermarken. Zie ook alle tags voor Elfriede Jelinek op dit blog ook mijn blog van 20 oktober 2010

 

Uit: Die Klavierspielerin

 

„Erika will kein Schweigen entstehen lassen und sagt eine Alltäglichkeit. Kunst ist für Erika Alltag, weil sie sich von der Kunst ernähren läßt. Um wieviel leichter ist es dem Künstler, spricht die Frau, Gefühl oder Leidenschaft aus sich hervorzuschleudern. Die Wendung zum Dramatischen, die Sie so schätzen, Klemmer, bedeutet doch, daß der Künstler zu Scheinmitteln greift, die echten Mittel vernachlässigend. Sie spricht, damit kein Schweigen ausbricht. Ich als Lehrerin bin für die undramatische Kunst, Schumann zum Beispiel, das Drama ist immer leichter! Gefühle und Leidenschaften sind immer nur Ersatz, Surrogat für das Durchgeistigte. Nach einem Erdbeben, einem brüllenden Tosen, in wütendem Sturm über sie herfallend, sehnt sich die Lehrerin. Der wilde Klemmer bohrt seinen Kopf vor Zorn fast in das Gemäuer hinein, die Klarinettenklasse daneben, die et neuerdings als Zweitinstrument-Inhaber zweimal in der Woche frequentiert, wäre gewiß erstaunt, tauchte auf einmal der erboste Klemmerkopf neben Beethovens Sterbemaske aus der Wand heraus. Diese Erika, diese Erika fühlt nicht, daß er in Wahrheit nur von ihr redet, und natürlich von sich selbst! Er bringt sich und Erika in einen sinnlichen Zusammenhang und verdrängt damit den Geist, diesen Feind der Sinne, diesen Urfeind des Fleisches. Sie glaubt, et meint Schubert, dabei meint er nur sich, wie er immer nur sich zu meinen pflegt, wenn er spricht.“

 

 

 1479535-f55d65d96139191e1f6434dcec6fe941.jpg

Elfriede Jelinek (Mürzzuschlag, 20 oktober 1946)

Scene uit de film “Die Klavierspielerin” uit 2001

 

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 20e oktober ook mijn vorige blog van vandaag.

Geschreven door Romenu om 18:55 Reageer op dit bericht

Robert Pinsky, John von Düffel, Theresia Walser, O. P. Zier, Belle van Zuylen, Lewis Grizzard

De Amerikaanse dichter, vertaler en essayist Robert Pinsky werd geboren op 20 oktober 1940 in Long Branch, New Jersey Zie ook alle tags voor Robert Pinsky op dit blog en ook mijn blog van 20 oktober 2010

 

 

Samurai Song

 

When I had no roof I made
Audacity my roof. When I had
No supper my eyes dined.

When I had no eyes I listened.
When I had no ears I thought.
When I had no thought I waited.

When I had no father I made
Care my father. When I had
No mother I embraced order.

When I had no friend I made
Quiet my friend. When I had no
Enemy I opposed my body.

When I had no temple I made
My voice my temple. I have
No priest, my tongue is my choir.

When I have no means fortune
Is my means. When I have
Nothing, death will be my fortune.

 

 

 

BIOGRAPHY

 

Stone wheel that sharpens the blade that mows the grain,
Wheel of the sunflower turning, wheel that turns
The spiral press that squeezes the oil expressed
From shale or olives. Particles that turn to mud
On the potter's wheel that spins to form the vessel
That holds the oil that drips to cool the blade.

My mother's dreadful fall. Her mother's dread
Of all things: death, life, birth. My brother's birth
Just before the fall, his birth again in Jesus.
Wobble and blur of my soul, born only once,
That cleaves to circles. The moon, the eye, the year,
Circle of causes or chaos or turns of chance.

The line of a tune as it cycles back to the root,
Arc of the changes. The line from there to here
Of Ellen speaking, thread of my circle of friends,
The art of lines, chord of the circle of work.
Radius. Lives of children growing away,
The plant radiant in air, its root in dark.

 

 

 

 1479531-06cbc2c3b94144b673f1d70feca7df5e.jpg

Robert Pinsky (Long Branch, 20 oktober 1940)

 

 

 

 

De Duitse schrijver John von Düffel werd geboren op 20 oktober 1966 in Göttingen. Zie ook alle tags voor John von Düffel op dit blog ook mijn blog van 20 oktober 2010

 

Uit: Ego

 

“Noch fünf Millimeter. Ich darf gar nicht daran denken, daß es am Anfang sieben waren - oder mehr, zu einer Zeit, als ich noch nicht gemessen habe! Eigentlich könnte ich ganz zufrieden sein. Aber ich bin's nicht. Ich will meinen Nabel auf Null bringen. Ich hasse es, in ein Loch zu starren, wenn ich mir meine Bauchpartie ansehe. Eine verdammte Grube. Oder ein Grübchen, mittlerweile. Es lenkt von meinen Bauchmuskeln ab. Ich muß unbedingt an meiner Nabeltiefe arbeiten.
Ich mache spontan fünfzehn Crunches in Superzeitlupe und schließe drei Sätze à zwanzig Liegestütze an. Klassisch und mit versetzten Armen. Man soll den Fitness-Impuls nie unterdrücken. Währenddessen schaue ich mir meine Oberarme an und meine Laune steigt. Ich bin kein Bizeps-Fanatiker. So ein Bizeps ist im Grunde nur eine Beule. Aber mein Trizeps ist wirklich sehenswert. Ein echter Reliefmuskel. Nichts modelliert einen Oberarm so eindrucksvoll wie ein gut trainierter Trizeps.
Ich stelle mich wieder vor den Spiegel und finde auf Anhieb meinen Nabel nicht. Meine Laune bessert sich zusehends. Der erste Blick zählt. Ich bin ein großer Anhänger des ersten Blicks. Nichts ist mysteriöser als die Frage, wie man im ersten Augenblick auf einen anderen Menschen wirkt. Dazu muß man alles vergessen, was man von sich weiß. Man darf sich noch nie gesehen haben.
Ich starre eine Weile auf das Regal mit den Pflegeserien und versuche mich zu erinnern, wann, wo und warum ich was gekauft habe. Dann schwenke ich wie zufällig auf den Spiegel. Wieder nichts. Erst bei näherem Hinsehen entdecke ich meinen Nabel etwas unterhalb der mittleren Bauchmuskeln in meinem durchtrainierten Sixpack. Näheres Hinsehen zählt auch, aber nicht so wie der erste Blick, der Blickfang. Wenn man die Leute dazu bringt, näher hinzusehen, ist das Ziel schon so gut wie erreicht.“

 

 

 1479531-f981832881b39c2d41e17881f62f6b64.jpg

John von Düffel (Göttingen, 20 oktober 1966)

 

 

 

 

 

De Duitse schrijfster Theresia Walser werd geboren op 20 oktober 1967 in Friedrichshafen. Zie ook alle tags voor Lewis Theresia Walser op dit blog en ook mijn blog van 20 oktober 2010

 

Uit: KING KONGS TÖCHTER

 

„BERTA Wer ist Meister im Schikanchenspiel!

CARLA Wer überlebt die Libellen noch um einen Sommer!

BERTA Und finden und finden ihr Ende nicht mehr.

CARLA All die alten John Waynes.

BERTA Die verwirrten Mickeymäuse.

CARLA Die dicken und die dünnen Greta Garbos.

BERTA Und die vielen Heinz Rühmänner.

CARLA Kriegen sich selbst nicht unter die Erde, all die schlappen Köpfe zittern

vor Wut wie Wespen, die es im Herbst an den Boden drückt.

BERTA Opi, zehn Minuten und ich mach nen kleinen Gott aus dir, nen Heiligen

aus Hollywood, wenn das kein Lichtblick ist.

CARLA Ein Schwan kann gerade mal 50ig werden, Berta, das ist dann aber

ziemlich alt für einen Schwan, der kippt bei jeder Welle um, der trägt den

Kopf schon nicht mehr ganz oben, und irgendwann zieht der den Hals dann

nicht mehr aus dem Wasser.

BERTA Schlückchen?

CARLA Ein Schluck muss aber noch für Meggie bleiben.

BERTA Auf unsere kleinen und großen Werke.

CARLA Auf dass uns nie der Kopf ins Wasser hängt.

BERTA Auf das Sofa.

Das wär jetzt mal wieder einer von diesen Momenten, Carla.

CARLA Wo man dir einen Preis verleihen sollte?

BERTA Einer von den Momenten, die ich mit niemand anderem teilen möchte als

mit dir.

CARLA Mit der Meggie möcht ich das auch nicht teilen.

BERTA Die Meggie kann sich nicht mitfreuen.“

 

 

 1479531-ffcfecb55289ce7d378a678f938aa4df.jpg

Theresia Walser (Friedrichshafen, 20 oktober 1967)

 

 

 

 

De Oostenrijkse schrijver O. P. Zier werd geboren in Schwarzach im Pongau op 20 oktober 1954 en groeide op in Lend. Zie ook alle tags voor O. P. Zier op dit blog en ook mijn blog van 20 oktober 2010

 

Uit: Mordsonate

 

„Anna kauerte im Halbdunkel der zunehmenden Dämmerung mit angezogenen Beinen auf dem Sofa, als würde sie frösteln. Nein, es fröstelte sie tatsächlich. Weil es sie immer fröstelte, wenn etwas passierte, das schlimm ausgehen konnte. So war es auch vor einigen Jahren gewesen, als ihr jüngerer Bruder im Pinzgau beim Dachdecken abgestürzt war und sie im Halbdunkel eines späten Nachmittags auf Nachricht aus dem Spital gewartet hatten. Sie umschlang ihre Beine wie damals, um sich zu wärmen. Dabei war der heutige Maitag wie der gestrige schon fast hochsommerlich heiss gewesen. Auch jetzt, am frühen Abend, strömte noch immer das Gemisch aus warmer Luft und Abgasen durch die offen stehende Balkontür in das Wohnzimmer.

Alle paar Minuten versuchte er es bei Anjas Eltern. Dass er dort niemanden erreichte, war doch Beweis genug dafür, dass die Familie mit den Mädchen irgendetwas unternommen hatte, der dummen Konkurrenz zum Trotz. Wo hätte er sonst noch anrufen sollen? Mit resigniertem Blick schaute er zu seiner Frau, die ihn ihrerseits ratlos ansah und wieder damit anfing, ihre Zehen zu kneten, wie sie es immer tat, sobald sie nicht mehr weiter wusste.

»Ich habe kein gutes Gefühl«, murmelte Anna.

»Die Wegers haben mit den Kindern bestimmt noch etwas unternommen«, entgegnete er schnell, aber es hörte sich kleinlaut an.

Anna sah mit leicht verschleiertem Blick in seine Richtung, um nach einiger Zeit zaghaft zu nicken.“

 

 

 1479531-e34f64a590104a129792e536864349c2.jpg

O. P. Zier (Schwarzach im Pongau, 20 oktober 1954)

 

 

 

 

 

De Nederlandse schrijfster Belle van Zuylen werd op 20 oktober 1740 geboren in slot Zuylen, gemeente Maarssen bij Utrecht. Zie ook mijn blog van 20 oktober 2010 en eveneens alle tags voor Belle van Zuylen op dit blog.

 

Uit: De geschiedenis van Caliste

 

“Brief III

Mevrouw,

Het is waar dat ik erg bedroefd ben. Ik ben er zoo ver van verwijderd u uw vraag kwalijk te nemen, dat ik al besloten had u mijn geschiedenis te verhalen; maar ik zal haar schrijven: het zal een soort van bezigheid en verstrooiing zijn, en de eenige waartoe ik in staat ben. Alles wat ik u omtrent mylord kan zeggen, mevrouw, is dat ik geen enkele slechte eigenschap van hem ken. Ik weet niet of hij zooveel van mejuffrouw Cécile houdt als ze verdient; maar ik ben er vrijwel zeker van, dat hij naar geen enkele andere vrouw met belangstelling kijkt, en dat hij geen enkel ander soort van liaison heeft. Twee maanden geleden schreef ik aan zijn vader dat hij zich scheen te hechten aan een meisje

zonder fortuin, maar waarvan het karakter en het gezicht niets te wenschen over lieten, en ik vroeg hem of hij wilde dat ik zijn zoon, onder een of ander voorwendsel, uit Lausanne deed heengaan; want te trachten hem van u, mevrouw, en van uw dochter, te verwijderen, zou gelijk hebben gestaan met tot hem te zeggen: er bestaat iets beters dan schoonheid, goedheid, gratie en geest. Ik had meer reden dan iemand anders om deze hatelijke en dwaze taak niet op mij te nemen. De vader en de moeder hebben mij beiden geschreven dat ze, als hun zoon maar liefhad en werd liefgehad, als hij uit liefde trouwde en niet, nadat de liefde voorbij zou zijn, om redenen van eer, heel tevreden zouden zijn, en dat, te oordeelen naar de wijze waarop ik sprak over haar op wie hij gesteld was en over haar moeder, iets dergelijks niet was te vreezen.”

 

 

1479531-efbaf302005f01b0ad32cc9e6fd3e72b.jpg 

Belle van Zuylen (20 oktober 1740 – 27 december 1805)

Buste in slot Zuylen

 

 

 

 

De Amerikaanse (humoristische) schrijver en columnist Lewis McDonald Grizzard Jr. werd geboren op 20 oktober 1946 in Columbus, Georgia. Zie ook alle tags voor Lewis Grizzard op dit blog en ook mijn blog van 20 oktober 2010

 

Uit: Bills Out Of A Hat
  

“During these difficult economic times many among us are having a tough time making their budgets work. 

There are a number of ways to deal with this. A friend of mine has been putting all his monthly bills into a hat. Then, he pulls them out one by one and writes payment checks until he runs out of money. 

When creditors left in the hat when the money is gone call or write to complain, my friend tells them, "Don't bother me or I won't even put you in the hat next month." 

Another acquaintance was unable to pay his credit card bill for a couple of months. When the company called and demanded payment, he said, "Listen, if I had any cash I wouldn't need your card." 

Another way to handle your debts is to get a loan from the bank and pay off all your bills. Then, you'll just get one bill a month, the one from the bank. 

This method will cost you more money in the end because the bank will insist upon charging you interest. But at least you'll be getting just that one bill each month, which will mean less paper clutter in your home. 

It is also easier to stall one creditor than a lot of them. 

You can always use the old "the check's in the mail" bit, and say, "Boy, the post office has certainly gone to hell, hasn't it." 

You will have to pay the bank back eventually, of course, or it will come and take away something very valuable to you, like your house or car. 

But maybe by that time, the hard times will be over and you can get back in the clover and start running up a lot of bills again. 

I must say, however, I read recently of an individual who came up with a meth od of dealing with personal financial problems I'd never heard of before. It had to do with the post office, too. “

 

 

 1479531-390cb83271394ff96b8e723b4942cdff.jpg

Lewis Grizzard (20 oktober 1946 – 20 maart 1994)

Geschreven door Romenu om 18:50 Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten