Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
seniorennet.beseniorennet.be

Berichten van 28 oktober 2013

Evelyn Waugh, JMH Berckmans, John Hollander, Al Galidi, Uwe Tellkamp

De Britse schrijver Evelyn Waugh werd geboren in Londen op 28 oktober 1903. Zie ook mijn blog van 28 oktober 2010 en eveneens alle tags voor Evelyn Waugh op dit blog.

 

Uit: Brideshead Revisited

 

“... The whole argument from Significant Form stands or falls by volume. If you allow Cézanne to represent a third dimension on his two-dimensional canvas, then you must allow Landseer his gleam of loyalty in the spaniel’s eye”—but it was not until Sebastian, idly turning the page of Clive Bell’s Art, read: “‘Does anyone feel the same kind of emotion for a butterfly or a flower that he feels for a cathedral or a picture?’ Yes. I do,” that my eyes were opened.

I knew Sebastian by sight long before I met him. That was unavoidable for, from his first week, he was the most conspicuous man of his year by reason of his beauty, which was arresting, and his eccentricities of behaviour which seemed to know no bounds. My first sight of him was as we passed in the door of Germer’s, and, on that occasion, I was struck less by his looks than by the fact that he was carrying a large Teddy-bear.

“That,” said the barber, as I took his chair, “was Lord Sebastian Flyte. A most amusing young gentleman.”

 

 

1484384-afa479043066c2d1368cc1b15dd399bc.jpg 

Jeremy Irons en Anthony Andrews als Charles en Sebastian

In de tv-serie Brideshead Revisited uit 1981

 

 

“Apparently,” I said coldly.

“The Marquis of Marchmain’s second boy. His brother, the Earl of Brideshead, went down last term. Now he was very different, a very quiet gentleman, quite like an old man. What do you suppose Lord Sebastian wanted? A hair brush for his Teddy-bear; it had to have very stiff bristles, not, Lord Sebastian said, to brush him with, but to threaten him with a spanking when he was sulky. He bought a very nice one with an ivory back and he’s having ‘Aloysius’ engraved on it—that’s the bear’s name.” The man, who, in his time, had had ample chance to tire of undergraduate fantasy, was plainly captivated by him. I, however, remained censorious and subsequent glimpses of Sebastian, driving in a hansom cab and dining at the George in false whiskers, did not soften me, although Collins, who was reading Freud, had a number of technical terms to cover everything.

Nor, when at last we met, were the circumstances propitious. It was shortly before midnight in early March; I had been entertaining the college intellectuals to mulled claret; the fire was roaring, the air of my room heavy with smoke and spice, and my mind weary with metaphysics.

 

 

1484384-b9d1804e799a49075c31c1fbf5a25626.jpg 

Evelyn Waugh (28 oktober 1903 – 10 april 1966)

 

 

 

 

 

 

De Vlaamse schrijver JMH Berckmans (Jean-Marie Henri) werd geboren in Leopoldsburg op 28 oktober 1953. Zie ook mijn blog van 28 oktober 2010 en eveneens alle tags voor JMH Berckmans op dit blog.

 

Uit: Requiem voor een gaskamerman

 

“Om hem te doen geloven dat hij zo oud geworden is dat hij de tel is kwijt geraakt. Om hem te betoveren.

Ze is wel een beetje vreemd in het hoofd maar dat ze zoiets zou doen kan hij zich niet voorstellen. Want tenslotte is ze de kwaadste niet. Ze is gewoon de enige. Daarom. Omdat hij met een onzichtbare elektronische navelstreng vasthangt aan haar goedertierenheid.

Maar wat zit hij weer te piekeren en te peigeren.

Hij kan gewoon alles doen waar hij zin in heeft.

Hij kan van alle pijlen wrakhout maken.

Hij kan kakken en pissen en alle overbodige luxe missen.

Hij kan lid worden van de kerk van Jezus Christus van de Heiligen der laatste Dagen. Die zullen hem z'n hoop teruggeven.

In alle tijdschriften vind je van die bonnen. Die kan hij invullen en opsturen. Dan sturen ze hem Groene Duivel of Zalf Zuster Saint Germain. Tegen eksterogen, likdoorns, apathie en algehele waanzin.

Maar hij heeft alle bonnen al ingevuld en ze hebben hem alle middeltjes al opgestuurd en hij heeft alles al geprobeerd en niets dat helpt niets dat helpt niets dat helpt. Verdomme toch. Hij kan morgen de deur uit en een baantje zoeken. Vuilnisman. Borden wassen en pannen schuren. Stront ruimen in het apenhok. Z'n hele verdere leven lang stront ruimen in het apenhok. Tot hij er dood bij neervalt. Hartaderbreuk. Vlak met z'n smoel in de apenstront.”

 

 

1484384-f8362bf158cf26841197cbf50e000d12.jpg 

JMH Berckmans (28 oktober 1953 - 31 augustus 2008)

 

 

 

 

 

De Amerikaanse dichter en criticus John Hollander werd geboren op 28 oktober 1929 in New York. Zie ook mijn blog van 28 oktober 2010 en eveneens alle tags voor John Hollander op dit blog.

 

 

Another Firefly

 

In a turning instant, my head
Catches light of a leaping star
Over my left shoulder in a
Green region of space darkened,
Into distance beyond distance,
A cold, green star, not rising like
Sons and empires, slow as breath,
In the way of stars, but as no
Darkened water could have mirrored
The partly glimpsed meteor in
Surging reversal of falling ---
That sort of rising. They return
Bright rightings of our sinisters,
The mirrors; but this rise of light ---
As if in summer nights at still
Moments a death could yet retract,
Or a dim candle gutter on ---
Freshens the held air; far away,
Somewhere a breath has been taken.

 

 

 

As the Sparks Fly Upward

 

As of an ungrounded grief,
Bluish sparks fly upward from
Under the shadow-thickened,
Tree-covered, part of night toward
What can yet be construed as
Dimmed azure, while the summer
Glow of soft streetlamp light hums
Along the wide sidewalk through
Listening leaves: fireflies
Far from the sea rise in an
Untroubled-looking midland,
Soundless, their gaps in the dark
Soundless, and the thunder soon
Coming with a crash across
Glistening eaves will be no
Answer, echo, or noisy
Amplifying of echo.
I will await what the ground,
The great, grass-skinned ground, will say.

 

 

 

1484384-74eb059c13d556f8d00ef1064d92c786.jpg 

John Hollander (28 oktober 1929 – 17 augustus 2013)

 

 

 

 

 

De Nederlandstalige dichter en schrijver Al Galidi (eigenlijk Rodhan Al Khalidi) werd geboren werd in Al-Najaf(een klein dorpje in het Zuiden van Irak). Zie ook mijn blog van 28 oktober 2010 en eveneens alle tags voor Al Galidiop dit blog.

 

Uit: Brief voor de Koning

 

“Hoogheid,

Lang leve uw koninkrijk. In de vijftien jaar dat ik er woon is de elektriciteit van mijn lamp geen minuut uitgevallen. Het water heeft de kraan nooit in de steek gelaten. De riolering in uw koninkrijk is sterker dan de hemel, want hoeveel water zij ook naar beneden gooit, het verdwijnt. In bakkerijen liggen meer soorten brood dan soorten wapens in Irak. Een hond heeft meer papieren en rechten dan ik in mijn vaderland had. Zelfs een cavia in uw koninkrijk geniet meer dan mijn moeder die twaalf kinderen heeft gebaard en ze vanaf 27 oktober 1987 nooit meer allemaal samen heeft kunnen zien.

Wat spijtig dat ik door het harde lot van mijn leven de kans had om uw koninkrijk ook te leren kennen van een kant die u zelf niet kent. Een kant waarvan u misschien niet eens zal geloven dat hij bestaat. Een kant die achter de dikke laag make-up van het gezicht van uw koninkrijk ligt. Daar, beneden, in die onbekende wereld, waar de wet van uw koninkrijk niet eens geldt, zijn mensen geen mens, want ze hebben geen nummer. Ik heb ervaren hoe zacht, hoe teder en warm de hand van uw koninkrijk is voor haar eigen kinderen en hoe genadeloos en kil voor anderen. En ach, hoe hard die hand, majesteit, als hij slaat.

In Irak ben ik geboren in een oorlog, opgegroeid in een andere oorlog, afgestudeerd in een volgende oorlog en gevlucht van weer een andere oorlog. Maar zelfs na vier oorlogen was niets voor mijn geest zo zwaar en heftig als de andere kant van uw koninkrijk. In een dierenasiel krijgen honden en katten na drie jaar een spuitje, want wachten in een kooi is misdadig. Zelf heb ik negen jaar in een mensenasiel gewacht en dat is meer dan drie honden.”

 

 

1484384-ea0f28cc64e09e553c6c04d97b6e2feb.jpg
Al Galidi (Al-Najaf, 1971)

 

 

 

De Duitse schrijver Uwe Tellkamp werd geboren op 28 oktober 1968 in Dresden. Zie ook mijn blog van 28 oktober 2010 en eveneens alle tags voor Uwe Tellkamp op dit blog.

 

Uit: Der Turm

 

„Und ich erinnere mich an die Stadt, das Land, die Inseln, von Brücken zur Sozialistischen Union verbunden, ein Kontinent Laurasia, in dem die Zeit eingekapselt war in eine Druse, zur

Anderzeit geschlossen, und die Musik erklang von den Platten- spielern, knisternd unter den Abtastarmen im dünenden Vinyl-schwarz, Lichtspindeln hin zum Gelbetikett der Deutschen Grammophon, zum Eterna- und Melodia-Schriftzug pulsend, während draußen der Winter das Land einfror, Schraubstöcke aus Eis an den Ufern auftürmte, die den Strom in ihren Zangen preßten und, wie den Lauf der Zeiger auf den Uhren, an den Stillstand bremsten.

... aber die Uhren schlugen , ich höre, als wäre es heute, den Westminster-Gong in der Karavelle, wenn das Wohnzimmerfenster geöffnet war und ich die Straße hinunterging, ich höre den Schlag der Flügeluhr aus der Wohnung im Erdgeschoß des Glyzinienhauses; das feine Klingen der Wiener Uhr aus Tietzes Musikzimmer, das melodisch aufsteigende, dann, mit dem letzten Ton, abknickende Ta-ta-ta-taa nach dem durchdringenden Sägton der Zeitanzeige des Deutschlandfunks, der Anfang der achtziger Jahre von den Türmern auf der Insel Dresden nicht mehr unter dem Tuch gehört wurde; jetzt die stimmlose Nadel einer japanischen Quarzuhr, die vom Handgelenk eines Staatskapell-Kontrabassisten in das Gongen und Plingen, Scheppern und die Kuckucksrufe beim Uhrmacher Simmchen, genannt Tikketack-Simmchen, sticht, in die tiefen Stundenschläge der Standuhren, das vollstimmige Repetieren der großen und kleinen Regulatoren bei Uhren-Pieper, Turmstraße 8; der Koloratursopran einer Schnörkel-Porzellanuhr bei Witwe Fiebig im Haus Zu den Meerkatzen,..."


 1484384-18d3bc6fb4218b8a81a3056f66d93473.jpg

Uwe Tellkamp (Dresden, 28 oktober 1968)
Scene uit de tv-film “Der Turm” uit 2012




Zie voor nog meer schrijvers van de 28e oktober ook
mijn blog van 28 oktober 2012 deel 2.
Geschreven door Romenu om 19:08 Reageer op dit bericht

Jan Weiler

De Duitse schrijver en journalist Jan Weiler werd geboren op 28 oktober 1967 in Düsseldorf.
Hij groeide op in Meerbusch Jan Weiler en werkte tijdens zijn schooltijd als freelancer voor de Westdeutsche Zeitung. Na de middelbare school en vervangende diensplicht werkte hij als copywriter voor een reclamebureau. Vervolgens studeerde hij aan de School voor Journalistiek in München. Weiler was vanaf 1994 redacteur, toen van 2000 tot 2005 samen met Dominik Wichmann hoofdredacteur van het SZ magazine. Als zodanig schreef hij in 2002 voor een speciale uitgave over Italië een artikel over zijn schoonvader, die ooit als Italiaanse gastarbeiderr naar Duitsland was gekomen. De respons was onverwacht positief. Daarna ging hij in 2003 met zijn schoonvader Antonio naar Italië om zich daar diens levensverhaal te laten vertellen. Dat leidde tot het boek “Maria, ihm schmeckt’s nicht!”, dat volgens Weiler niet autobiografisch, maar als fictie opgevat dient te worden. Het boek combineert op humoristische wijze fictieve elementen met de verhalen van schoonvader "Antonio" en de ervaring van Weiler met zijn Italiaanse familie. In 2005 verscheen de opvolger “Antonio im Wunderland.” Sinds 2004 trekt Weiler rond als voorlezer van zijn werken. Het reisdagboek dat daarbij ontstond verwerkte hij in 2006 tot literatuur in zijn boek “In meinem kleinen Land”. Vanaf 2007 schrijft Jan Weiler wekelijks zijn column “Mein Leben als Mensch”, die sinds augustus 2009 verschijnt in “Welt am Sonntag”. In 2009 kwam de verfilming van “Maria, ihm schmeckt’s nicht”, waarvoor hij ook het scenario schreef, in de bioscoop. Hij heeft daar zelf een glimpoptreden als ambtenaar van de burgerlijke stand.

Uit: In meinem kleinen Land

“Willkommen zu diesem Buch. Ich darf Sie gleich darauf auf­merksam machen, dass Sie sich keinen Reiseführer gekauft haben. Wenn dies Ihre Absicht war, findet die Produktenttäu­schung wenigstens ganz am Anfang statt. Was Sie in Händen halten, ist ein Reisetagebuch. Und das ist etwas ganz anderes. Es stehen keine Handreichungen für Ausflüge zu Sehenswür­digkeiten drin. Ebenso fehlen Listen mit günstigen Hotels, in denen man ein gutes Frühstück bekommt. Auch Reiserouten für Schnäppchenjäger sind nicht enthalten. Aber was sonst? Eindrücke, Geschichten, Gespräche über und in unserem er­staunlichen kleinen Land.
Ich habe es von September 2005 bis Juni 2006 während einer Lesereise kennengelernt und darüber Buch geführt, indem ich jeden Tag notierte, was passiert war. Dieses Prinzip führt natürlich zu Ungerechtigkeiten, denn man kann fast keinem Ort gerecht werden, indem man dort nur einen Tag verbringt. Das Procedere war täglich gleich: mit dem Zug anreisen, per Taxi oder zu Fuß ins Hotel. Dann spazieren gehen. Etwas essen. Menschen in Theatern, Buchhandlungen oder Kulturzentren vorlesen. Schlafen. Frühstücken. Schreiben. Mit dem Zug wie­der abreisen. Auf diese Weise bleibt einem Ort nur eine kurze Zeit, um sich einzuprägen. Es entgeht dem Besucher natürlich so manches. Man übersieht die Schönheit Dortmunds, und lei­der war ich nicht im Sommer in Speyer, sondern am kältesten Wintertag. Mein Urteil über Itzehoe fällt wahrscheinlich un­gerecht aus, jenes über Dresden ist womöglich gemein. Manch­mal bekommt man falsche Eindrücke, sieht nicht richtig hin. Ich bitte dafür um Entschuldigung. Andererseits macht gerade das die Reise interessant. Was bleibt beim flüchtigen Kennenlernen einer Stadt hängen? Wo sieht man hin, was will man wissen? Und kann man sich in eine Stadt verlieben? Aber ja! Orte sind wie Menschen. Sie haben Charakter, Charme, Aus­strahlung. Oder auch nicht. Sie sind hässlich oder zu klein. Sie sehen grau aus oder alt oder freundlich. Sie grüßen über­schwänglich oder gar nicht. Sie wollen dich einladen oder ver­scheuchen. Davon - und von den Menschen in diesen Orten - handelt dieses Buch.

1604845-1ff6e0f16b37e24671c6917310657638.jpg
Jan Weiler (Düsseldorf, 28 oktober 1967)

Geschreven door Romenu om 00:00 Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten