Willem Kloos, Ariel Dorfman, Erich Fried

De Nederlandse dichter en schrijver Willem Kloos werd geboren in Amsterdam op 6 mei 1859. Zie ook mijn blog van 6 mei 2009. en mijn blog van 6 mei 2008 en ook mijn blog van 6 mei 2007 en ook mijn blog van 7 mei 2006.
O, de begeerte naar genieten machtig
O, de begeerte naar genieten machtig
Dreunt door mijn trotse lichaam als een hamer,
Kloppende-òp uit haar donker-kille kamer
Wellust, die sliep, op 't wekkings-uur aandachtig.
O, - genieten, ineengestrengeld prachtig,
Dromend zo schoon met aangenaam gestamer,
Even tussen kus en kus, àl eenzamer
Nachten gesmacht, een bange droom, gedachtig.
Droom-schone dood en onsterfelijk verlangen,
Pracht van te vatte' en te voele' in vaste armen
Schoonheid, gedrukt aan 't luid-bewogen harte, -
Pracht van elkaar al vlammende te omvangen,
Zaligheid doende in sprakeloos erbarmen,
Zaligheid zelve in de opvlucht aller smarte.
O Herders-knaap
O Herders-knaap, die bliest op zoete fluitjes,
Wie zijt gij wel, wie meent gij wel te wezen:
Een van die dichter-vorsten, die vóór deze
Zongen hoog uit, niet zoekend naar geluidjes,
Maar zich-zelf voelend in diep-innig vrezen
Voor hun-zelfs grootheid, op 't gelaat der luidjes,
Daarom-heen luistrend, heerlijk staand te lezen?
Gij rijmertje achter uwe spiegel-ruitjes, -
Gij allen, prinsjes, die u-zelf monarch waant
Om een hand-voll'tje nauw-artistisch snood-zijn,
- 'k Zeg hier iets wat gij ganslijk nog niet argwaant -
't Gaat nu pas aan, gij laffe dekadentjes,
Laat andren werken in hun eenzaam groot-zijn,
Maar gaat zelf zoetlijk leven van uw rentjes.
Ik lag alleen
Ik lag en weende om dromen, die vervlogen
Als kussen van een mond, nu koud en bleek,
En dat de godheid mijner ziele bleek
Stof als ik zelf en al mijn liefde logen.
Toen ’s levens zware sluier scheurde en week
En eindloos licht sloeg me in de ontluikende ogen,
Waaruit Hijzelf mij daagde, die gebogen
Voor de aâm der eeuwigheid als riet bezweek.
Maar liefdevol, bij ’t lofgeruis der snaren,
Hief mij Zijn hand in ’t eeuwigvolgend koor
En ‘k zag dat allen als zijn dienaars waren:
Zij zijn bereid; Hij treedt hen heerlijk voor,
Die naar zijn godengang bewondrend staren
En zingen schrijden in zijn glanzend spoor.

De Chileens-Amerikaanse toneelschrijver, essayist, dichter, novellist, cartoonist Ariel Dorfman werd op 6 mei 1942 in Buenos Aires geboren.
Uit: Burning City
„Heller thought the entire world was going to melt that summer.
It was the Fourth of July and all of Manhattan was sweating. It was coming out of the streets, buildings, faucets; even the Hudson River could be heard for miles, begging for a drink, something to keep it cool. Radios reported the weather out of habit. Sleeping couples woke up to damp sheets. Construction workers went without their shirts and stockbrokers loosened their ties with quiet envy. Tourists complained, ice-cream vendors smiled, and mercury climbed steadily up tired thermometers.
Heller Highland saw all of this, and that which he couldn't see he simply knew. School had been out for just over a month. He sat on the roof of his building and kept his eyes on the sky, due southeast. Glass of water in his left hand, ice already dissolved, even in the cool of the evening. Airplane lights traveled past, left and right, fireflies of the twentieth century--
Twenty-first century, Heller corrected himself silently. It's two thousand and one; twenty-first century. . . .
He took a sip of water. Waited for the fireworks to start.
Independence Day.
There was no American flag in his right hand. Just a telegram. No red, white, or blue. Just an elegantly embossed message on an ambiguously light green card; 4 x 8. Heller was barely aware he was holding it. Just watched the sky. An unchanging Manhattan skyline. The sounds of the city kept him company. The distant blast of traffic, pedestrians, and the hum of a thousand air conditioners and fans, all in the same key.
A breeze managed to find its way into the city, and Heller's blond hair lifted itself, thankful. Heller smiled. He stopped. Smiled again, stopped, smiled, bit his lip and stopped. A few seconds later the wind died down, and Heller was left in his chair, on his roof, in his city of millions.
"Fireworks are late," came a voice behind him.
Heller didn't turn around. "Any minute now, I'm sure."
His grandfather, Eric, walked up next to him, stood for a while, glanced down.
"Telegram?"
"Yes."
"Soft Tidings?"

De Oostenrijkse dichter, schrijver, essayist en vertaler Erich Fried werd geboren op 6 mei 1921 in Wenen.
Halten
Halten - das heißt
nicht weiter - nicht näher - nicht einen Schritt
Oder heißt Schritthalten
Oder ein Versprechen - mein Wort
Oder Rückschau
Halten - dich
Mich zurück - den Atem an - mich an dich
Dich fest
Aber nicht
Dir etwas vorenthalten
Halten - dich in den Armen
In Gedanken - im Traum - im Wachen
Dich hochhalten
gegen das Dunkel
des Abends - der Zeit - der Angst
Halten - dein Haar mit zwei Fingern
deine Schultern - dein Knie - deinen Fuß
Sonst nichts mehr halten
keinen Trumpf
keine Reden
keinen Stecken und Stab
und keine Münze im Mund
Sucht
ich wünsche manchmal
ich könnte
mich an dir sattküssen
aber dann müßte ich sterben
vor Hunger nach dir
denn je mehr ich dich küsse
desto mehr muß ich dich küssen
Die Küsse nähren nicht mich
nur meinen Hunger
Drei Unmöglichkeiten nach 1945
Ein Leben der Wahrheit
wäre zu kurz
für die Schilderung
Ein Leben der Lüge
wäre zu kurz
für die Milderung
Ein Leben aus Wahrheit
und Lüge
bringt neue Verwilderung

Zie voor de twee bovenstaande schrijvers ook mijn blog van 6 mei 2007 en ook mijn blog van 6 mei 2008 en ook mijn blog van 6 mei 2009.
Zie voor nog meer schrijvers van de 6e mei ook mijn drie vorige blogs van vandaag.











