Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
seniorennet.beseniorennet.be

Berichten van 2 november 2011

E. du Perron, Odysseas Elytis, Leo Perutz, Kees van den Heuvel, Bilal Xhaferri

De Nederlandse dichter, schrijver en criticus Charles Edgar (Eddy) du Perron werd  geboren op 2 november 1899 in Jatinegara (West Java). Zie ook mijn blog van 2 november 2010 en eveneens alle tags voor E. du Perron op dit blog.

 

Uit: Het Land van Herkomst

 

„September. - Ik heb het vorige hoofdstuk kort afgebroken om de komst van Wijdenes; het is zelfs of mijn pen vlugger is gegaan sinds ik besloten heb hem deze periode van mijn leven voor te leggen. Het manuskript ligt nu in zijn kamer in de Feuilleraie, maar na zijn pelgrimstocht naar Sils-Maria blijkt hij zelf van vele dingen vervuld. Hij had in de trein Der Antichrist bij zich en het Braunbuch. Dat de nazi's zich op Nietzsche beroepen, dat ook ditmaal het pruisiese misverstand zijn heros heeft opgeslokt om hem verminkt en als profeet van een zo vulgaire aanmatiging weer uit te braken, tast hem aan in zijn diepste, zijn intellektuele geweten. Drie jaar jonger dan ik en doktor in de wijsbegeerte, afvallig als zodanig of bijna, sinds hij Kant en Hegel heeft afgezworen om het te houden met degeen die aan iedere waarheid slechts een dichterlike waarde toekent en vooropstelt dat de filosoof altijd belangrijker is dan zijn stelsel, heb ik hem in de vier jaren van onze vriendschap zich steeds meer zien ontwikkelen in de richting van een relativisties positivisme; ik heb om hem moeten lachen en hem tegelijk bewonderd om zijn door-en-door polemiese natuur die zichzelf en anderen telkens weer trachtte te overtuigen dat hij aan geen enkele vaste waarde meer geloofde, daaraan zelfs geen behoefte had, alles in twijfel trok buiten het stromen van zijn bloed en het ‘eigen belang’, en dat het laatste bijgeloof dat hij bestreed de ridikule verering was van de geest. Kristelik grootgebracht daarbij, vrijzinnig protestant, sinds hij leerde denken ook daar afvallig, met een protestantse koppigheid vooral verachtend wat zich als vrijzinnig aandient.

Terwijl wij dan, de tuin overziend die er niets aanlokkelik meer uitziet in het grijze licht, met onze rieten stoelen naast elkaar, de koffie drinken waaraan ik te lang vooruit gedacht heb (op de derde stoel ligt weer het Braunbuch), komt hij langzamerhand los - aanvankelik in het soort nuanceloze boutade waarmee hij schijnt te willen verbergen dat hij eigenlik een slecht spreker is. ‘Zijn Hollanders werkelik altijd slechte sprekers?’ heb ik mij dikwels afgevraagd, als ik met hem samen was geweest; het kontrast tussen zijn brieven en zijn konversatie was dan opvallend. Met Gerard Rijckloff, die ongetwijfeld geest bezit, kan men dagen lang samen zijn zonder te raken uit een soort superieure, d.w.z. beter-gestyleerde, mondaine roddelpraat, maar dan opeens vertelt hij een avontuur dat hem overkomen is met een zeer eigen en pakkend meesterschap.“

 

 

 1023996-528b47945e7ce8a334ab5335770b2543.jpg

E. du Perron (2 november 1899 – 14 mei 1940)

 

 

 

 

De Griekse dichter Odysseas Elytis (pseudoniem voor Odysseas Alepoudhelis) werd op 2 november 1911 te Iraklion op Kreta geboren. Zie ook mijn blog van 2 november 2010 en eveneens alle tags voor Odysseas Elytis op dit blog.

 

 

 

Beauty and the Illiterate

 

Often, in the Repose of Evening her soul took a lightness from

                  the mountains across, although the day was harsh and

                  tomorrow foreign.

 

But, when it darkened well and out came the priest's hand over

                  the little garden of the dead, She

 

Alone, Standing, with the few domestics of the night—the blowing

                  rosemary and the murmur of smoke from the kilns—

                  at sea's entry, wakeful

 

Otherly beauty!

 

Only the waves' words half-guessed or in a rustle, and others

                  resembling the dead's that startle in the cypress, strange

                  zodiacs that lit up her magnetic moon-turned head.

                  And one

 

Unbelievable cleanliness allowed, to great depth in her, the real

                  landscape to be seen,

 

Where, near the river, the dark ones fought against the Angel,

                  exactly showing how she's born, Beauty

 

Or what we otherwise call tear.

 

And long as her thinking lasted, you could feel it overflow the

                  glowing sight bitterly in the eyes and the huge, like an

                  ancient prostitute's, cheekbones

 

Stretched to the extreme points of the Large Dog and of the Virgin.

 

"Far from the pestilential city I dreamed of her deserted place

                  where a tear may have no meaning and the only light be

                  from the flame that ravishes all that for me exists.

 

"Shoulder-to-shoulder under what will be, sworn to extreme silence

                  and the co-ruling of the stars,

 

"As if I didn't know yet, the illiterate, that there exactly, in extreme

                  silence are the most repellent thuds

 

"And that, since it became unbearable inside a man's chest, solitude

                  dispersed and seeded stars!"

 

 

 

Vertaald door Olga Broumas

 

 

 

 

  “Drinking the sun of Corinth…”

 

Drinking the sun of Corinth
Reading the marble ruins
Striding across vineyards and seas
Sighting along the harpoon
A votive fish that slips away
I found the leaves that the sun’s psalm memorizes
The living land that passion joys in opening.

I drink water, cut fruit,
Thrust my hand into the wind’s foliage
The lemon trees water the summer pollen
The green birds tear my dreams
I leave with a glance
A wide glance in which the world is recreated
Beautiful from the beginning to the dimensions of the heart!

 

 

 

Vertaald door Edmund Keeley and Philip Sherrard

 

 

 

1023996-220ad994b24b0664074aa10423001523.jpg
Odysseas Elytis (2 november 1911 – 18 maart 1996)

 

 

 

 

De Oostenrijkse schrijver Leo Perutz werd geboren op 2 november 1882 in Praag. Zie ook mijn blog van 2 november 2010 en eveneens alle tags voor Leo Perutz op dit blog.

 

Uit: St. Petri-Schnee

 

“Als die Nacht mich freigab, war ich ein namenloses Etwas, ein unpersönlichesWesen, das die Begriffe »Vergangenheit« und »Zukunft« nicht kannte. Ich lag, vielleicht viele Stunden lang, vielleicht auch nur den Bruchteil einer Sekunde hindurch, in einer Art Starrheit, und sie ging dann in einen

Zustand über, den ich jetzt nicht mehr beschreiben kann.

Wenn ich ihn ein schattenhaftes, mit dem Gefühl einer völligen Bestimmungslosigkeit gepaartes Bewußtsein meiner selbst nenne, so habe ich das Besondere und Eigenartige an ihm nur unzureichend wiedergegeben. Es wäre leicht, zu sagen: Ich schwebte im Leeren, – aber dieseWorte besagen nichts. Ich wußte nur, daß irgend etwas existierte, aber daß dieses »Irgendetwas« ich selbst war, das wußte ich nicht.

Ich kann nicht sagen, wie lange dieser Zustand währte und wann die ersten Erinnerungen kamen. Sie tauchten in mir auf und zerflossen sogleich wieder, ich konnte sie nicht halten. Eine von ihnen bereitete mir, so gestaltlos sie auch war, dennoch Schmerz oder sie machte mir Angst, – ich hörte mich tief Atem holen, wie unter einem Alpdruck.

Die ersten Erinnerungen, die haftenblieben,waren durchaus gleichgültiger Natur. Der Name eines Hundes, den ich einstmals kurze Zeit hindurch besessen hatte, fiel mir ein. Dann, daß ich einen Band meiner Shakespeare-Ausgabe verliehen und nicht mehr zurückerhalten hatte. Ein Straßenname

und eine Hausnummer flogen mir zu, mit denen ich auch jetzt noch kein Ereignis meines Lebens in Verbindung bringen kann, und dann sah ich das Bild eines Motorradfahrers, der mit zwei erlegten Feldhasen auf dem

Rücken durch die menschenleere Dorfstraße –, wann war das nur gewesen? Ich entsann mich, daß ich gestrauchelt war, als ich dem Mann mit den beiden Feldhasen auswich, und im Aufstehen hatte ich bemerkt, daß ich meine Taschenuhr in der Hand hielt, acht Uhr zeigte sie, und das Glas hatte ich im Fallen zerbrochen. Ich war mit der Taschenuhr in der Hand ohne Hut und Mantel aus dem Haus –“

 

 

 1023996-e56d8e63cf968502843c5c09296b526b.jpg

Leo Perutz (2 november 1882 – 25 augustus 1957)

 



 

 

De Nederlandse dichter en vertaler Kees van den Heuvel werd geboren op 2 november 1960 in Mill. Zie ook mijn blog van 2 november 2009 en mijn blog van 10 februari 2010 en ook mijn blog van 2 november 2010

 

 

Jongensdroom

 

Ik droom al jarenlang dezelfde droom

Toch ga ik elke avond graag weer slapen

Want steeds is hij als nieuw, vol glans en kleur

 

Er stopt een bus bij mij met schone knapen

Het zijn er veertig (inclusief chauffeur)

Van wellust zijn ze bijna buiten zinnen

 

Een godsgeschenk! Ik open snel mijn deur

En laat de jongens opgetogen binnen

Meteen ontkleden zij zich zonder schroom,

 

Dan glip ik weg – ik zie hun blik verzuren

Ik wou zo lang al eens een bus besturen.

 

 

 

Schone slaper

 

Een schemerduister koestert stil zijn leden
Het drenkt zijn lome lijf in fijn pastel

En schenkt hem vreugde in zijn dromenspel

Want zie, hij glimlacht sluimerig tevreden

 

Omslachtig ben ik naar het bed gelopen

Ik neem hem bij de arm en zeg zijn naam

Hij kreunt getergd en draait zich van het raam

Wanneer ik fluks de jaloezieën open

 

Het zonlicht streelt nu langs zijn rug en billen

Zijn rosse haartjes gloeien vurig rood

Dit fraaie tafereel van jongensbloot

Doet zelfs het luidste stadslawaai verstillen

 

Maar mooi of niet – je kunt ook overdrijven

Het loopt verdomme nou al tegen vijven.


 

 

 1023996-f80061efb1708b34645e196dc1120739.jpg

Kees van den Heuvel (2 november 1960 – 11 januari 2010)





De Albanese dichter en schrijver Bilal Xhaferri werd geboren op 2 november 1935 in Ninat bij Konispol. Zie ook mijn blog van 2 november 2008 en ook mijn blog van 2 november 2009 en ook mijn blog van 2 november 2010

 

 

Cham Nights

 

The wolf pack holds its pace
In the snowflake-salted night,
Holds its pace near the herders’ silent camps,
A savage pack from the Cham forests.
No howl, no bleat is heard,
No fires to be seen where the shepherds once dozed,
Only the endless sea waves lashing at the banks,
Only the moon, a lone sheep escaped from a pen,
Erring o’er solitary meadows in the clouds.
The wolf pack holds its pace,
Hearkens famished in the snow-dappled night.

 

Where are you, shepherds in your sheepskin cloaks?
Where are your flocks bleating in the meadows?
Where are your lambs and the clanking bells?
Where the sheepdogs growling like lions?
Grey ones, white ones, wolf dogs – our ancient foes?
Where are they, let us show them our pitchforks,
How we struggle to survive.

 

Ravaged Chameria is hushed in the darkness,
Ceaseless waves whip the submissive cliffs,
Resounding far and wide in the Ionian night,
To the howl of those starving wolves.

 

 

 

Vertaald door Robert Elsie

 



 

1023996-b7cae19c4eb38129729d58d6b288a09a.jpg
Bilal Xhaferri (2 n
ovember 1935 – 14 oktober 1986)

Detail van een momument



 

Zie voor nog meer schrijvers van de 2e november ook mijn vorige blog van vandaag.

Geschreven door Romenu om 18:57 Reageer op dit bericht

Thomas Mallon, Augusta Peaux, Jules Barbey d'Aurevilly, Daniil Andreyev

De Amerikaanse schrijver en criticus Thomas Mallon werd geboren op 2 november 1951 in Glen Cove, New York. Zie ook mijn blog van 2 november 2008 en ook mijn blog van 2 november 2009 en ook mijn blog van 2 november 2010

 

Uit: Fellow Travelers

 

„The party was making Tim feel nostalgic, and thus a bit foolish, since he’d been, after all, only a summer hire allowed to stay on through September—or, more exactly, this coming Friday afternoon. They’d put him in the city room, even though he’d never been to Washington before June and knew nothing about the District as a place where many citizens lived life quite oblivious to the federal government. His placement, he’d come to understand, was typical of the Star, a paper both venerable and feckless, produced each evening by an eccentric, occasionally brilliant staff. He had liked it here and would miss the place, but given the shortness of his tenure he wasn’t sure he should even take a piece of the cake once it got cut.
A small stack of the paper’s early edition lay atop an open drawer of the file cabinet he was leaning against. Ambassador Bohlen was flying home from Moscow to talk with Secretary Dulles, and this morning Louis Budenz, a Fordham professor and former red, had testified to the McCarthy committee that, in his “humble opinion,” parts of an Army-commissioned pamphlet about Siberia—something put together to educate the Far Eastern Command—contained large chunks of Soviet-sympathizing stuff that had been taken, without footnotes or refutation, from Communist writers.
Cecil Holland, the reporter who’d written the Budenz story, now saw Tim reading it and asked, “Laughlin, you just graduated from Fordham, didn’t you? Ever study with this guy who says the army’s been indoctrinating itself?”
Tim smiled. “I had somebody else for Economics, Mr. Holland.” He grimaced. “I think I got a C-plus.” Holland laughed and walked over to claim a piece of the cake that had finally been sliced.
At Fordham, Tim had mostly studied American history and English literature, and his plan in coming to Washington remained, even now, to combine his major and minor into a job writing for a politician, though throughout the city’s hot, depopulated summer he’d made little headway finding anything on Capitol Hill. Well, he’d have plenty of time and motivation come Friday afternoon!“

 

 

 

1023990-e875eb70f417cdb8de59f6045689fe78.jpg
Thomas Mallon (Glen Cove, 2 november 1951)

 

 

 

 

De Nederlandse dichteres Augusta Guerdina Peaux werd geboren in Simonshaven op 2 november 1859. Zie ook mijn blog van 2 november 2008 en ook mijn blog van 2 november 2009  en ook mijn blog van 2 november 2010

 

 

Dagen voorbij

 

De langzame opstanding van het koren
onder de hand van de wind.
Door zeegroen waas van jonge korenaren
zien blauwe bloemen, als door morgendauw.

O dagen, die voorbij zijt, gij ligt begraven
onder blauwe luchten en zomerblond,
onder golvend koren.

En daar staan, als grote, blanke marmerbeelden,
de stille witte wolken op uw graf;
hun ogen zijn gesloten voor hun dromen.

Dagen voorbij, die slaapt in lichte nissen
van zomerzon, heel 't landschap is uw graf
en kapellen zijn gebeiteld in het blauw
boven rode korenrozen.

Als in de verte de lucht trilt ... wie roerde uw oogleden aan?
Als de wind gaat door 't koren ... wie uwer is opgestaan?

 

 

 

Voorjaarslandschap

 

Nog stonden alle bomen zonder blad,
de eiken en de iepen en de beuken,
als grijze bossen op de grijze lucht
zo waren, dicht en ruig hun brede kruinen
en leken op een rij van lege kooien,
in de effen grijzig-blanke voorjaarslucht
toen daar een vogel langsvloog, donkerzwart,
heel in de verte vloog hij traag en recht
langs al die bomen, als van kooi tot kooi.

 

 

 1023990-71150f6fc195e516564f98d4c80a662f.jpg

Augusta Peaux (2 november 1859 -  23 februari 1944)

 

 

 

 

De Franse schrijver en moralist Jules Amédée Barbey d'Aurevilly werd geboren op 2 november 1808 in Saint-Sauveur-le-Vicomte (Manche). Zie ook mijn blog van 2 november 2008 en ook mijn blog van 2 november 2009 en ook mijn blog van 2 november 2010

 

Uit: Le Chevalier des Touches

 

“Des fauteuils, en vieille tapisserie de Beauvais, traduisant les fables de La Fontaine en double ovale, sur un fond blanc, égayaient de la variété de leurs couleurs et de leurs personnages cet appartement presque sombre avec ses rideaux fanés de lampas et sa rosace, veuve de son lustre. Aux deux côtés d’une cheminée en marbre de Coutances cannelée et surmontée d’un bouquet en relief, ces deux demoiselles de Touffedelys, droites sous leurs écrans de gaze peinte, auraient pu très bien passer pour des ornements sculptés de cette cheminée, si leurs yeux n’avaient pas remué et si ce que venait de dire l’abbé n’avait terriblement dérangé la solennelle économie de leur figure et de leur pose.
    Toutes deux avaient été belles, mais l’antiquaire le plus habile à deviner le sens des médailles effacées n’aurait pu retrouver les lignes de ces deux camées, rongés par le temps et par le plus épouvantable des acides, une virginité aigrie. La Révolution leur avait tout pris, famille, fortune, bonheur du foyer et ce poème du cœur, l’amour dans le mariage, plus beau que la gloire, disait madame de Staël, et enfin la maternité ! Elle ne leur avait laissé que leurs têtes, mais blanchies et affaiblies par tous les genres de douleur. Orphelines, quand elle éclata, les deux Touffedelys n’avaient point émigré. Elles étaient restées comme beaucoup de nobles, dans le Cotentin. Imprudence qu’elles auraient payée de leur vie, si Thermidor ne les avait sauvées, en ouvrant les maisons d’arrêt. Vêtues toujours des mêmes couleurs, se ressemblant beaucoup, de la même taille et de la même voix, c’était comme une répétition dans la nature que ces demoiselles de Touffedelys.
    En les créant presque identiques, la vieille radoteuse avait rabâché. C’étaient deux Ménechmes femelles qui auraient pu faire dire aux moqueurs : « Il y en a au moins une de trop ! » Elles ne le trouvaient point, car elles s’aimaient ; et elles se voulaient en tout si semblables que mademoiselle Sainte avait refusé un beau mariage, parce qu’il ne se présentait pas de mari pour mademoiselle Ursule, sa sœur.”


 
1023990-e06a4815b1c54bf6ea65f3f30f05042e.jpg

Jules Barbey d'Aurevilly (2 november 1808 – 23 april 1889)

Portret door William Houssoulier (tussen 1833 en 1845)

 

 

 

 

De Russische dichter, schrijver en Christelijk mysticus Daniil Leonidovich Andreyev werd geboren op 2 november 1906 in Berlijn. Zie ook mijn blog van 2 november 2008 en ook mijn blog van 2 november 2009 en ook mijn blog van 2 november 2010

 

Uit: The Rose of the World

 

„Those questions are not confined to the realms of war and politics. But nothing can shake my conviction that the most formidable dangers that threaten humanity, both now and for centuries to come, are a great suicidal war and an absolute global dictatorship. Perhaps, in our century, humanity will avert a third world war or, at the very least, survive it, as it survived the First and Second World Wars. Perhaps it will outlive, somehow or other, a dictatorship even more enveloping and merciless than the one we in Russia outlived. It may even be that in two or three hundred years new dangers for the people of Earth will appear, dangers different but no less dire than a dictatorship or a great war. It is possible, even probable. But no effort of the mind, no imagination or intuition, is capable of conjecturing a future danger that would not be connected, somehow or other, with one of these two principal dangers: the physical destruction of humanity through a war, and the spiritual death of humanity through an absolute global dictatorship.

This book is directed, first and foremost, against the two basic, supreme evils of war and dictatorship. It is directed against them not as a simple warning, nor as a satire that unmasks their true nature, nor as a sermon. The most biting satire and the most fiery sermon are useless if they only rail against evil and prove that good is good and bad is bad. They are useless if they are not based on a worldview, global teaching, and program of action that, spread from mind to mind and will to will, would be capable of averting these evils.

The purpose of my life has been to share my experience with others-to shed light on the future panorama of history and metahistory, on the branching chain of alternatives we face or are bound to face, and on the landscape of variomaterial worlds that are closely linked with ours through good and evil. I have tried, and still try, to fulfill that task through fiction and poetry, but the limitations of those genres have prevented me from disclosing these ideas precisely and intelligibly in their entirety.“

 

 

 

1023990-bf2c97cfd6e5109de459b7881e89d36a.jpg
Daniil Andreyev (2 november 1906 – 30 maart 1959)

Geschreven door Romenu om 18:47 Reageer op dit bericht

Désanne van Brederode

De Nederlandse schrijfster Désanne van Brederode werd op 2 november 1970 in Utrecht geboren.

Van Brederode, dochter van een voormalige jezuïet en priester, studeerde filosofie aan de Vrije Universiteit te Amsterdam en debuteerde in 1994 met haar roman Ave verum corpus (Gegroet waarlijk lichaam). Zij schrijft en houdt lezingen, vaak over levensbeschouwelijke thema's. Van Brederode publiceerde onder meer in De Groene Amsterdammer. Ook werkte zij mee aan het radioprogramma Knetterende Letteren. Sinds 2006 verzorgt zij regelmatig een column in het televisieprogramma Buitenhof. In 2007 won ze de Gerard Walschap-Prijs. Van Brederode is gehuwd met Volkskrant-recensent Arjan Peters.

 

Uit: Sample-literatuur

 

“Zonder generatiegenoot en collega Rob van Erkelens hiermee te willen voordragen als aanvoerder van een nieuwe beweging in de Nederlandstalige literatuur, geloof ik niettemin dat er een mooie toekomst ligt weggelegd voor het ‘sample-schrijven’. Me dunkt dat het lezen van volledige boeken met een kop en een staart, plaats zal moeten maken voor het lezen van pakkende, aangrijpende citaten, al dan niet verwerkt in nieuwe verhalen. (Dus niet in nieuwe pillen. Wie heeft er over pakweg vijftig jaar nog zin in bezigheden die langer dan een dag duren?) Ik kan me zelfs voorstellen dat er veel thematisch gerangschikte citatenboeken zullen verschijnen, zoals er nu al steeds meer bundels in de winkel liggen die niet een bepaalde stroming in de literatuur tot uitgangspunt hebben gekozen, noch een duidelijk afgebakend genre, maar slechts een herkenbaar thema als titel voeren. ‘Veertien Nederlandse Schrijvers over Homo-erotiek’ of: ‘Leven in oorlog - een bloemlezing’ zullen de nieuwe boeken heeten, gok ik zo.

Hoewel de schrijvers van deze boeken en postmoderne verhalen feitelijk niet méér zullen zijn dan samenstellers en verzamelaars, denk ik dat ze wel degelijk moeten beschikken over talent, visie en gevoel voor zeggingskracht, om uit complete oeuvres precies die fragmenten te isoleren die zelfs tijdloos en contextloos kunnen ontroeren, schokken, prikkelen of inspireren. Daarbij denk ik aan hedendaagse toneelregisseurs die nu al precies hetzelfde doen door bijvoorbeeld Griekse tragedies of onbewerkte Shakespeare-teksten hooguit van een nieuw decor te voorzien of van anderssoortige personages, om daarmee een verrassende, actuele voorstelling neer te zetten die desondanks trouw blijft aan de oorspronkelijke bedoelingen. Van toekomstige schrijvers moet niet zozeer gevraagd worden of ze wel in staat zullen zijn tot geven van een uitleg bij al bestaande literatuur; ik verwacht geen letterkundigen, eclectici en interpreterende (moraal-)filosofen die volslagen objectief en wetenschappelijk verantwoord de twintigste eeuw ‘onder handen’ zullen nemen. Integendeel. Ik verwacht kunstenaars die zowel de literaire erfenis als hun eigen creativiteit op waarde weten te schatten en het lef hebben om uit oud en recent materiaal iets te bouwen dat misschien zelfs wel duurzamer is dan sommige moderne boeken waarin een tijdsbeeld wordt geschilderd dat voor generaties na ons te specifiek is om nog interessant te kunnen heten.”

 

 

 1073117-a371074938454ba82541c4b794750fb6.jpg

Désanne van Brederode (Utrecht, 2 november 1970)
Geschreven door Romenu om 00:00 Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten