A. F.Th. van der Heijden, Günter Grass

De Nederlandse schrijver A. F. Th. van der Heijden werd geboren in Geldrop op 15 oktober 1951. Zie ook alle tags voor A. F.Th. van der Heijden op dit blog.
Uit: Kastanje a/d Zee
“Nijmegen, maandag 6 oktober 1975
Zoals Albert geluidloos, zonder een tree te laten kraken, naar boven klom, veranderde het werkwoord traplopen vanzelf in betrappen. Hij betrapte de treden zoals een rat zijn tredmolen betrapt, maar op driehoog verwachtte hij bovendien, met de sterfte in het hart, een betrapping te kunnen verrichten. Mocht ergens onder zijn voet een plank waarschuwend piepen of kreunen, zodat het gerucht als een alarm de zolderverdieping bereikte, dan zou ‘betrappen’ weer gewoon het beklimmen van een trap worden, niets meer en niets minder.
Hij nam de overloop van de tweede etage met onhoorbare stappen, en begon aan de derde en laatste en smalste trap: die naar het kleine appartement van Marike de Swart. De moeilijkste – niet alleen omdat de treden er verraderlijker waren, maar vooral omdat elk gekraak veel directer tot het gehoor van de bewoonster door kon dringen. Haar kamerdeur stond meestal open, vanwege de bereikbaarheid van het keukentje aan de straatkant: zo kon ze de ketel horen fluiten en de deksels horen klepperen.
Het trapgat ging rechtstreeks over in het krappe voorportaal van de zolderkamer. Albert bereikte het zonder enig gerucht. De deur naar de woonruimte stond inderdaad op een flinke kier. Hij bleef op de bovenste tree dralen om zijn ademhaling, die geluidloos door zijn open mond ontsnapte, tot rust te laten komen. Inwendig leek het gehijg gewoon door te gaan, en even vreesde Albert dat Marike zijn heftig pompende hart door de deur heen kon horen bonzen. Niet dat traplopen bij hem een slechte conditie onthulde – het was juist de inspanning van het afremmen, in combinatie met de angstige onzekerheid over wat hij boven zou aantreffen. Bedaar nu, trampolinehart.
Voorlopig was hij degene die zich betrapt voelde. In de collegezaal al. Hij zag er voor het eerst sinds die rampzalig verlopen lentedag, een klein halfjaar geleden, Hans Krop terug, die hem ook nu nog weigerde te groeten. Was het de verongelukte trojka, of had zijn moeder uit de school geklapt over afgelopen zomer? Alsof De Krop het vertikte om met Albert in dezelfde ruimte te verkeren en met hem dezelfde lucht in te ademen, verliet hij vrij kort na het begin van het eerste uur Wijsgerige Antropologie de overigens goed geventileerde zaal – met geheven hoofd en vooruitgestoken kin, de bovenlip geboetseerd tot een minachtende krul. Zijn vertrek baarde geen opzien. Anders was dat toen Albert zich, halverwege het tweede uur, uit de banken wurmde, en daarbij met een luide klap zijn boek ( Jacques Lacan) op de parketvloer liet vallen. Iedereen, inclusief de docent, keek verstoord of nieuwsgierig op om zijn ontijdige aftocht te volgen. Betrapt.”

A. F. Th. van der Heijden (Geldrop, 15 oktober 1951)
De Duitse dichter en schrijver Günter Grass werd geboren in Danzig (tegenwoordig Gdansk) op 16 oktober 1927. Zie ook alle tags voor Günter Grass op dit blog.
Draai je niet om
Ga niet naar het bos,
in het bos is het bos.
Wie naar het bos gaat
en bomen zoekt, die wordt
in het bos niet meer gezocht.
Wees niet bevreesd,
de vrees ruikt naar vrees.
Wie naar vrees ruikt,
die ruiken helden,
die als helden ruiken.
Drink niet uit het meer,
het meer smaakt naar meer.
Wie uit het meer drinkt
heeft voortaan
nog slechts zin in zee.
Bouw voor jezelf geen huis,
want anders ben je thuis.
Wie thuis is,
die wacht op laat bezoek
en doet de deur open.
Schrijf geen brief,
de brief gaat naar het archief.
Wie de brief schrijft
onderschrijft wat van hem
ooit nog overblijft.
Vertaald door Jan Gielkens

Günter Grass (16 oktober 1927 – 13 april 2015)
Zie voor nog meer schrijvers van de 15e oktober ook mijn blog van 15 oktober 2018 en ook mijn blog van 15 oktober 2017 deel 1 en eveneens deel 2.


















