Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
seniorennet.beseniorennet.be

Berichten van 18 december 2016

Weihnachtsbäume (Gustav Falke)

 

Bij de vierde zondag van de Advent

 

 1988217-f8c7a969c36446819147b65ae6e05e67.jpg
The Christmas Tree door Elizabeth Forbes (1859–1912)

 

 

Weihnachtsbäume

Nun kommen die vielen Weihnachtsbäume
aus dem Wald in die Stadt herein.
Träumen sie ihre Waldesträume
wieder beim Laternenschein?

Könnten sie sprechen! Die holden Geschichten
von der Waldfrau, die Märchen webt,
was wir uns erst alles erdichten,
sie haben das alles wirklich erlebt.

Da steh'n sie nun an den Straßen und schauen
wunderlich und fremd darein,
als ob sie der Zukunft nicht trauen,
es muß doch was im Werke sein!

Freilich, wenn sie dann in den Stuben
im Schmuck der hellen Kerzen stehn,
und den kleinen Mädchen und Buben
in die glänzenden Augen sehn.

Dann ist ihnen auf einmal, als hätte
ihnen das alles schon mal geträumt,
als sie noch im Wurzelbette
den stillen Waldweg eingesäumt.

Dann stehen sie da, so still und selig,
als wäre ihr heimlichstes Wünschen erfüllt,
als hätte sich ihnen doch allmählich
ihres Lebens Sinn enthüllt;

Als wären sie für Konfekt und Lichter
vorherbestimmt, und es müßte so sein,
und ihre spitzen Nadelgesichter
sehen ganz verklärt darein.

 

 1988217-e88b1b153c969fb87c4c78dcbac25f0b.jpg
Gustav Falke (11 januari 1853 - 8 februari 1916)
Lübeck in de Kersttijd. Gustav Falke werd geboren in Lübeck.

 

 

Zie voor de schrijvers van de 18e december ook mijn vorige twee blogs van vandaag.

Geschreven door Romenu om 10:13 1 reactie Reageer op dit bericht

A. M. Homes, Mazarine Pingeot, Viktor Rydberg, Miles Marshall Lewis

De Amerikaanse schrijfster Amy Michael Homes werd geboren op 18 december 1961 in Washington DC. Zie ook alle tags voor A. M. Homes op dit blog.

Uit: Vergeef ons (Gerda Baardman en Wim Scherpenisse)

“Wil je mijn recept voor rampspoed?
De waarschuwing: vorig jaar, Thanksgiving bij hen thuis. Twintig, dertig mensen aan tafeltjes die vanuit de eetkamer de zitkamer in zwermden en bij het pianobankje abrupt ophielden. Hij zat aan het hoofd van de grote tafel stukjes kalkoen tussen zijn tanden uit te peuteren en over zichzelf te praten. Ik bleef naar hem kijken terwijl ik met dienbladen heen en weer liep tussen de keuken en de eetkamer, en mijn vingertoppen in allerlei onbenoembare troep terechtkwamen: cranberrysaus, zoete aardappelen, een koud zilveruitje, kraakbeen. Bij elk tripje van de eetkamer naar de keuken haatte ik hem meer. Elke zonde uit onze jeugd, te beginnen met zijn geboorte, kwam weer terug. Hij kwam elf maanden na mij ter wereld, meteen al ziekelijk – zuurstoftekort tijdens de bevalling – en daardoor heeft hij veel te veel aandacht gekregen. Ik heb herhaaldelijk geprobeerd hem duidelijk te maken hoe afschuwelijk hij is, maar hij blijft zich gedragen alsof hij een geschenk van de goden aan de mensheid is. Ze noemden hem George. Hij werd graag Geo genoemd, want dat klonk interessant, wetenschappelijk, wiskundig, analytisch. Ik noemde hem Geode, sedimentair gesteente. Zijn bovennatuurlijke zelfvertrouwen en zijn goddelijk arrogante hoofd met de blonde, rechtopstaande plukken haar trokken de aandacht, maakten de indruk dat hij iets wist. Mensen vroegen zijn mening, wilden dat hij met hen meedeed, maar ik heb zijn charme nooit gezien. Tegen de tijd dat we respectievelijk tien en elf waren, was hij langer dan ik, breder, sterker. ‘Weet je wel zeker dat hij niet van de slager is?’ vroeg mijn vader weleens voor de grap. Dan lachte niemand.
Ik liep af en aan met zware schalen, borden en aangekoekte ovenschotels, en niemand merkte dat er hulp nodig was, George niet en ook zijn twee kinderen niet, of zijn belachelijke vrienden die eigenlijk zijn werknemers zijn, onder wie een jonge weervrouw en diverse nieuwslezers, zowel mannelijk als vrouwelijk, die stijf rechtop zaten met hun Ken- en Barbie-haar strak in de lak, en ook mijn Chinees-Amerikaanse vrouw Claire niet, die een hekel aan kalkoen had en nooit naliet ons eraan te herinneren dat een feestmaal in haar familie uit geroosterde eend met kleefrijst bestond. George’ vrouw, Jane, had de hele dag gekookt, schoongemaakt en eten opgediend, en stond nu botjes en etensrestjes van de borden en schalen in een gigantische vuilnisbak te schrapen.”

 

 1988211-c293a6e3c6f795fd0b06b262fb722057.jpg
A. M. Homes (Washington DC, 18 december 1961)

 

 

De Franse schrijfster Mazarine Pingeot werd geboren in Avignon op 18 december 1974. Zie ook alle tags voor Mazarine Pingeot op dit blog.

Uit: Les invasions quotidiennes

“Une nuit a passé et je suis une autre. Une autre que celle-de-la-veille victorieuse, c'est-à-dire que je suis redevenue l'ancienne, celle qui hésite devant sa tenue, qui regarde sa montre pour faire avancer le temps comme si l'observation du cadran avait un quelconque pouvoir d'accélération (en l'occurrence cela a plutôt un pouvoir inverse), celle qui se sent incapable de travailler car autre chose travaille son esprit, celle qui trouve que sa coupe fraîche après une bonne nuit de sommeil ressemble à un saint-honoré, et qui n'arrive pas à y remettre de l'ordre, parce que le pli de la mèche de dessus que l'oreiller a modelé sept heures durant est indestructible, comme sculpté dans la pierre, celle qui se gratte la tête parce que le brushing pulvérisant d'un coiffeur à bout de patience est pour le pou ce que le spa jet d'eau chaude, enrobage de boue et massage aux pierres chaudes est pour la femme de quarante ans célibataire et work addict, celle qui trouve soudain ses trente pages écrites en une soirée nulles, vaines, voire honteuses, celle qui se dégoûte d'avoir accepté si promptement un déjeuner avec son nouvel éditeur qu'elle a la faiblesse de trouver attirant, celle qui se regarde dans la glace et a envie de pleurer, celle qui reçoit un SMS de son ex-mari lui demandant si elle peut récupérer ses enfants en début d'après-midi car il doit passer un scanner.
(…)

"Tu ne peux pas dire bonjour au père de tes enfants, Charlotte ?"
C'est comme ça qu'il m'appelle, désormais. Retournant contre moi une confidence que je lui avais faite du temps de l'entente cordiale, quand les amants se racontent leurs petites et grandes humiliations qui les ont construits, et qu'ils n'imaginent pas encore la bombe à retardement qu'ils fabriquent dans cet instant de complicité merveilleuse."

 

 1988211-0036069f53de9ec4d9319651503a5223.jpg
Mazarine Pingeot (Avignon, 18 december 1974)

 

 

De Zweedse dichter en schrijver Viktor Rydberg werd geboren op 18 december 1828 in Jönköping, Zweden. Zie ook alle tags voor Viktor Rydberg op dit blog.

 

Tomten (Fragment)

För sin hand genom skägg och hår,
skakar huvud och hätta ---
»nej, den gåtan är alltför svår,
nej, jag gissar ej detta» ---
slår, som han plägar, inom kort
slika spörjande tankar bort,
går att ordna och pyssla,
går att sköta sin syssla.

 

 1988211-84ff010fdecf59790db1f4aa9d8e3583.jpg
 Illustratie bij Tomten door Jenny Nyström

 

Rubs his hand through his beard and hair,
Shakes his head and his cap.
“No, that question is much too deep,
I cannot fathom that.”
Then making his mind up in a hurry,
He shrugs away the annoying worry;
Turns at his own command,
Turns to the task at hand.

 

 1988211-89e771f6ee5e7c654d9825d6cd3d96c8.jpg
Viktor Rydberg (18 december 1828 – 21 september 1895)
In 1858

 

 

De Amerikaanse schrijver Miles Marshall Lewis werd geboren op 18 december 1970 in The Bronx, New York. Zie ook alle tags voor Miles Marshall Lewis op dit blog.

Uit: Paris Noir

“Opening a show for MC-poet Saul Williams (a Parisian transplant as of last year) back in 2005, Mike Ladd commanded the stage of Élysée Montmartre with his raucous blend of hip-hop and hard-core music. His satin baseball jacket told me serendipity was at work; this Boston-born MC was repping the Mustangs team of my old Bronx high school by sheer coincidence. I soon discovered that both our girlfriends were French, and pregnant. Our first sons would be born weeks apart.
Ladd left his Brooklyn enclave for Paris months before I did, to commit to his woman, escape the restrictive air of post-9/11 New York City and live out artistic fantasies of the American abroad. More commonalities then; our reasons for relocating to Europe were pretty much the same. My first exposure to the titre de séjour, the French residency card for non-European Union immigrants, came from Ladd years before I was issued my own 10-year permit.
Jake Lamar invited me to the home of 60-something Morehouse College graduate Tannie Stovall one Friday night, for a weekly gathering of black-male bonding. For years, this elder statesman (an expatriate since the 1970s) has been hosting African-American males-Parisians and out-of-towners-to his apartment for current-events barbershop talk accentuated with bottles of wine and sandwiches. Lamar and the Tannie Stovall events exposed me early on to how a long-term life in Paris might be."
Laplante-Collins founded Paris Soirées in 1994 as African-American Literary Soirées, settling into its current moniker in 1999. Held in her living room every Sunday, the weekly get-togethers feature a wide range of guest speakers. Writers, photographers, singers, painters and businessmen give spirited talks over the hostess’ own Southern-style soul food. Like the famed French salon gatherings of writers Gertrude Stein and Madame de Sévigné, Laplante-Collins carries on the storied tradition of basking in the arts by rarified Parisian sunlight.”

 

 1988211-cf941b773328e62624c630086df17679.jpg
Miles Marshall Lewis (New York, 18 december 1970)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 18e december ook mijn vorige blog van vandaag.

Geschreven door Romenu om 10:13 Reageer op dit bericht

Saki, Christopher Fry, Thomas Strittmatter, Gatien Lapointe, Heinrich Smidt

De Birmees - Britse schrijver Saki (pseudoniem van Hector Hugh Munro, een naam gekozen uit de Rubaiyat van Omar Khayyam) werd geboren op 18 december 1870 in Akyab, Birma. Zie ook alle tags voor Saki op dit blog.

Uit: The toys of peace

"What does he do?" asked Eric wearily.
"He sees to things connected with his Department," said Harvey. "This box with a slit in it is a ballot-box. Votes are put into it at election times."
"What is put into it at other times?" asked Bertie.
"Nothing. And here are some tools of industry, a wheelbarrow and a hoe, and I think these are meant for hop-poles. This is a model beehive, and that is a ventilator, for ventilating sewers. This seems to be another municipal dust-bin -- no, it is a model of a school of art and public library. This little lead figure is Mrs. Hemans, a poetess, and this is Rowland Hill, who introduced the system of penny postage. This is Sir John Herschel, the eminent astrologer."
"Are we to play with these civilian figures?" asked Eric.
"Of course," said Harvey, "these are toys; they are meant to be played with."
"But how?"
It was rather a poser. "You might make two of them contest a seat in Parliament," said Harvey, "and have an election --"
"With rotten eggs, and free fights, and ever so many broken heads!" exclaimed Eric.
"And noses all bleeding and everybody drunk as can be," echoed Bertie, who had carefully studied one of Hogarth's pictures.
"Nothing of the kind," said Harvey, "nothing in the least like that. Votes will be put in the ballot-box, and the Mayor will count them -- and he will say which has received the most votes, and then the two candidates will thank him for presiding, and each will say that the contest has been conducted throughout in the pleasantest and most straightforward fashion, and they part with expressions of mutual esteem. There's a jolly game for you boys to play. I never had such toys when I was young."
"I don't think we'll play with them just now," said Eric, with an entire absence of the enthusiasm that his uncle had shown; "I think perhaps we ought to do a little of our holiday task. It's history this time; we've got to learn up something about the Bourbon period in France."

 

 1988208-04ae68a3f5fea9f3d2e51f4e31abe568.jpg
Saki (18 december 1870 – 14 november 1916)
Cover 

 

 

De Britse toneelschrijver Christopher Fry, pseudoniem van Christopher Harris, werd geboren in Bristol op 18 december 1907. Zie ook alle tags voor Christopher Fry op dit blog.

Uit: The Lady's Not for Burning

„RICHARD:
Name
And business.
THOMAS:
Thomas Mendip. My well-born father,
If birth can ever be said to be well, maintains
A castle as draughty as a tree. At every sunset
It falls, reflecting down into the river, and fish swim
Through its walls. They swim into the bosom of my grandmother,
Who sits late, watching for the constellation of Orion
Because my dead grandfather, she believes,
Is situated somewhere in the Belt.
That is part of the glory of my childhood.
RICHARD:
I like you as much as I've liked anybody.
Perhaps you're a little drunk. But here, I'm afraid,
They may not take to you.
THOMAS:
That's what I hope.
RICHARD:
Who told you to come here?
You couldn't have chosen a less fortunate afternoon.
They're expecting company ... well, a girl. Excuse me,
I must get back to the books.
THOMAS:
I'll wait.
RICHARD:
He'll not
See anybody; I'm sure of it.
THOMAS:
Dear boy,
I only want to be hanged. What possible
Objection can he have to that? "

 

 1988208-09a42ef6d070197b7e65e5da0be0b71d.jpg
Christopher Fry (18 december 1907 - 30 juni 2005)
Scene uit een opvoering in New York, 2011

 

 

De Duitse schrijver Thomas Strittmatter werd geboren op 18 december 1961 in St. Georgen in het Zwarte Woud. Zie ook alle tags voor Thomas Strittmatter op dit blog.

Uit: Thomas Strittmatter zu „Polenweiher“

“Anna, eine in den Schwarzwald dienstverpflichtete Magd, wird tot in einem Weiher gefunden. Ganz besonders schlimm nimmt der Vorfall Rot mit, einen ehemaligen Landstreicher und Korbflechter.
Rot findet recht bald heraus, daß Hungerbühler, der Bauer, bei dem er als „Schlafgänger“ wohnt, für Annas Tod verantwortlich ist.
Auch der Kommissar, der in dem Fall ermittelt, ist recht bald im Bild; zum einen aber findet er Gefallen an Hungerbühlers Frau Antonia, zum anderen sieht er den nahenden Zusammenbruch voraus und braucht einen Unterschlupf, den er in dem abgelegenen Schwarzwaldhof zu finden hofft. Außerdem wäre es peinlich, wenn von dem Fall etwas an die Öffentlichkeit käme, denn es widerspräche der Nazipropaganda über die Lage der Ostarbeiter.
Rot reagiert mit einem körperlichen Zusammenbruch profaner Art: Darmverschluß.
Da bald das ganze Dorf über Hungerbühlers Tat Bescheid weiß, da er auch mit seinen Gewissenskonflikten zwischen Nazi-Ideologie und Menschlichkeit nicht mehr zurecht kommt, meldet er sich an die Front. Er fällt bald.
Rot stirbt an seiner Krankheit.”

 

 1988208-f54df35a3f14000b60a69562bda724dd.jpg
Thomas Strittmatter (18 december 1961 - 29 augustus 1995)
Scene uit een opvoering van “Der Polenweiher” in München, 1993 

 

 

De Canadese dichter en schrijver Gatien Lapointe werd geboren op 18 december 1931 in Québec. Zie ook alle tags voor Gathien Lapointe op dit blog.

 

Ode au Saint-Laurent (Fragment)

Ô que je m’embarque sur la mer verte et bleue
Ô que je saisisse les reflets qui m’aveuglent
Le temps dispersé en mille figures
Le mot prisonnier de la chair
L’accord caché au fond du sang
L’infini de l’univers et du cœur
La solitude sans fin de chaque être
Trouverai-je le secret de ma vie

Trouverai-je un jour l’événement qui commence

Être homme est déjà une tragédie
Et j’ai pleuré en découvrant le monde

J’ai allumé un feu sur la haute clairière
Je suis descendu dans l’aine des sources
Le parfum du sol me frappe au visage
La femme aux hanches brillantes d’aurore
L’homme à genoux inventant Dieu
Je suivrai la marche du fleuve
Je connais ensemble hier et demain
Et c’est aujourd’hui qu’il me faut construire

Je découvre ma première blessure
Je plante dans le sol ma première espérance

Espace et temps ô très charnelle phrase

Toutes les routes dans une même figure
L’instant et toute l’année en un pas


 1988208-d63d4761ff75389840328097fd2e5c00.jpg
Gatien Lapointe (18 décember 1931 – 15 september 1983)
Rue du Petit Champlain tijdens de kersttijd, Lower Town, Quebec City

 

 

De Duitse schrijver Heinrich Smidt werd geboren op 18 december 1798 in Altona. Zie ook alle tags voor Heinrich Schmidt op dit blog.

Uit: Das Pestschiff

„Jerta saß auf einer Steinbank, die auf der äußersten Spitze des Gartens errichtet war. Neben ihr stand Skuld, eine blühende, junge Nordländerin. Sie war mehr Gespielin, als Dienerin. Die Blicke der jungen Herrin schweiften längs des Horizontes. Sie beugte sich vornüber und die Gespielin zog sie erschrocken zurück und rief:
»Siehst du nicht die Brandung unter dir? Wie leicht faßt dich ein Schwindel und du stürzest hinab in die Tiefe.«
»Fürchtest du dich vor der brandenden See und bist eine Tochter des Nordens?« fragte Jerta lachend. »Ich bin im Süden geboren, wo die goldenen Äpfel an immergrünen Bäumen reifen, und fürchte sie nicht, sie ist mir von Jugend auf treu gewesen und hat mich oft auf ihren Wellen gewiegt. Sie wird auch jetzt meine Bitten erhören und mir meinen Osrick bringen.«
»Sie wird es,« antwortete Skuld. »Aber sie tut es erst dann, wenn sie ihn mit ihren Armen zu fassen vermag. Wer weiß, wo der Ruhelose jetzt weilt, woran er denkt und was er treibt. Die Menschen werden anders, wenn sie es zu etwas bringen und Osrick ist ein vornehmer Kapitän geworden.«
»Ich bin dir böse, weil du mir den Freund verdächtigen willst,« sagte Jerta und eine Wolke des Unmuts flog über ihre Stirn. »Aber es gelingt dir nicht.«
Sie sah der Freundin in das treue Auge und fuhr fort:
»Nein, ich zürne dir nicht, da ich weiß, daß du diesen Zweifel nur aussprichst, um meine Sehnsucht zu mildern, denn du siehst wohl, daß sie mich verzehrt.«
Die beiden Jungfrauen umarmten sich und Jerta sagte, durch Tränen lächelnd, nach einer Weile:
»Wenn mein Osrick aus dem schönen Süden heimkehrt, dann sollen auch für dich Freudentage anbrechen. Ich habe es wohl gesehen, daß Ole Steen, wenn er mit einer Botschaft von dem Sarge herüberkommt, nur Augen für dich hat. Und du, Schelmin, siehst das Boot, welches ihn trägt, immer zuerst, wenn es auch noch so weit entfernt ist. Osrick wird auf seinem Schiffe einen Platz für den schmucken, jungen Matrosen haben, und du ziehst dann mit mir in die blumenduftigen Täler, wo die Sterne golden blinken und die See vom Purpur widerstrahlt.«

 

 1988208-fe7ecdc8d3229c1a4aca14af18e7ff55.jpg
Heinrich Smidt (18 december 1798 - 3 september 1867)
Cover

Geschreven door Romenu om 10:03 Reageer op dit bericht

Jakov Polonski

De Russische dichter en schrijver Jakov Petrovitsj Polonski werd geboren in Rjazan op 18 december 1819 als zoon van een ambtenaar en studeerde aan de Universiteit van Moskou, waar hij de jonge dichters Apollon Grigojev en Afanasi Fet leerde kennen. In 1844 publiceerde hij zijn eerste bundel met lyrische poëzie, welke geplaatst kan worden in de school van de ‘zuivere kunst’, welke in die periode, in navolging van van Aleksandr Poesjkin, opgang deed. Polonski werkte in de jaren 1840 als secretaris voor Michail Vorontsov, onder andere in Tiflis en Odessa. De nabijheid van de Zwarte Zee leek zijn romantische gevoelens alleen maar verder aan te wakkeren en in deze periode schreef hij volgens velen zijn beste gedichten. In 1851 vestigde hij zich in Sint-Petersburg, deed daar aanvankelijk vooral journalistiek werk en trad vanaf 1860 in overheidsdienst, bij het departement voor de censuur. Zijn latere gedichten vertonen in toenemende mate een sociale betrokkenheid. Op late leeftijd voerde Polonski nog een correspondentie met Anton Tsjechov. Hij overleed op 78-jarige leeftijd in Sint-Petersburg en werd begraven in zijn geboortestad Rjazan. Hoewel Polonski in het Rusland van voor de revolutie grote bekendheid genoot is hij in de Twintigste Eeuw enigszins in de vergetelheid geraakt. Tegenwoordig is hij vooral nog bekend door zijn gedichten die aan het einde van de negentiende eeuw op muziek werden gezet door vooraanstaande componisten als Pjotr Tsjaikovski, Sergej Rachmaninov, Sergej Tanejev en Anton Rubinstein.

 

Der Morgen

Seht, ob steilen Bergen,
die zum Himmel streben,
dort aus Blüthenthalen
Nebel sich erheben!

Seht, wie er gleich Rauch
sich zu den Wolken windet,
die mit Gold sich säumen,
bis er unter ihnen,
den verwandten, schwindet!

Und jetzt zittert unten
Frühroth auf den Wellen.
Schon beginnt der Osten
flammend sich zu hellen.

Ha, schon strahlt des Morgens,
jungen Morgens Sonne!
Nacht entweicht und alles
grüßt den Tag mit Wonne,
grüßt die Sonne!

Am Azur, den blauen,
ist nur Licht zu schauen.

Genius der Menschheit,
freue dich! zur Trauer
seit jeher verurtheilt,
fühle Wonneschauer!

Freue dich und glaube,
enden muß das Leiden,
wenn auch währt das Ringen,
enden muß das Leiden!

Vertaald door Josef Wenzig

 

 

De Zwaan (Fragment)

Een park, een strijkstok, lampionnen,
Mensen maken blij gerucht,
Alleen de wind sliep, aardedonker
Was de nachtelijke lucht.

Ook donker was de groene vijver
En het dichte oeverriet,
Waar een gedoemde zwaan verkwijnde
In de stilte, onbespied.

Gebroken, tam, volslagen eenzaam,
Is hem stervende ontgaan
Dat ergens boven hem een vuurpijl
Vonkenregens deed ontstaan.

 

Vertaald door Peter Zeeman

 

 2098685-a9a7f95814129c3e368da792cd9475e2.jpg
Jakov Polonski (18 december 1819 – 30 oktober 1898)
Portret door Ivan Kramskoy, 1875

Geschreven door Romenu om 00:00 Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten