Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
seniorennet.beseniorennet.be

Berichten van 23 februari 2011

César Aira, Robert Gray, Sonya Hartnett, Marjolijn Februari, Toon Kortooms

De Argentijnse schrijver en vertaler César Aira werd geboren op 23 februari 1949 in Coronel Pringles. Zie ook mijn blog van 23 februari 2008 en ook mijn blog van 23 februari 2009 en ook mijn blog van 23 februari 2010.

 

Uit: Die Mestizin (Vertaald door Michaela Meßner en Matthias Strobel)

 

„Ein Treck zog langsam im Morgengrauen dahin, die Soldaten, die den Zug anführten, schaukelten, noch halb schlafend, auf ihren Reittieren hin und her, den Mund voll schaler Spucke. Man hieß sie jeden Tag ein paar Minuten früher aufstehen, je weiter das Jahr voranschritt, so dass sie viele Meilen schliefen, bis die Sonne aufging. Die Pferde bewegten sich, als habe man sie verhext oder als ängstige sie das unheimliche Geräusch ihrer Hufe auf dem Boden des Flachlandes, nicht weniger als der Kontrast zwischen der düsteren Erde und der durchscheinenden Tiefe der Luft. Es kam den Männern so vor, als klare der Himmel zu schnell auf und lasse der Nacht keine Zeit, sich aufzulösen.
Von ihren Gürteln hingen blanke Säbel; den Stoff ihrer Uniformen hatten ungeschickte Hände zugeschnitten; mit den zu großen Käppis auf ihren geschorenen Köpfen sahen sie aus wie kleine Jungen. Wer rauchte, war auch nicht wacher als die anderen; die Zigarette zum Mund führen, tief inhalieren, alles schlaftrunkene Gesten. Der Rauch verflüchtigte sich in der eisigen Brise. Die Vögel stoben lautlos in dem grauen Zwielicht auseinander. Alles war Stille, wirkte umso stiller, wenn hin und wieder der ferne Schrei eines Bronzekiebitzes erklang oder das ängstliche, sehr scharfe Schnauben der Pferde, die nur durch den Schlummer ihrer Reiter daran gehindert wurden, loszurennen bis zur Auflösung, so groß war das Grauen, das die Erde ihnen einflößte. Doch nichts löste sich aus diesen Schatten, mit Ausnahme eines schlaflosen Hasen, der durchs Gras Reißaus nahm, oder einer Motte mit sechs Flügelpaaren.
Die Ochsen hingegen, überaus kurzbeinige Viecher, die in dem Zwielicht wirkten wie in einem Morast herumkriechende Raupen, waren vollkommen stumm, niemand hatte sie je auch nur einen Mucks von sich geben hören.“

 

 859280-003492681dce412a5d4480499720cbde.jpg

César Aira (Coronel Pringles, 23 februari 1949)

 

 

 

 

De Australische dichter Robert Gray werd geboren op 23 februari 1945 in Port Macquarie. Zie ook mijn blog van 23 februari 2009 en ook mijn blog van 23 februari 2010.

 

 

 

Looking After A Friend's House

 

I wake sometime towards daybreak,

hold apart

the curtains, propping myself up

and can see the moon

setting.

 

It's down behind the stand

of distant bare trees-those torn bits

of flyscreen

tacked onto sticks

 

The moon is settling

quickly, the way an egg yolk

slides along

and off

a table top

 

It shines across

these paddocks with their dark

turned- over clods

In some of the hollows, in the moonlight

water lies.

 

I reach back and

press the light switch, to keep on

reading. And read

until there glides up against me what seems

an icy cat.

 

Drab as goat's milk

the first daylight. I hunch down and feel myself

dissolving.

And next, sunlight is heavy on the quilt,

I am under all the dust motes.

 

Now this light will be inside, shoved right through

the house, cycling down

onto linoleum.

And I hear the refrigerator starting up again

in the bare kitchen.

 

 

 859280-4e69ede6d4cb0212f113829baa6e7893.jpg

Robert Gray (Port Macquarie, 23 februari 1945)

 

 

 

 

De Australische schrijfster Sonya Hartnett werd geboren op 23 februari 1968 in Box Hill, Melbourne. Zie ook mijn blog van 23 februari 2010.

 

Uit: The Silver Donkey

 

„Who's there?" cried the man, and then repeated it in a language that the sisters understood. "Qui est là? Who's there?"
He looked toward Marcelle and Coco and must have seen two skinny, flash-eyed little girls, wild as kittens born under stables, the taller dressed in her brother's hand-me-downs, the smaller rumpled as a street urchin - but then he looked to the moldery soil and up into the trees, and behind himself toward the distant sea. . . . He scrambled backward in the dirt, covering his knees in mud. "Who is there?" he asked again.
Marcelle and Coco stared. . . . "It's just us," said Marcelle. "No one else."
The man stopped scrabbling and became very still. . . . "I can't see you," he said nervously. "I'm blind. Who are you?"
. . . The girls, emboldened, peered more closely at their discovery, stepping from the shadows like fawns. They saw that the man had untidy brown hair and that his face was rather dirty. Coco, who had a sparrow's quick eyes, saw that he held something silver and enticing in his palm, something that twinkled and gleamed. . . . "I'm Marcelle," she told him. "I'm ten. This is my sister, Coco. She's eight. Her real name is Thérèse, but everybody calls her Coco."
. . . "Are you a soldier?" asked Coco unexpectedly.
The man hunkered against the tree. "Why do you ask that?"
"Well, you are a bit like a solider. You have a soldier's blanket and a soldiers' boots. And once there were soldiers who slept a night in our village and they spoke in a funny way, the same way you do."
"It's called an accent," said Marcelle with superiority.“

 

 

 859280-f22b01fac0d809494c3c76bbf21a28d7.jpg

Sonya Hartnett (Box Hill, 23 februari 1968)

 

 

 


De Nederlandse schrijfster, filosofe en columniste
Marjolijn Februari (eig. Marjolijn Drenth) werd geboren in Coevorden op 23 februari 1963. Zie ook mijn blog van 23 februari 2010.

 

Uit: De literaire kring

 

„Dit tijdperk kende een fascinatie voor officiële terroristen en voor karikaturale moordenaars die verkleed als stripfiguren met messen op hun slachtoffers instaken of een bom onder een trein legden. Maar al die onopvallende burgers konden rustig doormoorden; de verpleegsters en artsen die niet kwamen opdagen bij doodzieke kinderen in asielzoekerscentra, de gezinsvoogden die niet reageerden op telefoontjes van overspannen vaders met moordneigingen, [...] de balie- en loketmoordenaars, die gezamenlijk meer doden op hun geweten hadden dan welke terroristische cel ook.“

 

 

 859280-1226577fa903e90a5562bf74ce20ca8f.jpg

Marjolijn Februari (Coevorden, 23 februari 1963)

 

 

 

 

De Nederlandse schrijver Toon Kortooms werd op 23 februari 1916 in Deurne geboren. Zie ook mijn blog van 23 februari 2007 en ook mijn blog van 23 februari 2008 en ook mijn blog van 23 februari 2009 en ook mijn blog van 23 februari 2010.

 

Uit: Help! De dokter verzuipt...

 

„Hallelujah! De Heer zij geprezen! Laten wij Hem danken met zang en snarenspel. Want er bestaat alle reden tot feestvreugde in dankbaarheid. De dag van het Visioen is aangebroken!

Ziet hoe van pastorie en dokterswoning de nationale driekleur fier wappert in de Peellandse ochtendbries!

Ziet hoe velen onzer het voorbeeld van geneesheer en zielenherder volgen en de vlag uitsteken!

 

Wij hadden met onze dokter meegeleefd, meegeofferd, al verrichtte hijzelf het leeuwe-aandeel. Niemand anders dan hij had rusteloos zoekend, arbeidend en organiserend de nodige fondsen bijeengebracht.

Hij verdiende zijn gloriedag en wij gunden hem die zo van harte. En het stemde ons tot diepe dankbaarheid jegens de Gever van alle goeds dat de natuur was zoals Angelino haar in zijn visioen gezien had.

Het woonwagenkamp werd overgoten door gouden zonlicht. De zon scheen op de daken van de kleurige wagens en op de spits van een gebouw dat men op het eerste oog voor een kleine tempel zou houden. Wat het dan ook was.

Een tweede bouwwerkje, op enige afstand van het grote gelegen en eveneens door de zon bedacht, herbergde brandschone toiletgelegenheden, links voor dames, rechts voor heren. En in het midden mooie poepdoosjes voor de jeugd.

Achter het kamp lag een gladgeschoren grasveld met aan weerszijden witgeschilderde doelpalen - een voetbalveld voor oud en jong.“

 

 


859280-5002898f3dc48b6e376e0bdc4699fd62.jpg
Toon Kortooms (23 februari 1916 – 5 februari 1999)

Buste van Kortooms door Jos Reniers op de markt in Deurne


Zie voor nog meer schrijvers van de 23e februari ook mijn vorige blog van vandaag en eveneens mijn eerste blog van vandaag.
Geschreven door Romenu om 18:59 Reageer op dit bericht

Jef Geeraerts, Erich Kästner, Bernard Cornwell, Elisabeth Langgässer, Amoene van Haersolte

De Vlaamse schrijver Jef Geeraerts werd geboren op 23 februari 1930 in Antwerpen. Zie ook mijn blog van 23 februari 2007 en ook mijn blog van 23 februari 2009 en ook mijn blog van 23 februari 2010.

 

Uit: De zaak Alzheimer

 

„Op ongeveer een kilometer in vogelvlucht daarvandaan, in de Seringenlaan, stond een man in de brede dreef recht tegenover nummer 15 B in de schaduw van een dikke beuk te wachten.

Hij was klein van postuur, maar opvallend breed gebouwd. Hij was van kop tot teen in het zwart

gekleed en zijn gestalte versmolt zo volmaakt met de omgeving, dat zelfs voorbijgangers hem met moeite zouden kunnen onderscheiden, maar daarvoor was geen gevaar: op dat uur lag de omgeving er als uitgestorven bij. De bewoners van wat zijzelf een exclusieve buurt noemden maar wat in werkelijkheid een enclave van nouveaux riches was, sliepen of zaten gezellig in hun comfortabele huizen, omgeven met grote tuinen, meestal voorzien van een stil alarmsysteem, een peperdure modetrend waar weinigen van wat in het jaar vijfentachtig voor de elite doorging, aan konden weerstaan. Telkens als er een wagen aan kwam rijden, keek de man met een katachtig rukje van zijn hoofd in die richting, maar bewoog verder niet. De wagens reden voorbij en dan werd het, afgezien van het drukke verkeer op de E3-Ring die vlakbij was, opnieuw relatief stil.

Net nadat hij op de verlichte wijzerplaat van zijn kwartshorloge had gezien dat het tien voor middernacht was, draaide een zware wagen geruisloos vanuit de Acacialaan de Seringenlaan in, vertraagde, stak zijn knipperlamp aan en stopte op twee meter van het hek. De man in de schaduw stak snel de straat over, bracht intussen de rechterhand omhoog, trok de ritssluiting van zijn jack open en haalde iets tevoorschijn. Het portier van de wagen ging open en een zwaargebouwde man die een sigaar rookte, stapte uit en zocht naar de sleutel om het hek te openen.

De man in de schaduw naderde. Net toen de andere zich vooroverboog om naar het sleutelgat te zoeken, was hij vlakbij en richtte het voorwerp dat hij zopas uit zijn jack had gehaald (en dat mat glansde in de straatverlichting) op het hoofd met de sigaar, dat zich abrupt omdraaide, hevige angst uitdrukte en iets uitstootte met een euh-klank erin.“

 

 

859277-bdbf472ee9928949ccfcf34026816f85.jpg
Jef Geeraerts (Antwerpen, 23 februari 1930)

 

 

 

 

De Duitse schrijver, dichter en cabaretier Erich Kästner werd geboren in Dresden op 23 februari 1899. Zie ook mijn blog van 23 februari 2007 en ook mijn blog van 23 februari 2008 en ook mijn blog van 23 februari 2009 en ook mijn blog van 23 februari 2010.

 

Uit: Emil und die Detektive

 

„So", sagte Frau Tischbein, "und nun bringe mir mal den Krug mit dem warmen Wasser nach!" Sie selber nahm einen anderen Krug und den kleinen blauen Topf mit der flüssigen Kamillenseife und spazierte aus der Küche in die Stube. Emil packte seinen Krug an und lief hinter der Mutter her.
In der Stube saß eine Frau und hielt den Kopf über das weiße Waschbecken gebückt. Ihre Frisur war aufgelöst und hing wie drei Pfund Wolle nach unten. Emils Mutter goss die Kamillenseife in das blonde Haar und begann, den fremden Kopf zu waschen, dass es schäumte.
"Ist es nicht zu heiß?", fragte sie.
"Nein, es geht", antwortete der Kopf.
"Ach, das ist ja Frau Bäckermeister Wirth! Guten Tag!", sagte Emil und schob seinen Krug unter die Waschtoilette.
"Du hast's gut, Emil. Du fährst nach Berlin, wie ich höre", meinte der Kopf. Und es klang, als spräche wer, der in Schlagsahne untergetaucht worden ist.
"Erst hatte er zwar keine rechte Lust", sagte die Mutter und schrubbte die Bäckermeisterin. "Aber wozu soll der Junge die Ferien hier totschlagen? Er kennt Berlin überhaupt noch nicht. Und meine Schwester Martha hat uns schon immer mal einladen wollen. Ihr Mann verdient ganz anständig. Er ist bei der Post. Im Innendienst. Ich kann freilich nicht mitfahren. Vor den Feiertagen gibt's viel zu tun. Na, er ist ja groß genug und muss eben unterwegs gut aufpassen. Außerdem holt ihn meine Mutter am Bahnhof Friedrichstraße ab. Sie treffen sich am Blumenkiosk."
"Berlin wird ihm sicher gefallen. Das ist was für Kinder. Wir waren vor anderthalb Jahren mit dem Kegelklub drüben. So ein Rummel! Da gibt es doch wirklich Straßen, die nachts genauso hell sind wie am Tage. Und die Autos!", berichtete Frau Wirth aus der Tiefe des Waschbeckens.

 

 

 859277-1e0465665b9d690345b6566223ca32e1.jpg

Erich Kästner (23 februari 1899 - 29 juli 1974)

 

 

 

 

De Britse schrijver Bernard Cornwell werd geboren op 23 februari 1944 in Londen. Zie ook mijn blog van 23 februari 2009 en ook mijn blog van 23 februari 2010.

 

Uit: The Pale Horseman

„I love the sea. I grew up beside it, though in my memories the seas off Bebbanburg are grey, usually sullen, and rarely sunlit. They are nothing like the great waters that roll from beyond the Isles of the Dead to thunder and shatter against the rocks at the west of Britain. The sea heaves there, as if the ocean gods flexed their muscles, and the white birds cry endlessly, and the wind rattles the spray against the cliffs and Fyrdraca, running before that bright wind, left a path in the sea and the steering oar fought me, pulsing with the life of the water and the flexing of the ship and the joy of the passage. Iseult stared at me, astonished by my happiness, but then I gave her the oar and watched her thin body heave against the sea’s strength until she understood the power of the oar and could move the ship, and then she laughed. “I would live on the sea,” I told her, though she did not understand me. I had given her an arm ring from Peredur’s hoard and a silver toe ring and a necklace of monster’s teeth, all sharp and long and white, strung on a silver wire.
I turned and watched Svein’s White Horse cut through the water. Her bows would sometimes break from a wave so that the forepart of her hull, all green and dark with growth, would rear skywards with her horse’s head snarling at the sun, and then she would crash down and the seas would explode white about her timbers. Her oars, like ours, were inboard and the oar-holes plugged, and we both ran under sail and Fyrdraca was the faster ship, which was not because she was more cunningly built, but because her hull was longer.“

 

 

 859277-f2af65e35310dc74825a010ece72b9c5.jpg

Bernard Cornwell (Londen, 23 februari 1944)

 

 

 

 

De Duitse dichteres en schrijfster Elisabeth Langgässer werd geboren op 23 februari 1899 in Alzey. Zie ook mijn blog van 23 februari 2009 en ook mijn blog van 23 februari 2010.

 

 

Öffnet mir den Jahreskreis

 

Öffnet mir den Jahreskreis,

Springwurz, Farn und Moose,

Nordwind laut und Südwind leis,

Blüten voll von süßem Schweiß,

Gift und Tau

Silberblau -

Denn ich heiße Rose.

 

Keines Bienenleibs Gewicht

lag mir noch im Schoße,

Als mich weckte jenes Licht,

Das mich sah - ich sah es nicht -

Und mich hieß,

Mich entließ

Mit dem Namen Rose.

 

Spielend sprang ich vor ihm auf,

Schloß Pandoras Dose,

Blatt um Blatt wuchs hoch zu Hauf,

Überdrang der Narbe Knauf,

Ihrer Sucht

Feuerfrucht

Die da nicht heißt Rose.

 

Holder Brüste hundert Paar,

Trug ich, Kinderlose,

Bis der Samenfülle Schar

Euch, verwandelt, mitgebar:

Weltengrund,

Sternengrund,

In dem Namen Rose.

 

 

 

859277-b46780108d5cc79ce18fdd5f82d7e5b8.jpg
Elisabeth Langgässer (23 februari 1899 – 25 juli 1950)

In 1937

 

 

 

De Nederlandse schrijfster Amoene van Haersolte (eig. Ernestine Amoene Sophia van Haersolte-van Holthe tot Echten)  werd geboren in Utrecht op 23 februari 1890. Zie ook mijn blog van 23 februari 2010.

 

Uit: Een boek over Isabella van Kastillië

 

„Men heeft lief hare heldere, levendige verbeelding, die geleefd heeft in die dagen vol romantiek, toen de bloem van de Spaansche ridderschap, zoo menig jong ‘Cid Campeador’ sneuvelde als kampioen voor zijn geloof; toen bisschoppen de vaandels zwaaiden en kardinalen streden met messen. Hoe moeilijk, wanneer romantische gebeurtenissen en heldendaden elkaar verdringen, wanneer de zwoele Spaansche lucht u tegenwaait, waar vestingen vallen onder musketgeknetter en bazuingeschal, waar prevelende priesters en zwierige Grandes buigen voor hun vorsten, hoe moeilijk om dan niet te vervallen in dramatische en op het gemoed werkende beschrijvingen.

Maar dan is er nog de zin voor geschiedenis, de liefde voor het grijs verleden en wat het ons bracht en wat het ons leerde. Die is sommigen aangeboren. Daaronder is mevrouw Dieulafoy. Het is de geschiedkundige getrouwheid, het zijn de waarheid en simpelheid van Jane Dieulafoy, die haar hebben behoed voor bombarie en valsche romantiek.“

 

 


859277-1812653ab5a5fd8ae1931c9beeae5be9.jpg
Amoene van Haersolte (23 februari 1890 - 1 augustus 1952)

Oude Gracht, Utrecht, tussen 1890 en 1900 (Geen portret beschikbaar)

Geschreven door Romenu om 18:53 Reageer op dit bericht

B. Traven, David Kalisch, Samuel Pepys, Josephin Soulary, Henri Meilhac

De Duitstalige schrijver B. Traven werd (vermoedelijk op 23 februari) 1890 geboren. Zie ook mijn blog van 23 februari 2010.

 

Uit: Das Totenschiff

 

„Ohne Skipper kann ein Schiff laufen, ohne Mannschaft nicht. Der Skipper könnte nicht mal dem Schiff etwas zu essen geben, weil er nicht versteht, wie er aufschmeißen muß, damit die Feuer nicht ausgehen und doch die meiste Hitze geben, ohne Verdauungsstörungen zu erzeugen. Mit der Mannschaft spricht das Schiff, mit dem Skipper und den Offizieren nie. Der Mannschaft erzählt das Schiff Märchen und wunderschöne Geschichten. Alle meine Seegeschichten haben mir die Schiffe erzählt und keine Menschen. Das Schiff läßt sich auch gern etwas erzählen von der Mannschaft. Ich habe gehört, daß Schiffe lachten und kicherten, wenn die Mannschaft Sonntag nachmittags auf Deck saß und sich Witze erzählte. Ich habe Schiffe weinen sehen, wenn traurige Geschichten erzählt wurden. Und ich habe ein Schiff bitterlich schluchzen hören, weil es wußte, daß es auf der nächsten Fahrt untergehen würde. Es kam auch nie wieder und stand später bei Lloyds auf der Liste >Verschollen<. Das Schiff ist immer auf seiten der Mannschaft, nie auf seiten des Skippers. Der Skipper arbeitet nicht für das Schiff, er arbeitet für die Kompanie. Die Mannschaft weiß häufig gar nicht, zu welcher Kompanie das Schiff gehört; sie macht sich keine Gedanken darüber. Sie kümmert sich nur darum, was das Schiff selbst angeht. Wenn die Mannschaft unzufrieden ist oder rebelliert, rebelliert das Schiff sofort mit. Streikbrecher haßt das Schiff mehr als den Boden des Meeres; und ich habe ein Schiff gekannt, das mit einer ganzen Horde von Streikbrechern auf der ersten Ausfahrt, beinahe noch in Sicht der Küste, glatt auf den Boden ging.“

 

 

859275-8254d60d95376c600d59e8a91694abfc.jpg
B. Traven (vermoedelijk 1890 - 26 maart 1969)

 

 

 

 

De Duitse schrijver David Kalisch werd geboren op 23 februari 1820 in Breslau. Zie ook mijn blog van 23 februari 2009 en ook mijn blog van 23 februari 2010.

 

Uit: Berlin, wie es weint und lacht

 

„BERNHARD. Pest! Noch einmal zwanzig Louis auf die neuf!

EISLEBEN zieht ab. Cinq et deux! – neuf et quatre! Ich erhalte von Ihnen vierzig Louisdor, Herr Schlicht.

BERNHARD. Sie sollen sie bis heute abend haben.

EISLEBEN. Sie haben es gehört, meine Herren!

BERNHARD. Diese Bemerkung war sehr überflüssig.

EISLEBEN. Ich weiß, daß Sie die Bedeutung eines gegebenen Ehrenwortes kennen. Sie werden aber auch wissen, daß ich in dieser Beziehung Erfahrungen gemacht habe.

BERNHARD stolz. Dann müssen Sie mit Leuten im Verkehr stehen, die von dem Prädikate »ehrenhaft« in angemessener Entfernung leben!

SCHLEPPER. Aber so stören Sie doch das Spiel nicht! – Weiter – weiter!

BERNHARD kommt leichenblaß mit verwilderten Haaren in den Vordergrund. Alles hin! Die 150 Taler, welche zu meinem Examen bestimmt waren und nun noch diese 40 Louisdor. Wenn ich das Geld nicht heut' noch auftreibe, bin ich ruiniert. Ich darf meinem Vater nicht unter die Augen treten. Was anfangen? Auf Ferdinand deutend. Der Kellner hat Geld. Ich weiß, er hat sich ein Kapital zusammengespart. Es ist demütigend, diesen Menschen anzusprechen, aber – wenn ich mich nur vorläufig aus dieser drückenden Verlegenheit reiße. Meine Tante Quisenow wird mich ja nicht im Stich lassen. Er ruft. Ferdinand!“

 

 

 859275-2ee5520e3daeffaab7a32caf0061f01d.jpg

David Kalisch (23 februari 1820 – 21 augustus 1872)

 

 

 

 

De Engelse schrijver Samuel Pepys werd geboren op 23 februari 1633 in Londen. Zie ook mijn blog van 23 februari 2007 en ook mijn blog van 23 februari 2009 en ook mijn blog van 23 februari 2010.

 

Uit: The Diary of Samuel Pepys

 

„Friday 21 February 1667/68

At the office all the morning to get a little business done, I having, and so the whole office, been put out of doing any business there for this week by our trouble in attending the Parliament. Hither comes to me young Captain Beckford, the slopseller, and there presents me a little purse with gold in it, it being, as he told me, for his present to me, at the end of the last year. I told him I had not done him any service I knew of. He persisted, and I refused, but did at several denials; and telling him that it was not an age to take presents in, he told me he had reason to present me with something, and desired me to accept of it, which, at his so urging me, I did, and so fell to talk of his business, and so parted. I do not know of any manner of kindness I have done him this last year, nor did expect any thing. It was therefore very welcome to me, but yet I was not fully satisfied in my taking it, because of my submitting myself to the having it objected against me hereafter, and the rather because this morning Jacke Fen come and shewed me an order from the Commissioners of Accounts, wherein they demand of him an account upon oath of all the sums of money that have been by him defalked or taken from any man since their time, of enquiry upon any payments, and if this should, as it is to be feared, come to be done to us, I know not what I shall then do, but I shall take counsel upon it. At noon by coach towards Westminster, and met my Lord Brouncker, and W. Pen, and Sir T. Harvey, in King’s Street, coming away from the Parliament House; and so I to them, and to the French ordinary, at the Blue Balls, in Lincolne’s Inn Fields, and there dined and talked.“

 

 

859275-ae3f1c79607b5e5e0c292fe3a542e51d.jpg
Samuel Pepys (23 februari 1633 – 26 mei 1703)

Buste in Seething Lane Garden, Londen

 

 

 

 

De Franse dichter Josephin Soulary werd geboren op 23 februari 1815 in Lyon. Zie ook mijn blog van 23 februari 2009 en ook mijn blog van 23 februari 2010.

 

 

La veillée des rêves

 

En hiver, quand le vent de bise
Hurle au loup dans la forêt grise,
Et que la Muse entre au logis,
Les doigts rougis,

Heureux qui peut, sa porte close
Au froid noir, au souci morose,
Rêver son rêve le plus cher
Près d'un feu clair !

S'il est vrai que le feu recèle
Un esprit dans chaque étincelle,
Flotte, Ô chimère, avec l'essor
Des mouches d'or !

 

 

 

859275-c71d76b59aa25e9835474d4f96b6a43a.jpg
Josephin Soulary (23 februari 1815 – 28 maart 1891)

 

 

 

 

De Franse schrijver Henri Meilhac werd geboren op 23 februari 1831 in Parijs. Zie ook mijn blog van 23 februari 2009 en ook mijn blog van 23 februari 2010.

 

Uit: La Périchole

 

„Tu n'es pas beau, tu n'es pas riche,

tu manques tout à fait d'esprit;

tes gestes sont ceux d'un godiche,

d'un saltimbanque dont on rit,

le talent, c'est une autre affaire:

tu n'en as guère, de talent…

De ce qu'on doit avoir pour plaire

Tu n'as presque rien, et pourtant….

 

Piquillo:

Et pourtant?

 

La Périchole:

Je t'adore, brigand, j'ai honte à l'avouer;

Je t'adore et ne puis vivre sans t'adorer.

Je ne hais pas la bonne chère…

on dînait chez ce vice-roi,

tandis que toi, toi, pauvre hère,

je mourais de faim avec toi!

J'en avais chez lui, de la joie;

J'en pouvais prendre tant et tant;

J'avais du velours, de la soie,

De l'or, des bijoux, et pourtant…“

 

 

 

859275-496536373ef0cb6f56a10437dbf5eac2.jpg
Henri Meilhac (23 februari 1831 – 6 juli 1897)

 

Geschreven door Romenu om 18:47 Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten