Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
seniorennet.beseniorennet.be

Berichten van 15 juni 2016

Maria Dermoût, Christian Bauman, Silke Scheuermann, Ramon Lopez Velarde, Roland Dorgelès, François-Xavier Garneau, Hannah van Wieringen

De Nederlands-Indische schrijfster Maria Dermoût (eigenlijk Helena Anthonia Maria Elisabeth Dermoût-Ingerman) werd geboren in Pekalongan, Java, op 15 juni 1888. Zie ook alle tags voor Maria Dermoût op dit blog.

Uit: Nog pas gisteren

“Mama keek eerst rond of er onder de passagiers niet iemand was die zij kende, dan praatte en lachte zij wel; anders zat zij rechtop, keek naar buiten door de hor en wees telkens iets aan: ‘Kijk eens Riek!’ alsof Riek het niet zelf zag, en fluisterde: ‘Je moet niet naar vreemde mensen kijken, Riek.’ Na een paar uur stapten zij uit, daar moesten zij overstappen, en 's middags laat kwamen zij in een grote plaats en sliepen een nacht in een hotel. De volgende morgen stond er een postwagen te wachten.
Een echte postwagen!
Het leek op een tentvvagen, maar er waren vier paarden voor, wel kleine magere, maar toch vier. Een gewone koetsier op de bok en dan nog twee lopers, die stonden achter op een plank als palfreniers. Maar zodra de weg steil werd, sprongen zij eraf en liepen naast de paarden, lieten de korte zwepen knallen, klakten met de tongen, riepen ‘rrrt’, als een roffel op een trom, en schreeuwden. Soms grepen zij de voorste paarden bij de toom en sjorden en trokken mee. Als er een vlak stuk kwam, bleven zij even staan en sprongen weer op de plank om uit te rusten, maar hun adem bleef nog lang zo zwaar gaan, met horten en stoten. Onderweg stonden zij stil om te verspannen. Riek en mama bleven in de postwagen zitten en aten wat uit hun mandje. Opzij van de weg onder de hoge tamarindebomen was een klein winkeltje; de koetsier en de lopers, ook de mannen die de verse paarden gebracht hadden, en Oerip op haar sloffen stonden ervoor en dronken koffie en aten een koekje. Daarna hurkten de mannen neer om te praten en strootjes te roken, maar Oerip klom weer in de wagen, zij zat tegenover Riek en mama op de kleine bank; als zij ging zitten, zei zij: ‘Vergeving mevrouw.’
Dat hoorde zo.
Bij het winkeltje stond het ineens vol met Javaanse kinderen die naar hen keken; één stak een hand uit en vroeg om snoepgeld, dat maakte Oerip boos.
‘Hinder de grote mevrouw en de grote juffrouw niet,’ maar mama zei: ‘Ach kassian Oerip,’ en gaf hun toch wat. En zij reden weer verder.
Het was een lange weg en steil. Het werd ook veel kouder. De nieuwe paarden liepen langzamer, zij werden moe, er stond schuim op hun flanken. In de korte pozen rust ging de adem van de lopers knarsend als een zaag.”

 

 1925841-386d25e601caf9e429b72190ff3372c6.jpg
Maria Dermoût (15 juni 1888 – 27 juni 1962)
 

 

De Amerikaanse schrijver Christian Bauman werd geboren op 15 juni 1970 in Easton, Pennsylvania. Zie ook alle tags voor Christian Bauman op dit blog.

Uit: Voodoo Lounge

“In the bow-thruster room, deep beneath the wave pushed by the front of the ship, another young buck sergeant, whom everyone called Scaboo, set down hand weights and picked up a towel to wipe sweat, unable to wait passively. In the soundproofed engine-room box Chief threw the breaker to switch generators. On the bridge the first mate, Mac, sat slumped in the skipper's chair, staring at the flat black of night through the glass. In the skipper's cabin, directly below the bridge, Mannino sat on the edge of the bunk in boxers and a T-shirt, vessel manifest in hand, the thirty-four names of the warrant officers and crew.
In the small crew's mess Snaggletooth and Shrug sat below the TV mounted up on the bulkhead, joysticks in hand, playing Tetris. Riddle walked in, moving to the coffee pot. "Turn that shit off." Riddle's loud, flat, Florida voice filled the mess like it filled every room Riddle entered. Snaggletooth made a noise, stood, and pushed the button to make the TV a TV again. The screen filled with segueing images of plantations, beaches, city streets teeming with black figures in cars, on foot, on bikes. Swelling symphonic music from the speakers, no words ever, just the music. The TV had been like this since yesterday afternoon. They'd lost the tail-end of the Miami NBC station the day before that, then gained a few hours of Cuban broadcasting. Now, just this: one station out of Port-au-Prince, showing the same scenes over and over, and the never-ending music. It was patriotic, Mac had said. Cedras was broadcasting this to work up Haitian nationalism and pride. The coming American invasion was no surprise, no secret D-Day. They were going for real and half the world knew it. The glory broadcast on TV proved it.
"Nobody needs that now," Riddle said, sitting at a mess table, looking at the TV."

 

 1925841-81e03ecc0fb7395745589865976ed703.jpg
Christian Bauman (Easton, 15 juni 1970)

 

 

De Duitse dichteres en schrijfster Silke Scheuermann werd geboren op 15 juni 1973 in Karlsruhe. Zie ook alle tags voor Silke Scheuermann op dit blog.

 

Es ist nicht mehr schön auf die Straße zu gehen im Dunkeln

Die Konzerte werden seit Jahren abgesagt
Strophe für Strophe
weil jeder Kopf sich selbst eingeglast hat

Verführung in gefährlichen Frequenzen
geht weiterhin von den Gesängen
der Möwen und Marder aus 
die ununterscheidbar geworden sind
und in dunklen Ecken warten
Frauen mittellos auf dich
mit ihrem überfallartigen Lächeln

Das Stadtmagazin rät
fröhlich ist´s bei den Kindern mit
Katzengesichtern die machen richtig
gute Horoskope

Sie kündigen
Note für Note
eine moderne
Ehe zwischen dir und der Nacht an
während sie Gummispielzeug
zerschneiden linkshändig
und dann rauchen
Es sieht gefährlich aus

Doch sie sind ehrlich
du bekommst
deine Hand zurück

 

 1925841-37622e0ae9aec55a3b16f24f1d69cc6b.jpg
Silke Scheuermann (Karlsruhe, 15 juni 1973)

 

 

De Mexicaanse dichter Ramon Lopez Velarde werd geboren op 15 juni 1888 in Jerez. Zie ook alle tags voor Ramon Lopez Velarde op dit blog.

If You Die Unwed

Friend, now that you are leaving me,
Perhaps I shall nat see you more.

Lighted by your soul and face
I was as marveloust chasne
As if my old age were embalmed.

No Other skill to love I had
Except to give you good advice.

My ashes, if you die unwed,
Will rise and go to visit you.

For an inky wind will come
To open up your balcony.
Let it rufie through your papers,
Your dothes and your novenas and snufl out
The holiness of your faithful lamps.

Go not. with shrinking heart
To close the panes
Agnin5t the ink the wind shall sprinkle.

For I am coming in the breeze
To drip into your peace, dear girl.


Vertaald door H. R. Hay

 

 1925841-b8a68c1e4b419c7f9d374f619813bc08.jpg
Ramon Lopez Velarde (15 juni 1888 – 19 juni 1921)
Museo Casa del Poeta Ramón López Velarde in Mexico-Stad

 

 

De Franse schrijver en journalist Roland Dorgelès (eig. Roland Lécavelé) werd geboren op 15 juni 1885 in Amiens. Zie ook alle tags voor Roland Dorgelès op dit blog.

Uit: Les Croix de bois

« — Alors, les gars, ils ne s’en font pas là-bas ?
— Et ce vieux Paname, questionna Vairon, qu’est-ce qu’on y fout ?
Eux aussi nous dévisageaient, comme s’ils étaient tombés chez les sauvages. Tout devait les étonner à cette première rencontre ; nos visages cuits, nos tenues disparates, le bonnet de fausse loutre du père Hamel, le fichu blanc crasseux que Fouillard se nouait autour du cou, le pantalon de Vairon cuirassé de graisse, la pèlerine de Lagny, l’agent de liaison, qui avait cousu un col d’astrakan sur un capuchon de zouave, ceux-ci en veste de biffin, ceux-là en tunique d’artilleur, tout le monde accoutré à sa façon ; le gros Bouffioux, qui portait sa plaque d’identité à son képi, comme Louis XI portait ses médailles, un mitrailleur avec son épaulière de métal et son gantelet de fer qui le faisaient ressembler à un homme d’armes de Crécy, le petit Belin, coiffé d’un vieux calot de dragonenfoncé jusqu’aux oreilles, et Broucke, « le gars de ch’Nord » qui s’était taillé des molletières dans des rideaux de reps vert.
Seul Sulphart, par dignité, était resté à l’écart, juché sur un tonneau, où il épluchait des patates, avec l’air digne et absorbé qu’il prenait pour accomplir les actes les plus simples de l’existence. Grattant sa barbe de crin roux, il tourna négligemment la tête et regarda avec une indifférence affectée un des trois nouveaux, un jeune à l’air maussade, imberbe ou rasé, on ne savait pas, coiffé d’un beau képi de fantaisie et chargé d’une large musette de moleskine blanche.
— Il est tout bath, avec sa petite casquette à manger du mou, railla d’abord Sulphart à mi-voix.
Puis, comme l’autre déposait son barda, il découvrit la musette. Alors, il éclata.
— Hé vieux ! cria-t-il c’est exprès pour monter aux tranchées que tu t’es fait tailler ta gibecière ? Si des fois t’avais peur que les Boches ne te repèrent pas assez, tu pourrais peut-être emporter un petit drapeau et jouer de la trompette."

 

 1925841-c430636ff8cc5f712704c157e423f27d.jpg
Roland Dorgelès (15 juni 1885 – 18 maart 1973)

 

 

De Canadese dichter en schrijver François-Xavier Garneau werd geboren op 15 juni 1808 in Ville de Québec. Zie ook alle tags voor François-Xavier Garneau op dit blog.

 

Les exilés

I
Assis aux bords lointains, près de la mer lympide,
Ils regardaient le flot rouler vers leur pays.
Il passait lentement; mais encor trop rapide,
Bientôt il disparut à leurs yeux attendris.
S’ils pouvaient comme lui s’éloigner de la rive
De l’exil et des douleurs!
Mais le flot qui s’en va, de la troupe captive
N’emporte, hélas! que les pleurs.

Ô vague fortunée! ô toi qui de l’orage
Peux lasser la constance et vaincre le courroux,
Ah! si du Canada tu vas voir le rivage,
Laisse, laisse en passant un souvenir de nous.
Tu diras que les yeux tournés vers la patrie,
Tous les jours nous implorons
Le ciel pour nos enfants et l’épouse chérie
Que jamais nous ne verrons.

Ainsi les exilés adressaient au passage
Le flot calme et tranquille emporté vers le nord.
De l’horizon liquide au-dessus d’un nuage
L’astre du jour jetait sur lui ses rayons d’or.
Aux pauvres prisonniers le ciel daignait sourire
Pour adoucir leurs regrets,
Comme en un jour brûlant les lèvres de zéphire
À la tristesse des cyprès.

Cependant tout se tait: le vieux barde se lève,
Déjà vibre la lyre où palpite sa main:
On dirait le doux bruit de l’onde sur la grève,
Ou l’haleine du soir qui caresse son sein.
Un chant commence; chant d’exil et de souffrance,
Comme en répétait autrefois
Dans les tours de Sidon le croisé de Provence
Venu pour venger la croix.

 

 1925841-444bfe6a434b29e490f689a6ebd887b4.JPG
François-Xavier Garneau (15 juni 1809 – 2 februari 1866)
Standbeeld in Ville de Québec

 

 

Onafhankelijk van geboortedata

De Nederlandse dichteres en schrijfster Hannah van Wieringen werd geboren in 1982 in Haarlem. Zie ook alle tags voor Hannah van Wieringen op dit blog.

Uit: De kermis van Gravezuid

‘De schatgraver kwam boven, naar lucht happend, spartelend als een karper en het was alsof het volle geluid bij het beeld werd gedraaid. Zijn kleine glinsterende kop bobte boven en zijn nog ingehouden omgeving, het pas begonnen dorp ademde uit. Het begon te leven, alsof er buiten beeld met een filmbordje was geklapt en met die felle tik het dorp pas werkelijk in het bestaan werd geroepen. De SRV-man reed aan, toeterde luid. De achterdeur van het café klapte open en de kroegbaas viel naar buiten met een krat in zijn handen. De schoolbel klonk, een sliert kinderen zwermde van de trap uit over het schoolplein. Een slingerende jongen met fietstassen vol kranten schoof langs. Een andere stuurde een kruiwagen vol gemaaid gras van een erf. De bestelbus van de aannemer ontweek net een paaltje. Geagiteerd geschuif en gekletter met plastic tuinmeubilair klonk op uit een achtertuin. Het dorp met zijn bewoners was in beweging gezet. De kikvors spetterde te midden van deze kloppende, kwetterende wereld naar de zwemsteiger, wierp zijn glibberige, onbestemde oogst op het land, hees zich uit het water en liep vastberaden de brug weer op. Hij was pas net begonnen. Nog een keer. Terug naar beneden, daar beneden, tussen de wortels van de waterplanten, de rietvoorns, terug in de tijd.’

 

 1925841-7635a022f2ccb3e3b8f336581e84985d.jpg
Hannah van Wieringen (Haarlem, 1982)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 15e juni ook mijn blog van 15 juni 2014 deel 2.

Geschreven door Romenu om 18:22 Reageer op dit bericht

Hugo Borst

De Nederlandse schrijver, redacteur en radio- en televisiepresentator Hugo Borst werd geboren in Rotterdam op 15 juni 1962. Borst rondde de mavo af en trad per 1 januari 1985 in dienst bij Voetbal International. Na ruim zes jaar vertrok hij samen met Leo Verheul naar Panorama, maar bleef actief in de voetbalwereld. Borst is (voetbal)columnist en stadschroniqueur van het Algemeen Dagblad. Hij heeft ook een wekelijkse rubriek op de website Unibet.com, waar hij tips geeft aan gokkers over wedstrijden in de eredivisie. Voor Esquire schrijft hij columns over seks, liefde en de misverstanden tussen mannen en vrouwen. Ook was hij vaste gast in het NOS-voetbalpraatprogramma Studio Voetbal en hij was in 2004 jurylid van het BNN-programma Komt dat schot. In 2006, 2007 en 2008 was hij ook tafelheer bij het televisieprogramma “De Wereld Draait Door” en presenteerde hij zijn eigen televisieprogramma “Over vaders en zonen”. Vanaf 1994 is Borst verbonden aan het voetbaltijdschrift Hard gras. Sinds 2005 is Borst tevens een van de hoofdredacteuren van het tijdschrift. In 2007 maakte hij, vergezeld door Matthijs van Nieuwkerk en Henk Spaan, voor dit tijdschrift een theatertour door Nederland. Samen met Sander de Kramer richtte Hugo Borst de Sunday Foundation op, die onder andere opkomt voor de rechten van kinderen in Sierra Leone. Per augustus 2013 is Borst de nieuwe stem van de zondagse uitzending van NOS Langs de Lijn, samen met Henry Schut. Schut en Borst zijn de opvolgers van Toine van Peperstraten en Tom van 't Hek, die de NOS verlieten voor respectievelijk FOX Sports en BNR Nieuwsradio. In 2015 verscheen Borsts boek “Ma” over zijn dementerende moeder. Een jaar later, in 2016, schreef hij samen met Carin Gaemers een brief naar staatssecretaris Martin van Rijn over de ondermaatse ouderenzorg in Nederland. Deze brief werd in oktober 2016 gevolgd door een manifest 'Scherp op ouderenzorg' met tien punten om de ouderenzorg te verbeteren. Voor hun inzet kregen ze de Machiavelliprijs 2016 en de Issue Award 2017.

Uit: Ma

“Al een paar maanden gaat de telefoon 's avonds rond een uur of zeven: ma krijgt de tv niet aan.
'Zit de stekker erin?'
'Eh, ik geloof het niet.'
'Die hoef je er niet uit te trekken, ma.'
'Jawel. Dat moet toch altijd?'
'Doe de stekker er maar in.'
'Maar als het gaat onweren?'
'Dan haal je 'm eruit. Maar het gaat vannacht niet onweren.
Echt. Ik heb net de weersverwachting gehoord.'
Ze legt de telefoon neer. Gestommel. Ze zegt wat, waarschijnlijk tegen zichzelf, ik kan het niet verstaan.
'Ma?'
'...'
'Ma-ha! Joehoe!'
'Zo, hier ben ik weer.'
'Heb je de afstandsbediening?'
Ik hoor dat ze de telefoon weer neerlegt, maar ze is sneller terug dan verwacht. Dat valt mee.
'Druk eens op de groene knop, ma.'
'...'
'Ma?'
'Er gebeurt niks.'
Ik hoor een piepje. Onhoorbaar voor haar slaak ik een zucht. Ongelofelijk. Ze krijgt het weer voor elkaar.
'Ma, je drukt op het groene knopje van de telefoon. Je moet...'
'Ach ja.'
'Druk maar op dat groene knopje van de afstandsbediening.'
'Er gebeurt niks,' zegt ma en ik hoor het begin van wanhoop.
Het zou niet de eerste keer zijn dat een poging om de televisie aan te zetten haar aan het huilen maakt.”

 

 2042539-fa385095af4e8dd264c786f00f01b662.jpg
Hugo Borst (Rotterdam, 15 juni 1962)

Geschreven door Romenu om 00:00 Reageer op dit bericht

Emma Cline

 

Onafhankelijk van geboortedata

De Amerikaanse schrijfster Emma Cline werd geboren in 1989 in Sonoma in Californië, waar zij met met vijf broers en zussen opgroeide. Haar BA behaalde zij aan het Middlebury College in Vermont en twee jaar later kreeg zij een studiebeurs voor de prestigieuze Bread Loaf Writers ' Conference. Zij voltooide haar studie met de graad Master of Fine Arts aan de Columbia University in Manhattan, New York. Daarna verhuisde Cline naar Brooklyn, waar ze nog steeds woont en werkt. Ze schrijft voor het blad `O` van Oprah Winfrey en The New Yorker. Haar eerste publicatie `Marion` werd in 2014 bekroond. In 2016 publiceerde zij haar eerste roman `The Girls` in het Engels en Duits. Het manuscript van “The Girls” zou, terwijl zij er nog aan werkte, uitgroeien tot een fel begeerd item en leverde haar, zo gaan de geruchten, 2 miljoen dollar op bij Random House.

Uit: The Girls

“I looked up because of the laughter, and kept looking because of the girls.
I noticed their hair first, long and uncombed. Then their jewelry catching the sun. The three of them were far enough away that I saw only the periphery of their features, but it didn’t matter—I knew they were different from everyone else in the park. Families milling in a vague line, waiting for sausages and burgers from the open grill. Women in checked blouses scooting into their boyfriends’ sides, kids tossing eucalyptus buttons at the feral-looking chickens that overran the strip. These long-haired girls seemed to glide above all that was happening around them, tragic and separate. Like royalty in exile.
I studied the girls with a shameless, blatant gape: it didn’t seem possible that they might look over and notice me. My hamburger was forgotten in my lap, the breeze blowing in minnow stink from the river. It was an age when I’d immediately scan and rank other girls, keeping up a constant tally of how I fell short, and I saw right away that the black-haired one was the prettiest. I had expected this, even before I’d been able to make out their faces. There was a suggestion of otherworldliness hovering around her, a dirty smock dress barely covering her ass. She was flanked by a skinny redhead and an older girl, dressed with the same shabby afterthought. As if dredged from a lake. All their cheap rings like a second set of knuckles. They were messing with an uneasy threshold, prettiness and ugliness at the same time, and a ripple of awareness followed them through the park. Mothers glancing around for their children, moved by some feeling they couldn’t name. Women reaching for their boyfriends’ hands. The sun spiked through the trees, like always—the drowsy willows, the hot wind gusting over the picnic blankets—but the familiarity of the day was disturbed by the path the girls cut across the regular world. Sleek and thoughtless as sharks breaching the water.
It was the end of the sixties, or the summer before the end, and that’s what it seemed like, an endless, formless summer. The Haight populated with white-garbed Process members handing out their oat-colored pamphlets, the jasmine along the roads that year blooming particularly heady and full. Everyone was healthy, tan, and heavy with decoration, and if you weren’t, that was a thing, too—you could be some moon creature, chiffon over the lamp shades, on a kitchari cleanse that stained all your dishes with turmeric.“
 

 1967340-d4d0c6d46dd60e68218eab976408ef76.jpg
Emma Cline (Sonoma, 1989)

Geschreven door Romenu om 00:00 Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten