Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
seniorennet.beseniorennet.be

Berichten van 31 januari 2016

Anton Korteweg, Alfred Kossmann, Anna Blaman, Henk van Straten, Jozef Eijckmans, Marcus Roloff, Norman Mailer, Stefan Beuse

De Nederlands dichter en neerlandicus Anton Korteweg werd geboren in Zevenbergen op 31 januari 1944. Zie ook alle tags voor Anton Korteweg op dit blog.

 

Weggaan

Als een auto die lang in de regen gestaan heeft
optrekt en wegrijdt, blijft waar hij stond achter
een plek die zich van de rest van de straat
onderscheidt, even nog, tot hij ook nat is
en niet afzonderlijk meer bestaat.

Dat is wat blijft als je weggaat.

 

 

Leerling

Iedere ochtend gaat hij trouw naar school,
door weer en wind, van kilometers ver
- moe heeft z'n brood gesmeerd, hem uitgezwaaid -.
Hij zet z'n fiets weg, en haast zich gedwee
naar het lokaal. Gaat zitten. Dan 't gebed:

Dat ze vandaag maar weer kracht-van-omhoog
ontvangen mogen en hun werk met ijver
volbrengen. Amen. Dan begint de les.

Zo gaat dat alle dagen door. Hij leert
en leert en leert en doet goed zijn best.
En later zal hij veel verdienen en vanuit
de hoogte neerzien op het ouderlijke nest.

 

 

Een goed huwelijk

Een goed huwelijk is meer dan alleen
stil en ongedwongen alles voor elkander doen, zodat
je op den duur elkanders beê voorkomt. Nee.

Af en toe moet je ook eens communiceren
over de dingen waar het werkelijk op aan komt in
dit bestaan: brood voor het hart, van mens tot mens

Spreken. Vraagt bijvoorbeeld de liefste naar de zin
van dit haar leven, antwoord dan:
'Dat is een goeie vraag, m'n lief' - en zwijg.

 

 1871348-bfa5091b28cdec3cd3c1dfba5fee92e3.jpg
Anton Korteweg (Zevenbergen, 31 januari 1944)

 

 

De Nederlandse dichter en schrijver Alfred Kossmann werd geboren op 31 januari 1922 in Leiden. Zie ook alle tags voor Alfred Kossmann op dit blog.

 

Romance

Grootvader Dood, de oude wellusteling,
de steeds kakelende kaalkop, vertelde onder de linde,
op zondagavonden als de fanfare
geweldig toeterend de zomer vierde
aan zijn al haast gestorven kameraden,
dat hij, verborgen achter luidruchtig bloeiende struiken,
't spel van de meisjes had bespied
die op hun handen over de weide liepen,
schaterend, bloot,
en dan ineens met ingetogen ogen
verbaasd rechtop stonden en de rok glad streken langs hun
benen.

De moeders vreesden hem op vrijdagavond
als zij met handen week van zeep hun kind
streelden in 't bad. Het lieve lijfje werd
in 't water zo gedwee.
Maar als het rillend in de keuken stond
droogden zij het met ruwe streken af,
dachten bestraffend: Hoer, je giechelde
toen je op je handen liep wetend hoe naakt je was
en achter de struiken, plotseling maar verwacht,
de glinsterende ogen zag van Grootvader Dood.

's Nachts echter droeg vaak een oude, kreupele boerin
een slapend meisje naar een huis aan de rand van het dorp,
klopte vluchtig, ging naar binnen, zei tot de bewoner
die wakker werd in zijn muf bed: 'Grootvader Dood,
zegen haar.'
Hij, kaal, mager, groot, een man zonder blik of jaren,
sloeg een kruis over haar schoot,
sprak als de zomer, als een trompet, sprak:
'Zij zal baren.'

 

 1871348-5bc34aeae8024eadfba9d101beb3ce3f.jpg
Alfred Kossmann (31 januari 1922 - 27 juni 1998)
Leiden

 

 

De Nederlandse dichteres en schrijfster Anna Blaman werd geboren op 31 januari 1905 te Rotterdam. Zie ook alle tags voor Anna Blaman op dit blog.

Uit: Eenzaam avontuur

“Dit is wat jij. Alide‚ ook weet. Ik was zestien jaar toen ik het blauwe paleis voor ’t eerst zag. Ik maakte met wat vrienden een reis naar deFranse Vogezen Op een avond ging ik alleen de berg af naar het dorp in het dal om een paar brieven te posten. Toen ik terugkeerde nam ik avontuurlijk een andere weg en verdwaalde. Halverwege de berg op kon ik niet verder. doordat de weg afzwenkte van de richting die ik zeker gaan moest. Ik besloot dwars door het struikgewas te gaan in de richting die ik de goede dacht en merkte toen dat ik toch bergafwaarts ging en kwam ten slotte in een dal terecht dat ik nog niet kende. Het was ondertussen donker geworden en ik keek uit naar een verlicht huis om desnoods onderdak te vragen. Toen ontdekte ik het blauwe paleis. Er waren blauwstenen terrassen rondom en Griekse zuilen. Grote booglampen staken uit de gevels en de terrassen lagen in een merkwaardig blauw licht. Er waren vele vensters waarvoor echter zorgvuldig gordijnen dichtgetrokken waren; toch merkte je datalle kamers verlicht moesten zijn Er begon zacht een radio te spelen; het was walsmuziek, week en slepend. Plotseling verschenen op het terras een man en een vrouw. De man was in avondkostuum en de vrouw droeg een wit gewaad. Ze keerden zich naar elkaar toe zodat ik hun profielen zag. Ik vond ze beiden buitengewoon mooi. Ze begonnen een hartstochtelijk gesprek in een vreemde taal. Het was een stroom diepe tedere bekentenissen vanweerszijden- De vrouw hield het hoofd wat achterover en sprak met donkere smekende bezwerende stem. De man keek haar diep aan en onderbrakhaar hees en smeekte en bezwoer op zijn beurt. Het was een korte hartstochtelijke beurtzang en daarachter zong de radio z’n slepende wals.”
 

 1871348-ef1a2d250fd783f9c0ab121adc41f6f1.jpg
Anna Blaman (31 januari 1905 - 13 juli 1960)
Portret door Paul Citroen, 1950

 

 

De Nederlandse schrijver, journalist en columnist Henk van Straten werd geboren in Rotterdam op 31 januari 1980. Zie ook alle tags voor Henk van Straten op dit blog.

Uit: Smet

"Nonsens! U bent al net zo naïef als de rest. Luister een vriend van me heeft een Jeep Cherokee, zo'n grote, dikke, vette zwarte. Hij is er gek op, heeft zelfs een bordje aan de buitenmuur van z'n huis geschroefd met daarop Jeep Parking Only. En dan kom ik bij hem op bezoek en zie ik naast de tv die documentaire van Al Gore liggen, over de gevaren van het broeikaseffect. Die film ligt daar gewoon omdat het een populaire film is, omdat hij zo mooi ligt op je Ikea-salontafel. Luister, het is vanwege dat soort morele hocus pocus dat we er allemaal aan gaan. Niemand lijkt in de gaten te hebben dat de dag echt gaat komen. De dag dat het allemaal voorbij is. Dan kun je nog zo'n ster zijn in cognitieve dissonantie, maar het einde komt ook voor jou. Nogmaals, is het het niet broeikaseffect, dan is het wel iets anders. We zijn erg grondig wat dat betreft; we schijten niet op slechts één plekje in onze eigen huiskamer. We kakken gelijktijdig op de bank, achter de tv, op het dressoir en lekker diep in de kast. De stank is overal. Bij alles wat we doen zouden we gebukt moeten gaan onder schaamte en schuldgevoel. Maar we hebben geen moraal, geen geweten en zelfbewustzijn. We kopen een stukje zalm met een logootje dat moet duiden op verantwoordelijke vangst, en we flikkeren dat vervolgens in een plastic wegwerptasje om daarna tevreden thuis de thermostaat lekker hoog te zetten voor een een avondje middelmatige televisie. We zijn net als die man in dat boek, hoe heet hij, die ontwaakt als een dikke, vette kakkerlak. En niemand die ons te hulp zal schieten. Het is nu een kwestie van wachten. Wachten op het einde."

 

 1871348-456c295e1a6af0fcd8ef6c50f462987b.jpg
Henk van Straten (Rotterdam, 31 januari 1980)

 

 

De Nederlandse dichter Josephus Egidius Eijckmans werd geboren in Gorinchem op 31 januari 1907. Zie ook alle tags voor Jozef Eijckmans op dit blog.

 

het wit is
wat het is:

men kan er over lopen zonder
pijn te doen

zo komt dan het wit onmenselijk
tegen het woord aan te staan verglijdend

stilaan zonder moeite
zonder onderzoek

het is de verdwijning van het nooit
geziene voor de verschijning al

het is de cirkelgang
van het niets

 

 

Winter

ook dood schrijft niet meer
koude zon
of
licht aan de hemel (laatste
krachten) waarmee
zij schreven
want ook dood wil niets meer kwijt
van tijd of waan:
mens
zandweg
stad in de regen
blindeman
zo het nu rondtast
kilte grondwater tochtvlam
blindeman
om het even

 

 1871348-ddc6d34abcc25b1672885edf9c9c2d14.jpg
Jozef Eijckmans (31 januari 1907 – 12 november 1996)

 

 

De Duitse dichter en schrijver Marcus Roloff werd geboren op 31 januari 1973 in Neubrandenburg. Zie ook alle tags voor Marcus Roloff op dit blog.

 

wiepersdorfer gespräche

hier also sind park & zeit
zu ende. sag ich zu zeus, dem verwitterten, dem schein

ich ein museums-, keller-, daseinsvertreter
zu sein, jedenfalls der mit dem grundbuch. ich glaube
er nimmt mich nicht ernst. meint, hier stehe alles
unter antennenlicht still. außerdem sei nichts und

das sei der tod in gestalt des raumes. dieses
ahistorische areal, die baumgruppenhaufen
mit eternita. alles nur drei-, zwei-,
einbildung wie der, von ihm, mir zugewiesene platz

gleich neben der da, der allseits bemoosten ––

 


südfriedhof

wir werden hier sein noch 2090, beschwerden
schreiben über das penetrante rauschen der grablicht-

maschinen (einflugschneise), im getöse gleich neben sankt
wendel hängen gießkannen an haken, den meinen

(den toten) scheint der blick auf den sonnenhügel
(seniorensilo plus minus wellness; schlafkaserne) an der

mailänder straße angemessen, sie bin ich (ich bin
sie): möller und sinkewitz, kretschmar und hoffmann

und im herzen die zukunft (porträts von partei-
arbeitern; aus nichtraucherhaushalt, minimal berieben, nur

leichte alters- und lagerspuren, dietzverlag '63) meinen weg-
weisungen nach, nah meinen händen warm wie ein pferd

 

 1871348-9294817af7215f546d8df0d79113d926.jpg
Marcus Roloff (Neubrandenburg, 31 januari 1973)

 

 

De Amerikaanse schrijver Norman Mailer werd op 31 januari 1923 in Long_Branch, New Jersey geboren. Zie ook alle tags voor Norman Mailer op dit blog

Uit: The Naked And the Dead

„Gallagher grunted scornfully. "What the hell! With your kind of luck you don't have to figure your money. All you need is an arm to pick it up with."
Wilson giggled. "That's right, boy, but it's gonna have to be a mighty powerful arm." He laughed again with an easy, almost childish glee and began to deal. He was a big man about thirty years old with a fine mane of golden-brown hair, and a healthy ruddy face whose large features were formed cleanly. Incongruously, he wore a pair of round silver-rimmed glasses which gave him at first glance a studious or, at least, a methodical appearance. As he dealt his fingers seemed to relish the teasing contact of the cards. He was daydreaming about liquor, feeling rather sad because with all the money he had now, he couldn't even buy a pint. "You know," he laughed easily, "with all the goddam drinkin' Ah've done, Ah still can't remember the taste of it unless Ah got the bottle right with me." He reflected for a moment, holding an undealt card in his hand, and then chuckled. "It's just like lovin'. When a man's got it jus' as nice and steady as he wants it, well, then he never can remember what it's like without it. And when he ain't got it, they ain't nothin' harder than for him to keep in mind what a pussy feels like. They was a gal Ah had once on the end of town, wife of a friend of mine, and she had one of the meanest rolls a man could want. With all the gals Ah've had, Ah'll never forget that little old piece." He shook his head in tribute, wiped the back of his hand against his high sculptured forehead, brought it up over his golden pompadour, and chuckled mirthfully. "Man," he said softly, "it was like dipping it in a barrel of honey." He dealt two cards face down to each man, and then turned over the next round.
For once Wilson's hand was poor, and after staying a round because he was the heavy winner, he dropped out. When the campaign was over, he told himself, he was going to drum up some way of making liquor. There was a mess sergeant over in Charley Company who must have made two thousand of them pounds the way he sold a quart for five pounds. All a man needed was sugar and yeast and some of them cans of peaches or apricots. In anticipation he felt a warm mellow glow in his chest. Why, you could even make it with less. Cousin Ed, he remembered, had used molasses and raisins, and his stuff had been passing decent.
”

 

 1871348-77574f8dcec02cdcd174815094e7e8f6.jpg
Norman Mailer (31 januari 1923 – 10 november 2007)
 

 

 

De Duitse schrijver Stefan Beuse werd geboren op 31 januari 1967 in Münster. Zie ook alle tags voor Stefan Beuse op dit blog.

Uit: Alles was du siehst

»Tut mir Leid, dass ich spät bin.« Ich schüttelte die Hand des Professors, die warm war und fest: »Mein Gepäck ist nicht mitgekommen; ich musste pausenlos Formulare ausfüllen und mir anhören, dass es vermutlich Tage dauert, bis es gebracht wird.«
Der Professor starrte auf etwas hinter meinem Rücken. Vielleicht hatte er mich nicht richtig verstanden. Oder er war durch was immer er sah so abgelenkt, dass er mich gar nicht mehr wahrnahm.
»Na ja«, sagte ich, »Rasierzeug kann ich zur Not nachkaufen, und an der Universität gibt es bestimmt einen Computer, den ich so lange benutzen darf ...« Der Professor stand noch immer wie versteinert. Ich drehte mich um, sah aber nichts Besonderes. Vielleicht hatte ich einfach zu leise gesprochen. Eine Nacht und einen Tag hatte ich mich nur durch Gesten verständigt; nein, kein Kopfhörer für mich, ja, ich nehme noch einen Kaffee, natürlich können Sie abräumen, ich rühre das Essen auch später nicht an, und eine Decke wäre gut. Ich hatte mich wohl gefühlt in der Welt jenseits der Worte und fand es anstrengend, sie wieder verlassen zu müssen.
»Kommen Sie.« Auf einmal drehte er sich um und machte eine Geste, die momentlang ausgesehen hatte, als wollte er mich auffordern, seine Hand zu nehmen. »Kommen Sie, wir sollten längst da sein.«
Er vergrub die Hände in den Hosentaschen und ging voraus, die Schultern hochgezogen, den Kopf leicht nach vorn geneigt: Professor Lawrence Ludwig Nunn kam mir vor wie aus Elementen zusammengesetzt, die zu keiner Einheit finden wollten, seine taumelnde Art zu gehen wie eine logische Konsequenz mangelhafter Verschraubung. Er trug eine grob gegerbte braune Lederjacke, und am Ende seiner stelzendünnen, von etwas zu kurzen Anzughosen umschlotterten Beine Halbschuhe, die nicht nur zu kalt für die Jahreszeit waren, sondern mindestens zwei Nummern zu groß, was den holzpuppenartigen Charakter seines Gangs noch verstärkte. Spätestens jetzt, dachte ich, wäre es an der Zeit, ihn auf meinen Auftrag anzusprechen. Bisher wusste ich nur, dass es um die angebliche Zwillingsschwester dieses Verrückten ging, Aaron Singer, ein Schriftsteller, der sich vor wenigen Wochen den Kopf weggeschossen hatte. Doch der Professor stolperte so schnell voran, dass ich kaum Schritt halten konnte. Ich folgte ihm zum Ausgang, dem Schneesturm entgegen, der mir schon während des Fluges die Sicht auf das Appalachenplateau und die Finger Lakes genommen hatte, jene seltsame Formation von Seen in der Mitte des Staates New York, die auf der Karte aussahen wie Kratzspuren einer Pranke, die verzweifelt nach Halt gesucht und sich dabei tief ins Sedimentgestein gegraben hatte, in ein von Trogtälern durchzogenes ehemaliges Gletschergebiet.“

 

1871348-e3cd58225a31a76bfabec09f488f9318.jpg
Stefan Beuse (Münster, 31 januari 1967)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 31e januari ook mijn eerste blog van vandaag.

Geschreven door Romenu om 14:15 Reageer op dit bericht

Marie Luise Kaschnitz, Benoîte Groult, Kenzaburo Oe, Kurt Marti, John 'O Hara, Zane Gray, Anthony Winkler Prins, Maria Elisa Belpaire, Jean de Crèvecoeur

De Duitse dichteres en schrijfster Marie Luise Kaschnitz werd geboren op 31 januari 1901 in Karlsruhe. Zie ook alle tags voor Marie Luise Kaschnitz op dit blog.

 

Nicht gesagt

Was von der Sonne zu sagen gewesen wäre
Und vom Blitz nicht das einzige Richtige
Geschweige denn von der Liebe.
Versuche. Gesuche. Mißlungen
Ungenaue Beschreibung

Weggelassen das Morgenrot
Nicht gesprochen vom Sämann
Und nur am Rande vermerkt
Den Hahnenfuß und das Veilchen.

Euch nicht den Rücken gestärkt
Mit ewiger Seligkeit
Den Verfall nicht geleugnet
Und nicht die Verzweiflung

Den Teufel nicht an die Wand
Weil ich nicht an ihn glaube
Gott nicht gelobt
Aber wer bin ich daß

 

 

Bräutigam Froschkönig

Wie häßlich ist
Dein Bräutigam
Jungfrau Leben

Eine Rüsselmaske sein Antlitz
Eine Patronentasche sein Gürtel
Ein Flammenwerfer
Seine Hand

Dein Bräutigam Froschkönig
Fährt mit Dir
(Ein Rad fleigt hierhin, eins dorthin)
Über die Häuser der Toten

Zwischen zwei
Weltuntergängen
Preßt er sich
In Deinen Schoß

Im Dunkeln nur
Ertastest Du
Sein feuchtes Haar

Im Morgengrauen
Nur im
Morgengrauen
Nur im

Erblickst Du seine
Traurigen
Schönen
Augen.

 

 1871338-36f3463ffc5bb568a76583bc37b5d706.jpg
Marie Luise Kaschnitz (31 januari 1901 – 10 oktober 1974)

 

 

De Franse schrijfster Benoîte Groult werd geboren op 31 januari 1920 in Parijs. Zie ook alle tags voor Benoîte Groult op dit blog.

Uit: Les Vaisseaux du Coeur

“J’étais convaincue en commençant cette décennie là qu’elle serait la plus définitive et la plus riche de mon existence. En la finissant, je m’aperçu avec émerveillement que je pouvais encore repartir de zéro et avec stupeur que sur mes « dix plus belles années », j’en avais passé cinq à être malheureuse. C’était beaucoup trop et je m’en suis longtemps voulu d’avoir ainsi stagné dans la déréliction. Mais il faut bien faire l’expérience du malheur un jour ou l’autre et sans doute est-ce à 25 ans qu’on peut l’affronter sans dégâts irréparables. Je suis, hélas, une personne à la fois dénuée d’amour-propre et douée d’une grande tolérance au malheur : j’ai donc mis des années avant de trouver mon état conjugal insupportable et, ce qui est plus grave, nocif… Le jour où je me rendis compte que je n’avais pas regardé d’autre homme en cinq ans que celui précisément qui me faisait souffrir, état d’esprit dont l’extrême banalité ne semble pas décourager les victimes, féminines en particulier, la délivrance fut fulgurante et la convalescence délectable… Le jour ou mon malheur emprunta la forme précise d’une metteuse en scène qui l’accompagnait depuis des années dans ses déplacements professionnels, la lumière se fit et mon soulagement fut si vif que cette épouse humble et crédule que j’avais été me devint en peu de jours une étrangère… Nous avons divorcé sans trop de casse, aux torts réciproques, « l’enfant étant confié à sa mère en raison de son jeune age », formule lénifiante qui ménage l’amour propre des pères, dont la plupart à cette époque auraient considéré comme une catastrophe de se retrouver « libres » avec un enfant sur les bras.”

 

 1871338-92dd7fe80452ced7069d9ed6f57d25cc.jpg
Benoîte Groult (Parijs, 31 januari 1920)
 

 

De Japanse schrijver Kenzaburo Oe werd op 31 januari 1935 geboren in het dorp Oso op het eiland Shikoku. Zie ook alle tags voor Kenzaburo Oe op dit blog.

Uit: Prize Stock (Vertaald door John Nathan)

"Hey! Have you heard?" he shouted, slamming me on the shoulder.
"Have you?"
"Heard?" I said vaguely.
"That plane yesterday crashed in the hills last night. And they're looking for the enemy soldiers that were in it, the adults have all gone hunting in the hills with their guns!"
"Will they shoot the enemy soldiers?" my brother asked shrilly.
"They won't shoot, they don't have much ammunition," Harelip explained obligingly, "They aim to catch them!"
"What do you think happened to the plane?" I said.
"It got stuck in the fir trees and came apart," Harelip said quickly, his eyes flashing. "The mailman saw it, you know those trees."
I did, fir blossoms like grass tassles would be in bloom in those woods now. And at the end of summer, fir cones shaped like wild bird eggs would replace the tassles, and we would collect them to use as weapons. At dusk then and at dawn, with a sudden rude clatter, the dark brown bullets would be fired into the walls of the storehouse. . . .
"Do you know the woods I mean?"
"Sure I do. Want to go?"

 

 1871338-704e8cecb3045c6a43f58d95f8427b31.jpg
Kenzaburo Oe (Oso, 31 januari 1935)

 

 

De Zwitserse dichter en schrijver Kurt Marti werd geboren op 31 januari 1921 in Bern. Zie ook alle tags voor Kurt Marti op dit blog.

 

Jezus
 
1
met een schaar vrienden (vriendinnen ook)
door de dorpen en steden van galilea trekkend
genas hij zieken en vertelde hij verhalen
over de hartstocht van de god der eeuwen voor de wereld

2
voorrechten van de betere standen betekekenden niets voor hem
dagelijks ging hij om met dagloners en tollenaars
als ergens gebrek aan voedsel of drank was
deelde hij vissen uit en brood en wijn aan velen

3
geweld van machthebbers verachtte hij
geweldlozen heeft hij de aarde beloofd
zijn thema: gods toekomst op aarde
het einde van de macht van mensen over mensen

4
in een patriarchale wereld bleef hij de zoon
en een verdediger van onmondige vrouwen en kinderen
wilden galileeërs hem zelf tot koning verheffen? hij echter
ging op naar jeruzalem: recht in de val van zijn tegenstanders

 

Vertaald door Piet Thomas

 

 1871338-f1700db460f0d248ba43b9f394995da2.jpg
Kurt Marti (Bern, 31 januari 1921)

 

 

De Amerikaanse schrijver John 'O Hara werd geboren op 31 januari 1905 in Pottsville, Pennsylvania. Zie ook alle tags voor John 'O Hara op dit blog

Uit:Appointment in Samarra

“The “coal and iron” police in the anthracite region have been so unimportant since the unionization of the mines that they seldom are mentioned. A candidate for governor of Pennsylvania cannot be elected without the support of the U.M.W.A., and the Pennsylvania State Police never are called “black Cossacks” in the anthracite region. A candidate for any political office in the anthracite counties would not think of having anything printed without getting the typesetters’ union label on his cards and billboards. The union is responsible for the Pennsylvania mining laws, which are the best in the world (although not yet the best there could be), and labor conditions, so far as labor strife was concerned, were all right in 1930, and had been all right since the disastrous strike of 1925. At that time the union called a strike which lasted 110 days, the longest strike in anthracite history. There was no violence beyond the small squabble, and there was no starvation among the miners. But anthracite markets disappeared. Domestic sales were hurt permanently; the oil burner was installed in thousands of homes. Anthracite is practically smokeless, and was satisfactory to its home owners, but they could not get anthracite during the strike, and when the oil burner was installed there was no point going back to coal. And so, as a result of the 1925 strike, the anthracite industry went back to work without nearly the demand for the product that there had been when the strike was called 110 days before. There had been another long strike in 1922, and the two strikes taught consumers that the industry was not dependable. The feeling was that any time the union felt like it, it would call a strike, shutting off the supply of anthracite.”

 

 1871338-1666608cca78ca3fcd8838941c8e45f2.jpeg
John 'O Hara (31 januari 1905 - 11 april 1970)
Cover

 

 

De Amerikaanse schrijver Zane Grey werd geboren op 31 januari 1872 in Zanesville, Ohio. Zie ook alle tags voor Zane Grey op dit blog.

Uit: The Call of the Canyon

“What subtle strange message had come to her out of the West? Carley Burch laid the letter in her lap and gazed dreamily through the window.
It was a day typical of early April in New York, rather cold and gray, with steely sunlight. Spring breathed in the air, but the women passing along Fifty-seventh Street wore furs and wraps. She heard the distant clatter of an L train and then the hum of a motor car. A hurdy-gurdy jarred into the interval of quiet.
"Glenn has been gone over a year," she mused, "three months over a year-- and of all his strange letters this seems the strangest yet."
She lived again, for the thousandth time, the last moments she had spent with him. It had been on New-Year's Eve, 1918. They had called upon friends who were staying at the McAlpin, in a suite on the twenty-first floor overlooking Broadway. And when the last quarter hour of that eventful and tragic year began slowly to pass with the low swell of whistles and bells, Carley's friends had discreetly left her alone with her lover, at the open window, to watch and hear the old year out, the new year in. Glenn Kilbourne had returned from France early that fall, shell-shocked and gassed, and otherwise incapacitated for service in the army--a wreck of his former sterling self and in many unaccountable ways a stranger to her. Cold, silent, haunted by something, he had made her miserable with his aloofness. But as the bells began to ring out the year that had been his ruin Glenn had drawn her close, tenderly, passionately, and yet strangely, too.
"Carley, look and listen!" he had whispered.
Under them stretched the great long white flare of Broadway, with its snow-covered length glittering under a myriad of electric lights. Sixth Avenue swerved away to the right, a less brilliant lane of blanched snow. The L trains crept along like huge fire-eyed serpents. The hum of the ceaseless moving line of motor cars drifted upward faintly, almost drowned in the rising clamor of the street. Broadway's gay and thoughtless crowds surged to and fro, from that height merely a thick stream of black figures, like contending columns of ants on the march. And everywhere the monstrous electric signs flared up vivid in white and red and green; and dimmed and paled, only to flash up again.”

 

 1871345-2f07f29d6b3ee43943bc84e43bd60c42.jpg
Zane Grey (31 januari 1872 – 23 oktober 1939)
 

 

 

De Nederlandse schrijver, dichter en dominee Anthony Winkler Prins werd geboren te Voorst op 31 januari 1817. Zie ook alle tags voor Anthony Winkler Prins op dit blog.

 

Onweder

De lucht is zwart, en sluit een enge kring
Van wolken om het aardrijk heen,
En pakt zich zwijgend meer en meer op één.
Geen enkel koeltje geeft verademing;
De noordewind, die afwaait van de zee,
Voert in zijn vlucht zelfs hitte en stiklucht mee.

Natuur is stil; - het lied der voglen zwijgt,
Slechts ’t rundvee loeit, versmachtend en verhit,
En ’t vurig ros, ontslagen van ’t gebit*,
Ligt nu op ’t gras aêmechtig* neer en hijgt.
De zee ruist dof, als zag de woeste vloed
Met schrik het eind der spanning te gemoet.

De nacht is daar, doch zie! een dubble nacht
Ontrolt zijn sluier plechtig over de aard:
Geheimvol dreigt het somber wolkgevaart,
Met bliksemschicht en donderbui bevracht.
De ganse lucht, de zee, het aardrijk, is
Een groot toneel van sombre duisternis.

Daar schiet op eens de felle bliksemschicht
De donkre wand der wolkenwoning door,
En land en zee vertoont zich in die gloor
Aan ’t oog, dat zich verheft bij ’t flikkrend licht:
Daar rolt op eens de doffe donder rond,
En de echo galmt in ’t dreunen van de grond.

 

 1871338-a05a6ee59e86ee1fa3f0df14fe87cc75.jpg
Anthony Winkler Prins (31 januari 1817 – 4 januari 1908)
 

 

 

De Vlaamse dichteres en schrijfster Maria Elisa Belpaire werd geboren te Antwerpen op 31 januari 1853. Zie ook alle tags voor Maria Elisa Belpaire op dit blog.

 

Twee liedekens in den zelfden trant

I.
Ik zat te bidden in de kerk -
Daar schoot een straal door de oude ramen
En lag, een tintlend kleurenwerk,
Op 't koude marmer; en te zamen
Smolt purper, hemelsblauw en rood:
De matte vloer juweelen bood.
 
‘Ach!’ dacht in 't binnenste mijn ziel,
‘Gij zijt dit marmer dof en koud
Waarop de rijke weerglans viel
Van levend purper, schittrend goud.
Gij zijt die nederige steen;
Maar 's Heeren licht speelt om u heen.
 
O liefdeglans! O gratiegloed!
Herschep mijn leven koud en duister;
Werp op het marmer van 't gemoed
Uw duizendkleurig licht en luister.
Daal neder, zonne, van omhoog;
Verblijd met kleurenglans het oog!

 

 1871338-bfde17748aa1f4e03996a18076d9d26c.jpg
Maria Elisa Belpaire (31 januari 1853 – 9 juni 1948)
Portret door  Kamiel Van de Velde, z.j.

 

 

De Amerikaanse schrijver (van Franse afkomst) Michel-Guillaume Jean de Crèvecoeur werd geboren op 31 januari 1735 in Caen. Zie ook alle tags voor Jean de Crèvecœur op dit blog.

Uit: Letters from an American Farmer

“Our minister took the letter from my wife, and read it to himself; he made us observe the two last phrases, and we weighed the contents to the best of our abilities. The conclusion we all drew, made me resolve at last to write.
You say you want nothing of me but what lies within the reach of my experience and knowl-edge; this I understand very well; the difficulty is, how to collect, digest, and arrange what I know? Next you assert, that writing letters is nothing more than talking on paper; which, I must confess, appeared to me quite a new thought. — ^Well then, observed our minister, neighbour James, as you can talk well, I am sure you must write tolerably well also; imagine, then, that Mr. F. B. is still here, and simply write down what you would say to him.
Suppose the questions he will put to you in his future letters to be asked by him viva voce, as we used to call it at the college; then let your answers be conceived and expressed exactly in
the same language as if he was present. This is all that he requires from you, and I am sure the task is not difficult. He is your friend : who would be ashamed to write to such a person?
Although he is a man of learning and taste, yet I am sure he will read your letters with pleasure : if they be not elegant, they will smell of the woods, and be a little wild ; I know your turn, they will contain some matters which he never knew before. Some people are so fond of novelty, that they will overlook many errors of language for the sake of information.
We are all apt to love and admire exotics, tho* they may be often inferior to what we possess; and that is the reason I imagine why so many persons are continually going to visit Italy. —
That country is the daily resort of modem travellers.”

 

 1871338-5d4866d53f7eebd1a5aaf541f837876e.jpg
Jean de Crèvecœur ( 31 januari 1735 – 2 november 1813)
Caen, de kerken Saint-Étienne-le-Vieux en op de achtergrond Notre-Dame-de-la-Gloriette.

Geschreven door Romenu om 14:10 Reageer op dit bericht

Hasso Krull

De Estse dichter Hasso Krull werd geboren op 31 januari 1964 in Tallinn. Na de middelbare school studeerde hij Estse taal en literatuur aan de Pedagogische Universiteit in Rallinn. In 1998 verdedigde hij zijn proefschrift over het vertalen van Jacques Lacan's psychoanalytische theorie.Vanaf 1990 doceerde hij met kleine onderbrekingen literaire theorie aan het Estse Instituut voor Geesteswetenschappen. Krull schreef talloze boeken, waaronder Meeter ja Demeeter (Meter en Demeter, 2004); Talv (Winter, 2006) en Neli korda neli (Vier keer vier, 2009). Hij publiceerde ook essays in kranten en tijdschriften, waarvan er een aantal werd gebundeld in Millimallikas (Medusa, 2000) en Paljusus ja ainulisus (Pluraliteit en singulariteit, 2009). Bovendien vertaalde Krull werk van Jacques Derrida, Paul Valéry, Allen Ginsburg en andere bekende schrijvers en filosofen. Hij ontving onder meer de Literatuurprijs van de Baltische Assemblee, twee essayprijzen en twee poëzieprijzen van het Cultuurinstituut van Estland, een Juhan Liiv Poëzieprijs, een Ivar Ivask Werkbeurs en een docentenprijs van de Universiteit van Tallinn. Zijn werk is vertaald in talloze talen, waaronder in het Fins, Zweeds, Engels, Duits, Spaans en Russisch.

 

Kijk hem

Kijk hem. Waarom is die man verdrietig?
Is er iets gebeurd? Ik weet het niet. Misschien wel.
Misschien inderdaad. Misschien is er inderdaad iets gebeurd.
Maar misschien ook niet. Misschien is hij helemaal niet verdrietig.
 
Misschien was het gisteren. Maar misschien niet.
Misschien wel. Misschien een paar dagen eerder.
Misschien nooit. Misschien toch een keer.
Er werd stevig gedronken. Misschien meer dan goed was.
 
Misschien minder. Er had misschien meer gedronken moeten worden.
Er was toch een meer? Waarom heb je het meer niet leeggedronken?
Maar misschien was er geen meer. Maar meer een rivier.
Misschien zelfs de zee. Misschien was er helemaal geen water.
 
Misschien was er een meisje. Misschien een ander meisje.
Is er iets gebeurd? Ik weet het niet. Misschien wel.
Maar misschien niet. Er werd vreselijk gedronken.
Maar misschien ook niet. Misschien was er helemaal geen water.

 

 

De nacht zit vol gaten

De nacht zit vol gaten. Ze glinsteren,
fonkelen, twinkelen, ramen in de nacht
en ramen aan de hemel, ramen van het bestaan
en ramen zonder bestaansreden.
 
We staan op een trap en roken.
Sigaretteneindjes zijn bewegende ramen,
bewegende gaten, vuur zonder vlammen
en wij moeten hier zijn op een trap.
 
Lampen in het trappenhuis. Ruiten in de nacht.
Beelden, waarin je naakt op het strand ligt
als een glimmende hagedis in oplichtend zand:
elke zandkorrel is een schitterend raam.
 
Elk raam is een gat. Elk gat is een raam,
dat geboren wil worden, laat het er maar uitkruipen,
uit het menselijk raam, uit het raam van het bestaan
onder de ramen van maan en zon.

 

Vertaald door Iris Réthy en Jan Sleumer

 

 1885566-16b2db165a84027d63ccbb75b1f117d9.jpg
Hasso Krull (Tallinn, 31 januari 1964)

Geschreven door Romenu om 00:00 Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten