Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
seniorennet.beseniorennet.be

Blaise Cendrars

Blaise Cendrars (1 september 1887 – 21 januari 1961)


De Franstalige, Zwitserse dichter en schrijver
Blaise Cendrars werd geboren op 1 september 1887 in La Chaux-de-Fonds, Neuchâtel. Hij maakte vele reizen, de hele wereld over en bezocht o.a. Rusland en China. Hij leidde het leven van een avonturier totdat hij in Bern medicijnen en filosofie ging studeren. In 1910 ging hij voor het eerst naar Parijs waar hij kennis maakte met mensen als met Guillaume Apollinaire, Marc Chagall, Robert en Sonia Delaunay, Fernand Léger, Amedeo Modigliani. Vanaf 1950 woonde Cendrars permanent in Parijs. Zijn gehele werk omvat zo’n veertig delen.

 

Trouées

 

Echappées sur la mer
Chutes d'eau
Arbres chevelus moussus
Lourdes feuilles caoutchoutées luisantes
Un vernis de soleil
Une chaleur bien astiquée
Reluisance
Je n'écoute plus la conversation animée de mes amis qui se partagent les nouvelles que j'ai apportées de Paris
Des deux côtés du train toute proche ou alors de l'autre côté de la vallée lointaine
La forêt est là et me regarde et m'inquiète et m'attire comme le masque d'une momie
Je regarde
Pas l'ombre d'un œil

 

 

 

Couchers de soleil

Tout le monde parle des couchers de soleil
Tous les voyageurs sont d'accord pour parler des cou-
chers de soleil dans les parages
Il y a plein de bouquins où l'on ne décrit que les couchers
de soleil
Les couchers de soleil des tropiques
Oui c'est vrai c'est splendide
Mais je préfère de beaucoup les levers de soleil
L'aube
Je n'en rate pas une
Je suis toujours sur le pont
A poils
Et je suis toujours le seul à les admirer
Mais je ne vais pas décrire les aubes
Je vais les garder pour moi seul

 

Geschreven door Romenu om 11:39 Reageer op dit bericht
Reageer op dit bericht

Reageer op dit bericht

Een titel of je eigen website toevoegen

De blogger leest alles eerst na: je tekst verschijnt zodra die goedgekeurd is.

W. F. Hermans

W. F. Hermans (1 september 1921 – 27 april 1995)




De Nederlandse schrijver Willem Frederik Hermans werd geboren op 1 september 1921 in Amsterdam. Zie ook mijn blog van 1 september 2006.

 

 

Uit: Nooit meer slapen

 

“Een van de oorzaken waardoor de meeste leesboeken altijd over dezelfde dingen handelen, is de bezorgdheid van de auteurs dat iedereen zal kunnen begrijpen waar het over gaat. Vaktermen zijn uit den boze. Hele categorieën van bezigheden en beroepen zijn nooit in een roman beschreven, omdat het zonder vaktermen onmogelijk zou zijn de werkelijkheid te benaderen. Van andere beroepen: politie, dokters, cowboys, zeelui, spionnen, bestaan alleen de karikaturen die corresponderen met de waanvoorstellingen van de leken voor wie de lectuur is bestemd.”

 

(…)

 

“Al vind ik dan geen meteoorkrater, ik kan niet beweren dat ik helemaal niets vind, al heeft wat ik vind met geologie niets te maken, al is het helemaal niet onder te brengen in de wetenschappen van aarde of kosmos. In geen enkele wetenschap voorlopig. Hier is sprake van een geval door Wittgenstein beschreven, waarin de manier waarop iemand ertoe gekomen is iets te begrijpen, verdwijnt in datgene dat hij begrepen heeft. Alsof je zou zeggen: dat heb ik begrepen nadat ik sterke koffie had gedronken. Maar de koffie heeft niets te maken met wat ik begrepen heb.”

 

Geschreven door Romenu om 11:36 Reageer op dit bericht

Hubert Lampo

Hubert Lampo (1 september 1920 - 12 juli 2006)




De Belgische schrijver Hubert Lampo werd geboren op 1 september 1920 geboren in Het Kiel, Antwerpen. Zie ook mijn blog van 1 september 2006.

 

 

Uit: De verdwaalde carnavalsvierder

 

‘Ik dacht aan het jodenmopje met de langste baard dat ik ken... Schrik maar niet, het wordt geen parabel... Het mopje over Mozes die er zijn vrouw van verdenkt hem met Sam te bedriegen. Let op de originele keuze van de namen. Zijn buurman, een slimme goj, geeft hem de raad ongemerkt de twee te volgen. Nee, zoals beloofd maak ik er geen verhaaltje van, het is te stom... Enfin, het komt hierop neer dat hij zijn mooie Rachel in een stil laantje van het Stadspark in Samuels armen ziet vallen, hen volgt tot bij hun geheime pied à terre, op zijn tenen in het donker mee de trap op sluipt, hen door het sleutelgat beloert terwijl zij zich uitkleden...’

‘De arme stakker,’ zei Miranda, ‘en verder...?’

‘Inderdaad, de arme stakker! Hij is zijn ganse leven met zijn twijfel blijven zitten. Op dat moment deed Sam het licht uit.’

 

Geschreven door Romenu om 11:34 Reageer op dit bericht

Wolfgang Hilbig

Wolfgang Hilbig (31 augustus 1941 - 2 juni 2007)



De Duitse dichter en schrijver Wolfgang Hilbig werd geboren in Meuselwitz op 31 augustus 1941. Hilbig woonde en werkte jarenlang in Oost-Duitsland, alvorens hij zich in West-Duitsland vestigde. Tijdens zijn Oost-Duitse periode was hij in eerste instantie in verscheidene technische banen werkzaam, onder meer als stoker. Eind jaren zeventig gaf hij daar de brui aan en besloot zich geheel toe te leggen op het schrijven, in eerste instantie voornamelijk van gedichten. Uitgebracht werk in West-Duitsland deed hem een paar weken in voorarrest belanden en leverde hem een geldboete op omdat hij zich hiermee aan een deviezenmisdrijf zou hebben schuldig gemaakt. In 1985 wist hij een visum voor West-Duitsland te bemachtigen en verkaste naar dat land. In 1989 debuteerde Hilbig met zijn eerste roman, Eine Übertragung, die lovende kritieken ontving. In 1993 kwam Ich uit, een roman waarin vanuit het perspectief van een informant van de Stasi de laatste periode van de DDR wordt beschreven en waarmee hij de meeste bekendheid verwierf. Daarna verschenen nog een aantal andere werken, waaronder Das Provisorium (2000) dat autobiografisch is getint. Centraal in zijn boeken staat het dubbelleven als arbeider en schrijver in de DDR en de zoektocht naar individualiteit. Hij ontving tijdens zijn leven een heel scala aan prijzen, waaronder op het laatst - in 2002 - ook de gerenommeerde Georg-Büchner-Preis, de hoogste literatuurprijs van Duitsland. Wolfgang Hilbig overleed op 2 juni jongstleden aan kanker.

Nicht neu kann sein was du beginnst –

denn immer nimmst du was dir längst gegeben

und gibst es hin:

                                    wie in der Liebe da es mir gebricht

an jeder Kenntnis: rot wie die Buchen Laub verstreun

maßlos am Wegrand wo ich schon sehr frühe ging …

und kannte nicht den Weg

                                                und kenn ihn jetzt noch nicht

und kenne nicht das Kind des Schatten mir vorausläuft

und weiß nichts von der Sonne die ihr rotes Gold

dem Blattwerk einbrennt.

                                                Und weiß nicht mehr den Herbst

der ernst in meinem Rücken ging und dem ich Schatten

war: stets neu entworfner Schatten ungezählter Herbste.

 

 

 

 

Berlin. Sublunar

 

Die Zeit ist wieder eingekehrt in Berlin

und die Hochstapler defilieren in der Oranienburger Straße

um Mitternacht gen Himmel deutend: die Zeit

ist retour aus dem Exil.

 

Die ganze Stadt in den Fesseln silbergrauer Magie

der Vollmond rollt: und wir die Marionetten seines Lichts –

Unwirklichkeiten die uns glänzend informieren.

Wir und die Toten

                                          über Schattengräben wandelnd

wir sprechen uns ein letztes Mal die Unsterblichkeit zu.

O dieser stark leuchtende Staub zwischen den Investruinen

und welcher April noch so kurz vor dem dritten Jahrtausend!

Wir wollen nicht mehr weiterzählen

 

die grünen Wasser in den alten Häusern brennen langsam ab.

 

 

 

 

L’île Méditérranée

 

Wenn Weißdorn ausbricht in der Nacht die mein

Erleuchten ist dann träum ich plötzlich dort zu sein

auf jener Insel: doch der Traum ist dein …

 

Auch mein Herz will die Insel deines Traums bewahren –

dein Traum in meinem Traum: wie eine Insel in der Nacht …

dein Tag in meiner Nacht … des Weißdorns Düfte sind erwacht

mit einem Mal …

                                    und es ist Zeit für dich dorthin zu fahren

wo stärker noch die Düfte sind und helle Quellen im Gestein.

 

 


 
Geschreven door Romenu om 20:29 Reageer op dit bericht

William Saroyan

William Saroyan (31 augustus 1908 – 18 mei 1981)




De Amerikaanse schrijver William Saroyan werd geboren op 31 augustus 1908 in Fresno, Californië. Zie ook mijn blog van 31 augustus 2006.

 

 

Uit: Here Comes There Goes You Know Who

 

“I believed from the beginning of remembered experience that I was somebody with an incalculable potential for enlargement, somebody who both knew and could find out, upon whom demands could be made with the expectation of having them fulfilled.

I felt at the same time, and pretty much constantly, that I was nothing in relation to Enormity, the Unknown, and the Unknowable. I was too vulnerable, too lacking in power, a thing of subtle reality, liable to be blown away without a moment's warning, a migrant with no meaning, no guide, no counsel, an entity in continuous transition, a growing thing whose stages of growth always went unnoticed, a fluid and flawed thing. Thus, there could be no extreme vanity in my recognition of myself, if in fact there could be any at all. I did frequently rejoice in the recognition, but I may have gotten that from some of the Protestant hyms I had heard, and knew, and had sung, such as Joy to the World. The simple fact was that if the song wasn't about me, I couldn't see how it could possibly be about anybody else, including the one I knew it was supposed to be about, and good luck to him, too.”

 

Geschreven door Romenu om 20:26 Reageer op dit bericht

Elizabeth von Arnim

Elizabeth von Arnim (31 augustus 1866 – 9 februari 1941)



De Engelse schrijfster Elizabeth von Arnim, nicht van Katherine Mansfield, werd op 31 augustus 1866 geboren in Kirribilli Point in de buurt van Sydney, Australië. Ze trouwde eerst met graaf von Arnim, met wie ze vijf kinderen had, en later met graaf Russell, broer van Bertrand. Haar eerste en meest succesvolle roman, Elizabeth en haar Duitse tuin (1898), is een sfeervol portret van de jaren die ze met haar eerste echtgenoot doorbracht op het landgoed van de familie in Pommeren. Daar creëerde en vereeuwigde ze de plek die haar zo na aan het hart stond – haar tuin.

 

Uit: Elizabeth and Her German Garden

 

"'I enjoyed the winter immensely,' I persisted when they were a little quieter; 'I sleighed and skated, and then there were the children, and shelves and shelves full of---' I was going to say books, but stopped.  Reading is an occupation for men; for women it is a reprehensible waste of time.  And how could I talk to them of the happiness I felt when the sun shone on the snow, or of the deep delight of hoar-frost days?'"

 

Geschreven door Romenu om 20:24 Reageer op dit bericht

Théophile Gautier

Théophile Gautier (31 augustus 1811 – 23 oktober 1872)




De Franse dichter en schrijver Théophile Gautier werd op 31 augustus 1811 geboren in Tarbes (departement Hautes-Pyrénées). Zie ook mijn blog van 31 augustus 2006.

 

 

Adieux à la poésie

 

Allons, ange déchu, ferme ton aile rose ;
Ôte ta robe blanche et tes beaux rayons d'or ;
Il faut, du haut des cieux où tendait ton essor,
Filer comme une étoile, et tomber dans la prose.

Il faut que sur le sol ton pied d'oiseau se pose.
Marche au lieu de voler : il n'est pas temps encor ;
Renferme dans ton coeur l'harmonieux trésor ;
Que ta harpe un moment se détende et repose.

Ô pauvre enfant du ciel, tu chanterais en vain
Ils ne comprendraient pas ton langage divin ;
À tes plus doux accords leur oreille est fermée !

Mais, avant de partir, mon bel ange à l'oeil bleu,
Va trouver de ma part ma pâle bien-aimée,
Et pose sur son front un long baiser d'adieu !

 

 

 

Sérénade

 

Sur le balcon où tu te penches
Je veux monter... efforts perdus !
Il est trop haut, et tes mains blanches
N'atteignent pas mes bras tendus.

Pour déjouer ta duègne avare,
Jette un collier, un ruban d'or ;
Ou des cordes de ta guitare
Tresse une échelle, ou bien encor...

Ôte tes fleurs, défais ton peigne,
Penche sur moi tes cheveux longs,
Torrent de jais dont le flot baigne
Ta jambe ronde et tes talons.

Aidé par cette échelle étrange,
Légèrement je gravirai,
Et jusqu'au ciel, sans être un ange,
Dans les parfums je monterai !

 

Geschreven door Romenu om 20:20 Reageer op dit bericht

Libuše Moníková

Libuše Moníková (30 augustus 1945 – 12 januari 1998)



De Duitstalige, Tsjechische schrijfster Libuše Moníková werd geboren op 30 augustus 1945 in Praag. Daar studeerde zij tot 1968 germanistiek. Om politieke redenen emigreerde zij in 1971 naar de BRD. Daar werkte zij op verschillende plaatsen als docente. Vanaf 1981 woonde zij als zelfstandig schrijfster in Berlijn. Tot de schrijvers die van invloed waren op haar werk behoren Kafka, Borges en Arno Schmidt.

 

Uit: Lebendiges Feuer

 

“Das einzige, was die Tochter nach dem Tod ihrer Mutter aus dem Konzentrationslager bekam, war ein Zahn. "Ich wollte dir eine Freude machen", sagte die Frau aus Ravensbrück, die ihn brachte, zu der sechzehnjährigen Jana. Dazu kamen Berichte, Zeugnisse von Mitgefangenen, die überlebt hatten, die Zeichnung einer Polin aus dem Lager. Aber erst der Zahn, "das Bruchstück ihres Lächelns", brachte der Tochter den unumstößlichen Beweis, daß ihre Mutter, Milena Jesenská, tot war.

Das letzte Mal, als Jana Cerná ihre Mutter gesehen hatte, war auf dem Flur der Gestapo in Prag im Sommer 1940. Mager, das Haar hing bis auf die Schultern, vorspringende Backenknochen und riesige blaue Augen. Sie erkannte sie erst an ihrem Hinken. Die Berichte der Frauen aus Ravensbrück verbanden sich mit früheren Erinnerungen von Freunden, Feinden, von Mitarbeiterinnen aus der Redaktion, mit eigenen Erfahrungen der Tochter. Aber ein klares Bild wollte sich nicht einstellen.

Ende der sechziger Jahre sollte ein mühsam erstellter Erinnerungsband von Jesenskás Freundin Jaroslava Vondrácková auf Umwegen in Kafkas deutschem Verlag publiziert werden. Nach Jahren Bedenkzeit hat der Verlag noch ein Gutachten eingeholt, das dem umfangreichen Manuskript attestierte: "Keine nennenswerte Bedeutung in bezug auf Kafka."

 

Geschreven door Romenu om 21:29 Reageer op dit bericht

Mary Shelley

Mary Shelley (30 augustus 1797 – 1 februari 1851)




De Engelse schrijfster Mary Wollstonecraft Shelley werd geboren op 30 augustus 1797. Zie ook mijn blog van 30 augustus 2006.

 

Uit: Frankenstein

 

“To Mrs. Saville, England St. Petersburgh, Dec. 11th, 17--

You will rejoice to hear that no disaster has accompanied the commencement of an enterprise which you have regarded with such evil forebodings. I arrived here yesterday; and my first task is to assure my dear sister of my welfare, and increasing confidence in the success of my undertaking.

I am already far north of London; and as I walk in the streets of Petersburgh, I feel a cold northern breeze play upon my cheeks, which braces my nerves, and fills me with delight. Do you understand this feeling? This breeze, which has travelled from the regions towards which I am advancing, gives me a foretaste of those icy climes. Inspirited by this wind of promise, my day dreams become more fervent and vivid. I try in vain to be persuaded that the pole is the seat of frost and desolation; it ever presents itself to my imagination as the region of beauty and delight. There, Margaret, the sun is for ever visible, its broad disk just skirting the horizon, and diffusing a perpetual splendour. There--for with your leave, my sister, I will put some trust in preceding navigators--there snow and frost are banished; and, sailing over a calm sea, we may be wafted to a land surpassing in wonders and in beauty every region hitherto discovered on the habitable globe. Its productions and features may be without example, as the phenomena of the heavenly bodies undoubtedly are in those undiscovered solitudes. What may not be expected in a country of eternal light? I may there discover the wondrous power which attracts the needle; and may regulate a thousand celestial observations, that require only this voyage to render their seeming eccentricities consistent for ever. I shall satiate my ardent curiosity with the sight of a part of the world never before visited, and may tread a land never before imprinted by the foot of man. These are my enticements, and they are sufficient to conquer all fear of danger or death, and to induce me to commence this laborious voyage with the joy a child feels when he embarks in a little boat, with his holiday mates, on an expedition of discovery up his native river. But, supposing all these conjectures to be false, you cannot contest the inestimable benefit which I shall confer on all mankind to the last generation, by discovering a passage near the pole to those countries, to reach which at present so many months are requisite; or by ascertaining the secret of the magnet, which, if at all possible, can only be effected by an undertaking such as mine.”
Geschreven door Romenu om 21:27 Reageer op dit bericht

Jiří Orten

Jiří Orten (30 augustus 1919 – 1 september 1941)















De Tsjechische dichter Jiří Orten (eig. Jiří Ohrenstein) werd geboren op 30 augustus 1919 bij Kutná Hora. Hij studeerde vreemde talen en bezocht ook het conservatorium in Praag. Dat laatste was geen succes.In 1939 en 1940 werd hij wegens zijn joodse afkomt uitgesloten. Daarna publiceerde hij onder de namen Karel Jílek en Jiří Jakub. Hij nam deel aan dichtersavonden en aan het studententheater, waarbij hij ook als acteur optrad. Op zijn 22e verjaardag werd hij door een Duitse ziekenauto aangereden. Hij stierf twee dagen later.

 

 

At Night

 

The bread of prayer is begged bread.

And the night wind of humiliation wildy squeals.

 

You shine at each other only,

lights.

 

Requiem, pain-quieting,

the rain plays darkly on brows.

 

And one tone deeper, hunger,

cannot grasp the sacrifice, the vain, the most vain,

 

by which, to life and love, you gave your word,

for which you died.

 

4.iii.1940

 

 

 

Geschreven door Romenu om 00:00 Reageer op dit bericht

Hugo Brandt Corstius

Hugo Brandt Corstius (Eindhoven, 29 augustus 1935)


De Nederlandse schrijver en wetenschapper Hugo Brandt Corstius werd geboren in Eindhoven op 29 augustus 1935. Zowel in de alfa- als in de bètawetenschappen heeft hij zijn sporen verdiend. Hij is onder andere, als columnist, bekend geworden onder zijn pseudoniemen Piet Grijs, Stoker en Battus. Brandt Corstius studeerde wiskunde te Amsterdam waar zijn interesse voor het nieuwe vakgebied informatica gewekt werd. Hij promoveerde in 1970 op een proefschrift over computertaalkunde en werkte aanvankelijk bij het Mathematisch Centrum in Amsterdam. Bij het grote publiek is hij vooral bekend vanwege zijn letterkundige kant, te weten: als columnist voor met name Vrij Nederland en de Volkskrant en als taalkundige en literatuurcriticus.

 

Uit: Eetgeenvlees

 

“Als ik zeg dat ik zeker weet dat u van dieren houdt, dan bedoel ik helemaal niet alleen maar zo’n individuele huisgenoot met een eigen naam, een eigen verjaardag en een enkele slechte eigen gewoonte, zoals sterven vóórdat u het doet. Ik heb het niet over uw lapjeskat of uw langweiler, zelfs niet over uw parkietjes in hun vrolijke vogelkooitje, of uw konijntje of haasje of marmotje in zijn gezellig getraliede hokje.
Nee, u houdt ook hartstochtelijk van olifanten en giraffen, die zo lekker groot zijn met hun neuzen en nekken. U kijkt graag naar zebra’s en vlinders met hun fantasierijke beschilderingen. U geniet van het gewaggel der pinguïns en het gefladder der zwaluwen. Misschien koopt u zelfs een onderwaterbril om octopus en schildpad naar elkaar te zien happen. Misschien staat u zondags vroeg op om met vrienden door verrekijkers meeuwen en leeuweriken te bewonderen, die zelf hoog in de lucht, en zonder verrekijkers, naar de grond kijken of daar misschien een lekkere vette worm of een mals muisje valt te vinden. [...]
U geeft graag geld aan de dierenbescherming. U huivert als er in Groningen met een geweer een mus wordt doodgeschoten. U vindt het heel erg om te horen dat nog geen eeuw geleden melkboeren een trekhond onder hun melkkar vastbonden en dat arme beest de hele dag  afbeulden. Die melkboeren hadden zichzelf moeten afbeulen. U vindt het heerlijk om met uw automobiel over een zesbaansweg te rijden waaronder een eenbaanstunneltje is gegraven voor das, eekhoorn en hermelijn.”

 

Geschreven door Romenu om 21:19 Reageer op dit bericht

Thom Gunn

Thom Gunn (29 augustus 1929 – 25 april 2004)


De Engelse dichter Thomson („Thom“) William Gunn werd geboren op 29 augustus 1929 in Gravesend, Kent. Beide ouders waren journalisten. Toen Gunn negen jaar was lieten zij zich scheiden. Zes jaar later pleegde zijn moeder zelfmoord. Tot 1953 studeerde Gunn literatuur in Cambridge. Sinds 1954 woonde hij in de VS en doceerde daar van 1958 tot 1966 en van 1973 tot 1990 aan de University of California (Berkeley). Samen met Philip Larkin en Kinsley Amis was hij mede-oprichter van The Movement. Hij was een van de belangrijkste Britse dichters uit de vorige eeuw. Gunn schreef meer dan dertig dichtbundels en andere boeken.

 

 

A Map of the City

 

I stand upon a hill and see
A luminous country under me,
Through which at two the drunk sailor must weave;
The transient's pause, the sailor's leave.

I notice, looking down the hill,
Arms braced upon a window sill;
And on the web of fire escapes
Move the potential, the grey shapes.

I hold the city here, complete;
And every shape defined by light
Is mine, or corresponds to mine,
Some flickering or some steady shine.

This map is ground of my delight.
Between the limits, night by night,
I watch a malady's advance,
I recognize my love of chance.

By the recurrent lights I see
Endless potentiality,
The crowded, broken, and unfinished!
I would not have the risk diminished.

 

 

 

The Man with Night Sweats

 

I wake up cold, I who
Prospered through dreams of heat
Wake to their residue,
Sweat, and a clinging sheet.

My flesh was its own shield:
Where it was gashed, it healed.

I grew as I explored
The body I could trust
Even while I adored
The risk that made robust,

A world of wonders in
Each challenge to the skin.

I cannot but be sorry
The given shield was cracked,
My mind reduced to hurry,
My flesh reduced and wrecked.

I have to change the bed,
But catch myself instead

Stopped upright where I am
Hugging my body to me
As if to shield it from
The pains that will go through me,

As if hands were enough
To hold an avalanche off.

 

Geschreven door Romenu om 21:17 Reageer op dit bericht

Lukas Hartmann

Lukas Hartmann (Bern, 29 augustus 1944)




De Zwitserse schrijver Lukas Hartmann (eig. Hans-Rudolf Lehmann) werd geboren op 29 augustus 1944 in Bern. Hij studeerde muziek, germanistiek en psychologie. Hartmann schrijft voor zowel volwassenen en kinderen verhalen en romans.

 


Uit: Die Deutsche im Dorf

 

“Vor vielen Jahren, als ich noch ein halbes Kind war, haben wir zu dritt einen Menschen in den Tod getrieben. Das hat mein Leben überschattet, ohne dass ich es wusste; geahnt habe ich es freilich schon lange. Erst im vergangenen November wurde mir klar, was damals, 1967, wirklich geschah. Die volle Wahrheit lässt sich nicht ergründen; wir setzen unsere Erinnerungen ohnehin aus Bruchstücken zusammen. Aber was ich inzwischen herausgefunden habe, verändert den Blick auf mich und meine damaligen Freunde in verstörender Weise.

Das Dorf, aus dem ich stamme, liegt im Hügelgebiet, am Rande des Emmentals, dort, wo die schrundige Landschaft allmählich sanfter wird. Der Dorfkern besteht aus wenigen Häusern, die sich auf einem Plateau zusammendrängen. An der Straßengabelung stehen die beiden größten Gebäude einander schräg gegenüber: das Schulhaus mit dem Türmchen und die Wirtschaft mit dem Ochsen auf dem Schild. Folgt man der Straße nach rechts bis zur Kurve, steht man vor dem kleinen, von einer Thujahecke eingefassten Friedhof, der beinahe ans Schulhaus grenzt; folgt man der Straße nach links, gelangt man zur Poststelle, danach zum Lebensmittelladen und zur Käserei, die zwischen Häusern mit Riegelfronten steht. Es war so, als ich ein Kind war, es ist noch heute so. Das jüngste Gebäude, jenseits des Friedhofs und zwei Steinwürfe vom Schulhaus entfernt, ist die kleine Villa am Eingang des Dorfs. Sie wurde ein paar Jahre vor meiner Geburt erbaut und galt als protzig. Ein Arzt aus dem nahe gelegenen Landstädtchen hatte geplant, darin den Ruhestand zu verbringen. Er starb kurz nach dem Einzug, und von da an wohnte in der Villa allein seine Witwe, Frau Stucki, eine gebürtige Deutsche.”

 

Geschreven door Romenu om 21:17 Reageer op dit bericht

Maurice Maeterlinck

Maurice Maeterlinck (29 augustus 1862 -  6 mei 1949)







De Belgische schrijver
Maurice Maeterlinck werd geboren op 29 augustus 1862 in Gent. Zie ook mijn blog van 29 augustus 2006.

 

 


Feuillage du coeur

 

Sous la cloche de cristal bleu

De mes lasses mélancolies,

Mes vagues douleurs abolies

S'immobolisent peu à peu:

 

Végétations de symboles,

Nénuphars mornes des plaisirs,

Palmes lentes de mes désirs,

Mousses froides, lianes molles.

 

Seul, un lys érige d'entre eux,

Pâle et rigidement débile,

Son ascension immobile

Sur les feuillages douloureux,

 

Et dans les lueurs qu'il épanche

Comme une lune, peu à peu,

Elève vers le cristal bleu

Sa mystique prière blanche.

 

 

 

Lassitude

 

Ils ne savent plus où se poser ces baisers,

Ces lèvres sur des yeux aveugles et glacés;

Désormais endormis en leur songe superbe,

Ils regardent rêveurs comme des chiens dans l'herbe,

La foule des brebis grises à l'horizon,

Brouter le clair de lune épars sur le gazon,

Aux caresses du ciel, vague comme leur vie;

Indifférents et sans une flamme d'envie,

Pour ces roses de joie écloses sous leur pas;

Et ce long calme vert qu'ils ne comprennent pas.

 

 

Ame de nuit

 

Mon âme en est triste à la fin;

Elle est triste enfin d'être lasse,

Elle est lasse enfin d'être en vain,

Elle est triste et lasse à la fin

Et j'attends vos mains sur ma face.

 

J'attends vos doigts purs sur ma face,

Pareils à des anges de glace,

J'attends qu'ils m'apportent l'anneau;

J'attends leur fraîcheur sur ma face,

Comme un trésor au fond de l'eau.

 

Et j'attends enfin leurs remèdes,

Pour ne pas mourir au soleil,

Mourir sans espoir au soleil !

J'attends qu'ils lavent mes yeux tièdes

Où tant de pauvres ont sommeil !

 

Où tant de cygnes sur la mer,

De cygnes errants sur la mer,

Tendent en vain leur col morose,

Où, le long des jardins d'hiver,

Des malades ceuillent des roses.

 

J'attends vos doigts purs sur ma face,

Pareils à des anges de glace,

J'attends qu'ils mouillent mes regards,

L'herbe morte de mes regards,

Où tant d'agneaux las sont épars !

 

Geschreven door Romenu om 10:18 Reageer op dit bericht

William Robertson Davies

William Robertson Davies (28 augustus 1913 – 2 december 1995)




De Canadese schrijver
William Robertson Davies werd geboren op 28 augustus 1913 in Thamesville, Ontario, Zie ook mijn blog van 28 augustus 2006.

 


Uit:
The Diary of Samuel Marchbanks (1947)

 

“Some people I know were telling me of a curious experience which they had recently; they put a collection of old and rejected household articles in their car and drove to a dump to dispose of them. While busy at the dump, they were accosted by a strange figure, a woman of tall and stately presence, wearing a paper crown and carrying a staff in her hand, who strode majestically through the avenues of ashes, tin cans, dishonoured wash-boilers and superannuated bathtubs, attended by a rabble of admiring children. This apparition hailed my friends in a strange, incoherent, but musical language, and her breath was richly perfumed with bay-rum, or it may have been lilac lotion; she was in fact as high as a kite and as mimsy as a borogrove. Having said her say, she strode off in queenly style, and she and her raffish crew were soon lost in the mazes of the dump... My theory is that this was Titania, the fairy queen, fallen upon evil days, but magnificent in ruin; or it may simply have been some rumdumb old bag with a sense of humour. In either case the matter is worth investigating.”

 

Geschreven door Romenu om 21:30 Reageer op dit bericht

Janet Frame

Janet Frame (28 augustus 1924 – 29 januari 2004)

Jonger en ouder.


De Nieuw-Zeelandse dichteres en schrijfster Janet Frame werd geboren in Dunedin en groeide op in Oamaru. Zie ook mijn blog van 28 augustus 2006.

 

 


The Happy Prince

 

In the children’s record of the Happy Prince,

before each gold flake is peeled from the Prince’s body,

the voice orders, Turn the Page, Turn the Page,

supposing that children do not know when to turn,

and may live at one line for many years,

sliding and bouncing boisterously along the words,

breaking the closed letters for a warm place to sleep.

Turn the Page, Turn the Page.


By the time the Happy Prince has lost his eyes,

and his melted heart is given to the poor,

and his body taken from the market-place and burned,

there is no need to order, Turn the Page,

for the children have grown up, and know when to turn,

and knowing when, will never again know where.

 

Geschreven door Romenu om 21:13 Reageer op dit bericht

A. Moonen

A. Moonen  (28 augustus 1937 – 24 januari 2007)


De Nederlandse schrijver Arie Wilhelmus Pieter Moonen, beter bekend als A. Moonen (spreek uit: 'a-punt-moonen') werd geboren in Rotterdam op 28 augustus 1937.Na allerlei kortdurende werkkringen te hebben gehad, leefde hij lange tijd van een uitkering in Den Haag en later in Amsterdam. Moonen schreef voor het Amsterdamse studentenweekblad Propria Cures.

"Zalf voor de dood" was het boek waarmee Moonen had willen debuteren maar hij kon het pas in 1980 uitgebracht krijgen. Daarom was "Stadsgerechten" uit 1977 zijn eigenlijke debuut. Het betreft een autobiografische en verwarde weergave in de vorm van een dagboek van zijn kleinschalige leven waarin met name zijn aparte seksuele voorkeuren worden beschreven. Zie ook mijn blog van 31 januari 2007.

 

Uit: Waakvlamseks

 

“Ik kon op een klapstoeltje aan een tafel plaatsnemen en kreeg aldra een glas cola te drinken. Eerst meende ik een lange smalle doos met kapotjes overhandigd te krijgen, doch bij inspectie bleek het een keurig verpakt gastendoekje met Safe Sex erop geborduurd te zijn. Verder werd ik nog een anuscondoom rijker gemaakt. Volgens een woordvoerder hadden de rondlopende personen drempelvrees om zich bij ons te voegen. Het begon te schemeren. Er werd een kleine dildo op tafel geplaatst om mij aan te leren hoe ook in het donker een kapotje over een stijve indringer gestroopt moest worden. Ik vertelde nog een vaste partner te hebben en dat wij nooit condooms gebruikten. Nadat ik de waakvlamafgezanten had verlaten, genoot ik in de ondertussen donkere koelte van wijds uitzicht over de kralingse plas. Thuis wachtten de vijf katten mij op. Precies als de rotterdamse pikonttreksters kon ik weer eens ongeneukt naar bed.

Langzaamaan kom ik dan eindelijk weer terug in mijn vakgebied op zondagavond de zevende september binnen tuinkamer. Een dag eerder was de vaste partner eindelijk verschenen. Ik werd platgeneukt, gebeten en gelikt. Onze samenvoeging speelde zich af terwijl bekant de ganse wereldbevolking via de buis gelegenheid geboden kreeg de begrafenis van hun mediamadonna te overkiekelen, om maar niet met hun eigen al of niet dagschotelachtige besognes geconfronteerd te hoeven worden.”

 

Geschreven door Romenu om 20:46 Reageer op dit bericht

Rita Dove

Rita Dove (Akron, 28 augustus 1952)


De Amerikaanse schrijfster en dichteres Rita Frances Dove werd geboren op 28 augustus 1952 in Akron, Ohio. In 1987 ontving zij de Pulitzer prijs voor haar gedichtencyclus Thomas and Beulah. De inspiratie ervoor vond zij in het levensverhaal van haar grootouders. Die hadden in de eerste helft van de 20e eeuw de zuidelijke staten verlaten om in het noorden naar werk te zoeken. Van 1993 tot 1995 was Rita Dover Poet Laureate van de VS. Zij was zowel de jongste persoon aan wie die eer te beurt viel als ook de eerste persoon van afro-amerikaanse afkomst.

History


Everything's a metaphor, some wise
guy said, and his woman nodded,
wisely.


Why was this such a discovery
to him? Why did history happen
only on the outside?


She'd watched an embryo track
an arc across her swollen belly from
the inside and knew she'd best
think knee, not tumor or burrowing mole,
lest it emerge a monster.


Each craving marks the soul:
splashed white upon a temple the dish
of ice cream, coveted, broken
in a wink, or the pickle duplicated
just behind the ear.


Every wish will find its symbol,
the woman thinks.

 

 

 

Adolescence II


Although it is night,
I sit in the bathroom, waiting.
Sweat prickles behind my knees,
the baby-breasts are alert.
Venetian blinds slice up the moon;
the tiles quiver in pale strips.


Then they come, the three seal men
with eyes as round As dinner plates
and eyelashes like sharpened tines.
They bring the scent of licorice.
One sits in the washbowl,


One on the bathtub edge;
one leans against the door.
"Can you feel it yet?" they whisper.
I don't know what to say, again.
They chuckle,


Patting their sleek bodies with
their hands.
"Well, maybe next time."
And they rise, Glittering like pools
of ink under moonlight,


And vanish. I clutch at the
ragged holes
They leave behind, here at
the edge of darkness.


Night rests like a ball of fur
on my tongue.


 

Geschreven door Romenu om 20:44 Reageer op dit bericht

Goethe

Johann Wolfgang von Goethe (28 augustus 1749 – 22 maart 1832)  Hier 26 jaar oud.

De Duitse dichter en schrijver Johann Wolfgang von Goethe werd geboren op 28 augustus 1749 in Frankfurt am Main. Zie ook mijn blog van 31 augustus 2006.

 

 


Uit: Die Leiden des jungen Werthers

 

“Wie froh bin ich, daß ich weg bin! Bester Freund, was ist das Herz des Menschen! Dich zu verlassen, den ich so liebe, von dem ich unzertrennlich war, und froh zu sein! Ich weiß, du verzeihst mir's. Waren nicht meine übrigen Verbindungen recht ausgesucht vom Schicksal, um ein Herz wie das meine zu ängstigen? Die arme Leonore! Und doch war ich unschuldig. Konnt' ich dafür, daß, während die eigensinnigen Reize ihrer Schwester mir eine angenehme Unterhaltung verschafften, daß eine Leidenschaft in dem armen Herzen sich bildete? Und doch – bin ich ganz unschuldig? Hab' ich nicht ihre Empfindungen genährt? Hab' ich mich nicht an den ganz wahren Ausdrücken der Natur, die uns so oft zu lachen machten, so wenig lächerlich sie waren, selbst ergetzt? Hab' ich nicht – o was ist der Mensch, daß er über sich klagen darf! Ich will, lieber Freund, ich verspreche dir's, ich will mich bessern, will nicht mehr ein bißchen Übel, das uns das Schicksal vorlegt, wiederkäuen, wie ich's immer getan habe; ich will das Gegenwärtige genießen, und das Vergangene soll mir vergangen sein. Gewiß, du hast recht, Bester, der Schmerzen wären minder unter den Menschen, wenn sie nicht – Gott weiß, warum sie so gemacht sind! – mit so viel Emsigkeit der Einbildungskraft sich beschäftigten, die Erinnerungen des vergangenen Übels zurückzurufen, eher als eine gleichgültige Gegenwart zu ertragen.

Du bist so gut, meiner Mutter zu sagen, daß ich ihr Geschäft bestens betreiben und ihr ehstens Nachricht davon geben werde. Ich habe meine Tante gesprochen und bei weitem das böse Weib nicht gefunden, das man bei uns aus ihr macht. Sie ist eine muntere, heftige Frau von dem besten Herzen. Ich erklärte ihr meiner Mutter Beschwerden über den zurückgehaltenen Erbschaftsanteil; sie sagte mir ihre Gründe, Ursachen und die Bedingungen, unter welchen sie bereit wäre, alles herauszugeben, und mehr als wir verlangten – kurz, ich mag jetzt nichts davon schreiben, sage meiner Mutter, es werde alles gut gehen. Und ich habe, mein Lieber, wieder bei diesem kleinen Geschäft gefunden, daß Mißverständnisse und Trägheit vielleicht mehr Irrungen in der Welt machen als List und Bosheit. Wenigstens sind die beiden letzteren gewiß seltener.”

 

Geschreven door Romenu om 16:30 Reageer op dit bericht

Kristien Hemmerechts

Kristien Hemmerechts (Brussel, 27 augustus 1955)


De Belgische schrijfster Kristien Hemmerechts werd geboren in Brussel op 27 augustus 1955.

Hemmerechts studeerde Germaanse filologie in Brussel en Leuven. In 1986 promoveerde zij op het proefschrift A Plausible Story and a Plausible Way of Telling It: A structuralist analysis of Jean Rhys's novels. Zij debuteerde in 1986 als schrijfster van fictie, met drie Engelstalige verhalen in de bundel First fictions, Introduction 9. Haar eerste novelle was Een zuil van zout uit 1987, waarvoor zij meteen de Prijs van de provincie Brabant ontving. In 1990 kreeg zij de Vlaamse driejaarlijkse Staatsprijs voor proza; vanuit Nederland volgden in 1993 een nominatie voor de AKO Literatuurprijs voor Kerst en andere liefdesverhalen en de eerste Frans Kellendonkprijs voor haar gehele oeuvre. In 1998 verscheen Taal zonder mij, een autobiografisch essay over Hemmerechts' overleden echtgenoot, de bekende Vlaamse dichter Herman de Coninck.

Hemmerechts schrijft romans, verhalen, reisverhalen en essays. Ook heeft zij een aantal scenario's geschreven voor korte films.

 

Uit: In mijn hoofd

 

“Hij is mijn hoer. Ik bewaar hem in een doosje. Als ik zin heb, mag hij eruit. Ik wil zijn lichaam niet zien. Ik wil het zo min mogelijk voelen. Ik wil het niet laten genieten. Begrijp me niet verkeerd. Als het toevallig zou genieten, heb ik daartegen geen bezwaar, ik ben geen onmens. Integendeel. Ik zoen hem zelfs, niet omdat ik daartoe behoefte voel maar omdat hij dat lijkt te willen. Men zegt: hoeren zoenen niet. Ik zeg: waarom zouden ze niet zoenen, als ze beffen, afzuigen, neuken? De vraag is eerder: waarom zou je een hoer zoenen? Je streelt toch ook geen hoer. Een hoer bestaat om plezier te geven, niet te ontvangen. Daarvoor heeft een hoer alweer andere hoeren. Wil je een hoer zoenen, zoen hem/haar dan. Wil hij/zij jou zoenen en het stoort je niet, laat hem/haar begaan. Zo denk ik daarover. Mijn hoer vertelt zelfs veel. Hij spreekt over een vrouw die hij kent. Ik laat hem spreken, maar stel geen vragen. Ik wil zo weinig mogelijk vernemen over deze vrouw van wie hij zegt dat hij met haar hoopt te trouwen zodra dat mogelijk wordt, ze is nog altijd getrouwd met een man, een oudere, ziekelijke man. Vreemd toch hoe hij denkt dat dit me interesseert. Toch snoer ik hem niet de mond, met een kus bijvoorbeeld.Je kan heel goed mensen de mond snoeren met een kus, het is een veel efficiëntere methode dan met een prop of met een halsdoek. Je brengt je gezicht dicht bij dat van de andere, fluistert: ik hou van jou als je boos bent / als je geanimeerd praat / als je je opwindt, en plaatst vervolgens je lippen op die van de andere. Zo en niet anders wordt iemand de mond gesnoerd. (Nee, ook kan iemands mond worden gesnoerd door de persoon vast te binden op een stoel, benen aan een stoelpoot, armen achter de leuning, en door vervolgens de neus van de vastgebondene dicht te knijpen zodat hij/zij gedwongen wordt zijn/haar mond te openen. Allerlei voorwerpen en/of lichaamsdelen kunnen dan naar binnen worden geschoven. Er zou dringend een lijst moeten worden opgesteld van alles wat een lichaam in en uit kan.”

 

Geschreven door Romenu om 22:07 Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten