Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
seniorennet.beseniorennet.be

Hans Plomp, Saskia de Coster, Willem Hussem, Anton Tsjechov, Lennaert Nijgh, Romain Rolland, Hubert C. Poot

De Nederlandse dichter en schrijver Hans Plomp werd op 29 januari 1944 in Amsterdam geboren. Zie ook alle tags voor Hans Plomp op dit blog.

 

Venus in Holland

Wat ben je mooi
met je neus en je oren
met je billen
en je kut van voren!
Wat ben je goddelijk herboren,
oude vriend.
Wat staat een vrouw je goed,
geur van aarde,
smaak van bloed.

Weet je nog, eeuwen geleden,
in elkaars armen
overleden?
Ik was vrouw toen,
jij was man.
Nu omgekeerd,
dat komt ervan.

Lieverik, o lieverik,
kom hier met je stijve pik.
Aan mijn borst, o heerlijk wijf,
ik word bloedgeil van je lijf.
In mijn armen, hemels beest,
zijn we altijd één geweest.
In mijn armen, hemels beest,
zijn we altijd één geweest.

 

 1539785-02a94b106dfc3011cef4e6bff44caf20.jpg
Hans Plomp (Amsterdam, 29 januari 1944)
In 1987

 

 

De Vlaamse schrijfster Saskia de Coster werd geboren in Leuven op 29 januari 1976. Zie ook alle tags voor Saskia de Coster op dit blog.

Uit: Jeuk

“Met hun lange vette staarten slingerden ze de marmeren trappen op en ze voegden zich bij de ratten die zich door tochtgaten, afvoerbuizen en lichtroosters hadden neergelaten en vanachter de borstbeelden in de gang, vanonder de zetels in de leeskamer te voorschijn kwamen of opdoken op de kaptafels van de hofdames op de eerste verdieping en in de botervlootjes van de dinerzaal.”
(…)

«Terwijl de opgedirkte dames en de generaal thee dronken en spelkaarten verdeelden en praatten in zijn salon, terwijl een gezette vrouw kraan vogels vouwde om de onsterfelijkheid te bereiken, terwijl de mannen lazen of met versteende blik bij een schaakbord zaten en af en toe opstonden om hun sigarettenkoker uit te kloppen en naar de wenende herfstregen te luisteren, terwijl de windhond van de generaals tussen de zetels en de gasten slalomde, terwijl de tijd zich met veel moeite voortduwde, sloeg Carl grote mappen open die in sterke lederen kaften tegen de muren leunden en diepte er stadsplannen uit op en bekraste papier en vergat zijn pen in de inktpot te dopen en betrapte zichzelf erop dat zijn gedachten net zo leeg waren als de lucht.»

 

 1539785-e62c2cd7dd078edec40649c8d51cd8d1.jpg
Saskia de Coster (Leuven, 29 januari 1976)

 

 

De Nederlandse schilder en dichter Willem Hussem werd geboren in Rotterdam op 29 januari 1900. Zie ook alle tags voor Willem Hussem op dit blog.

 

Veranderlijke zee

het veranderlijke van de zee
bepaalt mijn leven
wellicht mijn dood


*


Je zou de rust moeten hebben
van een vogel gezeten op een tak.
De voorzichtigheid van te staan aan een afgrond
de lichtvoetigheid van lopen op dun ijs.

 

 1539785-13193edbb955020ee25d11375ab4048f.jpg
Willem Hussem (29 januari 1900 - 21 juli 1974)
Willem Hussem, zonder titel, 1967

 

 

De Nederlandse tekstdichter, columnist en schrijver Lennaert Nijgh werd geboren in Haarlem op 29 januari 1945. Zie ook alle tags voor Lennaert Nijgh op dit blog.

 

Het Spaarne

Het Spaarne stroomt,
het Spaarne stroomt,
het Spaarne stroomt voorbij.

Voorbij de stad waar niets meer wordt geladen,
er liggen voor de waag geen schepen meer.
Ze varen door want de bolders en de kaden
hebben plaatsgemaakt voor het verkeer.

En het Spaarne stroomt...

Zoals het steeds voorbij zal blijven stromen.
Het water gaat, wat blijft is de rivier.
En wat er ook voor andere tijden komen,
hij stroomt voorbij en blijft toch altijd hier.

Het Spaarne stroomt...

Het Spaarne stroomt...

Voorbij de brug, voorbij de laatste huizen,
voorbij de werven en het stoomgemaal.
Het Spaarne stroomt, maar niet voorbij de sluizen,
het eindigt naamloos in een zijkanaal.

 

 1539785-681ef09b1b438efdea05ac46f5d213fb.jpg
Lennaert Nijgh (29 januari 1945 - 28 november 2002)
In 1970


 

De Russische schrijver Anton Tsjechov werd geboren op 29 januari 1860 in Taganrog, een havenstad in Zuid-Rusland. Zie ook alle tags voor Anton Tsjechov op dit blog.

Uit:Drie zusters (Vertaald door Michael De Cock)

“Tsjeboetykin
“Dat ze allemaal naar de duivel lopen! Dat ze allemaal verrekken. Ze denken dat ik dokter ben, dat ik allerlei klachten kan behandelen, maar ik weet juist niks! En als ik al ooit iets geweten heb, dan ben ik het intussen allemaal vergeten. Ik herinner mij niets meer. Helemaal niets. (Olga en Natasja ongezien af) Allemaal naar de duivel ermee. Vorige woensdag heb ik nog een vrouw behandeld in Zasyp. Ze is gestorven. En dat is mijn schuld. Ja... 25 jaar geleden wist ik misschien iets.
Maar nu weet ik niets meer. Niets weet ik. Niets ben ik.
Misschien ben ik zelfs niet eens een mens. Misschien doe ik maar alsof ik armen en benen en een hoofd heb. Misschien besta ik zelfs niet eens, en beeld ik me alleen maar in dat ik hier rondloop, eet en slaap. (hij huilt) Oh! Als ik nu gewoon niet zou bestaan! (stopt met huilen, dan somber) Wat maakt het nog uit? Wat maakt het godverdomme nog uit? (PAUZE) Eergisteren was er een discussie in de club, het ging over Shakespeare en Voltaire... Daar heb ik geen letter van gelezen, maar geen letter, en toch zit ik daar met een gezicht alsof ik het van voor naar achter en terug heb gelezen. En iedereen met mij. Dat is toch kotsmisselijk. Schande. En dan kwam ineens die vrouw die ik woensdag gedood heb terug in mijn gedachten...Het kwam allemaal terug, al de vuiligheid... en ik voelde mij zo ellendig, zo vol weerzin, zo...dat ik ben beginnen zuipen."

 

 1539785-ab742966c48811ee1bef288b51b6fc83.jpg
Anton Tsjechov (29 januari 1860 – 15 juli 1904)
Uitvoering in de Classic Stage Company, New York, 2012

 

 

De Franse schrijver Romain Rolland werd geboren op 29 januari 1866 in Clamecy. Zie ook alle tags voor Romain Rolland op dit blog.

Uit: Jean-Christophe

« Instinctivement, il s'était mis à penser bas, comme s'il avait eu honte. Il haussa les épaules. Il n'y a pas deux façons d'aimer... Ou plutôt si, il y en a deux : il y a la façon de ceux qui aiment avec tout eux-mêmes, et la façon de ceux qui ne donnent à l'amour qu'une part de leur superflu. Dieu me préserve de cette ladrerie de cœur! » Il s'arrêta de penser, par une pudeur à poursuivre plus avant. Longtemps, il resta à sourire à son rêve intérieur. Son cœur chantait dans le silence :
— Du bist mein, und nun ist das Meine meiner als jemals... ("Tu es à moi, et maintenant je suis à moi comme je ne l'ai jamais été.")
Il prit une feuille, et, tranquille, écrivit ce que son cœur chantait. »

 

 1539785-34c7f220cd117fb867ab173ccd9eaccd.jpg
Romain Rolland (29 januari 1866 – 30 december 1944)

 

 

De Nederlandse dichter Hubert Kornelisz. Poot werd geboren in Abtswoude op 29 januari 1689. Zie ook alle tags voor Hubert K. Poot op dit blog.

 

Winter

Het zuiden is te rug geweeken.
Kalisto grimt ons aen uit koude hemelstreeken.
De bulderende noordewint
Maekt al de zee ontzint.
Men hoort de hagelbuien kraken.
Het ys bevloert de vloên: de sneeuvlok dekt de daken
En 't aengezicht van 't kaele velt,
Thans treurigh en ontstelt.
Zoo heeft Jupyns geducht vermogen
't Gevierendeelde jaer tot fellen aert bewogen.
Wat sleet men 't leven wel te pas
Toen 't altyt lente was!
Elk zie nu, tegens winterquaelen,
Den warmen zomer aen een' luwen haert te halen.
Vulkaen zy elk in dezen tyt
Ten Huisgodt ingewydt.
O Vrienden, houdt u toch verborgen:
Eet vleesch, drinkt ouden wyn, en laet den Hemel zorgen.
De zomer moet met zyn saizoen
Den graegen winter voên.

 

 1539785-c64c732964606f3eb273bdc1f17255f9.jpg
Hubert K. Poot (29 januari 1689 - 31 december 1733)
Portret door Nicolaas Verkolje naar Thomas van der Wilt

 


 
Zie voor nog meer schrijvers van de 29e januari ook mijn blog van 29 januari 2011 deel 1 en eveneens deel 2 en ook deel 3.

Geschreven door Romenu om 16:43 Reageer op dit bericht
Reageer op dit bericht

Reageer op dit bericht

Een titel of je eigen website toevoegen

De blogger leest alles eerst na: je tekst verschijnt zodra die goedgekeurd is.

Ramsey Nasr, Peter Verhelst, Maik Lippert, Ismail Kadare, Wies Moens, José Martí

De Palestijns-Nederlandse dichter, schrijver en acteur Ramsey Nasr werd geboren in Rotterdam op 28 januari 1974. Zie ook alle tags voor Ramsey Nasr op dit blog.

 

Geen lied (Fragment)

De lier telt zeven snaren. Elke snaar
Is een planeet. Zeven planeten had ik.
Zeven planeten draaiden rondom mij
Met daaromheen een zwarte koepelbol
Die alles afsloot, maar niet helemaal;
Er zaten gaten in, duizenden sterren
Als venstertjes naar buiten op het vuur.
Zeven sirenen ook en hoe dat kon,
En of ze echt meesuisden met de planeten,
Zijn vragen die ik mij nooit heb gesteld,
Omdat ik ze alle dagen horen kon:
Vrouwen met baarden, met vogellichamen
En klauwen die zich in hun vaart als klem
Vast konden zetten aan de hemelbanen.
Elke sirene zong strak aangehouden
Een toon. Zeven sirenen, zeven tonen,
Een huiverend akkoord van zonnestralen
Of licht. Iets dergelijks. Zuiver geluid
Onder een tweemaal kolossale koepel,
Waardoor mijn snaren als vanzelf aanvingen
Te trillen. Ik hoefde maar mee te zingen.
Wanneer ik zong, zwermden de vogels uit;
Niet slechts bijzondere, maar alle soorten
Krioelden om mijn hoofd, ik weet niet hoe.
Bijen, libellen, wespen, horzels, kevers
Voerden fantastische figuren uit,
Achter elkaar, als danspassen op lucht.
Grote dieren kwamen op mij af,
Namen mij op de rug en luisterden,
Terwijl ze ruimte lieten voor de bomen,
Die langzaam dichterbij geschuifeld waren.
Zelfs rotsen bogen voorzover dat kon
Hun oren naar ons toe. Niet allemaal:
Er waren er die onbewogen stonden
En toekeken hoe bovenop de bergen
De sneeuw aan het wegsmelten was begonnen
En de rivieren weer in gang zette,
Die stilgehouden hadden in stroom,
Terwijl erboven alle bruggen golfden.

 

 1539349-78507b773d5aadcce319f79afc802ccf.jpg
Ramsey Nasr (Rotterdam, 28 januari 1974)

 

 

De Vlaamse dichter, romancier en theatermaker Peter Verhelst werd geboren op 28 januari 1962 in Brugge. Zie ook alle tags voor Peter Verhelst op dit blog.

 

Joe!

Van in de zon te kijken slapen mijn ogen
onbetrouwbaar waardoor het heuvellandschap dwarrelt
en zilverkleurig water uit het zand opborrelt.
Een cactus wacht als vlees. Zo te zien is het meisje
aan mijn hals een prikkelband, rolt ze door mijn hoofd
als tumbleweed en riekt naar prij. Ziek bloed, veertienjarig
en al weerspiegeld in de glooiing van de duinen.
Roodgelakte tong die glinstert als een baldadige,
vandaar glanzen haar zwartblauwe haren dieper
dan mijn stalen mes dat sputtert. Vonken in mijn keel.
Begint te jammeren, verliest
haar ogen, krijgt de schouders van een jakhals
als ze sterft.
Hey Joe!
De laatste dans is aan een touw.)

 

Met gezwollen linkeroog

Hoewel, geen vuistslag. Toch zit het me tot daar
(gehijg) dat bloed in mij uitloopt als een bloembol
met groeidrift. IJs op mijn jukbeen, gekift erboven;
door een zieke vinger geprikt en roerloos aan de wastafel

met anderhalf oog. Ik zie nog niet het porselein
vergaan (gehijg) als mijn fantasma van ergernis:
twee pinnige meisjes voor mij gehurkt en ik
weet niet wie het eerst te eten, maar meisjes
(gehijg) zijn bellen die springen op je tong.
Dan maar een scheermes en tellen tot drie,
een spat op het glas. Beter één dan anderhalf.

 

Zorro

Tussen Mexicaans gras hadden ze ons te pakken.

(Hun laarzen gewet.)

Ze hadden onze huidskleur niet en drongen
ons lichaam binnen. Trokken ons binnenstebuiten.
Lieten strepen na in de vorm van halve swastika's.

Verder niks.

 

 1539349-02a927e43a2a4d30dfbc062d87095fb1.jpg
Peter Verhelst (Brugge, 28 januari 1962)

 

 

De Duitse dichter en schrijver Maik Lippert werd geboren op 28 januari 1966 in Erfurt. Zie ook alle tags voor Maik Lippert op dit blog.

 

Ohrensausen

einen klammen april lang
mit otitis media
die alte im gehörgang
gerbt dir das trommelfell mit alaun
du hörst radio mit dem stirnbein
im schädel haspeln
berichterstatter auf die blechmembranen
von münzfernsprächern
du suchst die orte im schulatlas
orte mit symbolen
wie kobalt und kupfer
du siehst menschen
die mit grubenlampen auf der stirn geboren werden
andere mit gewehrläufen in den augen
sagst dir
im fieber
werden wir alle wach
und wünschst allen krankenschwestern
und lehrern
die für die dichtkunst leiden
ohrensausen
staubfresser für die ewigkeit
diese gedichte
über sommerregen und venenleiden
sagst du
der rest ist amoxicillin
3mal täglich eine ganze tablette
und im mai schreibst du wieder
gedichte
wäßrig wie die venenkarten an deinen beinen

 

 1539349-cbab5c1e4b43dfc327446d75b56d25ef.jpg
Maik Lippert (Erfurt, 28 januari 1966)

 

 

De Albanese dichter en schrijver Ismail Kadare werd geboren in Gjirokastër op 28 januari 1936. Zie ook alle tags voor Ismail Kadare op dit blog.

Uit: Het reisverbod. Requiem voor Linda B. (Vertaald door Roel Schuyt)

“Tot bij het begin van de Rruga e Dibrës was het Rudian Stefa gelukt om nergens aan te denken. Pas toen hij tegenover hotel Tirana stond, aan de noordkant van Sheshi i Skënderbeut – het Skënderbeuplein, voelde hij een lichte paniek opkomen. Hij hoefde alleen nog het plein over te steken en dan stond hij voor de ingang van het gebouw van de communistische partij. Hij kon zich nu niet meer zo koelbloedig voordoen als hij had gewild, en ook kon hij geen moed ontlenen aan de gedachte dat hij een zuiver geweten had. Hij zag alleen het plein voor zich, en hoe groot het ook was, voor iemand die bij het partijcomité was ontboden zonder dat hij wist waarom, duurde het veel te kort om het over te steken.
Met een razende snelheid, alsof hij alleen zo de verloren tijd kon inhalen, overzag hij de twee dingen waardoor hij in de problemen kon zijn geraakt. Het ene was zijn nieuwe toneelstuk, dat al twee weken wachtte op een officieel fiat om te worden opgevoerd; het andere was zijn relatie met Migena.
Op ieder ander moment zou dat laatste hem meer reden tot ongerustheid hebben gegeven dan zijn toneelstuk. Hij kwam net voorbij de Nationale Bank toen hij de afloop van zijn laatste ruzie met haar opnieuw met een ondraaglijke helderheid voor zich zag. Ze stonden op de plek waar ze al eerder onenigheid hadden gehad, de boekenkast maakte daar een rechte hoek met het raam. Er waren bijna dezelfde woorden gevallen en opnieuw had ze gehuild.”

 

 1539349-30ab9cf27d4cb032876c978143b1b70c.jpg
Ismail Kadare (Gjirokastër, 28 januari 1936)


 


De Vlaamse dichter en schrijver Wies Moens werd geboren in Sint-Gillis-bij-Dendermonde op 28 januari 1898. Zie ook alle tags voor Wies Moens op dit blog.

 

Brabantsche lente (Fragment)

Wij wandelen om zijn bultig lijf
en schouwen in’t dal:
het koren groent reeds overal.
Ik meen voorwaar, het felle bloed
dat de aarde door de aarde stuwt,
moet vonken als de nectar doet
der boeren, hun blond appelwijn !

*

Haal boven een flesch van ’t oude jaar:
de Lente zingt,
Brabantsche Lente, hoog en klaar !

*

De witte vlaggen van het licht
wapperen frisch langs ons aangezicht.
Het is, als schrijden fijfelaars in wit en blauw
ons voor ten dronk. – Terwijl wij treên
den drempel over, stapt de schare
de hoving op, den boomgaard in, en ginds
bij de pralende kerselaren
speelt voort de muziek: het suizen en deunen
golft om het huis met den bloesemgeur.

*

Mijn vriend thans, opetogen:
‘Zeg, kent ge schooner wonen
dan dit: met open deur
aan den klankstroom van Gods verblijdenis,
die komt van de hoogte, het huis omvloeit ?’

*

Ik, ’t glas geheven, breng
een krachtig ‘Heil’ ! hem toe, sluit bei mijn oogen
en zie: hoe een verdwaalde meeuw,
heenscherend pijlsnel over den disch,
het milde stroomen daarbuiten
haar heimwee meldt; de borst gelijk een schild,
en ’t kantig snijden van haar scherpe vlerken.

 

 1539349-7b36cc2fdc3a9c049e6c8590289b04d1.jpg
Wies Moens (28 januari 1898 – 5 februari 1982)
Portret door Cyriel Los, 1943

 

 

De Cubaanse dichter en schrijver José Martí werd geboren op 28 januari 1853 in Havanna. Zie ook alle tags voor José Martí op dit blog.

 

Guantanamera

Guantanamera
Guajira Guantanamera
Guantanamera
Guajira uit Guantanamera

Ik ben een oprechte man
uit het land waar de palmen groeien
Ik ben een oprechte man
uit het land waar de palmen groeien
en voordat ik sterf,
wil ik mijn liedjes uit mijn ziel zingen

Refrein

Ik cultiveer de witte roos
zowel in juni als in januari
Ik cultiveer een witte roos
zowel in juni als in januari
Voor de ware vriend
die me oprecht zijn hand geeft

Refrein

Mijn lied is van een helder groen
en van een gloeiend karmozijn
Mijn lied is van een helder groen
en van een gloeiend karmozijn
Mijn lied is een gewond hert
dat in de bergen beschutting zoekt.

Guantanamera
Guajira Guantanamera
Guantanamera
Guajira Guantanamera, etc.

 

Vertaald door Celia Cruz

 

 1539349-0aaf4ae1e71e7b6848e0c728367d511b.jpg
José Martí (28 januari 1853 – 19 mei 1895)
Monument in Pinar del Rio

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 28e januari ook mijn blog van 28 januari 2012 deel 2.

Geschreven door Romenu om 19:15 Reageer op dit bericht

Thierry Baudet

De Nederlandse schrijver, historicus en jurist Thierry Baudet werd geboren in Heemstede op 28 januari 1983. Baudet studeerde rechten en behaalde een bachelor-graad Geschiedenis aan de Universiteit van Amsterdam. Hij promoveerde in 2012 aan de rechtenfaculteit van de Universiteit Leiden. Aan die universiteit was hij tevens als docent verbonden. In 2013 was hij als post-doc verbonden aan de Universiteit van Tilburg. Baudet publiceerde in 2010 samen met Michiel Visser Conservatieve Vooruitgang, een essaybundel met portretten van een twintigtal moderne conservatieven. Zijn proefschrift verscheen in het Nederlands onder de titel “De Aanval op de Natiestaat”. Baudet betoogt in zijn boek dat de democratische rechtsstaat alleen kan functioneren binnen de context van de natiestaat. Supranationalisme, zoals dat onder meer in de Europese Unie, de Wereldhandelsorganisatie, het Europees Hof voor de Rechten van de Mens en het Internationaal Strafhof tot uitdrukking komt, is volgens hem fundamenteel onverenigbaar met de democratische rechtsstaat. Dit zou het geval zijn omdat de democratische rechtsstaat grenzen nodig heeft, een zekere sociale cohesie onder de bevolking en soevereiniteit in de vorm van een parlement dat verantwoording verschuldigd is aan de bevolking. Elders heeft Baudet zich specifiek over de EU en de euro uitgelaten. In de media betoogde hij dat beide op de langere termijn niet houdbaar zullen blijken te zijn. In zijn boek “Oikofobie”, de angst voor het eigene, beschrijft Thierry Baudet uitvoerig een relatief nieuwe filosofische stroming, de zgn. oikofobie, een verregaande vorm van cultuurrelativisme. Oikofobie is volgens hem de ziekelijke afkeer van het eigene, het eigen nest

Uit: De aanval op de natiestaat

“Op dit moment zijn de Europese nationale regeringen in laatste instantie nog altijd soeverein in het valideren van de verdragen die hen binden – en ze kunnen dus nog altijd over hervormingen onderhandelen of zich terugtrekken als die onderhandelingen op niets uit zouden draaien. Evenmin heeft de ideologie van het multiculturalisme, uitzonderingen daargelaten, formele gelijkheid voor de wet of het gezag van de nationale rechter om het nationale recht toe te passen volledig doen verdwijnen.
Dit betekent dat we nog een keuze hebben. Hoewel de Europese politieke toplaag zo’n beetje alles heeft gedaan wat zij kon om nationale grenzen te elimineren, liggen de sleutels tot de poort nog steeds in eigen hand.
Dit is niet onbelangrijk. In heel Europa hebben politici met een duidelijk nationalistische agenda de afgelopen jaren aanzienlijk – en voortdurend toenemend – electoraal succes gehad. Het feit dat de Europese elites een gezamenlijke aanval op de natiestaat hebben ondernomen wil dus niet zeggen dat de Europese bevolkingen daar ook in mee zijn gegaan.
Politieke leiders als Berlusconi in Italië, vader en dochter Le Pen in Frankrijk, Fortuyn, Roemer en Wilders in Nederland, Klaus in Tsjechië, Haider in Oostenrijk, Timo Soini in Finland, Pia Kjaersgaard in Denemarken, en vele andere, hebben allemaal een belangrijk punt gemaakt van het opkomen voor de nationale cultuur en de nationale soevereiniteit, en hebben bewust ‘trots’ tot uitdrukking gebracht in het vertegenwoordigen van hun land. In referenda over de Europese ‘grondwet’ hebben grote delen van de bevolking hun verzet uitgesproken tegen het afstaan van macht die voorheen was toevertrouwd aan nationale regeringen. En op 29 november 2009 stemden de Zwitsers tegen het recht van islamitische immigranten om hun religie te manifesteren op een opzichtige manier, en verboden hun het bouwen van nieuwe minaretten. Het is aannemelijk dat dergelijke referenda in andere Europese landen tot vergelijkbare resultaten zouden leiden (wat ook de reden is dat politici zo huiverig zijn om deze referenda toe te staan).”

 

 1683312-7a96ba735c6cfa2a99eaeb87c576ee71.jpg
Thierry Baudet (Heemstede, 28 januari 1983)

Geschreven door Romenu om 00:00 Reageer op dit bericht

Benjamin von Stuckrad-Barre, Leopold von Sacher-Masoch, Ethan Mordden, Lewis Carroll, Rudolf Geel, Neel Doff

De Duitse schrijver Benjamin von Stuckrad-Barre werd op 27 januari 1975 in Bremen geboren. Zie ook alle tags voor Benjamin von Stuckrad-Barre op dit blog.

Uit: Soloalbum

„...Ich gehöre zum Rest von vielleicht 10 Leuten. Ich kenne niemanden mehr, Christian ist auch weg (WOHIN?), die verbliebenen Männer sind allesamt so Verbindungstrottel mit Uniform und vernarbter Fresse. Der eine guckt mich an, mein Pullover missfällt ihm offenbar. Er ist nicht betrunken, er ist besoffen.
- Ist hier jetzt Pulloverparty, du kleiner Straßenköter?
- Ja, genau, Pulloverparty, aber Fettsäcke mit großem Latinum dürfen auch im Matrosenanzug kommen, das ist kein Problem. Oder hattest Du Probleme reinzukommen?
Das war jetzt ein guter Witz, würde ich sagen, auch angemessen, da er ja angefangen hat usw. Kann ich gleich vergessen diese Argumente, denn jetzt sagt er seinen Freunden Bescheid, so läuft das ja immer. Man muss dann einfach abhauen. Habe ich jetzt verpasst. Ganz so böse meinte ich es auch nicht, im Gegenteil, ich finde es sogar fair, so Verbindungswichsern mal einen objektiven Tip zu geben hinsichtlich ihrer Kleidung, Gesinnung und Lebensführung, denn deshalb sind sie ja in einer Verbindung, um genau dem zu entgehen – das sind in der Schule immer die Dicken oder Stotternden oder Pickligen oder Schüchternen gewesen, die (gleich nach Lego-Technik statt Playmobil) zur Schach AG rannten und dann später froh waren, dass es außer „Actionfilmen“, Toten Hosen-Konzerten, der Zeitschrift P.M. und Stephen King-Büchern noch was gibt...“

 

 1538748-234a515edbdfffe07e19b80d9a716f9a.jpg
Benjamin von Stuckrad-Barre (Bremen, 27 januari 1975)
 

 


De Duitse schrijver Leopold Ritter von Sacher-Masoch werd geboren op 27 januari 1836 in Lemberg. Zie ook alle tags voor Leopold von Sacher-Masoch op dit blog.

Uit: Lola. Geschichten von Liebe und Tod

“Während der Unruhen von 1846 wurden viele Schüler, welche an den Verschwörungen theilgenommen hatten, verhaftet. Unter ihnen befand sich auch ein Gymnasialschüler, der kaum 16 Jahre zählte. Das Gesetz erlaubte nicht, ihn »auf die Festung« zu schicken und er wurde daher zu 30 Ruthenstreichen verurtheilt.
Da tauchte bei Lola der seltsame Gedanke auf, die Vollziehung der Exekution zu übernehmen.
Da sie weder mit Mädchen noch Knaben, welche gestohlen oder sich sonst gemeiner Vergehen schuldig gemacht hatten, etwas zu thun haben wollte, bat sie die Frau des Kerkermeisters inständigst, ihr den jungen Revolutionär zu überlassen.
»Warum nicht!« sagte das junge Weib, »wenn es Ihnen Vergnügen bereitet.«
»Oh! Ja – ein großes Vergnügen!«
»Gut! dieses Vergnügen werden Sie haben; aber mein Mann darf davon nichts wissen, weder er, noch sonst jemand.«
Der junge Schüler, welcher bereits ein männliches Aussehen hatte, wollte sich einer Abstrafung, welche er als schimpflich ansah, nicht unterwerfen. Er begann Widerstand zu leisten, warf sich der Kerkermeisterin zu Füßen, als sie sich in Begleitung zweier kräftiger Zuchthäuslerinnen nahte, um ihm die Hände und Füße zu binden.
»Schlage mich nicht«, bat er mit Thränen in den Augen. »Du würdest mich schimpflichst entehren!«
»Nicht ich werde Dich schlagen« sagte das junge Weib, nachdem sie die Assistentinnen wieder fortgeschickt hatte »ein schönes Fräulein, welches mich um diese Gunst lediglich zu seinem Vergnügen gebeten hat, wird es thun!«
Der arme Junge verstand anfänglich nicht, aber als die Kerkermeisterin ihn in ihre Arme geschlossen und über eine Bank gelegt hatte und Lola in ihrer Kazabaïka mit einer Ruthe in der Hand und einer Maske aus schwarzem Sammet über dem Gesichte vor ihm erschien und ihre Aermel hochschürzte, da bat er neuerdings um Gnade – jedoch vergebens.“

 

 1538748-75ce112ef6616dca756e485b3ced2b3e.jpg
Leopold von Sacher-Masoch (27 januari 1836 – 9 maart 1895)

 

 

De Amerikaanse schrijver Ethan Mordden werd geboren op 27 januari 1947 in Pennsylvania. Zie ook alle tags voor Ethan Mordden op dit blog

Uit: The Passionate Attention of an Interesting Man

“Lloyd’s first piece for the paper discussed the “gourmet” salad bar in the food shop in the new mall. Or, more precisely, what Lloyd discussed was the behavior of its customers as they interacted with the platters of chicken fingers and tortellini and each other. Lloyd’s second piece toured the remodeling of the gym two doors down from the food shop and his third the gym’s grand opening and how the genders inspected each other. He entitled it “Cruising.”
Then came Lloyd’s fourth piece, on the town’s spoiled rich kids—really rich, the heirs and heiresses who seemed to know each other and no one else. Lloyd wrote of their lingo, attitudes, and rituals as if they were his, too. Instantly, Lloyd became a man of local note, recognized and invited. More important, the reading of his column, What State Am I In? went to the top of everybody’s daily activity sheet. Lloyd had to turn his report on rich kids into a series, and he found himself with something rare in the life of a freelance writer: job security.
Lloyd’s editor found Lloyd’s topics perplexing nonetheless. Gyms are something you belong to, not something you read about.
“They’re all alike,” the editor said. “Bicycles and yoga classes, no?”
“The gyms are alike,” Lloyd told him. “The clientele varies. When they’re keyed up and playful, they put a place into spin.”
Lloyd’s ease in the tossing of language made him not only the journalist of the moment but agreeably provincial: a booster of local endeavors. Folks enjoyed hearing that the food shop in their mall rivaled those in your conceited eastern metropolises, or that their gym could pass in California. Lloyd knew how to flatter while maintaining high standards, which was both friendly and impressive of him, and, as his editor had to admit, Lloyd knew How To Be Where.”

 

 1538748-0eb62c179db44a7089b86d8d407cc462.jpg
Ethan Mordden (Pennsylvania, 27 januari 1947)
Cover

 


De Engelse dichter en schrijver Lewis Carroll werd op 27 januari 1832 in Daresbury. Zie ook alle tags voor Lewis Caroll op dit blog.

Uit: Alice in Wonderland

“First, however, she waited for a few minutes to see if she was going to shrink any further: she felt a little nervous about this; 'for it might end, you know,' said Alice to herself, 'in my going out altogether, like a candle. I wonder what I should be like then?' And she tried to fancy what the flame of a candle is like after the candle is blown out, for she could not remember ever having seen such a thing.
After a while, finding that nothing more happened, she decided on going into the garden at once; but, alas for poor Alice! when she got to the door, she found she had forgotten the little golden key, and when she went back to the table for it, she found she could not possibly reach it: she could see it quite plainly through the glass, and she tried her best to climb up one of the legs of the table, but it was too slippery; and when she had tired herself out with trying, the poor little thing sat down and cried.
'Come, there's no use in crying like that!' said Alice to herself, rather sharply; 'I advise you to leave off this minute!' She generally gave herself very good advice, (though she very seldom followed it), and sometimes she scolded herself so severely as to bring tears into her eyes; and once she remembered trying to box her own ears for having cheated herself in a game of croquet she was playing against herself, for this curious child was very fond of pretending to be two people. 'But it's no use now,' thought poor Alice, 'to pretend to be two people! Why, there's hardly enough of me left to make ONE respectable person!'

 

 1538748-ffe5ce68400f3ee56557210c628c0c24.jpg
Lewis Carroll (27 januari 1832 – 14 januari 1898)
Hier met Louisa MacDonald en vier van haar kinderen

 

 

De Nederlandse schrijver Rudolf Geel werd geboren in Amsterdam op 27 januari 1941. Zie ook alle tags voor Rudolf Geel op dit blog.

Uit: Een rinkelend paleis

“Tomas Monterosa werd geboren uit christelijke ouders. Maar eerder dan de gelovigheid en daarin het wantrouwen van deze godsdienst, boeiden hem de dwaasheden en overdadigheid van heidense riten waarvan die eenvoudige mensen geen weet hadden.
Op de dag dat Tomas buitensporig rijk werd door een erfenis die aan zijn vrouw toeviel, wilde hij dit op gepaste wijze vieren. Zijn vrouw wist wat haar te wachten stond, en weigerde het huis te verlaten. Door het plafond drongen etensgeuren (koolraap, varkensvlees) en aan de overkant van de straat schreeuwde de radio een sportverslag. Terwijl Tomas aan zijn aanstaande leven van ledigheid dacht, steeg hem het water in de mond, en onder het licht van de maan stonden obers als knipmessen klaar tot aan de horizon, waarvandaan zachte dinermuziek zijn oor binnensijpelde. Zijn vrouw zette de televisie aan en onmiddellijk na het aangloeien verscheen een gehaktbal. Deze bal groeide, werd elastisch, stuiterde, voorzag zich van publiek, gejuich en voetballers. Tomas schakelde het toestel uit.
Vervolgens gingen zij alsnog de stad in.
Zij aten onder een perzikboom. Tussen de takken hingen snippers zilverpapier om de vogels te verjagen. Dit zilver leek op geld, maar veranderde in waardeloos papier toen Tomas besefte dat de werkelijkheid hem uitlachte om deze armoedige fantasie.
De violist van het orkest kwam achter hen, en zijn gejammer maakte Tomas hulpeloos. En dat met zoveel geld. Het was jammer dat het van zijn vrouw was. Toen hij haar trouwde wist hij dat zij het zou krijgen. Nu was hij vierendertig. Hij had kunstgeschiedenis gestudeerd tot hij er van kotste. Het werd tijd dat hij zijn lijdensweg de rug toekeerde.
- Mijn studie maak ik niet af, zei hij vriendelijk. Dat begrijp je zeker wel?”

 

 1538748-c853e8a8251087f9dc9db12ed87e441e.jpg
Rudolf Geel (Amsterdam, 27 januari 1941)

 

 

De Franstalige, maar oorspronkelijk Nederlandse schrijfster Neel Doff werd geboren in Buggenum op 27 januari 1858. Zie ook alle tags voor Neel Doff op dit blog.

Uit: Keetje Tippel

“En inderdaad, toen ik eenmaal aan de Amstel was, kende ik de weg weer. Bij huis aangekomen trok ik aan het touwtje waarmee de deur openging; ik tuimelde onze kelder binnen, maar toen ik hem zo leeg zag, zo helemaal zonder één levende ziel, werd ik zo bang en bedroefd door wat ik had gedaan, dat ik me op de grond liet zakken en daar bleef huilen en om moeder schreeuwen. ‘Moeder, moeke, waar ben je? Moeketje, kom terug, ik zal het nooit meer doen; ik houd van niemand zoveel als van jou, moedertje, kom toch terug, ik ben je lieve meisje, hoor nou toch. Maar je komt natuurlijk nooit meer, en Hein en Naatje ook niet. Moeder, waar ben je, moeder! Kom terug! Als je niet komt ga ik dood!’
Ik had zo al een hele tijd zitten jammeren toen moeder thuiskwam, verwilderd, onder 't zweet en met de huilende kinderen achter zich aan.

 1538748-2cb30c38d286f2a47a3b166c8350e874.jpg
Scene uit de film “Keetje Tippel” met Monique van de Ven en Rutger Hauer, 1975

 

Ik sprong overeind; zij stortte zich op me om me een pak rammel te geven, maar ik sloeg mijn armen om haar hals, en weerloos omhelsde ze mij toen ook. Allerlei lieve woordjes hakkelend zoenden wij elkaar af, moeder moest ervan hijgen. ‘De kunstenmakers hebben je dus niet meegenomen mijn schatje, mijn Keetje, mijn pareltje, mijn fluwelen duifje.’
De baby krijste; Dirk moest een plasje doen; allemaal balkten ze om eten. Maar moeder hoorde het niet en toen zij tenslotte aan het werk ging, bleef ze haar hand langs mijn hals strijken en ik drukte me stijf tegen haar aan, armen om haar rokken. De hele avond, ook toen zij de baby aan de borst nam, mocht ik op haar ene knie blijven zitten, en ondanks het gemopper van vader stond zij erop dat ik tussen hen beiden in sliep.

 

 1538748-1833ef0d024b965d3628737643b755a4.jpg
Neel Doff (27 januari 1858 – 14 juli 1942)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 27e januari ook mijn blog van 27 januari 2013 deel 1 en ook deel 2 en eveneens deel 3.

Geschreven door Romenu om 18:36 Reageer op dit bericht

Menno ter Braak, Achim von Arnim, Jonathan Carroll, Gerrit Jan Zwier

De Nederlandse schrijver Menno ter Braak werd geboren op 26 januari 1902 in Eibergen. Zie ook alle tags voor Menno ter Braak op dit blog.

Uit: De nieuwe elite

“Terwijl het geraas van den Teutoneninval in Tsjecho-Slowakije mijn ooren nog verdooft, volg ik met een nieuwsgierigheid, die mijzelf bij tijd en wijle pervers lijkt, mijn gedachten over een nieuwe elite: een zeepbel, ‘unzeitgemässe Betrachtungen’, voorbestemd om weggeblazen te worden door de losgebroken orkaan van het bruut geweld. Of... waren alle gedachten, die zich opdrongen tegen het rumoer van den tijd in, misschien ‘unzeitgemäss’? Denken wij niet juist daarom voortdurend na over het probleem van een elite, omdat wij de ‘oude’ elites niet meer kunnen erkennen en de zoogenaamde ‘nieuwe’ (de ‘Massenelite’, volgens een term van Hermann Rauschning) slechts erkennen onder protest van onze geheele persoonlijkheid? In het gedachtenspel is altijd een element van dwaasheid en nutteloosheid, maar nu meer dan ooit; waarom zou men gedachten ten einde denken, als ieder oogenblik het geweld de elementaire voorwaarden tot denken onmogelijk kan maken en daardoor het geheele denken problematisch wordt? Is zelfs de veronderstelling, dat gedachten ‘unzeitgemäss’ kunnen zijn, niet een vorm van romantische hoop op een verwerkelijking, die voor ons nooit komen zal, voor ons, die een oorlog zagen ‘uitbannen’ om twintig jaar later met een totalen oorlog te worden geconfronteerd?... Maar de zeepbel danst, en het protest wordt feller; er is geen keuze, wij moeten denken en ten einde denken.
Er is geen troost te vinden in de befaamde historische parallellen, die altijd opgaan toe zij niet meer opgaan; meer troost biedt dan nog de zeepbel, de geschiedenis is hoogstens een arsenaal van vergelijkingsmateriaal. Zoo kan men een merkwaardig parallelisme constateeren tusschen de Duitsche revolutie van Hitler en de Fransche revolutie van 1789; Golo Mann en Denis de Rougemont hebben onafhankelijk van elkaar dat parallelisme aangewezen.”

 

 1538170-86d83aac9baf6d8e28b6c4462f932d14.jpg
Menno ter Braak (26 januari 1902 - 14 mei 1940)
V.l.n.r. Katia Mann, Menno ter Braak en Thomas Mann bij het Mauritshuis in Den Haag, 1939

 

 

De Duitse dichter en schrijver Achim von Arnim werd geboren in Berlijn op 26 januari 1781. Zie ook alle tags voor Achim von Arnim op dit blog.

 

Ach wenn ich doch ein Täublein wär

Dort oben auf dem Berge,
Da steht ein hohes Haus,
Da fliegen alle Morgen,
Zwey Turteltäublein raus.

Ach wenn ich nur ein Täublein wär!
Wollt fliegen aus und ein,
Wollt fliegen alle Morgen!
Zu meinem Brüderlein.

Ein Haus wollt ich mir bauen,
Ein Stock von grünem Klee,
Mit Buchsbaum wollt ichs decken,
Und rothen Nägelein.

Und wenn das Haus gebauet wär,
Bescheert mir Gott was n’ein,
Ein kleines, kleines Kindelein,
Das soll mein Täublein seyn.

 

 

An einen Boten

Wenn du zu meim Schätzel kommst,
Sag: Ich ließ sie grüßen;
Wenn sie fraget, wie mirs geht?
Sag: auf beyden Füßen.
Wenn sie fraget: ob ich krank?
Sag: ich sey gestorben;
Wenn sie an zu weinen fangt,
Sag: ich käme morgen.

 

Stern

Ich sehe ihn wieder
Den lieblichen Stern.
Er winket hernieder,
Er nahte mir gern;
Er wärmet und funkelt,
Je näher er kömmt,
Die andern verdunkelt,
Die Herzen beklemmt.

Die Haare im Fliegen
Er eilet mir zu,
Das Volk träumt von Siegen,
Ich träume von Ruh',
Die andern sich deuten
Die Zukunft daraus,
Vergangene Zeiten
Mir leuchten ins Haus.

 

 1538170-e1ef792af4ad428e25838e57041e1774.jpg
Achim von Arnim (26 januari 1781 - 21 januari 1831)
Schloss Wiepersdorf in Brandenburg, het geboortehuis van  Achim von Arnim

 

 

De Amerikaanse schrijver Jonathan Carroll werd geboren op 26 januari 1949 in New York. Zie ook alle tags voor Jonathan Carroll op dit blog.

Uit: From the Teeth of Angels

“He and a bunch of other journalists were in Rumania a year before the fall of that government. The living standards were horrible and it was impossible to get a decent meal, even in the supposed best restaurants in Bucharest. But one guy had heard about a place, and they all went. They almost fell over backward when they saw what was offered on the menu. The most exquisite French cuisine—escargots, white truffles, and a wine list that was amazing. What a find! Was this the end of the rainbow? Whatever it was, first they feasted on the possibilities the menu offered, then very carefully made their selections. The waiter nodded and disappeared. They were the only customers in the place but thought that was because the food was obscenely expensive by Rumanian standards. An hour passed but nothing came. They hadn’t even seen the waiter in that time. By then they were getting suspicious. Finally he reappeared, very upset, and said unfortunately none of the things they’d ordered was available tonight. What else would they like? He offered menus and they chose again—lovely second choices. Another hour passed and the same thing happened—no food, no sign of the waiter. When he appeared he told them again he was sorry, but these things were also unavailable tonight. They were on the verge of killing him by now. What was available? He said pork. Pork? That’s all? Yes, that’s it. Why? Why hadn’t he told them that two hours ago and spared them the wait, rather than offering the menu that had them all drooling with anticipation?“

 

 1538170-ffe5ce68400f3ee56557210c628c0c24.jpg
Jonathan Carroll (New York, 26 januari 1949)

 

 

De Nederlandse schrijver Gerrit Jan Zwier werd geboren in Leeuwarden op 26 januari 1947. Zie ook alle tags voor Gerrit Jan Zwier op dit blog.

Uit: Het noordelijk gevoel

"De kapitein heet Kalashnikov, wat niet een geruststellende klank heeft. (....) Onder het dozijn passagiers bevinden zich enige opvallende karakters. Het luidruchtigst is een bejaarde Zwitserse dame op hoge hakken, met een oranje geverfde mond en de scherpe tong van Simon Wiesenthal. Wat Frau Junius op Groenland zoekt, zal voor mij een mysterie blijven. Waarchijnlijk zoekt zij gezelschap. Toch loop ik al gauw met een boog om haar heen, want zij heeft de neiging iedereen in haar omgeving tot dienstpersoneel te degraderen. De één draagt haar tas, een tweede haast zich naar de keuken om daar haar voedingsinstructies door te geven ('Keine Zwiebeln') en een derde biedt haar een arm als ze slingerend en kreetjes slakend over de hellende vloer van de eetzaal op weg is naar haar zitplaats.
'Hoe kan men hier leven?!' zal zij regelmatig uitroepen als het schip ergens het anker uitwerpt.
'Iedereen wil hier toch zeker weg?' is een goede tweede.
'Die arme, arme mensen! De video is een uitkomst voor deze barbaarse omgeving', mag er ook zijn".

 

 1538170-01c5af06bf72201fc30b50c6cc7caad1.jpg
Gerrit Jan Zwier (Leeuwarden, 26 januari 1947)
 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 26e januari ook mijn vorige blog van vandaag en eveneens mijn tweede blog van vandaag.

Geschreven door Romenu om 19:39 Reageer op dit bericht

Bhai, Rudolf Alexander Schröder, François Coppée, Eugène Sue, Jochen Missfeldt

De Surinaamse dichter Bhai (eig.James Ramlall) werd geboren op 26 januari 1935 in het toenmalige district Suriname. Zie ook alle tags voor Bhai op dit blog.

 

ma-beta
(Moeder en Zoon)

Blank
is het rijstveld.
Een slanke vrouw
met bibit in d'r hand

Mááaaa............!

De stilte verbroken;
brokstukken vallen uiteen.
De echo weergalmt,
De luchtzee resoneert,
De blanke watermassa rimpelt,
De bladeren aan de bomen ritselen.
Dan richt de vrouw zich op,
kijkt,
legt de jonge plantjes neer
en glimlacht:
Mijn zoon is thuisgekomen!

 

 

chiriya aur naiya
(Vogel en Schip)

Ik ben een kleine, niet'ge koyal,
gezeten op een amrud-twijg.
De baren van de luchtzee
doen deinen mijn tere weke boot....
Schommel maar mijn scheepje,
dein maar op en neer.
Je lading zal nimmer kantelen,
noch zinken zal ze ooit:
Weet dat jouw lading vleugels heeft!

 

 1538155-9d2b7e464f4a33aa4e7cc997fa087eb5.jpg
Bhai (District Suriname, 26 januari 1935)

 

 

De Duitse dichter en schrijver Rudolf Alexander Schröder werd geboren op 26 januari 1878 in Bremen. Zie alle tags voor Rudolf Alexander Schröder op dit blog.

 

Sonett an eine Verstorbene

An jedem Tage gibt's ein Abschiednehmen;
Und irgend etwas, das uns angehört,
Wird jeden Augenblick für uns zerstört
Und wandelt hin zu den vergessenen Schemen.

Wohl, über dieses soll sich keiner grämen,
Weil immer auch ein Neues uns betört;
Und kein Verlassen ist so unerhört,
Dem wir uns nicht zu guter Letzt bequemen.

So gehn auch wir, und lassen alle Welt
Und sind nicht mehr; und jenes Wort: Gewesen
Erklingt von uns, wie wir's von vielem sagen.

Doch daß auch du dich denen zugesellt,
Von denen wir nur noch den Namen lesen,
Mein Herze will das nicht, und will's nicht tragen!

 

 

Im Dunkeln tret ich gern hinaus

Im Dunkeln tret ich gern hinaus,
die Sterne schaun zur Nacht,
sie halten über jedem Haus
vieltausendfält’ge Wacht.

Vieltausendfalt die schöne Schar,
die gleiche je und je
und führt mich durch das runde Jahr
wie meine Väter eh.

Da such ich, den ich nie gesehn,
den Einen für und für,
ob er mir winke nachzugehn
bis vor Marien Tür.

 

 1538155-da27cce5fc18e86d58f2cd1340d98913.jpg
Rudolf Alexander Schröder (26 januari 1878 – 22 augustus 1962)
Hier met  Paul Celan (links) in Bremen, 1958

 

 

De Franse dichter en schrijver François Coppée werd geboren op 26 januari 1842 in Parijs. Zie ook alle tags voor François Coppée op dit blog.

 

Décembre

Le hibou parmi les décombres
Hurle, et Décembre va finir ;
Et le douloureux souvenir
Sur ton coeur jette encor ses ombres.

Le vol de ces jours que tu nombres,
L'aurais-tu voulu retenir ?
Combien seront, dans l'avenir,
Brillants et purs ; et combien, sombres ?

Laisse donc les ans s'épuiser.
Que de larmes pour un baiser,
Que d'épines pour une rose !

Le temps qui s'écoule fait bien ;
Et mourir ne doit être rien,
Puisque vivre est si peu de chose.

 

Juin

Dans cette vie ou nous ne sommes
Que pour un temps si tôt fini,
L'instinct des oiseaux et des hommes
Sera toujours de faire un nid ;

Et d'un peu de paille ou d'argile
Tous veulent se construire, un jour,
Un humble toit, chaud et fragile,
Pour la famille et pour l'amour.

Par les yeux d'une fille d'Ève
Mon coeur profondément touché
Avait fait aussi ce doux rêve
D'un bonheur étroit et caché.

Rempli de joie et de courage,
A fonder mon nid je songeais ;
Mais un furieux vent d'orage
Vient d'emporter tous mes projets ;

Et sur mon chemin solitaire
Je vois, triste et le front courbé,
Tous mes espoirs brisés à terre
Comme les oeufs d'un nid tombé.

 

 1538155-2d2d63ba5f34a0de4c284b011a6a2c3d.jpg
François Coppée (26 januari 1842 – 23 mei 1908)
In zijn werkkamer, 1908

 

 

De Franse schrijver Eugène Sue zou geboren zijn op 26 januari 1804. Zie alle tags voor Eugène Sue op dit blog

Uit: Les mystères de Paris

“Un tapis-franc, en argot de vol et de meurtre, signifie un estaminet ou un cabaret du plus bas étage.
Un repris de justice, qui, dans cette langue immonde, s'appelle un ogre, ou une femme de même dégradation, qui s'appelle une ogresse, tiennent ordinairement ces tavernes, hantées par le rebut de la population parisienne; forçats libérés, escrocs, voleurs, assassins y abondent.
Un crime a-t-il été commis, la police jette, si cela se peut dire, son filet dans cette fange; presque toujours elle y prend les coupables.
Ce début annonce au lecteur qu'il doit assister à de sinistres scènes; s'il y consent, il pénétrera dans des régions horribles, inconnues; des types hideux, effrayants, fourmilleront dans ces cloaques impurs comme les reptiles dans les marais.
Tout le monde a lu les admirables pages dans lesquelles Cooper, le Walter Scott américain, a tracé les mœurs féroces des sauvages, leur langue pittoresque, poétique, les mille ruses à l'aide desquelles ils fuient ou poursuivent leurs ennemis.
On a frémi pour les colons et pour les habitants des villes, en songeant que si près d'eux vivaient et rôdaient ces tribus barbares, que leurs habitudes sanguinaires rejetaient si loin de la civilisation.
Nous allons essayer de mettre sous les yeux du lecteur quelques épisodes de la vie d'autres barbares aussi en dehors de la civilisation que les sauvages peuplades si bien peintes par Cooper.
Seulement les barbares dont nous parlons sont au milieu de nous; nous pouvons les coudoyer en nous aventurant dans les repaires où ils vivent, où ils se rassemblent pour concerter le meurtre, le vol, pour se partager enfin les dépouilles de leurs victimes.”

 

 1538155-0d7f24a50830111aff6c4e1e6f2af298.jpg
Eugène Sue (26 januari 1804 – 3 augustus 1857)
Scene uit de gelijknamige film met o.a. Jean Marais en Dany Robin, 1962

 

 

De Duitse dichter en schrijver Jochen Missfeldt werd geboren op 26 januari 1941 in Satrup. Zie ook alle tags voor Jochen Missfeldt op dit blog.

Uit:Du graue Stadt am Meer. Der Dichter Theodor Storm in seinem Jahrhundert

„Was Storm und die Poesie angeht: In der Hansestadt Lübeck hat er vom Baum der Erkenntnis gegessen, in Altona an der Elbe bringt sie ihn in ihre Gewalt. In Gestalt eines unschuldigen Kindes tritt sie ihm entgegen, und Storm nutzt die Weihnachtsbescherung von 1836, um das eigene Poeten-Ich zu beleuchten und besser zu erkennen. Wir hören, an die Adresse eines Kindes gerichtet, leidenschaftliche Liebeslieder, Gesänge der Sinnlichkeit und des heftigen Begehrens.
Wer war dieses Kind? Bertha von Buchan wurde am 1. Februar 1826 in Rumburg (tschechisch: Rumburk) geboren. Heute liegt der Ort unmittelbar am deutsch-tschechischen Grenzübergang Seifhennersdorf. Die katholische Adelsfamilie von Buchan stammte aus Böhmen. Berthas böhmische Herkunft mag auf Storm einen besonderen Reiz ausgeübt haben. »Böhmen«, das klingt immer noch nach Musik, von daher kamen wanderndes Volk, Zitherspieler und Harfenmädchen.
Berthas Vater Eduard von Buchan hatte ein ansehnliches Erbteil erhalten, eine segensreiche Erziehung und Ausbildung legten ihm einen günstigen Grund; er wurde ein tüchtiger Geschäftsmann, der sich für Kunst und Kunsthandel interessierte. Berthas Mutter starb bald nach der Geburt des Kindes. Da Buchan seine Tochter nicht der frommen, katholischen Verwandtschaft seiner Frau zur Erziehung überlassen wollte, gab er sie in andere Hände, nach Hamburg, wo er oft in Geschäftsangelegenheiten gewesen war. Therese Rowohl (1782–1879) hieß die Pflegemutter, sie sollte Bertha im protestantischen Sinne erziehen, und er wollte dafür gut zahlen.
Auf einer farbigen Miniatur von 1833, Bertha ist sieben Jahre alt, sieht man das Kind zurechtgemacht als Erwachsene, in einem rosafarbigen, eng anliegenden, fast schulterfreien Kleid mit Puffärmeln.“

 

 1538155-670d17b72c18265784af38e5a5d17ab8.jpg
Jochen Missfeldt (Satrup, 26 januari 1941)
Cover

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 26e januari ook mijn vorige blog van vandaag.

Geschreven door Romenu om 19:38 Reageer op dit bericht

Philip José Farmer, Alfons Paquet, Lode Baekelmans, Jan van Hoogstraten, Delphine Gay, Sabino Arana Goiri

De Amerikaanse schrijver Philip José Farmer werd geboren in North Terre Haute (Indiana) op 26 januari 1918. Zie ook alle tags voor Philip José Farmer op dit blog.

Uit: To Your Scattered Bodies Go

“Slowly, he turned over in a somersault. Then the resistance halted him with his fingertips about six inches from the rod. He straightened his body out and moved forward a fraction of an inch. At the same time, his body began to rotate on its longitudinal axis. He sucked in air with a loud sawing noise. Though he knew no hold existed for him, he could not help flailing his arms in panic to try to seize onto something.
Now he was face "down," or was it "up"? Whatever the direction, it was opposite to that toward which he had been looking when he had awakened. Not that this mattered. "Above" him and "below" him the view was the same. He was suspended in space, kept from falling by an invisible and unfelt cocoon. Six feet "below" him was the body of a woman with a very pale skin. She was naked and completely hairless. She seemed to be asleep. Her eyes were closed, and her breasts rose and fell gently. Her legs were together and straight out, and her arms were by her side. She turned slowly like a chicken on a spit.
The same force that was rotating her was also rotating him. He spun slowly away from her, saw other naked and hairless bodies, men, women, and children, opposite him in silent spinning rows. Above him was the rotating naked and hairless body of a Negro.”

 

 1538147-aabf55ff73b482bd162d67a3de14984a.jpg
Philip José Farmer (26 januari 1918 - 25 februari 2009)

 

 

De Duitse dichter, schrijver en journalist Alfons Paquet werd geboren op 26 januari 1881 in Wiesbaden. Zie ook alle tags voor Alfons Paquet op dit blog.

Uit: Im kommunistischen Rußland. Briefe aus Moskau

„In Wilna geht ein Alltag zu Ende, voll Gewöhnung an das Leiden, vom Schicksal abseits gestellt zu sein, bis eines Tages das Weitere geschehen wird. Die bronzene Kaiserin Katharina, nach rascher Eroberung einst Herrin dieser Stadt, hat sich nach unbekanntem Ort begeben. Die rötlichen Marmorquadern ihres Denkmals klaffen, kunstgerecht zerlegt, vor den Laubkulissen der öffentlichen Anlage. Volk ist über die warmen Straßen ausgeschüttet, bäuerlich langsam geht es einher, oder steht bettlerhaft vor Kircheneingänge hingepflanzt oder kleinhandelsmäßig in Läden beschäftigt. Landsturmleute mit gelben Blasinstrumenten gehen durch Geschäftsstraßen in der Richtung auf das Kasino. Aus oberen Stockwerken bellen Grammophone. Ein ländlich gebogener Fluß in hängenden Ufern umschimmert Flöße, gibt Anglern ihr dunkles Spiegelbild. Die weiße Kathedrale, griechisch und barock, bewacht den weiten Platz vor dunkel dämmernden Bäumen des Stadtgartens. Die Kirchen zeigen viel Eigentümlichkeit des Ortes. Die eine ist von kniendem Volk gefüllt, die Schellen vor dem Altar erklingen, der Weihrauch webt gewaltig duftend über die Köpfe hin, die Herzen werden kindUchin einem schmachtenden, in süße Terzen gefesselten Gesang. Vor den Stufen der anderen Kirche halten Droschken. Roter Laufteppich, offene Tür, elektrische Lichter, verhüllte Fahnen. Die in sich beschäftigte Gruppe einer Trauung: der Priester und das junge Paar, alle ein wenig bohemehaft, von kleinstädtischen Mädchen atemlos umstarrt. Im unsichtbaren Chor von der Orgel herab führt eine Frauenstimme, klar und durchdringend, die frohe altitalienische Melodie immer und immer einen fatalen halben Ton zu hoch.
Aus dem alten Eisenbahnwagen, zwischen eingeschlafenen Offizieren, sehe ich im schwachen Licht der Mitternacht die Stellungen der alten fürchterlichen Front bei Smorgon, wo vor einem Jahr der letzte Ansturm der russischen Massen ankam und zusammenbrach. Zwei Uhr nachts, es ist kühl, auf dem punktweise von starken Laternen beleuchteten Bahnhof von Molodetschno verteilen sich die Ankömmlinge auf Anschlußzüge. Ein langer russischer Zug, ohne Lichter, steht finster da“.

 

 1538147-02a25b04cd75d5918b16632d6c278813.jpg
Alfons Paquet (26 januari 1881 – 8 februari 1944)
In 1908

 

 

De Vlaamse schrijver Lode Baekelmans werd geboren in Antwerpen op 26 januari 1879. Zie ook alle tags voor Lode Baekelmans op dit blog.

Uit: Athenaeumtijd

“- 't Zal plezant zijn!
- Laat ons het bestuur maar kiezen.
- De Waal wordt Voorzitter, besliste de Snuggere, Willem Secretaris en ik Schatbewaarder...
- Ja maar, weifelde een.
- Zoo moet het zijn, steunde ook de Zeeman, ik word Ondervoorzitter en de ‘Scherpe’ Raadsman... We betalen vijf eens contributie per maand te beginnen van vandaag!
- Maar mijn cens zijn op, bekende de Schatbewaarder.
- Dat is niks, zei de Zeeman, ik zal u vijf eens leenen tot Zondag.
- 't Is goedgekeur, besloot de Voorzitter, Willem zal de reglementen maken ... maar een maatschappij moet hebben een naam.
- De lustige Jongens, bedacht de Scherpe.
- Neen, meende de Voorzitter.
- De jonge Strijders...
- Jong maar moedig!
- De jonge Klauwaerts...
- Licht immer Licht! verzon Willem.
- 't Is 'n schoon titel, oordeelde de Voorzitter, 't is veur de strijd veur de onderwijs.
- Licht immer Licht, stemde de Snuggere in, alleman vijf eens... En al de mannen van de klas moeten lid worden, behalve Piet want die kreeg een buis! En zonder diploma geen lid...
- Dat moet in het reglement geschreven worden, eischte de Zeeman.”

 

 1538147-b59f5f69494cc0f5074e35c4ab070126.jpg
Lode Baekelmans (26 januari 1879 - 11 mei 1965)

 

 

De Nederlandse dichter Jan van Hoogstraten werd geboren in Rotterdam op 26 januari 1662. Zie ook alle tags voor Jan van Hoogstraten op dit blog.

 

Zang

1.
Na de wijze van den XXXVII. Psalm.
't Word eenmaal tijd, den doolhof uit te treden,
Die hier op aard den blinden mens verleyt;
De Ziel te ontslaan van snoo genegentheden,
En Gode 't hart op te offeren, bereyt
Den weg des heils, hoe zeer van ramp bestreden,
Te zoeken om 't genot der zaligheyt.

2
Gun ons, ô Heer, met lust, in die gedagten
Te streven naar het allerhoogste goed,
Om uwe liefde al 't aardse te veragten,
Al 's werrelts lust te treden met de voet!
Zoo mogen we eens gerust ons heil betragten,
Van 't kwaad verlost, dat elk hier dolen doet.

 

 1538147-619f06d9a08d3c60886d930b26ac565a.jpg
Jan van Hoogstraten (26 januari 1662 – 28 juli 1736)
Rotterdam, de Wester Nieuwe Hoofdpoort oftewel de Witte Poort in de 17e eeuw

 

 

De Franse dichteres en schrijfster Delphine Gay werd geboren op 26 januari 1804 in Aken. Zie ook alle tags voor Delphine Gay op dit blog.

Uit:À ma mère (Fragment)

En vain dans mes transports ta prudence m’arrête ;
Ma mère, il n’est plus temps ; tes pleurs m’ont fait poète !
Si j’ai prié le Ciel de me les révéler,
Ces chants harmonieux, c’est pour te consoler.
D’un tel désir pourquoi me verrais-je punie ?
Les maux que tu prédis ne sont dus qu’au génie ;
À d’illustres malheurs, va, je n’ai pas de droits :
Quel cri peut s’élever contre une faible voix ?
Vit-on jamais les chants d’une muse pieuse
Exciter les clameurs de la haine envieuse !
Non, l’insecte rongeur qui s’attache au laurier
Épargne en son dédain la fleur de l’églantier.
Ah ! de la gloire un jour si l’éclat m’environne,
Comme une autre parure acceptant sa couronne,
Je dirai : « Son éclat sur toi va rejaillir ;
Aux yeux de ce qu’on aime elle va m’embellir. »
À ce cruel destin, hélas ! me faut-il croire ?
Pourquoi me fuirait-on ? Le flambeau de la gloire,
Dont la splendeur effraye et séduit tour à tour,
N’est qu’un phare allumé pour attirer l’amour ;
Qu’il vienne !… Sans regret et changeant de délire,
Au pied de ses autels j’irai briser ma lyre ;
Mais dois-je désirer ce bonheur dangereux ?

 

 1538147-0904683e116e8de9e7deb7314fcadda3.jpg
Delphine Gay (26 januari 1804 – 29 juni 1855)
Lithografie naar Caecilie Brandt, ca 1860

 

 

De Baskische schrijver en politicus Sabino de Arana y Goiri werd geboren op 26 januari 1865 in Bilbao. Zie ook alle tags voor Sabino Arana Goiri op dit blog.

Uit: Que Somos (What are we?)

“The physiognomy of the Bizkaian is intelligent and noble; that of the Spaniard inexpressive and gloomy. The Bizkaian walks upright and manly; the Spaniard... has a feminine air (example, the bullfighter).
The Bizkaian is energetic and agile; the Spaniard lax and dull. The Bizkaian is intelligent and skillful in any type of task; the Spaniard lacks intelligence and ability for even the simplest of jobs. The Bizkaian is hardworking (witness his slopes cultivated to the hilltops); the Spaniard is lazy and slothful (witness his immense plains absolutely devoid of vegetation). The Bizkaian’s character degenerates through contact with the outsider; the Spaniard needs from time to time a foreign invasion to civilize him.”

 

 1538147-3867321d973461a0252bb0eb28c2444c.jpg
Sabino Arana Goiri (26 januari 1865 – 25 november 1903)
In de Larrínaga gevangenis, 1895

Geschreven door Romenu om 19:38 Reageer op dit bericht

Am dritten Sonntage nach Heilige Drei Könige (Annette von Droste-Hülshoff)

 

Am dritten Sonntage nach Heilige Drei Könige

 

 

 1538140-eab8e471bc921e238a916d0f701d11df.jpg
Jezus geneest een melaatse door Jean-Marie Melchior Doze, 1864

 

 

Am dritten Sonntage nach Heilige Drei Könige
Evang.: Vom Aussätzigen und Hauptmann

"Geh hin, und dir gescheh, wie du geglaubt!"
Ja, wer da glaubt, dem wird sein Heil geschehen;
Was aber ihm, dem in verborgnen Wehen
Das Leben hat sein Heiliges geraubt?

Herr, sprich ein Wort, so wird dein Knecht gesund!
Herr, sprich das Wort, ich kann ja nichts als wollen;
Die Liebe kann das Herz dir freudig zollen,
Der Glaube wird ja nur als Gnade kund!

Wie kömmt es, da ich dich am Abend rief,
Da ich am Morgen ausging dich zu finden,
Daß du in Lauheit und des Zweifels Sünden
Mich sinken ließest, tiefer stets und tief?

Ist nicht mein Ruf in meiner höchsten Not
Zu dir empor geschollen aus der Tiefe?
Und war es nicht, als ob ich Felsen riefe?
Indes mein Auge stets von Tränen rot.

Verzeih, o Herr, was die Bedrängnis spricht!
Ich habe dich doch oft und süß empfunden,
Ich war ja Eins mit dir zu ganzen Stunden,
Und in der Not gedacht' ich dessen nicht!

Und ist mir nun, als sei ich ganz allein
Von deinem weiten Gnadenmahl verloren,
Der ausgesperrte Bettler vor den Toren:
O Gott, die Schuld ist doch gewißlich mein!

Fühlt' ich in Demut, wie ich nimmer wert,
Daß ich dein Wort in meinem Geist empfangen,
Daß meine Seufzer an dein Ohr gelangen,
Daß meine Seele dich erkennt und ehrt?

Mein Herr, gedenke meiner Sünden nicht!
Wie oft hab' ich auf selbstgewähltem Pfade
Geschrien im Dunkel, Gott, um deine Gnade
Wie um ein Recht und wie um eine Pflicht!

O hätt' ich ihre Gaben nicht versäumt,
Hätt' ich sie nicht zertreten und verachtet!
Ich stände nicht so grauenvoll umnachtet,
Daß das entfloh'ne Licht mir wie geträumt.

Wie oft ist nicht, noch eh' die Tat geschah,
Die als Gedanke lüstern mich umflogen,
In milder Warnung still vorbeigezogen
Dein Name mir, dein Bild auf Golgatha!

Und wenn ich nun mich frevelnd abgewandt,
Die Sünde, die ich klar erkannt begangen,
Wie hast du dann in reuigem Verlangen
Nicht oft in meiner Seele nachgebrannt!

Ach, viel und schwere Sünden übt' ich schon,
Noch mehr der Fehle, klein in ihren Namen,
Doch groß in der Verderbnis tiefstem Samen,
Taub für des jammernden Gewissens Ton!

Nun ist mir endlich alles Licht dahin
Und öfters deine Stimme ganz verschollen;
Doch wirf mich, o du siehst, ich kann noch wollen,
Nicht zu den Toten, weil ich lebend bin!

Mein Jesu, sieh, ich bin zu Tode wund
Und kann in der Zerrüttung nicht gesunden!
Mein Jesu, denk' an deine bittern Wunden
Und sprich ein Wort, so wird dein Knecht gesund!

 

 

 1538140-c209bff2132eabb03e8f600712606d92.jpg
Annette von Droste-Hülshoff (10 januari 1797 – 24 mei 1848)
Haus Rüschhaus, waar Anette vanaf 1826 woonde, van boven gezien

Geschreven door Romenu om 19:37 Reageer op dit bericht

Jos van Daanen

De Nederlandse dichter en schrijver Jos van Daanen werd geboren op 26 januari 1959 in Kerkrade.Na het behalen van zijn vwo-diploma studeerde hij Nederlandse taal- en letterkunde en Algemene Literatuurwetenschap in Nijmegen. Gedichten van hem verschenen onder andere in Gierik & Nieuw Vlaams Tijdschrift, Krakatau, Op Ruwe Planken en in gelegenheidsbundels. Ook geeft hij regelmatig acte de présence met zijn gedichten bij diverse poëziepodia.

 

Tot er woorden waren, waren we niets

In het bladstil, in het oranje waar zon en maan
de schemering bedrijven, in de blik van glurend fauna
en de klamme veeg van klossend water over griend
zijn we opgestaan.

We schepten loof en legden op- en ondergang
op linnen vast. Jij zat in alle kleuren en ik schiep koffie,
sigaretten om het ruwe leven af te dwingen. Samen
gaven we licht.

Maar tot er woorden waren, waren we niets, en zelfs nu
zijn we nauwelijks. We zijn nog maar amper
goden in het spel, te druk met het wijzigen
van de regels.

 

 1545353-1ad871f3e73004431fb079135e299e66.jpg
Jos van Daanen (Kerkrade, 26 januari 1959)

Geschreven door Romenu om 00:00 Reageer op dit bericht

Renate Dorrestein, William S. Maugham, Virginia Woolf, Stephen Chbosky, David Grossman, J. G. Farrell

De Nederlandse schrijfster Renate Dorrestein werd geboren in Amsterdam op 25 januari 1954.Zie ook alle tags voor Renate Dorrestein op dit blog. Renate Dorrestein viert vandaag haar 60e verjaardag.

Uit: Een hart van steen

“Het liep tegen het einde van de zomervakantie; ik weet het nog precies. Elke avond zaten er dikke, taaie teken tussen je tenen die je er volgens Billie tegen de klok in uit moest draaien, anders kreeg je de ziekte van Lyme. We hadden die dag bosbessen geplukt, onze tanden waren er nog blauw van. Alleen Kester had de zijne gepoetst. Mijn broer was de laatste tijd in een verbeten gevecht verwikkeld met het vuil van de wereld. Hij waste elke dag zijn oksels en zijn gezicht, maar hij bleef stinken en hij zag er altijd uit als een beduimelde oude krant. Om hem te laten merken dat het mij niets uitmaakte, ging ik onder het lezen af en toe even tegen hem aan hangen.
Hij zat met gekruiste benen op zijn rode sprei, de voeten onder zich getrokken. Hij had sinds kort stugge zwarte haren op zijn tenen, waarvoor hij zich doodschaamde.
Hij wachtte de afloop van Batman niet af, maar pakte Billies vijl van de vloer en begon ermee onder zijn nagels te peuteren.
Onze bedden stonden tegen de vier muren geschoven:
we hadden allemaal ons eigen domein. Soms, als we ruzie hadden, trokken we met krijtstrepen op de plankenvloer om ons gebied af te bakenen, of we legden gore, weke vondsten uit de vijver bij elkaar onder de lakens.
‘Zou het nog lang duren?’ zei Billie terwijl ze naast me kwam zitten.
Kester boog de vijl met zijn duim achterover en liet hem toen met een zoevend geluid in haar richting schieten.
‘Moeten we geen water koken?’
‘We zitten hier niet op de High Chaparall,’ zei mijn zuster. Ze krabde verveeld aan haar kuit.
We zaten een tijdje zwijgend bijeen, te moe om nieuwe afleiding te verzinnen. Ten slotte zei Kes: ‘Je hoeft niet van me te houden, Scarlett, maar kus me.’

 

 1537480-d390c75c8667d8204eee5567f4de5189.jpg
Renate Dorrestein (Amsterdam, 25 januari 1954)

 

 

De Engelse schrijver William Somerset Maugham werd geboren in Parijs op 25 januari 1874. Zie ook alle tags voorWilliam Somerset Maugham op dit blog.

Uit: The Moon and Sixpence

“Each one of us is alone in the world. He is shut in a tower of brass, and can communicate with his fellows only by signs, and the signs have no common value, so that their sense is vague and uncertain. We seek pitifully to convey to others the treasures of our heart, but they have not the power to accept them, and so we go lonely, side by side but not together, unable to know our fellows and unknown by them. We are like people living in a country whose language they know so little that, with all manner of beautiful and profound things to say, they are condemned to the banalities of the conversation manual. Their brain is seething with ideas, and they can only tell you that the umbrella of the gardener's aunt is in the house.”
(…)

“Why should you think that beauty, which is the most precious thing in the world, lies like a stone on the beach for the careless passer-by to pick up idly? Beauty is something wonderful and strange that the artist fashions out of the chaos of the world in the torment of his soul. And when he has made it, it is not given to all to know it. To recognize it you must repeat the adventure of the artist. It is a melody that he sings to you, and to hear it again in your own heart you want knowledge and sensitiveness and imagination.”
(…)

“For men, as a rule, love is but an episode which takes place among the other affairs of the day, and the emphasis laid on it in novels gives it an importance which is untrue to life. There are few men to whom it is the most important thing in the world, and they are not the very interesting ones; even women, with whom the subject is of paramount interest, have a contempt for them.”

 

 1537480-03f80fb2b51030894909db7e7d06ac5f.jpg
William Somerset Maugham (25 januari 1874 – 16 december 1965)
Portret door Edouard MacAvoy, z.j.

 

 

De Engelse schrijfster Virginia Woolf werd geboren op 25 januari 1882 te Londen. Zie ook alle tags voor Virginia Woolf op dit blog.

Uit:To the Lighthouse

"It's due west," said the atheist Tansley, holding his bony fingers spread so that the wind blew through them, for he was sharing Mr. Ramsay's evening walk up and down, up and down the terrace. That is to say, the wind blew from the worst possible direction for landing at the Lighthouse.
Yes, he did say disagreeable things, Mrs. Ramsay admitted; it was odious of him to rub this in, and make James still more disappointed; but at the same time, she would not let them laugh at him. "The atheist," they called him; "the little atheist." Rose mocked him; Prue mocked him;
Andrew, Jasper, Roger mocked him; even old Badger without a tooth in his head had bit him, for being (as Nancy put it) the hundred and tenth young man to chase them all the way up to the Hebrides when it was ever so much nicer to be alone.
"Nonsense," said Mrs. Ramsay, with great severity. Apart from the habit of exaggeration which they had from her, and from the implication (which was true) that she asked too many people to stay, and had to lodge some in the town, she could not bear incivility to her guests, to young men in particular, who were poor as churchmice, "exceptionally able," her husband said, his great admirers, and come there for a holiday. Indeed, she had the whole of the other sex under her protection; for reasons she could not explain, for their chivalry and valour, for the fact that they negotiated treaties, ruled India, controlled finance; finally for an attitude towards herself which no woman could fail to feel or to find agreeable, something trustful, childlike, reverential; which an old woman could take from a young man without loss of dignity, and woe betide the girl--pray Heaven it was none of her daughters!--who did not feel the worth of it, and all that it implied, to the marrow of her bones!”

 

 1537480-f14d729fb4ae8c8543b354bb2547d144.jpg
Virginia Woolf (25 januari 1882 – 28 maart 1941)
In 1926

 

 

De Amerikaanse schrijver en regisseur Stephen Chbosky werd geboren op 25 januari 1970 in Pittsburgh, Pennsylvania. Zie ook alle tags voor Stephen Chbosky op dit blog.

Uit: The Perks of Being a Wallflower

“Once on a yellow piece of paper with green lines
he wrote a poem
And he called it "Chops"
because that was the name of his dog

And that's what it was all about
And his teacher gave him an A
and a gold star
And his mother hung it on the kitchen door
and read it to his aunts
That was the year Father Tracy
took all the kids to the zoo

And he let them sing on the bus
And his little sister was born
with tiny toenails and no hair
And his mother and father kissed a lot
And the girl around the corner sent him a
Valentine signed with a row of X's

and he had to ask his father what the X's meant
And his father always tucked him in bed at night
And was always there to do it

Once on a piece of white paper with blue lines
he wrote a poem
And he called it "Autumn"

 

 1537480-736077b48a73c8d3d0d33c9e29ec5c56.jpg
Stephen Chbosky (Pittsburgh, 25 januari 1970)

 

 

De Israëlische schrijver David Grossman werd geboren op 25 januari 1954 in Jeruzalem. Zie ook alle tags voor David Grossman op dit blog.

Uit: Uit de tijd vallen (Vertaald door Ruben Verhasselt)

“stadschroniqueur: Als ze ’s avonds aan tafel zitten te eten, verandert plots het gezicht van de man. Met een bruuske beweging schuift hij het bord van zich weg. Messen en vorken rammelen op tafel. Hij staat op en lijkt niet te weten waar hij is. De vrouw schrikt terug op haar stoel. Zijn blik zweeft om haar heen zonder houvast te vinden en zij – ze is al eens eerder getroffen door een ramp — voelt meteen aan: daar is het weer, het raakt me al aan, zijn koude vingers op mijn lippen. Maar wat is er gebeurd? vraagt haar blik, en de man kijkt haar verbijsterd aan —

— Ik moet weg.
— Waarheen?
— Naar hem.
— Waarheen?
— Naar hem, daarheen.
— Naar de plek waar het gebeurd is?
— Nee, nee. Daarheen.
— Wat bedoel je met daar?
— Weet ik niet.
— Je maakt me bang.
— Nog één keer hem even zien.
— Maar wat zul je daar nu zien? Wat valt er nog te zien?
— Misschien kan ik hem daar zien. Misschien zelfs met hem praten.
— Praten?!

 

 1537480-2b88a4d28f8084a1e3a17735eb7e0a5d.JPG
David Grossman (Jeruzalem, 25 januari 1954)

 

 

De Iers-Britrse schrijver James Gordon Farrell werd geboren op 25 januari 1935 in Liverpool. Zie ook alle tags voor J. G. Farrell op dit blog.

Uit: Troubles

“The Irish, as far as he knew, had always had a habit of making trouble.  That was in the nature of things.  As for the aim of their unruly behaviour, self-government for Ireland, that seemed quite absurd.  What could be the advantage to the Irish themselves?  They were so ill-educated that they could not possibly hope to gain anything from it.  The English undoubtedly knew more about running the country.
(…)

Watching him climb the stairs towards his patient was like watching the hands of a clock: he moved so slowly that he might not have been moving at all.  One day the Major saw him on his way upstairs, clinging to the banister as a snail clings to the bark of a tree.  After he had smoked a cigarette and glanced through the newspaper he happened to pass through the foyer again and there was the doctor, still clinging to the banister and still apparently not moving, but nevertheless much nearer to the top.  The Major shook his head and hoped that it was not an emergency.”

 

 1537480-595c9b4addeb0806ba37cbafe5b8fe6f.jpg
J. G. Farrell (25 januari 1935 – 11 augustus 1979)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 25e januari ook mijn vorige blog van vandaag en eveneens mijn eerste blog van vandaag.

Geschreven door Romenu om 13:23 Reageer op dit bericht

Alessandro Baricco, Stefan Themerson, Jozef Slagveer, Paavo Haavikko, Robert Burns, Vladimir Vysotsky

De Italiaanse schrijver Alessandro Baricco werd geboren op 25 januari 1958 in Turijn. Zie ook alle tags voor Alessandro Baricco op dit blog.

Uit: City (Vertaald door Ann Goldstein)

“It was Shatzy's voice. It came from outside the door. The bathroom door.
"I'm coming, I'm coming."
Music of flushing. Tap on. Tap off. Pause. Door opens.
"They've been waiting half an hour for you."
"I'm coming."
Some people from the local TV station had come to Gould's house. They wanted to do a feature for the Friday evening special. Title: Portrait of a Child Genius. They had set up the camera in the living room. What they had in mind was a half-hour interview. They counted on working up a sad story of a boy condemned by his intelligence to solitude and success. Its brilliance lay in their having found someone whose life was a tragedy not because he was terribly unfortunate but, on the contrary, because he was terribly fortunate. If it wasn't exactly brilliant at least it seemed like a good idea.
Gould sat on the sofa, in front of the camera. Poomerang was beside him, also sitting. Diesel didn't fit on the sofa, so he sat on the floor, although it took him a while to get there. And then it wasn't clear how he would ever get up. Anyway. They arranged the microphones and turned on the spots. The interviewer smoothed her skirt over her crossed legs.”

 

 1537464-a0b0902b350a5f48f224a3154b6d5076.jpg
Alessandro Baricco (Turijn, 25 januari 1958)

 

 

De Pools-Britse dichter, schrijver, filmmaker, componist en filosoof Stefan Themerson werd geboren in Płock op 25 januari 1910. Zie ook alle tags voor Stefan Themerson op dit blog.

Uit:The Mystery of the Sardine

“You don’t want to see the mystery. And this place is full of mysteries, Madame. One would need a Simenon to unravel all the coincidences. . . . Pardon? Sherlock Holmes? Oh, no, Madame. Your Sherlock Holmes is a puppet made of papier mache, Madame. One could rewrite his stories to show that he always points out the wrong suspect and lets the real criminal go scot-free. No, no. Sherlock Holmes doesn’t understand a thing. Especially women. And if you don’t like Simenon, Madame, then perhaps Zola? Maupassant? Mauriac? Or, pourquoi pas? Racine? Corneille? Unless you prefer your Father Brown, Chesterton I mean, or do you find the comparison outrageous? Yet, wouldn’t he—Simenon, I mean—wouldn’t he be the best man to explain why she didn’t cry?”

 

 1537464-ab859999981f2ab3ac34a7612eaceea5.jpg
Stefan Themerson (25 januari 1910 - 6 september 1988)
Hier met zijn vrouw, de beeldend kunstenaar Franciszka Themerson

 

 

De Surinaamse dichter en journalist Jozef Hubert Maria Slagveer werd geboren in Totness op 25 januari 1940. Zie ook alle tags voor Jozef Slagveer op dit blog.

 

daggebed van de establishment

ik dank u
heer
dat ik het beter heb
dan mijn buurman
ik dank u
jezus
 
ik dank u
heer
dat er rijkdom
en armoede is
en dat dit verschil
zo mag blijven
voor mezelf
en mijn kindskinderen
ik dank u
jezus
 
 
ik dank u
heer
dat ik niet pinaar
zoals mijn bediende
(maar ze moeten er
ook zijn heer
voor het verschil
tussen rijk en arm)
ik ben u dankbaar
heer
uw naam is groot

 

 1537464-4412e74d1a31e9aa8275dc168842b540.jpg
Jozef Slagveer (25 januari 1940 — 8 december 1982)

 

 

De Finse dichter, toneelschrijver en uitgever Paavo Juhani Haavikko werd geboren in Helsinki op 25 januari 1931. Zie ook alle tags voor Paavo Haavikko op dit blog.

Uit: Trees, Their Legacy Of Green

Faulkner, Early in the Morning

The old man is tired of talking

incessantly about himself.
Who has answered all the letters
saying nothing.
No Chekov.
Who forgot his name.
When a man dies, he once again goes
to his car, to his wife, to work.
The motor won’t start, the wife won’t
wake up, it’s much too early.

He is dead.

*

Many books remain unread when
it is not clear
where so and so sleeps, where he gets his money,
with whom he sleeps,

how he gets away with life, the only

adventure
I indulge in,

Life & Works & Love, abstractions –
read no further
where they end.

 

 1537464-bba9957a9182f0eb9164bca1c53273dc.jpg
Paavo Haavikko (25 januari 1931 – 6 oktober 2008)

 

 

De Schotse dichter Robert Burns werd geboren op 25 januari 1759 in Alloway, Ayrshire. Zie ook alle tags voor Robert Burns op dit blog.

 

A Bottle And Friend

There's nane that's blest of human kind,
But the cheerful and the gay, man,
Fal, la, la, &c.

Here's a bottle and an honest friend!
What wad ye wish for mair, man?
Wha kens, before his life may end,
What his share may be o' care, man?

Then catch the moments as they fly,
And use them as ye ought, man:
Believe me, happiness is shy,
And comes not aye when sought, man.

 

To A Kiss

Humid seal of soft affections,
Tend'rest pledge of future bliss,
Dearest tie of young connections,
Love's first snow-drop, virgin kiss.

Speaking silence, dumb confession,
Passion's birth, and infants' play,
Dove-like fondness, chaste concession,
Glowing dawn of brighter day.

Sorrowing joy, adieu's last action,
Ling'ring lips, -- no more to join!
What words can ever speak affection
Thrilling and sincere as thine!

 

 1537464-06f96ec4c03efd6a7bd1911fc332df4c.jpg
Robert Burns (25 januari 1759 – 21 juli 1796)
Standbeeld in Ayr (Detail)

 

 

De Russische zanger, acteur en dichter Vladimir Semjonovitsj Vysotsky werd geboren op 25 januari 1938 in Moskou. Zie ook alle tags voor Vladimir Vysotsky op dit blog.

 

The crystal house

If I am rich like the king of the sea,
Shout to me only: "Catch the spoon-bait!"
And I will pour out my above and underwater world
Without even thinking!

The crystal house in the mountain is for her.
I grew up myself in chains, alone like a dog.
My springs are of silver,
And my mines are of gold!
My springs are of silver,
And my mines are of gold!

If I hadn't compared some other girl with you,
Just put me to death, shoot me.
Look how I admire you,
Like Raphael's Madonna!

The crystal house in the mountain is for her.
I grew up myself in chains, alone like a dog.
My springs are of silver,
And my mines are of gold!
My springs are of silver,
And my mines are of gold!

If I am poor and lonely like a dog,
And my house is totally empty -
Cause you'll help me, God!
And you won't give me a crumpled life...

The crystal house in the mountain is for her.
I grew up myself in chains, alone like a dog.
My springs are of silver,
And my mines are of gold!
My springs are of silver,
And my mines are of gold!

 

 1537464-205b076a13d4b50d65ea1ec189c07310.jpg
Vladimir Vysotsky (25 januari 1938 – 25 juli 1980)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 25e januari ook mijn vorige blog van vandaag.

Geschreven door Romenu om 13:09 Reageer op dit bericht

Daniel von Lohenstein, Friedrich Jacobi, Alfred Gulden, Eva Zeller, Stéphanie de Genlis

De Duitse dichter Daniel Caspar von Lohenstein werd geboren op 25 januari 1635 in Nimptsch, in Silezië. Zie ook alle tags voor Daniel Caspar von Lohenstein op dit blog.


Umschrift eines Sarges

Irdisches und sterblich Volk, lebend-todte Erdengäste,
Ihr Verwürflinge des Himmels, ihr Gespenster dieser Welt,
Denen Nichts, als falsche Waare, Nichts, als Rauch und Wind gefällt,
Thoren, klettert und besteigt die bequalmten Ehrenäste,
Setzt euch Säulen von Porphyr, mauert euch aus Gold Paläste,
Festigt Tempel euch aus Marmor, der der Zeit die Wage hält,
Rafft zu euch mit gicht'gen Klauen er verdammten Klumpen Geld,
Macht euch euer stolzes Lob durch gelehrte Schriften feste;

Aber wißt, wenn das Verhängniß euer Lebensgarn reißt ab,
Schwindet Wissenschaft und Kunst, Schätze, Reichthum, Ehr' und Titel,
Und ihr nehmet Nichts mit euch, als den nackten Sterbekittel,
Wo ihr auch noch aus dem allen noch erschwitzet Sarg und Grab!
Tausend, Tausend sind gewest, die mich nicht erlangt noch haben,
Die die Lüfte, die die Gluth, die der blaue Schaum begraben.

 

 1537461-1b3b72ca625ff1c43d1882ef402ef85d.jpg
Daniel Caspar von Lohenstein (25 januari 1635 - 28 april 1683)
Het landgoed Kittelau dat von Lohenstein in 1673 verwierf

 

 

De Duitse schrijver en filosoof Friedrich Heinrich Jacobi werd geboren in Düsseldorf op 25 januari 1743. Zie ook alle tags voor Friedrich Jacobi op dit blog.

Uit: Woldemar

„Damals kam Luise, eben siebenzehn Jahr alt, aus dem Kloster zurück, und entzündete in Biederthalen eine unüberwindliche Leidenschaft. Er wollte sie erst unterdrücken, hernach verbergen; aber es war Liebe. Daß ihm der alte Hornich das Mädchen geben würde, daran war nicht zu denken; er hatte geschworen, daß keine seiner Töchter einen Gelehrten heyrathen sollte, und dazu besaß Biederthal nur ein sehr geringes Vermögen. Dorenburg, dem das Geheimniß seines Freundes nicht lange verborgen blieb, genoß keine frohe Stunde mehr. Da er bey seinem Schwiegervater, dessen Handlung durch ihn ungemein war erweitert worden, in großem Ansehn stand, so hatte er sich anfangs geschmeichelt, dieser würde, aus Ergebenheit gegen ihn, sich ein einzigmahl in seinem Leben großmüthig stellen, und auf sein Bitten den wackern Biederthal glücklich machen: aber der Alte wußte von keinem Edelsinn, als daß er das Nichts der Ehre und alles brodlose Wesen verachtete, weder durch Sache noch Grund sich bethören, und in seiner Ueberzeugung durch nichts sich irre machen ließ; er hatte nur die Tugenden der Kargheit, oder richtiger, einer polizeymäßigen Gewinnsucht. Da alles vergeblich gewesen war, so erklärte ihm Dorenburg, in sechs Monathen laufe der Societäts-Contract mit ihm zu Ende, er sey gesonnen alsdann auszuscheiden. Der Alte gab die besten Worte, that die vortheilhaftesten Vorschläge; Dorenburg war nicht zu bewegen. Endlich wurden sie einig, Biederthal sollte sich der Handlung widmen, und dann das Mädchen nehmen. Voll Entzücken gab dieser eine ansehnliche Bedienung auf, worauf er Anwartschaft hatte, und ergriff das Gewerbe seines Freundes. Luise fühlte das im Innersten der Seele. Kein Brautpaar ist jemahls glücklicher gewesen. Nach einem halben Jahre ward die Heyrath vollzogen; und die beiden Freunde hatten sich nun zu Gefährten in all ihrem Thun.“

 

 1537461-5afd8a3339a5f77b10361f15c2a9bef3.jpg
Friedrich Jacobi (25 januari 1743 - 10 maart 1819)
Portret door Johann Friedrich Eich, 1780

 

 

De Duitse dichter, schrijver, musicus en filmmaker Alfred Gulden werd geboren op 25 januari 1944 in Saarlouis. Zie ook alle tags voor Alfred Gulden op dit blog.

 

Die Grenze (Fragment)

Am helllichten Tag
mitten auf der Straße
hab ich die Grenze
gefunden.
Was hatte die da
verloren?

Die hatte keinen Draht,
die hatte keine Gräber,
die hatte kein Wasser,
die hatte keine Balken,
die hatte keinen Berg,
die hatte keine Mauer
die hatte keine Minen
die hatte nicht einmal Soldaten!
Mitten auf der Straße
Am helllichten Tag
Habe ich die Grenze
gefunden,
Was hatte die da
Verloren?

Die Sonne geht auf
Geht unter
Der Wind bläst
Wie er will.
Der Regen fällt
Auf den Boden.
Der Nebel drückt
Auf das Gemüt
Der Schnee deckt
Alles zu.
Der Mond scheint
Ohne sich zu kümmern

Ich habe die Grenze
Gefunden
Mitten auf der Straße
Am helllichten Tag
Was hatte die da
Verloren?

 

 1537461-a7e241eea64fb7e56a42a4fc7b59558c.jpg
Alfred Gulden (Saarlouis, 25 januari 1944)

 

 

De Duitse schrijfster en dichteres Eva Zeller werd geboren op 25 januari 1923 in Eberswalde. Zie ook alle tags voor Eva Zeller op dit blog.

 

Das Kind in dem ich stak

Das Kind in dem ich stak
es reicht mir bis zur Hüfte
nimmt überhand wächst mir
ans Herz und übern Kopf
füllt ganz und gar den
Horizont großäugig
angestrahlt von warmen Kerzen
beugt es die größere Ikone
sich über mich spiegelt
mir Bläue himmlische ins
Aug zurück ich möchte mich
auf Zehenspitzen stellen
und wäre doch zu klein
um es zu küssen

 

 1537461-65eedc87a25b266ea700ced89c155922.jpg
Eva Zeller (Eberswalde, 25 januari 1923)

 

 

De Franse schrijfster Stéphanie Félicité Du Crest de Saint-Aubin, comtesse de Genlis, werd geboren op 25 januari 1746 in Champcéry bij Autun. Zie ook alle tags voor Stéphanie de Genlis op dit blog.

Uit: L’Amant Anonyme

“Scène 1
Ophémon, seul.
(Il regarde de tous côtés s’il n’y a personne. Il s’assied ; & tirant une lettre de sa poche, il dit.)
Il est cinq heures. Tout le monde est à la promenade. Pendant que nous sommes seuls, relisons un peu la lettre de M. le Vicomte… Je crois n’avoir rien oublié de ce qu’il m’ordonne. Voyons (Il tire ses lunettes, & lit) Hom…. “ Mon courier a dû vous porter toutes les choses nécessaires pour la petite fête en question… les couplets & les instructions relatives à ce sujet. Songez bien à votre déguisement ; que la jeune Villageoise sache parfaitement son rôle… enfin, mon cher Ophémon, il s’agit du bonheur de ma vie. Souvenez-vous à quelle condition je vous ai placé chez Léontine ” (Ophémon, après avoir lu…) Il arrive Jeudi… Jeudi, c’est aujourd’hui. Voilà qui est bon : il aura lieu d’être satisfait de mon exactitude… C’est une chose singulière que la destinée ! Moi, grave Professeur de Langues & de Sciences, me voilà devenu l’Agent d’une intrigue amoureuse , la plus bizarre, la plus romanesque !… Enfin, si nous réusissons, ma fortune est faite. Mais je suis encore bien loin de me flatter du succès. La tête de Léontine tient bon. Tous mes progrès se bornent à lui inspirer quelque légère curiosité. Cette fuite de Paris m’a presque déconcerté tout-à-fait… Quelle femme extraordinaire ! quelle fierté ! quelle obstination dans ses systèmes ! Mais chut, on vient.”

 

 1537461-a68042fad6565e614f149aa2b1d7c53f.jpg
Stéphanie de Genlis (25 januari 1746 – 31 december 1830)
Portrait door Adélaïde Labille-Guiard, 1790

Geschreven door Romenu om 12:56 Reageer op dit bericht

E. Th. A. Hoffmann, Ivan Ivanji, Eugen Roth, Ulrich Holbein, Edith Wharton, Charles Sackville, John Donne

De Duitse dichter en schrijver Ernst Theodor Amadeus Hoffmann werd geboren in Koningsbergen op 24 januari 1776. Zie ook alle tags voor E. Th. A. Hoffmann op dit blog en ook deze tags op dit blog.

Uit: Die Geschichte vom verlornen Spiegelbilde.

„Endlich war es doch so weit gekommen, daß Erasmus Spikher den Wunsch, den er sein Leben lang im Herzen genährt, erfüllen konnte. Mit frohem Herzen und wohlgefülltem Beutel setzte er sich in den Wagen, um die nördliche Heimath zu verlassen und nach dem schönen warmen Welschland zu reisen. Die liebe fromme Hausfrau vergoß tausend Thränen, sie hob den kleinen Rasmus, nachdem sie ihm Nase und Mund sorgfältig geputzt, in den Wagen hinein, damit der Vater zum Abschiede ihn noch sehr küsse. „Lebe wohl, mein lieber Erasmus Spikher,“ sprach die Frau schluchzend, „das Haus will ich Dir gut bewahren, denke fein fleißig an mich, bleibe mir treu und verliere nicht die schöne Reisemütze, wenn Du, wie Du wol pflegst, schlafend zum Wagen herausnickst.“ – Spikher versprach das. –
In dem schönen Florenz fand Erasmus einige Landsleute, die voll Lebenslust und jugendlichen Muths in den üppigen Genüssen, wie sie das herrliche Land reichlich darbot, schwelgten. Er bewies sich ihnen als ein wackrer Kumpan und es wurden allerlei ergötzliche Gelage veranstaltet, denen Spikhers besonders muntrer Geist und das Talent, dem tollen Ausgelassenen das Sinnige beizufügen, einen eignen Schwung gaben. So kam es denn, daß die jungen Leute (Erasmus erst sieben und zwanzig Jahr alt, war wol dazu zu rechnen) einmal zur Nachtzeit in eines herrlichen, duftenden Gartens erleuchtetem Boskett ein gar fröhliches Fest begingen. Jeder, nur nicht Erasmus, hatte eine liebliche Donna mitgebracht. Die Männer gingen in zierlicher altteutscher Tracht, die Frauen waren in bunten leuchtenden Gewändern, jede auf andere Art, ganz fantastisch gekleidet, so daß sie erschienen wie liebliche wandelnde Blumen. Hatte Diese oder Jene zu dem Saitengelispel der Mandolinen ein italienisches Liebeslied gesungen, so stimmten die Männer unter dem lustigen Geklingel der mit Syrakuser gefüllten Gläser einen kräftigen deutschen Rundgesang an. – Ist ja doch Italien das Land der Liebe. Der Abendwind säuselte wie in sehnsüchtigen Seufzern, wie Liebeslaute durchwallten die Orange- und Jasmindüfte das Boskett, sich mischend in das lose neckhafte Spiel, das die holden Frauenbilder, all’ die kleinen zarten Buffonerien, wie sie nur den italienischen Weibern eigen, aufbietend, begonnen hatten.“

 

 1537114-9582edf8f0b881ac661f4c7314f9f77b.jpg
E. Th. A. Hoffmann (24 januari 1776 - 25 juni 1822)
Hoffmann met zijn vriend Ludwig Devrient in de Weinstube Lutter & Wegner, aquarel door Carl Themann, ca. 1832

 

 

De Joegoslavische schrijver, vertaler, diplomaat en journalist Ivan Ivanji werd geboren op 24 januari 1929 in Zrenjanin. Zie ook alle tags voor Ivan Ivanji op dit blog.

Uit: Geister aus einer kleinen Stadt

„Im Winter endloses, vereistes Stoppelfeld. Rauch aus Schornsteinen einsamer Weiler. Vor die Schlitten werden Pferde gespannt. Über Schnee und vereiste Landstraßen, die von Akazien, Pappeln und Maulbeerbäumen bewacht werden, kann man so noch schneller als im Sommer von Gehöft zu Gehöft, von Dorf zu Dorf jagen. Maulbeerbäume strecken im Winter ihre Äste erwartungsvoll dem Sommer entgegen, sie sind der billige Schatz der weniger begüterten Dorfbewohner. Mit ihren Blättern werden Seidenraupen gefüttert. Die Arbeit für Kinder und kleine Leute besteht darin, die Kokons abzukochen und das Seidengarn sorgfältig abzuwickeln. Die weißen oder schwarzen Beeren klauben die Kinder von den Straßen auf, um sie in den Mund zu stecken, die Erwachsenen brennen daraus Schnaps. Brot wird zu Hause gebacken, ein Laib ist rund, bis zu zweieinhalb Kilogramm schwer und duftet nach Leben. Manchmal muss er freilich für die ganze Woche herhalten.
Das Klo befindet sich im Hof, es ist sauber, riecht mehr nach Holz als nach dem, was in die Grube fällt, der Sitz ist ein Loch im Deckel einer Brettertruhe. Auf einem Eisennagel sind sauber in Quadrate geschnittene Zeitungsfetzen aufgespießt, aber manch einer lockt junge Gänse an und wischt sich mit ihrem noch gelbem, weichem Flaum den Hintern ab. Der Inhalt der Senkgrube ist bester Dünger. Die Krähen sind nirgendwo zu überhören. Jetzt können endlich die gemästeten Schweine geschlachtet werden. Das Jahr über geht allmorgendlich der Schweinehirt auf seiner Trompete blasend durch die Siedlung, und man öffnet seinem Borstenvieh das Tor.
Abends kehren die Säue – denn die Eber mussten meist im Stall bleiben – satt und zufrieden von der Weide zurück und jedes der klugen Tiere weiß, wo es zu Hause ist. Ahnt es nicht, dass dort eines Wintertags auch der Schlächter die Messer wetzen wird?“

 

 1537114-0ea8ca91c9523053e5800183c9b47e40.jpg
Ivan Ivanji (Zrenjanin, 24 januari 1929)

 

 

De Duitse dichter Eugen Roth werd op 24 januari 1895 in München geboren. Zie ook alle tags voor Eugen Roth op dit blog.

 

Weltlauf

Ein Mensch, erst zwanzig Jahre alt,
Beurteilt Greise ziemlich kalt
Und hält sie für verkalkte Deppen,
Die zwecklos sich durchs Dasein schleppen.
Der Mensch, der junge, wird nicht jünger:
Nun, was wuchs denn auf seinem Dünger?
Auch er sieht, daß trotz Sturm und Drang,
Was er erstrebt, zumeist mißlang,
Daß, auf der Welt als Mensch und Christ
Zu leben nicht ganz einfach ist,
Hingegen leicht, an Herrn mit Titeln
Und Würden schnöd herumzukritteln.
Der Mensch, nunmehr bedeutend älter,
Beurteilt jetzt die Jugend kälter,
Vergessend frühres Sich-Erdreisten:
"Die Rotzer sollen erst was leisten!"
Die neue Jugend wiedrum hält ...
Genug - das ist der Lauf der Welt!

 

 1537114-c541269fda7bb5ab0865e238e7c4a949.jpg
Eugen Roth (24 januari 1895 – 28 april 1976)

 

 

De Duitse schrijver Ulrich Holbein werd op 24 januari 1953 in Erfurt geboren. Zie ook alle tags voor Ulrich Holbein op dit blog.

 Uit: Narratorium

„Dasselbe über Breschnew. Bereits sein Sandsackboxen klang seiner Umwelt wie Musik. Kuba sah er als Synonym für Fidel Castro, Afrika als Synonym für Lumumba, sich selbst als ein anderes Wort für Amerika. Was Sportlegende Max Schmeling für Deutschland war, das war Cassius Clay für die Welt. 1960 trug er sogar nachts auf dem Nachthemd die Goldmedaille, die er, als ein weißer Caféhausbesitzer ihn anmotzte »Verpiß dich, du Nigger!«, in den Ohio schmiß. 1962 trat er, geistlich bearbeitet von entsprechenden Reverends, zu den Black Muslims über, und in die Liga der damals bloß 700 000 Moslems (statt 1,3 Mrd. Muslime 2008), und schon betrieb »Mohammed Ali« Gebetsniederwerfungen selbst im Boxring; einen Namen, vererbt von einem Sklavenhalter, wollte er nicht behalten. Wer ihn weiterhin »Cassius Clay« nannte, den nannte er zur Strafe »Uncle Tom«. »There is no god but Allah, Mohammed is his apostle«, sagte er demonstrativ auf Pressekonferenzen auf. Schikanen folgten. Er aber meinte es ernst. Der Islamische Rat von Ägypten überreichte ihm eine pokalartige Kitsch-Moschee zum Aufstellen, kiloschwer aus purem Gold. Der gnadenlosen, von ihm zerwalkten Kampfmaschine Joe Frazier rief er mitten im Ali-Shuffle und Showdown zu: »Weißt du nicht, daß du gegen Gott kämpfst?« Nie um flotte Sprüche verlegen. Seine Kundgaben, er hätte keine Angst vor Waffen, denn er sei zu schnell, um getroffen zu werden, Gott sei sein Bodyguard, oder er könne durch einen Hurrikan laufen, ohne daß er naß würde, variierten schamanistische Allmachts- und Unverletzlichkeitsphantasien wie in Nibelungenlied oder Daoismus.“

 

 1537114-8c229dcc5e9ddfca762b448852207be9.jpg
Ulrich Holbein (Erfurt, 24 januari 1953)

 

 

De Amerikaanse schrijfster Edith Wharton werd geboren op 24 januari 1862 in New York. Zie ook alle tags voor Edith Wharton op dit blog.

Uit: A Backward Glance

“Years ago I said to myself: "There's no such thing as old age; there is only sorrow."
I have learned with the passing of time that this, though true, is not the whole truth. The other producer of old age is habit: the deathly process of doing the same thing in the same way at the same hour day after day, first from carelessness, then from inclination, at last from cowardice or inertia. Luckily the inconsequent life is not the only alternative; for caprice is as ruinous as routine. Habit is necessary; it is the habit of having habits, of turning a trail into a rut, that must be incessantly fought against if one is to remain alive.
In spite of illness, in spite even of the arch-enemy sorrow, one CAN remain alive long past the usual date of disintegration if one is unafraid of change, insatiable in intellectual curiosity, interested in big things, and happy in small ways. In the course of sorting and setting down of my memories I have learned that these advantages are usually independent of one's merits, and that I probably owe my happy old age to the ancestor who accidentally endowed me with these qualities.
Another advantage (equally accidental) is that I do not remember long to be angry. I seldom forget a bruise to the soul--who does? But life puts a quick balm on it, and it is recorded in a book I seldom open. Not long ago I read a number of reviews of a recently published autobiography.
All the reviewers united in praising it on the score that here at last was an autobiographer who was not afraid to tell the truth! And what gave the book this air of truthfulness? Simply the fact that the memorialist "spared no one," set down in detail every defect and absurdity in others, and every resentment in the writer. That was the kind of autobiography worth reading!”

 

 1537114-7e27112041eb785b3f7e5a95f47ce027.jpg
Edith Wharton (24 januari 1862 – 11 augustus 1937)
In 1905

 

 

De Engelse dichter John Donne werd ergens tussen 24 januari en 19 juni 1572 geboren in Londen. Zie ook alle tags voor John Donne op dit blog.

 

Holy Sonnet IV: Oh my black soul!

Oh my black soul! now art thou summoned
By sickness, death's herald, and champion;
Thou art like a pilgrim, which abroad hath done
Treason, and durst not turn to whence he is fled;
Or like a thief, which till death's doom be read,
Wisheth himself delivered from prison,
But damned and haled to execution,
Wisheth that still he might be imprisoned.
Yet grace, if thou repent, thou canst not lack;
But who shall give thee that grace to begin?
Oh make thy self with holy mourning black,
And red with blushing, as thou art with sin;
Or wash thee in Christ's blood, which hath this might
That being red, it dyes red souls to white.

 

 1537114-b723bbc428385b42392ac827cb037957.jpg
John Donne (24 januari 1572 – 31 maart 1631)
John Donne Arriving In Heaven door Stanley Spencer, 1911

 

 

De Engelse dichter en edelman Charles Sackville werd geboren op 24 januari 1638 in Buckhurst. Zie ook alle tags voor Charles Sackville op dit blog.

 

The Advice

Phyllis, for shame! let us improve
A thousand several ways
These few short minutes stol'n by love
From many tedious days.

Whilst you want courage to despise
The censure of the grave,
For all the tyrants in your eyes,
Your heart is but a slave.

My love is full of noble pride,
And never will submit
To let that fop, Discretion, ride
In triumph over wit.

False friends I have, as well as you,
That daily counsel me
Vain frivolous trifles to pursue,
And leave off loving thee.

When I the least belief bestow
On what such fools advise,
May I be dull enough to grow
Most miserably wise.

 

 1537114-85681a699eb831f4507c1c67005e1cda.jpg
Charles Sackville (24 januari 1638 – 29 januari 1706)
Buckhurst in de County of Sussex

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 24e januari ook mijn blog van 24 januari 2013 en ook mijn blog van 24 januari 2012 deel 2.

Geschreven door Romenu om 18:29 Reageer op dit bericht

BNG Bank Literatuurprijs 2014 voor Wytske Versteeg

  

BNG Bank Literatuurprijs 2014 voor Wytske Versteeg

 

De BNG Bank Literatuurprijs is dit jaar gewonnen door de Nederlandse schrijfster Wytske Versteeg. Zij ontvangt 15.000 euro en een kunstwerk. Wytske Versteeg werd geboren op 2 mei 1983. Zie ook alle tags voor Wytske Versteeg op dit blog.

Uit: De wezenlozen

“Het was geen kwade wil, alleen maar onvermogen, zo langzaam waren alle afstanden gegroeid. Als in een zwart, kwaadaardig sprookje waarin niemand nog hun huis had kunnen vinden, ook haar ouders en haar broers niet die haar gewaarschuwd hadden, nooit begrepen hadden wat ze moest met zo’n oude vent, zo’n intellectueel, en uit hun mond was dat een scheldwoord. Wat overbleef was de vraag hoe het had kunnen gebeuren.
(...)

Zijn moeder had altijd verlangd naar iets wat buiten het bereik lag van zijn vader, en misschien was het alleen een tijd die hij belichaamde, was hij alleen het stolsel van momenten die voor haar al lang voorbij waren. Veel later pas begreep hij werkelijk hoe zoiets wordt genoemd, en hij besloot dat het de woorden moesten zijn geweest die alles zwaar en onherroepelijk hadden gemaakt wat eerder vluchtig leek en bijna teer. Woorden hadden hen uit elkaar getrokken, prikkeldraad gespannen, onontkoombare grenzen vastgelegd. Wat hij niet begreep was hoe die woorden iets hadden gedefinieerd en ingekleurd wat hijzelf niet begreep, hoe ze het donkere, het roze hijgen hadden blootgelegd, maar de verwarring en de tederheid verborgen achter meedogenloos stenen geboden. Ze namen hem af wat er eerder was geweest, hoe bijzonder zijn moeder hem had gemaakt, een uitverkorene.”

 

 1537048-eb72d4cfff35d7115bba006f49987b0f.jpg
Wytske Versteeg (2 mei 1983)

Geschreven door Romenu om 15:49 Reageer op dit bericht

Wouter van Heiningen, Stendhal, Derek Walcott, Françoise Dorin, Gerald Jatzek

De Nederlandse dichter Wouter van Heiningen werd geboren op 23 januari 1963 in Leidschendam. Zie ook alle tags voor Wouter van Heiningen op dit blog.

 

Het houdt niet op

De vragen kwamen later
nadat je al weg was
vergeten waren al je verhalen
en zelfs je stoel
zat anders

Het water stroomt  altijd
naar zee, zei mijn moeder
Wees een berg,
schud het van je af, laat
het stromen

Mijn natte voeten voelen
nog je handen, stijf
en onbeholpen
niet in staat om de kilte
weg te nemen

Ik ben geen kind meer
niet meer nu
en antwoorden zijn slechts
daar te vinden
waar je nog niet zoekt

 

 

Lofrede of klaagzang?

Ik beklaag de dagen die komen
ze zijn leeg en lijken zo
zinloos zonder
jouw woorden ontroeren mijn
kijk op dingen en
zalven de manier
waarop ik het leven bekijk
en levend in een breed
perspectief lijkt het
voor niets, wat mij nu rest
zijn vergeten woorden
herinneringen aan
helderheid en een zon
die dooft in een oceaan
van leegheid
geen bloemen alstublieft
acquisities worden niet
op prijs gesteld

 

 1536593-9751393dbfd3eae39fc6a4fd11f40607.jpg
Wouter van Heiningen (Leidschendam, 23 januari 1963)

 

 

De Franse schrijver Stendhal werd op 23 januari 1783 in Grenoble geboren als Henri Beyle. Zie ook alle tags voor Stendhal op dit blog.

Uit:Le Rouge et le Noir

„Pour peu que le voyageur s’arrête quelques instants dans cette grande rue de Verrières, qui va en montant depuis la rive du Doubs jusque vers le sommet de la colline, il y a cent à parier contre un qu’il verra paraître un grand homme à l’air affairé et important.
À son aspect tous les chapeaux se lèvent rapidement. Ses cheveux sont grisonnants, et il est vêtu de gris. Il est chevalier de plusieurs ordres, il a un grand front, un nez aquilin, et au total sa figure ne manque pas d’une certaine régularité : on trouve même, au premier aspect, qu’elle réunit à la dignité du maire de village cette sorte d’agrément qui peut encore se rencontrer avec quarante-huit ou cinquante ans. Mais bientôt le voyageur parisien est choqué d’un certain air de contentement de soi et de suffisance mêlé à je ne sais quoi de borné et de peu inventif. On sent enfin que le talent de cet homme-là se borne à se faire payer bien exactement ce qu’on lui doit, et à payer lui-même le plus tard possible quand il doit.
Tel est le maire de Verrières, M. de Rênal. Après avoir traversé la mer d’un pas grave, il entre à la mairie et disparaît aux yeux du voyageur. Mais, cent pas plus haut, si celui-ci continue sa promenade, il aperçoit une maison d’assez belle apparence, et, à travers une grille de fer attenante à la maison, des jardins magnifiques. Au-delà c’est une ligne d’horizon formée par les collines de la Bourgogne, et qui semble faite à souhait pour le plaisir des yeux. Cette vue fait oublier au voyageur l’atmosphère empestée des petits intérêts d’argent dont il commence à être asphyxié.
On lui apprend que cette maison appartient à M. de Rênal. C’est aux bénéfices qu’il a faits sur sa grande fabrique de clous que le maire de Verrières doit cette belle habitation en pierres de taille qu’il achève en ce moment. Sa famille, dit-on, est espagnole, antique, et, à ce qu’on prétend, établie dans le pays bien avant la conquête de Louis XIV.“

 

 1536593-3dfdc82ebf0ea9a3f6925983cb1f1bb3.jpg
Stendhal (23 januari 1783 – 23 maart 1842)
In 1802, op 19-jarige leeftijd 

 

 

De Westindische dichter en schrijver Derek Walcott werd geboren op 23 januari 1930 op St. Lucia, een van de kleine Bovenwindse Eilanden. Zie ook alle tags voor Derek Walcott op dit blog.

 

Parang

Man, I suck me tooth when I hear
How dem croptime fiddlers lie,
And de wailing, kiss-me-arse flutes
That bring water to me eye!
Oh, when I t'ink how from young
I wasted time at de fetes,
I could bawl in a red-eyed rage
For desire turned to regret,
Not knowing the truth that I sang
At parang and la commette.
Boy, every damned tune them tune
Of love that go last forever
Is the wax and the wane of the moon
Since Adam catch body-fever.

I old, so the young crop won't
Have these claws to reap their waist,
But I know 'do more' from 'don't'
Since the grave cry out 'Make haste!'
This banjo world have one string
And all man does dance to that tune:
That love is a place in the bush
With music grieving from far,
As you look past her shoulder and see
Like her one tear afterwards

The falling of a fixed star.
Yound men does bring love to disgrace
With remorseful, regretful words,
When flesh upon flesh was the tune
Since the first cloud raise up to disclose
The breast of the naked moon.

 

 1536593-32c942bdb1607227d3bff10c4cce79be.jpg
Derek Walcott (St. Lucia, 23 januari 1930)
Zelfportret, 1998 

 

 

De Franse schrijfster en actrice Françoise Dorin werd geboren op 23 januari 1928 in Parijs. Zie ook alle tags voor Françoise Dorin op dit blog.

Uit: Nini Patte-en-l'air

“- Les gens gentils ont moins de mérite à rendre service que les gens méchants à qui la moindre amabilité coûte énormément d' effort.
Comme Nini prend, à tort, mon étonnement pour de l' incompréhension, elle étoffe sa démonstration :
- De même, les courageux ont moins de mérite à chasser un lion qui ne les impressionne pas, que les poltrons à poursuivre une souris qui les terrorise. les généreux ont moins de mérite à donner un million que les avares un sou ; les sincères moins de mérite à ne rien vous cacher que les menteurs à vous lâcher une pincée de la vérité ; les jaloux...
- Oui, ça va, ça va, j' ai compris.
(…)

- C'est là, me dit-elle, qu' habitait Riki.
- Quel Riki ?
- Satie !
Que Nini ait connu Satie, Debussy, Van Gogh et les autres, bon, je l' admets. Ils étaient ses contemporains et fréquentaient son quartier. Mais qu' elle les affuble de diminutifs ridicules, ça me choque. (...). La célébrité, surtout posthume, s' accommode mal pour moi de la familiarité. Et plus elle est posthume, plus je trouve qu' elle requiert de respect. Une chance que Nini n' ait pas été la contemporaine de Corneille et de Racine, j' aurais encore moins supporté qu' elle me parle de Pierrot ou de Jean-Jean.”

 

 1536593-21092b583bfdcc370feb2fba58580375.jpg
Françoise Dorin (Parijs, 23 januari 1928)

 

 

De Oostenrijkse dichter, schrijver en musicus Gerald Jatzek werd geboren op 23 januari 1956 in Wenen. Zie ook alle tags voor Gerald Jatzek op dit blog.

 

Rumpelstilz sucht Freunde

Ach wie dumm, dass niemand weiss,
dass ich Rumpelstilzchen heiss.

Niemand schreibt mir Liebesbriefe,
niemand fragt, ob ich gut schliefe.

Niemand schreibt mir Ansichtskarten,
lädt mich ein in seinen Garten.

Niemand wünscht mir frohe Feste,
niemals kommen zu mir Gäste .

Niemals schrillt das Telefon,
so geht das seit Jahren schon.

Doch so will ich nicht verweilen,
deshalb schreib ich diese Zeilen.

Damit nun ein jeder weiss,
dass ich Rumpelstilzchen heiss.


 

 1536593-ffc810b2730701e3aa6974479b03c0cc.jpg
Gerald Jatzek (Wenen, 23 januari 1956)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 23e januari ook mijn blog van 23 januari 2011 deel 1 en eveneens deel 2.

Geschreven door Romenu om 18:09 Reageer op dit bericht

Wilhelm Genazino, Rainer Stolz, Lord Byron, Krzysztof Kamil Baczyński, Herwig Hensen, August Strindberg

De Duitse schrijver Wilhelm Genazino werd geboren op 22 januari 1943 in Mannheim. Zie ook alle tags voor Wilhelm Genazino op dit blog.

Uit: Das Glück in glücksfernen Zeiten

„Er bläst nur ein paar Takte, dann geht er von Tisch zu Tisch und hält den Café-Gästen einen Pappbecher hin. Es erstaunt mich, daß die Leute dem Trompeter trotz seines dürftigen Auftritts reichlich Geld spenden. Ich erliege immer wieder meinem dann doch stumm bleibenden Drang, die Menschen über die allgemeine Ödnis des Wirklichen aufklären zu wollen. Dann merke ich rasch, die anderen wissen längst, wie kläglich alles Geschehende ist. Danach beschäftigt mich das Problem, ob die anderen ihre intimen Kenntnisse absichtlich geheimhalten oder aus anderen Gründen nicht über sie sprechen wollen. Ganz zum Schluß taucht die Frage auf, wie es möglich ist, daß wir alle mit der öffentlichen Armseligkeit so gut zurechtkommen. Sogar ich, der ich den Trompeter voll innerer Ablehnung beobachte, werfe dem Mann ein 50-Cent-Stück in den Becher. Er bedankt sich und verbeugt sich kurz vor mir. Wenig später drängt mir die Eigenart des Lebens eine innere Stummheit auf. Ich höre jetzt nur noch das Wehklagen meiner ratlosen Seele. Sie möchte gern etwas erleben, was ihrer Zartheit entspricht, und nicht immerzu dem Zwangsabonnement der Wirklichkeit ausgeliefert sein. Ich beschwichtige meine Seele und schaue mich nach geeigneten Ersatzerlebnissen um. Aber die Wirklichkeit ist knauserig und weist das Begehren meiner Seele ab. Der Trompeter wendet sich seiner Plastiktüte zu, verstaut seine Trompete und geht zu einem kleinen Kiosk in der Nähe. Dort kippt er den Inhalt des Pappbechers in seine linke Hand und kauft sich eine kleine Flasche Cognac. Über dieses Ergebnis des Bettelns bäumt sich meine Seele mächtig, aber ergebnislos auf. Eine Minute lang ist sie völlig überfordert. Durch Zufall blicke ich auf den Betonboden hinunter und sehe dort ein paar Ameisen mit Flügeln umhergehen. Trotz der Flügel können die Ameisen nicht abheben. Vermutlich sind die Flügel zu lang und zu schwer für die winzigen Körper der Ameisen. Mit diesem Anblick gelingt mir die Tröstung meiner Seele. Schau dir diese kleinen Wesen an, sage ich zu ihr, sie spielen nicht Trompete, sie betteln nicht, sie trinken nicht einmal Cognac am Kiosk. Sie schleppen ihre unnützen Flügel durch die Gegend und klagen nicht!“

 

 1536120-c02ec408c5c2e07ac5fe205e44c82642.jpg
Wilhelm Genazino (Mannheim, 22 januari 1943)
Hier voorlezend uit eigen werk

 

 

De Duitse dichter en schrijver Rainer Stolz werd geboren in Hamburg op 22 januari 1966. Hij woont nu in Berlijn. Zie ook alle tags voor Rainer Stolz op dit blog.

 

Selbstporträt mit Chefkalender

Du, ich muss Schluss machen, sorry, ich park hier
wieder mal breitseitig vor meiner Werbefläche, das
nehmen die Kunden stets persönlich, wenn du nicht
mit Haut und Haar auf dem Weltmarkt bist. Neulich
da schlurft doch so'n Penner an mir vorbei: Der wollte
mich partout nicht anschnorren - was das heißen soll?
Menschenskind, ich war ausgegrenzt, ich war draußen
aus dem Sensorbereich! Dermaßen leicht, weißt du
kann dein Zeitfenster blind geworden sein - denn
wenn du erst einmal stolperst, findest du bald auch
Gefallen am Fallen, das sag ich dir, echt, Mann. Leute
soll es ja geben, die tun absolut nichts dagegen
dass die Jahresringe sich um sie legen. Ha!, dabei
zählt doch letztlich nur der Augenblick, wenn dich
die Bilanz am Schwanz packt! Glaub mir, du musst
einfach nur du sein im Leben, dein eigner Freidenker
und das heißt: dein Grabschänder. Schau mal nach
ob die Spuren der Tage in deinem Chefkalender
einem Cy Twombly Konkurrenz machen - sonst
bist du hundert pro nicht hautnah dran an deiner
Lebensaufgabe! Der Witz ist, am Abend, da musst du
doch nur einmal kurz tief durchrechnen - danach
weißt du, ob noch Atem da ist. Also, ciao dann!

 

 1536120-6aea41fb2f153031bd11ffcb8d61a24c.jpg
Rainer Stolz (Hamburg, 22 januari 1966)

 

 

De Engelse dichter en schrijver George Gordon Byron (beter bekend als Lord Byron) werd geboren op 22 januari 1788 in Londen. Zie ook alle tags voor Lord Byron op dit blog.

 

Childe Harold's Pilgrimage (I stood in Venice)

I stood in Venice, on the Bridge of Sighs,
A palace and a prison on each hand:
I saw from out the wave her structures rise
As from the stroke of the enchanter's wand:
A thousand years their cloudy wings expand
Around me, and a dying Glory smiles
O'er the far times, when many a subject land
Looked to the wingéd Lion's marble piles,
Where Venice sate in state, throned on her hundred isles!

She looks a sea Cybele, fresh from ocean,
Rising with her tiara of proud towers
At airy distance, with majestic motion,
A ruler of the waters and their powers:
And such she was--her daughters had their dowers
From spoils of nations, and the exhaustless East
Poured in her lap all gems in sparkling showers:
In purple was she robed, and of her feast
Monarchs partook, and deemed their dignity increased.

In Venice Tasso's echoes are no more,
And silent rows the songless gondolier;
Her palaces are crumbling to the shore,
And music meets not always now the ear:
Those days are gone--but Beauty still is here;
States fall, arts fade--but Nature doth not die,
Nor yet forget how Venice once was dear,
The pleasant place of all festivity,
The revel of the earth, the masque of Italy!

 

 1536120-643068f533041106fc24f45105ea5396.jpg
Lord Byron (22 januari 1788 – 19 april 1824)
Portret door Thomas Sully, ca 1828

 

 

De Poolse dichter Krzysztof Kamil Baczyński werd op 22 januari 1921 in Warschau geboren. Zie ook alle tags voor Krzysztof Kamil Baczyński op dit blog.

 

O You, My Silent Sadness

You, my silent sadness,
the sadness of small stars,
I sought you, called you forth,
took you in my arms.
How is it that solid flesh
turns in my hands
to clay or sand
each wish to guilt.

How is it that the flower I touch
grows dark
trees' rustle deaf
clouds turn to thunder above me.

How is it that I elapse unseen
a trifle to myself,
and before I sculpt,
I fill the marble with fright.

How is it I give ear to
lightning in a heaven of fear,
Do I call God
my every deed?

Thus I, a splinter
from the tree of great equanimity,
to my own eyes an alien,
to my God a stranger.

Thus I hear myself
become ash and crumble.
Ever smaller in flesh
I gain faith in my soul.

 

 
Vertaald door Alex Kurczaba

 

 

 1536120-672b530123f96291339ffd1ff5946854.jpg
Krzysztof Kamil Baczyński (22 januari 1921 – 4 augustus 1944)
Mateusz Kościukiewicz speelt de dichter in de film “Baczyński” vanKordian Piwowarski , 2013

 

 

 

De Belgische dichter en schrijver Herwig Hensen werd geboren op 22 januari 1917 in Antwerpen. Zie ook alle tags voor Herwig Hensen op dit blog.

 

Gedicht voor mijn vrouw

Mogen de dagen duren en de weken:
een herfst voorheen, een blinde winter thans,
en straks ineen, alom, de dans
der rijen en der reken;

een lente, een zomer, en opnieuw dan, later,
de peren en de druiven aan mijn mond.
Er is de grond, de goede grond,
er is de lucht, het water.

Moge het leven dienen en bedreigen:
gij zijt van mij, ik ben van u bemind,
en elke zekerheid begint
uitsluitend aan ons eigen.

De hoogste dubbelheid die wij verkozen,
houdt ons van alle wisseling verrukt:
chrysanten hebt gij pas geplukt,
en morgen plukt gij rozen.

 

 

 1536120-e8803af9c7d239b087b4035c6c92079b.jpg
Herwig Hensen (22 januari 1917 - 24 mei 1989)
Cover biografie

 

 

De Zweedse schrijver Johan August Strindberg werd op 22 januari 1849 in Stockholm geboren. Zie ook alle tags voor August Strinberg op dit blog.

 

Indra

Down to the sand-covered earth.
Straw from the harvested fields soiled our feet;
Dust from the high-roads,
Smoke from the cities,
Foul-smelling breaths,
Fumes from cellars and kitchens,
All we endured.
Then to the open sea we fled,
Filling our lungs with air,
Shaking our wings,
And laving our feet.

Indra, Lord of the Heavens,
Hear us!
Hear our sighing!
Unclean is the earth;
Evil is life;
Neither good nor bad
Can men be deemed.
As they can, they live,
One day at a time.
Sons of dust, through dust they journey;
Born out of dust, to dust they return.
Given they were, for trudging,
Feet, not wings for flying.
Dusty they grow--
Lies the fault then with them,
Or with Thee?

 

 1536120-febf2b12e48abbc430ecae0511c0fca8.jpg
August Strindberg (22 januari 1849 – 14 mei 1912)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 22e januari ook mijn blog van 22 januari 2013 deel 2.

Geschreven door Romenu om 18:44 Reageer op dit bericht

Louis Menand, Ludwig Thoma, Ludwig Jacobowski, Kristín Marja Baldursdóttir, Egon Friedell, Imre Madách

De Amerikaanse schrijver en letterkundige Louis Menand werd geboren op 21 januari 1952 in Syracuse, New York. Zie ook alle tags voor Louis Menand op dit blog.

Uit: The Metaphysical Club

„Oliver Wendell Holmes, Jr., was an officer in the Union Army. He stood six feet three inches tall and had a soldierly bearing. In later life, he loved to use military metaphors in his speeches and his conversation; he didn't mind being referred to good-naturedly as Captain Holmes; and he wore his enormous military mustaches until his death, in 1935, at the age of ninety-three. The war was the central experience of his life, and he kept its memory alive. Every year he drank a glass of wine in observance of the anniversary of the battle of Antietam, where he had been shot in the neck and left, briefly behind enemy lines, for dead.
But Holmes hated the war. He was twenty years old and weighed just 136 pounds at the time of his first battle, at Ball's Bluff, where he was shot through the chest. He fought bravely and he was resilient, but he was not strong in a brute sense, and as the war went on the physical ordeal was punishing. He was wounded three times in all, the third time in an engagement leading up to the battle of Chancellorsville, when he was shot in the foot. He hoped the foot would have to be amputated so he could be discharged, but it was spared, and he served out his commission. Many of his friends were killed in battle, some of them in front of his eyes. Those glasses of wine were toasts to pain.
Holmes recovered from the wounds. The effects of the mental ordeal were permanent. He had gone off to fight because of his moral beliefs, which he held with singular fervor. The war did more than make him lose those beliefs. It made him lose his belief in beliefs. It impressed on his mind, in the most graphic and indelible way, a certain idea about the limits of ideas. This idea he stuck to, with a grimness and, at times, a cynicism that have occasionally repelled people who have studied his life and thought. But it is the idea that under lies many of the opinions he wrote, long after the war ended, as an associate justice on the United States Supreme Court. To understand the road Holmes had to travel in order to write those opinions, we have to go back to one of the worlds the Civil War made obsolete, the world of prewar Boston.”

 

 1535545-db8a838c747b37dc095940a912e77713.jpg
Louis Menand (Syracuse, 21 januari 1952)

 

 

De Duitse dichter en schrijver Ludwig Thoma werd geboren op 21 januari 1867 in Oberammergau. Zie ook alle tags voor Ludwig Thoma op dit blog.

 

Gewohnheit

Als Kain den Abel umgebracht,
Zum Himmel dampft das Blut.
Es ward ein starker Lärm gemacht,
Und Gott geriet in Wut.

Die Engel wurden watschelnass,
So haben sie geflennt.
Und Gott hat Kain in grimmen Hass
Ein Zeichen aufgebrennt.

Dann jagte man den Frevler fort;
Fluch folgte ihm und Hohn.
Man sieht, der erste Brudermord
Erregte Sensation.

Doch man gewöhnt sich jetzt zuletzt
Auch an ein solches Ding;
Worüber man sich erst entsetzt,
Schätzt später man gering.

Man hat hernach im großen Stil
Die Menschen umgebracht.
Ein Tausend um das andre fiel.
Das wird noch heut' gemacht.

Jedoch von oben hört man nichts,
Und keine Stimme tönt,
Die Stimme, die einst angesichts
Des ersten Mords gedröhnt.

Im Gegenteil, der Priester fleht
Und bittet Gott um Sieg,
Wenn es zum großen Morden geht.
Und heilig heißt der Krieg.

 

 

Sexuelle Aufklärung

Der alte Storch wird nun begraben.
Ihr Kinder lernt im Unterricht,
Warum wir dies und jenes haben,
Und es verbreitet sich das Licht.

Zu meiner Zeit, du große Güte!
Da herrschte tiefe Geistesnacht.
Man ahnte manches im Gemüte
Und hat sich selber was gedacht.

Mich lehrte dieses kein Professer;
Nur eine gute, dicke Magd
Nahm meine Unschuld unters Messer
Und machte auf dieselbe Jagd.

Ihr Unterricht war nicht ästhetisch,
Im Gegenteil, sehr weit entfernt.
Und doch, wenn auch nicht theoretisch,
Ich hab' es ziemlich gut gelernt.

 

 

 1535545-109c6546d699f153108521aac11153d2.jpg
Ludwig Thoma (21 januari 1867 – 26 augustus 1921)
Bij zijn huis in Rottach-Egern

 

 

De Duitse dichter en schrijver Ludwig Jacobowski werd geboren op 21 januari 1868 in Strzelno (Strelno). Zie ook alle tags voor Ludwig Jacobowski op dit blog.

 

Eine Seele

In deinen Lieder lebt mein Leben,
Durch meine Lieder strömt dein Blut.
Ein unerschöpftes Nehmen, Geben
Und eine unerschöpfte Glut.

Ein Lächeln nur und nur e i n Leiden,
Du bist in mir und ich in dir.
Und kommt das Glück, es winkt uns beiden,
Und keiner bettelt: Komm zu mir!

Und wenn mein Blick vom letzten Ziele
Ins fremde Land hinüberrinnt,
Du fühlst es mit, wie ich es fühle,
Weil wir so ganz verkettet sind.

 

Schwert und Rosen

Was tust, mein Liebster, bist du starr wie Stahl,
Auf dem die Sonnenblitze schmerzlich blinken? —
Vor deinem Schwerte wird mein Blick nicht fahl,
Und will es auch in meinem Blut versinken.

Denn sieh — mein Lächeln werf’ ich auf die Schneide,
Und liebe Wünsche fallen aus der Hand
Gleich Rosen, die in überreifer Freude
Die schwersten Düfte für sich losgebrannt.

Einst wird dein Stahl im Blut der Blätter liegen,
Dann ruht veratmend deine stumme Kraft,
Und lachend über Schwert und Schärfe siegen
Die roten Rosen meiner Leidenschaft.

 

Mit einem Buch

Dies Büchlein ist ein Lorbeerhaufen,
Den die Begeist’rung üppig trieb.
Du, Liebste, lass den Dichter laufen,
Und hab’ nur mich, den Menschen, lieb.

 

 

 1535545-e56188c6649b9756b7432c5c1554fefd.jpg
Ludwig Jacobowski (21 januari 1868 – 2 december 1900)

 

 

De IJslandse schrijfster Kristín Marja Baldursdóttir werd geboren op 21 januari 1949 in Hafnarfjörður. Zie ook alle tags voor Kristín Marja Baldursdóttir op dit blog.

Uit: Karitas (Vertaald door Henry Kiljan Albansson)

“La corde à linge chanta dans l'air glacé lorsque les soeurs la touchèrent, les tabliers qu'elles y avaient étendus à sécher s'étaient blottis les uns contre les autres dans le froid, ils étaient entortillés et raidis par le gel. Venu de l'océan, le vent du nord s'était acharné sur eux toute la nuit et les soeurs essayaient de deviner ses méthodes, avait-il d'abord soufflé du nord, puis de l'est et achevé de les tordre par de longues bourrasques du sud ou bien avait-il opéré en sens inverse ? Elles regardèrent autour d'elles dans toutes les directions comme si elles espéraient voir le vent lui-même en chemin avec une tête et une queue mais il s'en était allé par-delà les abruptes montagnes bien avant l'aube. Seul restait le gel qui crissait sous leurs pieds.
La servante sortit dans la cour pour chercher l'aiguille à tricoter qu'elle avait perdue dans son dernier accès de fureur, aperçut le linge sur la corde et dit, après avoir tapoté celui-ci du doigt et poussé un cri : vous serez liées ensemble comme ces tabliers toute votre vie, mes petites agnelles. Et elle bêla dans l'air glacé du matin tout en cherchant son aiguille. Leur mère sortit à son tour. Ne dit pas un seul mot en observant l'entortillement de tabliers. Resserra seulement un peu mieux le châle de laine sur sa poitrine et plissa les yeux comme on le fait par un froid vif. Avec une expression froide, elle laissa glisser son regard du linge gelé jusqu'à l'anse, courte, large et agitée, scruta l'océan et le large comme si elle voulait faire jaillir leur père des profondeurs par magie, se retourna à demi, regarda d'un air lugubre la montagne couverte de neige qui pouvait n'importe quand et comme ça lui chantait se débarrasser de son lourd fardeau juste pour ensevelir les hommes et les bêtes, et finalement, le dos tourné à l'océan, elle laissa courir son regard sur la vallée et jusqu'à la colline où habitait l'esprit maléfique.”

 

 1535545-5426caab6ab44319ccb6daeec48aa35a.jpg
Kristín Marja Baldursdóttir (Hafnarfjörður, 21 januari 1949)

 

 

De Oostenrijkse schrijver en kunsthistoricus Egon Friedell werd op 21 januari 1878 in Wenen geboren. Zie ook alle tags voor Egon Friedell op dit blog.

Uit: Kleine Porträtgalerie (Novalis)

„Friedrich von Hardenberg, der als Künstler Novalis hieß, darf als einer der allercharakteristischsten Repräsentanten seiner Zeit gelten. Seine Philosophie tritt erst in ihre volle Beleuchtung, wenn sie als Extrakt und Type ihres Zeitalters verstanden wird. Wir müssen daher zunächst versuchen, uns diese Periode in ihren allgemeinsten historischen Zügen kurz zu vergegenwärtigen.
(...)

Hardenbergs Leben umfaßt die drei letzten Jahrzehnte des achtzehnten Jahrhunderts: die Zeit der großen Revolutionen. Auf den nordamerikanischen Freiheitskrieg und die Gründung der Vereinigten Staaten war die Französische Revolution gefolgt, die durch die imposante Ferozität der Instinkte, die hier frei wurden, Europa ein blendendes Schauspiel bot. Indessen hat die Französische Revolution auf Deutschland im ganzen nicht günstig gewirkt: ihre Haupterzeugnisse auf deutschem Boden waren Schwärmerei und Reaktion.
Auch in Preußen, dem Vaterlande und vorwiegenden Aufenthalte Hardenbergs, lagen die politischen Zustände nicht günstiger als anderswo. Kein Land ruhte mehr auf der Persönlichkeit seines Monarchen als Preußen. Auf die glänzende friderizianische Ära war die Regierung Friedrich Wilhelms II. gefolgt, der in allem das Gegenbild seines großen Oheims war. Er war kein böser Mensch, auch nicht unbegabt, aber überaus leichtfertig und genußsüchtig, energielos und bequem, jeder momentanen Impression bereitwillig zugänglich, der richtige Gefühlsmensch am Ende des achtzehnten Jahrhunderts. Seine persönlichen Verhältnisse waren ungeordnet, das Hofleben frivol und ausschweifend, er selbst dem schönen Geschlecht mehr zugetan, als es sich mit seinen strenggläubigen Tendenzen vertrug.“

 

 1535545-d17dc80d2285f884ce2a0180c68bdb71.jpg
Egon Friedell (21 januari 1878 – 16 maart 1938)
Cover biografie 

 

 

De Hongaarse schrijver Imre Madách werd geboren op 21 januari 1823 in Dolná Strehová in het huidige Slowakije. Zie ook alle tags voor Imre Madách op dit blog.

Uit: Tragedy Of The Man (Vertaald door Ottó Tomschey)

MICHAEL ARCHANGEL

Who unifies the eternally
Changing and the unchanging nations,
Creating infinity and time
And entities and generations:
Hosanna to Thee, Power! (Throws himself down.)

RAPHAEL ARCHANGEL

Thou, who irradiates blessedness
Bringing to consciousness the body,
And allows piously the whole world
Your wisdom forever to study:
Hosanna to Thee, Goodness! (Throws himself down.)

(Pause.)

THE LORD

You, Lucifer, are silent, proudly stand,
Or you have no words to my laudation?
Or you dislike what I have created?

LUCIFER

And what to like in it? That some matter
Endowed with different characteristics
That before being manifested maybe
You did not foresee in them and if yes,
You possess now no power to change them,
Being moulded in some balls by fits and starts,
These attract, pursue, repel one another
And become conscious in some sorry worms,
Till all will be fill'd and all will be cool'd
And there remains the neutral slag only. - -
Man will certainly learn this by watching
And will simulate it in his kitchen. -
You put into your great kitchen your man
And of his bungling you take no notice,
He brews and fancies himself to be God.

 

 1535545-9d9ded126d95c305fca26c3ac4aa5049.jpg
Imre Madách (21 januari 1823 – 5 oktober 1864)
Standbeeld in Balassagyarmat

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 17e januari ook mijn blog van 17 januari 2011 deel 1 en eveneens deel 2.

Geschreven door Romenu om 19:09 Reageer op dit bericht

Edward Hirsch, Nazim Hikmet, Guy Helminger, Sawako Ariyoshi, Batya Gur, Robert Olen Butler Jr.

De Amerikaanse dichter en letterkundige Edward Hirsch werd geboren op 20 januari 1950 in Chicago. Zie ook alle tags voor Edward Hirsch op dit blog.

 

For the Sleepwalkers

Tonight I want to say something wonderful
for the sleepwalkers who have so much faith
in their legs, so much faith in the invisible

arrow carved into the carpet, the worn path
that leads to the stairs instead of the window,
the gaping doorway instead of the seamless mirror.

I love the way that sleepwalkers are willing
to step out of their bodies into the night,
to raise their arms and welcome the darkness,

palming the blank spaces, touching everything.
Always they return home safely, like blind men
who know it is morning by feeling shadows.

And always they wake up as themselves again.
That's why I want to say something astonishing
like: Our hearts are leaving our bodies.

Our hearts are thirsty black handkerchiefs
flying through the trees at night, soaking up
the darkest beams of moonlight, the music

of owls, the motion of wind-torn branches.
And now our hearts are thick black fists
flying back to the glove of our chests.

We have to learn to trust our hearts like that.
We have to learn the desperate faith of sleep-
walkers who rise out of their calm beds

and walk through the skin of another life.
We have to drink the stupefying cup of darkness
and wake up to ourselves, nourished and surprised.

 

 

 1534899-a4e966aafe94c38e056c38c222607f14.jpg
Edward Hirsch (Chicago, 20 januari 1950)

 

 

De Turkse schrijver Nazim Hikmet werd op 20 januari 1902 geboren in Thessaloniki. Zie ook alle tags voor Nazim Hikmet op dit blog.

 

The Faces Of Our Women

Mary didn't give birth to God.
Mary isn't the mother of God.
Mary is one mother among many mothers.
Mary gave birth to a son,
a son among many sons.
That's why Mary is so beautiful in all the pictures of her.
That's why Mary's son is so close to us, like our own sons.
The faces of our women are the book of our pains.
Our pains, our faults and the blood we shed
carve scars on the faces of our women like plows.
And our joys are reflected in the eyes of women
like the dawns glowing on the lakes.
Our imaginations are on the faces of women we love.
Whether we see them or not, they are before us,
closest to our realities and furthest.

 

You

You are my enslavement and my freedom
You are my flesh burning like a raw summer night
You are my country
You are the green silks in hazel eyes
You are big, beautiful and triumphant
And you are my sorrow that isn't felt
the more I feel it.

 

You Are My Drunkenness

You are my drunkenness...
I did not sober up, as if I can do that;
I don't want to anyway.
I have a headache, my knees are full of scars
I am in mud all around
I struggle to walk towards your hesitant light.

 

1534899-3109574625cf3d04c39571192d4fe28f.jpg
Nazim Hikmet (20 januari 1902 – 3 juni 1963)

 

 

De Duitse (Luxemburgse) schrijver Guy Helminger werd geboren op 20 januari 1963 in Esch-sur-Alzette. Zie ook alle tags voor Guy Helminger op dit blog.

 

nächtliches

er sei nämlich astronome,
und die energie
hocke in schwarzen löchern.

die prognosen?
pillenesser und götter.
brüste.
gräten und computer im netz
oder das blutende huhn,
der schächer im schaumbad.

des nachts.
abwechselnd gegen das wellblech gepinkelt,
fugenartig.


 

neckargedicht

fragmente im nebel.
eisschicht.

am ufer
glitten frachter
durch braune schneepfützen.

äste fingen vogelleiber:
möwen.

ein unbekannter
sprang von der brücke
in den fluß.

 

 

 1534899-fa610e95ea2ac49e6d90d295540e33d3.jpg
Guy Helminger (Esch-sur-Alzette, 20 januari 1963)

 

 

De Japanse schrijfster Sawako Ariyoshi werd geboren op 20 januari 1931 in Wakayama. Zie ook alle tags voor Sawako Ariyoshi op dit blog.

 The River Ki (Vertaald door Mildred Tahara)

“The two palanquin bearers, ordered from Wakayama City, gave a loud shout as they lifted the palanquin in which Hana was seated and carried it aboard the boat moored at the landing. They set the palanquin down in the middle of the boat and stationed themselves at the stern.
"She's a beauty!" said one of the men.
"A little doll," whispered the other. In the meantime the boatmen were calling out one to another.
"All set?"
"All right!"
The bride's boat left the shore. The go-betweens sat side by side like mandarin ducks in the lead boat, which had been loaded to capacity with presents for relatives and gifts sent in return for engagement presents. Toku waited on her mistress in the boat carrying Hana's palanquin, the second in the procession. Toku was fifty years old, and her face, heavily made up for the occasion, was tense. Though Ki province is relatively warm, the air over the river this early March morning chilled the women's skin, even though they were dressed in crested kimonos of silk pongee with matching sashes.“

 

 1534899-8c9def14371c3e9e02f2b95ea8b0e579.jpg
Sawako Ariyoshi (20 januari 1931 – 30 augustus 1984)
Cover

 

 

De Israëlische schrijfster, journaliste en literatuurwetenschapster Batya Gur werd geboren op 20 januari 1947 in Tel Aviv. Zie ook alle tags voor Batya Gur op dit blog.

Uit: Murder in Jerusalem

“Schreiber's smooth, large, white face was shining when he lifted his head from the camera lens. Benny Meyuhas touched his shoulders and moved him gently aside in order to get a peek through the lens, and then he too saw the figure standing at the edge of the roof, near the railing, holding the hem of her white gown in her hand, her drawn and pale face turned to the dark sky. He lifted his head and pointed at the moon.
Rain had fallen all week, especially at night, and even though the weather forecasters had noted repeatedly that these rains were benefi-cial, welcome, appearing now in mid-December as the harbinger of a wonderful winter, Benny Meyuhas was beside himself; it seemed to him that the head of the Production Department himself had ordered this rain in order to prevent him from the night filming of Iddo and Eynam, or, as he put it, "to finish up already with that thing that's eaten up our entire budget for Israeli drama." Just when Benny had lost all hope of completing these last scenes, which were being filmed in secret, if not absolutely underground due to the threat-which no crew member had actually mentioned but everyone knew-that Matty Cohen, head of production, could at any moment appear on the set and put a stop to the whole project, the rain suddenly let up and the moon appeared, as if it had consented to perform its role and cast light on the path of Gemullah the somnambulist, the heroine of Agnon's story, as she sleepwalked at the edge of the roof and sang songs from her childhood.”

 

 1534899-870e4c9b2610503d1cb5bcc7ff2cff66.jpg
Batya Gur (20 januari 1947 – 19 mei 2005)

 

 

De Amerikaanse schrijver Robert Olen Butler Jr. Werd geboren op 20 januari 1945 in Granite City, Illinois. Zie ook alle tags voor Robert Olen Butler Jr. op dit blog.

Uit: The Star of Istanbul

“I made another step to the side and another and I could see her again, in profile now, her long, straight nose beautifully at odds with the usual standards of beauty of this age. I thought: I bet her feet are large too and her hands and she is all the more beautiful for defying this world’s conventions in these details. And I was still entranced by her nose, absorbing even the precise curve where its bridge met her brow, a perfect fit, I fancied, for my fingertip, when she said, “I am a film actress.”
She’d hardly finished the sentence when one reporter leaped in before another hubbub of questions could begin. “Miss Bourgani,” he said, “the world is at war.” She turned her face instantly to him—in my general direction as well—and her dark eyes riveted him and his voice snagged as if he were suddenly beginning to choke. He managed to stammer a couple of meaningless vowel sounds and then he fell silent. The other reporters all laughed. But it was a sympathetic laugh. Hers was a face that could stop a thousand ships.
“Yes?” she said, encouraging him to go on with his question, giving the impression that she’d spoken softly, though I could hear her clearly.“Miss Bourgani,” the reporter began again. “In light of the German threats and this being a British liner, are you afraid to be traveling on the
Lusitania?”

 

 1534899-d2fca829557f36180649c377f9b73350.jpg
Robert Olen Butler Jr. (Granite City, 20 januari 1945)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 17e januari ook mijn blog van 20 januari 2013 deel 1 en ook deel 2 en eveneens deel 3.

Geschreven door Romenu om 18:24 Reageer op dit bericht

Stefan Popa

De Nederlandsche schrijver en journalist Stefan Popa werd op 20 januari 1989 geboren in Vleuten als zoon van een Roemeense vader en Nederlandse moeder, Hij bezocht het Ichthus College in Dronten en volgde een opleiding in de journalistiek aan de Hogeschool Windesheim in Zwolle.Hij publiceert regelmatig in onder andere De Volkskrant en Trouw. In 2012 werd hij benaderd door een literair agent die zijn weblog had gelezen. Dat leidde in 2014 uiteindelijk tot zijn debuutroman “Verdwenen grenzen.”

Uit: Verdwenen grenzen

“‘Remus sloeg een bres in de blauwe mistbank van goedkope sigarettenrook die hem tegemoet walmde toe hij La Nisip binnenstrompelde. Alsof hij zich eigenhandig een weg door het IJzeren Gordijn had gevochten, zo stond hij in de deuropening van het koffiehuis. Na herhaaldelijk piekeren had hij alle moed verzameld en was het gebouwtje binnengegaan. De discussie in het koffiehuis viel stil. Remus rilde. De aanwezigen keurden hem, hij voelde hun ogen graven naar ziel, waarin inmiddels alles was veranderd.’

 

 1572102-35e8da48e3588aa5a0f421333be85fac.jpg
Stefan Popa (Vleuten, 20 januari 1989)

Geschreven door Romenu om 00:00 Reageer op dit bericht

Julian Barnes, Edgar Allen Poe, Edwidge Danticat, Gustav Meyrink, Eugénio de Andrade

De Engelse schrijver Julian Barnes werd geboren op 19 januari 1946 in Leicester. Zie ook alle tags voor Julian Barnes op dit blog.

Uit: The Sense of an Ending

„I remember, in no particular order:
– a shiny inner wrist;
– steam rising from a wet sink as a hot frying pan is laughingly tossed into it;
– gouts of sperm circling a plughole, before being sluiced down the full length of a tall house;
– a river rushing nonsensically upstream, its wave and wash lit by half a dozen chasing torchbeams;
– another river, broad and grey, the direction of its flow disguised by a stiff wind exciting the surface;
– bathwater long gone cold behind a locked door. This last isn’t something I actually saw, but what you end up remembering isn’t always the same as what you have witnessed.
We live in time – it holds us and moulds us – but I’ve never felt I understood it very well. And I’m not referring to theories about how it bends and doubles back, or may exist elsewhere in parallel versions. No, I mean ordinary, everyday time, which clocks and watches assure us passes regularly: tick-tock, click-clock. Is there anything more plausible than a second hand? And yet it takes only the smallest pleasure or pain to teach us time’s malleability. Some emotions speed it up, others slow it down; occasionally, it seems to go missing – until the eventual point when it really does go missing, never to return.

***

I’m not very interested in my schooldays, and don’t feel any nostalgia for them. But school is where it all began, so I need to return briefly to a few incidents that have grown into anecdotes, to some approximate memories which time has deformed into certainty. If I can’t be sure of the actual events any more, I can at least be true to the impressions those facts left. That’s the best I can manage.
There were three of us, and he now made the fourth. We hadn’t expected to add to our tight number: cliques and pairings had happened long before, and we were already beginning to imagine our escape from school into life. His name was Adrian Finn, a tall, shy boy who initially kept his eyes down and his mind to himself. For the first day or two, we took little notice of him: at our school there was no welcoming ceremony, let alone its opposite, the punitive induction. We just registered his presence and waited.”

 

 1534281-7af61140867206438d45ecb40ee98268.jpg
Julian Barnes (Leicester, 19 januari 1946)

 

 

De Amerikaanse dichter en schrijver Edgar Allen Poe werd geboren op 19 januari 1809 in Boston. Zie ook alle tags voor Edgar Allen Poe op dit blog

 

Sancta Maria

Sancta Maria! turn thine eyes -
Upon the sinner's sacrifice,
Of fervent prayer and humble love,
From thy holy throne above.
At morn - at noon - at twilight dim -
Maria! thou hast heard my hymn!
In joy and wo - in good and ill -
Mother of God, be with me still!

When the Hours flew brightly by,
And not a cloud obscured the sky,
My soul, lest it should truant be,
Thy grace did guide to thine and thee;

Now, when storms of Fate o'ercast
Darkly my Present and my Past,
Let my Future radiant shine
With sweet hopes of thee and thine!

 

 

Sonnet- Silence

There are some qualities- some incorporate things,
That have a double life, which thus is made
A type of that twin entity which springs
From matter and light, evinced in solid and shade.
There is a two-fold Silence- sea and shore-
Body and soul. One dwells in lonely places,
Newly with grass o'ergrown; some solemn graces,
Some human memories and tearful lore,
Render him terrorless: his name's "No More."
He is the corporate Silence: dread him not!
No power hath he of evil in himself;
But should some urgent fate (untimely lot!)
Bring thee to meet his shadow (nameless elf,
That haunteth the lone regions where hath trod
No foot of man,) commend thyself to God!

 

 1534281-4d934d6de2d9d92b197bff23cdca9caf.jpg
Edgar Allen Poe (19 januari 1809 – 7 oktober 1849)
Borstbeeld in het Poe museum in Richmond

 

 

De Amerikaanse schrijfster Edwidge Danticat werd geboren in Port-au-Prince op Haïti op 19 januari 1969. Zie ook alle tags voor Edwidge Danticat op dit blog.

Uit: The Dew Breaker

“My creative eye finds Manager Salinas’ office gaudy. The walls are covered with orange-and-green wallpaper, briefly interrupted by a giant gold leaf–bordered print of a Victorian cottage that resembles the building we’re in.
Patting his light green tie, which brings out even more the hallucinatory shade of his eyes, Manager Salinas reassuringly tells me, "Officer Bo and I will do our best."
We start out with a brief description of my father: "Sixty-five, five feet eight inches, one hundred and eighty pounds, with a widow’s peak, thinning salt-and-pepper hair, and velvet-brown eyes—"
"Velvet?" Officer Bo interrupts.
"Deep brown, same color as his complexion," I explain.
My father has had partial frontal dentures since he fell off his and my mother’s bed and landed on his face ten years ago when he was having one of his prison nightmares. I mention that too. Just the dentures, not the nightmares. I also bring up the blunt, ropelike scar that runs from my father’s right cheek down to the corner of his mouth, the only visible reminder of the year he spent in prison in Haiti.
"Please don’t be offended by what I’m about to ask," Officer Bo says. "I deal with an older population here, and this is something that comes up a lot when they go missing. Does your daddy have any kind of mental illness, senility?"
I reply, "No, he’s not senile."
"You have any pictures of your daddy?" Officer Bo asks.
My father has never liked having his picture taken. We have only a few of him at home, some awkward shots at my different school graduations, with him standing between my mother and me, his hand covering his scar. I had hoped to take some pictures of him on this trip, but he hadn’t let me.”

 

 1534281-0c90eb9ca767b3b31d4f3683bd72eeee.jpg
Edwidge Danticat (Port-au-Prince, 19 januari 1969)

 

 

De Oostenrijkse schrijver Gustav Meyrink werd op 19 januari 1868 te Wenen geboren. Zie ook alle tags voor Gustav Meyrink op dit blog.

Uit: Der Engel vom westlichen Fenster

„Sonderbares Gefühl: das verschnürte und versiegelte Eigentum eines Toten in der Hand zu halten! Es ist, als gingen feine, unsichtbare Fäden von ihm aus, zart wie Spinnengewebe, und leiteten hinüber in ein dunkles Reich.
Die Führung des oft verschlungenen Spagats, die sorgsame Faltung des blauen Umschlagpapiers darunter: das alles zeugt stumm vom zielvollen Denken und Handeln eines Lebendigen, der den Tod kommen fühlte. Der darum Briefe, Notizen, Schatullen, angefüllt mit einst Wichtigem, nun aber bereits Gestorbenem, vollgesogen mit Erinnerungen, die lange jetzt verweht sind, sammelt, ordnet, bündelt mit halben Gedanken an einen zukünftigen Erben, einen ihm fast fremden, fernen Menschen – an mich –, der von seinem Hingang wissen und ihn erfahren wird, wenn das geschlossene Bündel, verschollen im Reiche der Lebenden, den Weg in fremde Hand gefunden hat.
Die wuchtigen Rotsiegel meines Vetters John Roger sinds, die es verschließen, und sie tragen das Wappen meiner Mutter und ihrer Familie. Lang genug hatte dieser Mutter-Brudersohn bei Basen und Tanten schon 'der Letzte seines Stammes' geheißen, und dieses Wort klang in meinen Ohren immer wie ein feierlicher Titel hinter seinem ohnedies fremdartigen Namen, wenn es mit sonderbarem, ein wenig lächerlichen Stolz ausgesprochen wurde von den dünnen, verschrumpften Lippen, die rundum die letzten waren, einen abgestorbenen Stamm den Rest seines Lebens aushüsteln zu lassen.
Dieser Stammbaum – so wuchert das heraldische Wortbild weiter in meiner grübelnden Phantasie – hat seltsam verknorrte Äste über ferne Länder gestreckt. In Schottland hat er gewurzelt und überall in England geblüht; mit einem der ältesten Geschlechter in Wales soll er blutsverwandt gewesen sein. Kräftige Schossen faßten Boden in Schweden, in Amerika, zuletzt in Steiermark und in Deutschland. Überall sind die Zweige abgestorben; in Großbritannien verdorrte der Stamm. Einzig bei uns hier im südlichen Österreich schoß ein letzter Ast in Saft: mein Vetter John Roger. Und diesen letzten Ast hat – England erwürgt!”

 

 1534281-e594d91dde66f9e1c668aaeb5ba9a012.jpg
Gustav Meyrink (19 januari 1868 – 4 december 1932)
Cover biografie

 

 

De Portugese dichter Eugénio de Andrade (eig. José Fontinhas) werd geboren op 19 januari 1923 in Póvoa de Atalaia. Zie ook alle tags voor Eugénio de Andrade op dit blog.

 

Goats

Wherever the earth is crag and scrub, the goats are there—the black ones, girlishly skipping, leaping their little leaps from rock to rock. I’ve loved their nerve and frisk since I was small.

Once my grandfather gave me one of my own. He showed me how I could serve myself when I got hungry, from the full-feeling bags there like warmish wineskins, where I’d let my hands linger some before bringing my mouth close, so the milk wouldn’t go to waste on my face, my neck, even my naked chest, which did happen sometimes, who knows if on purpose, my mind dwelling all the while on the savory-smelling vulvazinha. I called her Maltesa; she was my horse; I could almost say she was my first woman.

 

Vertaald door Atsuro Riley

 

 

We zijn groene bladeren waarin vogels...

We zijn groene bladeren waarin vogels
slapen van schaduw en eenzaamheid.
We zijn slechts bladeren en hun geruis.
Onzeker, niet in staat om bloem te zijn,
tot de bries ons beroert en doet trillen.
Waardoor bij elk van onze bewegingen
iedere vogel een ander wezen wordt.

 

Vertaald door Toon Cappuyns en Germain Droogenbroodt

 

 1534284-7f68e61f7cd5134fcfe11057166a7fb2.jpg
Eugénio de Andrade (19 januari 1923 – 13 juni 2005)
Beeld door Francisco Simões in het Parque dos Poetas in Oeiras

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 19e januari ook mijn vorige blog van vandaag.

Geschreven door Romenu om 18:02 Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten