Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
seniorennet.beseniorennet.be

Herman Brusselmans, Tadeusz Różewicz

De Vlaamse schrijver Herman Brusselmans werd geboren in Hamme op 9 oktober 1957. Zie ook alle tags voor Herman Brusselmans op dit blog.

Uit: Simpele personages

“Kleefland en Dorrus zaten op zekere dag in De Lobos. Ze dronken elk voor zich een Jupiler-pils. Buiten was het weer guur.
“Ik zou wel eens een dierentuin willen bezoeken”: zei Kleefland.
“Ach: zei Dorrus, “je weet niet waar je aan begint. Met al die beesten. Sommige spuwen in je gezicht”.
“Alleen de lama’s”, zei Kleefland, “en daar houd ik afstand van, je kent mij”.
De uitbater, tevens eigenaar van De Lobos, werd Fristi genoemd, vanwege dat roze drankje. Hij zei: “Ook vreemde wezens zijn Idafkoppers”.
“Wat zijn dat?’ wilde Kleefland weten.
“Kleine hagedissen die alleen voorkomen in het verleden”.
“Zijn ze derhalve uitgestorven?’ vroeg Dorrus.
“God mag het weten”, zei Fristi, en hij nam een slok van z’n Fristi. Je mocht hem midden in de nacht wakker maken om zo’n Fristi te drinken, maar niemand maakte hem ooit midden in de nacht wakker, wat hij een voordeel van slapen vond.
Verder zaten er in De Lobos een man in een rolstoel, twee nerveuze vrouwen, en iemand die leek op een jong kind maar toch al negentien jaar was. Hij heette Ros-veld, was op de sukkel en zat vaak op café om de tijd, die zichzelf nooit doodde, alsnog te doden. Op bepaalde tijdstippen ging hij naar het toilet om zich in te spuiten met speed.
“We kennen je niet, oude kerel”, zei Kleefland tegen de man in de rolstoel, “wie ben je?” “Noem jij mij een oude kerel?” zei de man. “Ik ben pas zeventig”.:
“En toch nog in een rolstoel zitten”, zei Dorrus.
“Dat komt door een ongeluk en door niks anders”, zei de man, “ik ben op m’n fiets geschept door een Scania Vabis”.
“Er gebeuren vele ongelukken met Scania’s”, zei Fristi, “en wat doet de regering eraan? Geen fluit”.

 

2724967-79def9ca5b7a578e7ba93e8736703e9b.jpg
Herman Brusselmans (Hamme, 9 oktober 1957)

 

 

De Poolse dichter en schrijver Tadeusz Różewicz werd geboren in Radomsko op 9 oktober 1921. Zie ook mijn blog van 9 oktober 2010 en eveneens alle tags voor Tadeusz Różewicz op dit blog.

 

 

Einst habe ich die Muse gefragt,
Und sie antwortete mir
Am Ende wirst du es finden…

maar hij die na het Einde kwam
kreeg geen antwoord

Op weg naar de Nieuwe Mens
het Nieuwe Jerusalem
Utopia

zocht ik moegeworden
naar schaduw
onder de boom van de kennis
van goed en kwaad
maar de boom was verdord
verwaaid

door de zwarte engel beroofd
van geloof hoop liefde
bevond ik me op een weg
leeg donker
ijzig koud

uit de verte bereikte me
geblaf van honden en mensen

maar thuis trof ik Vader
noch mijn broers noch was er brood

voor mij liet ik voetsporen achter
en ik week terug in een land zonder licht

 

 

Vertaald door Gerard Rasch

 

 

2724967-763d028ab976f1d0b53974b265ef3088.jpg
Tadeusz Różewicz (9 oktober 1921 – 24 april 2014)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 9e oktober ook  mijn blog van 9 oktober 2018 en ook mijn blog van 9 oktober 2017 en eveneens mijn blog van 9 oktober 2016 deel 2.






Geschreven door Romenu om 17:13 Reageer op dit bericht
Reageer op dit bericht

Reageer op dit bericht

Een titel of je eigen website toevoegen

De blogger leest alles eerst na: je tekst verschijnt zodra die goedgekeurd is.

Nobelprijs voor Literatuur 2026 voor Anne Carson

 

Nobelprijs voor Literatuur 2026 voor Anne Carson

De Canadese dichteres, essayiste en vertaalster Anne Carson heeft de Nobelprijs voor Literatuur 2026 gewonnen. Anne Carson werd geboren op 21 juni 1950 in Toronto. Zie ook alle tags voor Anne Carson op dit blog.

 

 

Tango XXV. Sad Severe Tango Dance of Love and Death Dance of Night and Men Dance of the Dark Kitchen of the Poverty of Desire

Shall we sharpen our eyes and circle closer to the beauty of the husband—
carefully, for he was on fire.
Under him the floor was on fire,
the world was on fire,
truth was on fire.
Around him green fire blew straight off every tree.
He was almost never sad, a god led him on.
Nor did he doubt his fate which looked as Napoleon used to say like this:
I write myself between worlds.
What he wrote depended on who he was with.
Once he met Ray
he began to write paintings.
In Ray’s room they worked side by side, the husband talked.
Ray liked learning about places in the world,
for he had scarcely travelled and about books,
for he did not read.
What are the Alps like?
From the plane they look fragile like pieces of pottery. Thin silences float inbetween.
And up close.
Up close more like cheese. Parmesan.
Is it expensive.
Parmesan?
Italy.
Yes and no.
You stay with your Italian sweetie?
She got married.
To who.
Man named Ricky.
They happy?
She had to unlock him she said.
Meaning sex.
I guess.
You know what’s good for that is tango.
For unlocking?
Cures the digestion too.
How do you know these things.
Remember Flor?
No.
The one before Karl.
Karl?
Karl was the one before Danny.
Oh.
And Flor was a tangoist.
That seems a long time ago to me.
Poor pure Flor.
Seems so long ago.
Flor was defenseless.
Doesn’t that seem a long time ago to you Ray.
No not so long but you were married then it was all different.
It makes me tremble.
What.
To think back. I remember exactly how I thought life would be.
Everyone has dreams.
No not dreams it was a precise picture.
What went wrong.
Middlemen.
Sorry?
Take the divorce for example, not her idea to divorce me. Middlemen got to her.
She knew you were lying and sleeping around.
Ray please I never lied to her. When need arose I may have used words that lied.
Way too philosophical for me.
Philosophers say man forms himself in dialogue.
That I understand.
So did she.
Now there you’re wrong.
Why do you say so.
I saw her go down.
She was far stronger than me.
She went down.
Everything I did I did for her.
Why are you yelling.
I’m going to see her this weekend.
You’re insane.
I’ll write first.
She divorced you three years ago why not leave her alone.
I have faith.
In what.
In us.
There is no us.
Deep pure faith.
But why.
Ray you know I wish I lived in another century.
You used to say the body is the beginning of everything.
I don’t believe that anymore.
You still sleep around.
I do.
You make me sad.
The way people live here—
Yes.
Land of no miracles.
What do you hope for now.
To be reborn as a great warrior in the year 3001.
On a June evening.
What did you say.
It’s a line from a tango song.
On a June evening yes.

They went on working, he at his easel
and he on the floor by the lamp
while high black banks of twilight came and stood around them close
as sentries.
The husband was making a plan of the Battle of Epipolai

which he hoped to transfer to a wall of his house using acrylic paint
and small flags.
Why Epipolai? This bloody Athenian defeat
began with one surprise night move in 413 B.C.
Blurring a line between courage and folly

the Athenians attacked uphill in the dark
against fortified Syracusan positions.
Its originality at first
brought success to the plan,
then the Syracusans grasped it

and charged and disorder flowed everywhere.
Visibility was by moonlight,
they could see outlines but not who was who.
Hoplites got churning
in a space no bigger than a stairwell

for those Athenians who were already routed and descending the cliff
met others arriving fresh to the attack
and took them for enemies—moreover,
constantly shouting the password
they revealed it to the enemy and with this word

coming at them wrongly in the dark the Athenians panicked.
Friend fell upon friend.
It was like a beautiful boiling dance where your partner
turns
and stabs you to death,

cauldron of red Sicilian moon and white Greek lips.
He hums as he works.
Rectangles for the Syracusan outbuildings,
broken lines for the brave Athenian assault,
triangles for likely places of confrontation,

black dots of varying sizes for estimated casualties along the path of the rout.
In his mind
he is composing a letter
to explain to her (again)
about the fog of war and need for endurance and splendor
they will come to in the end.
We need a new password he whispers with a smile,
as he imagines himself arriving exhausted and hoarse,
dusty from the road, riding a tank one fine evening.
June evening.

 

 2724963-e40206d56b45301f198e2663061976b5.jpg
Anne Carson (Toronto, 21 juni 1950)

Geschreven door Romenu om 16:56 Reageer op dit bericht

Alexis de Roode, Arne Rautenberg

De Nederlandse dichter Alexis de Roode werd geboren op 8 oktober 1970 in Hulst. Zie ook alle tags voor Alexis de Roode op dit blog.

 

 

Mechaniek

Een klein metronoom die tikt en draait,
dat is de klok. Neutraal als hekwerkstaal.
Niet wreed zoals het weer, de vrouw, de man..
De klok maakt niemand oud of gek of kaal.

Het koele mechaniek heeft niets met ons
van doen. De wijzers draaien stijfjes door.
Hij komt uit onze hand, maar luistert niet
naar onze nood; hij volgt zijn tandenspoor.

Waarom gehoorzaamt u dat polsgeval?
Waarom zo zweten, janken, al die last?
Wanneer er van je neus een traan in drupt
verliest het ding meteen de maat. Roest vast.

 

 

Pijnloze metamorfosen V

Laten we zeggen:
ik ben een koning.
Niet om wat ik kan of
ben, ben ik koning, koning
ben ik zonder meer.
Al voor ik geboren werd
bekleedde men voor mij
de aarde met zachte wolken.
Bloesemend kant ben ik
dat zwijgt van waardigheid.

Het is mijn wens
een gelijke te ontmoeten
die mijn uitzicht kan delen,
maar niemand geeft gehoor
aan mijn bevel.
Ik ga soms liggen in het gras
om zichtbaar te worden
voor mijn volk,
maar het schijnt mij toe
dat wij werkelijk alleen zijn.

 

 

Springhond

Uit het donker komt ze tevoorschijn,
ze hijgt en zigzagt tussen sprieten door,
komt op mij af in bokkensprongen,
het lijkt of ze lacht, ze springt!

En ik ren en ik ren en ik ren door de nacht
en ik ben groter dan een grashalm
en de bomen duiken speels voor mij weg
en daar is een bankje en heel laag heel makkelijk
en ik spring!
en de sterren blijven plakken in mijn maanstraalhaar
en daar is de grond en boem! en ik ren en ik ren
en mijn tong laat ik slingeren over de grond
en ik proef de aarde en lekker! en 40.000 kilometer!
en ik ruik een appel en een hert en een zeehond
en de sterren zijn fris en vooral Sirius
en ze dansen als gras en ze zingen als blaadjes
en ze zijn mijn honderdduizend ogen en kijken fonkelend neer
op het draaien van de grote blauwe wereld
en zien mij rennen in het park,
een kleine witte hond in de nacht

 

2724802-f419023d664384a2b6948f4e65fd249b.jpg
Alexis de Roode (Hulst, 8 oktober 1970)

 

 

De Duitse dichter, schrijver en kunstenaar Arne Rautenberg werd geboren op 10 oktober 1967 in Kiel. Zie ook alle tags voor Arne Rautenberg op dit blog.

 

 

te grote woorden

ster

langste lengtes
zicht en tast
baar over
bruggend
spuugt de koude
ster zijn einde
uit straalt bundel
gewijs rest
licht uit hangt in
de ruimte een vast
gevroren schijnsel
de hond ik noem
die ene ster
daar reeds lang
wordt korter zijn
vurige staart
stormt naar binnen
barst door
pupillenzwart als
uitgebrand
einde
naar jou toe

 

 

Vertaald door Frans Roumen

 

2724802-0ea3ea3eed51956f6131710461e53ac4.jpg
Arne Rautenberg (Kiel, 10 oktober 1967)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 8e oktober ook mijn blog van 8 oktober 2018 en ook mijn blog van 8 oktober 2017.

Geschreven door Romenu om 16:56 Reageer op dit bericht

Simon Carmiggelt, Arne Rautenberg

De Nederlandse schrijver en dichter Simon Carmiggelt werd geboren op 7 oktober 1913 in Den Haag. Zie ook alle tags voor Simon Carmiggelt op dit blog.

Uit: Kroeglopen 2 (Een rondje)

“Een paar weken terug is ome Jan plotseling gestorven. Op weg van de kroeg naar zijn kamertje zakte hij in de steeg als een lampion in elkaar en was meteen elders. Het hart, hè. De vaste jongens hoorden het pas de volgende ochtend, toen ze aan de tapkast stonden uit te wasemen. Ze zeiden eerst dat je ’t je eigen niet kon voorstellen. Toen namen ze een pilsje en zeiden dat ze, even zo vrolijk, tékenden voor zo’n dood.
‘Ze hebben ‘m uitgedraaid als ’t knoppie van ’t licht,’ zei de kastelein. ‘Wat kun je nou mooier hebben?’
En dan, hij was zevenenzeventig, dus hij had niks te mopperen. Al vele jaren zat hij de hele dag in de kroeg, geen woeste zuiper, maar wel, wat de Engelsen noemen always willing to bend an elbow. Toen hij vierenveertig was, had de dokter gezegd: ‘Als u zo doorgaat, leeft u geen maand meer.’ Hij was zo doorgegaan. De enige verandering die hij in zijn leven aanbracht, was dat hij sindsdien nimmer meer een dokter bezocht. Zo wordt een mens ongehinderd zevenenzeventig. Omdat hij een wandelend bewijs was van de medische ignorantie en de heilzaamheid van een ongezonde levenstrant, werd hij in de kroeg behandeld als een heilige koe. Sterk moet hij in elk geval geweest zijn, want de Duitsers hadden vier oorlogsjaren lang in Mauthausen ijverig geprobeerd hem dood te schoppen, ’t Had hem niet eens haatdragend gemaakt.
‘Al dat mishandelen is natuurlijk niet goed voor je gestel,’ zei hij wel eens, ‘maar ik moet toegeven, je had er ook geschikten onder, die niet sloegen. Nou ja, zo’n enkel klapje…’
Ofschoon hij een uitstekende echtgenoot en een liefhebbende vader zou zijn geweest, had hij kind noch kraai. Aan trouwen was hij nooit begonnen.
‘Dat komt, ik heb een zéér gelukkige jeugd gehad,’ zei hij, ‘en als ik dan een meisje ontmoette, dacht ik altijd: ze is wel aardig, maar toch niet zoals mijn moedertje.’
Dat woord ‘moedertje’ liet hij als een witte duif los in de sigarenmist van de kroeg en hij keek het na door ogenzilt. Ook zijn vader had hij diep bemind, ’t Was een fervente wandelaar geweest, die op hoge leeftijd nog doodleuk naar Haarlem liep. Een vrolijk iemand ook, altijd vol kwinkslagen en fopperijen, maar op de middag van zijn sterven was hij plotseling bevangen door de oermelancholie waaraan niemand ontkomt, en hij had, star naar het plafond kijkend, gezegd: ‘Ik heb ’t, geloof ik, allemaal verkeerd gedaan.’
‘Ben je belazerd, ouwe, je hebt ’t juist prachtig gedaan,’ had ome Jan geantwoord.”

 

2724649-08e0c7c30c9e75e0720950e604caae16.jpg
Simon Carmiggelt (7 oktober 1913 – 30 november 1987)

 

 

De Duitse dichter, schrijver en kunstenaar Arne Rautenberg werd geboren op 10 oktober 1967 in Kiel. Zie ook alle tags voor Arne Rautenberg op dit blog.

 

 

te grote woorden

vlees

bleek afgelikt
tussenstuk jij
blauw gespikkeld,
kruist het pad
van de warme
handen verderop
betegelde muren de
botten
huid en vandaag gespannen
over til nog
een steen uit het
gras draai
zijn vochtige kant
voor je gezicht in het
gat in de aarde — kijk:
ongedierte, hoe het
kriebelt in het licht
in het licht

 

 

Vertaald door Frans Roumen

 

2724649-2ab4c9c489dfe82c32f2b950d25de983.jpg
Arne Rautenberg (Kiel, 10 oktober 1967)

 

Zie voor de schrijvers van de 7e oktober ook mijn blog van 7 oktober 2018 deel 1 en eveneens deel 2.



Geschreven door Romenu om 17:05 Reageer op dit bericht

Victor Vroomkoning, Ulrike Ulrich

Deze blog wordt hier helaas niet meer goed weergegeven. Seniorennet heeft laten weten dat ze er niets aan kunnen doen. Zie voor een versie met een corrcecte layout mijn nieuwe blog: Romenu 2025 https://blog.seniorennet.be/romenu2025/

-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------

De Nederlandse dichter Victor Vroomkoning (pseudoniem van Walter van de Laar) werd geboren op 6 oktober 1938 in Boxtel. Zie ook alle tags voor Victor Vroomkoning op dit blog.

 

ik hou van mensen die blijven…

ik hou van mensen die blijven, zei hij,
we stonden samen onder het afdak te turen
naar het kantwerk van de winterbomen
en door zijn woorden had ik moeite om weg te gaan

hij voerde me door de geschonden lanen van zijn jeugd,
langs vergane boomgaarden, nabij tere beken,
voor een gesloopt huis hield hij halt en
keek heimelijk door het venster van zijn eerste liefde
aarzelend sloop er zomer in zijn stem
en ik zag dat hij even weg was

 

De Liefde, O, De Liefde!

Een steelse blik is haar begin
een bliksemschicht van hart naar hoofd,
de reactoren van het menselijk geluk.
Ze tuit je lippen tot een kus, legt je lus
van armen om een hals, wang aan wang
je wrijft en later, lager kruis aan kruis.

Als ze blijft, de liefde die je bliefde
wat broedt ze uit? Ze aait, ze paait,
ze likt, verstikt, ze vergt, ze tergt.
Ze paart, ze baart, ze sticht, verplicht.
De Liefde, O, De Liefde! Ze zweert en
deert, ze levert tranen van noodlottigheid.

Soms haat je haar omdat ze dingen met je doet
die je weliswaar niet wilt maar die je niet kunt
laten omdat zij het liefste wat er is, De Liefde is.

 

 

Wachten op de nacht


Vanmorgen was hij nog een spelend kind
in een tuin vol beelden, vanmiddag een
jongleur met toverballen op een marktplein
in de schemering een hemellichaam aan een
trapeze zonder net, maar met de avond viel
hij uit zijn luchtig leven in het vlees terug
van een schouwer, de twee handen om zijn
kop gevouwen, overdenkend hoe het kind
dat in hem opkwam zoveel plaats innam.

Nu dooft hij langzaam uit, soms is er nog
een glimp van helderheid waarin de wereld
oplicht, een gelaat dat bij een naam past
bij een ding een ander ding totdat het weten
hem ontvallen zal en er geen dag meer kraait.

 

2724521-7fa8b355e884d6f286b1b0499d7b8005.jpg
Victor Vroomkoning (Boxtel, 6 oktober 1938)

 

 

De Duitse dichteres en schrijfster Ulrike Ulrich werd geboren in op 6 oktober 1968 in Düsseldorf. Zie ook alle tags voor Ulrike Ulrich op dit blog.

 

Vertrek

Ze heeft zich al lange tijd voorbereid op haar vertrek.
Ze verzamelt haar moed en de belangrijkste spullen.
Ze maakt lijstjes van wat ze niet mag vergeten.
Ze levert geleende boeken in.
Bij de loket laat ze mensen voorgaan in de rij.
Ze controleert of de sporen er nog liggen.
Ze kijkt naar de mensen die vertrekken.
’s Avonds, wanneer de langeafstandstreinen de hele nacht doorrijden,
kijkt ze zonder schaamte in de slaapcoupés.
Ze kijkt naar de gezichten van de alleenreizenden met veel bagage.
Ze gaat naar het station en zoekt naar aansluitende treinen.
Als ze terugkomt, vraagt hij haar niet waar ze is geweest.

 

 

Vertaald door Frans Roumen

 

2724521-62660c64d045c817b7e45169e773b27b.png
Ulrike Ulrich (Düsseldorf, 6 oktober 1968)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 6e oktober ook mijn blog van 6 oktober 2025 en ook mijn blog van 6 oktober 2021 en ook mijn blog van 6 oktober 2018 deel 1 en eveneens deel 2.



Geschreven door Romenu om 16:47 Reageer op dit bericht

John Taggart, Roberto Juarroz

Deze blog wordt hier helaas niet meer goed weergegeven. Seniorennet heeft laten weten dat ze er niets aan kunnen doen. Zie voor een versie met een corrcecte layout mijn nieuwe blog: Romenu 2025 https://blog.seniorennet.be/romenu2025/

-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------

De Amerikaanse dichter en criticus John Taggart werd geboren op 5 oktober 1942 in Guthrie Center, Iowa. Zie ook alle tags voor John Taggart op dit blog.

 

Orange Berries Dark Green Leaves

Darkened not completely dark let us walk in the darkened field
trees in the field outlined against that which is less dark
under the trees are bushes with orange berries dark green leaves
not poetry’
s mixing of yellow light blue sky darker than that
darkness of the leaves a modulation of the accumulated darkness
orange of the berries another modulation spreading out toward us
it is like the reverberation of a bell rung three times
like the call of a voice the call of a voice that is not there.

We will not look up how they got their name in a book of names
we will not trace the name’
s root conjecture its first murmuring
the root of the berries their leaves is succoured by darkness
darkness like a large block of stone hauled on a wooden sled
like stone formed and reformed by a dark sea rolling in turmoil.

 

Refrains For Robert Quine

And goes is gone
cause for mourning head
in hands in tears gonna be a long long wait for the resurrection
of the dead.

There are birds there is birdsong
unmourning and unmournful at sunrise in the white light
there is a garden with high walls around it
jardin de plaisir
of mint and lavender of hyssop in hedges glassy beads of water on velvet leaves
purple-flaked lupin spikes above velvet pulmonaria
there is a gardener la belle jardinière bare-breasted and bare-footed
bouquets
of all flowers in her arms and woven in her hair.

2
And it hurts not good but
bad
to see a man head in hands in tears it breaks you up
to see a man come down in tears.

There are birds there is birdsong
having come through hunger and danger
there is free song
a free weaving of many songs
song against song and other songs clustered/spun out in a blending of wavy pitches
tant
doucement the phrase means what the songs mean
freshness
that meaning so sweetly and freely as a gardener weaves flowers in her hair.

 

2724369-b8a628f6f9ef237ca89ea8622af97003.jpg

John Taggart (Guthrie Center, 5 oktober 1942)

 

De Argentijnse dichter, essayist en literatuurwetenschapper Roberto Juarroz werd geboren in Coronel Dorrego op 5 oktober 1925. Zie ook alle tags voor Roberto Juarroz op dit blog.

Achtste reeks. 72

Wat eerst uitgewist:
de schaduw of het lichaam,
het gisteren geschreven woord,
of het vandaag geschreven woord,
de donkere dag,
of de heldere dag?

Er moet een orde worden gevonden.
Het leren uitwissen van de wereld
zal ons later helpen onszelf uit te wissen.

 

Vertaald door Mariolein Sabarte Belacortu

 


Roberto Juarroz (5 oktober 1925 – 31 maart 1995)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 5e oktober ook mijn blog van 5 oktober 2018 en ook mijn blog van 5 oktober 2017 en eveneens mijn blog van 5 oktober 2014 deel 2.



Geschreven door Romenu om 17:06 Reageer op dit bericht

Zo is het leven (Jan de Bas), Roberto Juarroz

 

2724381-65d6c78c070cf0012e5b153a697bc798.jpg
Vier vrienden door Maud Earl, 1893

 

Zo is het leven

Hond. Vier poten in de mand.
Kijken. Blaffen. Hijgen. Vier
poten uit de mand. Lopen.
Stilstaan. Lopen naar de mand.

Hond. Vier poten in de mand.
Kijken. Blaffen. Hijgen. Vier poten
uit de mand. Lopen. Blaffen.
Hijgen. Hond. Vier poten

in de mand. Kijken. Blaffen.
Hijgen. Zitten. Blaffen Hijgen.
Liggen. Blaffen. Hijgen. Hond.
Vier poten in de mand.

 

 

2724381-adcb9c70d769c0f72b10e92488df4a25.jpg
Jan de Bas (Waddinxveen, 13 januari 1964)
Een pauw in Kinderboerderij Dierendal inWaddinxveen

 

 

De Argentijnse dichter, essayist en literatuurwetenschapper Roberto Juarroz werd geboren in Coronel Dorrego op 5 oktober 1925. Zie ook alle tags voor Roberto Juarroz op dit blog.

 

 

ACHTSTE REEKS. 2

Ook de woorden vallen op de grond,
als vogels die plotseling dol worden
van hun eigen bewegingen,
als voorwerpen die opeens hun evenwicht verliezen,
als mensen die struikelen terwijl er geen obstakels zijn,
als poppen vervreemd door hun stijfheid.

En in dat geval bouwen
de woorden zelf een trap vanaf de grond
om weer naar het betoog van de mens te klimmen,
naar zijn gestamel
of zijn laatste woorden.

Maar er blijven er een paar liggen.
En soms vind je ze
bijna verborgen achter hun schutkleur,
alsof ze wisten dat iemand ze zou oppakken
om een nieuwe taal met ze te maken,
een taal die alleen uit gevallen woorden bestaat.

 

 

Vertaald door Mariolein Sabarte Belacortu

 

2724381-e2ce2dc3ce9b21cf9572882dc845f479.jpg
Roberto Juarroz (5 oktober 1925 – 31 maart 1995)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 4e oktober ook mijn blog van 4 oktober 2018 en ook mijn blog van 4 oktober 2017 en eveneens mijn blog van 4 oktober 2015 deel 2.



Geschreven door Romenu om 00:00 Reageer op dit bericht

Kira Wuck, Roberto Juarroz

Deze blog wordt hier helaas niet meer goed weergegeven. Seniorennet heeft laten weten dat ze er niets aan kunnen doen. Zie voor een versie met een corrcecte layout mijn nieuwe blog: Romenu 2025 https://blog.seniorennet.be/romenu2025/

-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------

De Nederlandse dichteres Kira Wuck werd geboren in Amsterdam op 3 oktober 1978. Zie ook alle tags voor Kira Wuck op dit blog.

 

 

Eenzaamheid ruikt naar kalfslever in een ovenschaal
de geur plakt in elke hoek van het huis
sneeuw en hoge bomen bakenen wegen af
Je komt niet weg voordat alles ontdooit
daarom trouwt men hier snel

Soms hakt er iemand een wak in het ijs
om te kijken of hij nog leeft
in de sauna worden vriendschappen geruild voor bier
Woorden zijn spaarzaam als het licht
als iemand wat vraagt
plak ik de mijne onder de sneeuw

In de keuken drink ik de laatste slokken
uit wijnglazen die op de afwas wachten
gekookte varkenshoofden gapen me aan
sneeuw wordt van daken geveegd

Ik verstop mij in een lichte roes onder het tafelkleed
pulk de inhoud uit een broodje
kijk waar muren elkaar raken

 

 

Vertrek

Op de nachtpont spelen trompetten
de wind blaast resten uit mijn haar
handen grijpen ramen vast die maar
niet dicht willen gaan
Een jongen op de oever zwaait mij
wild gedag
ik ken jou niet, zeg ik
jawel zegt de jongen
we halen er een spiegeltje bij
als het niet beslaat –
dan ben je vertrokken

 

 

Uitzicht

Vroeger had ze een kat die te bol werd
om te rennen
ze breidt nog steeds truitjes en zoekt
zijn haar
de televisie staat aan, maar meestal op
een tussenkanaal
ze noemt het uitzicht

Ze kijkt naar de foto op het nacht-
kastje
een magere man met spitse oren
hij zorgt dat ze haar gebedjes niet
vergeet
ze draait zijn gezicht naar de muur
de verpleegster draait hem bij het
afstoffen terug

Nog voordat de maan vertrokken is
kijkt ze hoe de bruine prut in de kan
druppelt
de stad is klein door haar raam
ze is er in drie stappen vanaf de keuken

 

2724051-05bd823e1d7cba4e191b87fc78dbea28.jpg
Kira Wuck (Amsterdam, 3 oktober 1978)

 

 

De Argentijnse dichter, essayist en literatuurwetenschapper Roberto Juarroz werd geboren in Coronel Dorrego op 5 oktober 1925. Zie ook alle tags voor Roberto Juarroz op dit blog.

 

 

ELFDE REEKS. 1. 3

Een tekst die de buitenlucht verdraagt,
in de zon kan worden gelezen of in de regen,
in de schreeuw of de nacht,
in de naakte tijd.

Een tekst die de oneindigheid verdraagt,
de kieren die zich verspreiden als stuifmeel,
het meedogenloze lezen van de goden,
het ongeletterde lezen van de woestijn.

Een tekst die de buitenlucht
totaal weerstaat.
Een tekst die zelfs gelezen kan worden
in de dood.

 

Vertaald door Mariolein Sabarte Belacortu

 

 

2724051-212e94c5b324bf2a876596ef4f0cd5e9.jpg
Roberto Juarroz (5 oktober 1925 – 31 maart 1995)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 3e oktober ook mijn blog van 3 oktober 2020 en evenens mijn blog van 3 oktober 2018 en ook mijn blog van 3 oktober 2017 en eveneens mijn blog van 3 oktober 2015 deel 2.



Geschreven door Romenu om 17:28 Reageer op dit bericht

Dimitri Verhulst, Wallace Stevens

De Vlaamse dichter en schrijver Dimitri Verhulst werd op 2 oktober 1972 geboren in Aalst. Zie ook alle tags voor Dimitri Verhulst op dit blog.

Uit: De laatkomer

“Hoewel volkomen opzettelijk, is het zeer tegen mijn zin dat ik iedere nacht opnieuw in mijn bed schijt. Mij te verlagen tot deze zelfonterende daad is waarlijk de lastigste consequentie van de ietwat zotte levensweg die ik op mijn oude dag ben ingeslagen. Maar ik zou mijn verplegers en verpleegsters achterdochtig stemmen indien ik het in mijn slaap drooghield. Wens ik niet uit mijn rol van seniele grijsaard te vallen, dan heb ik geen andere keus dan op regelmatige basis mijn luiers te bevuilen. Want dat is het inderdaad: een rol. Ik ben helemaal niet zo dement als ik mijn omgeving doe geloven! Het zuur van mijn urine is ermee begonnen mijn billen aan te vreten en ik moet zeggen: mij zijn aangenamere sensaties bekend. De zalfjes die ronde Sonja en Aïscha dagelijks tussen mijn billen strijken terwijl ze kletsen over het appetijtelijke lijf van de vertegenwoordiger van Kukident kleefpasta die zijn producten aan dit tehuis hier slijt, verzachten geen knijt. Maar nogmaals, dat incontinente gedrag van me kan onder geen beding uit mijn script worden geschrapt. U moet het zich maar even proberen voor te stellen wat het zou geven wanneer plots werd ontdekt dat ik al een paar maanden met succes dementie veins! Dat ik al vele, vele weken onzin uitkraam of apathisch in mijn stoel zit te wiebelen terwijl ik, om zomaar iets te noemen, nog altijd hedendaagse politieke kwesties kan uitleggen. Het ziekenfonds zou zich bestolen voelen en mij voor de rechter slepen; het personeel, en al helemaal het vrouwelijk personeel van geriatrisch gesticht Winterlicht, zich misbruikt weten, aangetast in z’n integriteit, en mij met genoegen de schedel inslaan. Het medelijden dat mijn kinderen nu nog net voor me weten op te brengen zou zich hertalen in een grenzeloze schaamte voor hun vader. En mijn echtgenote, het kreng, zou, gesteld dat ze mij overleeft, en dat zal ze, mijn graf bedelven onder grote hoeveelheden mezenvoeder, zodat mijn nagedachtenis gedurig door de vogels werd bescheten. Dus neen, er is geen alternatief. Alle bruggen zijn verbrand, mij rest geen weg terug. Eenmaal in het oud-peetjeshuis, altijd in het oudpeetjeshuis. Ik wist waar ik aan begon. Doch dat neemt niet weg dat, van alle aspecten eigen aan het geloofwaardig neerzetten van een compleet seniele senior, de moedwillige terugkeer naar de onzindelijkheid mij het lastigst valt. Het is vaak met tranen in mijn ogen geweest dat ik hier ’s nachts mijn darmen binnenstebuiten perste. Een gebrek aan wilskracht kan mij de laatste maanden niet worden verweten, maar liggend in mijn eigen kleverige drek ben ik toch een aantal maal aan mijn onderneming beginnen twijfelen. Dat waren de zeldzame stonden waarin ik mij afvroeg: ‘Is dit het allemaal wel waard? Ben ik toch niet een tikkeltje te ver gegaan?’ Ondertussen heb ik op die vragen mijn definitieve antwoord wel klaar. Gelukkig maar.”

 

2723858-aaf97216c732b2cbda6991bd16c48d06.jpg
Dimitri Verhulst (Aalst, 2 oktober 1972)

 

 

De Amerikaanse dichter en essayist Wallace Stevens werd geboren op 2 oktober 1879 in Reading, Pennsylvania. Zie ook mijn blog van 2 oktober 2010 eneveneens alle tags voor Wallace Stevens op dit blog.

 

 

Zondagmorgen

II

Moet zij haar weelde aan de doden schenken?
Wat is goddelijkheid, als die alleen
In stille schaduwen bestaat en dromen?
Vindt zij niet in de streling van de zon,
In geurig fruit en lichtend groene vleugels,
Of andere balsem van de schone aarde,
Wat zij als hemels in zich koesteren kan?
Goddelijkheid moet in haarzelve wonen:
Hartstocht van regen, stemmingen van sneeuw,
Klachten van eenzaamheid of ongekooide
Verruktheid als het bos bloeit; vlagende
Emoties in de herfst op natte wegen;
Pijnen en vreugden beide, met behoud
Van zomertwijgen en van wintertakken.
Naar deze maten is haar ziel beschikt.

 

 

Vertaald door Lloyd Haft

 

 

2723858-55a5626155caca3cc8c5d9e5ece9d9ff.jpg
Wallace Stevens (2 oktober – 1879 – 2 augustus 1955)
De dichter zwaaiend met een wandelstok, ca. 1922

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 2e oktober ook mijn blog van 2 oktober 2024 en ook mijn blog van 2 oktober 2023 en ook mijn blog van 2 oktober 2020 en eveneens mijn blog van 2 oktober 2018.

Geschreven door Romenu om 17:12 Reageer op dit bericht

October (J.C. Bloem), Wallace Stevens

 

 

2723716-a9ec8367bf2ef02bf55718af67485a64.png

October’s Flame door Robert Strong Woodward, 1932

 

 

October

De hooge vloed des zomers is vergleden;
Nog gister wiegden we in zijn diepen schoot,
Nu proeven wij, bij ’t ’s morgens buiten treden,
Iets in de lucht van zaligheid en dood.

Dit is de teerste maand van ’t jaar: October,
Die van in damp gebroken licht verzaad,
Geheiligd, onaantastbaar-kuisch en sober,
Langs een gewijde en stille wereld gaat.

Een nieuwe weelde lokt: het zijn de stralen,
Van warmte en wellust algeheel ontdaan,
Die door een sfeer van ijle nevels dalen,
Als najaarsdraden in een vochte laan.

En, nauw-omstrengeld, dwalen door die prachten
Twee zielen, waarvan de een voor de ander zwicht,
Broeder en zuster van mijn herfstgedachten,
De dunne schaduw en het dunne licht.

De schaduw heeft het zware en fulpen donker
Van ’t zomerlijke lommer afgeleid,
En aan het milde licht bleef glans noch flonker,
Alleen een wonderlijke helderheid.

De luister van deze aarde is niet te dooven.
Mijn liefde wemelt in een zonnestraal
Rondom de laatste rozen dezer hoven,
Als spel van luiten aan een koningsmaal.

En mijn verlangens trekken met de scharen
Van vogels krijtend lang de blauwe lucht,
Die dichtbij ’t stralend hart des hemels varen,
Terwijl mijn loomte aan de aarde kleeft en zucht.

Ik denk aan u, droom van dit korte leven,
En van zijn barren gloed het rustloos vuur.
Het bloed mijns harten wildë ik u geven –
Zie: ’t werd een roode wingerd langs den muur.

O latere geliefden langs deez’ paden,
Wanneer mijn stof al wervelt op den wind,
Herdenkt mij: toen mijn voeten het betraden,
Heb ik dit landschap ook zoozeer bemind.

Herdenkt, herdenkt mij dan – maar niet verweven
Met de gedachte aan die de harten bluscht,
Maar als gij naar de grenzen reikt van ’t leven,
In najaarsnachten, warm van liefde en lust.

 

2723716-dcbf57f30fde74ab4a07517893b99691.jpg
J.C. Bloem (10 mei 1887 – 10 augustus 1966)
Oudshoorn, de geboorteplaats van J. C. Bloem

 

De Amerikaanse dichter en essayist Wallace Stevens werd geboren op 2 oktober 1879 in Reading, Pennsylvania. Zie ook alle tags voor Wallace Stevens op dit blog.

 

 

Zondagmorgen

I

Peignoirgenoegens, late koffie en
Sinaasappels genoten in de zon,
De groene vrijheid van een kaketoe,
Verdrijven samenspannend op het kleed
De heilige huiver van de offerdood.
Zij droomt een beetje en zij voelt, hoe zwart
Die oude catastrophe naderkruipt,
Zoals de windstilte waterlichtjes dooft.
De groene vleugels, scherpe geur van ’t fruit,
Lijken trofeeën in een stoet van doden
Over wijde wateren, zonder geluid.
Zo haar dag: wijd water, zonder geluid,
Voor haar dromende voeten uitgelegd,
Een zee begaanbaar tot in Palestina,
Het zwijgende domein van bloed en graf.

 

 

Vertaald door Lloyd Haft

 

 

2723716-bc1f28f7fe47a483a78811e825f7b8d1.jpg
Wallace Stevens (2 oktober – 1879 – 2 augustus 1955)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 1e oktober ook mijn blog van 1 oktober 2025 en ook mijn blog van 1 oktober 2021 en ook mijn blog van 1 oktober 2020 en eveneens mijn blog van 1 oktober 2018 en ook mijn blog van 1 oktober 2017 deel 1 en eveneens deel 2.

Geschreven door Romenu om 17:30 Reageer op dit bericht

Hendrik Marsman, Wallace Stevens

De Nederlandse dichter en schrijver Hendrik Marsman werd geboren op 30 september 1899 in Zeist. Zie ook alle tags voor Hendrik Marsman op dit blog.

Uit: Tempel en kruis

VII

‘O vleesch dat uzelve bevlekt
met het beursche vleesch der cultuur,
wees een plant weer, een stroomend wier
in de zwarte rivier der natuur.

al de woorden verdampen als dauw
en het zaad dat vruchtbaar zou zijn
in den buik van een bloeiende vrouw
verkwijnt in het knapenlijf

van den gladden hermafrodiet,
de hetaire die ’t embryo doodt;
slaap niet met het intellect,
paar niet met een kouden schoot.

want nog steeds is addergebroed
de vrucht van inteelt geweest
en ook de infant van den geest
zal den weg gaan van alle vleesch.

zie, de maan heeft het schrift al gevlekt
dat uw pen dreef in het papier;
ook het vers dat het merg u onttrekt
zal als het gras zoo kort zijn van duur.

verzink in het dal van den slaap,
in den humus der wereldgrond –
een bedwelming zonder naam,
een vergetelheid zonder grond.’

VIII

Vroeg in den morgen dwaalt hij door de stad.
de stilte schrikt, en vluchtig slaat de straat
de leege oogen op naar het gezicht
der oude scheemring aan den overkant,
een wezenloos gelaat, of zij zichzelve
in den spiegel ziet.
hij volgt de gracht,
het doode water slaapt in ’t bronzen bed
tusschen de werven nog, geen zon belaagt
in het beschimmeld duister van de brug

met judaspenning het geheim der visch.
de boomen stil, ’t blad houdt den adem in
van het doorschijnend lispelend verhaal
dat het zich eindeloos herhalen wil
en vreest den overval der dageraad.

 

2723541-548d2eaac01a0d58e00ea465dfe34ae1.jpg
Hendrik Marsman (30 september 1899 – 21 juni 1940)
De jonge Hendrik Marsman in 2016, 17 jaar oud

 



De Amerikaanse dichter en essayist Wallace Stevens werd geboren op 2 oktober 1879 in Reading, Pennsylvania. Zie ook alle tags voor Wallace Stevens op dit blog.

 

The dwarf

Nu is het september
En het web geweven,
Het web is nu geweven
En je moet het aan.

De winter is gereed, je moet hem dragen,
Winterweb, wintergeweven wind,

Zomerse gedachten
Die het brein erover heenplakt
Ten spijt – lappen op een lappenpop.

De geest is nu gewrocht.
Langzaam, langzaam
Werd eraan gevlochten.

Dit is wat je bent,
Je uiteindelijke mannetje
Geweven, geweven
En hij wil nu gedragen.

Masker noch gewaad, dit
Wezen uit de vale zomer
Losgerukt, spiegel van de kou, komt zitten

Thuis naast je lampje:
Slokken van je glaasje,
Morsen met je mok.

Kijk maar: rijp
Tussen de baardstoppels al.

 

Vertaald door Lloyd Haft

 

2723541-dd6afe3de011f9977e8a2fb624056d4b.jpg
Wallace Stevens (2 oktober – 1879 – 2 augustus 1955)
Ingekleurde portretdfoto uit 1948

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 30e september ook mijn blog van 30 september 2023 en ook mijn blog van 30 september 2020 en eveneens mijn blog van 30 september 2018 deel 1 en ook deel 2.

Geschreven door Romenu om 17:15 Reageer op dit bericht

Jon Fosse, W. S. Merwin

De Noorse schrijver en dichter Jon Fosse werd geboren in Haugesund op 29 september 1959. Zie ook alle tags voor Jon Fosse op dit blog.

 

IETS OVER DE TONEELSPELER

in wat zich roert
als het leven
altijd in verweesde beweging
is iets rustig
en zwaar
als het leven zelf
zwaar is           Voor sommigen
wordt het leven te licht
en tegelijkertijd te zwaar
en zij stappen uit het gebeuren
en staan daar
wankel
beschaamd
en weten niet wat te zeggen
ze hebben niets te zeggen
en daarom moet er iets gezegd            En ze stappen naar voren
met passen licht en doelgericht als de wind
stappen ze naar voren
en dan staan ze daar
zwaar van zichzelf
in elkaars licht
terwijl de schaamte
vervliegt
gewichtloos als de engel van de hond
 
En dan gaan de vleugels van de engel open
en vouwen zich om hen heen
 
En dan is het gezegd

 

 

DE BERG HOUDT ZIJN ADEM IN

een diep inademen
en toen stond de berg daar
toen stond de berg daar
en zo staat de berg daar
 
en buigt zich neer
en neer
in zichzelf
en houdt zijn adem in
 
terwijl wind en water
strelen en slaan
houdt de berg zijn adem in

 

 

GEWOON WETEN

de zang, de zang van de zee
glijdt neer langs de steile rotsen
en verder langs hemel
 
in blauwe zweefvlucht, als een schemeren
naar waar wij samenzijn
en waar wij nooit iets zeggen
 
en gewoon weten

 

 

Vertaald door Marianne Molenaar

 

2723545-3299908a4eed7ffebc8465e3367a2004.jpg
Jon Fosse (Haugesund, 29 september 1959)

 

 

De Amerikaanse dichter, schrijver en vertaler William Stanley Merwin werd geboren in New York op 30 september 1927. Zie ook alle tags voor W. S. Merwin op dit blog.

 

 

Bij het vallen van de avond

Wanneer het tijd is, volg ik de zwarte hond
de duisternis in die de geest van de dag is

Ik zie daar niets anders dan de zwarte hond
de hond die ik ken, die voor mij uit loopt

zonder om te kijken – o, het is de zwarte hond
op wie ik nu, na al die jaren, vertrouw

nadat ik jarenlang het vertrouwen van de zwarte hond genoot
door tijden van licht en door schaduw heen

verder, de blindheid van de zwarte hond in
waar de kamers van het donker al bekend waren

en geen angst in zich droegen voor de zwarte hond
die mij voorzichtig de blinde trap op leidde

 

Vertaald door Frans Roumen

 

2723545-4a5042a37a6bda53a02210cd5a565c6f.jpg
W. S. Merwin (30 september 1927 – 15 maart 2019)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 29e september ook mijn blog van 29 september 2025 en ook mijn blog van 29 september 2020 en eveneens mijn blog van 29 september 2018 deel 1 en ook deel 2.

Geschreven door Romenu om 00:00 Reageer op dit bericht

Philip Huff, W. S. Merwin

De Nederlandse dichter en schrijver Philip Huff werd geboren op 28 september 1984 in Zwolle. Zie ook alle tags voor Philip Huff op dit blog.

Uit: Open

“Negen jaar lang hebben we weinig onbesproken gelaten, maar dit wel: de zomer van 2020 stond ik in het Rijksmuseum voor Maria Magdalena in extase van Artemisia Gentileschi, ik keek naar het gezicht van Jezus’ metgezellin en mogelijke geliefde en besefte dat ik jou al maanden niet meer zo in vervoering had gezien.
Ik was moe. Moe van de lange nachten met de hitte en de muggen, moe van de zomer. We waren samen naar Portugal geweest, naar Ierland, maar jij had nog nooit zo ver van mij vandaan gevoeld. Ook niet toen ik nog in New York woonde. Ik was moe en ik was boos.
Ik wist dat gevoelens getijden kenden, maar ook dat die vergelijking een valse was: liefde is niet gelijkmatig als de zwaartekracht. Ik wist dat, als de tijdslijn van een relatie lang genoeg was, dit soort dingen gebeurden. Onze wittebroodsjaren waren voorbij, we hadden een roze periode gekend, en nu een blauwe. Ik wist ook dat je dan moest volhouden, een maand, een jaar, totdat je elkaar weer had gevonden, in een volgende roze periode. Maar ik had niet langer het gevoel dat we samen in de dagelijkse loopgraven van het bestaan zaten. Of misschien wel, maar dan aan andere kanten van het front.
Ik voelde elke dag je walging. Je vroeg mij niets meer. Wilde niets meer met mij doen. Je wilde niet mee naar het museum, en als we wel samen voor dat schilderij hadden gestaan, had jij mij niets gevraagd en ik had niet durven zeggen wat ik dacht: dat ik moe was en boos.
En toch… en toch liep ik door. Als een afgematte voetsoldaat. Maar ik wist, met elke polsslag, ik voelde, tot in elke vezel, dat deze aanpak geen verzoening bracht.
Waarom zei ik niets?
Dit praten, dit schrijven, dit altijd weer praten met jou. Ik doe het zodat ik zeker weet dat ik alles wat ik je wil zeggen ook daadwerkelijk zeg. Ik doe het, om het helder te krijgen, allemaal.
Wat Renate Rubinstein zei: Liever had ik geschreven met sereniteit en liefst in glorie, maar als die er niet zijn, dan kan het ook gewoon.”

 

2723211-0de1e7d75764fdc90d15bc6992bc1c4d.jpg
Philip Huff (Zwolle, 28 september 1984)

 

De Amerikaanse dichter, schrijver en vertaler William Stanley Merwin werd geboren in New York op 30 september 1927. Zie ook alle tags voor W. S. Merwin op dit blog.

 

Weerkaatsend licht

Toen ik net leerde lezen, stelde ik me voor
dat bruggen iets te maken hadden met vogels
en met wat op kooien leek, al wist ik
dat het geen kooien waren; het moet herfst zijn geweest
met het stoffige licht dat flikkerde op de tramleidingen
en die oranje plekken die in brand leken te staan ​​op de foto’s
en nu is het inderdaad herfst, de heldere
dagen niet ver van zee, met een briesje dat snuffelt
aan droog gras dat gisteren nog groen was
de lege maïs die staat te trillen en een dons
van spookbloemen dat de verwaarloosde velden sluiert
en overal de kleuren – ik kan mijn ogen
er niet vanaf houden: alles rood, zelfs de brede stromen
rood; het is het seizoen van de trekvogels
die ’s nachts vliegen en de draaiende aarde onder zich
voelen; ik werd wakker in de stad en hoorde
de roep van de plevier, steeds weer opnieuw
voordat ik in slaap viel, en hier, ver stroomafwaarts
samenscholend en weerkaatsend vlak bij de oever
hebben de langste bruggen hun slanke vleugels gespreid

 

Vertaald door Frans Roumen

 

2723211-7a41fe30b569402cc5f4737d0a1e1886.jpg
W. S. Merwin (30 september 1927 – 15 maart 2019)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 28e september ook mijn blog van 28 september 2020 en eveneens mijn blog van 28 september 2018 en ook mijn blog van 28 september 2017 en eveneens mijn blog van 28 september 2014 deel 1 en eveneens deel 2.

Geschreven door Romenu om 17:05 Reageer op dit bericht

Kay Ryan, Nate Pritts

De Amerikaanse dichteres Kay Ryan werd geboren op 27 september 1945 in San Jose, California. Zie ook alle tags voor Kay Ryan op dit blog.

 

 

THE WOMAN WHO WROTE
TOO MUCH

 
I have written
over the doors
of the various
houses and stores
where friends
and supplies were.
 
Now I can’t
locate them anymore
and must shout
general appeals
in the street.
 
It is a miracle
to me now—
when a piece
of the structure unseals
 
and there is a dear one,
coming out,
with something
for me to eat.

 

 

FELIX CROW

Crow school
is basic and
short as a rule—
just the rudiments
of quid pro crow
for most students.
Then each lives out
his unenlightened
span, adding his
bit of blight
to the collected
history of pushing out
the sweeter species;
briefly swaggering the
swagger of his
aggravating ancestors
down my street.
And every time
I like him
when we meet.

 

 

SHARKS’ TEETH

Everything contains some
silence. Noise gets
its zest from the
small shark’s-tooth
shaped fragments
of rest angled
in it. An hour
of city holds maybe
a minute of these
remnants of a time
when silence reigned,
compact and dangerous
as a shark. Sometimes
a bit of a tail
or fin can still
be sensed in parks.

 

 

Niets gewaagd

Niets bestaat als één blok
dat niet in stukken kan worden gehakt.
Dus als er niets wordt gewaagd,
dat zijn geen loze woorden;
het is de ultieme inzet.
Vraag je je niet af
hoe mensen kunnen denken
dat de oevers van ruimte
en tijd er niet toe doen?
Hoe ze de grote bassins
leegtrekken tot op
slijm en salamanders na
en daarvoor nog dank verwachten?

 

Vertaald door Frans Roumen

 

2723041-4336b66ca35732631a71b4778162f38d.jpg
Kay Ryan (San Jose, 27 september 1945)

 

 

De Amerikaanse dichter en letterkundige Nate Pritts werd geboren in Syracuse, New York, op 27 september 1974. Zie ook alle tags voor Nate Pritts op dit blog.

 

 

Forever War

In studying the anomaly
it was determined that holiday decorations
look sad out of season,
that there’s no excuse for the mistakes
of my people. Red paper hearts
on the front door into April,
a cauldron that doubles as a planter
in summer. Always the starscape
to help keep me honest, to remind me
that distance is easy to cross.
The analytic belt I’m equipped with
reminds me of an indescribable autumn
from one hundred generations ago
though even last year
I was someone else.
I was faced with a choice.
Proceed with the same core
or blow it up to restart
& maybe go further. Most of my programming
has survived into this new battle.
I can smell faint ocean
salt on the breeze & I have different
reactions for its presence or absence.
Now is the time to overcome problems.
I debate the finer points of being desperate,
of wanting things to remain
as they are, though they can’t.
I’d rather not go into details
since specifics make me queasy,
like in pictures when people put their heads
too close together. How can they stand
such forced intimacy?
I take off in search of my home planet.
My resolve is stronger than ever.

 

2723041-d5ae85e078a535c4969a538cfa220219.jpg
Nate Pritts (Syracuse, 27 september 1974)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 27e september ook mijn blog van 27 september 2020 en eveneens mijn blog van 27 september 2018 en eveneens mijn blog van 27 september 2015 deel 2 en eveneens deel 3.



Geschreven door Romenu om 17:05 Reageer op dit bericht

Bart Chabot, T. S. Eliot

De Nederlandse dichter en schrijver Bart Chabot werd geboren in Den Haag op 26 september 1954. Zie ook alle tags voor Bart Chabot op dit blog.

Uit: Engelenhaar

“WAAROM ZIJN WE HIER”,’ ZEI DE JOURNALISTE, ‘EN NIET BIJ jou thuis?” Een paar maanden voor mijn overlijden had ik een interview in het Carlton Ambassador, een hotel in de Haagse binnenstad. Ik vertelde dat ik hier zo’n vijftien jaar over de vloer kwam, wekelijks, en het hotel als mijn tweede huiskamer beschouwde. `Dat is geen antwoord op mijn vraag, zei de journaliste. Haar stem verried een zekere ergernis, al probeerde ze niets te laten merken. Het interview was pas een minuut of vijf bezig, ze had me nog nodig. Vanaf hun vaste stek in de vensterbank luisterden de hotelplanten belangstellend mee. Als hotelplant hoorde je van alles, maar bleef je je verbazen.
“Ik kom uit de rock-‘n-roll; zei ik. “Van huis uit kreeg ik te verstaan: doe maar gewoon, dan doe je al gek genoeg. In de rock-‘n-roll gold en geldt: hoe gekker, hoe beter, wat ik een heel wat vruchtbaarder uitgangspunt vind. Het grootste deel van mijn leven heb ik on the road doorgebracht en ik hou van het hotelleven. Je wordt in een handomdraai teruggebracht tot wat je bent: een passant met een valies in de hand, op doorreis. Een oude krijger, die taai is en dagenlang kan zwijgen. Wekenlang zelfs, als de situatie erom vraagt”. Ik kuchte en nam een slok koffie. Tegen wie zei ik dit eigenlijk? Zat ik tegenover een eenpersoons tribunaal? Diende ik me voor mijn doen en laten te verantwoorden en werd ik om die reden onderworpen aan een kruisverhoor? De journaliste maakte een aantekening. Geduldig wachtte ik tot ze klaar was. Stel je voor dat ze van haar ‘a propos zou raken. Buiten kleurden de kastanjebomen en het hotelgazon iets groener; maar echt van harte ging het niet. De winter had zich er met een jantje-van-leiden van afgemaakt en moest voor straf nablijven. “Mocht mijn echtgenote eerder komen te overlijden dan ik, vervolgde ik, “dan verkoop ik ons huis en ga ik de rest van mijn leven in een hotel wonen. Me voorgoed terugtrekken in een klooster of een abdij zou overigens ook tot de te overwegen opties behoren.” “Toch vind ik het vreemd”, zei de journaliste. Dat kon zijn. Maar ik voelde me niet geroepen me nader te verklaren. Dan maar “vreemd” “Je noemt je nieuwe boek een roman, zei ze. “Maar het is toch gewoon een verhaal over je leven?” Het beloofde een lange zit te worden.”

 

Bart Chabot (Den Haag, 26 september 1954)

 

De Engels-Amerikaanse dichter en schrijver T. S. Eliot werd op 26 september 1888 geboren in St.Louis, Missouri. Zie ook alle tags voor T. S. Eliot op dit blog.

 

Een zang voor Simeon

HEER, DE ROMEINSE HYACINTEN BLOEIEN IN SCHALEN langs de wand
En winterzon sluipt langs de heuvelen van sneeuw;
Het koppige seizoen houdt stand.
Mijn leven is zeer licht, wachtend naar doods wind,
Als een veder op de rug van mijn hand.
Stof in zonlicht, herinneringen achtergelaten,
Wachten de wind die verkilt naar het dood land.

Geef ons uw vrede.
Ik ben vele jaren lang door deze stad gegaan,
Geloof en vasten hield ik, verschafte aan de armen brood,
Nam en schonk eer en rust.
Nooit wierp ik één verworpene van mijne deur.
Wie zal mijn huis herinneren, waar zullen mijn kindskinderen leven
Wanneer de tijd der smarten zal gekomen zijn?
Ze zullen zich redden langs het pad der geiten en in ’t huis van de vos,
Vluchtend voor de vreemde aangezichten en de vreemde zwaarden.

Vóór de tijd der koorden en gesels en lamentaties
Geef ons uw vrede.
Vóór de staties van de berg van desolatie,
Vóór het zeker uur der moederlijke smart,
Nu in dit seizoen der geboorte van het sterven,
Laat het Kind, het nog niet sprekend en ongesproken Woord,
Geven Israel’s troost
Aan een die tachtig jaren en geen morgen telt.

Volgens het woord dat gij spraakt.
Zij zullen U eren en lijden in elke generatie
In glorie en spot,
Licht over licht, stijgend de ladder der heiligen.
Niet voor mij het martelaarschap, d’ extase van gedacht’ en gebed,
Niet voor mij het ultiem visioen.
Geef mij uw vrede.
(En een zwaard zal uw hart doorsteken,
Ook het uwe.)
Ik ben moe van mijn eigen leven en de levens van dezen na mij,
Ik ben stervend in mijn eigen dood, en de dood van dezen na mij,
Laat uw dienaar heengaan
Nu hij uw verlossing heeft gezien.

 

Vertaald door Ben Cami

 

T. S. Eliot (26 september 1888 – 4 januari 1965)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 26e september ook mijn blog van 26 september 2018 en ook mijn blog van 26 september 2017 en eveneens mijn blog van 26 september 2015 deel 2.

Geschreven door Romenu om 17:35 Reageer op dit bericht

Niccolò Ammaniti, Kay Ryan

De Italiaanse schrijver Niccolò Ammaniti werd geboren in Rome op 25 september 1966. Zie ook alle tags voor Niccolò Ammaniti op dit blog.

Uit: Kieuwen (Vertaald door Etta Maris)

“Salamanders weten met verbazingwekkende precisie hun hol terug te vinden. Als je ze oppakt en je loopt met ze over een berg, keren ze gewoon terug naar huis. Ik niet. Ik raak dc weg kwijt. Vooral wanneer ik drink. En vanavond is het ijskoud en regent het. Ik heb een hele tijd rondgedwaald. Was ik maar een salamander. Dan had ik naar de sterren gekeken en mijn neus in de lucht gestoken en zou ik naar de winkel zijn teruggekeerd. Ja, misschien had ik dat moeten proberen. Maar in Rome zie je geen sterren. De hemel gaat er schuil achter een grijze, fosforescerende kap en hoge woonblokken. En bovendien ben ik verkouden. Ik moet overgeven. Ik heb het gevoel alsof mijn maag vol zit met murenen. Vooruit. Sta dus maar op. Ik zit al een tijd op de motorkap van deze auto en ben doorweekt. Sta op, je bent er. Ik hijs mezelf overeind. Ik leun met mijn hoofd en armen tegen het rolluik om de draaikolkbeweging van de straat, de lantaarns en al het andere te stoppen. Ik vind mijn sleutels onder in de zak van mijn jas. Ik ga naar binnen. Ik loop door de winkel, die inmiddels niet meer in gebruik is; uit de aquaria, die ooit dienden om de klanten te lokken, stijgt een geur van ontbinding op. Jezus, wat veel stof. Waggelend loop ik door een lange, donkere gang en dan ben ik eindelijk in het hol. Dat is een grote kamer die uitkijkt op een binnentuin. Overdag schijnen de zonnestralen naar binnen door de grote ramen, zodat zich een dichte vegetatie kan ontwikkelen. Er staan aquaria in alle soorten en maten, sommige zo groot dat je erin zou kunnen zwemmen. Lange snoeren voeden dc lampen. De waterleidingen liggen kriskras door elkaar op de vloer. De grootste aquaria reproduceren complete regionale ecosystemen. Een van Zuid-Amerika, met planten met lange stengels. Een ander van Zuidoost-Azië, met waterlelies. En verder één van Europa en een van Afrika. Zodra ik binnenkom voel ik de vochtigheid door mijn kleren dringen en wordt ademhalen moeilijk. Dc lage lampen vullen de aquaria met een warm, zacht licht. De vissen zwemmen traag in scholen. Daaronder de duisternis en een sterke, zoete geur. Regen en vegetatie. De geur vult mijn neus en bedwelmt me. De ramen zijn beslagen door de condens. Tegen een van de muren staan op een toonbank een stuk of twintig kleinere aquaria. Daarin zitten dc pootvissen, dc pasgeboren visjes. Opzij daarvan staan een half versleten bank, de koelkast, een televisie en een stretcher. Ik laat me erop vallen. Het lukt mc niet me uit te kleden. lk trek mijn schoenen uit, meer niet. Ik vind de afstandsbediening onder het kussen en zet de tv aan. Ik houd mijn ogen dicht. ‘En? Hoc hebt u het ontdekt?’ vraagt Maurizio Costanzo.”

 

Niccolò Ammaniti (Rome, 25 september 1966)

 

De Amerikaanse dichteres Kay Ryan werd geboren op 27 september 1945 in San Jose, California. Zie ook alle tags voor Kay Ryan op dit blog.

 

EEN BAL ROLT OP EEN PUNT

De hele bal
van wie we zijn
drukt zich in
het groene laken
op één enkel,
minuscuul punt.
Een krakend
geluidsspoor
verraadt onze doortocht
door de
vezelige jungle.
Het is heet en
wanhopig. Insecten
springen eruit op.
De pressie is
intens, en de
perceptie dat we
de maat zijn kwijtgeraakt.
Alsof om te veel gewicht
op een te kleine plek
te laten rusten
onze keuze was.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Kay Ryan (San Jose, 27 september 1945)

 

Zie voor de schrijvers van de 25e september ook mijn blog van 25 september 2021 en ook mijn blog van 25 september 2019 en ook mijn blog van 25 september 2018 en eveneens mijn blog van 25 september 2016 deel 2.

Geschreven door Romenu om 00:00 Reageer op dit bericht

Joke van Leeuwen, Kay Ryan

 

De Nederlandse dichteres, schrijfster, illustrator en cabaretière Johanna Rutgera van Leeuwen werd geboren op 24 september 1952 in Den Haag. Zie ook alle tags voor Joke van Leeuwen op dit blog.

 

 

Bang in het donker

Mama, papa, blijf je thuis?
Er lopen dieven door het huis.
Er lopen boeven op de gang.
In het donker ben ik bang.

Er zit een kater in de kast,
die daar met zijn nagels krast.
Moet ik ’s nachts naar de wc,
lopen spoken met me mee.

Op de zolder zit een beest.
Ik ben er weken niet geweest.
Hoor ik ’s nachts een harde klap,
dan is het oorlog op de trap.

Dan loopt een vent met een geweer
in het donker op en neer
en loert-ie naar me door een kier.
Blijf liever hier. Blijf liever hier.

 

 

NOSTRIFICATIE

Wie gaf er soep aan wie toen die opeens daar op de stoep, want
weggevlucht van waar die dacht te horen? Wie raakten er
voorgoed ontwricht? Wie deed zijn deuren dicht?

Waar wurmen massa’s zich langs ketens, waar wordt
bourgondisch, taaltje, zuinig en lawaai eens door elkaar gegooid
vermooid tot boor, aai, lading, uiting, schuw en zaaltje?

Wie is het snelst met zijn oudjaar, zijn gangen, bollen, flappen?
Wie kwamen uitgedosten halen van een halte, omdat de bus niet
reed? Wie deed wie na, hoe kusten zij elkanders wangen?

Waar zitten hier en daar de billen, hoe snel gaat lopen, waar
in de trein zit wie te bellen over liefde, die aan weerszijden
heus niet meevalt nee, dat weet nu heel de treincoupé?

Hoevelen staan er waar in brons gegoten, de kop gedragen in
een schaal van kraag? En hoeveel decibellen kunnen torens nog
verduren, blote putti en het stil vertoon van de moluren?

Wie praat tegen de wind in, woont in een fermetje, plakt aan zijn
geboortegrond? Wie schiet er door? Wie leidt het meeste om en
wie wil alles recht, zegt: heb ik al gezegd en zegt het weer?

Hoe traag gaat varen op kanalen? Waar reiken de rivieren
over grenzen? Wat bloeit er op de doden? Hoe ogen waar
de broden? Hoe zijn ze zo geworden?

Vul hier niets in. Schuif aan.
Zie hoe versierd het voedsel op de borden.

 

 

EENZAME UITVAART

De man van as zegt: neem mijn urn
bij mijn middel vast, ja zo, verstrooi mij
niet hier op het voorgeschreven gras, op
ander as van vorig jaar. Verstrooi mij als

een kruimelspoor, daar waar men voort-
stapt en iets meent te moeten. Leg mijn
verkleinde brein, mijn reumavoeten
onder de leuning van het viaduct

(bergje van niks, maar wel een bergje)
dan waai ik zelf als storend stof
op snelle auto’s ergens heen.
Toch licht. Toch tegenwoordig.

 

2722553-cf69a3f8d64bca7f3136725418ea4df6.jpg
Joke van Leeuwen (Den Haag, 24 september 1952)

 

 

 

De Amerikaanse dichteres Kay Ryan werd geboren op 27 september 1945 in San Jose, California. Zie ook alle tags voor Kay Ryan op dit blog.

 

 

Waarom we moeten worstelen

“Als we niet hebben geworsteld
zo hard als we kunnen,
op het toppunt van onze kracht,
hoe zouden we dan de vorm
van ons verlies kunnen voelen,
of weten wat ons het langst
op de been houdt, of benoemen
wat verandering ons kost,
en zeggen hoe vreemd
het is dat het ene deel
van het zelf kan inspringen
voor het andere in nood,
hoe verlies een sluimerende
dubbelganger activeert, hoe
we ons kunnen voeden
– als met nectar –
met onze eigen behoefte?”

 

Vertaald door Frans Roumen

 

2722553-36b710b082c3a1cdf51a47fc2608a1f4.jpg
Kay Ryan (San Jose, 27 september 1945)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 24e september ook mijn blog van 24 september 2020 en eveneens mijn blog van 24 september 2019 en ook mijn blog van 24 september 2017 deel 2.

Geschreven door Romenu om 17:30 Reageer op dit bericht

Jaap Harten, Dannie Abse

 

De Nederlandse dichter en schrijver Jacobus Cornelis (Jaap) Harten werd geboren in Blaricum op 22 september 1930. Zie ook alle tags voor Jaap Harten op dit blog.

 

 

Jeugd

II

Wij sloegen wegen in
die met een sterke geur
van mest en winter
de middag tegemoet kwamen.
Wij zagen de hemel zich kleuren
met vossenrood toen de zon
wegreed in zijn zegekar en het land
achterliet aan vuursteen en hout.
Wij slopen over de paden
als soldaten op verkenning,
droegen een riem om ons
middel en het staal van
een roestig mes op
onze blote huid.

Wij verbrandden in de bossen
alle dode leefregels,
wij hurkten bij vuurtjes met
de schutterigheid van pubers,
wij waren jong als sap en
sterker dan kabeltouw.
Wij dachten niet meer aan

de ouderen, die uit een
vitaal tekort, bij gebrek
aan ruimte, alles uit
de helderheid wegzetten,
liefde en haat in dozen
borgen, in donkere laden
waar hun gevoel als
een kapotte batterij
stierf uit armoede.

Wij waren jong als sap
en sterker dan kabeltouw.
Wij hadden onze melktanden
verloren en daarvoor in
de plaats een mond vol
rauwe woorden. Wij woonden
niet meer als onze voorvaderen
op de rand van het ijs
maar in de kop van het vuur
of de vuist van het duister
en leefden een leven dat
niet mocht, omdat het vochtig
was als jong vel, en woonden op
de verborgen zolder van de droom.

 

 

Klokken en niets dan tijd

Uit zilver en glas zijn
de instrumenten gemaakt
waarmee wij de tijd meten,
maar kennen wij ook
die tijd? Wij kennen
onze angst, die sputtert
als een oliepit en soms dooft,
wij kennen geluk en wondpijn –
de koorts van die wond al minder.

Maar de tijd blijft een dunne adem
waaronder wij leven, vechten
of popelen van liefde,
de tijd is een geruisloze wind
die verandering, als spionnen,
onder zijn mantel meevoert.

En als hij kleur bekent
zien wij het niet – of te laat.
Met het oog op onszelf gericht
zien wij wel het vuur binnen
ons, blussen wij met koele
bekers, maar zien te laat

de weg die onheilsboden
nemen onder de zon.
En later, wanneer het voorbij is,
vragen we: wat was het?
Een windstoot of wapengerucht?
Een fel opstekend onweer?

Niemand weet het dan meer.
Waarom werd Troje veroverd?
De één zegt: om Helena.
Een ander: om de ijzervoorraad
te vermeerderen van de Grieken.
Wat was het: een vrouw of erts,
waarvoor legers hoog hielden
de tekens van hun gevechtswaarde?

 

 

2722169-836d33ce27f949ec15f7f36c9ac13b47.jpg

Jaap Harten (22 september 1930 – 2 december 2017)
Portret door Ringo Mollinger, 1984

 

 

De Britse dichter en schrijver Dannie Abse werd geboren op 22 september 1923 in Cardiff, Wales. Zie ook alle tags voor Dannie Abse op dit blog.

 

MYSTERIËN

’s Nachts, weet ik niet wie ik ben
als ik droom, als ik slaap.

Wakker geworden, houd ik mijn adem in en luister:
een duimnagel krast over de andere kant van de muur.

’s Middags ga ik een zonverlichte kamer binnen
en neem er waar dat er zonder enige reden de lamp brandt.

Ik hoorde nu wel te weten dat je weinig octaven kunt horen,
dat een visioen sterft als je er te lang naar staart;

dat zelfs de hele geboekstaafde geschiedenis
maar wat geklets is in een grote stilte;

dat een magnesiumflits nog niet één enkel moment
het onzichtbare kan verlichten.

Ik klaag niet. Ik ga uit van het zichtbare
en het zichtbare ontstelt mij.

 

Vertaald door C. Buddingh’

 

 

2722169-a997162e8056b14e49fad8ff6edbccad.jpg
Dannie Abse (22 september 1923 – 28 september 2014)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 22e september ook mijn blog van 22 september 20919 en ook mijn blog van 22 september 2018 deel 1 en deel 2.



Geschreven door Romenu om 16:54 Reageer op dit bericht

Xavier Roelens, Leonard Cohen

De Vlaamse dichter Xavier Roelens werd op 21 september 1976 in Rekkem (Menen) geboren. Zie ook alle tags voor Xavier Roelens op dit blog.

 

 

1952

guust scheurt en knipt uit de foto wie vergeten is en zelfs meer. ook de
jongen die als straf na school de sjaal moest zoeken die hij nochtans
niet verstopt had, niet hij, deed de schoolpoort open en vertrok. ook de
jongen die in vaders schuif tastte, raderen en veren en wijzers betastte,
verdween finaal tussen de onderdelen voor vader zijn vingers kon
pletten. ook de jongen die zijn schooleten plette, ook die knipt hij uit.
en de jongen die ooit in de kleedkamer met zijn handdoek tegen
guusts blote kont kletste, is al lang gesmolten. en de jongen die een
krekel had gevangen, heeft ook de lente niet gehaald. en de jongen die
wou lopen met een pet over zijn ogen maar al na drie meter viel en de
enige lange broek scheurde die zijn ouders zich konden veroorloven,
is ver van huis. en ik die het warm kreeg achter in mijn broek en de
jongen die zijn mond vulde met crème glace in ruil voor zijn
amandelen en de jongen die bij het kippenhok regenwater oplepelde,
wij die ooit samen met guust rondhuppelden in de sneeuw, zien nu
onze sporen uitgewist. knip. knip. knip. en dan prikt hij nog van haar
bank de non die hem klappen gaf omdat hij te rommelig knutselde,
waarna moeder hem klappen gaf omdat hij klappen had gekregen. en
de plukjes hemel. en de bank als brandhout. en het gras. hij houdt
slechts zichzelf over, houdt zelfs zichzelf niet over.

 

 

1956

de smurfen zien smurfen op smurf smurfen kijken op een smurf
waarop zij smurfen kijken waarop smurfen die smurf kijken waarop
nonkel bob en tante terry te zien zijn
    kom, kom toch kijken smurfin!

maar smurfin zit in een zetel, nog voor de dag begint in een zetel tussen
twee teddysmurfen, nog niet aangekleed in een versleten,
stoffen zetel met houten leuningen en zij, nog net niet versleten, nog
voor het grauw van buitenwereld begint, hoort
    kom, kom toch kijken smurfin!
en brilsmurf ijsbeert voor het scherm want grote smurf dit en grote
smurf dat en als gargamel wat, maar als knutselsmurf zich ergert
omdat alles hetzelfde blijft en moppersmurf omdat alles verandert,
hangen ze samen brilsmurf met zijn muts aan een haak in de gang en
gaan op een pleintje spelen; speelgoed is niet nodig, ze spelen smurfje
en smurfen vakjes van een tot tien en gooien met een kiezel
     kom, kom toch kijken smurfin!
en voor gargamel is het ja en inderdaad, alleen zijn. geen broer of zus.
niet echt eenzaam, maar alleen. hij zit op regenachtige dagen smurfen
te knutselen en bomen waarachter ze zich mogen verstoppen en waar
hij ingenieuze valstrikken in bouwt. want smurfen wonen in een
gezondheidskolonie in een bos van zon, dat heeft hij uitgeplozen,
staan dicht bij bevroren bladeren en ijs. ze snuiven de geur en kou
diep in hun blauwe longen, tot
    kom, kom toch kijken smurfin!
klunssmurf uitglijdt op het meer. zijn buil zwelt en doet zeer. ze
dragen hem snel naar grote smurf die net de drinkbeker aan het
bijvullen is voor de slakken in hun vogelkooi.

 

 

2721966-19ec48fda4dcc5644b565eb821796fd9.jpg
Xavier Roelens (Rekkem, 21 september 1976)

 

 

De Canadese dichter, folk singer-songwriter en schrijver Leonard Cohen werd geboren op 21 september 1934 te Montréal. Zie ook alle tags voor Leonard Cohen op dit blog.

 

 

Hoeveel mensen in deze stad?

Ik vraag me af hoeveel mensen in deze stad
in gemeubileerde kamers wonen.
Laat in de nacht, als ik naar de gebouwen kijk:
ik zweer dat ik in elk raam een gezicht zie,
dat naar me terugkijkt,
en als ik me omdraai,
vraag ik me af hoeveel er teruggaan naar hun bureau
en dit opschrijven.

 

 

Vertaald door Frans Roumen

 

 

2721966-1015ca5171916cde205a304e4dde3dfb.png
Leonard Cohen (21september 1934 – 7 november 2016)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 21e september ook mijn blog van 21 september 2021 en ook mijn blog van 21 september 2020 en eveneens mijn blog van 21 september 2019 en ook mijn blog van 21 september 2018. 

Geschreven door Romenu om 16:59 Reageer op dit bericht

Conor O’Callaghan, Owen Sheers, Dannie Abse

De Ierse romanschrijver en dichter Conor O’Callaghan werd geboren op 20 september 1968 geboren in Newry. Zie ook alle tags voor Conor O’Callaghan op dit blog.

 

 

Fall

To unbalance. To keel over, accidentally, or submit to the pressures of gravity.
To plummet in worth, especially currency.
To lose altitude. To take place at some pre-ordained time and date.
To swallow tall tales at face value.
To lag such a distance back along the trail as to disappear from view.
To surrender, especially a country,
to the enemy camped in its margins for all of two nights and three days.
To vanish from the radar of grace.
To have no qualms any longer when it comes to telling friends and foes alike
precisely where to stick
their olive branches. To be the kind of sap who lapses now and then
into clandestine amorous crushes.
To indulge a whole continent its own broadleaf syllable for autumn.
To arrive back unexpectedly in the afternoon
and happen upon yourself dancing a single-handed two-step on the landing
to Bechet’s ‘As-tu le Cafard?’
To go, especially too far. To leave some unknown pal a shot behind the bar
and teeter out upon the dawn,
its parabola of stars, as wobbly on your pins as any newborn foal.
To bolt awake on a balcony
and see the horizon’s twinset of Med and azure in the Blinky Palermo abstract
that has lain open in your lap.
To realise the only part of flight you can handle is that moment after take-off
into a blank of unmarked blue.
when you feel like a kite getting nowhere fast or a balloon strung out on helium.
To listen to sound effect CDs so often
every track eventually returns to the common denominator called ‘wind in trees’.
To think the hymns of Ulrich Zwingli funny.
To praise a glass half full of homespun pear brandy that tastes of lighter fuel.
Also, to dwell on the bruise
of one dropped apple. Also, to descend and keep descending until it becomes
a sort of modus vivendi, a buzz.
Also, to stumble and nonetheless to continue, and always to be happy to go down
in history as anybody’s fool,
and somehow to believe in parachutes, and still to find it within you to forgive
the leaves whatever it is leaves do.

 

 

2721962-87a065daaf23507babf2ff34d39ba0ee.jpeg
Conor O’Callaghan (Newry, 20 september 1968)

 

 

De Engelse (Welshe) dichter, schrijver en presentator Owen Sheers werd geboren op 20 september 1974 in Suva op de Fiji eilanden. Zie ook alle tags voor Owen Sheers op dit blog.

Uit: Ik zag een man (Vertaald door Inge de Heer)

“Achter dit hek boog een treurwilg naar een van de zwemvijvers op de Heath. De afgelopen maand hadden die vijvers een laag kroos gekregen, dat verrassend helder van kleur was. Een paar minuten daarvoor had hij nog gehurkt zitten kijken naar een koet die zich er een weg doorheen kliefde, knikkend met haar nonnenkop, met haar kuikens zigzaggend in haar kielzog. Toen hij in de keuken stond luisterde hij nogmaals of hij iets hoorde. Het was niets voor Josh en Samantha om weg te gaan zonder hun huis af te sluiten. Hij wist dat Samantha het weekend op stap was met haar zus Martha. Maar hij dacht dat Josh en de meisjes thuis waren gebleven. Toch was het stil in huis. De enige geluiden die hij hoorde kwamen van de Heath achter hem: een blaffende hond, het gekwebbel van mensen die in de verte zaten te picknicken, de plons van een duiker in de zwemvijver voorbij het wandelpad. Dichterbij, in de tuin van  een van de buren, hoorde hij een sproeier, die op de middag in begon te hakken. Het was zo stil in huis dat deze geluiden vanaf zijn plek in de keuken al het karakter hadden van herinneringen, alsof hij een drempel in de tijd over was gegaan in plaats van een drempel van een huis. Misschien had Josh een briefje achtergelaten. Hij liep naar de koelkast om te kijken of hij er een zag. Het was een breed, matstalen Amerikaans model, met een in de deur ingebouwde ijsmachine. Over het hele oppervlak van het apparaat hingen papieren – een hoeveelheid waarmee je een bureau kon vullen -vastgemaakt met koelkastmagneten met Rothko’s. Michael bekeek de afhaalmenu’s, boodschappenlijstjes en verzuim-briefjes voor school, maar die gaven hem geen van alle een aanwijzing waar Josh zou kunnen zijn. Hij wendde zich af van de koelkast en keek het vertrek rond, in de hoop iets te vinden wat zou kunnen verklaren waarom de achterdeur niet op slot zat terwijl er niemand thuis was. Net als de rest van hun huis was de keuken van Samantha en Josh degelijk en royaal. De gestreepte schaduw van een jaloezie viel op het kookeiland in het midden, met een oven, twee kookplaten en een professionele verzameling kookgerei. In de serre, aan de andere kant van de ontbijtbar, stonden een doorgezakte bank en twee leunstoelen met potplanten eromheen. Okerkleurige rolgordijnen waren langs de ramen neergelaten. Aan het uiteinde van de keuken stond een ovale eettafel, en daarboven hingen de Nelsons.”

2721962-761bdcc620642533df1f7cacfd5fdf4c.jpg
Owen Sheers (Suva, 20 september 1974)

 

 

De Britse dichter en schrijver Dannie Abse werd geboren op 22 september 1923 in Cardiff, Wales. Zie ook alle tags voor Dannie Abse op dit blog.

 

Röntgenfoto

Men stroopt zeebodems af of jaagt naar sterren
en, moeder, maniakken lichten elke tegel
of openen graven voor dat sterrenlicht.
Sommigen willen álles openen.

Harvey, de bloedsomloop en Freud, de omloop
van onze dromen, speurden eervol, worden
daarom geëerd, als alle onderzoekers.
Mensen die mensen zouden openen.

En dan die anderen, met ziekten, moeder,
naar hen genoemd als grote straten: Hodgkin,
Addison, Parkinson – artsen die snel,
als eersten, bij elk wrang sterfbed komen.

Ik ben hun slome collega, half bevreesd,
ongeïnteresseerd. Als jongen al: je weet dat
mijn kleine hand een wekker nooit aan stukken
gepeuterd of een dode muis geflenst heeft.

Net zo mijn grote hand. Uit een witte mouw
strekt hij zich, moeder, houdt voor ’t glanzend scherm
jouw röntgenfoto op. Mijn ogen kijken
maar willen niet; ik wil nog steeds niet weten.

 

Vertaald door W. Hogendoorn

 

2721962-aa70621598777e6302fbbb33e1008822.png
Dannie Abse (22 september 1923 – 28 september 2014)

 

 

Zie voor de schrijvers van de 20e september ook mijn blog van 20 september 2022 en ook mijn blog van 20 september 2021 en ook mijn blog van 20 september 2020 en eveneens mijn blog van 20 september 2019 en ook mijn blog van 20 september 2018.

Geschreven door Romenu om 00:00 Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten