Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
akke.beakke.be

Berichten van 21 mei 2010 tot 22 mei 2010

Johannes R. Becher, Robert Neumann, Gérard de Nerval, Catulle Mendès

De Duitse dichter en politicus Johannes Robert Becher werd geboren in München op 22 mei 1891. Zie ook mijn blog van 22 mei 2009.

 

 

Auswahl

 

Die wenig gelungenen Stellen
aus meinen kaum gelungenen Gedichten
wird man auswählen,
um zu beweisen,
ich wäre euresgleichen.

Aber dem ist nicht so:
Denn ich bin
meinesgleichen.

So werde ich auch im Tode
mich zu wehren haben,
und über meinen Tod hinaus
- wie lange wohl? -
erklären müssen,
dass ich meinesgleichen war
und dadurch euresgleichen,
aber nicht euresgleichen
in eurem Sinne.

Indem ich mir glich,
glich ich euch.
Aber nur so.

 

 

 

 

Über das Sonett

 

Ich hielt gar lange das Sonettgeflecht

für eine Form, veraltet und verschlissen,

die alten Formen habe ich zerrissen

und dichtete mir neue, schlecht und recht.

 

Die neuen Formen, waren sie denn echt?

Und prägten sie der neuen Zeit Gewissen?

Die Form zu ändern all zu sehr beflissen,

ward ich dem neuen Wesen nicht gerecht.

 

Wenn ihr die alten Formen so zerbrecht

und wenn ihr meint, ein neues Formgepräge

nur täte not, die alte Form sei träge

 

und durch Gebrauch und Missbrauch abgeschwächt:

Bedenkt, die neuen Formen, die beginnen,

entstehen, uns kaum sichtbar und von innen.

 

 

 

Becher

Johannes R. Becher (22 mei 1891 - 11 oktober 1958)

 

 

 

 

De Oostenrijkse dichter en schrijver Robert Neumann werd geboren op 22 mei 1897 in Wenen. Zie ook mijn blog van 22 mei 2009.

 

Uit: Mein Freund Arnold Zweig

 

„Als ich Arnold Zweig zum erstenmal traf, war ich so um die dreißig Jahre alt, und er war um die vierzig und hatte den „Sergeant Griscka" geschrieben und war ein großer Mann.  

dot.gif

Auch ich hatte eben meinen ersten wirklichen Roman geschrieben — sagen wir vorsichtigerweise: meinen ersten dicken Roman. Er hieß: „Sintflut", ich habe ihn kürzlich wieder in der Hand gehabt, er ist so schauerlich schön wie am ersten Tag, und was mir damals ein kleines Rühmehen einbrachte, war, daß dieses Buch originellerweise keinen einzelnen „Helden" hatte — Held war das Kollektiv, die ganze hundertgesichtige Gemeinschaft einer großen Stadt, die zum Teil korrupt-kapitalistisch und zum Teil edel-revolutionär war und auch danach handelte.

Wien war damals — gleich Budapest — eine Exportstadt. Export-Wiener gingen nach Berlin, um berühmt zu werden. In Berlin herrschte Arnold Zweig. Wo ich damals von ihm in Audienz empfangen wurde, das weiß ich nicht mehr. Wohl aber weiß ich: er hatte „Sintflut" gelesen und verurteilte mein Meisterwerk ungemein, „junger Mann", sagte er, „Koliektiv-Helden, das geht nicht. Sie müssen Individuen darstellen, unverwechselbare Charaktere, das Schicksal des einzelnen!"

Ich bin Arnold Zweig immer für diesen Rat dankbar geblieben. Ich hebe ihn befolgt, Zweig hat recht gehabt, er ist der Verantwortlicne für meine weitere Entwicklung. Damals natürlich protestierte ich heftig.“

 

 

 

Neumann
Robert Neumann (22 mei 1897 – 3 januari 1975)

 

 

 

 

De Franse schrijver Gérard de Nerval (pseudoniem van Gérard Labrunie) werd geboren in Parijs op 22 mei 1808. Zie ook mijn blog van 22 mei 2009.

 

 

Il est un air...

 

Il est un air, pour qui je donnerais,

Tout Rossini, tout Mozart et tout Weber.

Un air très vieux, languissant et funèbre,

Qui pour moi seul a des charmes secrets!

 

Or, chaque fois que je viens à l'entendre,

De deux cents ans mon âme rajeunit...

C'est sous Louis treize; et je crois voir s'étendre

Un coteau vert, que le couchant jaunit;

 

Puis un château de brique à coins de pierre,

Aux vitraux teints de rougeâtres couleurs,

Ceint de grands parcs, avec une rivière

Baignant ses pieds, qui coule entre les fleurs;

 

Puis une dame à sa haute fenêtre,

Blonde aux yeux noirs, en ses habits anciens,

Que dans une autre existence peut-être,

J'ai déjà vue...et dont je me souviens!

 

 

 

 

Caligula - Ier chant

 

L'hiver s'enfuit ; le printemps embaumé
Revient suivi des Amours et de Flore ;
Aime demain qui n'a jamais aimé,
Qui fut amant, demain le soit encore !

Hiver était le seul maître des temps,
Lorsque Vénus sortit du sein de l'onde ;
Son premier souffle enfanta le printemps,
Et le printemps fit éclore le monde.

L'été brûlant a ses grasses moissons,
Le riche automne a ses treilles encloses,
L'hiver frileux son manteau de glaçons,
Mais le printemps a l'amour et les roses.

L'hiver s'enfuit, le printemps embaumé
Revient suivi des Amours et de Flore ;
Aime demain qui n'a jamais aimé,
Qui fut amant, demain le soit encore !

 

 

 

 

nerval

Gérard de Nerval (22 mei 1806 – 26 januari 1855)

 

 

 

 

De Franse dichter en schrijver Catulle Mendès werd geboren op 22 mei 1841 in Bordeaux. Zie ook mijn blog van 22 mei 2009.

 

 

Le poète doute si les jeunes hommes...

ont raison de changer d'amour

Au brin d'herbe qu'elle a quitté
Songe la cigale infidèle ;
Meilleur exemple, l'hirondelle
N'a qu'un nid pour plus d'un été.

Vaudras-tu la réalité,
Bonheur rêvé qui fais fi d'elle ?
Au brin d'herbe qu'elle a quitté
Songe la cigale infidèle.

Pour fragile, hélas ! qu'ait été
L'amour qui fut notre tutelle,
Qui sait si notre âme, cette aile,
N'était pas plus en sûreté
Au brin d'herbe qu'elle a quitté ?

 

 

 

mendes_catulle
Catulle Mendès (22 mei 1841 – 7 fenruari 1909)


 

Geschreven door Romenu om 20:18 Reageer op dit bericht

Erik Spinoy, Arthur Conan Doyle, Anne de Vries, Kees Winkler,

De Vlaamse dichter en schrijver Erik Spinoy werd geboren op 22 mei 1960 in Sint-Niklaas. Zie ook mijn blog van 22 mei 2006 en ook mijn mijn blog van 22 mei 2008 en ook mijn blog van 22 mei 2009.

 

 

Moederkoorn

 

Waar warm de hoeve lag

in glooiend land

met goud en zolders,

stof en koren, hooi.

 

Staat alles strak

onder de sikkel

op het zwart gestikt.

Zit, graan en daken,

onder schimmel. Dicht.

 

Een lege plek.

De rest.

 

 

 

Un voyage lointain

 

Een kwade vraag, dat was.

 

Het oude lichaam,

als een koffer,

op de leunstoel

klaargezet.

 

Blauwogig,

ingekleed.

Doodstil, halfweg

ontvleesd.

 

De molen draait.

Muziek speelt op het kermisfeest.

We hollen weg.

We lachen om het meest.

 

 

 

 

Spinoy
Erik Spinoy (Sint-Niklaas, 22 mei 1960)

 

 

 

 

De Britse schrijver Sir Arthur Conan Doyle werd geboren in Edinburgh op 22 mei 1859. Zie ook mijn blog van 22 mei 2007 en ook mijn mijn blog van 22 mei 2008 en ook mijn blog van 22 mei 2009.

 

Uit: De Agra-schat (The Sign of Four)

 

“De kennis der gevolgtrekking.

Sherlock Holmes nam zijn flesch van den schoorsteenmantel en zijn werktuig voor onderhuidsche inspuitingen uit zijn marokijnen foudraal. Met zijne lange, witte, zenuwachtige vingers bracht hij de fijne naald in orde, en schoof de linkermouw van zijn overhemd omhoog. Gedurende eenigen tijd bleven zijne oogen nadenkend op den gespierden voorarm en pols gericht, die met ontelbare teekenen van inprikkingen als bezaaid waren. Eindelijk trok hij de scherpe punt terug, drukte den kleinen piston omlaag en zonk met een langen zucht van voldoening in den fluweelen armstoel terug.

Driemaal per dag was ik reeds gedurende verscheidene maanden getuige geweest van deze verrichting, maar de gewoonte was bij mij in dit opzicht geen tweede natuur geworden. Integendeel, van dag tot dag stond mij het gezicht ervan meer tegen, en elken avond verweet ik mij mijn gebrek aan moed, om mij er tegen te verzetten. Herhaaldelijk had ik mij reeds ten stelligste voorgenomen om mij daaromtrent de noodige opheldering te verschaffen; maar er lag zooveel koele onverschilligheid in het voorkomen van mijn metgezel, dat elkeen zich wel in acht zou nemen zich eene onbescheidenheid tegenover hem te veroorloven. Zijn kracht, zijn gebiedend uiterlijk, en de ondervinding die ik bezat omtrent zijne vele buitengewone eigenschappen, dit alles hield mij ervan terug en maakte mij besluiteloos om hem in den weg te treden.

Maar, op bovenvermelden achtermiddag,--hetzij dan tengevolge van den meer dan gewonen en krachtigen wijn, dien ik bij mijn lunch gedronken had, of dat mijne zelfbeheersching ten einde was, gevoelde ik dat ik mij niet langer kon bedwingen.”

 

 

 

ConanDoyle
Arthur Conan Doyle (22 mei 1850 – 7 juli 1930)

 

 

 

 

De Nederlandse schrijver en onderwijzer Anne de Vries werd geboren op 22 mei 1904.

 

Uit: Werken en droomen (Evert in turfland)

 

“Evert was druk aan 't werk.

't Was Zaterdagmiddag en dan harkte hij altijd het erf en de tuinpaadjes op. Dat was zijn werk en hij deed dat graag.

's Zondags moest alles netjes zijn. Dan had moeder het fornuis ook glad gepoetst en de straatjes geschrobd. En vader veegde vanavond nog de deel schoon en zette het gereedschap op zijn plaats.

Zondag was de dag der rust. Dan was alles anders dan door de week, vond Evert. De baggermachines in 't veen waren anders, want uit hun lange, zwarte pijpen steeg geen rook en ze bromden ook niet. En váder was anders, want hij droeg dan een wit overhemd en was den heelen dag thuis. En moeder ging dan ook niet naar 't veen natuurlijk. Fijn was dat! Ja, de heele wereld was dan anders. 't Leek wel, alsof de zon anders scheen en het varken minder luid schreeuwde op dien dag.

Evert had zijn kiel er bij uitgetrokken, 't Was ook zoo warm! Het zweet stond in droppeltjes op zijn voorhoofd.

Vóór 't huis, bij den zandweg, was hij begonnen. Dien harkte je natuurlijk niet! Tòch had hij nog een strookje buiten het hek bewerkt. Dat stond zoo àf! Als vader dan vanavond thuis kwam, kon hij al dadelijk zien, dat alles weer in de puntjes was. Nu op zij langs het huis nog. Dat eerste stuk tot de deur was het moeilijkst. De grond was er zoo vast geloopen! Je moest heel hard drukken, om mooie duidelijke streepjes te maken.

Eigenlijk hoefde dat niet. Vader lachte er altijd om en zei: ‘Harken is geen teekenen!’ Hij vond het genoeg als je alle strootjes en blaadjes maar goed meenam. Maar Evert was dat met vader niet eens. Hij móést streepjes zien. Dan werd het veel mooier. Dan kon je nog eens zien, dat je wat gedaan had ook. En daarom drukte hij er stevig op los en trok diepe, rechte lijnen door het harde pad.”

 

 

 

450px-Anne_de_Vries_Rolde
Anne de Vries (22 mei 1904 – 29 november 1964)

Buste van Anne de Vries bij het streekmuseum in Rolde, het dorp van Bartje

 

 

 

 

De Nederlandse dichter Kees Winkler werd op 22 mei 1927 in Hoorn geboren.

 

 

Zondag

 

Spreeuwen kwetteren dat het lente is
de tuinmeubelen tevoorschijn gehaald
en in de zon gaan zitten kijken naar de mieren
die een autostrada aanleggen op ons terras

Later, binnen, het strijklicht over de anemonen
rose en paars gloeiend in de lenteavond
ik dacht: God is een natuurkundige formule
die het licht over de bloemen breken laat

Nog later gedachten over liefde
hoe men ook met een ander had kunnen zijn
met geregelde bewassing en een kopje koffie

Maar deze gedachten als defaitistisch verworpen
en samen met Judy gekeken naar Venus
die in conjunctie stond met de maan

 

 

 

winkler_hoorn
Kees Winkler (22 mei 1927 –  1 april 2004)

Hoorn

 

 

 

Zie voor de twee bovenstaande schrijvers ook mijn blog van 22 mei 2007 en ook mijn blog van 22 mei 2009.

Zie voor nog meer schrijvers van de 22e mei ook mijn vorige blog van vandaag.

Geschreven door Romenu om 20:05 Reageer op dit bericht

In Memoriam Driek van Wissen



In Memoriam Driek van Wissen

 

 

De Nederlandse dichter Driek van Wissen, Oud Dichter des Vaderlands, is gisteren op 66-jarige leeftijd in Istanbul overleden. Driek van Wissen werd in 2005, na een intensieve campagne, benoemd op de vooraanstaande positie van Dichter des Vaderlands. Hij heeft deze functie tot 2009 vervuld. De stijl van zijn poëzie is extreem vormvast, waardoor hij rijmdwang niet schuwde. Hij muntte uit in lightverse, liedjes en snelsonnetten. Driek van Wissen werd geboren in Groningen op 12 juli 1943. Zie ook mijn blog van 12 juli 2007 en ook mijn blog van 12 juli 2008 en ook mijn blog van 12 juli 2009.

 

 

 

Sha-la-lie Sha-la-la

 

De woorden Shalala en Shalalie
Zijn niet maar zo een tweetal loze kreten:
Het is Afghaans, zo kwam ik laatst te weten,
Een spreekwoord voor een halfzacht compromis.

 

Want Shalalie is: “Wij gaan er vandoor”
En Shalala: “Welnee, wij blijven, hoor!”

 

 

 

 

Pekinees eten

In China at ik vaak mijn buikje rond,
Maar toen ik eenmaal happig wilde weten
Hoe het gerecht tussen mijn stokjes heette
Kreeg ik als antwoord kort en bondig: hond!

Mijn hemel, ik had zomaar hond gegeten,
Besefte ik verschrikt met volle mond,
Doch omdat ik de smaak best prettig vond
Bekroop mij toch de lust om door te eten.

En toen het mormel mij voor ogen stond
Dat thuis vaak op mijn stoepje had gescheten
En dat ooit na een trap onder zijn kont
Mijn dure broek aan stukken had gereten
En mij vervolgens bloedig had verwond
Heb ik de hond eens lekker teruggebeten.

 

 

 

 

Kwaad of erger

 

Al zijn we vast nog lang niet zo ver heen

Toch kan de vraag mij af en toe benauwen

Wie of er eens de ander zal berouwen –

Wie van ons beiden blijft er ooit alleen?

 

Als ik de statistieken mag vertrouwen

Dan staan gemeten naar het algemeen

De kansen voor ons tweeën een op een

Of jij mijn ogen sluit of ik de jouwe.

 

Hoe het ook zij, ik heb niet eens idee

Wat het geringste kwaad is van de twee,

Want onderhand sta jij me al zo na

Dat ik, wanneer ik ooit zou moeten kiezen,

Wellicht nog liever zelf verloren ga

Dan dat ik jou voor altijd moet verliezen.

 

 

 

 

DRIEKvanWISSEN

Driek van Wissen (12 juli 1943 – 20 mei 2010)

 

Zie voor de schrijvers van de 21e mei ook mijn vorige blog van vandaag.

Geschreven door Romenu om 00:00 Reageer op dit bericht

Gabriele Wohmann, Urs Widmer, Robert Creeley, Alexander Pope

De Duitse schrijfster Gabriele Wohmann werd op 21 mei 1932 in Darmstadt geboren als Gabriele Guyot. Zie ook mijn blog van 21 mei 2007 en ook mijn blog van 21 mei 2008 en ook mijn blog van 21 mei 2009.

 

Uit: Ein netter Kerl

 

„Ich habe ja so wahnsinnig gelacht, rief Nanni in einer Atempause. Genau wie du ihn beschrieben hast, entsetzlich.
Furchtbar fett für sein Alter, sagte die Mutter. Er sollte vielleicht Diät essen.
Übrigens, Rita, weißt du, ob er ganz gesund ist?
Rita setzte sich gerade und hielt sich mit den Händen am Sitz fest. Sie sagte: Ach, ich glaube schon, dass er gesund ist. Genau wie du es erzählt hast, weich wie ein Molch, wie Schlamm, rief Nanni. Und auch die Hand, so weich.
Aber er hat dann doch auch wieder was Liebes, sagte Milene, doch Rita, ich finde er hat was Liebes, wirklich.
Na ja, sagte die Mutter, beschämt fing auch sie wieder an zu lachen; recht lieb, aber doch grässlich komisch. Du hast nicht zu viel versprochen, Rita, wahrhaftig nicht. Jetzt lachte sie laut heraus. Auch hinten im Nacken hat er schon Wammen, wie ein alter Mann, rief Nanni. Er ist ja so fett, so weich, so weich! Sie schnaubte aus der kurzen Nase, ihr kleines Gesicht sah verquollen aus vom Lachen.
Rita hielt sich am Sitz fest. Sie drückte die Fingerkuppen fest ans Holz.
Er hat so was Insichruhendes, sagte Milene. Ich find ihn so ganz nett, Rita, wirklich komischerweise.
Nanni stieß einen witzigen Schrei aus und warf die Hände auf den Tisch; die Messer und Gabeln auf den Tellern klirrten.
Ich auch, wirklich, ich find ihn auch nett, rief sie. Könnt ihn immer ansehen und mich ekeln.
Der Vater kam zurück, schloß die Eßzimmertür, brachte kühle nasse Luft mit herein. Er war ja so ängstlich, dass erseine letzte Bahn noch kriegt, sagte er.So was von ängstlich.
Er lebt mit seiner Mutter zusammen, sagte Rita.
Sie platzten alle heraus, jetzt auch Milene. Das Holz unter Ritas Fingerkuppen wurden klebrig. Sie sagte: Seine Mutter ist nicht ganz gesund, so viel ich weiß.
Das Lachen schwoll an, türmte sich vor ihr auf, wartete und stürzte sich dann herab, es spülte über sie weg und verbarg sie: lang genug für einen kleinen schwachen Frieden. Als erste brachte die Mutter es fertig, sich wieder zu fassen.
Nun aber Schluss, sagte sie, ihre Stimme zitterte, sie wischte mit einem Taschentuchklümpchen über die Augen und die Lippen. Wir können ja endlich mal von was anderem reden.“

 

 

Wohmann

Gabriele Wohmann (Darmstadt, 21 mei 1932)

 

 

 

 

De Zwitserse schrijver Urs Widmer werd geboren op 21 mei 1938 in Basel. Zie en ook mijn blog van 21 mei 2009.

 

Uit: Herr Adamson

 

„Gestern bin ich vierundneunzig Jahre alt geworden. Wir feierten, wie wir das immer an Geburtstagen tun. Susanne hatte einen Schokoladenkuchen gebacken, eine bäuerische Variante der Sachertorte, deren Rezept meine Mutter von ihrer Großmutter geerbt und das zwei Kriege und die Weltwirtschafts- krise überstanden hat. Noëmi, unsere Tochter, die alle Geburtstage liebt, nur ihren eigenen nicht, versuchte wie jedes Jahr, möglichst viele Kerzen in den Kuchen zu stecken. Diesmal hatte sie es geschafft, etwa fünfzig (sie kaufte das winzig - kleinste Kaliber) auf den rund hundert Quadratzentimetern des Kuchens zu verteilen. Die Schokolade war kaum mehr zu sehen und wohl tatsächlich von den Kerzen verdrängt worden. Die übrigen vierundvierzig standen in konzentrischen Kreisen um den Kuchen herum. Noëmi sah zufrieden auf ihr Werk und sagte: »Hundert darfst du aber nicht werden, Papa. Mehr Kerzen schaΣ ich nicht.« –

Es war gar nicht so einfach, sie anzuzünden. Da brannte eine nahe dem Zentrum nicht, als längst alle Kerzen der Peripherie loderten, und dort, während Noëmi mit den letzten beschä∫igt war, gingen die ersten schon wieder aus. Noëmi verbrannte sich jedenfalls ein paar Mal die Finger.

Aber dann leuchteten endlich alle gemeinsam. Es sah wie ein nordisches Sonnenwendfeiersymbol aus, oder wie ein magisches Kultobjekt der Maya. Wir riefen Ah! und Oh!, und dann bliesen wir die Kerzen aus. Ich so ungefähr keine, Susanne zwei oder drei, Noëmi rund zwanzig, und Anni, meine

auch längst erwach sene Enkelin, den Rest. Das heißt, ihre zwei Buben halfen ihr dabei, bliesen tüchtig mit auf geblasenen Backen über das Feuer hinweg. Der Rauch, als der Brand gelöscht war, füllte das ganze Zimmer. Ich hustete, Susanne rieb sich die trä nenden Augen, Noëmi riss alle Fens ter auf, Anni lachte, und die beiden Buben kreischten.“

 

 

 

Widmer
Urs Widmer (Basel, 21 mei 1938)

 

 

 

 

De Amerikaanse dichter Robert Creeley werd geboren op 21 mei 1926 in Arlington, Massachusetts. Zie ook mijn blog van 21 mei 2009.

 

 

 

Water Music 

 

The words are a beautiful music.

The words bounce like in water.

 

Water music,

loud in the clearing

 

off the boats,

birds, leaves.

 

They look for a place

to sit and eat--

 

no meaning,

no point.

 

 

 

 

Four Days In Vermont 

 

Window's tree trunk's predominant face

a single eye-leveled hole where limb's torn off

another larger contorts to swell growing in around

imploding wound beside a clutch of thin twigs

hold to one two three four five six dry twisted

yellowish brown leaves flat against the other

gray trees in back stick upright then the glimpse

of lighter still grayish sky behind the close

welted solid large trunk with clumps of gray-green

lichen seen in boxed glass squared window back

of two shaded lamps on brown chiffonier between

two beds echo in mirror on far wall of small room. 

 

 

 

creeleyrobert

Robert Creeley (21 mei 1926 – 30 maart 2005)

 

 

 

 

De Engelse dichter Alexander Pope werd geboren in Londen op 21 mei 1688. Zie ook mijn blog van 21 mei 2009 en ook mijn blog van 21 mei 2008 en ook mijn blog van 21 mei 2007 en mijn blog van 22 mei 2006

 

 

On Mr. Gay 

 

Of Manners gentle, of Affections mild;

In Wit, a Man; Simplicity, a Child:

With native Humour temp'ring virtuous Rage,

Form'd to delight at once and lash the age:

Above Temptation, in a low Estate,

And uncorrupted, ev'n among the Great:

A safe Companion, and an easy Friend,

Unblam'd thro' Life, lamented in thy End.

These are Thy Honours! not that here thy Bust

Is mix'd with Heroes, or with Kings thy dust;

But that the Worthy and the Good shall say,

Striking their pensive bosoms-

Here

lies GAY.

 

 

 

 

Argus 

 

When wise Ulysses, from his native coast

Long kept by wars, and long by tempests toss'd,

Arrived at last, poor, old, disguised, alone,

To all his friends, and ev'n his Queen unknown,

Changed as he was, with age, and toils, and cares,

Furrow'd his rev'rend face, and white his hairs,

In his own palace forc'd to ask his bread,

Scorn'd by those slaves his former bounty fed,

Forgot of all his own domestic crew,

The faithful Dog alone his rightful master knew!

 

Unfed, unhous'd, neglected, on the clay

Like an old servant now cashier'd, he lay;

Touch'd with resentment of ungrateful man,

And longing to behold his ancient lord again.

Him when he saw he rose, and crawl'd to meet,

('Twas all he could) and fawn'd and kiss'd his feet,

Seiz'd with dumb joy; then falling by his side,

Own'd his returning lord, look'd up, and died! 

 

 

 

Alexander_Pope

Alexander Pope (21 mei 1688 – 30 mei 1744)

 

Geschreven door Romenu om 00:00 Reageer op dit bericht

Emile Verhaeren, Tudor Arghezi, Suzanne Lilar, Jaap Robben

De Vlaamse dichter Emile Verhaeren werd geboren in Sint Amands op 21 mei 1855. Zie ook mijn blog van 21 mei 2009 en ook mijn blog van 21 mei 2008 en ook mijn blog van 21 mei 2007 en mijn blog van 22 mei 2006

 

 

Hoe wij hem ook zien bloeien voor onze ogen

 

Hoe wij hem ook zien bloeien voor onze ogen

Deze klare tuin die ons stil wil gedogen,

Het plant zich weelderig in ons voort

's Werelds onschuldigste en zoetste oord.

 

Want wij genieten van alle bloemen,

Van alle kruiden en alle palmen

Die wij lachend en wenend benoemen

In geluk dat onvermengd blijft talmen.

 

Want wij beleven de vreugderoes

Van felle feest- en lentekreten,

Die wij ongeremd in de smeltkroes

van verrukkelijke woorden smeten.

 

O, diep bevredigd zijn wij en vol lof

Voor 's werelds vrolijkste en zoetste hof.

 

 

 

 

Mijn dorp

 

Een nietig plein en enkele straten,

met aan het kruispunt een Lieve Heer;

En de grijze barse Schelde met het veer

en de toren, weerspiegeld in het water;

En de wijk van Den Dam, melaats en pover,

op goed geluk in het gras gesmeten;

En bij het kerkhof in het dichte lover,

ik weet het nog na die lange tijd,

de kapel aan de heilige maagd gewijd,

door een matroos, die ik niet ken

en die na de grote vaart besloot,

weer naar zijn scheldedorp te varen.

Sint-Amands waar ik geboren ben

en mijn jeugd beklemmend heb ervaren,

tussen mensen die zwoegden voor hun boterham,

touwslager, smid, breeuwer en timmerman,

met de machtige stroom diep in mijn gedachten...

 

 
Vertaald door Gaston D'Haese

 

Verhaeren

Emile Verhaeren (21 mei 1855 - 27 november 1916) 

Theo van Rysselberghe, Emile Verhaeren schrijvend

 

 

 

 

De Roemeense dichter en schrijver Tudor Arghezi werd geboren op 21 mei 1880 in Boekarest. Zie ook mijn blog van 21 mei 2009.

 

 

Psalm VI

 

I trace you, both in deep silence and loud brawl,

And hunt you down in time, like game,

To see: are you the falcon that I aim?

Am I to kill you? Or on my knees to fall?

 

Looking for reasons to believe or doubt, I 

Am searching boldly and in vain, it seems.

You are the most exquisite of my dreams,

And I don’t dare overthrow you from the sky.

 

Like paths that in the water shiver,

You seem to be, and then you’re not, at times;

I spotted you among the fish and stars,

As the wild boar drinking at the river.

 

In your great story, we’re now the last of enemies.

I’m staying here to confront you face to face,

But I do not aspire to take the winner’s place.

I only want to touch you and then scream: “There is!”

 

 

 

Vertaald door Lori Tiron-Pandit

 

 

 

argheze
Tudor Arghezi (21 mei 1880 – 14 juli 1967)

 

 

 

 

De Vlaamse schrijfster Suzanne Lilar werd geboren als Suzanne Verbist in Gent op 21 mei 1901. Zie ook mijn blog van 21 mei 2009.

 

Uit: Le sacré

 

„Une fois l’an au mois de mai, mois de Marie, qui était aussi celui de ma naissance, elle m’emmenait à la grotte d’Oostakker, le Lourdes flamand. Bien que fort modeste, ce déplacement prenait toujours l’allure d’une véritable expédition. Renâclant à la fois contre elle-même et contre l’absurdité des pèlerinages mais tenue, j’imagine, par quelque voeu fait au moment de ma naissance ou de la broncho-pneumonie qui avait failli m’emporter, remettant de jour en jour l’exécution de sa promesse, c’est dans les tout derniers jours du mois que brusquement elle se décidait, courant avec moi jusqu’à la porte d’Anvers d’où partait le chemin de fer vicinal de Lourdes. Nous sautions dans un wagon qui déjà s’ébranlait et à coups de trompe, de grincements affreux et de secousses, nous rendait finalement à destination vers midi.

Comme la campagne sentait bon, comme les jours étaient chauds, comme les blés étaient beaux en ce temps-là ! Ce champ splendide que nous avions à longer pour gagner la grotte me jetait dans de véritables transports. Je lui prêtais une âme, comme il résulte de mon premier poème Blés mouvants. En dépit de mes bonnes intentions et d’un vers passable, ce “poème”, plus descriptif que lyrique, ne laisse rien paraître de l’ivresse qui me soulevait. Le sacré m’atteignait là à l’état pur. Je rendais grâce. Je remerciais d’être au monde.“

 

 

 

S_Lilar,M_Fredericq-Lilar

Suzanne Lilar (21 mei 1901 - 12 december 1992)

Suzanne Lilar met haar dochter Marie Fredericq-Lilar

 

 

 

Onafhankelijk van geboortedata:

 

 

De Nederlandse dichter en theatermaker Jaap Robben werd geboren in Oosterhout in 1984. Zie ook mijn blog van 21 mei 2009.

 

 

Is al het water ooit verdriet geweest?

 

Zijn mijn tranen aan te wijzen

in het blauw van onze wereldbol?

.

Komen ze elkaar tegen

in de damp boven de thee

of in de harde herfstregen

die mijn raam wakker houdt?

.

Misschien ontmoet de een de ander

in een ijspegel aan een brug

of zien ze elkaar

op een wang

pas weer terug

 

 

 

 

Bakjes geur

 

De oranje zomeravond ruikt

naar afgekoelde zomerdag.

.

Met een hersluitbaar bakje van de Chinees

vang ik haar laatste restjes geur.

‘Kliekje’ schrijf ik erop

met een watervaste stift.

.

Bewaar hem in mijn vriesvak

bij de verzameling

geuren van dagen

overheerst door geluk.

 

 

 

Robben
Jaap Robben (Oosterhout, 1984)

 

Geschreven door Romenu om 00:00 Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten