Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
akke.beakke.be

Berichten van 19 september 2010 tot 20 september 2010

Donald Hall, Javier Marías, Joseph Breitbach, Adolf Endler, Henry Arthur Jones

De Amerikaanse dichter en schrijver Donald Hall werd geboren in Hamden, New Haven County, Connecticut op 20 september 1928. Zie ook mijn blog van 20 september 2009.

 

 

An old life 

 

Snow fell in the night.

At five-fifteen I woke to a bluish

mounded softness where

the Honda was. Cat fed and coffee made,

I broomed snow off the car

and drove to the Kearsarge Mini-Mart

before Amy opened

to yank my Globe out of the bundle.

Back, I set my cup of coffee

beside Jane, still half-asleep,

murmuring stuporous

thanks in the aquamarine morning.

Then I sat in my blue chair

with blueberry bagels and strong

black coffee reading news,

the obits, the comics, and the sports.

Carrying my cup twenty feet,

I sat myself at the desk

for this day's lifelong

engagement with the one task and desire.

 

 

 

 

White Apples 

 

when my father had been dead a week

I woke

with his voice in my ear

                         I sat up in bed

 

and held my breath

and stared at the pale closed door

 

white apples and the taste of stone

 

if he called again

I would put on my coat and galoshes

 

 

 

 

 741161-00804e57e3b7ca7e15e8d7531d649e30.jpg

Donald Hall (Hamden, 20 september 1928)

 

 

 

 

 

De Spaanse schrijver Javier Marías Franco werd op 20 september 1951 in Madrid geboren. Zie ook mijn blog van 20 september 2007 en ook mijn blog van 20 september 2008 en ook mijn blog van 20 september 2009.

 

Uit: Voyage Along the Horizon (Vertaald door Kristina Cordero)

 

„Even now, I cannot be sure whether his intentions were purely romantic-as he reiterated far too often-or if his many strategies were in fact a belated attempt to reestablish his somewhat faded reputation as an intrepid adventurer; or if they were a response to the shameless offers of some or other scientific institution, though I sincerely doubt that was the case. What I can say, however, is that those of us who found ourselves entangled in this allowed ourselves to be seduced by his passion and persistence, and I would even go so far as to say-though it pains me to say so given what happened in the end-that when the first few obstacles began to materialize when we were still on dry land, and there was talk of abandoning something that was still a mere proposition, it was our little coterie-and not the opportunistic men of science whose influence with the authorities had secured them a place on the trip-that was the most determined to overcome these problems and set sail, despite the adversities and the very abominable conditions under which we would do so.

Perhaps it is not very honest of me to say so, and perhaps I am only trying to console myself with false conclusions, but I do think that under other circumstances-in Paris, for example-things would have unfolded in a very different manner indeed. Had we first met on the Boulevard des Italiens some spring morning or at the opera, during a delectable intermission in Mme D'Almeida's box, instead of the middle of those vast, nauseating waters that surrounded us on all sides, day in and day out, it is entirely possible that the grievances I now harbor would be expressed with a bit more savoir-faire and a bit less bile.“

 

 


741161-80063455785ce3a0be49e8fba735ee79.jpg
Javier Marías (Madrid, 20 september 1951)

 

 

 

 

De Duitse schrijver en journalist Joseph Breitbach werd geboren op 20 september 1903 in Ehrenbreitstein bij Koblenz. Zie ook mijn blog van 20 september 2009.

 

Uit: Bericht über Bruno

 

"Sollte es meinem Enkel Bruno Collignon gelingen, die Kammer und die Massen so erfolgreich aufzuwiegeln, dass unser Königshaus zum Verzicht auf den Thron gezwungen und die Republik ausgerufen würde, dann fiele eine gewissen Mitschuld an dem unvermeidbaren Bürgerkrieg auf mich. Das ist mir, zu meiner Qual, in der letzten Sitzung des Parlaments von Bruno selber bestätigt worden. Als bei seiner zweiten Rede, jener scharfen gegen die monarchische Staatsform, sich die Blicke vieler Abgeordneter immer wieder von ihm fort und auf mich richteten, konnten diese taktlosen Menschen nicht wissen, dass sie in einem bestimmten Maße das Recht hatten, mir Brunos Entwicklung zum Demagogen und Revolutionär vorzuwerfen."

(...)

 

"Umso mehr beeindruckte es mich, dass er, offenbar aus einem Bedürfnis nach Vertraulichkeit, so seltsam aufrichtig zu mir war. Sein Ehrgeiz, fragte ich, worauf der denn eigentlich ziele. Rysselgeert zum Beispiel werde Parlamentarier, um mithilfe einer politischen Karriere sein Ideal, sein Programm der staatsbürgerlichen Volkserziehung zu verwirklichen. Der Anteil Macht, den er dabei gewinne, sei aber nicht das Ziel, sondern nur ein Mittel, mit dem er seine Ideen durchzusetzen suche. ... Bei meinen ersten Worten schon war er aufgesprungen. Wenn der Ehrgeiz nach Macht, den er im Gegensatz zu den Heuchlern offen bekenne, etwas so Schlechtes sei im Vergleich mit den Idealen Rysselgeerts, rief er, was dann mich seinerzeit getrieben habe, bei den Parlamentswahlen zu kandidieren. Ob ich mir einen Heiligenschein habe verdienen wollen. 'Ersparen Sie mir das!', rief er. 'Ich springe Ihnen an die Kehle, wenn Sie mir mit dem Gerede vom Gemeinwohl und Staatsinteresse kommen'."

 

 

 

741161-85a6276aa351c5e694283fd0a8f8e8ae.jpg
Joseph Breitbach (20 september 1903 – 9 mei 1980)

 

 

 

 

 

De Duitse dichter, schrijver en essayist Adolf Endler werd geboren op 20 september 1930 in Düsseldorf. Zie ook mijn blog van 20 september 2008 en ook mijn blog van 20 september 2009.

 

 

 

VERKOMMENHEITS-BLUES

 

I

Der Dichter Sascha Anderson,
Hier vorder-, dort hintergründig,
Der Geistesfron, der Fron zum Hohn
Schlürft Schnaps selbst aus dem Mikrophon;
Man sehe es kurz oder bündig:
Sascha wird überall fündig…
Apropos:
Aber neulich wars
meiner
, verdammt!
Sieben Doppelte insgesamt!

 

2

An mehr abgelegenen Plätzen,
Ich darf ausnahmsweise mal petzen,
Saugt ihn Sasch’ gar aus Pfennigabsätzen
Der Meisjes, der Muttis, der Metzen;
Die Häufigkeit läßt sich nur schätzen…
Apropos:
Aber neulich wars
mein
Korn, verdammt!
Dreizehn Doppelte insgesamt!

 

 

 

 

Die Urne

 

Grüß Gott! rief ich, Tach!,

Als ich sie herbeitorkeln sah,

Die aparte graugelbe Urne »A.E.«;

Und, wie jeder sich denken kann,

Nicht ganz ohne mißlichen Riß

Dieses Dings ­

»You¹re welcome!« 

 

 

 

 

 741161-e56c062bf30c31d691fa2d1356f00394.jpg

Adolf Endler (20 september 1930 - 2 augustus 2009)

 

 

 

 

 

De Engelse schrijver Henry Arthur Jones werd geboren op 20 september 1851 in Granborough, Buckinghamshire. Zie ook mijn blog van 20 september 2009.

 

Uit: The Silver King

 

"... Where's my hat? (Gets up, takes candle, staggers, steadies himself, comes round table, sees Ware.) What's that? It's Geoffrey Ware! What's he doing here! Get up, will you? (Kneels down.) Ah, what's this? Blood! He's shot! My God, I've murdered him! No! No! Let me think. What happened? Ah yes, I remember now -- I came in at the door, he sprang at me and then we struggled. (Looking at revolver) My revolver. -- One barrel fired -- I've murdered him. No, he's not dead. Geoffrey Ware! Is he dead? (Eagerly feeling Ware's pulse) No, it doesn't beat. (Tears down Ware's waistcoat and shirt, puts his ear over Ware's heart.) No, no, quite still, quite still. He's dead! Dead! Dead! Oh, I've killed him -- I've killed him. . . ."

 

 

 

741161-cec492299afc1ae8f5009d08a355a2ed.jpg
Henry Arthur Jones (20 september 1851 – 7 januari 1929)




Zie voor nog meer schrijvers van de 20e september ook
mijn vorige blog van vandaag.

Geschreven door Romenu om 17:24 Reageer op dit bericht

Cyriel Buysse, Stevie Smith, Upton Sinclair, Hanns Cibulka

De Vlaamse schrijver Cyriel Buysse werd geboren op 20 september 1859 in Nevele. Zie ook mijn blog van 20 september 2007. Zie ook mijn blog van 20 september 2007 en ook mijn blog van 20 september 2008 en ook mijn blog van 20 september 2009.

 

Uit: Mea Culpa

 

„Liefste René,

Als ge mij de waarheid geschreven hebt; als ge D. verlaten hebt op het uur en met den trein die ge mij aanduidt; en als die trein noch derailleerde noch zijne correspondentie miste met de verdere treinen die gij moest nemen; kortom, als gij geen hinderpaal of ramp op uwe baan ontmoet hebt, dan moet gij, op dit oogenblik, thuis terug zijn en er reeds dezen brief gevonden hebben, die u, - aangename of vervelende verrassing, - onmiddellijk in een gezelschap van vrienden komt opeischen. Wij hebben voor morgen namiddag een uitstapje naar het kasteel van Lauwegem belegd. Wij zullen een heel troepje zijn: Clara Sioen; Andrée Nicaise; Marie, Christine en Marguerite Jocquier; Blanche Serruijs met haar verloofde; de heeren Wennemackers, Liefmans en Lateur; Bébé Lechat, uw vriend Hody en ons beidjes met mevrouw Blondiaux als ‘chaperone’ (tschjijperône, hoor, op zijn Engelsch) voor gansch de bende.

Zooals gij ziet, niet waar? zijn daar meer dan genoeg elementen tot pleizier vereenigd. En voor ons beiden zal het genoegen, zooals immer, dubbel zijn: wij zullen deelnemen in de algemeene vreugd en, terzelfdertijd, nog eens het fijn vermaak hebben allerlei karakteristieke waarnemingen op te doen, ‘études de moeurs’ te maken, gelijk gij het met een ietwat dédaigneuse - wat al te dédaigneuse ironie, vind ik - soms noemt, en met elkander onze indrukken wisselen.

Wij zullen met den trein van drie ure vertrekken en met dien van negen terugkeeren. Het is ook besloten geweest, dat een ieder zijn proviand zal meebrengen en dat men zal lunchen op het gras, aan den boord van den vijver, die zich vóór het prachtig kasteel uitstrekt. Maar aangezien gij door het vertrek van Henri en Suzanne naar Oostende bij uwe terugkomst het huis ledig zult gevonden hebben, en dat ik van hier uw verbijstering zie bij de enkele gedachte aan die proviand, welke gij u zoudt moeten aanschaffen en die gij niet zoudt vinden, heb ik medelijden met u gehad en besloten zelve uw deel met het mijne meê te brengen. Gij hoeft u dus met die gewichtige zaak niet te bemoeien. Men vergt maar uwe tegenwoordigheid; maar deze vergt men bepaald. Gij zult ons rekenschap geven van uwe reis in Duitschland; gij zult ons de streken beschrijven die gij bezocht hebt, en de stad waar gij verbleven zijt. Gij zult ons in 't lang en met bijzonderheden over de personen spreken, welke gij ginds ontmoet hebt; en ons ook, uit het geheugen, de merkwaardige redevoering voordragen, die gij, met zooveel bijval, op een der zittingen van het congres van Crimineele Anthropologie aan de leden voorgelezen hebt.“

 

 

 

741158-f8ad2977c1fd9d42fba07abb3c55f1aa.jpg
Cyriel Buysse (20 september 1859 -  25 juli 1932)

Buysses geboortehuis in Nevele

 

 

 

 

De Engelse dichteres en schrijfster Stevie (eig. Florence Margaret) Smith werd geboren op 20 september 1902 in Kingston upon Hull. Zie ook mijn blog van 20 september 2009.

 

 

 

Autumn 

 

He told his life story to Mrs. Courtly

Who was a widow. 'Let us get married shortly',

He said. 'I am no longer passionate,

But we can have some conversation before it is too late.' 

 

 

 

In the Night 

 

I longed for companionship rather,

But my companions I always wished farther.

And now in the desolate night

I think only of the people i should like to bite.

 

 

 

 

Bag-Snatching in Dublin 

 

Sisely

Walked so nicely

With footsteps so discreet

To see her pass

You'd never guess

She walked upon the street.

 

Down where the Liffey waters' turgid flood

Churns up to greet the ocean-driven mud,

A bruiser in fix

Murdered her for 6/6.

 

 

 

 

 741158-89d5983e65cb129cee73db5ad52b84d8.jpg

Stevie Smith (20 september 1902 – 7 maart 1971)

 

 

 

 

 

De Amerikaanse schrijver Upton Beall Sinclair werd geboren op 20 september 1878. Zie voor onderstaande schrijver mijn blog van 20 september 2006 en ook mijn blog van 20 september 2008 en ook mijn blog van 20 september 2009.

 

Uit: The Jungle

 

„Jurgis heard of these things little by little, in the gossip of those who were obliged to perpetrate them. It seemed as if every time you met a person from a new department, you heard of new swindles and new crimes. There was, for instance, a Lithuanian who was a cattle-butcher for the plant where Marija had worked, which killed meat for canning only; and to hear this man describe the animals which came to his place would have been worth while for a Dante or a Zola. It seemed that they must have agencies all over the country, to hunt out old and crippled and diseased cattle to be canned. There were cattle which had been fed on “whiskey-malt,” the refuse of the breweries, and had become what the men called “steerly”—which means covered with boils. It was a nasty job killing these, for when you plunged your knife into them they would burst and splash foul-smelling stuff into your face; and when a man’s sleeves were smeared with blood, and his hands steeped in it, how was he ever to wipe his face, or to clear his eyes so that he could see? It was stuff such as this that made the “embalmed beef” that had killed several times as many United States soldiers as all the bullets of the Spaniards; only the army beef, besides, was not fresh canned, it was old stuff that had been lying for years in the cellars.

Then one Sunday evening, Jurgis sat puffing his pipe by the kitchen stove, and talking with an old fellow whom Jonas had introduced, and who worked in the canning-rooms at Durham’s; and so Jurgis learned a few things about the great and only Durham canned goods, which had become a national institution. They were regular alchemists at Durham’s; they advertised a mushroom-catsup, and the men who made it did not know what a mushroom looked like. They advertised “potted chicken,”—and it was like the boarding-house soup of the comic papers, through which a chicken had walked with rubbers on. Perhaps they had a secret process for making chickens chemically—who knows? said Jurgis’s friend; the things that went into the mixture were tripe, and the fat of pork, and beef suet, and hearts of beef, and finally the waste ends of veal, when they had any.“

 

 

 

741158-4967af0a2ef2a46a65c453b615ab5855.jpg
Upton Sinclair (20 september 1878 – 25 november 1968)

Sinclair op de cover van Time, 22 oktober 1934

 

 

 

 

 

De Duitse dichter en schrijver Hanns Cibulka werd geboren op 20 september 1920 in Jägerndorf, in het toenmalige Tsjechoslowakije. Zie ook mijn blog van 20 september 2008 en ook mijn blog van 20 september 2009.

 

Uit: Das Buch Ruth

 

„Der Morgen war kühl. Wir kamen von Sättelstädt. In den Vorgärten blühten die Osterglocken, die Rosenstöcke zeigten ihr erstes Grün. Ein breiter sonniger Feldweg führte uns durch die Wiesen bergauf. Der ganze Berg lag in dieser frühen Morgenstunde noch in einem hellen wässerigen Grün.

 Der Hörselberg ist ein mächtiger Kalksteinblock: im Süden steilwandige Abstürze, im Norden geht er in eine weite, wenig bewegte Hügellandschaft über. Er ist dem Hochland als selbständiger Bergrücken trabantenartig vorgelagert. Obwohl er mit den anderen Erhebungen des Thüringer Waldes kaum vergleichbar ist, seine Höhe liegt unter der Fünfhundertmetergrenze, gibt ihm seine isolierte Lage, sein jähes Ansteigen aus dem Tal ein gewaltiges Ansehen.

Je näher wir an den Kalksteinriesen herankamen, desto schneller verloren sich seine malerischen Umrisse. Kulissenartig schob sich der Wald in das Blickfeld, andere Bildgruppierungen traten auf, die Horizontale des Berges zog sich zurück, wir sahen nur noch den schroffen bewaldeten Bergfuß, der hinter der Autobahn steil nach oben steigt ...  „

 

 

 

741158-4b189a49ab91950704eac58aedc10e7b.jpg
Hanns Cibulka (20 september 1920 – 20 juni 2004) 

Geschreven door Romenu om 17:24 Reageer op dit bericht

Crauss, Patrick Marber, Ingrid Jonker, Orlando Emanuels, Stefanie Zweig

De Duitse dichter en schrijver Crauss werd geboren in Siegen op 19 september 1971. Zie ook mijn blog van 19 september 2008. Zie ook mijn blog van 19 september 2008 en ook mijn blog van 19 september 2009.

 

 

beuel rheinaue

 

die welt wackelt,

unter unsern blicken bebt sie

wider, wenn wir, auf einer schwanken

brücke, einem bonner sonnenuntergang entgegen

zittern. a slight glimpse of a hand holding, dann

läuten die glocken uns heim in die trautengen

gassen. der tisch ist gedeckt, gegessen wird

mit nackten füssen und sentimentalem gaumen:

den wein trinken wir jetzt, die trauben

sparn wir uns für nachts auf.

 

 

 

 

BERLIN, SAGST DU

 

BERLIN, SAGST DU, mein freund, soll man aufhören,

wenns am hässlichsten wird: im sommer. soll man,

wenn die penner auf den bänken nicht mehr friern & nur noch aussehn wie

lagernde im park, wie badende beinah in einem meer von selbst genügsamen;

wenn die hunde scheisse wieder an den sohlen haften bleibt, anstatt zu gefrieren

& die schwulen [mein freund, sagst du, die halbe stadt ist schwul, gib acht darauf!

oder sie stinkt] -

wenn die in der sonne zerfliessen wie der durchfall vom hund;

wenn die ubahnen grundlos stehenbleiben in den tunneln & die kinder lauter

schreien als noch im winter & überhaupt

die ganze stadt schrill kreischt & fiept, als entgleis/se sie, besonders

in den christopher-street & love-parade-tagen oder all den anderen sinnlosen

demonstrationen, strassen- & kulturbegegnungsfesten, die längst nicht mehr montags

stattfinden;

wenn dann der lichtgehalt der luft höher liegt als ihr smog & selbst die nacht [mein

zuhause, sagst du, wie deins auch] nicht mehr das scheint, für was wir sie immer

halten wollten die ganze dunkle jahreszeit entlang;

wenn die viel zu kurzen nächte heller als die endlos öden tage werden, sagst du,

aufhörn. & machst weiter & schwitzt dir die stadt

wie eine krankheit aus dem leib & fliehst & spürst den schnürenden schmerz

einer abgelegten fessel & bemerkst nicht, dass sie sich dir längst wieder anlegt in dem

leisen heim

weh der fremde, dass du sie im grunde nie verloren hast, nie loswerden kannst, selbst

wenn das geschwür an deinem gelenk danach brennt,

während ich hier bleibe & mich wohlig wund

reibe an deinem schmerz, der das phantom meiner seele ist.

 

 

 

 

 

café anal/ self service

(oder was sich Olaf n. dabei gedacht hätte)

 

 

nervöse herren lesen zeitung, in die dunkle nacht entschlüpft ein kunde durch das plüsch-rosett

(und draussen hundsgeheul). man macht und tut und tut und macht so allerlei...;

ein gast, der gern was heisses hätt’, studiert die inserate und am nebentisch anbei zwei knaben,

die vom tender (der genug hat vom bedienen und sich leicht besauft) ganz mutig feuer nehmen

– und die erste ‘dicke’ kriegen. während wer beim blumenboy noch schnell was kauft,

der gut berät und sich ganz brav bedankt, kommt jemand ausgelaugt vom klo.

die jungs sind high und liegen ausgestreckt im sofa unter königin priscilla krone

– nun ist’s spät, es hat geschmeckt, man konnte nicht genügend kriegen, schmiegte sich

ans plüsch-rosett, doch: wie man sich bemüht und sitzt und an der afri festsaugt, taugt es nichts

und landet man am ende doch im bett.

 

 

 

 740391-4f90261ff610a067a9cdd6d24c2fbd0d.jpg

Crauss (Siegen, 19 september 1971)

 

 

 

 

De Engelse schrijver, acteur en regisseur Patrick Marber werd geboren op 19 september 1964 in Londen. Zie ook mijn blog van 19 september 2009.

 

 

Uit: Closer

 

„DAN   Jane. Her name was Jane Jones.

            The police phoned me … they said that someone I knew, called Jane, had dies … (they found her address book). I said there must be a mistake …

They had to describe her.

There’s no one else to identify the body.

She was knocked down by a car … on 43rd and Madison.

When I went to work today … Graham said, “Who’s on the slab?”

I went out to the fire escape and just … cried like a baby.

I covered my face–why do we do that?

A man from Treasury had died.

I spent all morning … writing his obituary.

There’s no space. There’s not enough … space.

 

Dan sits on the bench with Anna.

 

The phone rang. It was the police … they said there’s no record of her parents’ death … they said they were trying to trace them.

She told me that she fell in love with me because … I cut off my crusts … but it was just … it was only that day … because the bread … broke in my hands.

 

Dan turns away from Anna, looks at the flowers.

Silence

He turns back to Anna.

 

I bumped into Ruth last week.

She’s married. One kid, another on the way.

She married …  a Spanish poet.

 

He grimaces.

 

She translated his work and fell in love with him.

Fell in love with a collection of poems.

They were called …`Solitude´.

 

Dan holds onto the flowers.

 

I have to put these at Blackfriars Bridge.

Dan and Anna stand.

I have to go, I’ll miss the plane.“

 

 

 

 740391-ca602918044712a712957a2f5cbdf5da.jpg

Patrick Marber (Londen, 19 september 1964)

 

 

 

 

De Zuidafrikaanse dichteres en schrijfster Ingrid Jonker werd geboren op 19 september 1933 bij Komberley (Noord Kaap). Zie ook mijn blog van 19 september 2006 en ook mijn blog van 19 september 2008 en ook mijn blog van 19 september 2009.

 

 

 

Lied van de lapjespop

 

Ik ben de lapjespop die niet praat
en zich alleen op je liefde verlaat

's Avonds lig ik blind en stil en doof
en slap is dan mijn zaagselhoofd

Mijn handen rusten en mijn lijf
wordt na je heengaan koud en stijf

Zonder je hulp kan ik niet lopen:
je hebt me zomaar kunnen kopen

en zult me nog op een oudejaarsnacht
domweg verbranden terwijl je lacht.

Ik ben de lapjespop zonder geest
Mijn pijn jouw luidruchtig gevierde feest.

 

 

 

Vertaald door Gerrit Komrij

 

 

 

Korreltjie sand

 

Korreltjie korreltjie sand 
klippie gerol in my hand 
klippie gesteek in my sak 
word korreltjie klein en plat

 

Sonnetjie groot in die blou 
ek maak net 'n ogie van jou 
blink in my korreltjie klippie 
dit is genoeg vir die rukkie 
Kindjie wat skreeu uit die skoot 
niks in die wêreld is groot 
stilletjies lag nou en praat 
stilte in Doodloopstraat

 

Wêreldjie rond en aardblou 
korreltjie maak ek van jou 
huisie met deur en twee skrefies 
tuintjie met blou madeliefies

 

Pyltjie geveer in verskiet 
liefde verklein in die niet 
Timmerman bou aan 'n kis 
Ek maak my gereed vir die Niks

 

Korreltjie klein is my woord 
korreltjie niks is my dood

 

 

 

 

 740391-8e6ebbe208462f6064c18290f4c258e1.jpg

Ingrid Jonker (19 september 1933 – 19 juli 1965)

 

 

 

 

De Surinaamse dichter en schrijver Orlando Emanuels werd geboren in Paramaribo op 19 september 1927. Zie ook mijn blog van 19 september 2008 en ook mijn blog van 19 september 2009.

 

 

 

fata morgana

 

De overrijpe

gebersten lippen van

een papavergele zon

lachen vals

 

straks komen de grauwe kontoeren

van een moskee opdoemen

en het kromgetrokken dak

van een godvergeten stad

 

straks zijn mijn gebersten lippen

papavergeel gebrand

en ik zal klauwen in

het godverdoemde zand

 

 

 

 

 

toenadering

 

U en ik,

schichtige nachtvogels

vliedend

voor

de dageraad....

 

Jij en ik,

zorgeloze duiven

fladderend

 naar

 de zon....

 

 

 

 740391-233439f2ed997b383b6fdba1576f9d6e.jpg

Orlando Emanuels (Paramaribo, 19 september 1927)

Paramaribo, Waterkant

 

 

 

 

De Duitse schrijfster Stefanie Zweig werd geboren in Leobschütz, Oberschlesien, op 19 september 1938. Zie ook mijn blog van 19 september 2008 en ook mijn blog van 19 september 2009.

 

Uit: Und das Glück ist anderswo

 

„»Gemütlich«, sagte David Procter, als er den mit Zebrafell bezogenen Hocker am Fenster entdeckte. Wie sonst auch blieb das seltsame deutsche Wort mit dem verrückten Umlaut in seinem Hals stecken. Auch wusste er nie so recht, was es wirklich bedeutete. Trotzdem fand er es lustig und vielleicht gar treffend für ein schwarz-weiß gestreiftes Sitzmöbel in einem Hotel in Afrika. Selbst für einen Gnom erschien ihm der Hocker zu niedrig. Um ein Haar hätte er sich für den banalen kleinen Scherz selbst Beifall geklatscht. David wurde ärgerlich, als ihm aufging, dass er sich bereits die Hände rieb und in welche Richtung seine Gedanken trieben, denn er neigte sonst nicht dazu, seine Person oder seine Leistungen zu überschätzen. Im Gegenteil. Der früh gereifte Vierzehnjährige hielt sich für beklagenswert unvollkommen und die Welt erst recht, und er ließ selten eine Gelegenheit aus, seinen Zuhörern das klar zu machen – so er irgendjemanden fand, der bereit war, sich mit ihm länger zu beschäftigen, als es die Höflichkeit gegenüber einem enervierend eloquenten Teenager erforderte.

Seine geduldige Großmutter fiel ihm ein und dass sie ihm zum Abschied zwischen Haustür und Gartentor in ihrem schwer zu verstehenden Gemisch aus Englisch und Deutsch eine Mahnung – oder war es eine Beschwörung? – zugeflüstert hatte. Wie meistens, hatte David höchstens jedes dritte Wort verstanden, doch das hatte er sich, ebenfalls wie gewohnt, nicht anmerken lassen. Er hatte sie besonders herzlich an sich gedrückt und sich ohne eine Geste der Abwehr küssen lassen. Er wusste, dass sie Abschiede hasste, doch nun glaubte er zum ersten Mal zu wissen, was der Satz bedeutete.“

 

 

 740391-14776be6f63330689579be8fff5e6289.jpg

Stefanie Zweig (Leobschütz, 19 september 1932)



Zie voor nog meer schrijvers van de 19e september ook mijn vorige blog van vandaag.

Geschreven door Romenu om 20:03 Reageer op dit bericht

Jean-Claude Carrière, Curt Meyer-Clason, William Golding, Mika Waltari, Hartley Coleridge

De Franse romanschrijver, regisseur, acteur, toneel- en scenarioschrijver Jean-Claude Carrière werd geboren op 19 september 1931 in Colombières-sur-Orb, Hérault. Zie ook mijn blog van 19 september 2009.

 

Uit: La controverse de Valladolid

 

« Le jeune moine se dresse. Un grand claquoir en bois verni jaillit de ses manches. Il le fait claquer, car il est là pour ça. Dans la salle capitulaire tous s’immobilisent, se taisent et les

regards vont vers la porte.

Un homme apparaît, qui est accueilli en silence, avec toutes les marques du respect. Petit de taille, l’oeil apparemment débonnaire, il est un cardinal, représentant du pape. A Rome, quelques années plus tôt, il a connu Sepúlveda. On sait que la question des Indes l’intéresse, bien que jamais il n’ait traversé l’océan.

On sait aussi que, dans les domaines de la décision spirituelle, son pouvoir est considérable. Il est un ami de longue date du nouveau pape, qui lui fait pleine confiance. Son nom : Salvatore Roncieri. On le dit en Espagne depuis quelques semaines. Il a vu le roi à plusieurs reprises. Impossible de deviner de quel côté penche son sentiment.

Il est accompagné de deux assistants, prêtres de la curie romaine. Vêtus de noir, ils portent des documents dans des dossiers sombres.

Le premier regard du légat, quand il pénètre dans la salle, est pour le crucifix, accroché au mur. Il s’approche et baisse la tête devant l’image du divin supplicié. On le voit prier un moment à voix très basse et bien entendu tous l’imitent.

Après cette courte prière, il se retourne et regarde autour de lui. Tous s’inclinent, même le représentant du roi, le comte Pittaluga (pour abréger son nom), qui vient à son tour d’entrer dans la salle.

Le cardinal annonce qu’il va donner la bénédiction au nom de Sa Sainteté le pape.

Autre coup de claquoir. Les assistants mettent genou à terre dans un grand bruit de robes, sauf le légat lui-même, qui trace dans l’air le signe de la croix.

- In nomine patris, et filii, et spiritus sancti.

- Amen, disent les autres, en une seule voix.“

 

 

 

 740386-b0749b5413bb435fb670e2d91ee00ade.jpg

Jean-Claude Carrière (Colombières-sur-Orb, 19 september 1931)

 

 

 

 

De Duitse schrijver en vertaler Curt Meyer-Clason werd geboren op 19 september 1910 in Ludwigsburg. Zie ook mijn blog van 19 september 2009.

 

Uit: Portugiesische Tagebücher

 

„Wir sehen die nach kurzem unblutigem Schusswechsel hastig geräumten Kanzleien, Kasematten, Einzelzellen, Folterwerkzeuge, die vergitterten Gänge und Innenhöfe, aus

denen es kein Entkommen gibt, die Karteikästen mit Hunderttausenden von Dossiers, die Fotoalben mit Hunderten von politischen Verdächtigen ... Wir sehen die langgestreckten Räume mit den unter der Beratung der Gestapo eingerichteten, bereits vernichteten Abhörgeräten, die jedes gewünschte Telefongespräch auf Band protokollierten.“

 

 

 

Der Tiger  


Er kam und ging, zart und verhängnisvoll, geladen mit unendlicher Energie, auf der anderen Seite der festen Stäbe, und wir alle betrachteten ihn. Er war der Tiger dieses Morgens, im Stadtteil Palermo, und der Tiger des Orients und der Tiger von Blake und von Hugo und Schere Kahn, und die Tiger die gewesen sind und sein werden und zugleich der archetypische Tiger, da das Individuum in seinem Fall die gesamte Art ist. Wir fanden, er sei blutrünstig und schön. Norah, ein kleines Mädchen, sagte: Er ist für die Liebe gemacht.

 

 

 

Jorge Luis Borges, vertaald door Curt Meyer-Clason

 

 

 

 der-marktplatz-ludwigsburg15032010--19269.jpg

Curt Meyer-Clason (Ludwigsburg. 19 september 1910)

Ludwigsburg 

 

 

 

 

De Engelse schrijver Sir William Gerald Golding werd geboren in St. Columb Minor, Newquay, Cornwall, op 19 september 1911. Zie ook mijn blog van 19 september 2007 en ook mijn blog van 19 september 2008 en ook mijn blog van 19 september 2009.

 

Uit: Herr der Fliegen (Vertaald door Hermann Stiehl)

 

"Simon sah auf, fühlte den Druck seines feuchten Haares und starrte zum Himmel empor. Da oben waren endlich einmal Wolken, große aufgeblasene Türme, die grau und milchig und kupfern über der Insel wuchsen. Die Wolken lasteten auf dem Land; sie verdichteten sich und schufen stetig diese dicke, quälende Hitze. Sogar die Schmetterlinge verließen die Lichtung, wo das schamlose Ding grinste und tropfte. Simon neigte den Kopf mit krampfhaft geschlossenen Augen, die er dann mit seiner Hand beschirmte. Es waren keine Schatten unter den Bäumen, alles verharrte in mattfarbener Unbeweglichkeit, und die Gegenstände schienen namenlose Trugbilder zu sein. Der Gedärmhaufen war ein schwarzer Fliegenklumpen, der wie eine Säge summte. Nach einer Weile fanden diese Fliegen Simon. Gesättigt ließen sie sich auf die Schweißrinnsale nieder und tranken. Sie kitzelten um seine Nasenlöcher und spielten auf seinen Schenkeln Bockspringen. Sie waren schwarz und schillernd grün und ohne Zahl; und vor Simon hing der Herr der Fliegen auf seinem Stock und grinste. Schließlich gab Simon es auf und schaute wieder hin; sah die weißen Zähne, die trüben Augen, das Blut - und sein Blick kam nicht von diesem unausweichlichen Urbild los. In Simons rechter Schläfe begann es heftig zu pulsen."



 

 

 740386-173d1a33a56872a16c42eae74f33d1f3.jpg

William Golding (19 september 1911 – 19 juni 1993)

 

 

 

 

 

De Finse schrijver Mika Toimi Waltari werd geboren in Helsinki op 19 september 1908. Zie ook mijn blog van 19 september 2009.

 

Uit: Sinuhe der Ägypter (Vertaald door Charlotte Lilius)

 

„Ich schrak vor seinem Einfall zurück und sagte: ‚Pharao Echnaton, sie werden mir die Augen ausstechen und die Zunge aus dem Munde reißen (...). Ich bin nicht an militärische Strapazen gewöhnt, sondern fürchte mich vor dem Krieg. Meine Glieder sind steif, und ich kann daher nur langsam reisen. Auch verstehe ich nicht, meine Worte so geschickt zu wählen wie einer, der von Kindheit an im Lügen geschult wurde und deine Interessen bei den Königen fremder Länder wahrt. Sende daher einen anderen Friedensmittler, nicht mich!‘ Er aber wiederholte eigensinnig: ‚Geh und tu, was ich dir befohlen!(...)‘ Aber ich hatte die Flüchtlinge auf dem Hofe des Palastes gesehen. Ich hatte ihre zerfetzten Lippen, ihre leeren Augenhöhlen und Armstümpfe gesehen. Daher war ich keineswegs gewillt, nach Syrien zu reisen, sondern begab mich nach meinem Haus, um mich ins Bett zu legen und eine Erkrankung vorzutäuschen, bis der Pharao seinen Einfall wieder vergessen haben würde. Doch auf dem Heimweg kam mir mein Diener entgegen und sagte erstaunt: ‚Gut, dass du kommst, Herr! Aus Theben ist soeben ein Schiff eingetroffen und auf diesem eine Frau namens Mehunefer, die behauptet, deine Freundin zu sein. Sie ist angezogen wie eine Braut und erwartet dich in deinem Hause, das nach ihren Salben riecht.‘

 

 

740386-d938aec045c4868bd901f72eeca8aa09.jpg 

Mika Waltari (19 september 1908 - 26 augustus 1979)

 




De Engelse dichter en schrijver
Hartley Coleridge werd geboren in Clevedon, Somerset, op 19 september 1796.
Zie ook mijn blog van 19 september 2009.

 

 

November

 

The mellow year is hasting to its close;

The little birds have almost sung their last,

Their small notes twitter in the dreary blast --

That shrill-piped harbinger of early snows:

The patient beauty of the scentless rose,

Oft with the Morn's hoar chrystal quaintly glass'd,

Hangs, a pale mourner for the summer past,

And makes a little summer where it grows:

In the chill sunbeam of the faint brief day

The dusky waters shudder as they shine,

The russet leaves obstruct the straggling way

Of oozy brooks, which no deep banks define,

And the gaunt woods, in ragged, scant array,

Wrap their old limbs with sombre ivy twine.

 

 

 

740386-f0fab86f0393ef34e1d773554d39b36f.jpg 

Hartley Coleridge (19 september 1796 - 6 januari 1849)

Geschreven door Romenu om 00:00 Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten