Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
akke.beakke.be

Berichten van 14 december 2010 tot 15 december 2010

Ingo Schulze, Klaus Rifbjerg, Jan Greshoff, Simone van der Vlugt, Edna O'Brien

De Duitse schrijver Ingo Schulze werd geboren in Dresden op 15 december 1962.  Zie ook mijn blog van 15 december 2008 en ook mijn blog van 15 december 2009.

 

Uit: Adam und Evelyn

 

„Plötzlich waren sie da, die Frauen. Sie erschienen aus dem Nichts, angetan mit seinen Kleidern, Hosen, Röcken, Blusen und Mänteln. Manchmal war ihm, als träten sie aus dem Weiß hervor oder als wären sie einfach aufgetaucht, als hätten sie endlich die Oberfläche durchbrochen und sich gezeigt. Er musste nur die Schale mit der Entwicklerflüssigkeit etwas ankippen, mehr brauchte er nicht zu tun. Erst war nichts und dann etwas, auf einmal war es da. Doch der Augenblick zwischen dem Nichts und dem Etwas ließ sich nicht fassen, ganz so, als gäbe es ihn nicht.
Das große Blatt glitt in die Schale. Adam wendete es mit der Plastezange, stupste es tiefer, wendete es abermals, starrte auf das Weiß – und betrachtete dann so andächtig das Bild einer Frau im langen Kleid, das eine Schulter frei ließ und sich spiral förmig um den üppigen Körper wand, als wäre ein Wunder geschehen, als hätte er einen Geist gezwungen, seine Gestalt zu offenbaren.

Adam hielt das Foto mit der Zange kurz hoch. Die schwarze Fläche des Hintergrunds war jetzt heller, ohne dass Kleid und Achselhöhle an Kontur verloren. Vom Rand des Aschenbechers nahm er die Zigarre, sog daran und blies den Rauch über das nasse Bild, bevor er es ins Stoppbad tauchte und von da in die Schale mit dem Fixierer.

Das Quietschen der Gartenpforte machte ihn unruhig. Er hörte die lauter werdenden Schritte, drei Stufen hinauf, sogar das dumpfe Geräusch der Einkaufstasche, als sie beim Aufschließen
gegen die Haustür schlug. »Adam, bist du da?«

»Ja!«, rief er gerade so laut, dass sie ihn hören musste. »Hier!«

Ihre Absätze gingen über seinen Kopf hinweg, während er das Negativ anhauchte, mit einem Lederläppchen putzte und wieder in den Vergrößerungsapparat einlegte. Er stellte das Bild scharf und machte das Apparatlicht aus. In der Küche wurde der Wasserhahn auf- und wieder zugedreht, die Schritte kehrten zurück – plötzlich hüpfte sie auf einem Bein, sie zog ihre Sandalen aus. Die leeren Flaschen in dem Korb, der hinter der Kellertür stand, klirrten.
»Adam?«

 

 

807991-d272e560554eb79fb787180740f75af3.jpg
Ingo Schulze (Dresden, 15 december 1962)

 

 

 

 

De Deense dichter en schrijver Klaus Rifbjerg werd geboren op 15 december 1931 in Kopenhagen. Zie ook mijn blog van 15 december 2008 en ook mijn blog van 15 december 2009.

 

Uit: Mojácar (Work) Vertaald door Cic Saor)

 

„It is all in the routine. There are no are no lofty notions about divine intervention, nor, on the other hand any particular fear of failing to deliver. A quiet certainty reassures me that the rock face will eventually yield water if I hammer at it long enough. Yes, of course, the task ahead is a life and death issue, but you can't let anybody notice that – not even yourself.
The air is brisk; morning has not really got going yet. All my possibilities are there waiting for me - sheaves of white paper, and the cover over the manual typewriter almost demanding to be removed. The outer shutters stand open, the view is so defined and familiar to me that it is etched into my retina, even before consciousness has properly kicked in. There, are the rows of apple trees; there, is the old clay oven; there, is the stile leading into the field where you can sit with your back to the world and yield to the sunlight dappling between the trees and the hum of bees.
Yesterday’s last sentence is dangling like a hanging vine, ready to be swung from, and when the pillows in my chair are set right and the blanket is wrapped good and tight about my back and legs to ward off that nip in the air, which lingers until summer has really arrived; well, there is nothing else for it but to get going.
A certain inertia reigns at the start. I fumble at the typing keys and words slither around like eggs on a plate. But gradually as the sounds of keys being struck and finger dexterity meld together, I begin to get the rhythm. Words come to me, seemingly unbidden. It is like moving through a tunnel, which all the time expands further and further into the light ahead, whilst simultaneously closing behind me, only to open again and again and again. There is no explanation. And yes we are talking about a revelation here but with roots firmly planted into the earth, far removed from cheap hocus-pocus devices.“

 

 

 

807991-40c296d55ca97897f92e433bb5729afa.jpg
Klaus Rifbjerg (Kopenhagen, 15 december 1931)

 

 

 

 

De Nederlandse dichter en schrijver Jan Greshoff werd geboren op 15 december 1888 in Nieuw Helvoet. Zie ook mijn blog van 15 december 2006 en ook mijn blog van 15 december 2007 en ook mijn blog van 15 december 2008 en ook mijn blog van 15 december 2009.

 

 

Liefdesverklaring

 

Ik houd zo van die donkre burgerheren

Die langzaam wandlen over 't Velperplein

In deze koele winterzonneschijn:

De dominee, de dokter, de notaris

En ‘t klerkje dat vandaag wat vroeger klaar is.

Maar 't kan verkeren.

 

Zo onmiskenbaar ziet men aan hun kleren

Dat zij rechtvaardig zijn, terwijl de plicht

Die eedle lijnen groefde in hun gezicht:

De dominee, de dokter, de notaris,

Drievuldig beeld van al wat wijs en waar is.

Maar 't kan verkeren.

 

Op aarde valt voor hen niets meer te leren,

Zij zijn volkomen gaaf en afgerond,

Oud-liberaal, wantrouwend en gezond:

De dominee, de dokter, de notaris,

Voor wie de liefde zelfs zonder gevaar is.

Maar 't kan verkeren.

 

Zij gaan zich nu voorzichtig laten scheren,

Om daarna, met ervaring en verstand,

Een glas te drinken op het heil van 't land:

De dominee, de dokter, de notaris.

'k Weet geen probleem dat hun na zes te zwaar is.

Maar 't kan verkeren.

 

Ik houd zo van die zindelijke heren,

Levende monumenten op het plein

In deze veel te heldre winterschijn:

De dominee, de dokter, de notaris,

Die denken dat uw dichter niet goed gaar is.

Maar 't kan verkeren!

 

 

 

 

Waardin, ik ben een makkelijke klant...

Waardin, ik ben een makkelijke klant:
Geef mij vers wittebrood, een dikke snee
Met boter, Leidse kaas en een kop thee,
Een kamer met een uitzicht over 't strand.

Ik ben een rustig gast, voor 't wel en wee
Der Sowjetrepubliek en Nederland
Blijf ik volkomen onverschillig want
Wat er ook gebeurt, ik doe niet mee!

Het heil van de gemeenschap laat me koud;
En van miljoenen is mij slechts verwant
Eén vrouw waar ik belachelijk veel van houd.

 

 

 

807991-3c4473928032a3810daff583e8853ac6.jpg
Jan Greshoff (15 december 1888 – 19 maart 1971)

Hier links met uitgever A. Stols (m) en dichter J. C. Bloem (r)

 

 

 

 

De Nederlandse schrijfster Simone van der Vlugt werd geboren in Hoorn op 15 december 1966. Zie ook mijn blog van 15 december 2009.

 

Uit: Jacoba, Dochter van Holland

 

„Dordrecht, de rijkste en machtigste stad van de Lage Landen, houdt zijn poorten stevig voor me gesloten. Het stadsbestuur verklaart weinig vertrouwen te hebben in het bewind van een meisje van zestien en vraagt oom Johan de leiding op zich te nemen. Meer steden doen dat verzoek, en dan laat mijn oom definitief zijn ware aard zien. Hij stuurt gezanten naar de kerkvergaderingen in Konstanz om te vragen mijn huwelijk met Jan te verbieden, op basis van onze bloedverwantschap.
Of dat nog niet genoeg is, laat hij zich op 10 november in Dordrecht als landvoogd huldigen. Zijn boodschap aan mij is ondubbelzinnig: erkenning of oorlog.
Woedend verneemik het nieuws tijdens de vergadering van de Raad. Mijn handen omklemmen de leuningen van mijn zetel tot mijn knokkels wit zien.
‘Wat kunnen we doen?’ vraag ik verbeten. ‘Straks kiezen alle steden de kant van mijn oom.’
Walraven van Brederode rijst op uit zijn zetel. ‘De stad aanvallen en met geweld innemen is een mogelijkheid, vrouwe. Maar dat lijkt me geen reële optie. Dordrecht is sterk, beschikt over stevige muren en is heel gunstig gelegen om een belegering te doorstaan. Beter is het om ons te concentreren op andere steden die problemen geven. Als we ze allemaal onder uw bestuur hebben, zal Dordrecht alleen komen te staan en zich waarschijnlijk bedenken.’
‘Heel goed. Welke stad had u als eerste in gedachten?’
‘Gorkum, vrouwe. Dat is de belangrijkste stad van het gebied van de Van Arkels. De Kabeljauwse gilden hebben zich er onlangs meester van gemaakt. Een snel en doeltreffend ingrijpen van uw kant zal een waarschuwing betekenen voor andere oproerige steden.’
‘Dan trekken we op tegen Gorkum,’ zeg ik.“

 

 

 807991-45e3eb062062b6cb374f623f625f33da.jpg

Simone van der Vlugt (Hoorn,15 december 1966)

 

 

 

 

 

De Ierse schrijfster Edna O’Brien werd geboren op 15 december 1930 in Tuamgraney (County Clare). Zie ook mijn blog van 15 december 2008 en ook mijn blog van 15 december 2009.

 

Uit: Wild Decembers

 

"Not a patch on touch ... Nothing to beat touch," one said, and the other confirmed it.
"Would you like a go on it?" Bugler said then to each of them.
"I'll pass," Joseph said, but added that Breege would. She shrunk back from them, looked at the machine, and then climbed up on it because all she wanted was to have got up and down again and vanish. Through the back of her thin blouse one hook of her brassiere was broken and Bugler would see that. A red colour ran up and down her cheeks as if pigment were being poured on them. It was like being up on a throne, with the fields and the low walls very insignificant, and she felt foolish.
"You're okay ... You're okay ... It won't run away with you," Bugler said softly, and leaned in over her. Their breaths almost merged. She thought how different he seemed now, how conciliatory, how much less abrupt and commanding. His eyes, the colour of dark treacle, were as deep as lakes, brown eyes, wounded-looking, as if a safety pin had been dragged over them in infancy. He saw her agitation, saw that she was uneasy, and to save the moment he told her brother that the bloke he bought the tractor from was a right oddball.
"How come?" Joseph said.
"He said that if I couldn't start it, I was to find a child, get the child to put its foot on the clutch, but tell it to be ready to jump the moment the engine started."
"You won't find a child around here," Joseph said, and in the silence they looked as if they were expecting something to answer back. Nothing did. It was as if they were each suspended and staring out at the fields, brown and khaki, and nondescript in the gathering dusk; fields over which many had passed, soldiers, pilgrims, journeymen, children too; fields on which their lives would leave certain traces followed by some dismay, then forgetfulness.

"You'll come in for the tea," Joseph said to lighten things.
"I won't ... I have jobs to do," Bugler said, and turning to Breege, thinking that in some way he owed her an apology, he said, "If ever you want supplies brought from the town, you know who to ask."

 

 

 

807991-cf375326fd0941f2d4d7f25c4d3aa55f.jpg
Edna O’Brien (Tuamgraney, 15 december 1930)




Zie voor nog meer schrijvers van de 15e december ook mijn vorige blog van vandaag en zie eveneens vandaag de P.C. Hooftprijs voor Henk Hofland
Geschreven door Romenu om 19:57 Reageer op dit bericht

Hans Carossa, François de La Rochefoucauld, Nicolas Gilbert, Maxwell Anderson, Muriel Rukeyser

De Duitse dichter en schrijver Hans Carossa werd geboren op 15 december 1878 in Bad Tölz. Zie ook mijn blog van 15 december 2006  en ook mijn blog van 15 december 2007 en ook mijn blog van 15 december 2008 en ook mijn blog van 15 december 2009.

 

 

Unzugänglich schien der Gipfel

 

Unzugänglich schien der Gipfel;
Nun begehn wir ihn so leicht.
Fern verdämmern erste Wege,
Neue Himmel sind erreicht.


Urgebirg und offne Länder
Schweben weit, in Eins verspielt.
Städte die wir nachts durchzogen,
sind ein einfach-lichtes Bild.


Helle Wolke streift herüber;
Uns umweht ihr Schattenlauf.
Große blaue Falter schlagen
Sich wie Bücher vor uns auf.

 

 

 

An eine Katze

 

Katze, stolze Gefangene,

Lange kamst du nicht mehr.

Nun, über dämmerverhangene

Tische zögerst du her,

 

Feierabendbote,

Feindlich dem emsigen Stift,

Legst mir die Vorderpfote

Leicht auf begonnene Schrift,

 

Mahnst mich zu neuem Besinnen,

Du so gelassen und schön!

Leise schon hör ich dich spinnen

Heimliches Orgelgetön.

 

Lautlos geht eine Türe.

Alles wird ungewohnt.

Wenn ich die Stirne dir berühre,

Fühl ich auf einmal den Mond.

 

Woran denkst du nun? An dein Heute?

Was du verfehlt und erreicht?

An dein Spiel? Deine Jagd? Deine Beute?

Oder träumst du vielleicht,

 

Frei von versuchenden Schemen

Grausamer Gegenwart,

Milde teilzunehmen

An der menschlichen Art,

 

Selig in großem Verzichte

Welten entgegen zu gehn,

Wandelnd in einem Licht,

Das wir beide nicht sehn?

 

 

 

807983-5995d8a4669b7f5867061beefb1bb5de.jpg 

Hans Carossa (15 december 1878  - 13 september 1956)

 

 

 

 

 

De Franse schrijver François de La Rochefoucauld werd geboren op 15 december 1613 in Parijs. Zie ook mijn blog van 15 december 2006 en ook mijn blog van 15 december 2008 en ook mijn blog van 15 december 2009.

 

Maximen:

 

„Niet de dingen, maar onze voorkeuren bepalen onze voldoening; en we zijn gelukkig als we hebben waarvan we houden, niet als we hebben waarvan we geacht worden te houden.“

 

 

„Zoals het grote geesten eigen is om in weinig woorden veel duidelijk te maken, zo hebben kleine geesten de gave om veel te praten en niets te zeggen.“

 

 

„Wij zijn allemaal sterk genoeg om andermans ellende te verdragen.“

 

 

 

807983-77f764b95bbd7f2a38bde35e49fde2e4.jpg
François de La Rochefoucauld (15 december 1613 - 17 maart 1680)

Château de Verteuil waar François VI de la Rochefoucauld rond 1650 zijn Maximes en zijn Mémoires redigeerde.

 

 

 

 

De Franse dichter Nicolas Gilbert werd geboren in Fontenoy-le-Château (Vosges) op 15 december 1750. Zie ook mijn blog van 15 december 2008 en ook mijn blog van 15 december 2009.

 

 

Le poète malheureux (Fragment)


Vous que l'on vit toujours chéris de la fortune,
De succès en succès promener vos désirs,
Un moment, vains mortels, suspendez vos plaisirs :
Malheureux... ce mot seul déjà vous importune ?
On craint d'être forcé d'adoucir mes destins ?
Rassurez-vous, cruels ; environné d'alarmes,
J'appris à dédaigner vos bienfaits incertains,
Et je ne viens ici demander que des larmes.

Savez-vous quel trésor eût satisfait mon coeur
La gloire : mais la gloire est rebelle au malheur ;
Et le cours de mes maux remonte à ma naissance.
Avant que, dégagé des ombres de l'enfance,
Je pusse voir l'abîme où j'étais descendu,
Père, mère, fortune, oui, j'avais tout perdu.
Du moins l'homme éclairé, prévoyant sa misère,
Enrichit l'avenir de ses travaux présents ;
L'enfant croit qu'il vivra comme a vécu son père,
Et, tranquille, s'endort entre les bras du temps.
La raison luit enfin, quoique tardive à naître.
Surpris, il se réveille, et chargé de revers,
Il se voit, sans appui dans un monde pervers,
Forcé de haïr l'homme, avant de le connaître...
Le Poète languit dans la foule commune,
Et s'il fut en naissant chargé de l'infortune,
Si l'homme, pour lui seul avare de secours,
Refuse à ses travaux même un juste salaire ;
Que peut-il lui rester ?... Oh ! pardonnez, mon père,
Vous me l'aviez prédit. Je ne vous croyais pas.
Ce qui peut lui rester ? La honte et le trépas.

 

 

 

807983-e2793b18ce875033a4220c6324cad38f.jpg
Nicolas Gilbert (15 december 1750 – 16 november 1780)

Standbeeld in Fontenoy-Le-Château

 

 

 

 

De Amerikaanse schrijver en songwriter Maxwell Anderson werd geboren op 15 december 1888 in Atlantic Pennsylvania. Zie ook mijn blog van 15 december 2008 en ook mijn blog van 15 december 2009.

 

 

Lost in the stars

 

Before Lord God made the sea and the land,
He held all the stars in the palm of His hand,
And they ran through His fingers like grains of sand,
And one little star fell alone.

Then the Lord God hunted through the wide night air,
For the little dark star on the wind down there,
And He stated and promised He'd take special care
So it wouldn't get lost again.

Now a man don't mind if the stars grow dim,
And the clouds blow over and darken him,
So long as the Lord God's watching over them,
Keeping track how it all goes on.

But I've been walking through the night and the day,
Till my eyes get weary and my head turns gray,
And sometimes it seems maybe God's gone away,
Forgetting the promise that we heard Him say.

And we're lost out here in the stars,
Little stars, big stars, blowing through the night,
And we're lost out here in the stars,
Little stars, big stars, blowing through the night.

 

 

 

 

 807983-672ee31a2ea257e274ece7eb10a78245.jpg

Maxwell Anderson (15 december 1888 – 28 februari 1959)

Hier links, met collega’s Paul Green en Sidney Howard

 

 

 

 

De Amerikaanse dichteres, schrijfster en politiek activiste Muriel Rukeyser werd geboren op 15 december 1913 in New York. Zie ook mijn blog van 15 december 2008 en ook mijn blog van 15 december 2009.

 

 

Boy With His Hair Cut Short 

 

Sunday shuts down on this twentieth-century evening.

The L passes. Twilight and bulb define

the brown room, the overstuffed plum sofa,

the boy, and the girl's thin hands above his head.

A neighbor radio sings stocks, news, serenade.

 

He sits at the table, head down, the young clear neck exposed,

watching the drugstore sign from the tail of his eye;

tattoo, neon, until the eye blears, while his

solicitous tall sister, simple in blue, bending

behind him, cuts his hair with her cheap shears.

 

The arrow's electric red always reaches its mark,

successful neon! He coughs, impressed by that precision.

His child's forehead, forever protected by his cap,

is bleached against the lamplight as he turns head

and steadies to let the snippets drop.

 

Erasing the failure of weeks with level fingers,

she sleeks the fine hair, combing: 'You'll look fine tomorrow!

You'll surely find something, they can't keep turning you down;

the finest gentleman's not so trim as you!' Smiling, he raises

the adolescent forehead wrinkling ironic now.

 

He sees his decent suit laid out, new-pressed,

his carfare on the shelf. He lets his head fall, meeting

her earnest hopeless look, seeing the sharp blades splitting,

the darkened room, the impersonal sign, her motion,

the blue vein, bright on her temple, pitifully beating.

 

 

 

807983-4f62c949dbb45f563d86ecb12c62835e.jpg
Muriel Rukeyser (15 december 1913 – 12 februari 1980)

Geschreven door Romenu om 19:47 Reageer op dit bericht

P.C. Hooftprijs 2011 voor Henk Hofland


P.C. Hooftprijs 2011 voor Henk Hofland

 

 

De Nederlandse schrijver, journalist, commentator, essayist en columnist Henk Hofland krijgt de P.C. Hooftprijs 2011. Dat heeft het bestuur van de Stichting P.C. Hooftprijs voor Letterkunde dinsdag bekendgemaakt. Zie ook mijn blog van 20 juli 2010.

 

Uit: Lezen en schrijven (Column)

 

„De verbreiding van internet betekent niet dat in de digitale bovenlagen ideale democratische verhoudingen zullen heersen. Het is waar: wat we aan het begin van deze eeuw de digitale snelweg noemden, heeft de vrijheid van meningsuiting op een toen nog onvoorstelbare manier bevorderd. Het wereldwijde web heeft een onafzienbare hoeveelheid informatie voor iedereen die met een laptop kan werken toegankelijk gemaakt. Bovendien kan iedereen laten weten wat hij van alles vindt. Nooit zijn zoveel mensen in staat geweest over zoveel zaken een zo groot publiek te laten weten wat ze ervan denken. Iedere dag wordt er bij wijze van spreken een paddestoelwolk van opinies de digitale wereld ingestuurd. Met Facebook en Hyves kun je desnoods duizenden vrienden maken. Internetkranten stellen je in de gelegenheid uit de onkwetsbaarheid van je anonimiteit de machtigsten ter wereld ongenadig uit te schelden. Met Twitter laat je in 140 tekens je diepste wijsheid van het moment weten.

Maar dit wil niet zeggen dat de gebruikers van al deze fantastische faciliteiten weten waar ze het over hebben. Om goed van de schatkamers van informatie gebruik te kunnen maken, moet je weten waar je moet zoeken en datgene te begrijpen wat je hebt gevonden. Dit alles vooronderstelt kennis van zaken die een mens nu eenmaal vergaart in een vooropleiding die toewijding, energie en jaren vergt. Daaraan ontbreekt het al diegenen voor wie de wetenschap van internet wel bereikbaar is, maar de inhoud abracadabra.

De formule die Menno ter Braak in 1937 in zijn Het nationaal-socialisme als rancuneleer gebruikte, heeft een nieuwe actualiteit gekregen. „Naarmate het bezit van cultuur meer als een recht wordt gevoeld, wordt de afstand die er bestaat tussen dat recht op alles en het bezit van weinig in de praktijk, meer beseft als een onrecht.” Degene die hier het slachtoffer is „kan het meerdere bezit van de ander niet verdragen. Het maakt hem hels, de ander bevoorrecht te zien. Hij wrokt omdat hij in de wrok althans de lust van de permanente ontevredenheid beleeft.”

Heeft de schijn van gelijkheid die door de verbreiding van internet is ontstaan deze wrok tot een eigentijds verschijnsel gemoderniseerd? Ligt hier de verklaring van de wijdverbreide haat tegen de ‘elite’, bestaande uit mensen die het dankzij hun opleiding en ervaring op een grote verscheidenheid van gebieden beter weten dan wat vroeger de ‘leek’ werd genoemd? Als van iemand nu gezegd wordt dat hij ‘tot de elite hoort’, is dat in negen van de tien gevallen een verdachtmaking. Elite is een scheldwoord geworden, niet alleen hier; ook in Amerikaanse populistische kringen. ‘Linkse elite’, nog erger – terwijl toch president George W. Bush, de neoconservatieven en de bankiers aan de wortel van onze tegenwoordige problemen hebben gestaan.“

 

 

 

807953-7a26d9ecb11f73d1cb6c9d9a45b6a77d.jpg
Henk Hofland (Rotterdam, 20 juli 1927)
Geschreven door Romenu om 19:23 Reageer op dit bericht

Gerard Reve, Boudewijn Büch, Hervé Guibert, Paul Eluard, Helle Helle, Shirley Jackson, Regina Ullmann, Andreas Mand, Charles Wolfe, Marianne Fritz

De Nederlandse dichter en schrijver Gerard Reve werd op 14 december 1923 in Amsterdam geboren. Zie ook mijn blog van 14 december 2006 en mijn blog van 8 april 2007 en ook mijn blog van 14 december 2007 en ook mijn blog van 14 december 2008 en ook mijn blog van 14 december 2009.

 

Uit: De Taal der Liefde

 

Öp een vrijdagmiddag in augustus wilden wij, na boodschappen te hebben gedaan op de markt in de Dapperstraat, op de terugweg door de dierentuin heen – bij de zuidelijke  ingang, die ook toegang gaf tot het Aquariumhuis, er in en bij de westelijke hoofdingang bijna recht tegenover onze woning, er weer uit – naar huis terugkeren. Het was zonnig, warm weer en toen wij de zuidelijke ingang waren binnengekomen, gingen wij, in strijd met onze oorspronkelijke bedoeling, niet rechtstreeks de Tuin in maar betraden,, wegens de schaduw en de verwachte koelte, eerst het Aquriumhuis.

Het was er niet veel koeler dan buiten, en tamelijk vol. Er waren talrijke klassen  van middelbare scholen, en in die groepen bevonden zich veel mooie Jongens, toverachtig belicht door het onderzeese schijnsel uit onzichtbare lantarens dat hen schaduwloos omsloot en hun gelaten, hoofdhaar en de omtrekken van hun heupen oneindig veel scherper en smartelijker zichtbaar maakte dan enig daglicht ooit zou kunnen doen. Een blonde jongeman, met kort haar, van naar schatting ongeveer 20 jaar, gekleed in een lichte wollen trui boven een strakke grijsachtige heupbroek, keek ons enkele ogenblikken doordringend aan, maar liep toen door zonder ons enige duidelijke aandacht te schenken.

Ik poogde niet naar Jongens te kijken maar aan iets, wat dan ook ter wereld, anders dan aan Jongens te denken toen vlak bij mij, voor één van die kleinere aquariums waarin ogenschijnlijk nooit iets levends vertoeft, een ongeveer 13 of 14jarige jongen met iets te lang, donkerblond haar over zijn oortjes, diep voorover gebogen ging staan turen naar het gedrag van misschien enige zeekreeftjes in een verre hoek van het aquarium. Zijn benen, over elkaar geslagen, spanden zijn duidelijk fluwelen broek hoog in zijn kruis en diep in zijn onbeschrijfelijk zich tussen zijn ronde, steile jongensbillen, aftekenende geheime vallei. Ik probeerde aan iets te denken betreffende de dierentuin of het Aquariumhuis maar ik kon, zolang de jongen voor het kleine aquarium gebogen bleef staan, aan niets anders denken dan hoe ik, terwijl ik hem gevangen hield, hem zou dwingen de riem van zijn broek twee of drie gaten nauwer aan te halen om hem daarna diep voorover te laten buigen opdat ik hem, zo lang Tijger het zou begeren, met een donkerrode rijzweep zijn feller dan ooit gespannen broek tot flarden van zijn dijen en blonde fluwelen jongensheuvels zou geselen. Ik voelde mij zeer moe.

De jongen richtte zich op, liep verder, en in het voorbijgaan zag ik maar al te duidelijk zijn mond en keel, waaruit hij met hese, laffe jongensstem onder de geseling zou schreeuwen, maar het volgende ogenblik was hij in een donker gebied van de zaal tussen de vele bezoekers verdwenen.”

 

 

 

 807240-928fcfda79c1689842cd20e6c3502889.jpg

Gerard Reve (14 december 1923 – 8 april 2006)

 

 

 

 

De Nederlandse dichter, schrijver en televisiemaker Boudewijn Maria Ignatius Büch werd geboren op 14 december 1948 in Den Haag. Zie ook mijn blog van 14 december 2006 en ook mijn blog van 14 december 2007 en ook mijn blog van 14 december 2008 ook mijn blog van 14 december 2009.

 

 

Huil mijn lied

 

Huil mijn lied

in eenzaamheid

vernietig vader, jongens

en haar majesteit

 

schenk taal als suïcide

 

o onrecht

zo solide

met steeds meer

straf verzwaard

 

ik hou van jou

 

dood alleen die

dit verjaart.

 

 

Dood

 

Ieder gesprek

is een bevestiging

van jouw dood

en ik voel mij

deelgenoot

van de nacht

die ik voorbij

zag gaan

 

de zon verscheen

hopeloos

voor je geopend raam

 

het verlangen

werd voortgezet

in de vier letters

van ons alfabet

 

 

 

Lone Some

 

het landschap stond als een kamer op het vlak

de hemel gaf ons onderdak

dronken wij het gras als kroeg

geboomte dat de hemel droeg

 

regen draalde in de stad

en wij droomden dat huilen samenvat

het interieur van kleine dingen:

 

voor het gordijn / de ramen die verwaaien

sta jij te zingen. Ik - juist ik - verzorg de planten

op de akker. En wat ontbrak er?

 

je zegt - staande in de deur naar 't loze blauw:

‘Liefste, er is koffie met Calva Dansflou’

 

lijkt soms alsof ik oogst & taal verbouw -

 

en vervolgens denk ik:

er is één ding dat ik nog steeds niet kan schrijven

dat dood en sterven oneindig lang beklijven

 

jongens, jongens, jongens, jongens!

ik kom slechts meisjesjongens tegen

is er waarachtig leed?

of kent de tijd verlegenheid?

 

 

 

 807240-ff9b47521194c202165a212793f7aaec.jpg

Boudewijn Büch (14 december 1948 – 23 november 2002)

 

 

 


De Franse schrijver
Hervé Guibert werd geboren op 13 december 1955 in Saint-Cloud. Zie ook mijn blog van 14 december 2008 en ook mijn blog van 14 december 2009.

 

Uit: Voyage avec deux enfants


« Pour la première fois j’invente, j’affabule, je ne relate pas un fait récent, un sentiment frais. Et pour la première fois aussi j’écris à l’écart de T., à son insu, presque en cachette, sans lui en rendre compte, un texte qui ne lui est pas dédié. J’échappe à la norme d’écriture qu’il a instituée, car c’était un peu lui qui réglait le débit, par phase d’abandon et de recaptivité, comme une flamme qu’on baisse ou qu’on monte à volonté. Ce que j’écrivais, jusque-là, ses tromperies l’enflammaient, ses constances le mettaient en suspens. Mais puisqu’il me prend ce soir le besoin de l’immiscer dans cette écriture émancipée, c’est qu’il reste sans doute, le personnage d’origine, le repère, la mire, la mesure. »

 

 

 807240-7d402e85d53dd686ff86395f0fd6be48.jpg

Hervé Guibert (14 december 1955 – 27 december 1991)

 

 

 

 

De Franse dichter en schrijver Paul Eluard werd geboren op 14 december 1895 in Saint Denis. Zie ook mijn blog van 14 december 2006 en ook mijn blog van 14 december 2008 en ook mijn blog van 14 december 2009.

 


La Parole

 

J’ai la beauté facile et c’est heureux.
Je glisse sur les toits des vents
Je glisse sur le toit des mers
Je suis devenue sentimentale
Je ne connais plus le conducteur
Je ne bouge plus soie sur les glaces
Je suis malade fleurs et cailloux
J’aime le plus chinois aux nues
J’aime la plus nue aux écarts d’oiseau
Je suis vieille mais ici je suis belle
Et l’ombre qui descend des fenêtres profondes
Epargne chaque soir le coeur noir de mes yeux.

 

 

 

Poisson

 

Les poissons, les nageurs, les bateaux
Transforment l’eau.
L’eau est douce et ne bouge
Que pour ce qui la touche.

Le poisson avance
Comme un doigt dans un gant,
Le nageur danse lentement
Et la voile respire.

Mais l’eau douce bouge
Pour ce qui la touche,
Pour le poisson, pour le nageur, pour le bateau
Qu’elle porte
Et qu’elle emporte.

 

 


Air vif

 

Derniers poèmes d’amour.

 

J’ai regardé devant moi
Dans la foule je t’ai vue
Parmi les blés je t’ai vue

Sous un arbre je t’ai vue

 

Au bout de tous mes voyages
Au fond de tous mes tourments
Au tournant de tous les rires
Sortant de l’eau et du feu

 

L’été l’hiver je t’ai vue
Dans ma maison je t’ai vue
Entre mes bras je t’ai vue
Dans mes rêves je t’ai vue

 

Je ne te quitterai plus.

 

 

 

807240-e4e0e1a34dc1a69bbaa8177b28f06dff.jpg
Paul Eluard (14 december 1895 - 18 november 1952)

 

 



De Deense schrijfster Helle Helle werd geboren als Helle Krogh Hansen in Nakskov op 14 december 1965. Zie ook mijn blog van 14 december 2008 .

 

Uit: My aunt died (Vertaald door Sean Hughes)

“My aunt died of an illness that started as pain in her back. She lay awake every night unable to get comfortable in her bed. She piled pillows against the headboard, had a glass of water and pain relievers ready on the nightstand. She figured it was muscle pain or ordinary stiffness. She waited too long before going to the doctor. He did some tests and admitted her quite quickly afterwards. She stayed in the hospital for a little over three weeks and then died. It had been spreading for a long time. She always did so much; made preserves, baked, and fried klejner. She said that the kitchen counter was too low and that it was because of that.

Her husband, my uncle, died in a traffic accident many years beforehand. It was a hot summer day and he was alone in the car. He waved a wasp away while he was driving. A female bicyclist saw how it happened. He lost control and drove head-on into a tree. The car burst into flames but he was already dead. Half of his body stuck out through the windshield. Sometimes we would drive by that tree during summer vacation. We kids sat in the back, my father slowed down. It was an oak tree.”

 

 

images?q=tbn:ANd9GcS46aTJpm6Og6fv_Ky0sRKLG3lAeQsBvBI9XENhjsId5q2iCKIV
Helle Helle (Nakskov, 14 december 1965)



 


De Amerikaans schrijfster
Shirley Jackson werd geboren in San Francisco op 14 december 1919. Zie ook mijn blog van 14 december 2008 en ook mijn blog van 14 december 2009.

 

Uit: Trial by Combat

 

„When Emily Johnson came home one evening to her furnished room and found three of her best handkerchiefs missing from the dresser drawer, she was sure who had taken them and what to do. She had lived in the furnished room for about six weeks and for the past two weeks she had been

missing small things occasionally. There had been several handkerchiefs gone, and an initial pin which Emily rarely wore and which had come from the five-and-ten. And once she had missed a small bottle of perfume and one of a set of china dogs. Emily had known for some time who was taking the

things, but it was only tonight that she had decided what to do. She had hesitated about complaining to the landlady because her losses were trivial and because she had felt certain that sooner or later she would know how to deal with the situation herself. It had seemed logical to her from the beginning

that the one person in the rooming-house who was home all day was the most likely suspect, and then, one Sunday morning, coming downstairs from the roof, where she had been sitting in the sun, Emily had seen someone come out of her room and go down the stairs, and had recognized the visitor.

Tonight, she felt, she knew just what to do. She took off her coat and hat, put her packages down, and, while a can of tamales was heating on her electric plate, she went over what she intended to say.

After her dinner, she closed and locked her door and went downstairs. She tapped softly on the door of the room directly below her own, and when she thought she heard someone say,

“Come in,” she said, “Mrs. Allen?,” then opened the door carefully and stepped inside.“


 

 807240-96a2bee8ea2fb575358de582024e3d4f.jpg

Shirley Jackson (14 december 1919 – 8 augustus 1965)

 

 

 

 

De Oostenrijks – Zwitserse schrijfster Regina Ullmann werd op 14 december 1884 in St. Gallen geboren. Zie ook mijn blog van 14 december 2008.

 

Uit: Erzählungen, Prosastücke, Gedichte

 

„Er erkundigte sich nach der Art der Schmerzen, nach den Stellen, an welchen sie aufzutreten pflegten. Er nahm eine Untersuchung vor und liess die Fremde sich wieder ankleiden, ging auf und ab und sagte schliesslich, als führe er ein Selbstgespräch: „Es fehlt Ihnen nichts. Das heisst, Sie haben Schmerzen, es sind gewisse Schwellungen vorhanden, aber es fehlt Ihnen nichts.“ Und nach einer kurzen Zwischenpause, die jedoch niemand hätte im Gespräch als eine ihm zustehende in Anspruch nehmen können, fügte er knapp hinzu: „Lassen Sie das.“ Als hätte die Patientin wie ein Kind etwas Neugierde Erregendes, nicht Gehörendes anrühren wollen. Und er habe ihr gleichsam mit Worten auf die Finger geklopft.“

 

 

 

images?q=tbn:ANd9GcQS6yKXYGgvkMvmz-yyd2K2kB8KoA54U2ARd0o_brnyShy7mxAw
Regina Ullmann (14 december 1884 – 6 jannuari 1961)

Portret door Lou Albert-Lasard 

 

 

 

Zie voor onderstaande schrijvers ook mijn blog van 14 december 2009.

 

De Duitse schrijver Andreas Mand werd geboren op 14 december 1959 in Duisburg. Zie ook mijn blog van 14 december 2008.

 

De Ierse dichter Charles Wolfe werd geboren op 14 december 1791 in Blackhall, County Kildare. Zie ook mijn blog van 14 december 2008.

 

Zie voor onderstaande schrijvers ook mijn blog van 14 december 2008.

 

De Oostenrijkse schrijfster Marianne Fritz werd als Marianne Frieß geboren op 14 december 1948 in Weiz in de Steiermark.

Geschreven door Romenu om 00:00 Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten