Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
akke.beakke.be

Berichten van 28 juni 2012 tot 29 juni 2012

80 Jaar Ror Wolf, Op herhaling: Giacomo Leopardi, Oriana Fallaci, Anton Bergmann, Louis Scutenaire, Antoine de Saint-Exupéry, Oleg Korenfeld, Vasko Popa, John Willard Toland

De Duitse dichter en schrijver Ror Wolf (pseudoniem van Raoul Tranchirer) werd geboren op 29 juni 1932 in Saalfeld/Saale. Zijn loopbaan als schrijver begon in 1958 met publicaties in de studentenkrant Diskus. Wolf studeerde literauur, sociologie en filosofie in Frankfurt am Main. In 1964 verscheen zijn eerste roman Fortsetzung des Berichts, die als een van de weinige voorbeelden gezien kan worden van de Duitse Nouveau roman en die een intensieve lectuur verraad van het boek Der Schatten des Körpers des Kutschers van Peter Weiss.

Zie ook alle tags voor Ror Wolf op dit blog. Ror Wolf viert vandaag zijn 80e verjaardag.

 

 

Fußball-Sonett Nr. 4

 

Das ist doch nein die schlafen doch im Stehen.
Das ist doch ist das denn die Möglichkeit.
Das sind doch Krücken. Ach du liebe Zeit.
Das gibt’s doch nicht. Das kann doch gar nicht gehen.

 

Die treten sich doch selber auf die Zehen.
Die spielen viel zu eng und viel zu breit.
Das sind doch nein das tut mir wirklich leid.
Das sind doch Krüppel. Habt ihr das gesehen?

 

Na los geh hin! Das hat doch keinen Zweck.
Seht euch das an, der kippt gleich aus den Schuhn.
Ach leck mich fett mit deinem Winterspeck.

 

Jetzt knickt der auch noch um, na und was nun?
Was soll denn das oh Mann ach geh doch weg.
Das hat mit Fußball wirklich nichts zu tun.

 

 

 

Fußball-Sonett Nr. 9 - Als Vorbereitung für DAS DERBY

 

Der Nebel pfeift. Es ist etwas geschehen.
Es klatscht ganz naß. In diesem Dämmerlicht
Beginnen wir mit unsrem Schlußbericht.
Wir sehen nichts. Wir können nichts verstehen.

Nur die Gesänge, die vorüberwehen.
Das ist nicht viel bei dieser schlechten Sicht.
Wenn es nicht läuft, dann läuft es eben icht.
Borussia Dortmund wird nicht untergehen.

Der Rammer tankt sich durch, ihr lieben Leute.
Der Stopper: ja, so sieht es aus von hier.
Er senst ihn um, wenn ich das richtig deute.

Die Neun läuft an. Das war das Vierzuvier.
Ins Netz gefetzt. So wunderschön wie heute.
Ein volles Pfund. Und diesmal singen
wir.

 

 

wolfror

Ror Wolf (Saalfeld/Saale, 29 juni 1932)





Op herhaling:

De Italiaanse dichter en schrijver Giacomo Leopardi werd geboren in Recanati op 29 juni 1798. Al op jeugdige leeftijd ontwikkelde hij een grote belangstelling voor de Klassieken, maar ook voor astronomie, geschiedenis en moderne talen. In deze tijd vertaalde hij al stukken van Vergilius en Homerus en dichtte zeer succesvol in het Latijn. In 1817 zou hij Geltrude Cassi Lazzari ontmoeten, een nichtje van zijn vader, voor wie hij heimelijk een liefde koesterde. Enkele jaren later verliet hij het ouderlijk huis om te verblijven in verschillende steden van Italië. Zijn gezondheid liet het hierbij vaak afweten. Een oogziekte en een algeheel zwak gestel plaagden hem tot aan zijn dood.


To Himself


Now will you rest forever,
My tired heart. Dead is the last
deception,
That I thought eternal. Dead. Well I
feel
In us the sweet illusions,
Nothing but ash, desire burned out.
Rest forever. You have
Trembled enough. Nothing is worth
Thy beats, nor does the earth
deserve
Thy sighs. Bitter and dull
Is life, there is nought else. The
world is clay.
Rest now. Despair
For the last time. To our kind, Fate
Gives but death. Now despise
Yourself, nature, the sinister
Power that secretly commands our
common ruin,
And the infinite vanity of
everything.



Infinite


These solitary hills have always been dear to me.
Seated here, this sweet hedge, which blocks the distant horizon opening inner silences and interminable distances.
I plunge in thought to where my heart, frightened, pulls back.
Like the wind which I hear tossing the trembling plants which surround me, a voice from the inner depths of spirit shakes the certitudes of thought.
Eternity breaks through time, past and present intermingle in her image.
In the inner shadows I lose myself,
drowning in the sea-depths of timeless love.


giacomo-leopardi-1-sized
Giacomo Leopardi (29 juni 1798 - 14 juni 1837)



De Italiaanse journaliste en schrijfster
Oriana Fallaci werd geboren in Florence op 29 juni 1929. Als tiener hielp ze haar vader bij verzetswerk tegen de Duitsers. Tijdens haar lange en succesvolle journalistieke loopbaan interviewde zij op scherpe, onomwonden wijze diverse prominente personen zoals onder meer Willy Brandt, Indira Gandhi, Henry Kissinger, ayatollah Khomeini en Yasser Arafat. Zij verkreeg later ook bekendheid met een reeks kritische boeken over radicale vormen van de islam.


Uit
The Rage and The Pride

”You ask me to speak, this time. You ask me to break at least this once the silence I've chosen, that I've imposed on myself these many years to avoid mingling with chattering insects. And I'm going to. Because I've heard that in Italy too there are some who rejoice just as the Palestinians of Gaza did the other night on TV. "Victory! Victory!"
Men, women, children. Assuming you can call those who do such a thing man, woman, child. I've heard that some of the insects of means, politicians or so-called politicians, intellectuals or so called intellectuals, not to mention others not worthy of the title of citizen, are behaving pretty much the same way. They say: "Good. It serves America right." And I am very very, very angry. Angry with an anger that is cold, lucid, rational. An anger that eliminates every detachment, every indulgence. An anger that compels me to respond and demands above all that I spit on them. I spit on them. Angry as I am, the African-American poet Maya Angelou roared the other day: "Be
angry. It's good to be angry, it's healthy." And I don't know whether it's healthy for me. But I know that it won't be healthy for them, I mean those who admire Osama Bin Laden, those who express comprehension or sympathy or solidarity for him. Your request has triggered a detonator that's been waiting too long to explode. You'll see. You also ask me to tell how I experienced this apocalypse. To give, in other words, my testimony. Very well, I'll start with that.”



oriana-fallaci
Oriana Fallaci (29 juni 1929 - 15 september 2006)




De Vlaamse schrijver
Anton "Tony" Bergmann werd geboren te Lier op 29 juni 1835, als zoon van de latere liberale burgemeester George Bergman. Hij liep lagere school in zijn geboortestad. Hij volgde er ook de lagere Latijnse klassen aan het Lierse stadscollege. In 1849 ging hij naar het stedelijk atheneum te Gent. Reeds toen ontpopte hij zich als een groot liefhebber van de Nederlandse letteren. Samen met o.a. Julius Vuylsteke maakte hij deel uit van het romantisch-flamingant Taalminnend Studentengenootschap 't Zal wel gaan, een vereniging die de beoefening van de Nederlandse literatuur en de verdediging van de Nederlandse taal tot doel had. Hij stichtte het weekblad De Lierenaar.


Uit: Op St-Niklaasdag


“De killige arduinen wanden schenen van verveling te wateroogen, de dakvensters der overzijde geeuwden ons tegen. De ondermeester was lastiger dan ooit; wij mochten niet springen, niet lopen, niet zingen, niet roepen, vooral niet stil spreken: ha, ’t was een treurige dag en die dag was
St-Niklaasdag
.
Voor de dagscholieren is het verlof, dat wil zeggen gelukkige zalige stonden, heengevlogen in den huiselijken kring, in eene gezellige kamer, bij eene warme stoof, aan de zijde van Vader en Moeder, die niet weten wat uitvinden, om het feest der kinderen voor hunnen lieveling te veraangenamen.
Voor ons ook, arme gevangenen, is het verlof, dat beteekent twaalf lange, eindelooze uren van doodelijke verveling, ondraaglijke kwelling, doorgesloofd, in naakte zalen, koude speelplaatsen, te midden van zoutelooze en dikwijls laffe plagerijen.
Me dunkt, ik zie ons nog staan, tegen elkander gedrongen, als eene kudde, die zich tegen de koude beschut, rondom eene soort van schuiftafel, waar niemand op speelt, morrend tegen het weder, tegen de school, tegen onze ouders, die ons opsluiten, tegen St-Niklaas, die ons vergeet. De ondermeester wandelt met trage treden op en neer, en zijne doffe stappen schijnen de logge minuten te tellen van uren, die nooit eindigen zullen.
“O! ’t zijn gelukkige jaren, de gelukkigste jaren des levens, de jaren van het pensionaat!”



Bergmann
Anton Bergmann (29 juni 1835 – 21 januari 1874)




De Belgische surrealist, schrijver, dichter en dwarse geest
Louis Scutenaire werd geboren in Ollignies op 29 juni 1905. Hij was het die over de surrealistische beweging schreef dat het helaas "ook maar een school was". "'Mes Inscriptions' [Mijn Notities]', die we - zoals de critici mij verzekeren - met zijn honderden hebben geschreven, waarom worden die dan alleen mij verweten?", schreef Scutenaire te midden van de honderden 'inscriptions' die hij in de loop der jaren optekende.


Uit:
MES INSCRIPTIONS


« Le livre est un canevas sur lequel brode le lecteur,
qui doit s'en prendre à lui-même si l'ouvrage le déçoit.

Il n'y a qu'une excuse à cette vie: pouvoir dire "On s'est quand même bien amusé".
Et déclarer au Père: "On t'a eu aux poils de la barbe".

Sans doute la mort fauche-t-elle surtout les automobilistes car, malgré
le nombre croissant de trépas, les autobus sont plus bondés que jamais.

La tolérance: manière de mépris.

Des ailes noire? Non, une chape de plomb.

Je suis le noyau du fruit qu'est le vent. »


SCUTENAIRE_Louis-2
Louis Scutenaire (29 juni 1905 – 15 augustus 1987)




De Franse schrijver Antoine de Saint-Exupéry werd geboren op 29 juni 1900 in Saint-Maurice-de-Rémens. Zie ook mijn blog van 29 juni 2006.


Uit: Le
Petit Prince

« J’ai ainsi vécu seul, sans personne avec qui parler véritablement, jusqu’à une panne dans le désert du Sahara, il y a six ans. Quelque chose s’était cassé dans mon moteur. Et comme je n’avais avec moi ni mécanicien, ni passagers, je me préparais à essayer de réussir, tout seul, une réparation difficile. C’était pour moi une question de vie ou de mort. J’avais à peine de l’eau à boire pour huit jours.

Le premier soir je me suis donc endormi sur le sable à mille milles de toute terre habitée. J’étais bien plus isolé qu’un naufragé sur un radeau au milieu de l’océan. Alors vous imaginez ma surprise, au lever du jour, quand une drôle de petite voix m’a réveillé. Elle disait:

- S’il vous plaît... dessine-moi un mouton!
- Hein!
- Dessine-moi un mouton...

J’ai sauté sur mes pieds comme si j’avais été frappé par la foudre. J’ai bien frotté mes yeux. J’ai bien regardé. Et j’ai vu un petit bonhomme tout à fait extraordinaire qui me considérait gravement. Voilà le meilleur portrait que, plus tard, j’ai réussi à faire de lui.»



saint_exup_ry
Antoine de Saint-Exupéry (29 juni 1900 - 31 juli 1944)



De Amerikaanse dichter en schrijver
Oleg Korenfeld werd geboren op 29 juni 1977 in Khabarovsk, Rusland. Ook woonde hij in Letland voordat zijn familie zich vestigde in Brooklyn, New York in 1989. Korenfeld haalde daar een graad in industriële psychologie aan het Bernard Baruch College, terwijl hij tegelijkertijd werkte in de internetbusiness. Hij debuteerde in 2005 met The Anatomy of Gluttony.


Rough Draft


Half eaten freedom
chosen by eager servants,
who never dared to storm the gates of Eden,
only because they were perverts.

My mind is a rough draft -
a perfectly ordered mess,
collection of someone's craft.
Printed, bound and pressed.

Take my exhausted,
yet never drained ambitions.
Whatever reason I had, I lost it
in the confusion of my nightly visions.

Feed me with bread and water.
Show me the land that bred me -
mid-child syndrome stricken daughter,
breastfed with rancid milk of envy.

Cut into peaces
(Just to create evolution
out of an ancient thesis,
no, rhetoric) dry and modern elusion.


Korenfeld
Oleg Korenfeld (Khabarovsk, 29 juni 1977)



De Servische dichter Vasko Popa werd geboren in Grebenac op 29 juni 1922. Hij studeerde filosofie in Belgrado, Boekarest en Wenen. Tijdens WO II zat hij een tijd gevangen in een Duits concentratiekamp. Van 1954 tot 1979 was hij redacteur bij uitgeverij Nolit. In 1953 publiceerde hij zijn eerste bundel Kora. Zijn Collected Poems, 1943–76, een compilatie in Engelse vertaling verscheen in 1978, ingeleid door de Engelse dichter Ted Hughes.


The Little Box


The little box gets her first teeth
And her little length
Little width little emptiness
And all the rest she has

The little box continues growing
The cupboard that she was inside
Is now inside her

And she grows bigger bigger bigger
Now the room is inside her
And the house and the city and the earth
And the world she was in before

The little box remembers her childhood
And by a great longing
She becomes a little box again

Now in the little box
You have the whole world in miniature
You can easily put in a pocket
Easily steal it lose it


Take care of the little box




In The Village Of My Ancestors


Someone embraces me
Someone looks at me with the eyes of a wolf
Someone takes off his hat
So I can see him better

Everyone asks me
Do you know how I'm related to you

Unknown old men and women
Appropriate the names
Of young men and women from my memory

I ask one of them
Tell me for God's sake
Is George the Wolf still living

That's me he answers
With a voice from the next world

I touch his cheek with my hand
And beg him with my eyes
To tell me if I'm living too



vaskopopa
Vasko Popa (29 juni 1922 – 5 januari 1991)



De Amerikaanse schrijver en historicus
John Willard Toland werd geboren op 29 juni 1912 in La Crosse, Wisconsin. Hij is het bekendst van zijn biografie over Adolf Hitler. In 1971 won hij de Pulitzer Prize voor non-fictie voor zijn boek The Rising Sun: The Decline and Fall of the Japanese Empire, 1936-1945, waarin de oorlog in de Stille Oceaan beschreven wordt vanuit het Japanse gezichtspunt. Alhoewel hij hoofdzakelijk over feitelijke geschiedenis schreef, heeft Toland ook twee historische romans op zijn naam staan, te weten Gods of War en Occupation.


Uit:
The Battle of the Bulge


“At 4:30 P.M. Boggess, followed by two other Cobra Kings was heading for the woods north of Assenois. The barrel of his 75 was hot. Gunner Dickerson had used it like a machine gun, throwing in twenty-one rounds in the few minutes it had taken to blast through the village.

Boggess saw a concrete blockhouse painted green. He ordered Dickerson to put three rounds into it. The concrete flew apart A hundred yards farther Boggess saw colored parachutes draped over the fields, in the trees. Then he saw foxholes ahead. But he had no idea whether they were held by friends or foe. He stood up in his turret and shouted, "Come here! This is the 4th Armored."

There was no answer. The tanker called again and again. Several helmeted heads slowly, suspiciously rose. Then a single figure came forward.

""I’m Lieutenant Webster of the 326th Engineers, 101st Airborne Division. Glad to see you." The paratrooper, grinning broadly, extended a hand. Boggeess leaned down and shook hands. The men of Bastonge were now in Patton’s Third army.

It was certainly an honor to have such a guest in our midst.”


john-toland
John Willard Toland (29 juni 1912 – 4 januari 2004)
Geschreven door Romenu om 19:52 Reageer op dit bericht

Op herhaling: Luigi Pirandello, Mark Helprin, Jean Jacques Rousseau, Marlene Streeruwitz, Florian Zeller, Ryszard Krynicki, Otto Julius Bierbaum, A. E. Hotchner, Jürg Federspiel

De Italiaanse schrijver Luigi Pirandello werd op 28 juni 1867 geboren in de villa 'Caos' (chaos) in de buurt van Agrigento. Hij begon in 1887 te studeren aan de Faculteit der Letteren van de universiteit van Rome. In 1889 zette hij zijn studie voort in Bonn, waar hij in 1891 afstudeerde en zijn eerste gedichten publiceerde. Een belangrijk jaar in het leven van Pirandello was 1903. Zijn vrouw werd zenuwziek en zou steeds verder aftakelen, en zijn vader ging failliet, waardoor Pirandello tot zijn afschuw moest gaan werken als docent om rond te kunnen komen. Om verder aan geld te komen intensiveerde hij zijn activiteiten als schrijver en medewerker van verschillende kranten en tijdschriften. Zo verscheen in deze tijd zijn beroemde roman Il fu Mattia Pascal. Naast romans ging Pirandello zich meer en meer toeleggen op het schrijven van novellen en theaterstukken. Opvallend is dat hij zijn theaterstukken in veel gevallen baseerde op eerder geschreven novellen, zo werd hij een 'plagiator van zichzelf'. Rond 1920 kreeg Pirandello groot succes met toneelstukken als 'Sei personaggi in cerca d'autore'. In 1922 brak hij internationaal door en reisde hij over de wereld met een eigen toneelgezelschap, dat gefinancierd werd door de fascistische partij van Benito Mussolini, waar de schrijver in 1924 lid van werd. De reden voor zijn lidmaatschap is onduidelijk, maar zou te maken kunnen hebben met Mussolini's bewondering voor Pirandello. In 1934 ontving hij de Nobelprijs voor de Literatuur.

 

Uit: Die Wirklichkeit des Traums ((La realtà del sogno, vertaald door Michael Rössner)

 

“Alles, was er sagte, schien denselben unbestreitbaren Wert zu haben wie seine Schönheit; beinahe so, als könnte er - da man nicht daran zweifeln konnte, daß er ein überaus schöner Mann war, aber auch wirklich wunderschön - ihm nie und in nichts widersprechen.

Und er verstand nichts, er verstand aber auch wirklich nichts von dem, was in ihr vorging!

Wenn man sich anhören mußte, mit welcher Sicherheit er seine Interpretationen ihrer instinktiven Regungen, ihrer vielleicht auch ungerechten Abneigungen und mancher ihrer Gefühle vortrug, dann überkam sie die Versuchung, ihm das Gesicht zu zerkratzen, ihn zu ohrfeigen, ihn zu beißen.

Auch deshalb, weil er sie dann bei aller Kälte und Sicherheit und diesem Stolz eines gutaussehenden jungen Mannes in anderen Momenten wiederum enttäuschte, wenn er sich ihr näherte, weil er sie brauchte. Dann war er schüchtern, demütig, flehend, mit einem Wort so, wie sie ihn in diesen Augenblicken nicht haben wollte; so daß sie sich auch dann gereizt fühlte, wenn auch aus einem anderen Grund, und so sehr, daß sie - obwohl sie dazu neigte nachzugeben - sich störrisch verhärtete; und die Erinnerung an jeden Augenblick der Hingabe, der im schönsten Moment von diesem Gefühl der Gereiztheit vergiftet wurde, wandelte sich ihr zu einem Groll.” 

 

 

 

pirandello
Luigi Pirandello (28 juni 1867 - 10 december 1936)

 

De Amerikaanse schrijver en journalist Mark Helprin werd geboren in New York op 28 juni 1947. Hij groeide op op de Hudson River en in Brits West-Indië en studeerde af aan de University of Oxford. Zijn eerste roman Refiner’s Fire publiceerde hij in 1977. Als zijn beste roman wordt Winter’s Tale (1983) beschouwd, een soms fantastisch verhaal over het leven in het New York van de 20 eeuw. In 1991 verscheen A Soldier of the Great War. Helprin schrijft ook korte verhalen, verzameld in o.a. The Pacific And Other Stories (2004).

 

Uit: Winter's Tale

 

“A great city is nothing more than a portrait of itself, and yet when all is said and done, its arse­nals of scenes and images are part of a deeply moving plan. As a book in which to read this plan, New York is unsurpassed. For the whole world has poured its heart into the city by the Palisades, and made it far better than it ever had any right to be.

    But the city is now obscured, as it often is, by the whitened mass in which it rests-rushing by us at unfathomable speed, crackling like wind in the mist, cold to the touch, glistening and unfolding, tumbling over itself like the steam of an engine or cotton spilling from a bale. Though the blinding white web of ceaseless sounds flows past mercilessly, the curtain is breaking . . . it reveals amid the clouds a lake of air as smooth and clear as a mirror, the deep round eye of a white hurricane.

    At the bottom of this lake lies the city. From our great height it seems small and distant, but the activity within it is apparent, for even when the city appears to be no bigger than a beetle, it is alive.We are falling now, and our swift unobserved descent will bring us to life that is blooming in the quiet of another time. As we float down in utter silence, into a frame again unfreezing, we are confronted by a tableau of winter colors. These are very strong, and they call us in . . . . “

 

 

Helprin
Mark Helprin (New York, 28 juni 1947)

 

De Franse schrijver, filosoof en componist Jean Jacques Rousseau werd geboren in Genève op 28 juni 1712. Zie ook mijn blog van 28 juni 2006.

 

Uit : Les Confessions

 

« Je n'ai pas su comment mon père supporta cette perte, mais je sais qu'il ne s'en consola jamais. Il croyait la revoir en moi, sans pouvoir oublier que je la lui avais ôtée; jamais il ne m'embrassa que je ne sentisse à ses soupirs, à ses convulsives étreintes, qu'un regret amer se mêlait à ses caresses; elles n'en étaient que plus tendres. Quand il me disait: Jean-Jacques, parlons de ta mère. je lui disais: hé bien! mon père, nous allons donc pleurer; et ce mot seul lui tirait déjà des larmes. Ah! disait-il en gémissant, rends-la-moi, console-moi d'elle, remplis le vide qu'elle a laissé dans mon âme. T'aimerais-je ainsi si tu n'étais que mon fils? Quarante ans après l'avoir perdue, il est mort dans les bras d'une seconde femme, mais le nom de la première à la bouche, et son image au fond du coeur.
Tels furent les auteurs de mes jours. De tous les dons que le ciel leur avait départis, un coeur sensible est le seul qu'ils me laissèrent; mais il avait fait leur bonheur, et fit tous les malheurs de ma vie.
J'étais né presque mourant; on espérait peu de me conserver. J'apportai le germe d'une incommodité que les ans ont renforcé, et qui maintenant ne me donne quelquefois des relâches que pour me laisser souffrir plus cruellement d'une autre façon. Une soeur de mon père, fille aimable et sage, prit si grand soin de moi, qu'elle me sauva. Au moment où j'écris ceci, elle est encore en vie. soignant, à l'âge de quatre-vingts ans, un mari plus jeune qu'elle, mais usé par la boisson. Chère tante, je vous pardonne de m'avoir fait vivre, et je m'afflige de ne pouvoir vous rendre à la fin de vos jours les tendres soins que vous m'avez prodigués au commencement des miens. J'ai aussi ma mie Jacqueline encore vivante, saine et robuste. Les mains qui m'ouvrirent les yeux à ma naissance pourront me les fermer à ma mort. »

 

 

Rousseau
Jean-Jacques Rousseau (28 juni 1712 - 2 juli 1778)

 

De Oostenrijkse schrijfster Marlene Streeruwitz werd geboren op 28 juni 1950 in Baden bij Wenen. Zij studeerde Slawistiek en kunstgeschiedenis in Wenen. Sinds 1992 worden haar toneelstukken in talrijke theaters gespeeld. In 1996 verscheen haar eerste roman Verführungen. Romans, toneelstukken, novellen en theoretische geschriften volgden elkaar sindsdien in snel tempo op. Streeruwitz geldt als een van de meest politiek geëngageerde hedendaagse auteurs.

 

Uit: Majakowskiring

 

“Die Sonne schien auf die Betonplatten vor dem Haus. Die Platten längliche Vierecke aus Waschbeton. 5 Platten der Länge nach die Front des Bungalows entlang. 7 Platten bis zum Gras unter dem Baum mit den großen herzförmigen Blättern und langen schmalen dunklen Schoten herunterhängend. 3 der Platten waren gesprungen. Quer. Da, wo man auf das Haus zuging. Sie kippten, wenn man auf sie stieg. Zwischen den Platten Grasbüschel. Sie saß am Fenster. Die Arme auf den breiten, fetten Armlehnen des Polstersessels. Sie sah hinaus. Zum großen Haus hin ein Rosenbeet links. Die Rosenstöcke klein und einzeln in der sandigen Erde. Jeder Stock immer nur eine Blüte und die weißen Mauern des Hauses dahinter. Sie sah zu, wie die Sonne auf die Betonplatten schien. Am Morgen die Sonne von rechts und die Büsche am Zaun einen dichten Schatten warfen. Fast bis hin zum Rosenbeet. Dann der Schatten des niedrigen Hauses gegen Mittag an die Mauer zurückrückte und mit dem Nachmittag ganz verschwand. Und gegen Abend der sonnenfleckige Schatten eines Magnolienbaums sich über das Rosenbeet hereinschob und bis in die Abendsonne blieb. Draußen war es heiß. Es waren die heißesten Maitage in Berlin seit 29 Jahren. Sie saß in dem Polstersessel. Zurückgelehnt. Sah vor sich hin. Der Blick halb hinaus. Halb im Zimmer. Nach links der Teppichboden. Ein wolkiges Muster. Braun und grün. Ein helleres Braun dazwischen und gelbgrün.”

 

 

streeruwitz_marlene
Marlene Streeruwitz (Baden, 28 juni 1950)

 

De Franse schrijver Florian Zeller werd op 28 juni 1979 in Parijs geboren. Hij doceerde literatuur aan het'Institut d'études politiques de Paris, waar hij ook zelf student van was. Naat romans schrijft hij ook voor het theater.

 

Werk o.a.: Neiges artificielles (2002), Les Amants du n’importe quoi (2003), La Fascination du pire (2004)

 

Uit: Julien Parme (2006)

 

“Les mots, c'était devenu inutile. Y avait rien à dire, sauf que c'était merveilleux. Mais même ça, on n'avait pas besoin de se le dire. Parce qu'on se comprenait. Le spectacle parlait de lui-même. Et nous, on n'avait plus qu'à être muet devant ce mystère. Comme chaque fois qu'une chose importante se passe. Même, j'étais ému. Je frissonnais, à la fenêtre de sa chambre. Parce que je comprenais bien que ce qu'elle m'avait proposé de contempler avec elle, c'était quelque chose d'hyper-rare et de précieux. Et que rien pourrait gâcher la puissance de cet instant. Rien. C'est ça que je me suis dit. Le monde, à cet instant, il pouvait s'écrouler. Sans rire. Il pouvait disparaître. J'étais prêt. D'ailleurs, tout disparaîtra un jour. Mais il y a une chose qui résistera à la destruction du monde. C'est la joie d'avoir été auprès d'elle. A cet endroit précis. A cet instant précis.»

 

 

FlorianZeller2
Florian Zeller (Parijs, 28 juni 1979)

 

De Poolse dichter, vertaler en uitgever Ryszard Krynicki werd geboren op 28 juni 1943 in St.Valentin, Lager Wimberg, Oostenrijk. Krynicki was in 1975 een van de medeondertekenaars van het Gedenkschrift 59, een tekst die tegen de geplande veranderingen van de grondwet van de volksrepubliek Polen protesteerde. Daarvoor kreeg hij tussen 1976 en 1980 een drukverbod opgelegd. In 1981 was hij redakteur van de vakbondskrant van Solidarność in Poznań. In 1990 richtte hij de uitgeverij a5 op, waarin o.a. Wisława Szymborska en Adam Zagajewski publiceerden. Krynicki vertaalde ook werk van Gottfried Benn, Bertolt Brecht, Paul Celan, Reiner Kunze, Nelly Sachs, Georg Trakl en andere Duitse dichters in het Pools.

 

How Does It Rise 

 

how does it rise from the fall? from falling 
to the knees? weakened from fear or bent 
in humility? from a broken sentence, 
which gives us to mercy – or gives us mercy? 
from trustful faith? or untrusting faithfulness? 
how 
and against whom, 
against whom does it rise 
against whom does it run, the poem? hope? 

 

and the fear of fulfilment? 

 

 

 

Ryszard_Krynicki_by_Kubik
Ryszard Krynicki (St.Valentin, 28 juni 1943)

 

De Duitse schrijver Otto Julius Bierbaum werd geboren op 28 juni 1865 in Grünberg. Hij studeerde in Leipzig en was bij het Corps Thuringia Leipzig aktief. Na zijn studie werd hij redacteur en later uitgever van de tijdschriften Die freie Bühne, Pan en Die Insel. Zijn literair werk omvatte gedichten, romans, cabaretteksten en reisverslagen.

 

Uit: Die Schlangendame

 

„Als Herr Ewald Brock eben sein zweiundzwanzigstes Lebensjahr erfüllt hatte, gelang es ihm, zu seinem eigenen und aller seiner Bekannten Erstaunen, die Abiturientenprüfung zu bestehen. Es geschah an einem Gymnasium des äußersten Pommern und nicht mit Auszeichnung, sondern mit Ach und Krach und Note 3. Indessen, er hatte nie den Ehrgeiz besessen, ein Gelehrter zu werden, sondern es kam ihm fürs Erste nur darauf an, daß man ihm von Staatswegen die Erlaubnis zur Führung des Prädikates Student erteilte. Dieses Ziel hatte den dunklen Mühsäligkeiten seiner an zahlreichen humanistischen Bildungsanstalten des Vaterlandes durchmessenen Gymnasiastenlaufbahn den einzigen Glanz verliehen, und wenn ihn Horaz und Homer mit allen Ödigkeiten der lateinischen und griechischen Syntax drangsalten, wenn die üble Einrichtung der Mathematikstunden sein Dasein belästigte, so fühlte er sich in dem Gedanken aufgerichtet, daß eine Zeit kommen werde, bestimmt, allen diesen überflüssigen Molestierungen ein Ende zu bereiten, eine Zeit, in der Homer, Horaz und die Logarithmentafeln zu lächerlichen Schemen für ihn werden würden, auf dessen Visitenkarte die Abbreviaturen stud. med. und ein kunstreich verschlungener Zirkel stehen sollte, wie er den Korpsstudenten aus der miserablen Masse der unbemützten Streber emporhebt.

 

 

Bierbaum
Otto Julius Bierbaum (28 juni 1865 – 1 februari 1910)

 

De Amerikaanse schrijver, en biograaf Aaron Edward Hotchner werd geboren op 28 juni 1920 in St. Louis. Hij studeerde rechten aan de Washington University Law School tot 1941 en diende in de luchtmacht als militair journalist. Na zijn diensttijd ontmoette hij Ernest Hemingway met wie hij veertien jaar lang een nauwe vriendschap onderhield. Hotchners bekendste werk iis zijn biografie over de schrijver Papa Hemingway uit 1966.

 

Uit: Papa Hemingway

 

"I do most of my work in my head. I never begin to write until my ideas are in order. Frequently I recite passages of dialogue as it is being written; the ear is a good censor. I never set down a sentence on paper until I have it so expressed that it will be clear to anyone.

Yet I sometimes think that my style is suggestive rather than direct. The reader must often use his imagination or lose the most subtle part of my thoughts.

I take great pains with my work, pruning and revising with a tireless hand. I have the welfare of my creations very much at heart. I cut them with infinite care, and burnish them until they become brilliant. What many another writer would be

content to leave in massive proportions, I polish into a tiny gem.

A writer's style should be direct and personal, his imagery rich and earthy, and his words simple and vigorous. The greatest writers have the gift of brilliant brevity, are hard workers, diligent scholars and competent stylists."

 

 

Hotchner02
A. E. Hotchner (St. Louis, 28 juni 1920)

 

De Zwitserse schrijver Jürg Federspiel werd geboren op 28 juni 1931 in Kemptthal. Hij groeide op in Davos en volgde het voortgezet onderwijs in Basel. Vanaf 1951 was hij als verslaggever en filmcriticus werkzaam voor diverse Zwitserse kranten en verbleef hij langere tijd in de Vs, Duitsland, Frankrijk, Engeland en Ierland. Zijn beste werken zijn Orangen und Tode, Ballade von der Typhoid Mary en Geographie der Lust

 

Uit: Die Ballade von der Typhoid Mary

 

"Vierzehn Tage später erschien Mary vor Gericht, wo sie schwor, dass sie noch nie an Typhus erkrankt sei und deshalb auch niemanden habe anstecken können. Ein Mediziner (nicht Soper, seltsamerweise) trat als Experte auf und behauptete, allen ihren Schwüren zum Trotz, es seien in ihren Fäkalien Typhus-Bazillen nachgewiesen worden, womit er zwar recht hatte, das Gericht aber dennoch, wie der junge Anwalt nachwies, gegen die Verfassung verstiess. Trotzdem, Mary musste noch für drei Jahre in ihre Isolation zurück, bis endlich das Gesundheits-Departement mit schlechtem Gewissen den Beschluss fasste, sie gleichsam auf Widerruf zu 'begnadigen'. Mary musste ein offizielles Versprechen abgeben, sich auf keinen Fall als Köchin zu betätigen. Auch nicht als Verkäuferin von frischen Lebensmitteln. Ausserdem habe sie die Pflicht, sich alle drei Wochen beim Gesundheits-Departement zu melden. O'Connor hatte gesiegt, Mary bedankte sich, wurde auf freien Fuss gesetzt und verschwand. Sie brach ihr Versprechen sofort, erfand immer neue Namen für sich, kochte - als Hilfsköchin - in Restaurants und Hotels, dann wieder in gehobenen Häusern. Seltsam, sie wurde nie verdächtigt. Nie. Mary blieb gesichtslos für die Öffentlichkeit. Sie war gealtert. Hie und da brachen Fälle von Thyphus aus, und die Zeitungen witzelten, und wenn jemand, der nicht besonders geliebt wurde, starb, pflegte man sich zuzuflüstern, der oder die Verblichene habe sich leider die Rühreier von der Typhoid Mary zubereiten lassen. Zeitweise geriet der wunderbare Vorname Maria in Verruf. In Feinschmecker-Restaurants galt es als Spass, jemandem die Lust am Essen zu verderben, indem man erzählte, die Köchin des Lokals hiesse Mary"

 

 

FederspielJuergGr
Jürg Federspiel (28 juni 1931 – 12 januari 2007)
Geschreven door Romenu om 20:45 Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten