Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
akke.beakke.be

Berichten van 28 augustus 2012 tot 29 augustus 2012

Maurice Maeterlinck, Elma van Haren, Hugo Brandt Corstius

De Belgische dichter en schrijver Maurice Maeterlinck werd geboren op 29 augustus 1862 in Gent. Zie ook mijn blog van 29 augustus 2010 en eveneens alle tags voor Maurice Maeterlinck op dit blog.

 

 

Quinze Chansons

 

 

II

 

Et s'il revenait un jour

  Que faut-il lui dire?

- Dites-lui qu'on l'attendit

  Jusqu'à s'en mourir...

 

Et s'il m'interroge encore

  Sans me reconnaître?

- Parlez-lui comme une sœur,

  II souffre peut-être...

 

Et s'il demande où vous êtes

  Que faut-il repondre?

- Donnez-lui mon anneau d'or

  Sans rien lui répondre...

 

Et s'il veut savoir pourquoi

  La salle est déserte ?

- Montrez-lui la lampe éteinte

  Et la porte ouverte...

 

Et s'il m'interroge alors

  Sur la dernière heure?

- Dites-lui que j'ai souri

  De peur qu'il ne pleure...

 

 

 

V

 

Les trois sœurs aveugles

    (Espérons encore)

Les trois sœurs aveugles

Ont leurs lampes d'or;

 

 Montent à la tour,

    (Elles, vous et nous)

Montent à la tour,

Attendent sept jours...

 

Ah ! dit la première,

    (Espérons encore)

Ah ! dit la première,

J'entends nos lumières...

 

Ah ! dit la seconde,

    (Elles, vous et nous)

Ah ! dit la seconde,

C'est le roi qui monte...

 

Non, dit la plus sainte,

    (Espérons encore)

Non, dit la plus sainte,

Elles se sont éteintes...

 

 

 

 1226628-5a6d6454bc588b5a32894663b2b03983.jpg

Maurice Maeterlinck (29 augustus 1862 - 6 mei 1949)

 

 

 


De Nederlandse dichteres en beeldend kunstenares
Elma van Haren werd geboren in Roosendaal op 29 augustus 1954. Zie ook alle tags voor Elma van Haren op dit blog en eveneens mijn blog van 29 augustus 2010.

 

 

Algebraballade van het Nergens I

 

Ik ga achter de straat staan.
Achter de straat heeft ook een naam.
Het is een andere straat, waar mijn eigen
straat voor staat.
Centrum stad is maar heel betrekkelijk.
Het ligt er maar aan bij welke straat je betrokken bent.
Mijn straat, zijn straat, haar straat ...
Eenrichtingsverkeer helpt iedereen een eind op weg,
maar niet richting ‘onze’ straat.
Aparte straten heb je ook,
een beetje opzij, niet voor niet achter.
Wel altijd met twee richtingen, een open straat
die voor iedereen vanzelf apart zal zijn.
Of je nu wilt of niet,
hoe graag je ook verbinding maakt,
of de oversteek overweegt,
recht, dwars, via een rotonde,
apart blijf je en dat is gelijk aan
een lichtjes duizelende.

 

 

 

1226628-39017f47ce98cdc79329d21cd6a1e26f.jpg 

Elma van Haren (Roosendaal, 29 augustus 1954)

Cover

 

 

 

 

De Nederlandse schrijver en wetenschapper Hugo Brandt Corstius werd geboren in Eindhoven op 29 augustus 1935. Zie ook mijn blog van 29 augustus 2010 en eveneens alle tags voor Hugo Brandt Cortius op dit blog.

 

Uit: Witgele lenteroos wiegelt renteloos

 

„Honderdduizend keren komt het voor dat een Nederlands woord uit dezelfde letters bestaat, maar in een andere volgorde, als een ander Nederlands woord. Men noemt zulke woorden anagrammen. Dat het er 100.000 zijn, weten wij pas sinds in het jaar 2000 de dertiende druk van Van Dale in cd-vorm verscheen. Het getal berust op een steekproef, dus het kunnen er enkele duizenden meer of minder zijn.

Van geen taal ter wereld is mij zo'n groot aantal anagrammen bekend. Schattingen over het Nederlandse anagrammental kwamen nooit boven de 40.000 uit. De 720.000 woordvormen op de Van Dale-cd zijn voor het merendeel lange woorden. Voor een lang woord is het moeilijker een anagram te zijn. Maar er zijn zo veel lange woorden, dat ik het aantal anagrammen op de cd op 80.000 stel, terwijl er nog 20.000 via enkele trucjes direct zijn af te leiden uit niet-opgenomen woordvormen (aanvoegende wijs, meervoud van verkleinwoord, verbogen vorm van deelwoord enz.).

Niemand zal die 100.000 anagrammen willen zien. Er zitten parels onder, maar het zal jaren duren voor die opgedoken worden. Ik doe hier iets bescheidens. Ik onderzoek de anagrammen die het resultaat zijn van twee simpele processen, en ik geef er de naar mijn smaak mooiste voorbeelden van.

Wanneer is een anagram mooi? Dat kan om semantische redenen zijn (latent talent, rekkelijk kerkelijk), maar ik ontleen mijn waardering vooral aan de verrassing. Zelfs bij de twee simpele processen zijn er anagrammen die verbazen. Als u de vier woorden in de titel bekijkt, dan merkt u natuurlijk direct dat renteloos en lenteroos anagrammen zijn, vanwege het rijm. De twee woorden hebben de plaatsen van de r en de l verwisseld. Datzelfde proces van verwisseling van twee letters levert ook het andere paar woorden uit de titel, witgele en wiegelt, waarin de letters van de derde en laatste plaats zijn verwisseld.“

 

 

 1226628-0931c305b1420b2e593db4c905f6477a.jpg

Hugo Brandt Corstius (Eindhoven, 29 augustus 1935)

 

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 29e augustus ook mijn blog van 29 augustus 2011 deel 1 en eveneens deel 2.
Geschreven door Romenu om 21:01 Reageer op dit bericht

Hermann Löns

De Duitse dichter en schrijver en journalist Hermann Löns werd geboren in Culm op 29 augustus 1866. Zijn vader was daar leraar aan het gymnasium. Toen hij een jaar oud was, werd zijn vader overgeplaatst naar Deutsch Krone. Hier groeide Löns op en bezocht het gymnasium. In 1884 verhuisde de familie naar Münster, waar Löns het gymnasium afrondde. Vervolgens begon hij in een studie medicijnen in Greifswald en Göttingen en wisselde in 1889 naar een studie natuurwetenschappen in Münster. Löns rondde zijn studies echter niet af. In de jaren negentig begon hij als journalist te werken en schreef gedichten en novellen. Pas tegen het eind van zijn (tamelijk kortstondige) leven werd hij met - name dankzij zijn romans zoals bijvoorbeeld Der Wehrwolf (1910) en Das zweite Gesicht (1911) - een geliefde literaire persoonlijkheid. Zoals zoveel andere Duitsers meldde ook Löns zich na het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog als 48-jarige vrijwilliger in het Duitse leger. Hij sneuvelde tijdens een patrouille in Loivre in het Franse departement Marne, slechts drie weken nadat hij in dienst was getreden. In 1934 werd hij herbegraven in Duitsland. Tijdens de naziperiode genoot zijn werk als zogeheten Heimatkunst een zekere populariteit. Met - volgens de Hermann Löns Vereniging - 139 gedenkplaatsen is hij een van de meest herdachte personen in Duitsland. Löns is de auteur van het Engeland-Lied, dat door de Duitse Wehrmacht in het begin van de Tweede Wereldoorlog frequent werd gezongen.

 

 

 

Auf der Lüneburger Heide

 

Auf der Lüneburger Heide,

In dem wunderschönen Land

Ging ich auf und ging ich unter,

Allerlei am Weg ich fand;

Valleri, vallera,

Und juchheirassa,

Bester Schatz, bester Schatz,

Denn du weißt es weißt es ja.

 

Brüder, laßt die Gläser klingen,

Denn der Muskatellerwein

Wird vom langen Stehen sauer,

Ausgetrunken muß er sein;

Valleri, vallera,

Und juchheirassa,

Bester Schatz, bester Schatz,

Denn du weißt es weißt es ja.

 

Und die Bracken und die bellen,

Und die Büchse und die knallt,

Rote Hirsche woll'n wir jagen

In dem grünen, grünen Wald;

Valleri, vallera,

Und juchheirassa,

Bester Schatz, bester Schatz,

Denn du weißt es weißt es ja.

 

Ei du Hübsche, ei du Feine,

Ei du Bild, wie Milch und Blut,

Uns're Herzen woll'n wir tauschen,

Denn du glaubst nicht, wie das tut;

Valleri, vallera,

Und juchheirassa,

Bester Schatz, bester Schatz,

Denn du weißt es weißt es ja.

 

 

 

Es blühen die Rosen

 

Es blühen die Rosen
die Nachtigall singt
mein Herz ist voll Freude
voll Freude es springt
Ein Reiter zu Pferde
so reit' ich durch´s Land
für Kaiser und König
und Vaterland

 

Im Wirtshaus am Wege
da kehren wir ein
und trinken ein Gläschen
vom funkelnden Wein
Ei, du Hübsche, du Feine
komm setz´ dich zu mir
ein Ringlein von Golde,
das schenk´ ich dir

 

Und ist sie geschlagen
die blutige Schlacht
und haben wir Frieden
mit Frankreich gemacht
dann bind´ ich den Schimmel
wieder hier an
denn treu ist, ja treu ist
der Reitersmann

 

 

 

 1424425-e4c67e60badf624aeda5db36cf4ea645.jpg

Hermann Löns (29 augustus 1866 - 26 september 1914)

Standbeeld in Walsrode

Geschreven door Romenu om 00:00 Reageer op dit bericht

Johann Wolfgang von Goethe, A. Moonen, Maria Barnas

De Duitse dichter en schrijver Johann Wolfgang von Goethe werd geboren op 28 augustus 1749 in Frankfurt am Main. Zie ook mijn blog van 28 augustus 2010 en eveneens alle tags voor Johann Wolfgang von Goethe op dit blog.

 

 

Erlkönig

 

Wer reitet so spät durch Nacht und Wind?
Es ist der Vater mit seinem Kind;
Er hat den Knaben wohl in dem Arm,
Er faßt ihn sicher, er hält ihn warm.

Mein Sohn, was birgst du so bang dein Gesicht? -
Siehst Vater, du den Erlkönig nicht?
Den Erlenkönig mit Kron und Schweif? -
Mein Sohn, es ist ein Nebelstreif. -

»Du liebes Kind, komm, geh mit mir!
Gar schöne Spiele spiel ich mit dir;
Manch bunte Blumen sind an dem Strand,
Meine Mutter hat manch gülden Gewand.«

Mein Vater, mein Vater, und hörest du nicht,
Was Erlenkönig mir leise verspricht? -
Sei ruhig, bleibe ruhig, mein Kind;
In dürren Blättern säuselt der Wind. -

»Willst, feiner Knabe, du mit mir gehn?
Meine Töchter sollen dich warten schön;
Meine Töchter führen den nächtlichen Reihn
Und wiegen und tanzen und singen dich ein.«

Mein Vater, mein Vater, und siehst du nicht dort
Erlkönigs Töchter am düstern Ort? -
Mein Sohn, mein Sohn, ich seh es genau:
Es scheinen die alten Weiden so grau. -

»Ich liebe dich, mich reizt deine schöne Gestalt;
Und bist du nicht willig, so brauch ich Gewalt.«
Mein Vater, mein Vater, jetzt faßt er mich an!
Erlkönig hat mir ein Leids getan! -

Dem Vater grauset’s, er reitet geschwind,
Er hält in den Armen das ächzende Kind,
Erreicht den Hof mit Mühe und Not;
In seinen Armen das Kind war tot.

 

 

 

 

An den Mond

 

Füllest wieder Busch und Tal
Still mit Nebelglanz,
Lösest endlich auch einmal
Meine Seele ganz;

Breitest über mein Gefild
Lindernd deinen Blick,
Wie des Freundes Auge mild
Über mein Geschick.

Jeden Nachklang fühlt mein Herz
Froh und trüber Zeit
Wandle zwischen Freud und Schmerz
In der Einsamkeit.

Fließe, fließe, lieber Fluß!
Nimmer werd ich froh,
So verrauschte Scherz und Kuß,
Und die Treue so.

Ich besaß es doch einmal,
Was so köstlich ist!
Daß man doch zu seiner Qual
Nimmer es vergißt!

Rausche, Fluß, das Tal entlang,
Ohne Rast und Ruh,
Rausche, flüstre meinem Sang
Melodien zu.

Wenn du in der Winternacht
Wütend überschwillst,
Oder um die Frühlingspracht
Junger Knospen quillst.

Selig, wer sich vor der Welt
Ohne Haß verschließt,
Einen Freund am Busen hält
Und mit dem genießt

Was, von Menschen nicht gewußt
Oder nicht bedacht,
Durch das Labyrinth der Brust
Wandelt in der Nacht.

 

 

 

 

Wandrers Nachtlied

 

Über allen Gipfeln
Ist Ruh,
In allen Wipfeln
Spürest du
Kaum einen Hauch;
Die Vögelein schweigen im Walde.
Warte nur, balde
Ruhest du auch.

 

 

 

 1226060-81845e2a11d7967dd02a3ad8859ec3b4.jpg

Johann Wolfgang von Goethe (28 augustus 1749 – 22 maart 1832)

Monument in Chigaco: "To Goethe, the mastermind of the German people"

 

 

 

 

De Nederlandse schrijver A. Moonen, (spreek uit: 'a-punt-moonen') werd geboren in Rotterdam op 28 augustus 1937. Zie ook mijn blog van 28 augustus 2010 en eveneens alle tags voor A. Moonen op dit blog.

 

Uit: Waakvlamseks

 

„Tegen vitrage- en gordijnloze tuinkamerruit met erachter de overwegend zwarte avond heb ik rechts de knaapjeskontfoto en links de door een kennis enige tijd terug gekiekt achterwerk van ogenschijnlijk een jongeman geplaatst, pervers zo bestringslipt (lichtblauw), dus minder gaaf-stevig, weliswaar zonder verzakking doch wel enkele plooien onderaan zitvlees. Maar ik weet zeker dat het een begin-zestiger betreft, want ben 't zelf die binnen kokende huiskamer langdurig heeft geposeerd in een roes van voordegekhouwerij mezelf als topnaaktmodel presenterend aan de arbeidende fotograaf, iemand die net nog iets gekker dan ik blijkt te zijn, maar even gedreven vakkundig minstens.

Toch kreeg ik ondanks de gruwelijke hitte van augustus de kans om aan het familiegraf bospolder te ontkomen voor een tijdje. Goed, ik kijk vaak op mijn horloge en veelvuldig in de spiegel naar tweede nog jeugdige gezicht, doch 't meest controleer ik de thermometer. Zodra het boven de 25 graden Celcius wordt, pas ik voor alles. Dan ben ik 't liefst dood. Maar de zesde augustus telefoneerde Vallentgoed: of ik op de amsterdamse Parade in een woonwagen wou voorlezen. De volgende dag reisde ik af naar Leiden om de boel nader te regelen met de literaire baron. De vijf tropische dagen achtereen moesten nog volgen, maar het bleek al tamelijk warm. De bolle rekende voor wat de handel kon opleveren. Wij moesten het van de recette hebben. Hij zou als spreekstalmeester het publiek binnenlullen. Van de negende tot de zestiende augustus moest de bradende pret gaan duren.

De onverwachte uithuizigheid beviel mij best. Smiddags rond vier uur die zaterdag waren wij per taxi vanaf spoorstation Rai na een voorspoedige treinreis ter plekke. Ik snoof zowel gras als circusgeur op. De kermisklanten dienden zo vroeg al aanwezig te zijn, waar er nog heel wat te regelen was. Dat kon ik gerust aan de ander overlaten trouwens. Daar gingen we dan om acht uur van start. Achterin de woonwagen zat ik op een verhoginkje gereed voor de eerste beurt, in minirok en hoogbehakt. De in tropenkostuum geklede Vallentgoed deed zijn best, maar er kwam niemand naar binnen. Om negen uur zouden wij het opnieuw proberen. De verdere twee voorstellingen konden wij totaal op twintig bezoekers rekenen. Ik meen dat Vallentgoed een dertigtal klapstoeltjes had geplaatst in de woonwagen. We zouden het de volgende dag nogmaals proberen. Dat werd dus zondag de tiende augustus.“

 

 

 1226060-e8dcf4fb36943b7f365044d95357b338.jpg

A. Moonen (28 augustus 1937 – 24 januari 2007)

 

 

 

 

De Nederlandse schrijfster, dichter en beeldend kunstenaar Maria Barnas werd geboren in Hoorn op 28 augustus 1973. Zie ook mijn blog van 28 augustus 2010 en ook mijn blog van 28 augustus 2011.

 

 

Mannen

 

Ik denk aan de man die ik liefhad.
Heb ik hem lief?
Hoeveel angsten zijn dat?

Onze borden raakten leger
En aan de rand ligt een bloem. gesneden
uit radijsjes. Een klein uitbundig leven.

Niet om te eten, weet hij.

 

 

 

 

Een ogenblik, een man slaapt


Het opstaan, het baden en voortdurend
het gaan van jou. Het is laat
en ik zeg dat ik plaats maak,
er is geen tijd om te rekken

als tijd. Met lange nagels
kras ik zigzag over de lakens
en een ooglid trilt. Er is een ogenblik.
De man ontwaakt. Hoe val ik

in het licht? Je draait me in de leegte
van een bed. Terwijl: binnen de randen
van een ronde handspiegel zoek

ik de meest gunstige uitsnede
van mijn met vlees gewatteerde,
droge huid. Zo zag ik eruit.

 

 

 

 1226060-10a2dac789cf557bf3f349b372c38714.jpg

Maria Barnas (Hoorn, 28 augustus 1973)

 

 

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 28e augustus ook mijn blog van 28 augustus 2011 deel 1 en eveneens deel 2.
Geschreven door Romenu om 21:43 Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten