Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
akke.beakke.be

Berichten van 21 november 2012 tot 22 november 2012

André Gide, George Eliot, Dirk van Weelden, Suresh en Jyoti Guptara

De Franse schrijver André Gide werd geboren op 22 november 1869 in Parijs. Zie ook alle tags voor André Gide op dit blog.

 

Uit: Les Faux-monnayeurs

 

“- Je suis heureux que vous n'ayez pas signé. Mais, ce qui vous a retenu ?
- Sans doute quelque secret instinct... Bernard réfléchit quelques instants, puis ajouta en riant : - Je crois que c'est surtout la tête des adhérents ; à commencer par celle de mon frère aîné, que j'ai reconnu dans l'assemblée. Il m'a paru que tous ces jeunes gens étaient animés par les meilleurs sentiments du monde et qu'ils faisaient fort bien d'abdiquer leur initiative, car elle ne les eût pas menés loin, leur jugeote, car elle était insuffisante, et leur dépendance d'esprit, car elle eût été vite aux abois. Je me suis dit également qu'il était bon pour le pays qu'on pût compter parmi les citoyens un grand nombre de ces bonnes volontés ancillaires(1) ; mais que ma volonté à moi ne serait jamais de celles-là. C'est alors que je me suis demandé comment établir une règle, puisque je n'acceptais pas de vivre sans règle, et que cette règle je ne l'acceptais pas d'autrui.
- La réponse me paraît simple : c'est de trouver cette règle en soi-même ; d'avoir pour but le développement de soi.
- Oui..., c'est bien là ce que je me suis dit. Mais je n'en ai pas été plus avancé pour cela. Si encore j'étais certain de préférer en moi le meilleur, je lui donnerais le pas sur le reste. Mais je ne parviens pas même à connaître ce que j'ai de meilleur en moi... J'ai débattu toute la nuit, vous dis-je. Vers le matin, j'étais si fatigué que je songeais à devancer l'appel de ma classe(2) ; à m'engager.
- Echapper à la question n'est pas la résoudre.
- C'est ce que je me suis dit, et cette question, pour être ajournée , ne se poserait à moi que plus gravement après mon service. Alors je suis venu vous trouver pour écouter votre conseil.
- Je n'ai pas à vous en donner. Vous ne pouvez trouver ce conseil qu'en vous-même, ni apprendre comment vous devez vivre, qu'en vivant.
- Et si je vis mal, en attendant d'avoir décidé comment vivre ?
- Ceci même vous instruira. Il est bon de suivre sa pente, pourvu que ce soit en montant.”

 

 

1281219-abbdfc3b05376eb0a08dc3c1035d5f4f.jpg 

André Gide (22 november 1869 – 19 februari 1951)

André Gide en Jean Paul Sartre (links), Cabris 1950

 

 

 

 

De Engelse schrijfster George Eliot werd geboren op 22 november 1819 in Nuneaton in Warwickshire. Zie ook alle tags voor George Eliot op dit blog.

 

Uit: Adam Bede

 

„A woman was in the witness-box, a middle-aged woman, who spoke in a firm distinct voice. She said, "My name is Sarah Stone. I am a widow, and keep a small shop licensed to sell tobacco, snuff, and tea in Church Lane, Stoniton.
The prisoner at the bar is the same young woman who came, looking ill and tired, with a basket on her arm, and asked for a lodging at my house on Saturday evening, the 27th of February. She had taken the house for a public, because there was a figure against the door. And when I said I didn't take in lodgers, the prisoner began to cry, and said she was too tired to go anywhere else, and she only wanted a bed for one night. And her prettiness, and her condition, and something respectable about her clothes and looks, and the trouble she seemed to be in made me as I couldn't find in my heart to send her away at once. I asked her to sit down, and gave her some tea, and asked her where she was going, and where her friends were. She said she was going home to her friends: they were farming folks a good way off, and she'd had a long journey that had cost her more money than she expected.... I saw no reason why I shouldn't take the young woman in for the night. I had only one room, but there were two beds in it, and I told her she might stay with me."
The witness then stated that in the night a child was born, and she identified the baby-clothes then shown to her as those in which she had herself dressed the child. ....
"I left the house about half-past eight o'clock. I didn't go out at the shop door, but at the back door, which opens into a narrow alley. ... It was an hour and a half before we got back, and when we went in, the candle was standing burning just as I left it, but the prisoner and the baby were both gone. She'd taken her cloak and bonnet, but she'd left the basket and the things in it..."

 

 

 1281219-0e74973fae56396b47b5a575990de444.jpg

George Eliot (22 november 1819 – 22 december 1880)

 

 

 

 

De Nederlandse schrijver Dirk van Weelden werd geboren in Zeist op 22 november 1957. Zie ook alle tags voor Dirk van Weelden op dit blog.

 

Uit: Tempo

 

“Mijn werkruimte bevindt zich in een voormalig ziekenhuis nog geen twee minuten wandelen van het Vondel park. Op nog geen tien meter van de deur van mijn studio was ooit een operatiekamer en vandaar dat er ook doucheruimtes zijn. Een zo ongeveer ideale toestand voor een loper. Na het afschrijven van het hoofdstuk of het opsturen van het artikel naar de krant, of gewoon bij wijze van middagpauze doe ik een kast open, trek mijn loopschoenen en plunje aan en draafdoor het park. Na afloop trek ik mijn schoenen uit, ontdoe me van mijn hartslagmeter, pak een handdoek en een fles douchegel en steek de gang over naar de douche.
Het is een ruime ziekenhuisdouche, crèmekleurige wandtegels en de klassieke terracottarode kleinè, vierkante vloertegeltjes. Een heel hoog plafond en een flinke boiler maken het een comfortabel oord als je klaar bent met trainen. Het eerste wat ik doe zodra het water loopt is het deponeren van sokken, short en shirt recht onder de waterstraal. Daarna besprenkel ik het hoopje met douchegel. Als ik dan een keer boven op het hoopje sta maak ik een wandelbeweging op de plaats, bij wijze van voorwas. Onderwijl zeep ik mezelf in.
Als ikzelf schoon ben rek en strek ik een beetje. Draaien met de voeten, grijpbewegingen met de tenen, wat toe-ups, het losmaken van schouders en nek en misschien een paar squats, gevolgd door het loswiebelen van de dijspieren. Als er stijve of beurse plekjes zijn in de enkel, bij de knie, masseer ik die een beetje. Het klusje waarmee het bezoek aan de douche wordt afgesloten is het uitwassen en uitwringen van sokken, short en shirt. Ouderwets tussen de knokkels laten werken, spoelen en uitwringen. Zoals ik het mijn moeder heb zien doen. Net zo lang doorgaan tot het laatste beetje schuim eruit verdwenen is. Tot slot sla ik de handdoek om, verzamel het stapeltje uitgewrongen kleren en keer terug naar mijn studio. Daar hang ik alles over de verwarming en kleed me weer aan. Tijd voor een boterham en een kop thee.”

 

 

 1281219-726524f4b45174428fb5502b86449812.jpg

Dirk van Weelden (Zeist, 22 november 1957)

 

 

 

 

De Brits-Indische schrijverstweeling Suresh en Jyoti Guptara werd geboren op 22 november 1988 in Frimley, Hants in het zuidoosten van Engeland. Zie ook alle tags voor Suresh en Jyoti Guptara op dit blog.

 

Uit: Conspiracy of Calaspia

 

 “Nurgor, not Ostentum, he noted with relief, catching sight of horns and fur.  The feeling was short-lived as he saw their numbers.  Even he could not last long against such forces.  He realised with sudden hope that this part of the countryside was, surprisingly, the same as it had been some days ago, when last he had visited.  If he could only reach the other side of the pass before they did, all would be well … he would be able to challenge them in close-combat one at a time, in which case he could easily hold his own.

Galar ran, wiping sweat from his brow and thinking as he did so that he should have brought his spectacles after all.  Dismay slowed his approach when he saw that the Nurgor had beaten him to the narrow passage.  Then he saw that they had him surrounded, too.  A trap indeed.

The Dwarf wasted no time in getting down to business.  He would probably be able to cut an escape route through the enemy for himself, but what of the man?  Bellowing a cry of his own, Galar launched himself at the Nurgor.  His advance was welcomed with a volley of stones and spears.  Although he was unable to see sharply, his senses were keen.  None of the missiles took him down, and the few stones that did find their target only angered him the more.  Just in time he caught sight of another weapon hurtling towards him from a different direction and jumped aside.  It was enough to avoid the javelin impaling him, but not enough to miss it altogether.  Searing pain shot along the top of his right arm and shoulder where the sharp metal inflicted a glancing wound.  But it did not stop him.”

 

 

 1281219-11405b7b8d8c95f75b35c3c1aebb51e7.jpg

Suresh en Jyoti Guptara (Frimley, 22 november 1988)

 

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 22e november ook mijn blog van 22 november 2011 deel 1 en eveneens deel 2.

Geschreven door Romenu om 19:30 Reageer op dit bericht

Isaac Bashevis Singer, Margriet de Moor, Marilyn French

De Amerikaans-Poolse schrijver Isaac Bashevis Singer werd geboren op 21 november 1904 als Isaac Hertz Singer in Radzymin, Polen. Zie ook alle tags voor Isaac Bashevis Singer op dit blog.

 

Uit: The slaughterer 

 

„Since Yoineh Meir had begun to slaughter, his thoughts were obsessed with living creatures. He grappled with all sorts of questions. Where did flies come from? Were they born out of their mother's womb or did they hatch from eggs? If all the flies died in winter, where in the new ones come from in the summer? And the owl that nested under the synagogue  roof - what did it do when the frost came? Did it remain there? Did it fly away to warm countries? How could anything live in the burning frost, when it was scarcely possible to keep warm under the quilt?

An unfamiliar love welled up in Yoineh Meir for all that crawls and flies, breeds and swarms. Even the mouse - was it their fault that they were mice? What wrong does a mouse do? All it wants is a crumb of bread, a bit of cheese. Then why is the cat such an enemy to it?

Yoineh Meir rocked back and forth in the dark. The rabbi may be right. Man cannot and must not have more compassion than the Master of the universe. Yet he, Yoineh Meir, was sick with pity. How could one pray for life for the coming year, or for a favourable writ in Heaven, when one was for robbing others of the breath of life? 

Yoineh Meir thought that the Messiah Himself could not redeem the world as long as injustice was done to beasts. By rights everything should rise from the dead: every calf, fish, gnat, butterfly. Even in the worm that crawls in the earth there glows a divine spark. When you slaughter a creature you slaughter God...”

 

 

1280629-499e5f1eb9dff99c49ae834da4fe0f7f.jpg
Isaac Bashevis Singer (21 november 1904 – 24 juli 1991)

 

 

 

 

De Nederlandse schrijfster Margriet de Moor werd als Margaretha Maria Antonetta Neefjes op 21 november 1941 in Noordwijk geboren. Zie ook alle tags voor Margriet de Moor op dit blog.

 

Uit: Eerst grijs dan wit dan blauw

 

“In de week die voorafgaat aan Magda's terugkomst, slaapt hij onrustig en droomt hij zwaar. Op maandag schiet hij vlak voor zonsopgang overeind, hij bekijkt in het ochtendlicht zijn geopende vuisten en duikt onder de deken terug om te huilen. Toch herinnert hij zich een droom vol licht en warmte, met een Magda die door een vuurrood tulpenveld holt, een hond achter haar aan. Als ze aan de rand van een sloot blijft stilstaan, roept ze iets. Haar gezicht wordt groot, vrolijk en bol als op een foto die van te dichtbij is genomen. Op het moment dat hij wakker wordt, verandert dit alles, bliksemsnel, in radeloosheid...

 ... Als hij op vrijdag, aan het begin van de avond, de Oude Zeestraat inrijdt en in de bocht van de weg zijn huis ziet liggen, valt hem op dat de vaalrood gestreepte markiezen zijn neergelaten. Het zolderdakraam staat opengeklapt. In de voortuin beschrijft een watersproeier een doorzichtige acht boven de rozen. Ze is thuis.

Hij parkeert zijn auto op de oprijlaan, stapt uit en bukt zich om de kefhondjes te aaien, die vanuit het huis op hem af zijn gestoven. Het is de hele dag erg warm geweest, ineens voelt hij de vochtplekken op zijn overhemd. Kalm. Kalm nou maar, jongens. Hij krauwt de vacht op de koppen, onder de bekken, tussen de poten, tot de diertjes, ongeduriger dan hij, weer van hem wegspringen. Een volgend ogenblik staat hij op de drempel van de keuken. Daar hebben we Magda.

Ze zegt: ‘Wat denk je, zullen we maar buiten eten ondanks dat het er stikt van de wespen?’

Ze staat bij de gootsteen haar handen af te spoelen. Ze lacht naar hem over haar schouder. Ze komt in een lucht van knoflook en gebraden vlees op hem af”.

 

 

 1280629-b28e7ff6a4e9250a15f3933184e2a3a7.jpg

Margriet de Moor (Noordwijk, 21 november 1941)

 

 



De Amerikaanse schrijfster en literatuurwetenschapster
Marilyn French werd geboren op 21 november 1929 in New York. Zie ook alle tags voor Marilyn French op dit blog.

 

Uit: Shakerspeare's Division of Experience (Othello)

 

“Nowhere in Shakespeare are relations between males and females more searchingly, painfully probed. Othello is the last play in which this occurs; with it, the concerns that are central in Comedy of Errors, Taming, Much Ado, and All's Well are finally laid to rest.
The dominant culture of the play is that of Venice, which is shown here as similar to the Venice of Merchant, but in a more positive light. Venice is worldly, powerful, moneyed, and mannered. It is not just a place but an influence, and its mores are implanted in all the characters, even in those who, like Othello and Cassio, are not native Venetians. Venice is civilization, a civilization the characters carry with them to primitive, wild, wartorn Cyprus. The graft is as uneasy as the overlay of civility on any basic human core.

The scenes in Venice present the masculine principle in two aspects. The Senate scene shows it at its finest, possessed of honor, lawfulness, decorum, knowledge, and power, yet 'feminine' in its protective and consolatory inclinations. The city is dominated by reason, and the council scene (I, iii) exemplifies reason in action, whether the issue is a set of conflicting reports of an enemy's movements or a father's hysterical attack. Reason is a form of control, and it is control above all that is the ideal of this culture. Control is essential to a culture which views natural humanity as depraved and vicious: thus Hamlet values Horatio, and Polonius lectures Laertes. It is also essential to a culture which views natural humanity as bestial and voracious, which is closer to the view of this play. The shocked Lodovico laments:

 

Is this the noble Moor whom our full Senate
Call all in all sufficient? Is this the nature
Whom passion could not shake? whose solid virtue
The shot of accident nor dart of chance
Could neither graze nor pierce?

 

(IV, i, 264-8)”

 

 

1280629-3c0bf5510d424fbf24f852d8ce4a2418.jpg 

Marilyn French (New York, 21 november 1929 – 2 mei 2009)

 

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 21e november ook mijn blog van 21 november 2011 deel 1 en eveneens deel 2.

Geschreven door Romenu om 19:23 Reageer op dit bericht

In Memoriam Frans Kusters


In Memoriam Frans Kusters

De Nederelandse schrijver Frans Kusters is dinsdag op 63-jarige leeftijd overleden. Dat heeft zijn uitgeverij De Bezige Bij laten weten.
Frans Kusters werd geboren in Nijmegen op 16 september 1949 en bleef een geboren en getogen Nijmegenaar. Hij heeft zijn hele leven nergens anders gewoond. Zie ook alle tags voor Frans Kusters op dit blog.

 

Uit: De tranen van Daan Dativo

 

“Hier staan wij dan, in de striemende regen aan de rand van Medemblik, een handvol oude, verdrietige mannen die ooit avond aan avond barstensvolle zalen wisten te verbijsteren en door de kunstkritiek uit die dagen eenstemmig tot - ik citeer - ‘de paladijnen van een nieuw tijdperk’ werden uitgeroepen. Nieuw tijdperk, jawel! Nog geen drieënhalve maand duurde het of het hooggeëerde publiek gaf als vanouds overal weer de voorkeur aan het gladde vertoon en de gemakzucht van het tweede garnituur dat alleen per abuis misgrijpt, al doende moppen tapt en het liefst bovendien nog om het geslachtsdeel een hoepeltje of wat zou laten cirkelen, als het fatsoen dat toestond. En niet lang daarna zagen ook de kenners hun vergissing in en lazen wij over - ik citeer opnieuw - ‘behaagzieke dilettanten die door niemand serieus genomen zullen worden, aangezien het wezen van de behendigheidskunst hun ten enen male ontgaat’.

Nee, leuk was dat allemaal niet, om van hetgeen wij sedertdien te verduren hebben gekregen nog te zwijgen, maar het heeft ons in ieder geval niet verhinderd te blijven jongleren, zoals er volgens ons gejongleerd moet worden. En als het nieuwe tijdperk niet aan de wereld besteed blijkt te zijn, zo verzekerden wij elkaar onderwijl op onze zolders en in onze achtertuintjes tussen de waslijnen, dan moet de wereld het zelf maar weten. Zo verstreken de jaren en op zekere dag kwamen wij tot de ontdekking dat het tweede garnituur van vroeger vergeleken bij de ellendelingen die naderhand de podia veroverden gerust een stelletje onvervaarde avonturiers genoemd mocht worden. En die lamstralen waren weer een verademing, als je zag wat een volgende lichting ervan terechtbracht... Het zou van weinig smaak getuigen om uitgerekend hier verder nog een woord vuil te maken aan de wijze waarop er tegenwoordig met de kostbaarheden van de zwaartekracht wordt omgesprongen. Wat ik alleen maar wilde zeggen is dat men ons van alles en nog wat voor de voeten kan werpen, behalve dat wij ons met laf effectbejag hebben ingelaten, een enkele schnabbel wellicht niet meegerekend. En met gegoochel, ballet en lolbroekerij gelukkig evenmin. Wij zijn er, kortom, in geslaagd de weg van de minste weerstand te vermijden. En in nog heviger mate - van die intensiteit is dit einde het bewijs - geldt dit voor degene van wie wij vandaag afscheid nemen en die ons op zijn beurt keer op keer van virtuositeit heeft beschuldigd - jullie herinneren je hoe hij bij het uitspreken van dat woord de punt van zijn karakteristieke neus tussen de toppen van duim en wijsvinger placht te vatten, wat hij in de vele, veel te vele nadagen van zijn loopbaan als een prestatie van formaat aangemerkt wenste te zien-, eens ons voorbeeld, onze inspiratiebron en ons idool, Daan Dativo, God hebbe zijn ziel, als het Hem tenminste lukt daarop de nodige vat te krijgen!”  

 

 

 1280269-af9e9f9b877f8732e9a4da29a222a7a4.jpg

Frans Kusters (16 september 1949 – 20 september 2012)

Geschreven door Romenu om 08:39 Reageer op dit bericht

Gerard Koolschijn

De Nederlandse schrijver en vertaler Gerard Koolschijn werd op 21 november 1945 in Den Haag geboren. Zie ook alle tags voor Gerard Koolschijn op dit blog.


Uit: Geen sterveling weet


„Zonder overgang tilde hij dan plotseling met veranderde gelaatsuitdrukking vanaf een bankje naast het kabinet de zware, zeventiende-eeuwse statenbijbel op tafel, met de zwarte, vetgedrukte gotische letters, door iele kanttekeningen omgeven. Krakend streek hij de perkamentachtige bladzijden glad en dan las hij voor, met religieuze tongval en smartelijk, licht schuin geheven hoofd, vroom in het verleden starend zonder de tekst te raadplegen, want hij kende bijna alles uit zijn hoofd.”

(…)

Hij sprak de jonggehuwden toe. 'U hebt, mijn jonge vrienden, het onschatbare voorrecht dat u door Gods voorzienigheid in aanraking bent gekomen met de Waarheid. U kunt de Waarheid nooit genoeg eer bewijzen. Leeft, niet uit uzelf. leeft, niet uit de wereld. Leeft uit God. In uzelf is niets dan machteloosheid, schuld, verwerpelijkheid. (...)
Niet de genegenheid, zoals de wereld voorgeeft, is de grondslag van het huwelijk, maar de wil van God! Nu kan het voorkomen dat u elkander in sommige dingen niet verstaat. Zult u het dan met elkander uitmaken? Neen, dat zult u n iet doen. U zult zo spoedig mogelijk de eenzaamheid zoeken en het geschil voorleggen aan God. U zult wonderen beleven, wonderen!'


1281219-a8c7e1e493659643a7a432b6d4d0ab43.jpg

Gerard Koolschijn (Den Haag, 21 november 1945)

Geschreven door Romenu om 00:00 Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten