Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
akke.beakke.be

Berichten van 16 januari 2013 tot 17 januari 2013

Ib Michael, Raoul Schrott, Lukas Moodysson, Ilja Leonard Pfeijffer, Roel Houwink

De Deense schrijver Ib Michael (eig. Ib Michael Rasmussen) werd geboren op 17 januari 1945 in Roskilde. Zie ook alle tags voor Ib Michael op dit blog.

 

Uit: Orbit (Vertaald door John Mason)

 

„From out at sea he could only see the chimney sticking up above the cliff. It looked like a beacon. He came flying across the surface of the water, his light carbon fibre wing paddle flashing in the sunlight, water droplets running down his arms. Now he broke his rhythm, rested on his paddle as the kayak lost speed and drifted on wind and current. He remained sitting there and laid back his head.
 The cliff rose up out of the landscape. Under the turf at the very top the earth had given way in layers of shale and clay, and a hollow with chalk walls opened into the dark. Birds circled on the thermal, gulls and cormorants.
 They cried as he approached, and their cries redoubled in the vault of sky above him.
 He let himself drift towards land with the swell, felt the rear being lifted up as he steered lightly with the carbon fibre blade. He rounded the bluff and caught sight of a set of steps. It was made of wood and snaked down in a zigzag from the house that lay concealed somewhere up there on Fyrbakken. Some portions of the stairway had collapsed under an earth slip, a longer section had been contorted and looked like a ladder that had been twisted. The whole construction was held together by the handrail, which was intact all the way up.
 He stared a moment too long, then the swell tugged at the kayak. A crest came rushing in under its silky sheen, which tore apart the moment it broke and flung the fragile craft sideways. The swell pounded itself to foam on the granite slabs of the breakwater.
 He leaned into the rush with his paddle, edged himself off by the skin of his teeth, the bows facing the breakers, and paddled away. He rode into the surge. It foamed over the cockpit, which was tied off.”

 

 

 1318366-14fae52edb39b851f801bd4dbdf73d64.jpg

Ib Michael (Roskilde, 17 januari 1945)

 

 

 

 

De Oostenrijkse schrijver Raoul Schrott werd op 17 januari 1964 geboren in Landeck, Tirol (en volgens andere bronnen op een schip „São Paulo“ dat van Brazilië onderweg was naar Europa). Zie ook alle tags voor Raoul Schrott op dit blog.

 

Uit: Ilias (Vertaald door Raoul Schrott)

 

“von der bitternis sing, göttin - von achilleús, dem sohn des peleús

seinem verfluchten groll, der den griechen unsägliches leid brachte

und die seelen zahlloser krieger hinab in das haus des hades sandte

die blutvollen leben dann nur noch fleisch an dem die hunde fraßen

den vögeln ein festmahl - und wie zeus’ wille sich dadurch erfüllte …

sing, muse, und beginn mit dem moment wo der göttliche achilleús

sich in einem streit mit seinem kriegsherrn agamemnon entzweite.

doch welcher der götter hatte sie gegeneinander aufgehetzt?

es war apollon, zeus’ sohn mit leto: vor lauter ärger über agamemnon

hatte er im lager eine pest ausbrechen lassen die das heer dahinraffte;

apollons priester chr ´yses war nicht gebührend ehre erwiesen worden

als der bei den griechischen schiffen erschien, um für sehr viel gold

seine gefangene tochter freizukaufen. den goldenen stab in der hand

mit dem geweihten lorbeerkranz, als zeichen gottes und des friedens

hatte chr ´ yses für sie vor den versammelten truppen um gnade gebeten

und sich an deren zwei feldherren agamemnon und menélaos gewandt:

I 15

ihr söhne des atreús - und ihr zum kampf gerüsteten achaier:

die unsterblichen auf dem olymp, sie mögens euch gewähren

troia in schutt und asche zu legen und heil nach haus zu segeln!”

 


1318366-fd38416551aaebd7601153aa4a58fc29.jpg
Raoul Schrott (Landeck, 17 januari 1964)

 

 

 

 

De Zweedse dichter, schrijver en regisseur Lukas Moodysson werd geboren op 17 januari 1969 in Malmö. Zie ook alle tags voor Lukas Moodysson op dit blog.

 

Uit: Raus aus Amal (Fucking Åmål, vertaald door Hansjörg Betschart)

 

“Vor einem Mietshaus: Morgen

 

Johan

Hallo.

Elin

Hallo. Wohnst du hier?

Johan

Nein.

Elin

Wartest du auf meine Schwester? Die ist zu alt für dich.

Johan

(Steht auf.) Willst du mitfahren?

Elin

Nein.

Johan

Du kannst den Helm nehmen, ich brauche keinen.

Elin

Ich gehe zu Fuß. (Sie geht los.)

Johan

(Bleibt mit dem Helm in der Hand stehen.) Gehst du heute abend zu Christian? Die

machen da eine große Fete.

Elin

(Ohne sich umzudrehen.) Vielleicht.

Johan

Okay. Dann sehen wir uns vielleicht da. Okay. Weil ich da hingehe. Und wenn du da

auch hingehst, also wenn wir da beide hingehen, sehen wir uns da ja sicher.

Elin

(Sagt nichts, sondern geht nur weiter.)

Johan

Und tschüss dann. (Schaut ihr hinterher.)

Jessica

Johan ist bei weitem noch nicht das Bescheurtste, was das Kaff zu bieten hat. Ihr

müsstet mal Agnes sehen. Die hat ein Zimmer, das ist schlimmer als ein

Krankenhaus: keine Poster, bloß Kinderzeichnungen an den Wänden, Morrisey-

Plakate, selbstgemachte Fotografien. Nichts gegen Fotos. Aber warum lauter Fotos

von Dieselmotoren? Kraftwerken? Fabrikshallen?”

 

 

 1318366-d45f873066c35b075ec1acaa59c5b1bf.jpg

Lukas Moodysson (Malmö, 17 januari 1969)

Scene uit de film Fucking Åmål van Moodysson uit 1998

 

 

 

 

De Nederlandse dichter en schrijver Ilja Leonard Pfeijffer werd geboren op 17 janauari 1968 in Rijswijk. Zie ook alle tags voor Ilja Leonard Pfeijffer op dit blog.

 

 

De wolkenverzamelaar

 

dat jij wolken kon maken pappa
die stil bleven hangen in zonlicht
voor mij om veilig onder te spelen
vond ik van al jouw wonderen
misschien het almachtigste

ik was vergeten
maar vanochtend zag ik
in een streep zonlicht
dat ik boven het bureau een prachtig
wolkendek had gerookt
van bijna olympische allure

 

 

Rondeel

 

niemand zelfs de zeewind niet

heeft zulke ruime handen

zo’n doortastend wiegelied

vouwt niemand zelfs de klaproos niet

er wiedt een wichel die alles ziet

onder onontdekte landen

want niemand zelfs de regen niet

heeft zulke kleine handen

 

 

 

 1318366-e08a634bd1e46c3842c9dc4aa76b199e.jpg

Ilja Leonard Pfeijffer (Rijswijk, 17 janauari 1968)

 

 

 

 

De Nederlandse dichter en schrijver Roel Houwink werd geboren op 17 januari 1899 in Breda. Zie ook alle tags voor Roel Houwink op dit blog.

 

 

Tocht in den Nacht

 

Elk pad voert mij het donker in,

mijn voeten gaan waar ik niet wil.

wie zal mij leeren ooit der wereld zin,

die van geen einde weet noch van begin?

 

ik volg een licht dat is verdoold als ik,

gebannen in denzelfden kring,

gehangen in denzelfden strik,

een licht dat is verdoold als ik....

 

naar welk een dageraad trok dit licht?

het is zoo wankel en zoo wit....

langzaam vallen de heemlen dicht,

naar welk een dageraad trok dit licht?

 

ik vouw mijn handen voor mijn leêg gezicht

en weet dat ik niets meer bezit

dan 't wankel dwalen van dit licht

voorlangs de schaduw van mijn leêg gezicht.

           

 

           

Aan een Kellner

 

Voor goed verloren gleed uw schip in nacht en mist

en wat ik amper van uw leven wist:

armoede, tranen, trouw geduld gemis....

werd tot een donker beeld van smart en bitternis.

 

wie vlocht om uwe rood-gezwollen voeten

heur blond, zoet-reukig haar? wie nam uw handen?

wel alle dezen schroomden te ontmoeten

hun onverbloemde schande in uw leêg gelaat.

 

 

 

 1318366-fc71fba077c0408b919e5981ebc63ae0.jpg

Roel Houwink (17 januari 1899 – 3 juni 1987)

Breda, markt




Zie voor nog meer schrijvers van de 17e januari ook
mijn blog van 17 januari 2012 en ook mijn blog van 17 januari 2011 deel 2 en eveneens deel 3.

Geschreven door Romenu om 19:26 Reageer op dit bericht

Anton Valens

De Nederlandse schrijver en schilder Anton Valens werd geboren op 17 januari 1964 in Paterswolde. Hij volgde de opleiding schilderen aan de Rietveld Academie en aan de Rijksacademie. Hij combineerde zijn studie met werken in de Thuiszorg in Amsterdam. Valens debuteerde in 2004 met de  roman “Meester in de hygiëne”, over Bonne, die in de thuiszorg werkt. Het boek werd bekroond met de Lucy B. en C. W.van der Hoogtprijs 2006 en de Marten Toonder-Geertjan Lubberhuizenprijs 2005. Hij publiceerde vervolgens “Dweiloorlog, Verhalen over oude mensen” en “Ik wilde naar de rand van Beijing”, een reisverhaal. In 2009 verscheen de novelle “Vis”, die zeer goed werd ontvangen en inmiddels in het Duits is vertaald. In Frankrijk verscheen eveneens in 2011 de vertaling van “Meester in de hygiëne” onder de titel “Homme de Menage”. Het boek is genomineerd voor Le Prix du Marais 2012.

 

Uit: Het Boek Ont

 

“Wie slecht in de slappe was zit, is dankbaar voor alles. Heeft tante Jo oude pannen over? Geef maar mee. Een zak overhemden voor de kledingbak: mag ik eerst even grabbelen? Zo was het gekomen dat Isebrand drie zitbanken in zijn kamer had staan. Een was groezelig grijs met vaalpaarse banen en toegerust met dikke armsteunen die vettig glansden. De ander, een driezitter, was oud en beschadigd maar had veel meer allure, bekleed met roodbruin leer. De derde was een modernistisch design uit de jaren zeventig, smal, elegant en rustend op buizen pootjes, bijna een brits, wit van kleur. Je kon er niet in wegzakken maar hij zat heerlijk stevig vanwege de uitgebalanceerde proporties. Dit was Isebrands leefomgeving, en dus tevens het decor van Man&Post.

Het was de afspraak dat iedere sessie van Man&Post door een motto voorafgegaan werd en dat de deelnemers rouleerden in het aanbrengen van dat motto. Bovenstaand motto kwam uit Sylvio’s koker en niemand snapte er wat van. Hij zei dat het een citaat uit Kruseman’s brievenboek was, maar die verklaring was niet erg verhelderend.

Sylvio Enklaar ontving wisselende inkomsten van maar liefst vier verschillende uitzendbureaus die in verzorgers en (nacht)verplegers handelden. Hij koesterde geen spaargeld of bezittingen. Zijn vaste lasten bestonden vooral uit de huur van een stacaravan op het terrein van caviaopvang Beertje even buiten Middelstum en daarbij behorende servicekosten. Verder brandstof, belasting en verzekering voor een bestelbus. Sylvio was eigenlijk de enige van Man&Post die zelf de kost verdiende, geen geringe prestatie in deze tijd en plaats. De broeder, een brede, gedrongen kerel met een kale kickbokskop en een norse, welhaast vijandige uitstraling, had twee dochtertjes bij een ‘reuzenvrouw’ in Stadskanaal, met wie hij uit ‘ethische overwegingen’ geen contact onderhield. Hij droeg een vermiljoenrood trainingsjasje met de opdruk cccp. Hij sprak over ’t algemeen langzaam en met een vrij sterk Groninger accent.”

 

 

 1461669-e00e3a45ed7c99129cc1ca8fef5d08f6.jpg

Anton Valens (Paterswolde, 17 januari 1964)

Geschreven door Romenu om 00:00 Reageer op dit bericht

Inger Christensen, Susan Sontag, Reinhard Jirgl, Brian Castro, Tino Hanekamp

De Deense dichteres, schrijfster en essayiste Inger Christensen werd geboren op 16 januari 1935 in de stad Vejle aan de oostkust van Jutland. Zie ook alle tags voor Inger Christensen op dit blog.

 

Uit: Alphabet (fragment)

 

8

whisperings exist, whisperings exist
harvest, history, and Halley's

comet exist; hosts exist, hordes
high commanders, hollows, and within the hollows
half-shadows, within the half-shadows occasional

hares, occasional hanging leaves shading the hollow where
bracken exists, and blackberries, blackberries
occasional hares hidden under the leaves

and gardens exist, horticulture, the elder tree's
pale flowers, still as a seething hymn;
the half-moon exists, half-silk, and the whole
heliocentric haze that has dreamed
these devoted brains, their luck, and human skin

human skin and houses exist, with Hades
rehousing the horse and the dog and the shadows
of glory, hope; and the river of vengeance;
hail under stoneskies exists, the hydrangeas'
white, bright-shining, blue or greenish

fogs of sleep, occasionally pink, a few
sterile patches exist, and beneath
the angled Armageddon of the arching heavens, poison,
the poison helicopter's humming harps above the henbane,
shepherd's purse, and flax, henbane, shepherd's purse
and flax; this last, hermetic writing,
written otherwise only by children; and wheat,
wheat in wheatfields exists, the head-spinning

horizontal knowledge of wheatfields, half-lives,
famine, and honey; and deepest in the heart,
otherwise as ever only deepest in the heart,
the roots of the hazel, the hazel that stands
on the hillslope of the heart, tough and hardy,
an accumulated weekday of Angelic orders;
high-speed, hyacinthic in its decay, life,
on earth as it is in heaven

 

 

 

Vertaald door Susanna Nied

 

 

 1317661-1f86bf6c1df4c72322da75efba1ee9f0.jpg

Inger Christensen (16 januari 1935 – 2 januari 2009)

 

 

 

 

De Amerikaanse schrijfster en essayiste Susan Sontag werd geboren op 16 januari 1933 in New York. Zie ook alle tags voor Susan Sontag op dit blog. 


Uit: Reborn

 

„Art Is Boring

Schopenhauer ranks boredom with “pain” as one of the twin evils of life. (Pain for have-nots, boredom for haves — it’s a question of affluence.)

People say “it’s boring” — as if that were a final standard of appeal, and no work of art had the right to bore us. But most of the interesting art of our time is boring.

Jasper Johns is boring. Beckett is boring, Robbe-Grillet is boring. Etc. Etc.

Maybe art has to be boring, now. (This doesn’t mean that boring art is necessarily good — obviously.) We should not expect art to entertain or divert anymore. At least, not high art. Boredom is a function of attention. We are learning new modes of attention — say, favoring the ear more than the eye — but so long as we work within the old attention-frame we find X boring … e.g. listening for sense rather than sound (being too message-oriented).

If we become bored, we should ask if we are operating in the right frame of attention. Or — maybe we are operating in one right frame, where we should be operating in two simultaneously, thus halving the load on each (as sense and sound).”

 

 

Why I Write

There is no one right way to experience what I’ve written.

I write — and talk — in order to find out what I think.

But that doesn’t mean “I” “really” “think” that. It only means that is my-thought-when-writing (or when- talking). If I’d written another day, or in another conversation, “I” might have “thought” differently.

This is what I meant when I said Thursday evening to that offensive twerp who came up after that panel at MoMA to complain about my attack on [the American playwright Edward] Albee: “I don’t claim my opinions are right,” or “just because I have opinions doesn’t mean I’m right.”

 

 

 1317661-ffeb39bdd133cc696e0d44f2f55f8749.jpg

Susan Sontag (16 januari 1933 – 28 december 2004)

 

 

 

 

 

De Duitse schrijver Reinhard Jirgl werd op 16 januari 1953 in Oost-Berlijn geboren. Zie ook alle tags voor Reinhard Jirgl op dit blog.

 

Uit: Die Stille

 

“–Und als sie nach der Trauung aus der Kirche traten & nochmals die Dorfstraße runtergehn mußten, kamen jetzt doch einige aus ihren Löchern raus. Aber sie kamen nicht, den beiden Vermählten Glück zu wünschen, betraten nicht die feierlich herausgeputzte Wohnung des Bräutigams (das reichliche Essen, mühsam zusammengespart, blieb unberührt, die bereitgestellten Getränke wurden schal). Sondern die Leute kamen 1zig heraus, um den Bräutigam zu beschimpfen. Darunter auch 1ige HaJott-Bengel, Fakkeln schwenkend in ihren –12 wixigenpfoten – am !hellichten Tag – denn sie hatten wohl Was-Anderes aus der Dorfluft gewittert als nur ne verpfuschte Hochzeits-Protzession, & waren daher sogleich in gelernt sklavische=Staat’s Diener=schafft verfallen, in ihren hellbraunen Hem-den, den Dolch gegen die schwarzen Kniehosen schlagend, mit Fakkeln & Gejohle als Staat’s Bräute aus dem Hochzeit’s Marsch ne Treibjagd zu machen. –

–!Lizi: !Wie redest du denn heute. Wenn dich deine ehemaligen Schüler & dein Paster hörn würden, könnten sie glatt meinen, du wärest auf deine Altentage noch zur free=wohlen Anarchistin geworden : Am-Ende vertragen !wir beide uns, statt ich mich morgen mit meinem Herrnsohn.– Aber sag mal: ?Hat Mutter über all diese Schmach ?nicht ?geweint. ?Hättest du=Anihrerstelle ?nicht weinen müssen. Denn son Hochzeit’s Tag gilt doch für 1 Frau als Der-Schönste-Tag=im-Le –

–Ich hab niemals was von Tränen gehört. Mutter hat Keineträne darüber vergossen. – Sagte Felicitas mit End=Gültigkeit, und hatte einst an dieser Stelle soldatisch angefügt: –Wie jeder anständige Mensch mit seinem Kummer nicht hausieren geht. (Mir ist, als hörte ich auch jetzt im heißen gelbbraunen Dämmer ihrer Wohnung Diesestimme (:?Dieselbe wie vorhin), wiederum noch 1mal mich zurechtzuweisen; – und der alte Abstand zwischen uns ist wiederhergestellt.)”

 

 

 1317661-193862adb6cf3f87cbea75b7ae56a6ef.jpg

Reinhard Jirgl (Oost-Berlijn, 16 januari 1953)

 

 

 


De Australische schrijver en essayist Brian Castro werd geboren op 16 januari 1950 in Hongkong. Zie ook alle tags voor Brian Castro op dit blog.

 

Uit: Shanghai Dancing

 

“It's hard to track my father down. He stayed once at this hotel. ... the Peace, it's called now. As if anyone believes in it. No such person can live State Aspiration day in and out, except perhaps over at the mental ward beyond the tourist line where you can see them smiling back and forth, slippering dances between chain wire, exorcising their pain. Peace, peace. They are the blessed. I know them like my own heart.

But in my father's day it was the Cathay on the Bund. Filthy rich, a humidor of havanas in his breast pocket, he rented the penthouse suite three months at a time so he could watch his ships through opera glasses, noting them in leather-bound book as they ploughed through day and night. Night and day. His tune. Looking across the Soochow, he could check on his company steam yacht, wooden, gaff-rigged for show, his Sikh captain idling on deck polishing brass. This was his territory: an implausible wealth, built on treacle; his coolies waxing the floors of godowns with blood and sweat and polishing the ramps with bales of rice they dragged from end to end; he knew when to go legitimate. And then his son; and then his other son. One generation will always destroy something. You can count on that.”

 

 1317661-1670a50edd1672e86fce118176747bb3.jpg

Brian Castro (Hongkong, 16 januari 1950)

 

 

 

 

Onafhankelijk van geboortedata:

 

De Duitse schrijver Tino Hanekamp werd geboren in 1979 in Wippra in Saksen-Anhalt. Hij werkte jarenlang als muziek journalist. Na zijn leerjaren en jaren van reizen belandde hij in Hamburg. Hier richtte hij een muziek-club genaamd de " Weltbühne", die echter  later werd afgebroken, Tegenwoordig is hij programmadirecteur en manager van de door hem mede-opgerichte muziekclub "Uebel & Gefährlich", die meerdere malen werd gerkozen tot beste muziekclub in Duitsland. De roman "So was von da" vertelt in een snel tempo over de laatste dag van een Hamburgse club voor sluiting,

 

Uit: So was von da

 

“Ich befürchte, ich bin wach. Blicke auf eine Bierflasche, in der zwei Kippen schwimmen und ein Käfer.

Brutalkopfschmerz. Auf dem Heizungsrohr ein Pelz aus Staub. Extrembrechreiz. Draußen knallt’s. Schließe die Augen. Es knallt noch mal. Was für ein beschissener Anfang.

Vielleicht eine Schießerei. Irgendeine arme Sau, die angeschossen auf der Straße liegt und dringend meine Hilfe braucht. Zehntausend Meter über mir das Fensterbrett, mit letzter Kraft zerrt sich der Held zum Gipfel. Zugspitze. Aber enttäuschende Aussicht: Der Papierkorb vorm Brötchenladen des Rassisten qualmt, zwei Türkenjungen hüpfen drum herum, jetzt stürmt der Brötchenladenheini raus, er brüllt, er droht mit einem Baseballschläger. Die Jungs rennen lachend Richtung Reeperbahn. Wie spät wird es wohl sein? Egal. Aber schön, wie jetzt überm Dach des Nachbarhauses etwas Grünes explodiert und Funken auf die schleimigen Ziegel regnen wie Blütenblätter. Der Himmel ist wie immer grau, wie wahrscheinlich auch der gummiartige Rachenrotz, den ich jetzt gerne irgendwo hinspucken

würde. Mache ich aber nicht. Heute wird geschluckt. Heute ist die letzte Nacht, heute noch, und dann ist’s aus. Sinke zurück aufs Bett. Werde einfach liegen bleiben. Liegen bleiben und abwarten. Irgendwann wird irgendwer kommen und mich irgendwo hinbringen. Wenn sie mich dann verscharren, irgendwo hinter dem Komposthaufen bei den Armengräbern, und wenn sie dann noch einen alten Grabstein fi nden, vielleicht eine zerbrochene Gehwegplatte, dann mögen sie bitte Folgendes hineinmeißeln oder draufkritzeln:

 

Hier liegt Oskar Wrobel, 23.

Er hat’s versucht.

 

Schreck, neben mir bewegt sich was! Ziehe vorsichtig die Decke weg. Ein Meer aus roten Locken, ein glatter Rücken, ein nackter Po. Vielleicht ist dieser Tag doch noch nicht verloren. Darf ich fragen, wer Sie sind? Ach, halten wir uns nicht mit Formalitäten auf. Ich schmiege mich an die schöne Unbekannte. Das tut gut. Ich denke an Mathilda. Das tut nicht gut.”

 

 

 1317661-5e9fd0dea4cc57dc5f91aca923d2d544.jpg

Tino Hanekamp (Wippra, 1979)

 

 

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 16e januari ook mijn blog van 16 januari 2012 en ook mijn blog van 16 januari 2011 deel 2 en eveneens deel 3.

Geschreven door Romenu om 19:01 Reageer op dit bericht

Ester Naomi Perquin

De Nederlandse dichteres Ester Naomi Perquin werd geboren in Utrecht op 16 januari 1980. Zij groeide op in Zierikzee. In 2006 studeerde ze af aan de Amsterdamse Schrijversvakschool met als hoofdrichting poëzie. Ze was gevangenbewaarder om haar studie te bekostigen. Ze publiceerde gedichten in de literaire tijdschriften De Tweede Ronde en Tirade. Van laatstgenoemd blad was ze van 2008 tot 2013 redacteur. Perquin is columnist voor de Groene Amsterdammer en schrijft radioverhalen voor VPRO's De Avonden. Op Gedichtendag 2011 werd ze voor twee jaar benoemd tot Stadsdichter van Rotterdam.

In het voorjaar van 2007 debuteerde ze met de dichtbundel “Servetten halfstok”, waarvoor ze de Debuutprijs van het tijdschrift Het Liegend Konijn ontving. Als gevolg daarvan werd de bundel vertaald in het Engels, Frans en Duits. Één gedicht werd vertaald in alle 23 officiële talen van de Europese Unie. Ze won met deze bundel ook de 4e Eline van Haarenprijs 2008 voor de beste bundel van een dichteres tot 35 jaar. Tevens werd ze genomineerd voor de C. Buddingh'-prijs 2007 en de Jo Peters Poëzieprijs 2008.

In het voorjaar van 2009 verscheen Perquins tweede dichtbundel Namens de ander, die bekroond werd met de Jo Peters Poëzieprijs 2010, de J.C. Bloem-poëzieprijs 2011 (een tweejaarlijkse prijs voor de tweede bundel van een dichter, groot € 2500,-) en genomineerd voor de Hugues C. Pernath-prijs 2009.

Voor haar beide eerste bundels won Perquin de Lucy B. en C.W. van der Hoogtprijs 2009, en ze ontving in 2010 voor haar oeuvre de driejaarlijkse Anna Blaman Prijs voor schrijvers met een binding aan Rotterdam

 

 

Risico's

Onze gebruikelijke kamer. Geheel volgens afspraak richten de muren

zich op. Het raam ontvouwt, compleet

 

met gesloten gordijnen. Dit zou het begin van de nacht kunnen zijn

of het eind van de dag. Vormvast schemerdonker,

 

wat grappen over daglicht dat minder en minder verdraagt. De geur

van hout en overrijpe mandarijnen.

 

Kijk, daar komen de kastjes tevoorschijn, het tweepersoonsbed

tekent zich af met de lakens en dekens,

 

de sprei met de vlek ligt precies waar hij lag. Eenmaal beneden

hernemen we onze gezichten, schuiven we aan

 

en het uitzicht vult de kozijnen: landerijen, drie wankele bomen.

We weten al lang wat we nu zullen nemen:

 

het voorgerecht dat steevast tegenvalt, de biefstuk en de appeltaart.

We zijn ouder geworden, kunnen inmiddels

 

iets beters betalen. Het regent hier de meeste dagen van het jaar.

Het grootste gevaar dekt ons toe

 

met dezelfde plek, dezelfde kamer. We wagen ons gewoontes in,

hebben ons lief. We herhalen.

 


1327406-a1f6615a653f76702291517ed8ba56a1.jpg
Ester Naomi Perquin (Utrecht, op 16 januari 1980)

Geschreven door Romenu om 00:00 Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten