Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
akke.beakke.be

Berichten van 13 februari 2013 tot 14 februari 2013

Ich liebe dich...(Friedrich Rückert), Ischa Meijer, Alexander Kluge, Piet Paaltjens, Robert Shea, Frank Harris


Bij Valentijnsdag

 

 

 1336585-6f9e1e073a398b64cf4fde95a1736e75.jpg

Sint Valentijn van Terni trouwt Sabino en Serapia

Glas-in-lood raam, Basilica di San Valentino, Terni

 

 


Ich liebe dich ...

 

Ich liebe dich, weil ich dich lieben muss ...
Ich liebe dich, weil ich nicht anders kann;
Ich liebe dich nach einem Himmelsschluss;
Ich liebe dich durch einen Zauberbann.

 

Dich liebe ich, wie die Rose ihren Strauch;
Dich liebe ich, wie die Sonne ihren Schein;
Dich liebe ich, weil du bist mein Lebenshauch;
Dich liebe ich, weil dich lieben ist mein Sein.

 

 

 

 1336585-3f3b54b63ce72ad4d6a702500da8a015.jpg

Friedrich Rückert (16 mei 1788 – 31 januari 1866)

Rückert monument in Schweinfurt

 

 

 

 

De Nederlandse journalist, toneelschrijver, filmacteur en televisiepresentator Ischa Meijer werd geboren in Amsterdam op 14 februari 1943. Zie ook alle tags voor Ischa Meijer op dit blog.

 

De interviewer en de schrijvers (Hugo Claus)

 

“Het belangrijkste lijkt de vraag: hóe breng je een bepaald boek in de publiciteit; een roman die gekoppeld is aan de sensatie die een zeker privé-leven (Bekend Auteur Plus Bekend Actrice) bij de massa kan wekken?

Claus: ‘Ja, die dingen lopen door elkaar. Je kunt in dit land doen wat je wilt, maar je kunt 't blijkbaar niet in De Telegraaf doen. Iemand uit “Onze Club” gaat niet met De Telegraaf om, dat “hoort” blijkbaar niet. Nou, ik heb een boel geschreven en geen van de andere kranten heeft mij gevraagd. De Telegraaf heeft mij gevraagd, niet andersom; zie je mij met m'n manuscript onder de arm naar De Telegraaf gaan?

Kijk, ik praat hier uit een soort “luxe” hoor, ik ben niet van plan me hier te verantwoorden. Goed, als de grootste krant van Nederland mij vraagt, dan zeer graag. Hoe ze van 't boek wisten? De Telegraaf weet toch alles. Ik was toch met dat boek in de rubriek “Privé” gekomen, ook wanneer ik helemaal niets had gedaan. Gisteren stonden Henk Hofland en Harry Mulisch ook in die krant en onder de foto: “Zij poseerden voor onze bladen.” Nou, dan kun je 't beter in eigen hand houden.

Ik heb tegen dat interview, noch tegen de voorpublicatie enig bezwaar. Omdat ik wil dat dit boek in tegenstelling tot mijn vorige roman Schaamte, die maniëristisch, duister, ontoegankelijk is, door meer mensen gelezen wordt. En wie ben ik om de grote massa dit boek te onthouden? Dat de grote massa er op de beste manier kennis van kan nemen, namelijk door tóch op de tekst te kunnen oordelen, en ze kunnen oordelen over wat ik vind van parallelle problemen zoals de liefde, enzovoorts.’

 

 

 1336585-83e57c4352815c1ccc3f45690a9ad137.jpg

Ischa Meijer (14 februari 1943 – 14 februari 1995)

 

 



De Duitse schrijver en regisseur
Alexander Kluge werd op 14 februari 1932 geboren in Halberstadt. Zie ook alle tags voor Alexander Kluge op dit blog.
 

Uit: Alexander Kluge - Facts & Fakes 5 - Einar Schleef - der Feuerkopf spricht

 

“Kluge: Ihr Programm heißt 20 Opern, 80 Chorwerke und der Gesamtzyklus von Schiller, Hochhuth, usw. Wer sind Ihre Lieblingsautoren?

Schleef: Mein Lieblingsautor bin ich selber.

Kluge: Worin besteht eine dramatische Qualität? Was ist ein Drama?

Schleef: Wenn zwei sich kloppen, das ist Drama.

Kluge: Was ist eine Tragödie? Was ist tragisch?

Schleef: Wenn einer auf der Strecke bleibt, ist es eine Tragödie. Tragisch ist es, wenn wie bei Orpheus bei beiden Figuren die Beweggründe des Sterbens verschlossen sind. Da berührt sich Glucks Ehe- oder Paarszene mit Bergmann, denn Orpheus wie Eurydike ist verschlossen, warum sie da sind. Sie können darüber nicht diskutieren, wenn sie es tun und sich ansehen, sind sie des Todes und das wird von der Frau bei Gluck erbarmungslos gegen den Mann geführt und plötzlich bekommt man Mitleid mit dem Mann, weil der so unter der Fuchtel dieser Frau steht, aber natürlich geht voraus, daß Orpheus zugelassen hat, daß sie stirbt. Das kann man überhaupt nicht getrennt sehen, zumindest in der Endszene ist die Frau furchtbar, denn sie kapiert ja nicht, was der Typ will. Sie schreit immer: du liebst mich nicht, du liebst mich nicht, dreh dich um, dreh dich um.

Kluge: Das sagt sie?

Schleef: Ja, ununterbrochen. Dann dreht er sich um und weiß: wenn es die Götter gibt, ist das ihr Tod. Er weiß aber schon, daß es die Götter gibt und er weiß auch, daß sein Leben dann auch am Ende ist. Das wird zweimal im Text behauptet, er bringt sich um oder er stirbt, aber praktisch hört man es gar nicht. Fakt ist, nachdem er das Tabu gebrochen hat, ist sein Leben beendet, und dann kommt bei Gluck Amor und sagt, das ist alles anders, wir fangen von vorne an. Zumindest gibt es zwei Personen, die aneinander sterben, die nichts Positives entwickeln können, sondern zugrunde gehen.”

 

 
1336585-5dccb17b43c0f4a2b7a44c4d4e145bf9.jpg

Alexander Kluge (Halberstadt, 14 februari 1932)

 

 

 

 

 

De Nederlandse dichter en predikant Piet Paaltjens werd geboren in Leeuwarden op 14 februari 1835. Zie ook alle tags voor Piet Paaltjes op dit blog.

 

 

Wie ziet daar op die vieze bank

 

Wie zit daar op die vieze bank
In het hoekje van die vunze kroeg
En drinkt er zijn borrels uit en de na
En drinkt er toch - lijkt het wel - nooit genoeg?

Zijn hoed ziet rood - maar roder nog ziet
De punt van zijn neus, de kraag van zijn rok
Glimt smerig, - doch smeriger glans nog glimt
Zijn ogen uit bij iedere slok.

Niet altijd zag die hoed zo rood
Niet altijd was die kraag zo glad.
Ook die neus heeft eenmaal een andere kleur
Ook dat oog eens een andere gloed gehad.

Wat boze geest kwam over die mens
En wierp hem zijn schaduw op het gewaad.
Wat monster uit het diepste der hel
Sloeg hem de klauwen in 't bloeiend gelaat?

Wat monster? Ha! als de lente zo schoon
Was zij die de schande bracht over zijn hoofd,
Als het dons van de zwaan zo blank en zo zacht
Was de hand die voor eeuwig zijn eer heeft geroofd.

 

 

 

Romance

 

Ik min u teer, o lief, o aanvallig wezen!
Vond naar mijn hart bij U ook wedermin!
Dan was de wond daarbinnen dra genezen:
Nu bloed ik dood, om U, mijn zielsvriendin!

En evenwel, ik wil daarom niet treuren:
Voor u te sterven, engel, is zo zoet!
Zo gij slechts nu en dan mij op woudt beuren
Met éne blik, wanneer ik u ontmoet.

Eén blik van medelij uit Uw bruine ogen,
En in die blik één enkle zilte traan! -
Hierbij een doek, om die dan af te drogen. -
Droog af, Margot, en laat mij stil vergaan!

 

 

 

Als ik een bidder zie lopen

 

Als ik een bidder zie lopen,
Dan slaat mij ’t hart zo blij,
Dan denk ik, hoe hij weldra
Uit bidden zal gaan voor mij.

 

 

 

1336585-0394be756c098d79ddf90183ba9fb709.jpg 

Piet Paaltjens (14 februari 1835 – 19 januari 1894)

Cover 

 

 

 

 

De Amerikaanse schrijver Robert Shea werd geboren op 14 februari 1933 in New York. Zie ook alle tags voor Robert Shea op dit blog.

 

Uit: All Things Are Lights

 

“The ground shook as a second Cathar boulder landed somewhere inside the fort. He heard splintering wood and shrieks of pain and terror. Then came another massive thump, this time a counterweight of the crusaders’, sending a huge stone screaming overhead to answer the heretic missiles. Behind him rose the clamor of the French knights struggling into hauberks, buckling on swords, shouting names of their patron saints and their crusader war cry, “God wills it!”

A cruel God, if He wills this, Roland thought.

The Cathars had to cross a rock-strewn ridge, barely wide enough for two men abreast, that connected their stronghold on the main peak of Mont Segur to the lower peak, where the crusaders had their hastily built siege fort. If any Cathars had spied Roland coming out, by the time they got to this spot, he would be hidden among the boulders farther down the slope. Having no intention of fighting the Cathars, he sheathed his sword. He took his sword belt off and buckled it across his shoulder and chest, so that sword and dagger hung down his back.

With the tips of his fingers Roland touched the red silk cross on the left breast of his black surcoat, wishing he could tear away the symbol he hated. But only by joining the crusaders had he been able to get here. And this night he would bring Diane out safely, or he would die.

He stood in the darkness breathing deeply, gathering himself for the effort. Despite his chain mail and his helmet, he felt vulnerable, frightened.

Crouching, he slipped away to the left. Beyond the narrow rim of the ridge, the slope fell steeply. A misstep would send him hurtling to the rocks below. He made his way down carefully, painstakingly, over the large boulders for long minutes until he arrived at a narrow ledge about thirty feet below the top of the ridge. He took cover behind a row of charred huts where Cathar hermits had dwelt before the siege began. This whole mountain stank of burnt wood. As he began to work his way around to the other peak, from behind him issued shouts in the dialect of Languedoc: the Cathars, raising their war cries. They must have reached the crusader fort. How wonderful if they managed to drive the crusaders off the mountaintop!”

 

 

1336585-c1c6ffbac8f838af86b7d495b626bb13.jpg
Robert Shea (14 februari 1933 – 10 maart 1994)

Cover 

 

 

 

De Iers-Engelse schrijver, publicist, uitgever en redacteur Frank Harris werd geboren op 14 februari 1856 in Galway, Ierland Zie ook alle tags voor Frank Harris op dit blog

 

Uit: Oscar Wilde, His Life and Confessions

 

“He was always generous, kindly, good-tempered. I remember he and myself were on one occasion mounted as opposing jockeys on the backs of two bigger boys in what we called a 'tournament,' held in one of the class‑rooms. Oscar and his horse were thrown, and the result was a broken arm for Wilde. Knowing that it was an accident, he did not let it make any difference in our friendship.

He had, I think, no very special chums while at school. I was perhaps as friendly with him all through as anybody, though his junior in class by a year....

Willie Wilde was never very familiar with him, treating him always, in those days, as a younger brother....

When in the head class together, we with two other boys were in the town of Enniskillen one afternoon and formed part of an audience who were listening to a street orator. One of us, for the fun of the thing, got near the speaker and with a stick knocked his hat off and then ran for home followed by the other three. Several of the listeners, resenting the impertinence, gave chase, and Oscar in his hurry collided with an aged cripple and threw him down - a fact which was duly reported to the boys when we got safely back. Oscar was afterwards heard telling how he found his way barred by an angry giant with whom he fought through many rounds and whom he eventually left for dead in the road after accomplishing prodigies of valour on his redoubtable opponent. Romantic imagination was strong in him even in those schoolboy days; but there was always something in his telling of such a tale to suggest that he felt his hearers were not really being taken in; it was merely the romancing indulged in so humorously by the two principal male characters in 'The Importance of Being Earnest.'...

 

 1336585-1e0a823ba5c6669da4d662fb1bdee1ed.jpg

Frank Harris (14 februari 1856 – 27 augustus 1931)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 14e februari ook mijn blog van 14 februari 2012 deel 1 en eveneens deel 2.

Geschreven door Romenu om 17:54 Reageer op dit bericht

Hanna Bervoets

De Nederlandse schrijfster, journaliste en columniste Hanna Marleen Bervoets  werd geboren ion Amsterdam op 14 februari 1984. Bervoets behaalde in 2002 haar diploma aan het Barlaeus Gymnasium. Daarna volgde zij een bacheloropleiding Media en Cultuur aan de Universiteit van Amsterdam, met als specialisatie Televisie en Populaire Cultuur. In 2008 voltooide zij daarnaast een duale Master Journalistiek en Research, eveneens aan de Universiteit van Amsterdam.

 

Tijdens haar studie schreef Hanna Bervoets filmrecensies en korte columns over het Amsterdamse uitgaansleven voor stadsmagazine NL20. Daarnaast was zij werkzaam als freelance journaliste voor verschillende kranten en tijdschriften, waaronder Marie Claire, Elsevier Thema, Nrc.next, CJP Magazine en Volkskrant Magazine. Sinds 2009 heeft ze een vaste column in Volkskrant Magazine en sinds 2011 een wekelijkse duo-column in "Viva", samen met Anna Drijver. In 2011 werd een bundel van haar columns in Volkskrant Magazine uitgegeven onder de titel Leuk zeg doei. In 2009 verscheen Bervoets debuutroman “Of Hoe Waarom”, waarvoor ze in datzelfde jaar de ScriptPlus HvA Debutant van het Jaar-prijs won. In 2010 schreef Hanna Bervoets in opdracht van de Haagse toneelgroep Firma MES haar eerste toneelstuk: Roes. In 2011 publiceerde Bervoets haar tweede roman “Lieve Céline.” Daarmee won ze de Opzij Literatuurprijs 2012. Ook schreef zij het scenario voor de televisiefilm “Bowy is binnen”. Haar nieuwe roman “Alles Wat Er Was verscheen januari 2013”.

 

Uit: Lieve Céline

 

“Schiphol, 11:03 uur

Lieve Céline,

Dit is niet mijn 1e brief. Ik heb je al 3 dingen geschreven. Maar ik heb nog geen antwoord van jou. Misschien is het niet goed aangekomen of iets? De eerste 2 brieven stuurde ik naar het adres van op je site.

Maar op de valentijnskaart voor jou en René het adres van je agent. Had ik van een meisje van het forum. KateGirl heet zij. Van Kate Winslet. Dus eigenlijk is ze geen echte fan.

Ze is van NA Titanic: van na My Heart Will Go On zeg maar. KateGirl zei dat jouw agent haar post aan jou had gegeven. En dat jij haar toen een foto had gestuurd met handtekening. Kan zijn dat ze liegt. Ja echt wel dat ze liegt. Anders had ik toch ook allang iets van je gekregen?

Dus ga ik je deze brief zelf geven. Want ik kom naar je toeCéline!

Eindelijk. Ik zou al eerder naar je show. Ik had genoeg gespaard met mijn baan. Er kwam alleen iets tussen. Maar dat is nu opgelost.

Morgen zijn we samen. Dan zie ik voor het eerst je show! Of nou ja: ik heb em natuurlijk al HEEL vaak gezien. Allebei de dvds heb ik en de filmpjes van YouTube ken ik uit mn hoofd. Ik weet al wat mijn

lievelingsstukje is. Niet die met vuur en elfen. Dat vind ik echt wel heel goed maar dat vindt iedereen. I Surrender is mijn lievelingsstukje.

Omdat het begint met een donkere zaal: even zie je niets. Dan gaat er een groene laser aan. Rook over het podium en op een blok staat een man. Je ziet alleen zijn rug maar hij danst: gooit zijn armen

omhoog en een been in de lucht. Pas als de man zich omdraait zie je dat hij een masker op heeft. Natuurlijk best raar. Maar ik vind het dus mooi Céline. Dat je zn gezicht niet ziet.

Oh ik heb zo een ZIN! Ik heb al 3 jaar zoooon zin.”

 

 

1359531-807fa296c7f2f793d9010db106975ab6.jpg 

Hanna Bervoets  (Amsterdam, 14 februari 1984)

Geschreven door Romenu om 00:00 Reageer op dit bericht

Am Aschermittwoch (Annette von Droste-Hülshoff), Karol Wojtyla

Bij Aswoensdag

 

 

 1335944-c77a3444a5d58acab71e257d8f4a5732.jpg

Aswoensdag door Franz Everhard Bourel, 1839

 

 

 

Am Aschermittwoch

 

Auf meiner Stirn dies Kreuz
Von Asche grau:
O schnöder Lebensreiz,
Wie bist du schlau
Uns zu betrügen!
Mit Farben hell und bunt,
Mit Weiß und Rot
Deckst du des Moders Grund;
Dann kömmt der Tod
Und straft dich Lügen.

Und wer es nicht bedacht
Und wohl gewußt,
Sein Leben hingelacht
In eitler Lust,
Der muß dann weinen;
Er achtet nicht was lieb;
Und was ihm wert,
Das flieht ihn wie ein Dieb,
Fällt ab zu Erd'
Und zu Gebeinen.

Was schmückt sich denn so hold
In bunter Seid'?
Was tritt einher in Gold
Und Perlgeschmeid'?
O Herr! ich hasche
Nach Allem, was nicht gut,
Nach Wahn und Traum,
Und hänge Erd' und Blut
Und Meeresschaum
Um bunte Asche.

Was wird so heiß geliebt?
Was legt in Band,
Ob's gleich nur Schmerzen gibt,
Sinn und Verstand?
O Herr, verzeihe!
Die Seele minnt man nicht,
Die edle Braut,
Und wagt um ein Gesicht,
Aus Staub gebaut,
Die ew'ge Reue!

Stellt ein Geripp' sich dar
Vor meinem Blick,
So sträubt sich mir das Haar;
Ich fahr' zurück
Vor dem, was ich einst bleibe,
Und werd' es selber noch,
Und weiß es schon,
Und trag' es selber doch
Zu bitterm Hohn
Im eignen Leibe!

Fühl' ich des Pulses Schlag
In meiner Hand,
Worüber sinn ich nach?
O leerer Tand:
Ob ich gesunde!
Und denke nicht betört,
Daß für und für
Ein jeder Pulsschlag zehrt
Am Leben mir,
Schlägt Todeswunde!

Du schnöder Körper, der
Mich oft verführt,
Mit Welt und Sünde schwer
Mein Herz gerührt,
Noch hast du Leben!
Bald liegst du starr wie Eis,
Der Würmer Spott,
Den Elementen preis;
O möge Gott
Die Seele heben!

 

 

 

 1335944-c9dce97498548c5cf5be73e21399b92e.jpg

Annette von Droste-Hülshoff (10 januari 1797 – 24 mei 1848)

Meersburg: Fürstenhäusle met Droste-Museum

 

 

 

 

Bij het aftreden van Benedictus XVI

 

 

 

 1335944-3f54535e3d09f1c2447ea1b7480d782e.jpg

Fra Angelico: Altaarstuk, Johannes en Maria (rechter paneel), 1447/48

 

 


John Beseeches Her

 

Don't lower the wave of my heart,
it swells to your eyes, mother;
don't alter love, but bring the wave to me
in your translucent hands.
He asked for this.
I am John the fisherman. There isn't much
in me to love.
I feel I am still on that lake shore,
gravel crunching under my feet--
and, suddenly--Him.
You will embrace his mystery in me no more,
yet quietly I spread round your thoughts like myrtle.
And calling you Mother--His wish--
I beseech you: may this word
never grow less for you.
True, it's not easy to measure the meaning
of the words he breathed into us both
so that all earlier love in those words
should be concealed.

 

 

Vertaald door Jerzy Peterkiewicz

 

 

 

 1335944-37a9cde092011bdc34df6c169ee06b0a.jpg

Karol Wojtyla (18 mei 1920 – 2 april 2005)

Benedictus XVI (Joseph Ratzinger)

 

 

 

Zie voor de schrijvers van de 13 februari ook mijn vorige blog van vandaag.

Geschreven door Romenu om 18:13 Reageer op dit bericht

M. Vasalis, Jan Arend, Georges Simenon, Nynke van Hichtum

De Nederlandse dichteres en psychiater M. Vasalis werd geboren in Den Haag op 13 februari 1909. Zie ook alle tags voor M. Vasalis op dit blog.

 

 

Regressie in de supermarkt, bij de kassa

 

Diep uit mijn jeugd, waarover nooit een doodsbericht
gekomen is, maar die is zoekgeraakt, vermist
komt dit gevoel: ik zou haar brede rug willen omhelzen,
haar stevige, onopgesmukte hand, nu op mijn hoofd
of in mijn nek af willen smeken -
en in een vlaag van onbeheerste en jaloerse pijn
begeer ik heftig weer als een kindje in haar
zo hoog gevulde, met overleg gepakte, kalm bestuurde
hemelse boodschappenwagentje te zijn.

 

 

 

 

Is het vandaag of gistren, vraagt mijn moeder

 

Is het vandaag of gistren, vraagt mijn moeder,
bladstil, gewichtloos drijvend op haar witte bed.
Altijd vandaag, zeg ik. Ze glimlacht vaag
en zegt: zijn we in Roden of Den Haag ?
Wat later: kindje ik word veel te oud.
Ik troost haar, dierbare sneeuwwitte astronaut
zo ver al van de aarde weggedreven,
zo moedig uitgestapt en in de ruimte zwevend
zonder bestek en her en der.
Zij zoekt - het is een s.o.s. -
haar herkomst en haar zijn als kind
en niemand niemand, die haar vindt
zoals zij was. Haar franse les
herhaalt zij: van haar 8e jaar:
'bijou, chou, croup, trou, clou, pou, òu,
die eerste juffrouw, weet je wel
die valse ouwe mademoiselle
hoe heet ze nou. Ik ben zo moe.'

Had ik je maar als kind gekend,
die nu mijn moeder bent

 

 

 

Op een recht, zwart kousenbeen

 

Op een recht, zwart kousenbeen
dunne rokjes opgeheven,
dansend in de vroege regen
en de tuin voor zich alleen,

staan twee jonge appelbomen,
't witte bloed omhoog gestegen,
vlinder-hoofden wijd omgeven
door hun allereerste dromen.

 

 

 

 1335940-0da4668cb37bc3b236a885f11630c33a.jpg

M. Vasalis (13 februari 1909 - 6 oktober 1998)

Cover biografie 

 

 

 

 

De Nederlandse schrijver en dichter Jan Arends werd geboren op 13 februari 1925 in Den Haag. Zie ook alle tags voor Jan Arends op dit blog.

 

 

Ik ben een arme man

 

Ik ben een arme man
en ik verdien
mijn dagelijks brood
in schande.

Ik haal
dat is mij opgedragen
met emmers
water uit de regenput
en voel mij schuldig
omdat ik modder
op de bodem zie.
En zo begint de dag
nog voor het kwaad ontwaakt is.

Een hand voor mij
is witter dan een bloem
en het is waar dat woorden
mij vreesachtig maken.

Ik leef zo.
Ik ben zo.

Mijn dag verstrijkt
in regelmaat van schande.
Ik ben een arme man
en alle leven doet mij zeer.

 

 

 

 

Verdreven ben ik

 

Verdreven ben ik
uit de baarmoeder
Gods.

Verstoten
uit weeshuizen
en daklozenkolonies.

Klaprozen
langs de weg.
Boeren
en de honger.

Hoog en licht
is boven mij
wat ik de lucht
zou willen noemen
maar dat in waarheid
de toegang is
tot Hem
die mij verdreven heeft.

Zondig
zijn
wij allen.

Maar Hij heeft
een baarmoeder
Hij is
de goede God.

 

 

 1335940-7c5e8567bdcc55f666842141fee6d243.jpg

Jan Arends (13 februari 1925 – 21 januari 1974)

 

 

 

 

De Belgische (Franstalig) schrijver Georges Simenon werd geboren in Luik op 13 februari 1903. Zie ook alle tags voor Georges Simenon op dit blog.

 

Uit: Maigret et le clochard

 

“Tout en parlant, il avait la bille de sa poche et il la faisait rouler sur la nappe.
- Qu'est-ce que c'est?
- Une bille. Le Toubib en possédait trois.
Elle regardait son mari avec attention.
- Tu l'aimes bien, non?
- Je crois que je commence à le comprendre.
- Tu comprends qu'un hommme comme lui devienne clochard?
- Peut-être. Il a vécu en Afrique, seul blanc, éloigné des villes et des grand-routes. Là aussi il a été déçu.
- Pourquoi?
N'était-il difficile d'expliquer ça à Mme Maigret qui avait passé sa vie dans l'ordre et la propreté?
- Ce que je cherche à deviner, continuait-il sur un ton léger, c'est en quoi il pouvait être coupable.
Elle avait l'air de ne pas comprendre.
- Coupable? Que veux-tu dire? C'est lui qu'on a attaqué et jeté dans la Seine, non?
- Il est la victime, c'est vrai. Mais souvent, dans un crime, la victime partage dans un large mesure la responsabilité de l'assassin.”

 

 

 1335940-6b3041bc8f2456af003360a6c1bf7f73.jpg

Georges Simenon (13 februari 1903 - 4 september 1989)

 

 

 

 


De Nederlandse schrijfster
Nynke van Hichtum (pseudoniem van Sjoukje Troelstra-Bokma de Boer) werd geboren in Nes op 13 februari 1860. Zie ook alle tags voor Nynke van Hichtum op dit blog.


Uit: Afke's tiental

 

„'t Was heel stil in de anders zoo drukke kamer. Poes lag te spinnen tusschen de geraniums op de vensterbank. Oude Saapke, de baker, zat half te dutten bij de tafel.

Daar klonk een héél fijn, klagend stemmetje uit een hoek van de kamer: ‘E-ê-lê-lê!’ en meteen verscheen er een magere hand tusschen de dichtgeschoven gordijnen van een hooge bedstee, waarvan de deuren openstonden.

‘Saapke, de kleine jongen is wakker. Toe, laat me hem eens zien!’

Saapke stond langzaam op en waggelde naar den hoek, vanwaar het stemmetje zich liet hooren. 't Kwam uit een kist, die in een hoek bij 't bed stond, en die door moeder-zelf keurig bespijkerd was met blauwe stof, met een laag oude lappen er onder. Haar tiende kindje moest toch een lekker zacht nestje hebben, 't arme kleine ding, al schoot er geen echt wiegje voor hem over! De oude ‘nane’ toch was totaal versleten, en voor een nieuwe had moeder geen geld. 't Was al moeilijk genoeg om rond te komen en al die hongerige mondjes elken dag, zoo goed als 't ging, te verzadigen!

En zoo had moeder Afke dan van die oude houten kist een nestje gemaakt, zóó zacht en zóó lekker als 't kindje maar wenschen kon, en dat 't er van buiten minder mooi uitzag, daar had het kleine schepseltje nog geen weet van.

Daar haalde Saapke ‘de pop’ te voorschijn; - elk klein kindje heet in Friesland ‘de pop’ of ‘de kleine pop,’ moet je weten - en bracht hem zegevierend bij zijn moeder.“

 

 

1335940-70304e40d1c0c70eddfca9d11faa1ce0.jpg 

Nynke van Hichtum (13 februari 1860 - 9 januari 1939)

Cover
 

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 13e februari ook mijn blog van 13 februari 2012 deel 1 en eveneens deel 2 en ook deel 3.









Geschreven door Romenu om 18:03 Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten