Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
akke.beakke.be

Berichten van 15 mei 2013 tot 16 mei 2013

Adrienne Rich, Paul Gellings, Friedrich Rückert, Jakob van Hoddis, Juan Rulfo

De Amerikaanse dichteres Adrienne Rich werd 16 mei 1929 geboren te Baltimore. Adrienne Rich overleed op 27 maart van dit jaar op 82-jarige leeftijd. Zie ook alle tags voor Adrienne Rich op dit blog.

 

 

Translations
December 25, 1972

 

You show me the poems of some woman
my age, or younger
translated from your language

 

Certain words occur: enemy, oven, sorrow
enough to let me know
she's a woman of my time

 

Obsessed

 

with Love, our subject:
we've trained it like ivy to our walls
baked it like bread in our ovens
worn it like lead on our ankles
watched it through binoculars as if
it were a helicopter
bringing food to our famine
or the satellite
of a hostile power

 

I begin to see that woman
doing things: stirring rice
ironing a skirt
typing a manuscript till dawn

 

trying to make a call
from a phonebooth

 

The phone rings endlessly
in a man's bedroom
she hears him telling someone else
Never mind. She'll get tired.
hears him telling her story to her sister

 

who becomes her enemy
and will in her own way
light her own way to sorrow

 

ignorant of the fact this way of grief
is shared, unnecessary
and political



 

 

De tijgers van tante Jennifer

 

De tijgers van tante pareren over een gaas

Bewoners van een groene wereld, helder topaas,

Ze vrezen de mannen niet onder de boom

Ze stappen vol zekerheid, trots en loom

 

De vingers van tante frutselen met wol en draad

En ivoren naald die stroef door het borduursel gaat

De trouwring van oom is het massief gewicht

Dat zwaar op tante Jennifer’s handen ligt.

 

Bij haar dood ligt haar hand vol schrik geklemd

In die ring, die beproeving die haar heeft getemd

De tijgers op het doek dat tante heeft gemaakt

Stappen fier verder: trots, onaangeraakt.

 

 

Vertaald door Maaike Meijer

 

 

 

1393350-56ca40739ad0f6fa8aa9629f553d34a5.jpg
Adrienne Rich (16 mei 1929 – 27 maart 2012)

 

 

 

 

 

De Nederlandse dichter en vertaler Paul Johann Gellings werd geboren in Amsterdam op 16 mei 1953. Zie ook alle tags voor Paul Gellings op dit blog.

 

Uit: Augustusland

 

“Ze weet niet hoe laat het is. Of het een ochtend, een middag of een avond is. Of de dageraad misschien. Maar dit is geen dageraad en al evenmin een droom. Ze verbaast zich over de verlaten kamers in haar anders zo springlevende huis. Dan daalt ze de trap af en laat de voordeur geluidloos achter zich dichtvallen.
    Hoe kan ik het doen? denkt ze bij het betreden van het parkje aan de overkant. Ik heb me niet eens aangekleed.
    Maar aan de andere kant van het parkje merkt ze dat ze een wit T-shirt en een geruite bermuda draagt. Niet dat het veel uitmaakt in de toestand waarin ze verkeert en niemand haar waarschijnlijk ziet – als er al iemand zou zijn op dit vreemde uur, in deze stad die wel en niet haar woonplaats is, en die ze gaat verlaten.
    Voor haar nu een lege straat geflankeerd door blinde muren. Bijna een abstract schilderij. Alles grijsachtig zonder aanwijsbare lichtbron. Geen verschiet. Ze voelt geen trottoir onder haar voeten – of voelt ze haar voeten zelf niet? Je zou het zweven kunnen noemen als je het per se in woorden wilt uitdrukken.
    Alle ramen in de laatste huizenblokken ogen zwart als pupillen. Op één na, in een soort landhuis dat niets te zoeken heeft in deze stadse omgeving. Het staat wijd open, met een brandende kroonluchter erachter en laat klarinetspel naar buiten vloeien, donkere tonen, alt.
Wie woont daar? Wie speelt daar? Er is geen schaduw of gestalte te zien, geen beweging waar ze wat wijzer van zou kunnen worden, alleen een lichtbruine muur met een okergeel landschapje waarvan ze de details niet goed kan zien.
    Ze zou wel even halt willen houden onder dat raam, maar dat gaat niet. Dus gaat ze half omgedraaid verder, in de hoop dat ze er geen kramp in haar nek van krijgt. Ze voelt alleen geen pijn en op het moment dat de stilte haar omhult als dons kijkt ze weer voor zich, een tikkeltje weemoedig vanwege de weggestorven klanken.”

 

 

 1393350-b6f981cff1f55c940e81d6860785d16d.jpg

Paul Gellings (Amsterdam, 16 mei 1953)

 

 

 

 


De Duitse dichter
Johann Michael Friedrich Rückert werd geboren in Schweinfurt op 16 mei 1788. Zie ook alle tags voor Friedrich Rückert op dit blog.

 

Uit: Geharnischte Sonnette

 

VI.

 

Ihr, ernsthaft tummelnd eure Steckenpferde,

Ihr, streitend in der Spiegelfechter Trosse,

Ihr, zielend mit nie treffendem Geschosse,

Ihr, Streiche führend mit papiernem Schwerde!

 

Und ihr, die ihr euch von der sichern Erde

Auf eurer Musen fabelhaftem Rosse

Gen Himmel spornt, ihr treibt die ärgste Posse,

Ihr seid die räudigsten der ganzen Herde.

 

Werft von euch euer Torheit bunte Wappen,

Womit ihr prunkt, und greift zu den wahren Waffen,

Statt eurer Steckenpferde zäumet Rappen;

 

Setzt Helme auf statt eurer Narrenkappen,

Seid wahre Männer statt der Götter Affen,

Und wenn ihr nicht könnt Ritter sein, seid Knappen!

 

 

VII.

 

Ihr Ritter, die ihr haust in euren Forsten,

Ist euch der Helmbusch von dem Haupt gefallen?

Versteht ihr nicht den Panzer mehr zu schnallen?

Ist ganz die Rüstung eures Muts zerborsten?

 

Was sitzet ihr daheim in euren Horsten,

Ihr alten Adler, habt ihr keine Krallen?

Hört ihr nicht dorther die Verwüstung schallen?

Seht ihr das Untier nicht mit seinen Borsten?

 

Schwingt eure Keulen! denn es ist ein Keuler;

Er wühlt, er droht, voll Gier nach schnödem Futter,

Stürzt er den Stamm, nicht bloß des Stammes Blätter;

 

Es ist ein Wolf, ein nimmersatter Heuler,

Er frißt das Lamm, er frißt des Lammes Mutter;

Helft, Ritter, wenn ihr Ritter seid, seid Retter!

 

 

 

Herbstfrühlingslied

 

So oft der Herbst die Rosen stahl,

Ich weiß nicht, wie's entsprungen,

Doch ist mir hell noch jedesmal

Ein Frühlingslied entklungen.

 

Der Frühling, der vorüberfuhr,

Und der aus Zukunft winket,

Die beiden werden einer nur,

Des Glanz mein Herz durchblinket.

 

So hoff' ich, wenn den Lebensbaum

Des Alters Hauch entlaubet,

Nicht soll ein goldner Jugendtraum

Dem Herzen sein geraubet.

 

Die Jugend, die vorüberfuhr,

Wird sich im Liede paaren

Mit jener, die auf Edens Flur

Nicht wird vorüberfahren.

 

 

 

 1393350-f1f401d920d5bf0f9f97e13c463396d9.jpg

Friedrich Rückert (16 mei 1788 - 31 januari 1866)

Monument in in Coburg-Neuses 

 

 

 

 


De Duitse dichter
Jakob van Hoddis (pseudoniem van Hans Davidsohn) werd geboren in Berlijn op 16 mei 1887. Zie ook alle tags voor Jakob von Hoddis op dit blog.

 

 

Morgens

 

Ein starker Wind sprang empor.
Öffnet des eisernen Himmels blutende Tore.
Schlägt an die Türme.
Hellklingend laut geschmeidig über die eherne Ebene der Stadt.
Die Morgensonne rußig. Auf Dämmen donnern Züge.
Durch Wolken pflügen goldne Engelpflüge.
Starker Wind über der bleichen Stadt.
Dampfer und Kräne erwachen am schmutzig fließenden Strom.
Verdrossen klopfen die Glocken am verwitterten Dom.
Viele Weiber siehst du und Mädchen zur Arbeit gehn.
Im bleichen Licht. Wild von der Nacht. Ihre Röcke wehn.
Glieder zur Liebe geschaffen.
Hin zur Maschine und mürrischem Mühn.
Sieh in das zärtliche Licht.
In der Bäume zärtliches Grün.
Horch! Die Spatzen schrein.
Und draußen auf wilderen Feldern
singen Lerchen.

 

 

 

Der Todesengel

 

IV

Die Braut friert leise unterm leichten Kleide.
Der Engel schweigt. Die Lüfte ziehn wie krank.
Er stürzt auf seine Knie. Nun zittern beide.
Vom Strahl der Liebe, der aus Himmeln drang.
Posaunenschall und dunkler Donner lachen.

Ein Schleier überflog das Morgenrot.
Als sie mit ihrer zärtlichen und schwachen
Bewegung ihm den Mund zum Küssen bot.

 

 

 

1393350-b932c50cb6f7013faea6ec618d30f4ea.jpg
Jakob van Hoddis (16 mei 1887 – mei/juni ? 1942)

 

 

 



De Mexicaanse schrijver
Juan Rulfo werd geboren op 16 mei 1917 in Sayula. Zie ook alle tags voor Juan Rulfo op dit blog.

 

Uit: No Dogs Bark (Vertaald door George D. Schade)

 

"I can't see where I'm going any more," the father said. No answer.

The son up there was illumined by the moon. His face, discolored, bloodless, reflected the opaque light. And he here below.

"Did you hear me, Ignacio? I tell you I can't see you very well."

No answer.

Falteringly, the father continued. He hunched his body over, then straightened up to stumble on again.

"This is no road. They told us Tonaya was behind the hill. We've passed the hill. And you can't see Tonaya, or hear any sound that would tell us it is close. Why won't you tell me what you see up there, Ignacio?"

"Put me down, Father."

"Do you feel bad?"

"Yes."

"I'll get you to Tonaya. There I'll find somebody to take care of you. They say there's a doctor in the town. I'll take you to him. I've already carried you for hours, and I'm not going to leave you lying here now for somebody to finish off."

He staggered a little. He took two or three steps to the side, then straightened up again.

"I'll get you to Tonaya."

"Let me down."

His voice was faint, scarcely a murmur. " I want to sleep a little."

"Sleep up there. After all, I've got a good hold on you."

The moon was rising, almost blue, in a clear sky. Now the old man's face, drenched with sweat, was flooded with light. He lowered his eyes so he wouldn't have to look straight ahead, since he couldn't bend his head, tightly gripped in his son's hands.”

 

 

1393350-8915cdd65821e7539730d7718b39bcf9.jpg
Juan Rulfo (16 mei 1917 - 8 januari 1986)

Cover



Zie voor nog meer schrijvers van de 16e mei ook mijn blog van 16 mei 2011 deel 2.

Geschreven door Romenu om 16:55 Reageer op dit bericht

Arthur Schnitzler, Albert Verwey, Pem Sluijter, W.J.M. Bronzwaer, Edwin Muir

De Nederlandse dichter, essayist en letterkundige Albert Verwey werd geboren in Amsterdam op 15 mei 1865. Zie ook alle tags voor Albert Verwey op dit blog.

 

 

Ik zie de mens, maar ik begrijp hem niet

 

Ik zie de mens, maar ik begrijp hem niet: –
Hij eet van 't leven al wat lekker smaakt,
En proeft van ál zijn passies: zijn mond raakt
Iedere vrucht, die iedre hand hem biedt.

Hij zoekt in dronkenschap een droom, die vliedt,
In 't leven, – tot hij, moede en koud, ontwaakt,
Naakt en gebroken: op zijn lippen smaakt
Des levens droesem bitter als verdriet.

En dan noemt hij de wijn, die vreugde geeft –
Zijn passie – zonde, en nuchterzijn zijn deugd,
Daar hij zich dwaas dronk in een mooie droom,

En in het leven schijn zocht, die niet leeft.
Hij vleit zich met de erinn'ring zijner vreugd,
Maar durft geen appel proeven zonder schroom.

 

 

 

De handdruk

 

Er is zoveel waar 't wonderlijk begeren
Ongaarn naar reikt; want wij zijn zo gemaakt
Dat wij niet enkel wat ons scha doet weren,
Maar onze trots ook wat wil helpen wraakt.

Op andren niet alleen maar op ons eigen
Verhalen wij het leed dat de andre ons deed,
En voeden lust in pijn en wonden krijgen
En noemen de andre en weten zelf ons wreed.

Dan staan we op 't laatst in het heelal, verbijsterd
Dat zoveel schoons als toch moet zijn, niet blijkt:
Wij voelen ons gelijk een boom, geteisterd
Door wind, weer, bliksem, schoon hij niet bezwijkt.

Wij staan alleen: dan sluipt zich in ons voelen,
Dan dringt zich door naar 't aarzelend verstand,
Gemeenschap, zwijgend, vol verstaan bedoelen:
De warme druk van een bevriende hand.

 

 

 

 

Van de liefde die vriendschap heet

 

3

 

Ik had uw hart mij tot een huis gewijd:
De wierook brandde – de opgeslagen blaân
Der schriften gloorden – de ark zag ’k openstaan –
Ik had mijn wolk rondom mijn huis gespreid.

En zie, in mijn huis zit een wisslaar aan,
Midden in mijn mysteriën, als beidt
Hij mijne komst: – opent de poorten wijd,
Strooit lovers, dat mijn voet moog’ binnengaan!

Wee mij! straks zal mijn levensmoede ziel,
Droef als een vlam, die half omsluierd gloort,
Rijzen naar waar àl bleke zielen zijn.

Om daar te branden met den matten schijn
Van onbegrepen liefde en ’t onverhoord
Bidden te horen van wie na mij kniel’.

 

 

 

1392751-b3b0c92fb4144172cf23337a02969e64.jpg 

Albert Verwey (15 mei 1865 - 8 maart 1937)

Dichters groepsfoto:, circa 1900. Boven:  Alfred Schuler, Stefan George  

Bemeden: Karl Wolfskehl, Ludwig Klages,  Albert Verwey

 

 

 

 

De Oostenrijkse schrijver en arts Arthur Schnitzler werd geboren in Wenen op 15 mei 1862. Zie ook alle tags voor Arthur Schnitzler op dit blog.

 

Uit: Liebelei

 

Erster Akt

Zimmer Fritzens. Elegant und behaglich.

Fritz, Theodor Theodor tritt zuerst ein, er hat den Überzieher auf dem Arm, nimmt den Hut erst nach dem Eintritt ab, hat auch den Stock noch in der Hand.

Fritz spricht draußen Also es war niemand da?

Stimme des Dieners Nein, gnädiger Herr.

Fritz im Hereintreten Den Wagen könnten wir eigentlich wegschicken?

Theodor Natürlich. Ich dachte, du hättest es schon getan.

Fritz wieder hinausgehend, in der Tür Schicken Sie den Wagen fort. Ja... Sie können übrigens jetzt auch weggehen, ich brauche Sie heute nicht mehr. Er kommt herein. Zu Theodor Was legst du denn nicht ab?

Theodor ist neben dem Schreibtisch Da sind ein paar Briefe. Er wirft Überzieher und Hut auf einen Sessel, behält den Spazierstock in der Hand.

Fritz geht hastig zum Schreibtisch Ah!...

Theodor Na, na!... Du erschrickst ja förmlich.

Fritz Von Papa... Erbricht den anderen von Lensky...

Theodor Laß dich nicht stören.

Fritz durchfliegt die Briefe.

Theodor Was schreibt denn der Papa?

Fritz Nichts Besonderes... Zu Pfingsten soll ich auf acht Tage aufs Gut.

Theodor Wäre sehr vernünftig. Ich möchte dich auf ein halbes Jahr hinschicken.

Fritz der vor dem Schreibtisch steht, wendet sich nach ihm um.

Theodor Gewiß! – Reiten, kutschieren, frische Luft, Sennerinnen –

Fritz Du, Sennhütten gibt's auf Kukuruzfeldern keine!

 

 

 

 1392751-72e724e93fe4a6a06320f77efc24af16.jpg

Arthur Schnitzler (15 mei 1862 - 21 oktober 1931)

Liebelei, uitvoering in het Wiener Volkstheater, 2007

 

 

 

 


De Nederlandse dichteres en schrijfster
Pem Sluijter werd geboren in Middelburg op 15 mei 1939. Zie ook alle tags voor Pem Sluijter op dit blog.

 

 

Eerbetoon aan stenen

 

Wij drentelden aan de voet van Poseidons zuilen
(hij schudde de landpunt met zijn drietand op)
vonden geen beschutting bij de immense pilaren
van het vergane heiligdom.

 

Nog een uur voordat de zonnewagen
in zijn baan om de aarde striemend rood op
de kim achterlaat en Venus in het donker
gelegerd, helder verlicht.

 

Smoorhitte vertraagt onder hoeden en petten
onze hersenactiviteit nog door onbestemdheid versterkt.
Tijddodende bezichtiging tussen nagelaten stenen van tombes
en tempels brengen goden en mensen niet thuis.

 

Zijn dat zwarte zeilen die achteloos
aan de horizon verschijnen? Uit het historisch graf
opgestaan, houdt koning Aigeus een hand tegen de zon
boven zijn ogen. Zoon! Ach mijn zoon is gebleven –

 

Een toerist schraapt tussen chaotisch
rondliggend puin brokstukken groter dan gruis,
zoekt op de grond scherp terechtgewezen:
deze plek mag alleen leven op foto’s van stenen.

 

 

 

 1392751-4bedfeb7327fc9a2374122b4b82fca65.jpg

Pem Sluijter (15 mei 1939 - 18 december 2007)

Pem Sluijter, haar man Bram Rutgers en de gids in het museum van Anna Achmatova in Sint-Petersburg

 

 

 

 


De Nederlandse letterkundige, essayist en criticus
W.J.M. Bronzwaer werd geboren op 15 mei 1936 in Heerlen. Zie ook alle tags voor W. J. M. Bronzwaer op dit blog.

 

Uit: De Shakespeare-vertalingen van Pé Hawinkels

 

“Shakespeare was de schrijver die Pé Hawinkels het liefst vertaalde. Meer dan eens heeft hij me toevertrouwd dat de hoogste top die hij als vertaler zou willen beklimmen Antony and Cleopatra was. Hij had toen Der Zauberberg al achter de rug. Ik heb wel eens geprobeerd hem ervan te overtuigen dat hij ook Doktor Faustus aan moest pakken, maar hij schrok terug voor het Lutheraanse volksduits van de duivel in het 25e hoofdstuk, waarvoor hij geen Nederlands equivalent wist te vinden. Ik vermoed echter dat de laatste jaren zijn voorkeur voor het vertalen van poëzie steeds sterker werd. Op een tijdens een receptie terloops gedaan voorstel om van T.S. Eliots Four Quartets een tweetalige uitgave te maken met een vertaling van zijn hand en commentaar van de mijne, reageerde hij enthousiast. Hij had vroeger al eens ‘The Love Song of J. Alfred Prufrock’ vertaald (Raam, juni 1967). Voordat over deze plannen een gesprek kon plaatshebben met Johan Polak, die zich als uitgever geïnteresseerd had getoond, verscheen, voor ons alledrie onverwachts, de tweetalige uitgave van de Leuvense hoogleraar Herman Servotte (De Nederlandse Boekhandel, 1974).

Doordat hij de laatste jaren zo'n veelgevraagd vertaler van proza en toneelstukken was, waren Hawinkels' kwaliteiten als poëzie-vertaler wat in het vergeetboek geraakt. In de jaren zestig had hij indrukwekkende vertalingen van (onder andere) zeventiende-eeuwse Engelse poëzie laten verschijnen, in tijdschriften als Merlyn en Raam, die al vooruitwijzen naar zijn belangstelling voor Shakespeare. Deze werd pas gerealiseerd toen hij voor het seizoen 1975-1976 van Zuidelijk Toneel Globe de opdracht kreeg Measure for Measure te vertalen. As You Like It en Julius Caesar volgden, in opdracht van de Haagse Comedie. Inmiddels was er weer contact gelegd met Johan Polak over de mogelijkheid een of meer bundels met stukken van Shakespeare in Pé's vertaling uit te brengen.”

 

 

 1392751-ada58f8a6c19f437438f1b4f81d44b96.jpg

W.J.M. Bronzwaer (15 mei 1936 – 20 januari 1999)

 

 


De Schotse dichter, schrijver en vertaler
Edwin Muir werd geboren op 15 mei 1887 in Deerness op de Orkney-eilanden. Zie ook alle tags voor Edwin Muir op dit blog.

 

 

Abraham

 

The rivulet-loving wanderer Abraham
Through waterless wastes tracing his fields of pasture
Led his Chaldean herds and fattening flocks
With the meandering art of wavering water
That seeks and finds, yet does not know its way.
He came, rested and prospered, and went on,
Scattering behind him little pastoral kingdoms,
And over each one its own particular sky,
Not the great rounded sky through which he journeyed,
That went with him but when he rested changed.
His mind was full of names
Learned from strange peoples speaking alien tongues,
And all that was theirs one day he would inherit.
He died content and full of years, though still
The Promise had not come, and left his bones,
Far from his father's house, in alien Canaan.

 

 

 1392751-bc9dfc6d34672442c531b7acd008aa25.jpg

Edwin Muir (15 mei 1887 -3 januari 1959)

In 1945

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 15e mei ook mijn blog van 15 mei 2012 deel 1 en ook deel 2.

Geschreven door Romenu om 18:39 Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten