Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
akke.beakke.be

Berichten van 4 september 2013 tot 5 september 2013

Marcel Möring, Herman Koch, Jos Vandeloo, Peter Winnen, Margaretha Ferguson, Heimito von Doderer

De Nederlandse dichter en schrijver Marcel Möring werd geboren in Enschede op 5 september 1957. Zie ook mijn blog van 5 september 2010 en alle tags voor Marcel Möring op dit blog.

 

Uit: Louteringsberg.

 

“Becky was vijf toen we hier kwamen wonen. Het liep tegen het einde van de jaren tachtig en hoewel onze verhuizing naar een afgelegen huis op een heuvel te midden van uitgestrekte bossen het begin van iets nieuws betekende, was het tegelijkertijd een afsluiting.
Het huis had bijna tien jaar leeggestaan. Tijdens de bezichtiging had de makelaar, een kettingrokende vvd’er in blazer en grijze flanellen pantalon, ons druipend van scepsis rondgeleid in wat een halve ruïne leek. Op het dak lagen zeilen tegen het inregenen, er waren deuren weg, de trap was een wrak en overal hing de gronderige geur van schimmel en nat hout. We volgden de makelaar door de vertrekken, helemaal naar boven, waar het middengedeelte van de kap op de vloer van de zolder was gestort en de lichtblauwe lentelucht door de kieren van de dekzeilen zichtbaar was.
‘Van wie is het?’ vroeg ik, toen we weer beneden waren, in wat ooit een salon moest zijn geweest, maar door de laatste eigenaar blijkbaar als bibliotheek was gebruikt.
‘Een Amerikaan,’ zei de makelaar met tegenzin.
Ik keek hem vragend aan, maar hij leek er niet veel voor te voelen om het onderwerp diepgaander te behandelen.
‘En hij is...?’
‘...terug naar Amerika.’
We liepen naar buiten, waar onze auto’s tegen de bosrand stonden te wachten, zijn groene Jaguar en mijn oude rode Volvo station.
‘De vraagprijs is te hoog,’ zei ik. ‘Ik zal een bod uitbrengen.’ De makelaar meesmuilde.
‘Luister eens,’ zei ik. ‘Voor iemand die hier een aardige courtage aan over kan houden ben je niet erg enthousiast.’

 

 

 1453857-3aaba7d87747b8239ac412451fc5ce7c.jpg

Marcel Möring (Enschede, 5 september 1957)

 

 

 

 

 

De Nederlandse schrijver en acteur Herman Koch werd geboren in Arnhem op 5 september 1953. Zie ook mijn blog van 5 september 2010 en eveneens alle tags voor Herman Koch op dit blog.

 

Uit: Red ons, Maria Montanelli

 

“Van die opgefokte menopauzekoppen waar je werkelijk schele hoofdpijn van krijgt als je dat te lang aan moet zien hoe ze in hun dure bontjassen hun eigen weerzinwekkende spiegelbeeld in de etalageruiten lopen te bewonderen, of van die te dikke of juist veel te dunne mannen die daar in hun maatpakken ook een beetje gezellig lopen te winkelen of ze niks beters te doen hebben.
(…)

Verder zijn er zo ongeveer honderdvijftig banketbakkers en delicatessenwinkels. Die laatste zijn het ergst, daar kun je je geen voorstelling van maken als je niet een keer zelf hebt gezien wat daar achter de toonbank staat. Van hun onderbroek tot uit hun stroperige tuitmondjes stinken ze naar de buitenlandse kaassoorten en de fijne vleeswaren.  

(…)

De hele volgende oorlog mag wat mij betreft in onze buurt worden uitgevochten. Soms, als ze op maandag het luchtalarm laten loeien, om te oefenen, dan stel ik me voor dat er plotseling een Spitfire naar beneden komt duiken om die hele duffe en verwende kankerbuurt eens goed onder vuur te nemen, dat ze in paniek alle kanten op spurten, want een beetje gewone drukte en een beetje leven, dat is nou precies waar het aan ontbreekt.'  

 

 

 1453857-aeeda6fb92236be717c260366412a591.jpg

Herman Koch (Arnhem, 5 september 1953)

 

 

 

 

De Belgische schrijver Jos Vandeloo werd geboren op 5 september 1925 in Zonhoven, Belgisch-Limburg. Zie ook mijn blog van 5 september 2010 en eveneens alle tags voor Jos Vandeloo op dit blog.

 

 

Gewoon te sterven

 

Er lag een man te sterven
gewoon te sterven
onopgemerkt
hij verweerde zich niet
hij was niet bevreesd

 

heel vreemd
hij liep niet weg
en hij riep niet
alleen maar een quasi glimlach
terwijl hij lag te sterven
een beetje ongerust
wat ze zouden zeggen zo plots
een beetje hulpeloos
om de last die hij nu
ging veroorzaken
hij trachtte met zijn voet
een kuiltje te maken
maar het ging niet
daarom bleefhij liggen
met een versteend excuus
op zijn gezicht

 

 

 

In de trein  

 

In de trein

vraagt een kind

wat is een koe

en wat is een paard

wat is water en vuur

wat is de lucht

de zon

de dauw en de mist

 

duizend vragen zijn er

en tienduizend antwoorden

 

in de trein

denk ik

wat is een kind

 

één vraag is er

en één antwoord

WONDER  

 

 

 

 1453857-77136a1b33236f93eccc11f6f47e2867.jpg

Jos Vandeloo (Zonhoven, 5 september 1925)

 

 

 

 

De Nederlandse schrijver en wielrenner Peter Winnen werd geboren op 5 september 1957 in Ysselsteyn. Zie ook mijn blog van 5 september 2010. en eveneens alle tags voor Peter Winnenn op dit blog.

 

Uit: Hallucineren in een wolk van opwinding

 

“Al in 1981 ervoer ik dat een overwinning op Alpe d’Huez heel wat losmaakt bij mensen. Ik was Tourdebutant, een groentje van 23 dat bij de start van zichzelf niet wist of hij een wedstrijd over drie weken aankon. Tot mijn eigen verbazing bereikte ik na twee weken de absolute topvorm, wat culmineerde in een zwaarbevochten zege op de alp. In de pers werd ik tegen mijn zin meteen uitgeroepen tot opvolger van Joop Zoetemelk.

Vakantieherinneringen

Na de Tour werd ik in mijn geboortedorp in een koets rondgereden. Een niet aflatende stroom aan fanmail kwam binnen. Het waren niet alleen maar felicitaties, er zaten aangrijpende brieven tussen. Mensen die ernstig ziek waren, mensen die in existentieel opzicht op een nulpunt waren beland, mensen die met een groot verlies geconfronteerd waren, ze hadden troost gevonden voor de televisie. Het duurde lang voordat ik aan de rol van troostverschaffer gewend raakte.

Van Alpe d’Huez kom je niet meer los. Misschien komt het omdat er sinds 1989 niet meer door een Nederlander is gewonnen, maar nog steeds word ik met grote regelmaat aan de berg herinnerd. Ik blijk onderdeel te zijn van andermans vakantieherinneringen. De huisvader die nog weet hoe de camping heet waar hij zich terugtrok in de kantine om de etappe te bekijken. De moeder met een radiootje aan het oor terwijl de kinderen in het zwembad spartelden. De supporter die ter plekke was op de berg en vraagt of ik me „zijn duwtje” nog herinner. Alpe d’Huez heeft een magie die elke andere beklimming ontbeert.”

 

 

 1453857-c789e1336594b2f8259d15b7aa93b297.jpg

Peter Winnen (Ysselsteyn, 5 september 1957)

 

 

 

De Nederlandse schrijfster Margaretha Ferguson werd geboren op 5 september 1920 in Arnhem. Zie ook mijn blog van 5 september 2010. en eveneens alle tags voor Margaretha Ferguson op dit blog.

 

Uit: Mammie ik ga dood. Aantekeningen uit de Japanse tijd op Java 1942-1945

 

“Geest is onsterfelijk, ik weet het, ik ben ervan doordrongen, maar het losmaken van de stoffelijke werkelijkheid der dingen gaat heel moeizaam. Ik denk aan de grootvader in Rilke's Dagboek van Malte Laurids Brigge, die over langgestorven mensen spreekt alsof ze nog dagelijks in zijn tegenwoordigheid waren. 'Hun dood negeerde hij als een onbelangrijk incident.' Rilke heeft ook gezegd, Das Leben hat immer Recht'.' Maar het moeilijke is, dit werkelijk te leven. Vecht ik tegen mijn verdriet? Ik weet het niet. Ik voel mij vaak gelukkig in het besef dat ik geheel aanvaarden kan dat het zo zijn moet. En de ogenblikken dat ik mij overgeef aan mijn droefheid zijn misschien geen inzinkingen te noemen.
Maaike voelt zich erg beroerd in haar tweede zwangerschap. Ze kan niets eten zegt ze, en ze kan ook niets doen. Haar jongetje van anderhalf leeft af en toe een hele dag op limonadestroop geloof ik. Als Theo thuis is probeert hij het huishouden een beetje te redden. Maaike kan niets in haar handen houden. Straks zal ik naar haar toegaan en zeggen, ziezo, nu ben ik met mijn eigen werk klaar en kan ik wat voor jou doen. Dan zal ze antwoorden, 0, het is al niet meer nodig, want één van de andere buurvrouwen die niet zo goed weten als ik wat ze aan Maaike hebben en haar alleen zien als het beklagenswaardig schepsel dat ze is en zonder uitpluizerijen gewoon medelijden met haar hebben, zal haar natuurlijk allang aan het helpen zijn. Maaike, dat weet ik toch, is door een moeilijke jeugd lam geslagen in haar groei, bij haar is immers van schuld ook geen sprake.”

 

 

 1453857-f6224f1f1255675a25648ef5608297d9.jpg

Margaretha Ferguson (5 september 1920 - 8 mei 1992)

Cover 

 

 

 

 

De Oostenrijkse schrijver Franz Carl Heimito von Doderer werd geboren op 5 september 1896 in Weidlingau, Oostenrijk. Zie ook mijn blog van 5 september 2010 en eveneens alle tags voor Heimito von Doderer op dit blog.

 

Uit: Die Strudlhofstiege

 

„Es gibt eine Treue, die nichts anderes ist als Habsucht in Bezug auf Qualitäten, Qualitäts-Geiz, der, was er an Besitz-

Titeln hat, an sich halten will. Eine solche Treue von gewisser- maßen nur meritorischer Natur – aber meritum heißt auch das

Verdienst – bildet ein bequemes Stieglein zur Hoffart und man gewöhnt sich daran, gerne da hinauf zu treten wie an einen Fensterplatz im Erker, von wo aus man auf die gewöhnlichen

Straßenpassanten herabblicken kann. Eine solche Treue ist nicht stabil im Gleichgewicht und verdient eigentlich nicht ihren Namen, sie meritiert ihn nicht, eben weil sie nur meritorisch ist, aber sie wird unter Umständen sehr schwer aufgegeben, und wenn diese Umstände als unsichtbare Mauern, die aber gleichwohl den Ausblick verengen, als lange Mauern durch die Jahre den Weg begleiten, dann bleibt es beim gedachten meritum.

Das brachte den Doktor Negria auf, und hier zum Durchbruche zu gelangen – er war durchaus immer ein Durch-Brecher – wurde ihm zum Vorsatz, den er ohne jede kritische Erwägung fest in sich einbaute. Eine fordernde, eine postulierende, eine fuchtelnde Natur, ein Interventionist, Einer, der kurz beiseite zu schieben versuchte, was ihn störte und empört als unerhört empfand, was ihn bremsen wollte.“

 

 

 1453857-9b6b89f2ee866c6c402c965199b2c6f2.jpg

Heimito von Doderer (5 september 1896 – 23 december 1966)

 

 

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 5e september ook mijn blog van 5 september 2011 deel 1 en eveneens deel 2.

Geschreven door Romenu om 19:45 Reageer op dit bericht

Helga Ruebsamen, Antonin Artaud, René de Chateaubriand, Constantijn Huygens, Richard Wright

De Nederlandse schrijfster Helga Ruebsamen is op 4 september 1934 geboren in Batavia, in Nederlands lndië. Zie ook mijn blog van 4 september 2010 en eveneens alle tags voor Helga Ruebsamen op dit blog.

 

Uit: De Indische kamer

 

“Zo kregen de dingen een bestaan dat veel langer duurde dan in werkelijkheid en kreeg mijn eigen minieme tropenverleden er hier in Holland nog eens zevenenveertig jaren bij. In de vorm van verhalen vol vuur en duisternis, over dingen die gisteren gebeurd hadden kunnen zijn, als ze al ooit gebeurden.
Aan wat er gisteren en vandaag feitelijk geschiedde, leende mijn moeder haar oor liever niet. Nu en Heden waren er slechts om te verduren. Vroeger en Toen! Toen had men echt geleefd. Ik luisterde er de eerste jaren naar zoals ik als klein kind had geluisterd naar de sprookjes van Andersen en Moeder de Gans.
Mijn moeder begin met: ‘Ik herinner mij’, in plaats van met: ‘Er was eens’, maar verder was er geen verschil, alle verhalen of herinneringen hadden een eigen toon, een kleur, een stemming. Er waren opgetogen en sombere verhalen bij, dramatische en grappige, rooskleurige en zwarte en bittere, zure en giftige ook.
Misschien is het wel jammer dat de foto’s er op een gegeven ogenblik bij zijn gehaald.”

 

 

 1453336-a34b8ec854fad18c814f4c39e02ce260.jpg

Helga Ruebsamen (Batavia, 4 september 1934)

 

 

 

 

 

De Franse schrijver Antonin Artaud werd geboren op 4 september 1896 in Marseille. Zie ook mijn blog van 4 september 2010 en eveneens alle tags voor Antonin Artaud op dit blog.

 

 

Petit poème des poissons de la mer

 

Je me suis penché sur la mer
Pour communiquer mon message
Aux poissons:
«Voilà ce que je cherche et que je veux savoir.»

 

Les petits poissons argentés
Du fond des mers sont remontés
Répondre à ce que je voulais.
La réponse des petits poissons était:
«Nous ne pouvons pas vous le dire
Monsieur
PARCE QUE»
Là la mer les a arrêtés.

 

Alors j’ai écarté la mer
Pour les mieux fixer au visage
Et leur ai redit mon message:
«Vaut-il mieux être que d’obéir?»

 

Je le leur redis une fois, je leur dis une seconde
Mais j’eus beau crier à la ronde
Ils n’ont pas voulu entendre raison!

 

Je pris une bouilloire neuve
Excellente pour cette épreuve
Où la mer allait obéir.

 

Mon coeur fit hamp, mon coeur fit hump
Pendant que j’actionnais la pompe
À eau douce, pour les punir.

 

Un, qui mit la tête dehors
Me dit: «Les petits poissons sont tous morts.»

 

«C’est pour voir si tu les réveilles,
Lui criai-je en plein dans l’oreille,
Va rejoindre le fond de la mer.»

 

Dodu Mafflu haussa la voix jusqu’à hurler en déclamant ces trois derniers vers, et Alice pensa avec un frisson:
«Pour rien au monde je n’aurai voulu être ce messager!»

 

Celui qui n’est pas ne sait pas
L’obéissant ne souffre pas.

 

C’est à celui qui est à savoir
Pourquoi l’obéissance entière
Est ce qui n’a jamais souffert

 

Lorsque l’être est ce qui s’effrite
Comme la masse de la mer.

 

Jamais plus tu ne seras quitte,
Ils vont au but et tu t’agites.
Ton destin est le plus amer.

 

Les poissons de la mer sont morts
Parce qu’ils ont préféré à être
D’aller au but sans rien connaître
De ce que tu appelles obéir.

 

Dieu seul est ce qui n’obéit pas,
Tous les autres êtres ne sont pas
Encore, et ils souffrent.

 

Ils souffrent ni vivants ni morts.
Pourquoi?

 

Mais enfin les obéissants vivent,
On ne peut pas dire qu’ils ne sont pas.

 

Ils vivent et n’existent pas.
Pourquoi?

 

Pourquoi? Il faut faire tomber la porte
Qui sépare l’Être d’obéir!

 

L’Être est celui qui s’imagine être
Être assez pour se dispenser
D’apprendre ce que veut la mer…

 

Mais tout petit poisson le sait!
Il y eut une longue pause.
«Est-ce là tout? demanda Alice timidement.»

 

 


 1453336-984ef311d370834aa564d27afd8d2da0.jpg

Antonin Artaud (4 september 1896 - 4 maart 1948)

In 1931, gefotografeerd door Raymond Voinquel

 

 

 

 

 

De Franse schrijver François René de Chateaubriand werd geboren op 4 september 1768 in Saint Malo. Zie ook mijn blog van 4 september 2010 en eveneens alle tags voor René de Chateaubriand op dit blog.

 

Uit: René

 

“Cette vie, qui m'avait d'abord enchanté, ne tarda pas à me devenir insupportable. Je me fatiguai de la répétition des mêmes scènes et des mêmes idées. Je me mis à sonder mon coeur, à me demander ce que je désirais. Je ne le savais pas; mais je crus tout à coup que les bois me seraient délicieux. Me voilà soudain résolu d'achever, dans un exil champêtre, une carrière à peine commencée, et dans laquelle j'avais déjà dévoré des siècles.

J'embrassai ce projet avec l'ardeur que je mets à tous mes desseins; je partis précipitamment pour m'ensevelir dans une chaumière, comme j'étais parti autrefois pour faire le tour du monde.

On m'accuse d'avoir des goûts inconstants, de ne pouvoir jouir longtemps de la même chimère, d'être la proie d'une imagination qui se hâte d'arriver au fond de mes plaisirs, comme si elle était accablée de leur durée; on m'accuse de passer toujours le but que je puis atteindre: hélas! je cherche seulement un bien inconnu, dont l'instinct me poursuit. Est-ce ma faute, si je trouve partout des bornes, si ce qui est fini n'a pour moi aucune valeur? Cependant je sens que j'aime la monotonie des sentiments de la vie, et si j'avais encore la folie de croire au bonheur, je le chercherais dans l'habitude.”

 

 

 1453336-4515adf06602daeba92865a91fbd5356.jpg

René de Chateaubriand (4 september 1768 – 4 juli 1848)

Standbeeld door Alphonse Terroir in Combourg 

 

 

 



De Nederlandse dichter en schrijver
Constantijn Huygens werd geboren op 4 september 1596 in Den Haag. Zie ook mijn blog van 4 september 2010 en eveneens alle tags voor Constantijn Huygens op dit blog.

 

 

Delft

 

’Kben twee mael dat ick ben, sints dat ick’t eenmael was,
Ena eens mijn’ muren hebb’ sien wentelen in d’ass:
Maer danck hebb’ ’t Vage-vier, ick bender door geresen,
Mijn selven dubbel waerd: Het overkoolde wesen
En komt mij niet van daer, Soo moet de kuijpe sien
Die Vriend en Vreemdeling moet laven en beziên.
’Khebb grooten Wilm gehuijst, soo lang’t de Moorder doogde,
Die mij en mijn’ gebuert verraderlickb ontvoogde,
Maer, Spagnen, ’t baett’ u niet, ick hebb de scha geboett,
En voor een’ sulcken Va’er een’ sulcken Zoôn gevoedt.

 

 

 

Leiden

’Ten ware ’tnijdigh Duijn, off ’tRhijnsch verdwaelde sogh,
Ick waer’, spijt andere, de grootste Rhijnstadt noch;
Om nevens Katwijck uijt mijn’ wrake te gaen halen
Van ’t Arragonsch gewelt. Hoe souden sij’t betalen
Die, op mijn aller weeckst, voor ’tstuijvende gerucht
Van een’ verrotten muer verstoven inde vlucht!
Nu doen ick’s meer van verr, nu doen ick oock te Roomen
Mijn’ ware Wetenschapp, mijn’ wijse Waerheit schroomen:
Krabt, swarte Phariseên, krabt, snoodste dien ick ken,
’Tzijn scherpe nagelen die ’t meer zijn dan mijn’ Penn.

 

 

 1453336-26bf3fae06551aa610641d478ced191b.JPG

Constantijn Huygens (4 september 1596 — 28 maart 1687)

Delft, Nieuwe Kerk

 

 

 



De Amerikaanse schrijver
Richard Nathaniel Wright werd geboren in Roxie, Mississippi op 4 september 1908. Zie ook mijn blog van 4 september 2010 en eveneens alle tags voor Richard Wright op dit blog.

 

Uit: Black Boy

 

“After my father’s desertion, my mother’s ardently religious disposition dominated the household and I was often taken to Sunday school where I met God’s representative in the guise of a tall, black preacher. One Sunday my mother invited the tall, black preacher to a dinner of fried chicken. I was happy, not because the preacher was coming but because of the chicken. One or two neighbors also were invited. But no sooner had the preacher arrived than I began to resent him, for I learned at once that he, like my father, was used to having his own way. The hour for dinner came and I was wedged at the table between talking and laughing adults. In the center of the table was a huge platter of golden-brown fried chicken. I compared the bowl of soup that sat before me with the crispy chicken and decided in favor of the chicken. The others began to eat their soup, but I could not touch mine. 

“Eat your soup,” my mother said. 

“I don’t want any,” I said. 

“You won’t get anything else until you’ve eaten your soup,” she said. 

The preacher had finished his soup and had asked that the platter of chicken be passed to him. It galled me. He smiled, cocked his head this way and that, picking out choice pieces. I forced a spoonful of soup down my throat and looked to see if my speed matched that of the preacher. It did not. There were already bare chicken bones on his plate, and he was reaching for more. I tried eating my soup faster, but it was no use; the other people were now serving themselves chicken and the platter was more than half empty. I gave up and sat staring in despair at the vanishing pieces of fried chicken. 

“Eat your soup or you won’t get anything,” my mother warned.” 

 

 

 1453336-966b5440acb90c8a6df3b1c790d07513.jpg

Richard Wright  (4 september 1908 – 28 november 1960)

 

 

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 4e september ook mijn blog van 4 september 2011.

Geschreven door Romenu om 19:47 Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten