Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
akke.beakke.be

Berichten van 26 september 2013 tot 27 september 2013

Irvine Welsh, Kay Ryan, Ignace Schretlen, Josef Škvorecký, Esther Verhoef, Christian Schloyer

De Schotse schrijver Irvine Welsh werd geboren op 27 september 1958 in Leith, Edinburgh. Zie ook mijn blog van 27 september 2010 en eveneens alle tags voor Irvine Welsh op dit blog.

 

Uit: Filth

 

 “We wait and think and doubt and hate. How does it make you feel? The overwhelming feeling is rage. We hate ourself for being unable to be other than what we are. Unable to be better. We feel rage. The feelings must be followed. It doesn't matter whether you're an ideologue or a sensualist, you follow the stimuli thinking that they're your signposts to the promised land. But they are nothing of the kind. What they are is rocks to navigate the past, each on your brush against, ripping you a little more open and they are always more on the horizon. But you can't face up to the that, so you force yourself to believe the bullshit of those you instinctively know are liars and you repeat those lies to yourself and to others, hoping that by repeating them often and fervently enough you'll attain the godlike status we accord those who tell the lies most frequently and most passionately. But you never do, and even if you could, you wouldn't value it, you'd realise that nobody believes in heroes any more. We know that they only want to sell us something we don't really want and keep from us what we really do need. Maybe that's a good thing. Maybe we're getting in touch with our condition at last. It's horrible how we always die alone, but no worse than living alone.”

(…)

 

“All I can think about is that boy’s skull, bashed in, the way his head was caved in and how it wasn’t like a heid at all, just like a broken silly puppet face, about how when you destroy something, when you brutalise it, it always looks warped and disfigured and slightly unreal and unhuman and that’s what makes it easier for you to go on brutalising it, go on fucking it and hurting it and mashing until you’ve destroyed it completely, proving that destruction is natural in the human spirit, that nature has devices to enable us to destroy, to make it easier for us; a way of making righteous people who want to act do things without the fear of consequence, a way of making us less than human, as we break the laws . .”

 

 

 1466495-dae034ab288797a1dabea76a48cea241.jpg

Irvine Welsh (Edinburg, 27 september 1958)

 

 

 

 

 

De Amerikaanse dichteres Kay Ryan werd geboren op 27september 1945 in San Jose, California. Zie ook mijn blog van 27 september 2010 en eveneens alle tags voor Kay Ryan op dit blog.

 

 

Spiderweb

 

From other
angles the
fibers look
fragile, but
not from the
spider’s, always
hauling coarse
ropes, hitching
lines to the
best posts
possible. It’s
heavy work
everyplace,
fighting sag,
winching up
give. It
isn’t ever
delicate
to live.

 

 

 

Age

 

As some people age
they kinden.
The apertures
of their eyes widen.
I do not think they weaken;
I think something weak strengthens
until they are more and more it,
like letting in heaven.
But other people are
mussels or clams, frightened.
Steam or knife blades mean open.
They hear heaven, they think boiled or broken.

 

 

 

 1466495-9566ef630f225de21c9b71d1c0f278ed.jpg

Kay Ryan (San Jose, 27 september 1945)

 

 

 

 

De Nederlandse dichter, schrijver, kunstenaar en huisarts Ignace Schretlen werd geboren in Tilburg op 27 september 1952. Zie eveneens alle tags voor Ignace Schretlen op dit blog.

 

 

Van wiegelied tot buggytaal

 

Van wiegelied tot buggytaal leerde ik je spreken maar
't mooiste woord wat ik je gaf is wel jouw naam geweest

geen lege kamer werd zo met zorg gepoetst en onderhouden
keer op keer van roestplekken ontdaan en telkens weer

zo behoedzaam betreden als ooit fluisterend de eerste maal
geen woord sprak ik zo vaak uit zonder te herhalen

taal reikt niet verder dan het voorwoord van hetgeen ik je
te zeggen heb maar luister naar de rijkdom van haar klanken

zo moet ook ooit jouw naam geboren zijn, als geritsel in
een boom dat niet verstaan maar wel begrepen wordt

nooit liet ik je onbeheerd maar nu de avond valt lost
mijn verweerde huid van steen zich langzaam op

kijk vanuit de verte hoe ik jou stralen laat, sluit niet
eerder de luiken dan eer het licht helemaal is gedoofd.

 

 

 

 

De troost van vanillevla

Voor Vivienne

 

Ontroostbaar omdat de ‘H’ in schoonschrift jou niet lukken wil

zoals mijn woorden zich niet altijd schikken laten in een gedicht

 

de ‘H’ – zegt jouw juf – is een kleine ‘L’ na een grote ‘i’

zo simpel denken mensen ook over vanzelflopende poëzie

 

kun jij met zo’n slinger-‘H’ mooie grote woorden schrijven;

kan ik met mooie grote woorden mensen troosten bij verdriet

 

je huilt, ik twijfel…maar thuis wacht ons allebei vanillevla.

 

 

 

1466495-b19a440ec8ddcceef20f3670bfdd3ea4.jpg 

Ignace Schretlen (Tilburg, 27 september 1952)

 

 

 

 

 

De Tsjechische schrijver en uitgever Josef Škvorecký werd geboren op 27 september 1924 in Náchod. Zie ook mijn blog van 27 september 2010 en eveneens alle tags voor Josef Škvoreckýop dit blog.

 

Uit: The Bass Saxophone (Vertaald door Kaca Polackova-Henley)

 

“I had committed a crime; it seems unbelievable today what could (can) be a crime: a Beatles haircut in Indonesia (that's today, and that kind of power is always a festering effusion of weakness) - our ducktail haircuts were also once a crime just like the locks on the heads of youths that shock syphilitic waiters so much today; and the fact that my father had been seen conversing with Mr. Kollitschoner; and the conviction that Drosophila flies are suitable for biological experiments; the use of slang; a joke about the president's wife; faith in the miraculous power of paintings and statues; a lack of faith in the miraculous power of paintings and statues; and everywhere the eyes, the spying eyes of the Kanas and the Vladykas; and the ears; and the little reports; and the file cards, keypunched, cybernetic, apparently the first things of all to be cyberneticized. I used to draw advertising slides for the movie house; I would carry them down the iron ladder to the projection booth and because beauty-inspired joy, pleasure-inspired pleasure is diminished by solitude, it had occurred to me: I had those rare records at home, I always used to listen to them before I went to sleep, on an old wind-up phonograph next to my bed: "Doctor Blues," "St. James Infirmary," "Blues in the Night," "Sweet Sue," the Boswell Sisters, "Mood Indigo," "Jump, Jack, Jump"; and so one day in the projection booth when the electric phonograph was spinning and amplifying a native polka called "Hey, Ma, Who Are You Saving Your Daughter For?" the idea had possessed me: I made my decision. In spite of the fact that they were so rare, I had brought them to the booth (I had labeled the vocal pieces with paper tape so Mack wouldn't make a mistake and put one on by accident) and while Herr Regierungskommissar and the others were awaiting the beginning of the film "Quax, der Bruchpilot," I was awaiting the first beats of Webb's drum in the foxtrot "Congo" -the annunciation, the sending down of beauty on the heads in the movie house; and when it finally came, that bliss, that splendor, I looked down through the little window and I couldn't understand why no heads were turned, no eyes opened in amazement, that they were not suddenly quiet and that the jaws cracking wartime sour candy did not pause in their effort; the crowd murmured on in their trite crowd conversation; and then, that once, Mack made a mistake (he explained later that the label had come unstuck on that side of the record); the crowd murmured on, ignoring the smeared swinging of Chick's saxes, and murmured on when Ella came in with her nasal twang ("I've got a guy, and he's tough. He's just a gem in the rough. But when I polish him up, I swear . . ."); only Horst Hermann Kühl stopped talking, pricked up his ears, took notice, and then cut loose with a roar (hate is unfortunately always much more observant than love, and more observant even than an insufficiency of love).

 

 

 1466495-aa8fa1e6f29daed2620d950da0cb3271.jpg

Josef Škvorecký (Náchod, 27 september 1924)

 

 

 

 

 

De Nederlandse schrijfster Esther Verhoef-Verhallen werd geboren in ’s-Hertogenbosch op 27 september 1968. Zie ook mijn blog van 27 september 2010 en eveneens alle tags voor Esther Verhoefop dit blog.

 

Uit: Muren van glas

 

„Het is acht uur in de ochtend. Mijn hoofd bonkt, mijn lijf voelt zwaar. Mijn oogleden willen alleen maar dichtvallen. Ik had voor vertrek meer koffie moeten drinken; die dubbele espresso was niet genoeg. Dat krijg je ervan als je de halve nacht doorwerkt en er om zes uur weer uit moet.

Tot overmaat van ramp zitten Dennis en ik vast in een file die maar niet wil oplossen. Er heeft zich zojuist een ambulance tussen de auto’s door gewurmd. Daarna volgden twee politiewagens. Even verderop moet een ongeluk zijn gebeurd. Ik hoop toch echt dat het niet kilometers verderop is, want dan staan we hier over een halfuur nog. Ik kijk om me heen. Vier banen breed staat het verkeer vast. Iedereen kijkt chagrijnig voor zich uit. Voor ons, achter ons, naast ons. En het regent ook nog. Dit is nou typisch zo’n ochtend waar ik een hekel aan heb: een naargeestige, sombere Hollandse novembermorgen. Ik verlang naar zon, palmbomen en een blauwe zee. Dan zit ik hier verkeerd: om ons heen alleen asfalt, beton, glas en ijzer.

‘Hoe laat moeten we er uiterlijk zijn?’ vraag ik aan Dennis.

Mijn knappe, blonde beste vriend en collega zit naast me op zijn nagels te bijten. Zijn sneakers rusten op het dashboard van ons vrachtwagentje. Hoewel, rusten... de rode All Stars wiebelen continu heen en weer. De zolen piepen op het verweerde plastic. Dennis kan slecht tegen stress. Ik niet beter, trouwens, maar je ziet het aan mij minder.

‘Halfnegen moet alles zijn afgeleverd,’ antwoordt hij. ‘De beurs gaat om halftien open voor publiek.“

 

 

1466495-184241da11610889de72b027a8de95a1.jpg 

Esther Verhoef ('s-Hertogenbosch, 27 september 1968)

 

 

 

 

 

De Duitsedichter en schrijver Christian Schloyerwerd geboren op 27 september 1976 in Erlangen. Zie ook mijn blog van 27 september 2010 en eveneens alle tags voor Christian Schloyerop dit blog.

 

 

walnüsse knacken

 

geduldig warten in japan

an ampeln die aaskräh'n – drehst dich im schlaf
        auf die seite · legen in japan krähen

nüsse auf straßen –
du träumst in zwei sprachen


fern warten die krähen scheint's auf ein
        knacken · (als wären sie fähig, das rot aus

ampeln zu saufen, als wüssten sie wie man

schatten aus kirschblüten stiehlt) + zähl'n die rippen
        bei grün · lesen sie
zeilen · aus deinem rücken

 

 

 

superman im september

 

sonneneinfallskorridore zwischen platten
bauten, relais für das blecherne echo der straßen
baumaschinen unter metall
blauem
himmel; der wächst
mir übern kopf
mittags
schließt sich die fontanelle: das innen
echo der welt
ohne fluchtpunkt
dann ist das herbstblau zwischen den bäumen
denkbar am größten & der welt
raum – muss ein paar stunden
ohne mich auskommen

 

 

 

 1466495-330d6da8087daae4f47ae8fadf20b5cb.jpg

Christian Schloyer (Erlangen, 27 september 1976)



Zie voor nog meer schrijvers van de 27e september ook mijn blog van 27 september 2011 deel 2 en eveneens deel 3.

Geschreven door Romenu om 19:22 Reageer op dit bericht

Ko de Laat

De Nederlandse dichter, performer, journalist en toneelschrijver Ko de Laat werd geboren op 27 september 1969 in Goirle. De Laat gaf van 1991 tot en met 2010 jaarlijks een dichtbundel uit, die hij in Tilburg als première presenteerde. De titels zijn: Dichter in Las Vegas (1991), Uit de gelijknamige bundel (1992), Ongemerkt voorbij (1993), Een naamgenoot uit Osdorp (1994), Vinketering (1995), De alwetende verteller (1996), Op het randje van de dansvloer (1997), Aloë Vera (1998), Van voor de dubbelvla (1999), Haarlem-Excelsior: 0-0 (2000), Kopstoot mijnerzijds (2001), Alleen deze week (2002), Zonder Botox (2003), Spamfilterblues (2004), Het ABC van de rimpelcrème (2005), De markt voor mooie dingen (2006), De mensen uit je arme tijd (2007), Levenskunstenaar (2008), Ach ja, ’t is overal wel wat (2009) en De boodschappen breken de dag (2010). De Laat was coauteur van vijf edities van de Tilburgse Revue en is theaterrecensent voor het Brabants Dagblad. Andere theaterproducties van zijn hand: het Tilburgse toneelstuk Ootentieke illemente (20010 en de eenakter Schijfjes en Blokjes (2010). Voor Brabants Dagblad schreef hij columns over de Tilburgse kermis en carnaval (1997-2002). Sinds 2004 schrijft hij wekelijks een actueel gedicht voor de website gedichten.nl en van 2005 tot 2010 had hij een vaste column op de site TilburgZ. Uit deze columns verscheen in 2010 een selectie in de bundel “Stadsgezichten van Tilburg”, met illustraties van Linda van Erve. In 2003 schreef hij een biografie over zijn oud-oom August de Laat en Mijn ontmoetingen met 1000 VIPs, een biografie over Peter Roozen die met duizend prominente personen op de foto ging. In 2007 publiceerde De Laat met Ed Schilders het boek Holland Carré, Twee eeuwen Noordhoek. In 2008 schreef hij de winnende inzending voor de Avond van het Nieuwe Lied, een liedjeswedstrijd van het Amsterdams Kleinkunstfestival. In 2009, 2010 en 2011 werd hij wederom bekroond bij de liedjeswedstrijd van het AKF, die inmiddels 'Tekst & Muziek' was gaan heten. In 2011 werd De Laat derde bij de wedstrijd om de Plantage Poëzieprijs.

 

Vijfdelige Kedinkedonkel voor Kronkel

Net voor de nacht viel
Kwam hij vertellen
Voorafgegaan door
Die Melodie

Hij kon meeslepend
Weloverwogen
Een leven vatten
In belletrie

Hij schreef kronieken
Vaak in een setting
Die toen al ophield
Om te bestaan:

Zo’n Amsterdamse
Verbruindemuurkroeg
Die gerestyled is
Of dichtgegaan

Dus toen de dood kwam
Was te voorspellen
Hoe het zijn status
Algauw verging…

Verdampend als de
Jenevernevel
Die rond zijn stukjes
Zo dikwijls hing

Maar dat verandert
’t Is nu zijn eeuwfeest
Met veel herdenking
Opeengehoopt

Met bovenal de
Verzamelbundel
Die door dat alles
Vrij goed verkoopt

De doorstart van een
Gestorven schrijver
Die nieuwe lezers
Nog weinig zegt

Gezien vanuit een
Commercie-oogpunt
Ten hoogste aardig
Maar wel terecht

 

 

Hoe die verkoudheid kwam

Eeuwige nazomer
't Was reeds november haast
Maar -regelmatig toch-
Scheen weer de zon

Soms was het bijna zelfs
Zondereenjasaanweer
Wat onberekenbaar
Omdraaien kon

 

 

 1532426-cc744d30054361f70860f1e0f61d348e.jpg
Ko de Laat (Goirle, 27 september 1969)

Geschreven door Romenu om 00:00 Reageer op dit bericht

Bart Chabot, T. S. Eliot, Thomas van Aalten, Christoph W. Bauer. Luís Fernando Veríssimo, Mark Haddon

De Nederlandse dichter en schrijver Bart Chabot werd geboren in Den Haag op 26 september 1954. Zie ook mijn blog van 26 september 2010 en eveneens alle tags voor Bart Chabot op dit blog.

 

 

haagse schimmen

 

het bestaat nog
het den haag van louis couperus
zijn geboortehuis op de mauritskade
de surinamestraat, het nassauplein
sophialaan, javastraat
het kurhaus, hotel des indes
de scheveningse bosjes
het bleef nagenoeg ongeschonden bewaard

 

zelfs de personages die couperus’
haagse romans bevolken komen voor in de stad
de van lowe’s, de van naghels
de ruyvenaers, de saetzema’s
al dragen zij nu een andere naam

 

toch was ik verrast iemand te ontmoeten
die couperus persoonlijk had gekend
— de mooiste barbierswinkel — zei dolf brouwers
— waar ik ooit werkte was figaro
in de zeestraat
de eigenaar heette kees
daar kwam de chic van den haag
prins hendrik, ministers, jonkheer van repelaer
het was allemaal even prachtig
mijn patroon was homoseksueel
‘s ochtends bevochtigde hij
een stukje crêpepapier uit de etalage
en maakte zo zijn lippen rood

 

 

 

Eend

 

disneyland paris bestaat vijf jaar
er valt confetti uit de wolken

we zitten aan de lunch
in het new york hotel
sebastiaan en ik lopen naar het buffet
ik til het deksel op
van een enorme vleesschotel
- pap - vraagt sebas - is dat kip?
van de damp beslaat mijn bril
- that's duck sir - schiet een ober ons te hulp
het tafelzilver hangt plotseling
op eigen kracht in de lucht
- you mean donald? - vraag ik
wijzend op de eendenborstjes
stilte daalt over de tafels
dan stijgt homerisch gelach op

sebastiaan kijkt niet blij

 



1465758-32075452cea7bff51564a66839dd928e.jpg
Bart Chabot (Den Haag, 26 september 1954)

 

 

 

 

 

De Engels-Amerikaanse dichter en schrijver T. S. Eliot werd op 26 september 1888 geboren in St.Louis, Missouri. Zie ook mijn blog van 26 september 2010 en eveneens alle tags voor T. S. Eliot op dit blog.

 

 

The Boston Evening Transcript

 

The readers of the Boston Evening Transcript

Sway in the wind like a field of ripe corn.

When evening quickens faintly in the street,

Wakening the appetites of life in some

And to others bringing the Boston Evening Transcript,

I mount the steps and ring the bell, turning

Wearily, as one would turn to nod good-bye to Rochefoucauld,

If the street were time and he at the end of the street,

And I say, "Cousin Harriet, here is the Boston Evening Transcript."

 

 

 

Conversation Galante

 

I observe: "Our sentimental friend the moon!

Or possibly (fantastic, I confess)

It may be Prester John's balloon

Or an old battered lantern hung aloft

To light poor travellers to their distress."

She then: "How you digress!"

 

And I then: "Some one frames upon the keys

That exquisite nocturne, with which we explain

The night and moonshine; music which we seize

To body forth our vacuity."

She then: "Does this refer to me?"

"Oh no, it is I who am inane."

 

"You, madam, are the eternal humorist,

The eternal enemy of the absolute,

Giving our vagrant moods the slightest twist!

With your air indifferent and imperious

At a stroke our mad poetics to confute—"

And—"Are we then so serious?"

 

 

 

 1465758-47a103cfe731af71921604d095b0ab76.jpeg

T. S. Eliot (26 september 1888 – 4 januari 1965)

 

 

 

 

 

De Nederlandse schrijver Thomas van Aalten werd geboren in Huissen bij Arnhem op 26 september 1978. Zie ook alle tags voor Thomas van Aalten op dit blog.

 

Uit: Sluit deuren en ramen

 

“Ik wandelde wat rond na de informatiebijeenkomst. Bij de balie pakte ik een folder. Voor de gestresste reiziger die de spieren los moest krijgen bood het motel een klein zwembad. Grote ramen aan de oostzijde gaven ruim zicht op iets wat op een natuurreservaat leek. In de ruimte hing een frisse dennengeur. Er speelde voortdurend rustgevende dwarsfluitmuziek. Wie 's nachts aan de zijkant van het gebouw stond zal het vage, opgloeiende blauw van de lampen in het zwembadwater tussen de pijnbomen en sparren hebben zien schijnen - maar wat een argeloze zwemmer in het bad snel zou vergeten, is dat achter die groene strook een snelweg lag.

In de lounge klonk een synthesizerversie van ‘How about us?’ van Champaign. Een mooi meisje poetste glazen droog. Ze had zwart haar en droeg een zwarte, strakke blouse waarvan ze de mouwen had opgestroopt. Haar bovenlip was mooi vol. Hoe anders dan mijn eigen bonige Lisa.

Aan de bar hing een zakenman met een rood aangelopen hoofd. Hij was dronken, bralde voor zich uit.

‘Mijn leven, mooi meissie, mijn leven holt me uit.’

‘Bof jij even,’ zei het meisje mat.

‘Ik meen het, hè. Vroeger las ik nog wel eens een boek of zo, maar nu...’ De man maakte een wegwerpgebaar met zijn hand. ‘Boeken lezen is niet meer aan me besteed. Boeken lezen is verbannen. Door Marquis de Sade. Ook vrouwen komen niet meer. Ja, escortservice.’ Hij maakte een v-gebaar met zijn vingers en bewoog zijn tong ertussen. ‘Escortservice, maar relaties? Relaties, met liefde en warmte, vergeet het maar. Ver-geet het maar me-vrouw-tje. Godverdomme. Geef mij nog een whisky.’

‘Dat lijkt me niet verstandig.’

‘Ik ben ook niet verstandig en bovendien volledig uitgeteerd, wat maakt die ene whisky nog uit? O - God o God.’ Hij sloeg met zijn vlakke hand op zijn voorhoofd. ‘Godverdommedommedomme. Godver. Godvergod... verdom-me.’

 

 

 1465758-a9af37e17f3c46e9cbd64a5bbbd01b9f.jpg

Thomas van Aalten (Huissen, 26 september 1978)

 

 

 

 

 

De Oostenrijkse dichter, schrijver en vertaler Christoph W. Bauer werd geboren in Kolbnitz op 26 september 1968. Zie ook alle tags voor Christoph W. Bauer op dit blog.

 

 

Supersonic

XLVII

verlieren verboten ums gelenk buchstabiert
mit pünktlichseinblicken und jeder verdient
eine zweite lektion wie hausarrest für
eskapaden sie grüssten die fahne
das testbild die nächte waren inseln und
aussteiger sie durchs fenster über die grenze
der sperrstunde hinaus wuchsen strände wie
wiesen denen sie die uhren eingruben um
nicht zu hören was ihnen blüht holten sie
alles aus den rekordern und rasten bis
ins felderausfransen mit den winden
um die wette besang Campino das blech
ihrer träume sie haben alle abgehängt

 

 

 

 1465758-4029661e549d14239ed3c5b96a101f56.jpg

Christoph W. Bauer (Kolbnitz, 26 september 1968)






De Braziliaanse schrijver
Luís Fernando Veríssimo werd geboren op 26 september 1936 in Porto Alegre, Rio Grande do Sul. Zie ook alle tags voor Luís Fernando Veríssimo op dit blog.

 

Uit: Meierhoffs Verschwörung (Vertaald door Barbara Mesquita)

 

“Der Zuckerrohrschnaps redet mit der Zunge der Menschen. Ich weiß nicht, wie viel von dieser Geschichte dem Schnaps, wie viel dem Menschen zuzuschreiben ist. Ich kann auch nicht dafür garantieren, dass ich alles, was ich erzähle, gehört habe. Der Chauasca macht die Ohren empfindlicher. Die halbe Zeit über hörte ich außer der Stimme des Polen das Rumoren der Galaxien des Perseus und das Summen der Fische im Rio Negro und in den Nebenflüssen der Nebenflüsse der Nebenflüsse seiner Nebenflüsse. Vielleicht solltest auch du irgend etwas zu dir nehmen, bevor du mit der Lektüre beginnst. Ich empfehle Sapiri-Saft.

Der Mann sagte, sein Name sei Jósef Teodor. Erst als er erfuhr, dass ich aufschrieb, was er mir erzählte, zeigte er mir mit der Fingerspitze auf der Tischplatte, wie sein Name geschrieben wurde. Mit einem Akzent auf dem ersten ó. Mit f und nicht mit ph am Ende von Jósef. Teodor ohne h. Doch in der Kneipe in Manaus, in der ich ihn kennenlernte, wurde er nur der Pole genannt.

»Lass den Jungen in Ruhe, Pole!«

Das rief Hatoum, der Besitzer der Kneipe, ihm zu, als er, das leere Glas in der einen Hand und mit der anderen seinen Stuhl hinter sich herschleifend, an meinen Tisch trat.

Ich machte Hatoum ein Zeichen, »Alles in Ordnung«, und der hochgewachsene Mann mit dem großflächigen, roten Gesicht setzte sich, nachdem er die anderen Stühle vom Tisch fortgestoßen hatte, mir gegenüber. Stets denselben Stuhl hinter sich herziehend, wanderte er von Tisch zu Tisch. Er schlief, den Kopf in seine auf dem Tisch verschränkten Arme gelegt, im Sitzen auf dem Stuhl. Er nahm den Stuhl sogar mit, wenn er in der Kneipe auf die Toilette ging. Als ich ihn verwirrt von den Details seiner Lebensgeschichte fragte, welches seine Heimat sei, stand er schließlich auf und zeigte auf den Stuhl. Dort war seine Heimat. Doch das kam später. Als erstes sagte er zu mir: »Es gibt einundzwanzig Arten und Weisen, einen Menschen mit bloßen Händen zu töten. Ich kenne sie alle.«

 

 

 1465758-56d14275d097d12600a33893662fde5e.jpg

Luís Fernando Veríssimo (Porto Alegre, 26 september 1936)

 

 

 

 

 

De Engelse schrijver Mark Haddon werd geboren op 26 september 1962 in Northampton. Zie ook alle tags voor Mark Haddon op dit blog.

 

Uit: The Red House

 

“Cooling towers and sewage farms. Finstock, Charlbury, Ascott-­under-­Wychwood. Seventy miles per hour, the train unzips the fields. Two gun-­gray lines beside the river’s meander. Flashes of sun on the hammered metal. Something of steam about it, even now. Hogwarts and Adlestrop. The night mail crossing the border. Cheyenne sweeping down from the ridge. Delta blues from the boxcar. Somewhere, those secret points that might just switch and send you curving into a world of uniformed porters and great-­aunts and summers at the lake.
Angela leant against the cold window, hypnotized by the power lines as they sagged and were scooped up by the next gantry, over and over and over. Polytunnels like silver mattresses, indecipherable swirls of graffiti on a brick siding. She’d buried her mother six weeks ago. A bearded man in a suit with shiny elbows playing “Danny Boy” on Northumbrian pipes. Everything off-­kilter, the bandage on the vicar’s hand, that woman chasing her windblown hat between the headstones, the dog that belonged to no one. She thought her mother had left the world a long way back, the weekly visits mostly for Angela’s own benefit. Boiled mutton, Classic FM and a commode in flesh-­colored plastic. Her death should have been a relief. Then the first spade of earth hit the coffin, a bubble rose in her chest and she realized her mother had been what . . . ? A cornerstone? A breakwater?”

 

 

 1465758-2e8c880a3ba8ce1d922a86e080506bc5.jpg

Mark Haddon (Northampton, 26 september 1962)

 

 

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 26e september ook mijn blog van 26 september 2011 deel 2.

 

Zie voor onderstaande schrijvers ook mijn blog van 26 september 2010.

 

De Nigeriaanse schrijver Cyprian Ekwensi werd op 26 september 1921 in Nigeria geboren in Minna. Zie ook mijn blog van 26 september 2006 en ook mijn blog van 26 september 2009.

 

De Oostenrijkse schrijver Peter Turrini werd geboren op 26. September 1944 in St. Margarethen im Lavanttal. Zie ook mijn blog van 26 september 2009.

 

De Engels schrijver, dichter en germanist Edwin Keppel Bennett werd geboren op 26 september 1887 in Wareham, Dorset.

 

De Australische dichter en schrijver Joseph Furphy werd geboren op 26 september 1843 in Yering, een voorstad van Melbourne.

Geschreven door Romenu om 19:25 Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten