Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
akke.beakke.be

Berichten van 13 november 2013 tot 14 november 2013

Astrid Lindgren, Jonathan van het Reve, Norbert Krapf, René de Clercq, Chloe Aridjis

De Zweedse schrijfster Astrid Lindgren werd als Astrid Ericsson geboren op 14 november 1907 en groeide op op de boerderij Näs in Vimmerby in Småland. Zie ook alle tags voor Astrid Lindgren op dit blog.

 

Uit: Pippi Langstrumpf (Vertaald door Cäcilie Heinig)

 

"Meine Mama ist ein Engel, und mein Papa ist ein Südseekönig. Es gibt wahrhaftig nicht viele Kinder, die so feine Eltern haben!", pflegte Pippi sehr stolz zu sagen. "Und wenn mein Papa sich nur ein Schiff bauen kann, dann kommt er und holt mich, und dann werde ich eine Südseeprinzessin. Hei hopp, was wird das für ein Leben!" Ihr Papa hatte dieses alte Haus, das in dem Garten stand, vor vielen Jahren gekauft. Er hatte gedacht, dass er dort mit Pippi wohnen würde, wenn er alt war und nicht mehr über die Meere segeln konnte.

Aber dann passierte ja das Schreckliche, dass er ins Meer geweht wurde, und während Pippi darauf wartete, dass er zurückkam, begab sie sich geradewegs nach Hause in die Villa Kunterbunt. So hieß dieses Haus. Es stand möbliert und fertig da und wartete auf sie. An einem schönen Sommerabend hatte sie allen Matrosen auf dem Schiff ihres Papas Lebewohl gesagt. Sie hatten Pippi sehr gern und Pippi hatte sie auch gern.

"Lebt wohl, Jungs", sagte Pippi und gab allen der Reihe nach einen Kuss auf die Stirn. "Habt keine Angst um mich. Ich komm immer zurecht."

Zwei Dinge nahm sie vom Schiff mit. Einen kleinen Affen, der Herr Nilsson hieß, und einen großen Handkoffer, voll mit Goldstücken, den hatte sie von ihrem Papa bekommen. Die Matrosen standen an der Reling und schauten Pippi nach, solange sie sie sehen konnten. Sie ging mit festen Schritten davon, ohne sich umzudrehen, mit Herrn Nilsson auf der Schulter und dem Koffer in der Hand.
"Ein merkwürdiges Kind", sagte einer der Matrosen und wischte sich eine Träne aus dem Auge, als Pippi in der Ferne verschwunden war.“

 

 

1494142-b3fc6d57ec5e46b417a15659c43a106f.jpg
Astrid Lindgren (14 november 1907 - 28 januari 2002)

Hier met Inger Nilsson als Pippi Langkous

 

 

 

 

 

De Nederlandse schrijver en columnist Jonathan van het Reve werd geboren op 14 november 1983 in Amsterdam. Zie ook alle tags voor Jonathan van het Reve op dit blog.

 

Uit: Kleuren van de nacht?

 

“Van Gogh had niks met sterrenkunde. Op de tentoonstelling 'Van Gogh en de kleuren van de nacht' in het Van Gogh Museum is dat goed te zien. Sterren schildert hij als dikke gele zonnetjes en de maan wordt belicht zoals geen enkele bol ooit belicht kan worden: het heldere geel reikt zo ver om de schaduw heen dat het donkere gebied een klein, bijna geheel omsloten rondje wordt. Anders gezegd: bij Van Gogh raken de twee uiteinden van het croissantje elkaar haast. In het echt, zoals u weet, gebeurt dat niet.

Heel wonderlijk is ook het schilderij De sterrennacht boven de Rhône, waarop Van Gogh met grote gele stippen het sterrenbeeld de Grote Beer heeft afgebeeld. Je ziet duidelijk een steelpannetje, het hangt mooi horizontaal boven Arles. Maar de audiotour vermeldt dat Arles vanaf deze brug in het zuidwesten ligt, en daar kan de Grote Beer nooit zo hangen. Bovendien klopt er niks van de onderlinge posities van de sterren: ik kan uit mijn hoofd een betere Grote Beer tekenen dan van Gogh hier heeft gedaan - terwijl hij gewoon over zijn schouder had kunnen kijken om het origineel te zien.

"Nou én?" zult u zeggen. "Het perspectief klopt ook nooit bij Van Gogh, dat wisten we allang. Hij schilderde de dingen zoals híj ze zag en voelde, begrijp je?"

Nee. Sorry, maar dat begrijp ik niet. Dat je de maan groot en geel maakt omdat je dat zo voelt of ziet, dat snap ik. Maar welk artistiek gevoel dwingt een volwassen kunstenaar nou om domweg het meest herkenbare sterrenbeeld van de hemel te kiezen en het zo potsierlijk (en verminkt) boven een stadje te hangen? Waar slaat dat op?”

 

 

 1494142-b6cb6c6669770238cc74f92951eab605.jpg

Jonathan van het Reve (Amsterdam, 14 november 1983)

 

 

 

 

 

De Amerikaanse dichter, schrijver en vertaler Norbert Krapf werd geboren op 14 november1943 in Jasper, Indiana. Zie ook alle tags voor Norbert Krapf op dit blog.

 

 

In the Spirit House


Even when I was young I did

not think of cemeteries as sad.

To me they were quiet and peaceful

and housed spirits of those I loved.


When I became a father I often

brought my children to a cemetery

landscaped like a rural park.

We brought along a picnic lunch


and ate it and drank juice on a stone bench.

Sometimes we saw a rabbit or a pheasant

between tombstones. Periodically a diesel

commuter train ran along the back of the plot.


We played games and read books and I

pronounced the names carved in stone.

That world was populated with spirits

who became our friends, not enemies.


We did not walk in fear or dread.

We enjoyed the privacy of our park.

Nobody told us to go away.

Nobody told us to be quiet.

 

 

 

 

To a Valencia Orange


Thank you for waiting overnight

on the balcony in winter.

The curves of your rind

are delightful to the touch.

How willingly your skin

comes off when I pull.

How cool the feel of your

sections as I divide them

and lick your juice from

my fingertips.  How delicious

the taste of your flesh

and the explosion of your

juice on my tongue.

Orange of Valencia,

I give thanks for the burst

of sun you bring to my day.

 

 

 

 1494142-e01d4e98362b7866b059040702b06fbd.jpg

Norbert Krapf (Jasper, 14 november1943)

 

 

 

 

 

De Vlaamse schrijver, dichter, politiek activist en componist René Desiderius de Clercq werd geboren in Deerlijk op 14 november 1877. Zie ook mijn blog van 3 november 2010 en eveneens alle tags voor René de Clercq op dit blog.

 

 

Hoort gij de eik?

 

Hoort gij de eik, o blode bomen?
Hij ruist daar, zwaar en zwart!
Hij droomt zijn donkere dromen,
de boom van mijn hart!

Zijn stam is rond, zijn kruin nog ronder,
zijn schors is ruw en hard.
Hij plooit noch boven noch onder,
de boom van mijn hart!

Waai stout, mijn eik, alover 't blode,
uw hoge vreugd en smart,
gij levende onder de dode,
gij, boom van mijn hart!

Het ruist te nacht door mijne ziele,
wanneer gij zingt en sart.
Val op mijn hoofd als ik kniele,
o boom van mijn hart!

 

 

 

Laat mij de nacht tot vriend

 

Laat mij de nacht tot vriend; de nacht is goed.
De sterren zijn ver en het duister zoet.

Laat mij de nacht tot vriend, en rust en rouw,
Dat ik hoor op mijn hart het geklop van mijn vrouw.

Dat ik hoor haar vermaan, verneem haar troost,
Haar liefde tot mij en haar angst voor haar kroost.

Laat me de nacht tot vriend; de dag is wreed.
Te nacht komt mijn dode en sust mijn leed.

 

 

 

1494142-7913dfdc3fcea98d822d7f0373b62795.jpg 

René de Clercq (14 november 1877 - 12 juni 1932)

 

 

 
De Engels-Mexicaanse schrijfster Chloe Aridjis werd geboren in New York op 6 november 1971 (en dus niet op 14 november zoals eerder vermeld). Zie ook alle tags voor Chloe Aridjis op dit blog.

 

Uit: Assunder

 

“They call us guards, warders, invigilators, room keepers, gallery assistants. We are watchmen, sentinels, but we don’t polish guns, shoes or egos. We are custodians of a national treasure, a treasure beyond value stored behind eight Corinthian columns of a neoclassical façade, the dreams of the ancients stuccoed to our building. And our title should honour that.
I came to my profession half by chance, half following an ancestral call. After stumbling upon an ad for a Travelling Exhibition Assistant, I applied for the position but found the vacancy had been filled. Yet the kind man who answered my call mentioned another opening, this one at the British Museum. A guard had just resigned due to the diagnosis of an incurable ailment, and decided he wanted to spend his remaining months staring at something other than nymphs and satyrs locked in battle. They offered him the choice of other wings but he said he wanted to leave London and retire from culture.
My time there didn’t last but it led me to my calling. After the British Museum came the National Gallery, and nine years later I have come to know all the paintings and panels better than the palm of my hand.
How will you handle the boredom, they had first asked at the job interview. I laughed before realising they were serious, and told them I didn’t easily grow bored. But you will, they warned, and I replied that I would then simply draw up lists in my head or count the number of skirts or stripes in the room. You’re meant to protect the works of art, they said, to which I replied of course, yes, I would.

Acedia plagues the novice much more than the experienced solitary; unlike some of the new guards, I do not suffer from boredom or listlessness. Half of us have the right temperament, the other half don’t.”

 

 

1494142-01e5efb4fbd7e0812052f6ffa36f217c.jpg 

Chloe Aridjis (New York, 6 november 1971)

Zie voor nog meer schrijvers van de 14e november ook mijn blog van 14 november 2011 deel 1 en eveneens deel 2.

Geschreven door Romenu om 17:28 Reageer op dit bericht

Peter Orner

Onafhankelijk van geboortedata:

De Amerikaanse schrijver Peter Orner werd in 1968 in Chicago geboren. Hij studeerde af aan de Universiteit van Michigan in 1990 en verwierf later een graad in de rechten van de Northeastern University en een MFA van de Iowa Writer's Workshop..Zijn oudere broer is Eric Orner, de maker van de strip The Mostly Unfabulous Social Life of Ethan Green. Orner heeft lange tijd gewerkt in Kamp Nebagamon, een overnachtingskamp in het noorden van Wisconsin , waar hij o.a. adviseur en reisleider was. Hij heeft ook gewerkt als waarnemer mensenrechten in Chiapas, Mexico, als taxichauffeur in Iowa. Orners verhalen en essays zijn verschenen in de Atlantic Monthly, The New York Times, The San Francisco Chronicle, The Paris Review en elders. Hij won twee keer won de Pushcart Prize. Orner kreeg een Guggenheim Fellowship (2006), evenals het 2 jaar durende Lannan Foundation Literary Fellowship (2007-2008). Een van Orner 's verhalen, "The Raft" werd verfilmd. In 2001 verscheen de bundel “Esther Stories”, waarvoor hij o.a. de Prize from the American Academy of Arts and Letters ontving. In 2006 publiceerde hij zijn roman “The Second Coming of Mavala Shikongo”, een roman die speelt in Namibië, waar Orner in de jaren negentig werkte. In 2011 volgde “Love and Shame and Love”, winnaar van de California Book Award. In 2013 verscheen een nieuwe bundel verhalen “Last Car Over the Sagamore Bridge”. Orner is professor Creative Writing aan de San Francisco State University en heeft gedoceerd aan de Writers ' Workshop van de Universiteit van Iowa, The Warren Wilson MFA Program van de University of Montana, Washington University, de Universiteit van Miami, Bard College en de Karelsuniversiteit in Praag.

Uit: The Second Coming of Mavala Shikongo

“The Volunteer

A brother from the diocese drove me out there from Windhoek. His name was Brother Hermanahildis. He was a silent man with a bald, sunburned head. The single thing he said to me in four hours was “I am not a Boer, I am pure Dutch. I was born in The Hague.” He drove like a lunatic. I watched the veld wing by, and the towns that were so far between. Brakwater, Okahandja, Wilhelmstal. Brother Hermanahildis seemed to be suffering from an excruciating toothache. At times he took both hands off the wheel and pulled on his face. I was relieved when we reached Karibib and he turned onto a gravel road heading south. Eventually, he let me off at a wind-battered tin sign—farm goas—and told me to follow the road, that the mission was just beyond the second ridge. When you get there, Brother Hermanahildis said, go and see the Father directly.
Ta-ta. With a suitcase in each hand, one backpack on my back, another on my stomach, I followed the road, a rock-strewn double-track across the veld. There were a number of ridges. I looked for one that might be considered a second one. The short rocky hills made it impossible to see what was ahead on the road, although in the distance I could see a cluster of smallish mountains rising. A few crooked, bony trees here and there. Strawlike grass grew like stubble up out of the gravel. Somehow I thought a purer desert might have been more comforting. Where were the perfect rippled dunes? Where was the startling arid beauty? These plants looked like they’d rather be dead. I listened to the crunch of my own feet as I shuffled up and over ridges. There was no second ridge. There would never be a second ridge.
An hour or so later, sweat-soaked, miserable, I stood, weighted and wobbly, and looked down on a place where the land swooped into a kind of valley, a flat stretch of sand and gravel. There was a group of low-slung buildings painted a loud, happy yellow.
There was a hill with a tall white cross on top. Hallelujah! As best I could I bumbled down the road until I reached a cattle gate made from bedsprings lashed to a post. The gate was latched closed by a complicated twist of wire. As I struggled with the wire, a rotund man in a khaki suit moved slowly but inevitably down the road toward me, as if being towed by his own stomach. When he reached the other side of the gate he stopped. He faced me for a moment before he spoke much louder than he needed to. “Howdy.”

 

 1597713-29cbfc8e16e563ced3b9161dbd77b8cf.jpg
Peter Orner (Chicago, 1968)

Geschreven door Romenu om 00:00 Reageer op dit bericht

José Carlos Somoza, Inez van Dullemen, Timo Berger, Hadjar Benmiloud, Nico Scheepmaker, Robert Louis Stevenson

De Spaanse schrijver José Carlos Somoza werd geboren in Havana, Cuba op 13 november 1959. Zie ook alle tags voor José Carlos Somoza op dit blog.

 

Uit: Zig Zag (Vertaald door Lisa Dillman)

 

„And that was what was so strange.

People thought she was too perfect. Too intelligent and too worthy to be working in a mediocre physics department at a business-oriented university like Alighieri, where no one truly cared about physics. Her colleagues were sure that she could have had her pick of careers: a post at the Spanish National Research Council, a tenured professorship at a public university, or some important role at a prestigious center abroad. Elisa was wasted at Alighieri. Then, too, no theory (and physicists love theories) adequately explained why, at thirty-two, almost thirty-three (her birthday was in April, just a month away), Elisa was unattached, had no close friends, and yet seemed perfectly happy. She appeared to have all she wanted in life. No one knew of any boyfriends (or girlfriends), and her friendships were limited to colleagues with whom she rarely if ever spent free time. She wasn't conceited or even arrogant despite her obvious good looks. And although she accentuated her attractiveness by wearing a whole range of perfectly tailored designer clothes that often made her look downright provocative, she never seemed to be trying to hard to attract the attention of men (who often turned to gawk when she passed) with the clothes she wore. Elisa spoke only about her profession, was courteous, and always smiled. The Elisa Mystery was unfathomable.

Occasionally, she seemed unsettled. It was nothing concrete: maybe a look, or a momentary dullness in her brown eyes, or just a feeling she gave people after a quick conversation. As though she was hiding something. Those who thought they knew her-Noriega, the department chair, among others-thought it was probably best that she never reveal her secret. For whatever reason, some people, regardless of how insignificant their role in others' lives, or how few close moments they've shared, are unforgettable. Elisa Robledo was one of them, and people wanted it to stay that way.”

 

 

1493503-f8e410f37957b02ce012a3a38ec48522.jpg 

José Carlos Somoza (Havana, 13 november 1959)

 

 

 

 

De Nederlandse schrijfster Inez van Dullemen werd op 13 november 1925 in Amsterdam geboren. Zie ook alle tags voor Inez van Dullemen op dit blog.

 

Uit: Vroeger is dood

 

“In 2005 overleed mijn broer. Ik hoorde het op mijn werk, in Amersfoort. Twee uur later was ik in het ZMC. Ik wilde mijn broer zien. Dat kon niet. Geen tijd, hij moest naar het uitvaartcentrum. Dan had ik maar eerder moeten komen. Ik werd woedend en men zag dat. De vertegenwoordigster van het uitvaartcentrum besloot uiteindelijk dat ik nog even mocht kijken. Een gunst want er was een tijdschema. Maar of wij dan wel snel de kamer wilden leeghalen want er waren andere patiënten.“

(…)

 

“Aan alles komt een eind,” zei de dokter. En zo is het ook, aan alles komt telkens weer een eind. Ik begreep dat het einde van Arnold Abraham, mijn vader, gekomen was toen ik twee verpleeghulpen met witte plastic boezelaars voor de deur van het sterfkamertje zag staan. “U bent net te laat,” zeiden ze tegen mij.

“Was er iemand bij hem? ”vroeg ik.

“Nee”, zeiden ze, maar dat is dikwijls zo: je licht je hielen en opeens zijn ze dood. Er zijn er, die willen er alleen tussenuit.”

Ik ging naar binnen en zag dat het zo was. De zuurstofpomp was afgekoppeld. Zijn handen koelden al af, zijn mond stond open. (Open je mond, oude man, had de dood gezegd, je uur is gekomen, en de oude man had zijn mond geopend en de dood was naar binnen gesprongen in het zwarte gat en het gat bleef openstaan en alles daarbinnen verstijfde, de tong, de zachte huig, de zenuwen, de bloedlichaampjes: de af en aan gaande loodsbootjes op de rivier van het bloed – overal kwam de dood, hij vergat niets.)

 

 

1493503-70f8a79d4234620c51b567bf978070e4.jpg 

Inez van Dullemen (Amsterdam, 13 november 1925)

 

 

 

 

De Duitse dichter,schrijver en vertaler Timo Berger werd geboren op 13 november1974in Stuttgart. Zie ook alle tags voor Timo Berger op dit blog

 

 

Bringservice

Die Affen am Fenster, morgens
hinterm Milchglas, wissen
die Abfälle dieser Küchen
sind deliziös und erreichbar

Über der Loggia liegt kein scharfer
Alarm, auch wenn die Kolibris
im Tiefflug ihre Faden
Zungen in Honigtöpfe tauchen

Zu einem Frühstück nach Fitnessfibel
gehören Baummelonen in Scheiben
Zuckeraustauschstoffe, die Schlag
Zeile des Jornal do Brasil:

Niemand entführt dich
in die Nordstadt.
Ein paar Füße
kosten nicht die Welt.
Und wozu
haben die Märkte hier Delivery?

 

 

 1493503-86f450e05b2bafa81f5cc4fcc6ac9d28.jpg

Timo Berger (Stuttgart, 13 november 1974)

 

 

 

 

De Nederlandse schrijfster, columniste en radiopresentatrice Hadjar Benmiloud werd geboren in Amsterdam op 13 november 1989. Zie ook alle tags voor Hadjar Benmiloud op dit blog.

 

Uit: Überpuber

 

“Dan zullen ook de effecten op grote schaal te merken zijn. Veel banen komen vrij, want er zijn geen relatietherapeuten en woordvoerders meer nodig en de economie zal een kleine recessie doormaken. Tot een depressie komt het echter niet, want al gauw zal de overbevolking zijn opgelost. Er wordt geen belasting meer betaald en dus stort de zorgsector ineen. Voor zieke en oude mensen wordt niet meer gezorgd en ze gaan dood. Dat is fijn, want we kunnen geen zwakke schakels gebruiken in de nieuwe, Blafistische maatschappij. Langdurige, zenuwslopende ruzies bestaan niet meer, want iedereen moordt elkaar gewoon uit. Het resultaat? Iedereen is rijk en gelukkig. Ruzie en oorlog behoren tot het verleden, want moorden is veel simpeler geworden en heeft geen jarenlange conflicten meer tot gevolg.

Ik weet zeker dat ik de Nobelprijs voor wereldvrede krijg als het lukt mijn plan ten uitvoer te brengen. Ik denk zelfs dat die prijs wordt afgeschaft, omdat er toch niemand meer aan mij kan tippen.

Hoewel ik zelf mijn plan briljant vind, zoals al mijn plannen eigenlijk, zijn er een paar vervelende Christenen die het niet met mij eens zijn. Ze beweren zelfs wel eens dat ik een moordlustig en egoïstisch persoon ben. Belachelijk natuurlijk, want ik pleit voor wereldvrede en eerlijkheid, dat snapt iedereen.”

 

 

1493503-bae4ca208f824c6bac2807c0da82b71c.jpg 

Hadjar Benmiloud (Amsterdam, 13 november 1989)

 

 

 

 

De Nederlandse dichter, journalist en columnist Nico Scheepmaker werd geboren in Amsterdam op 13 november 1930. Zie ook alle tags voor Nico Scheepmaker op dit blog.

 

 

Een staande plant

 

Zul je beloven dat je ouder wordt,
ouder dan ik, omdat ik zonder jou
het leven toch als tijdverlies beschouw?
Een staande plant waarvan de bloem verdort?

Ik blijf wel leven, dat is geen probleem:
nieuwgierigheid drijft mij al jaren voort.
Maar zonder jou word ik niet meer gehoord
en raak ik van mijn eigen ik vervreemd.

Het lijkt wat egoistisch dat ik wil
dat jij als laatste van ons achterblijft,
met stilte om je heen van jou alleen.

Maar tussen jou en mij is een verschil,
want jij bent jonger, jij kunt ergens heen
waar ons verleden langzaam overdrijft.

 

 

 

 1493503-fd686aff2ab48b8d5bdfef99d7338d33.jpg

Nico Scheepmaker (13 november 1930 - 5 april 1990)

 

 

 

 

De Schotse schrijver Robert Louis Stevenson werd geboren in het Schotse Edinburgh op 13 november 1850. Zie ook alle tags voor Robert Louis Stevenson op dit blog.

 

 

An English Breeze

 

Up with the sun, the breeze arose,
Across the talking corn she goes,
And smooth she rustles far and wide
Through all the voiceful countryside.

Through all the land her tale she tells;
She spins, she tosses, she compels
The kites, the clouds, the windmill sails
And all the trees in all the dales.

God calls us, and the day prepares
With nimble, gay and gracious airs:
And from Penzance to Maidenhead
The roads last night He watered.

God calls us from inglorious ease,
Forth and to travel with the breeze
While, swift and singing, smooth and strong
She gallops by the fields along.

 

 

 

Escape at Bedtime

 

The lights from the parlour and kitchen shone out
Through the blinds and the windows and bars;
And high overhead and all moving about,
There were thousands of millions of stars.
There ne'er were such thousands of leaves on a tree,
Nor of people in church or the Park,
As the crowds of the stars that looked down upon me,
And that glittered and winked in the dark.

The Dog, and the Plough, and the Hunter, and all,
And the star of the sailor, and Mars,
These shown in the sky, and the pail by the wall
Would be half full of water and stars.
They saw me at last, and they chased me with cries,
And they soon had me packed into bed;
But the glory kept shining and bright in my eyes,
And the stars going round in my head.

 

 

 1493503-406109374a7f14faa0a2194db27e4708.JPG

Robert Louis Stevenson (13 november 1850 – 3 december 1894)

Portret door Girolamo Pieri Nerli, 1892

 

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 13e november ook mijn blog van 13 november 2011 deel 1 en eveneens deel 2 en ook deel 3.

Geschreven door Romenu om 18:54 Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten