Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
akke.beakke.be

Berichten van 23 juli 2014 tot 24 juli 2014

Dolce far niente, Frans Erens, Robert Graves, Johan Andreas dèr Mouw

 

Dolce far niente

 

 1629677-63611fb68274f21f6083c9d533a7e764.jpg
Hartjesdag op de Zeedijk door Johan Braakensiek, 1926

 

Uit: Zeedijk

“Zij was een teêre, slanke meid.
Op den Zéédijk ging ze wandelend voort.
In het vierkantig gerok der breede meiden liep ze buigend zacht; in het stevig getrap der voortschommelende matrozen, ging ze, buigend zacht als waaiend riet.
Onder de helmen diep, glommen heimelijk de oogen der stappende agenten, als waterpoelen in het ruig gestruik op de avond-hei.
Als glimwormen hel, glommen de helmen der loerende agenten.
Vijandig recht, de gezichten strak, liepen vrouwen blootshoofd en in wit gejak, langs het kalm gestap der loerende agenten.
Van rechts en links glansde kroeg aan kroeg met de rijen van flesschen der vonkelende likeuren. Van rechts en links kwam zang en spel en getrappel van dans en gespring.
Binnen ging de lieve meid, stil en met ernst.
Zij danste, danste de lieve meid, de slanke witte hand gespreid op den schouder van den dronken matroos.
Haar gezichtje zacht, geresigneerd, draaide weg tusschen de gezichten vol, wellustig-vol, slaperig-dik, lachend-dik der op- en neêr springende vrouwen.
Tusschen de vierkante meiden met de donkere rokken, die waaiden breed, als krinolinen wijd.
Vloog licht en rank, in vollen zwaai en leliewit de slanke meid.
Gloeiend heet en rood in zweet trapte ferm de sterke matroos, meênemend licht, het lichte wicht.
In den nevelenden stof, in den wirbelenden dans, in het voeten gebons, in het plompende gestomp, in het vioolgesnerp verdween, kwam op de vliegende meid.
Op de borsten en ruggen de halssnoeren klikten en tikten. De zwaar-vleezige, zwart-nagelige handen op de ruggen gespreid, kwamen op? verdwenen snel in het gezwaai en gedraai. Er tusschen door de witte hand, verdwijnend hier, verdwijnend daar.”

 

 1629677-2f0398c60b553902d4655557e9cb1e55.jpg
Frans Erens (23 juli 1857– 5 december 1936)
Plaquette in Landgraaf

 

 

De Engelse dichter en schrijver Robert Graves werd geboren in Londen (Wimbledon) op 24 juli 1895. Zie ook alle tags voor Robert Graves op dit blog.

 

A Song For Two Children

'Make a song, father, a new little song,
All for Jenny and Nancy.'
Balow lalow or Hey derry down,
Or else what might you fancy?

Is there any song sweet enough
For Nancy and for Jenny?
Said Simple Simon to the pieman,
'Indeed I know not any.'

'I've counted the miles to Babylon,
I've flown the earth like a bird,
I've ridden cock-horse to Banbury Cross,
But no such song have I heard.'

'Some speak of Alexander,
And some of Hercules,
But where are there any like Nancy and Jenny,
Where are there any like these?'

 

 

Marigolds

With a fork drive Nature out,
She will ever yet return;
Hedge the flowerbed all about,
Pull or stab or cut or burn,
She will ever yet return.

Look: the constant marigold
Springs again from hidden roots.
Baffled gardener, you behold
New beginnings and new shoots
Spring again from hidden roots.
Pull or stab or cut or burn,
They will ever yet return.

Gardener, cursing at the weed,
Ere you curse it further, say:
Who but you planted the seed
In my fertile heart, one day?
Ere you curse me further, say!
New beginnings and new shoots
Spring again from hidden roots.
Pull or stab or cut or burn,
Love must ever yet return.

 

 

Not Dead

Walking through trees to cool my heat and pain,
I know that David’s with me here again.
All that is simple, happy, strong, he is.
Caressingly I stroke
Rough bark of the friendly oak.
A brook goes bubbling by: the voice is his.
Turf burns with pleasant smoke;
I laugh at chaffinch and at primroses.
All that is simple, happy, strong, he is.
Over the whole wood in a little while
Breaks his slow smile.

 

 1629677-731bb517253fb2cfb94e9cd594944c08.jpg
Robert Graves (24 juli 1895 - 7 december 1985)

 

 

De Nederlandse dichter Johan Andreas dèr Mouw (Adwaita) werd geboren op 24 juli 1863 in Westervoort Zie ook mijn blog van 24 juli 2010 en eveneens alle tags voor Johan Andreas dèr Mouw op dit blog.

 

Langs 't meer schitterde 't vuurwerk, knal na knal

Langs 't meer schitterde 't vuurwerk, knal na knal:
De plots'ling blauwverlichte bergen schrokken,
Toen om hun scherpe toppen donderblokken
Versplinterden tot klankbonken naar 't dal;

En gouden-regens klommen naar 't heelal,
Naar de aarde wierp clematis paarse klokken;
'T leek of apotheozen samentrokken
Om ons, brandpunt van dubbel hol kristal:

Want weer droeg ons het luchtschip; en we speelden,
Twee zaligen, vangbal met sterrebeelden,
Dat Cassiopeia op je scheiding viel;

En toen ekstatisch vuur en donder rolde,
Keek ik naar jou, mijn Brünhild, mijn Isolde,
En 'k dacht: Neen, 't is geen vuurwerk; 't is haar ziel.

 

 

't Is lang geleden

I

'T is lang geleden; 'k was nog maar een kind.
Toen dacht ik: Als ik maak, dat ik nooit meer
Ondeugend ben, en dat 'k op school goed leer,
Dan word ik vast 'een kind, van God bemind'.

En - dacht ik - als ik dood ga, nou, dan vind
Ik in de lucht bij onze Lieve Heer
De mensen, waar 'k van hou, allemaal weer,
Mijn vader en mijn moeder en mijn vrind.

In ons salon, boven 't antiek buffet,
Hing aan de muur een prachtig-mooi portret,
Van hoe een moeder slaapt; ze is zeker moe;

En naast haar ligt een kindje dood in 't bed;
Een engel hangt erbij; 'k begreep niet, hoe;
En draagt het kindje naar de hemel toe.

 

 

Het hele landschap heeft de zon vertaald

Het hele landschap heeft de zon vertaald:
'T aardappelveld in niet hoog artistiek,
Maar deg'lijk proza; kleurige lyriek
Geef 't koornland in een stijl, die vlamt en straalt;

Episch in vorm, in kleur, in klank, verhaalt
De eik van zijn zonneheros in epiek;
De populieren zoeken 't in tragiek,
Hoe op 't geen hoogstreeft, 't noodlot bliksemstraalt;

Paarse ernst van groene rooie-kool herhaalt
De humor van wat klein schijnt en komiek;

Wetend wat recht is, en dat hij nooit faalt,
Knikt wijs de den welwillende kritiek -

Uit de onvertaalbare ontzag'lijke daalt
Eén lof op 't literaire mozaiek.

 

 1629677-328414b424d7c9dbd736b535af9d341b.jpg
Johan Andreas dèr Mouw (24 juli 1863 – 8 juli 1919)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 24e juli ook mijn blog van 24 juli 2012 deel 1 en ook deel 2 en eveneens deel 3.

Geschreven door Romenu om 18:48 Reageer op dit bericht

Dolce far niente, Tour de France, Frans Erens, Edwin Winkels

 

Dolce far niente - Bij de Tour de France

 

Uit: Weerzien met Indurain

“Terug naar de begrafenis van Samaranch, of de ceremonie van belangrijke mensen die vanochtend plaatsvond. Bekende gezichten kwamen voorbij en ik verheugde me bijzonder toen ineens de enige (oud-)sporter naar buiten kwam, Miguel Indurain. Dezelfde karakteristieke kop als vroeger, met die neus van een Griekse god en de diepe ogen waarin bijna nooit enige emotie te bespeuren was. Bijna elke zomer tussen 1990 en 1996 maakte ik hem dagelijks mee, tijdens onze gezamenlijke Tour de France. Hij op de fiets, ik in de auto. Ik weet het, mijn Nederlandse collega’s vonden ze doodsaai, die vijf Tours die Indurain op rij won, maar voor een verslaggever van een Spaanse krant was het de hemel op aarde: elke dag volgden we de grote favoriet van dichtbij, elke dag was er wel wat te schrijven. Oké, Indurain praat nu veel meer en losser dan hij toen deed, maar zouden we in Nederland ook klagen als een saaie en stille als Joop Zoetemelk elke keer weer vanaf de proloog de Tour naar zijn hand zou zetten? Genieten was het, de bazen gaven ons drie, vier pagina’s per dag, want de lezers vraten het. Én Indurain stelde bijna nooit teleur.

 

 1629271-95a717acd0e848953f212dd523c98b4c.jpg
Miguel Indurain

 

Gedurende één Tour schreef ik bovendien dagelijks een column over de Grote Zwijger in De Volkskrant: Heimwee naar Navarra, omdat Miguel altijd de indruk wekte zo snel mogelijk weer terug naar huis te willen. Een prachtige uitdaging natuurlijk, vanaf de eerste dag filosoferen over de gedoodverfde winnaar. Een uitgever vond de columns zelfs de moeite waard om te bundelen tot een dun boekje. Er werden, geloof ik, 867 exemplaren van verkocht; voldoende om bescheiden te blijven.
“Hoe is ‘t?” We wisselden vanochtend kort wat woorden uit, hoe het gaat in het leven. Waarom hij op de begrafenis was…. “Ja, dat hoort erbij, maar op een begrafenis ben je altijd te laat,” zei Indurain. Niets bijzonders verder. Gewoon de bescheiden sympathie van één van de grootste sporters die Spanje ooit heeft voortgebracht. Sterker nog, de eerste grote, sterke Spanjaard die het land van heel veel minderwaardigheidscomplexen afhielp.”

 

 1629271-fcb85202dc0f79a05f13ab80af55430b.jpg
Edwin Winkels (Utrecht, 1962)

 

 

De Nederlandse schrijver Frans Erens werd geboren op 23 juli 1857 in Schaesberg. Zie ook alle tags voor Frans Erens op dit blog.

Uit: Uit de Pyreneën

“Wij Europeanen hebben weinig of geen bergland, dat met de Pyreneën kan worden vergeleken. Niet de Alpen zelfs, al zijn zij hooger, geweldiger. Zij zijn meer ijzig, meer Noordpoolachtig. De Pyreneën zijn milder. De Alpen zijn niet omweven zoozeer met tallooze netten van sagen, die de Pyreneën hullen in een waas van geheimzinnig aardeleven. Eenzamer ook voelen deze bergen aan. Zij zijn niet zoo veel doorploegd door s menschen wegen. Zij zijn minder bekend, maagdelijker van aanzien. Zij zijn als een liefde-uiting der Europeesche aarde en het is als of van hen melodieën opstijgen van fijneren sferenklank. Taine heeft er iets van gevoeld, toen hij zijn boek schreef over de Pyreneën, dat hier en daar een gedicht lijkt van intellectueele stijging en daling. Meer dan in de Alpen huist hier nog de beer en de izard, de gems der Pyreneën, komt er nog dikwijls voor, al vermindert ook deze in de laatste jaren meer en meer. Ook de wolf is er nog niet uitgestorven.

 

 1629271-7de1df3d49a65327159e807071276b41.jpg
Tour de France in de Pyreneeën

 

Evenals in de Alpen kringelt de arend daar over de afgronden. Het epos dier bergen, la Chanson de Rolande heeft zijn gouden mantel gespreid langs menigen berg en in menig dal en ze bevolkt met gestalten gelijksoortig aan het land, waar zij door heen trokken. Een rijkdom van legenden stijgt op uit de diepten. Zij omwemelen, doorkruisen die luchten, spannen van top tot top hunne draden. Bouwvallen van middeleeuwsche kasteelen liggen te brokkelen in het heetbrandend zonnelicht. Op en neer gingen de tijden. Volkeren kwamen hier, die gingen van Noord naar Zuid; en ook van Zuid naar Noord togen zij hier langs om elkander te vernietigen. Dan vluchtten de autochthonen in duistere spelonken van door den mensch nog niet betreden bergpassen om betere tijden af te wachten. Zoo drijft als een eiland te midden van de zee der veelvoudige verandering het land der Basken, onaangetast door de omringende volkeren, laatst overblijfsel van een geheimzinnige vóórwereld. Waar komen ze vandaan? Welke taal is de hunne? Men weet het niet.”

 

 1629271-ae2eb58e1107e2b9ffa706e3ab1e6011.gif
Frans Erens (23 juli 1857– 5 december 1936)
Portret door Isaac Israels, rond 1900

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 23e juli ook mijn blog van 23 juli 2012 deel 1 en eveneens deel 2.

Geschreven door Romenu om 18:33 Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten