Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
akke.beakke.be

Berichten van 17 september 2014 tot 18 september 2014

85 Jaar Armando, Ton Anbeek, Michaël Zeeman, Stephan Sarek, Omer Karel De Laey

85 Jaar Armando

De Nederlandse kunstschilder, beeldhouwer, dichter, schrijver, violist, acteur, journalist, film-, televisie- en theatermaker Armando werd geboren op 18 september 1929 in Amsterdam. Zie ook mijn blog van 18 september 2010 en eveneens alle tags voor Armando op dit blog. Armado viert vandaag zijn 85e verjaardag.

 

De geur

De herinnering van geluiden,
van geuren, van bezinning
op het betoverde bestel en
het bestaan van rode bloemen.

De geur van mos,
van denkende moerassen.

Allicht de kleuren van het geschut,
naar hartelust de geur en
geuren van het verlaten plein.

De klaagzang van de takken
omarmd door de gebeurtenis,
die zelfs een geur verspreidt.

 

 

 1654188-6e33ba0d5c93a0c4dbdadad8097925f6.JPG
Armando, Das Tier, 2005

 

Bezieling

Onmiskenbaar woedt de groei,
vandaar het streven naar de oorsprong.
Is de verbazing belangrijk?
De toewijding?

Nee,
bezieling heeft een masker nodig,
benadert de harde kalmte.

 

 1654188-4cdfdef13cc5737093d147b8bb194049.jpg
Armando (Amsterdam, 18 september 1929)

 

 

De Nederlandse schrijver en letterkundige Ton Anbeek werd geboren in Ede op 18 september 1944. Zie ook mijn blog van 18 september 2010 en eveneens alle tags voor Ton Anbeek op dit blog.

Uit: De Tweede Wereldoorlog in de Nederlandse roman

“Het is vaak opgemerkt dat er tijd nodig is vóór een ingrijpende ervaring verwerkt kan worden tot een artistiek bevredigend resultaat. Die wijsheid gaat zeker op voor de eerste romans die vlak na de bevrijding verschijnen.3 Kenmerkend voor een boek als De laars op de nek (1945) van Maurits Dekker is het kaleidoscopische: de schrijver wil geen enkel aspect van de oorlog onbesproken laten. In zekere zin geldt dat ook voor Willy Corsari's populaire Die van ons dat in november 1945 verscheen en een jaar later al zijn derde druk beleefde. Toch verdient deze roman iets meer aandacht omdat hier wel degelijk een poging is gedaan om een visie op de aangrijpende gebeurtenissen te ontwikkelen. Twee opvattingen staan in dit boek tegenover elkaar, de cynische visie van de jongeman Wouter en de idealistische levensopvatting van de Jood Barach. Het standpunt van Barach is duidelijk: ‘Ik geloof ook dat niet alleen voor ons, maar voor álle volken deze beproeving [d.i. de oorlog] een reiniging moet worden, dat alle volken hieruit beter, zuiverder, idealistischer moeten te voorschijn komen en als dat niet gebeurt, zal alles vergeefs zijn geweest wat nu geleden wordt.’4 Dat Corsari dit standpunt (de oorlog als zuivering) deelt, blijkt uit het motto van Vondel dat ze aan de roman meegeeft.5 De jonge Wouter gaat daar tegen in. Als Barach stelt dat de diepere zin van de oorlog is dat daaruit een betere wereld zal groeien, merkt hij cynisch op: ‘Ik vrees dat de mensen uit deze oorlog verwilderd en gedemoraliseerd te voorschijn zullen komen en nog materialistischer dan ooit tevoren.’6 Even verder lijkt het of een van de latere helden van Hermans aan het woord is: ‘Ik beweer dat het niet de moeite waard is te sterven voor het ideaal van een betere wereld en nog minder, er voor te leven’. Barach, de idealist, sterft in Bergen-Belsen, maar verliest tot het einde toe zijn geloof niet; hij is de enige die zijn menswaardigheid weet te bewaren.
Wouter versus Barach, of: cynisme tegenover idealisme, dat is een tegenstelling die men in veel literaire teksten over de oorlog kan terugvinden. Om die reden is Corsari's roman m.i. nog de moeite waard. Men beschouwde overigens deze vlot vertelde en dus veelgelezen roman - het was de ‘reddingsboei’ waar de jonge uitgeverij De Bezige Bij de eerste naoorlogse jaren op dreef'7 - niet als het meest geslaagde literaire produkt in deze begintijd. (Vooral als Corsari kosmopolitische vrouwen beschrijft, dampt de goedkope parfum van de bladzij.) De meest bejubelde literaire tekst over de oorlog was in deze periode ongetwijfeld het oorlogsdagboek van Bert Voeten,
Doortocht.”

 

 1654188-5a957030b21e5df2c60049ed0e4a647a.jpg
Ton Anbeek (18 september 1944)

 

 

De Nederlandse dichter, schrijver, journalist en literair criticus Michaël Zeeman werd geboren op Marken op 18 september 1958. Zie ook mijn blog van 18 september 2010 en eveneens alle tags voor Michaël Zeeman op dit blog.

 

Niets nagelaten

Het huis is leeg. Het tocht er.
Ramen ingewaaid, behang in rafels:
de huid van een geschonden dode,
begraven in resten van kleren.
Rondom onbenoemde planten.
 
Boven zanikt de wind door
het dak de lucht smaakt
naar schimmel naar water naar
wegterend hout naar bederf.
 
Al wat ik beweeg is een slag
in het duister een willekeurige
stap op een trom, leeg en met
veel te veel nadruk.
 
In het bleke papier drukte
de zon portretten, meubels,
een kruis, boven de kachel
de vorm van een spiegel.
 
Naast de deur hervind ik
tussen mijn knie en mijn dij
de vrijwel aantoonbare plek.
 
Een kind zonder kamer,
mij bekend van een foto
die ik niet bewaard heb.
 
Een karkas dat nog een winter staat
de sporen al niet meer van mensen -
wat ik er weet weet ik niet zeker daar.

 

 1654188-4f877d66433262bf4daea82e2a8db42e.jpg
Michaël Zeeman (18 september 1958 - 27 juli 2009)
Cover 

 

 

De Duitse dichter en schrijver Stephan Sarek werd geboren op 18 september 1957 in Berlijn. Zie ook mijn blog van 18 september 2010 en eveneens alle tags voor Stephan Sarek op dit blog.

 

Weiße Schwäne
(für Katrin)

Weiße Schwäne auf den Feldern,
deren Flug die Welt umspannt.
Zwischen Ankunft, Sein und Gehen,
gelingt uns kaum, sie zu verstehen,
was sie treibt, ist unbekannt.

Welches Wesen schlägt da Flügel
meterweit in weißer Pracht?
Das sich hebt auf festen Schwingen,
Menschen würde nie gelingen,
was dem Schwane zugedacht.

Welche Freude sie uns machen,
wenn kein Zwang ihr Leben lenkt,
wenn wir sie nicht an uns binden
und sie ihre Freiheit finden,
haben wir uns selbst beschenkt.

Und wie beim Schwan erscheint mir manchmal,
daß auch der Mensch ein Rätsel bleibt.
Weil niemand seine Freiheit kennt,
sein Binden nicht und was ihn trennt
und unbekannt ist, was ihn treibt.

So ist der Flug des Schwanes
gleich des Menschen Lebensweg.
Mal tief bewußt, mal unbedacht,
auf Straßen voller Glitzerpracht
und mal auf dunklem Steg.

Dem Schwane wünsch ich guten Flug
und stets ein reiches Feld.
Und dir wünsch ich nicht Gold noch Macht,
nur Mut und stete Engelswacht
und alles Beste dieser Welt.

 

 1654188-3f7d2a6f237543438d290bd596d7c5dc.jpg
Stephan Sarek (Berlijn, 18 september 1957)

 



De Vlaamse dichter, toneelschrijver en essayist Omer Karel De Laey werd geboren in Hooglede op 18 september 1876. Zie ook mijn blog van 18 september 2010 en eveneens alle tags voor Omer Karel De Laey op dit blog.

 

Schaakspel

's Avonds, achter 't linnen windschut,
zaten, in 'n koude cel,
twee gestrenge paters, naast 'n
druipend waslicht, aan het spel.

Tegen 't schaakbord, op de tafel,
lag 'n dik getijdenboek,
met 'n hoornen snuifdoos nevens
en 'n rode zakneusdoek.

't Kampte. De elpenbenen stukken
dreigend vóór malkaar gesteld,
kruisten lijk 'n legerbende,
't wit en zwart gevierkant veld.

Een der paters draalde zenuwachtig,
rond z'n gladde kin,
met z'n lange, mager vingers
en misschoof z'n koningin.

Hij verloor en, monklend, gaf 'n
kopergroene, slechte duit,
en de winner, wederjonstig,
stak zijn hoornen snuifdoos uit.

 

 1654188-8f52f1ccaf33088a72bf21c3ef084ef7.jpg
Omer Karel De Laey (18 september 1876 - 16 december 1909)
Cover

Zie voor nog meer schrijvers van de 18e september ook mijn blog van 18 september 2011 deel 1 en eveneens deel 2 en ook deel 3.

Geschreven door Romenu om 19:18 Reageer op dit bericht

H.H. ter Balkt, William Carlos Williams, Ken Kesey, Abel Herzberg, Dilip Chitre

De Nederlandse dichter H.H. (Herman Hendrik) ter Balkt werd geboren in Usselo op 17 september 1938. Zie ook mijn blog van 17 september 2010 en eveneens alle tags voor H. H. Ter Balkt op dit blog.

 

De asielschepen in de Waalhaven

Mualec Deng Wone bleef in Sudan waar honger
groeide met gele stengels, en naar 't noorden,
naar de grijze Waal, vluchtte uit Derwenta weg
in Bosnië, Edith Poljac met haar ouders.

Nabij Asjkelon uit Gaza, kwam Youssef Nasr,
Palestijn: allen om de Waal te zien, golven
in het kustland bij de groene zee, vele honderden
aan boord van drie uitvarende schepen op de Waal.

Ver weg de Syrische grens voor Zohier Hashem
en Rima, ginds is het gevaar, eentonigheid
loopt hier de hondenwacht - ver weg de grote brand.

Negensnarige harp is de klotsende rivier.
De brug, de aken van en naar de grens op weg;
door een maïsveld ritselen voeten en stemmen.

 

 

Bij de zoute gong

Dof, inwisselbaar, bedaard, kil, onverkwikkelijk,
vilein, twistziek, gekromd, mistig, grofbesnaard,
sleepte geklauwd, berekenend, boosaardig, listig,
eeuwenlang leven zich voort naast de zoute gong

Ingekeerd, uitgeworpen stoomden ijzer- en brons-
tijd zeer op hun hoede, rauw en somber, ongezouten
wetten in de ruwwandige kookpotten aan de zee...;
dommelend reden voerlui aan op dommelende wegen;

mist, dichte regens, dempten de stemmen, dempten
de harten; moede, laagstaande zon bescheen zwak-
rood, geluidswallen van riet en druppelend lover

Grauw de wielen van de wagens op de bodem van lege
wegen; 'koude kleren draagt 't land', zong 't lied
van de zwepen; bij de zoute gong van de zee

 

 

Ode aan de gierpomp

De gierpomp is van groen geweest ijzer, hij heft
opzij van de meststal zijn lelijke tronie
en levert zoetstof en specerij voor de grond.

Vrolijk vloekende driekleur wappert goedgemutst
zijn kruidige vleug boven 't schuw reservoir
dat de uiterste gunst bewaart van 't vee.

Ja als een waaier ja groen als jade, Japans
zal straks de schuimende gier uit de trechter
wuivend op de weide toestromen, de heel gulzige eter.

Ha! De bourgondische gier in zijn kakstoel op wielen
houdt weldra zijn intocht, goudregen strooit hij
voor het dunne gras voor de verpauperde halm

die eieren versmaadt, hoe mooi groen ook; uitbundig
juicht hij de gierkar toe op zijn triomfreis,
beide bleek van de winter nog: Leve de gier!

 

 1653679-c5a75691270ae65ad45937855bc8c3dd.JPG
H.H. ter Balkt (Usselo, 17 september 1938)

 

 

De Amerikaanse dichter William Carlos Williams werd geboren in Rutherford (New Jersey) op 17 september 1883. Zie ook mijn blog van 17 september 2010 en eveneens alle tags voor William Carlos Williams op dit blog.

 

April

If you had come away with me
into another state
we had been quiet together.
But there the sun coming up
out of the nothing beyond the lake was
too low in the sky,
there was too great a pushing
against him,
too much of sumac buds, pink
in the head
with the clear gum upon them,
too many opening hearts of lilac leaves,
too many, too many swollen
limp poplar tassels on the
bare branches!
It was too strong in the air.
I had no rest against that
springtime!
The pounding of the hoofs on the
raw sods
stayed with me half through the night.
I awoke smiling but tired.

 

 

The Hunter

In the flashes and black shadows
of July
the days, locked in each other's arms,
seem still
so that squirrels and colored birds
go about at ease over
the branches and through the air.

Where will a shoulder split or
a forehead open and victory be?

Nowhere.
Both sides grow older.

And you may be sure
not one leaf will lift itself
from the ground
and become fast to a twig again.

 

 

Poem (As the cat)

As the cat
climbed over
the top of

the jamcloset
first the right
forefoot

carefully
then the hind
stepped down

into the pit of
the empty
flowerpot

 

 

 1653679-a4ff30ecfd4e437b4bd549173b8fa848.jpg
William Carlos Williams (17 september 1883 - 4 maart 1963)
Portret door  Emmanuel Romano, 1959

 

 

De Amerikaanse schrijver Ken Kesey werd geboren in La Junta (Colorado) op 17 september 1935. Zie ook mijn blog van 17 september 2010 en eveneens alle tags voor Ken Kesey op dit blog.

Uit: One Flew Over the Cuckoo's Nest

“They showered me this morning at the courthouse and last night at the jail. And I swear I believe they'd of washed my ears for me on the taxi ride over if they coulda found the vacilities. Hoo boy, seems like everytime they ship me someplace I gotta get scrubbed down before, after, and during the operation. I'm gettin' so the sound of water makes me start gathering up my belongings. And get back away from me with that thermometer, Sam, and give me a minute to look my new home over; I never been in a Institute of Psychology before.'
The patients look at one another's puzzled faces, then back to the door, where his voice is still coming in. Talking louder'n you'd think he needed to if the black boys were anywhere near him. He sounds like he's way above them, talking down, like he's sailing fifty yards overhead, hollering at those below on the ground. He sounds big. I hear him coming down the hall, and he sounds big in the way he walks, and he sure don't slide; he's got iron on his heels and he rings it on the floor like horseshoes. He shows up in the door and stops and hitches his thumbs in his pockets, boots wide apart, and stands there with the guys looking at him.
'Good mornin', buddies.'
There's a paper Halloween bat hanging on a string above his head: he reaches up and flicks it so it spins around.
'Mighty nice fall day.'
He talks a little the way Papa used to, voice loud and full of hell, but he doesn't look like Papa; Papa was a full-blood Columbia Indian -a chief – and hard and shiny as a gunstock. This guy is redheaded with long red sideburns and a tangle of curls out from under his cap, been needing cut a long time, and he's broad as Papa was tall, broad across the jaw and shoulders and chest, a broad white devilish grin, and he's hard in a different kind of way from Papa kind of the way a baseball is hard under the scuffed leather. A seam runs across his nose and one cheekbone where somebody laid him a good one in a fight, and the stitches are still in the seam.”

 

 1653679-fc75e71debed48484480106d2e92f495.jpg
Ken Kesey (17 september 1935 – 10 november 2001)
Cover

 

 

De Nederlandse toneel- en kroniekschrijver en essayist Abel Herzberg werd geboren in Amsterdam op 17 september 1893. Zie ook mijn blog van 17 september 2010 en eveneens alle tags voor Abel Herzberg op dit blog.

Uit: Drie rode rozen

 

Fragment

Want alles is fragment
Al door het zeggen van het woord  
Deelt men, scheidt men en schendt
Het alomvattende, dat men niet kent,
Dat ik aanwezig weet of alleen maar vermoed,
Dat ik niet uitspreken kan en toch uitspreken moet,
Dat mij beheerst en mij te luisteren gebiedt.
Maar als ik zoek en luister, dan vind ik het niet. 

Een troost blijft:

Er is in ieder woord een woord,
Dat tot het onuitspreekbare behoort;
Er is in ieder deel een deel
Van het ondeelbare geheel,
Gelijk in elke kus, hoe kort,
Het hele leven meegegeven wordt. 

 

 

Alles wat wij zijn

Alles wat wij zijn,
wat wij zien, ervaren, zeggen, beleven en doen
is fragment.
Maar er is geen fragment
of de ziel van al wat leeft
is daarin tot uiting gekomen.
Er is geen moment zonder eeuwigheid.
geen sterfelijk wezen, hoe mismaakt of welgevormd het ook mag zijn,
waarin niet de onsterfelijke schepping is geopenbaard.
Geen weldaad, geen misdaad, geen geest en geen stof, geen grens en geen duur
of het is bestanddeel van de eenheid van het bestaan.
Deze Eenheid is God,
En wij,
fragmenten als wij zijn en fragmenten die wij maken,
zijn niet in staat hem in beeld of in woord
en zelfs niet in gedachten te vatten.
En wij verlangen dat -
wij hunkeren ernaar.
Wij zijn niet tevreden met het fragment,
wij moeten de Eenheid beleven.

 

 1653679-faba20b804f3f2c72a95cfd3743419e4.jpg
Abel Herzberg (17 september 1893 - Amsterdam, 19 mei 1989)
Hier met zijn vrouw


 

De Indiase dichter, schrijver, schilder en regisseur Dilip Purushottam Chitre werd geboren op 17 september 1938 in Baroda. Zie ook mijn blog van 17 september 2010 en eveneens alle tags voor Dilip Chitre op dit blog.

 

Father Returning Home

My father travels on the late evening train
Standing among silent commuters in the yellow light
Suburbs slide past his unseeing eyes
His shirt and pants are soggy and his black raincoat
Stained with mud and his bag stuffed with books
Is falling apart. His eyes dimmed by age
fade homeward through the humid monsoon night.
Now I can see him getting off the train
Like a word dropped from a long sentence.
He hurries across the length of the grey platform,
Crosses the railway line, enters the lane,
His chappals are sticky with mud, but he hurries onward.
Home again, I see him drinking weak tea,
Eating a stale chapati, reading a book.
He goes into the toilet to contemplate
Man's estrangement from a man-made world.
Coming out he trembles at the sink,
The cold water running over his brown hands,
A few droplets cling to the greying hairs on his wrists.
His sullen children have often refused to share
Jokes and secrets with him. He will now go to sleep
Listening to the static on the radio, dreaming
Of his ancestors and grandchildren, thinking
Of nomads entering a subcontinent through a narrow pass.

 

 

Your First Lover

An early wake-up call
your first lover
touches your shoulder
the rain has stopped
at last
a faint breeze
blows moisture
on your eyes

 

 

 1653679-547112c99eb1870c3f7729e96ff8aa5e.jpg
Dilip Chitre (17 september 1938 – 10 december 2009)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 17e september ook mijn blog van 17 september 2011 deel 2.

Geschreven door Romenu om 15:52 Reageer op dit bericht

Piet Gerbrandy

De Nederlandse dichter, essayist en classicus Piet Gerbrandy werd geboren in Den Haag op 17 september 1958.Gerbrandy studeerde van 1976 tot 1984 klassieke talen en vergelijkende indo-europese taalwetenschap te Leiden en doceert Klassiek en Middeleeuws Latijn aan de Universiteit van Amsterdam. Hij schrijft vertalingen, essays, gedichten en poëzierecensies. Hij heeft onder andere de Institutio Oratoria van Marcus Fabius Quintilianus uit het Latijn vertaald. In 1993 begon hij met het schrijven van essays voor het weekblad De Groene Amsterdammer; in 1996 werd hij poëzierecensent bij de Volkskrant. In 2007 verscheen zijn boek “Het feest van Saturnus. De literatuur van het heidense Rome”, en in 2008 een door hem in het weekblad Opinio begonnen publieke gedachtewisseling met de rechtsfilosoof Andreas Kinneging in de vorm van achtmaal twee brieven, “Het goede leven”. Gerbrandy promoveerde in 2009 op een proefschrift over de poëzie van H.H. ter Balkt en Jacques Hamelink. Hij was tot 2004 leraar klassieke talen in het middelbaar onderwijs in onder andere Groenlo (Marianum) en in zijn woonplaats Winterswijk. Gerbrandy is de kleinzoon van de voormalige minister-president, Pieter Sjoerds Gerbrandy. Zie ook alle tags voor Piet Gerbrandy op dit blog.

 

Twee jongens kloven stammen, stoken brand

Pan, tot de rand gepompt water, een anker,
zanger van butsen sist op geblakerde staven.

Steken droog hout in de stapel, brengen de koude
tot kook, vatten smoezelig weefsel, zij tillen
het bijna ontilbare op.

Rennen dan rond met wat ziedt, roepen
woest van gevaarlijk plezier. En de vrouwen,

de jonge, van blozende benen, van stro
in bruisende vlechten, hoe schrikken,
hoe snaterend slaan zij op vlucht.

Spil hitte, giet baarlijke wel in hartgrondige put.

 

 

Geen griepje, nee liever steriele

Geen griepje, nee liever steriele
slangen door de neus, haperende
symbolen op een schermpje, op de walkman

die doorschreeuwt als ik niet meer hoor,
My Favourite Things. Zo wil ik dat het gaat:
weloverwogen en onopgemerkt.

Anonymous, particulier verzekerd.

 

 

 1674867-b03799b892ee3ca9bdfe960424a6e98c.jpg
Piet Gerbrandy (Den Haag, 17 september 1958)

Geschreven door Romenu om 00:00 Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten