Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
akke.beakke.be

Berichten van 17 oktober 2014 tot 18 oktober 2014

Kees Fens, Ntozake Shange, Heinrich von Kleist, Raymond Brulez, Jan Erik Vold

De Nederlandse literatuurcriticus, essayist en letterkundige Kees Fens werd geboren in Amsterdam op 18 oktober 1929. Zie ook mijn blog van 18 oktober 2010 en eveneens alle tags voor Kees Fens op dit blog.

Uit: Uren, dagen, jaar

“Uitgezonderd de eerste zin, die om enkele trekken aan het begin van een jongensboek doet denken en om enkele andere redenen wat vreemd is, is de eerste alinea van De avonden van Gerard Kornelis van het Reve karakteristiek voor het hele boek, in zoverre die alinea opgebouwd is uit de drie elementen die het hoofdmateriaal vormen voor de afzonderlijke hoofdstukken en door de onderlinge gelijkenis van die hoofdstukken van de hele roman: beschrijving, monoloog (subs. dialoog) en droom: ‘Het was nog donker, toen in de vroege morgen van de tweeëntwintigste december 1946 in onze stad, op de eerste verdieping van het huis Schilderskade 66, de held van deze geschiedenis, Frits van Egters, ontwaakte. Hij keek op zijn lichtgevend horloge, dat aan een spijker hing. “Kwart voor zes”, mompelde hij, “het is nog nacht.” Hij wreef zich in het gezicht. “Wat een ellendige droom”, dacht hij. “Waar ging het over?” Langzaam kon hij zich de inhoud te binnen brengen. Hij had gedroomd, dat de huiskamer vol bezoek was. “Het wordt dit weekeind goed weer”, zei iemand. Op hetzelfde ogenblik kwam een man met een bolhoed binnen. Niemand lette op hem en hij werd door niemand begroet, maar Frits bekeek hem scherp. Opeens viel de bezoeker met een zware bons op de grond.’
In de eerste zin wordt de hoofdpersoon geleidelijk in tijd en plaats benaderd. Er heeft een duidelijke verbijzondering plaats, totdat de hoofdfiguur met voor- en achternaam is genoemd. Opvallend is, dat een precisering aanwezig is die in de rest van het boek ontbreekt. Er worden geen data meer genoemd en ‘Schilderskade’ is de enige straatnaamvermelding in het boek (behalve de indirecte vermelding in het woord ‘Middenwegwind’, door Frits' moeder gebruikt). Het hele boek door loopt Frits langs naamloze straten, grachten en pleinen. Al bij de eerste grote wandeling in het eerste hoofdstuk ziet men de voor De avonden kenmerkende wijze van routebeschrijving: ‘Hij sloeg bij de rivier links af en ging over de granieten oeverrand lopen. Hij liep een brug met dikke stenen balustrades over, volgde de andere oever, passeerde een brede, drukke straat en sloeg tenslotte de straat langs een gracht in, aan welks begin pakhuizen stonden.’ De positie van de beschrijver is hier gewijzigd: in de eerste zin een verteller, die overziet en meer weet, is hij nu een registrator.”

 

 1667262-df9aa4d0b9af8f0e9eab37e55a2edec8.jpg
Kees Fens (18 oktober 1929 - 14 juni 2008)
Kunstwerk in de Chasséstraat in Amsterdam

 

 

 

De Amerikaanse dichteres en schrijfster Ntozake Shange werd geboren als Paulette Williams op 18 oktober 1948 in Trenton, New Jersey. Zie ook mijn blog van 18 oktober 2008 ook mijn blog van 18 oktober 2009.

 

Blood Rhythms - Blood Currents - Black N' Blue Stylin' (Fragment)

(French sugar-beet farmers, overwhelmed by mulatto competitors, plastered Europe's cities with advertisements proclaiming: 'Our sugar is not soiled with black blood.' A popular Afro-Cuban saying is: 'Sugar is made with blood,' while in the South of the United States, cane growers processed natural sugar 'to get the nigger out.')

Fragrant breezes in the South
melt to melodies round small fires
mount tree limbs
with bodies black
and swayin' black n croonin'
songs of sunsets
comin' from the fields bawdy
brazen
hard to put yr finger on
like the blues
like the strum of guitars on dark damp

southern nights
hard to put your finger on
like screams in the black bloody southern soil
sweet black blood echoin' thru the evenin' service
grindin' by the roadhouse door
sweet black blood
movin' with slow breath

outta breath
young negroes run to pick up a bale of cotton
run to flee southern knights
crosses bare blazin' signals black bloods
gone runnin'
for Chicago
for the hollow
for the C.C. Rider
for the new day sweet
blocked melodies ache in young girls' throats
rip thru their lips like the road to freedom was lit
all lit up with the grace of God and
Sears Tower
the Ford plane and Pontiac's vision
all lit up sleek fires
sheddin' the haunts of poll taxes and test questions like
where is America
cost a finger
a ear
a heart
a teardrop fallin' from the saggin' front porch
to the project stairway
from the water fountain to the chain gang

 

 1667262-a96b27381a29c3bc74d7fe631abcea5e.jpg
Ntozake Shange (Trenton, 18 oktober 1948)

 

 

De Duitse dichter en schrijver Heinrich von Kleist werd geboren op 18 oktober 1777 in Frankfurt an der Oder. Zie ook mijn blog van 18 oktober 2010 en eveneens alle tags voor Heinrich von Kleist op dit blog.

Uit: Die heilige Cäcilie

„Um das Ende des sechzehnten Jahrhunderts, als die Bilderstürmerei in den Niederlanden wütete, trafen drei Brüder, junge in Wittenberg studierende Leute, mit einem vierten, der in Antwerpen als Prädikant angestellt war, in der Stadt Aachen zusammen. Sie wollten daselbst eine Erbschaft erheben, die ihnen von Seiten eines alten, ihnen allen unbekannten Oheims zugefallen war, und kehrten, weil niemand in dem Ort war, an den sie sich hätten wenden können, in einem Gasthof ein. Nach Verlauf einiger Tage, die sie damit zugebracht hatten, den Prädikanten über die merkwürdigen Auftritte, die in den Niederlanden vorgefallen waren, anzuhören, traf es sich, daß von den Nonnen im Kloster der heiligen Cäcilie, das damals vor den Toren dieser Stadt lag, der Fronleichnamstag festlich begangen werden sollte; dergestalt, daß die vier Brüder, von Schwärmerei, Jugend und dem Beispiel der Niederländer erhitzt, beschlossen, auch der Stadt Aachen das Schauspiel einer Bilderstürmerei zu geben. Der Prädikant, der dergleichen Unternehmungen mehr als einmal schon geleitet hatte, versammelte, am Abend zuvor, eine Anzahl junger, der neuen Lehre ergebener Kaufmannssöhne und Studenten, welche, in dem Gasthofe, bei Wein und Speisen, unter Verwünschungen des Papsttums, die Nacht zubrachten; und, da der Tag über die Zinnen der Stadt aufgegangen, versahen sie sich mit Äxten und Zerstörungswerkzeugen aller Art, um ihr ausgelassenes Geschäft zu beginnen. Sie verabredeten frohlockend ein Zeichen, auf welches sie damit anfangen wollten, die Fensterscheiben, mit biblischen Geschichten bemalt, einzuwerfen; und eines großen Anhangs, den sie unter dem Volk finden würden, gewiß, verfügten sie sich, entschlossen keinen Stein auf dem andern zu lassen, in der Stunde, da die Glocken läuteten, in den Dom. Die Äbtissin, die, schon beim Anbruch des Tages, durch einen Freund von der Gefahr, in welcher das Kloster schwebte, benachrichtigt worden war, schickte vergebens, zu wiederholten Malen, zu dem kaiserlichen Offizier, der in der Stadt kommandierte, und bat sich, zum Schutz des Klosters, eine Wache aus; der Offizier, der selbst ein Feind des Papsttums, und als solcher, wenigstens unter der Hand, der neuen Lehre zugetan war, wußte ihr unter dem staatsklugen Vorgeben, daß sie Geister sähe, und für ihr Kloster auch nicht der Schatten einer Gefahr vorhanden sei, die Wache zu verweigern. Inzwischen brach die Stunde an, da die Feierlichkeiten beginnen sollten, und die Nonnen schickten sich, unter Angst und Beten, und jammervoller Erwartung der Dinge, die da kommen sollten, zur Messe an.

 

 1667262-d05a9d5d046f79a09d6f1d06881d20c5.jpg
Heinrich von Kleist (18 oktober 1777 - 21 november 1811)
Portret door Anton Graff, rond 1808

 

 

De Belgische schrijver Raymond Brulez werd geboren te Blankenberge op 18 oktober 1895. Zie ook mijn blog van 18 oktober 2010 en eveneens alle tags voor Raymond Brulez op dit blog

Uit: De fatsoenlijke faun

“Getrouw aan het stipte uurrooster dat een bevoegde specialist voor haar had opgesteld, luierde mejuffer Lydie in een hangmat die men in de hygiënische nabijheid van het dennewoud gespannen had. Het was er een zorgvuldig gedoseerde atmosfeer van lichtelijk getemperde bestraling of, zoo ge wilt, bezonde schaduw. Van uit haar moede hand was een roman gegleden en, zooals het boek daar opengebladerd lag in het gras, vormde het waarachtig een reusachtige hal, die enkele patrouilleerende mieren dadelijk ontdekten, in beslag namen en voor hun godsdienstige plechtigheden als een nieuwe kerk meenden in te richten. Trouwens, de illustraties die het werk versierden, konden tevens uitstekend dienen als wandschilderijen en plastische voorstellingen van een esoterischen cultus.
Doorheen luie, luifelende wimpers, schouwde de juffer naar de heide die langsheen den woudzoom, tot aan den verren einder een licht deinend oppervlak uitstrekte dat door de hittetrillende atmosfeer nog misvormd werd, zooals een landschap dat men door een venster van slecht geblazen glas bekijkt. Dit bar panorama kon eigenlijk wel voor praehistorisch doorgaan, ware het niet dat ook hier de sociale orde en de prophylactische hygiëne vertegenwoordigd zijn in den vorm van een plakkaat genageld op den bast van een getormenteerden dennestam, plakkaat dat, wegens monden klauwzeer, het verkeer aan hoornvee, varkens en pluimgedierte verbiedt.
Had de Faun Tirsyas deze gemeentelijke verordening niet gelezen of oordeelde hij dat, vermits zijn horentjes toch zorgvuldig verscholen zaten in zijn welige haarkrullen zijn persoon niet onder dit verbod viel? Het feit was dat, van tusschen twee opengespreide ligustrumstruiken, hij met begrijpelijke ontroering, voor het eerst van zijn leven, een vrouwelijk exemplaar van het menschenras aanschouwde....”

 

 1667262-534b8a5aa45474065e401cf4a05c8844.jpg
Raymond Brulez (18 oktober 1895 – 17 augustus 1972)

 

 

De Noorse dichter, vertaler en musicus Jan Erik Vold werd geboren op 18 oktober 1939 in Oslo. Zie ook mijn blog van 18 oktober 2010 en eveneens alle tags voor Jan Erik Vold op dit blog.

 

Elk

     

1
You may call me an
elk. I am
no elk but I have
the patience

endurance
strength
of an
elk – an elk’s goodnaturedness. I kick hard

but seldom.
Only
when
necessary.

     

2
You see me
on
road signs
by the wood’s edge, under

the thundering skies
of an oil
painting, outlined against a Canadian
sun

set.
But I dwell
some
place
else.

     

3
That I live
in a story
by Tarjei
Vesaas. With a long neck

and an eager
muzzle that knows where to look
for the juicy
part of the bark. I’m

not to be
fooled
by the highway’s
tiny and tempting mirrors.

     

4
Yes, there is
a bull’s eye. Not always

where you’d expect
it.

 

 1667262-4d680fea43c584d44ecdf25e2c1a63d8.jpg
Jan Erik Vold (Oslo, 18 oktober 1939)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 18e oktober ook mijn vorige blog van vandaag.

Geschreven door Romenu om 14:05 Reageer op dit bericht

Terry McMillan, Wendy Wasserstein, Rick Moody, Pierre Choderlos de Laclos, Koos Dalstra

De Afrikaans - Amerikaanse schrijfster Terry McMillan werd geboren op 18 oktober 1951 in Port Huron, Michigan. Zie ook alle tags voor Terry McMillan op dit blog en ook mijn blog van 18 oktober 2009 en ook mijn blog van 18 oktober 2010.

Uit: A Day Late and A Dollar Short

“All of a sudden he got allergies. Was always sneezing and sniffling. He said it was the smog. But I wasn't born yesterday. He just kept at it. Said he couldn't help it if folks was always giving him stuff to fix or things he didn't even ask for. Like that stereo that didn't work. Or them old tools that turned out to be from Miss Beulah's garage. Was I accusing him of stealing from Miss Beulah? Yes I was. Lewis was always at the wrong place at the wrong time, like in 1978 while he waited for Dukey and Lucky to come out of a dry cleaner's with no dry cleaning and they asked him to "Floor it!" and like a fool he did and the police chased their black asses all the way to the county jail. For the next three years, Lewis made quite a few trips back and forth to that same gray building, and then spent eighteen months in a much bigger place. But he wasn't a good criminal, because, number one, he always got caught; and, number two, he only stole shit nobody needed: rusty lawnmowers, shovels and rakes, dead batteries, bald tires, saddles, and so on and so forth.
Every time he got caught, all I did was try to figure out how could somebody with an IQ of 146 be so stupid? His teachers said he was a genius. Especially when it came to math. His brain was like a calculator. But what good did it do? I'm still waiting for the day to come when all them numbers add up to something. Something musta happened to him behind them bars, 'cause ever since then - and we talking twelve, thirteen years ago - Lewis ain't been right. In the head. He can't finish nothing he start. Sometime he don't even start. Fortunately, he ain't been back to jail except for a couple of DUIs, and he did have sense enough to stop fooling around with that dope after so many of his friends OD'd. Now all he do is smoke reefa, sit in that dreary one-bedroom apartment drinking a million ounces of Old English, and play chess with the Mexicans.”

 

 1667257-17042adf320eec16ced8b4449cbb8985.jpg
Terry McMillan (Port Huron, 18 oktober 1951)

 

 

De Amerikaanse schrijfster Wendy Wasserstein werd geboren op 18 oktober 1950 in New York. Zie ook alle tags voor Wendy Wasserstein op dit blog en ook mijn blog van 18 oktober 2009 en ook mijn blog van 18 oktober 2010.

Uit: Shiksa Goddess

“She handed me the lacrosse stick while I made a mental note to find out what Sam Waterston was doing for the High Holy Days. “This was Harry’s lacrosse stick, which he used the year he was expelled from Hotchkiss,” she said. “He made me promise to give it to the first Wasserstein relative I met in Palm Beach. He said it was inevitable that one of you people would show up here!” She winked and left the room.
Good or bad news had always made me hungry. But for the first time in my life I needed a drink. Maybe she was onto something.
That week, I began eating chicken sandwiches with mayo on white bread, no crust, and getting full after two bites. For the first time in my life, I wrote in to the Mount Holyoke Quarterly: “Am looking to buy thirty-year-old Saab car and to apologize to all the Holyoke girls named Timothy and Kikky, whom I never spoke to. I now know you were very interesting people.”
I began wearing faded cardigan sweaters and canceled all appointments for massages, pedicures, and exploratory liposuction. I gave up on my complicated relationship with a married Jewish Malaysian vibes player and learned to enjoy the company of a divorced asexual friend from Amherst who studies pharmaceutical stocks for J. P. Morgan. I began running ten miles every morning and sculling down the Hudson nightly. My approval ratings with my friends have gone up fifteen points.
But I was still, as I used to say in Yiddish, “nit ahin nit aher,” or, as I now say in the Queen’s English, “neither here nor there.”
That was when I decided to go on a listening tour of Fishers Island. I wanted to really hear the stories of my new Wasp ancestors, learn to make their cocktails, and wear their headbands. I want to live up to my true destiny and announce to the world how great it is to be goyisheh like me.”

 

 1667257-69ba85240bc6ef71b88cafddb2b980e4.jpg
Wendy Wasserstein (18 oktober 1950 – 30 januari 2006)

 

 

De Amerikaanse schrijver Rick Moody werd geboren op 18 oktober 1961 in New York. Zie ook alle tags voor Rick Moody op dit blog en ook mijn blog van 18 oktober 2009 en ook mijn blog van 18 oktober 2010

Uit: The Four Fingers Of Death

“Since it had become commonplace on the broadbands of our nation to feature talk show hosts with cleft palates, homunculi, or other disfigurements, and since the advent of so-called reality telethons featuring learning-disabled persons (a rapidly growing demographic sector of the populace), it was only a matter of time before a professional sport became interested in a more democratic conception of the human physique.
You may remember: the very first "enhanced" baseball player was a journeyman relief pitcher named Dave McClintock, of Columbus, OH. (He later became known in the press as "Three-in- One" McClintock, presumably because his synthetic parts needed lubrication to achieve maximum bionic effect.) McClintock was horsing around with his roommate after a minor league game — they were on their way to a disreputable watering hole outside Bridgeport, CT — when McClintock, according to later accounts, leaned out of the window of his roommate's rental vehicle in order to jeer at some comely transgender streetwalkers. In the course of attempting to persuade McClintock to get back into the car, his roommate struck an oncoming military transport vehicle. This roommate was killed instantly. McClintock was thrown clear of the collision, his pitching arm sundered from him.
Another ballplayer, deprived of this extremity, which by reason of extensive fracturing could not be reattached, would have retired to the subdivisions of southern Ohio and spent his time shooting at squirrels using high-amperage Tasers from his collection of weaponry. Dave McClintock wasn't this kind of a ballplayer. McClintock, by his own account, "just wasn't good at much else." While he recovered in the ICU of the local hospital, he pondered his fate.
McClintock wasn't this kind of a ballplayer. McClintock, by his own account, "just wasn't good at much else." While he recovered in the ICU of the local hospital, he pondered his fate.“

 

1667257-1cbde98d7ddd087dae7e1fcc21489bca.jpg
Rick Moody (New York, 18 oktober 1961)

                                     

 

De Franse schrijver Pierre Choderlos de Laclos werd geboren in Amiens op 18 oktober 1741. Zie ook mijn blog van 18 oktober 2010 en eveneens  alle tags voor Pierre Choderlos de Laclos. 

Uit: Les liasons dangereuses

« Tout occupé de trouver les moyens de profiter de l'effet qu'avait produit l'événement du jour, je gardais le même silence. Madame de Rosemonde seule parlait et n'obtenait de nous que des réponses courtes et rares. Nous dûmes l'ennuyer: j'en avais le projet, et il réussit. Aussi, en descendant de voiture, elle passa dans son appartement, et nous laissa tête à tête ma Belle et moi, dans un salon mal éclairé; obscurité douce, qui enhardit l'amour timide.
Je n'eus pas la peine de diriger la conversation où je voulais la conduire. La ferveur de l'aimable Prêcheuse me servit mieux que n'aurait pu faire mon adresse. "Quand on est si digne de faire le bien, me dit-elle, en arrêtant sur moi son doux regard: "Comment passe-t-on sa vie à mal faire? - Je ne mérite, lui répondis-je, ni cet éloge, ni cette censure; et je ne conçois pas qu'avec autant d'esprit que vous en avez, vous ne m'ayez pas encore deviné. Dût ma
confiance me nuire auprès de vous, vous en êtes trop digne, pour qu'il me soit possible de vous la refuser, vous trouverez la clef de ma conduite dans un caractère malheureusement trop facile. Entouré de gens sans moeurs, j'ai imité leurs vices; j'ai peut-être mis de l'amour propre à les surpasser. Séduit de même ici par l'exemple des vertus, sans espérer de vous atteindre, j'ai au moins essayé de vous suivre. Eh! peut-être l'action dont vous me louez aujourd'hui perdrait-elle tout son prix à vos yeux, si vous en connaissiez le véritable motif! (vous voyez, ma belle amie, combien j'étais près de la vérité.) Ce n'est pas à moi, continuai-je, que ces malheureux ont dû mes secours." 

 

 1667257-abd2437c9639f96e5b5cf72b7a9095c9.jpg
Pierre Choderlos de Laclos (18 oktober 1741 – 5 september 1803)
Cover

 

 

De Nederlandse dichter en beeldend kunstenaar Koos Dalstra werd geboren in Leeuwarden op 18 oktober 1950. Zie ook alle tags voor Koos Dalstra op dit blog en ook mijn blog van 18 oktober 2010.

 

Het regent

Alle meisjes nat
Alle meisjes natgemaakt
Alle meisjes naakt gemaakt

Het regent ouderdom
Het regent oud & stom
De vorst valt in
De vorstin valt in slaap

Het regent namen
Het regent namens mij
Na men kom ik weer
Aan de beurt
Na hem kom jij
Voor men dan jullie
Voor jij na hem komt
Komen jullie
In de regen

Hij nam een vrouw
Hij had haar bijna
Nat gemaakt
Hij nam een woman
Uit manhattan

Een neger maakte haar
Weer wit
Een neger met een
Regenwit
Gebit

 

 1667257-1df612d780dca18618a9da05c86e9e03.jpg
Koos Dalstra (Leeuwarden, 18 oktober 1950)

Geschreven door Romenu om 14:05 Reageer op dit bericht

Jan Wagner

De Duitse dichter, schrijver en vertaler Jan Wagner werd geboren op 18 oktober 1971 in Hamburg. Wagner studeerde Engels aan de Universiteit van Hamburg, aan het Trinity College (Dublin) en de Humboldt Universiteit van Berlijn, waar hij afstudeerde met een scriptie over de nieuwste generatie Anglo-Ierse dichters. In 1995 begon hij samen met Thomas Girst met de publicatie van de Internationale Poëzie box “Die Außenseite des Elementes”. Deze offset druk bestond uit een collectie inlegvellen gepresenteerd werden en waarbij de lezer verzocht werd om de documenten naar eigen goeddunken te archiveren. Deze offsetdruk bevatte hedendaagse Perzische en Nederlandse poëzie. Model voor dit project stond Marcel Duchamps losbladige collectie. Sinds de publicatie van de eerste dichtbundel in 2001 werkt Wagner als freelance schrijver, redacteur en vertaler van Engels en Amerikaans. Gedichten werden in tal van bloemlezingen (waaronder Der Große Conrady) en literaire tijdschriften (Akzente, BELLA triste, Sinn und Form, Zwischen den Zeilen) gepubliceerd. Als criticus werkte Wagner voor de Frankfurter Rundschau en andere kranten, alsook voor de omroep. Sinds 2009 is hij lid van de Beierse Academie voor Schone Kunsten, sinds 2010 de Academie van Wetenschappen en Letteren, Mainz, de Duitse Academie voor Taal en Literatuur in Darmstadt en het PEN Center Duitsland.

 

der veteranengarten

„Again he fighting with his foe, counts o'er his scars,
Tho' Chelsea's now the seat of all his wars,
And fondly hanging on the lengthening tale,
Reslays his thousands o'er a mug of ale.“
– Sir John Soane, Inschrift im Summerhouse
des Royal Hospital, London  –

die veteranen wachsen aus dem gras
empor in ihren ehrenuniformen;
die schweren messingknöpfe blinzeln matt
ins späte licht des nachmittags zurück.
sie wachsen aus dem gras wie in den mythen
das heer der ausgesäten drachenzähne.

die veteranen zeigen ihre zähne
auf fotos, die so braun wie altes gras
geworden sind – vergilbter noch als mythen.
der kampf, sagt jener grieche, ist der formen
beginn, und alles führt zu ihm zurück.
die veteranen steigen auf das matt-

erhorn ihrer erinnerung, das matt
im gegenlicht erstrahlt. die falschen zähne,
die längst schon in der ebene zurück-
geblieben sind. fast unbemerkt im gras
die enkel, glücklich mit geringsten formen
des spiels - ein gegensatz zum kaum bemühten

versuch der veteranen, sich beim mythen-
umrankten spiel der könige ins matt
zu setzen. (die die weißen steine formen
benutzen elfenbein und walroßzähne.)
im veteranengarten wächst das gras.
die schnecke gleitet in ihr haus zurück.

die veteranen denken oft zurück
und kaum nach vorne. so entstehen mythen.
die enkelkinder spielen auf dem gras
in das die kameraden bissen, matt
vom kampf. zu leben heißt: man muß die zähne
zusammenbeißen. und das schicksal formen.

die schwestern tragen weiße uniformen
und sind doch warm. sie rollen sie zurück
ins haus wenn erste sterne ihre zähne
entblößen, und ein ganzes heer von mythen
folgt ihnen auf die zimmer. wo es matt
war vom gewicht erhebt sich nun das gras.

die dunklen formen wandern übers gras –
man mag an zähne denken. oder mythen.
der könig bleibt zurück in seinem matt.

 

 

 1735972-52bd75ef36d94f0a1f81af5be0ffc346.jpg
Jan Wagner (Hamburg, 18 oktober 1971)

Geschreven door Romenu om 00:00 Reageer op dit bericht

Simon Vestdijk, Georg Büchner, Miguel Delibes, Arthur Miller, Nel Noordzij, Emanuel Geibel

De Nederlandse schrijver Simon Vestdijk werd geboren in Harlingen op 17 oktober 1898. Zie ook mijn blog van 17 oktober 2010 en eveneens alle tags voor Simon Vestdijk op dit blog.

Uit: Meneer Visser’s hellevaart

“De gedaante in de hoek, waarmee Visser zich vreemd verbonden voelde, verrees langzaam en strompelde naar het rechterraam, één arm achteruit, alsof ze zich op de lucht steunen wilde. Links, op de vensterbank, zat de jongen met zijn handen aan de spijlen naar buiten te kijken. ‘Vader, daar loopt een hondje tussen die meneer z’n benen,’ – maar niemand antwoordde. Was hij het soms, Willem Visser, die iemand in de weg liep? Was hij naakt? Had hij iets gebroken, iets verzet? Het kon ook de gedaante in de hoek zijn, voor het raam zijn – pas op, straks valt ze eruit!! – die dat gedaan had. Ze was zo mager, dat men gedurig vlak  naast haar keek; met het glas rammelde ze mee, en nu zat ze er ineens helemaal binnenin, zodat men wel door haar heenkijken moest. Ze was ouder dan de apotheek aan de overkant, – maar jonger dan de wolken. ‘Oom, ik ben uw broer, en moeder geeft vader de hik aan jou…’ Boem, boem, tsjing! De muziek, die nu óók in het glas zat, vormde allerlei trillingsfiguren van het fijn glippende zand, dat over het venster heen schoot en het geheel bedekken ging: duizend sterren!… Visser wilde vluchten uit deze wereld die hem benauwde, hij sloeg zijn arm om de gedaante heen, stond op een strand, reed op een dwars over het Schoolplein gespannen touw, – hoorde touwtrekken dan bij een optocht als deze? – voelde onder zich, achter zich, voor zich alweer de gedaante, die, in een te ruim schort meeschommelde, – en ontwaakte plotseling, in een steile zwaai naar het licht toe, met een gevaarlijk schokkend gevoel in zijn onderlijf, terwijl in zijn kaak die eigenaardige trekking zat, die hij kende van nóg vroeger: sluipend, weerbarstig, onontkoombaar, alsof met traag geweld de tanden naar buiten werden gebogen. Hij wist niet op welke van de twee gewaarwordingen hij het meest letten moest. Zijn voorhoofd was klam. Angst even… Onder de dekens kruipen?… Maar reeds toonde de kamer hem het rustig gebloemd behang, waar hij zo vaak overheen was gereisd, ’s ochtends, of op zomeravonden. Alles werd vertrouwd. Hij herkende zichzelf. Zijn ademhaling welbewust overnemend van het gedienstige lijf, vergewiste hij zich met voldoening, dat er niets gebeurd was. Niet eens nodig m’n hand uit te steken, een kramp, niets van betekenis… Ellendig scheurend gevoel altijd. Pijnlijk. Beter bij me houden. Vijf weken al… Verduiveld, nu klopt ’t hart ook weer anders, dat wou ik juist aan Touraine… Eén, twéé, en dan een dof bonzend sprongetje… Toktokbóém… Zou ’t dan tóch niet in orde zijn?… Aambeien niet erg pijnlijk nu, niet zwaar… Droom?…”

 

 1666929-ec3136a4bbc06861a5f8700c2381b4e3.jpg
Simon Vestdijk (17 oktober 1898 – 23 maart 1971)
Standbeeld in Doorn, ontworpen door Jaap te Kiefte

 

 

De Duitse schrijver Georg Büchner werd geboren op 17 oktober 1813 in Goddelau. Zie ook mijn blog van 17 oktober 2010 en eveneens alle tags voor Georg Büchner op dit blog.

Uit: Der Hessische Landbote

„Dies Geld ist der Blutzehnte, der von dem Leib des Volkes genommen wird. An 700,000 Menschen schwitzen, stöhnen und hungern dafür. Im Namen des Staates wird es erpreßt, die Presser berufen sich auf die Regierung und die Regierung sagt, das sei nötig die Ordnung im Staat zu erhalten. was ist denn nun das für gewaltiges Ding: der Staat? Wohnt eine Anzahl Menschen in einem Land und es sind Verordnungen oder Gesetze vorhanden, nach denen jeder sich richten muß, so sagt man, sie bilden einen Staat. Der Staat also sind Alle; die Ordner im Staat sind die Gesetze, durch welche das Wohl Aller gesichert wird, und die aus dem Wohl Aller hervor gehen sollen. – Seht nun, was man in dem Großherzogtum aus dem Staat gemacht hat; seht was es heißt: die Ordnung im Staate erhalten! 700,000 Menschen bezahlen dafür 6 Millionen, d.h. sie werden zu Ackergäulen und Pflugstieren gemacht, damit sie in Ordnung leben. In Ordnung leben heißt hungern und geschunden werden.
Wer sind denn die, welche diese Ordnung gemacht haben, und die wachen, diese Ordnung zu erhalten? Das ist die Großherzogliche Regierung. Die Regierung wird gebildet von dem Großherzog und seinen obersten Beamten. Die anderen Beamten sind Männer, die von der Regierung berufen werden, um jene Ordnung in kraft zu erhalten. Ihre Anzahl ist Legion: Staatsräte und Regierungsräte, Landräte und Kreisräte, Geistliche Räte und Schulräte, Finanzräte und Forsträte u.s.w. mit allem ihrem Heer von Sekretären u.s.w. Das Volk ist ihre Herde, sie sind seine Hirten, Melker und Schinder; sie haben die Häute der Bauern an, der Raub der Armen ist in ihrem Hause; die Tränen der Witwen und Waisen sind das Schmalz auf ihren Gesichtern; sie herrschen frei und ermahnen das Volk zur Knechtschaft. Ihnen gebt ihr 6,000,000 fl. Abgaben; sie haben dafür die Mühe, euch zu regieren; d.h. sich von euch füttern zu lassen und euch eure Menschen- und Bürgerrechte zu rauben. Sehet was die Ernte eures Schweißes ist.“

 

 1666929-d4234efbc960c37d13950a7e876c652b.jpg
Georg Büchner (17 oktober 1813 - 19 februari 1837)
Geboortehuis in Goddelau in Hessen

 

 

De Spaanse schrijver Miguel Delibes werd op 17 oktober 1920 in Valladolid geboren. Zie ook mijn blog van 17 oktober 2010 en eveneens alle tags voor Miguel Delibes op dit blog

Uit: Der Ketzer (Vertaald door Lisa Grüneisen)

"Wußtet Ihr, daß aufgrund der Bibelzensur, die vor drei Jahren in Valladolid eingeführt wurde, über hundert verschiedene Ausgaben des Buchs der Bücher zurückgezogen werden mußten, meistenteils solche von protestantischen Autoren??' Kapitän Berger lächelte, und seine Zähne leuchteten im Dunklen. 'Wir Schiffskapitäne sind Experten auf diesem Gebiet. In den letzten zwanzig Jahren leben wir in ständiger Angst. Im Jahre 1528 habe ich zweihundert Exemplare einer dieser Bibeln , von denen Ihr sprecht, in zwei Fässer versteckt nach Santona gebracht. Es ist nichts geschehen. Damals waren Fässer noch unverdächtig. Heute kommt ein Buch in einem Faß einer Bombe gleich.' 'Und wann hat sich die Lage verändert?' 'Im Jahre 1530 gelangten zehn große Fässer mit Büchern an Bord dreier venezianischer Galeassen nach Valencia. Man fing sie ab, und der Fund erregte die Aufmerksamkeit der Inquisition. Unter den Schriften befanden sich Dutzende der schärfsten Werke Luthers, alles, was er auf der Wartburg geschrieben hat. Die Inquisition veranstaltete ein wahres Autodafé. Die Kapitäne der Galeassen wurden gefangengesetzt, und auf dem Marktplatz der Stadt gingen unter dem begeisterten Johlen des leseunkundigen Volkes Hunderte von Büchern auf einem gewaltigen Scheiterhaufen in Flammen auf. Die Inquisition ist stets auf große Schmuggelpartien aus, um daraus ein Volksschauspiel zu machen.' Die stille, sternklare Nacht lud ein zu vertrautem Gespräch. Salcedo rührte sich nicht. Er wartete darauf, daß Kapitän Berger weitersprach. Er war sich dessen gewiß und wartete ab, während er ihm in die Augen sah. 'Bücherverbrennungen sind in Spanien zur Normalität geworden'; sagt dieser schließlich.' Über jene von Salamanca spricht man heute noch. Die kultivierteste Stadt der Welt verbrennt die Mittler der Kultur - das ist und bleibt ein Widerspruch... Salcedo lächelte schwach. 'Die Inquisition', sagte er, 'wird immer unerbittlicher. Jetzt sollen die Priester die Gläubigen bei der Beichte dazu anhalten, jene zu denunzieren, die verbotene Bücher verstecken. Wer sich weigert, erhält die Absolution nicht. Weder die Bischöfe noch der König sind ausgenommen."

 

 1666929-26e6d3cb715390cc0dfc5bf4476a7790.jpg
Miguel Delibes (Valladolid, 17 oktober 1920)

 

 

De Amerikaanse toneelschrijver Arthur Miller werd geboren in New York op 17 oktober 1915. Zie ook mijn blog van 17 oktober 2010 en eveneens alle tags voor Arthur Miller op dit blog.

Uit: A View from the Bridge

“Enter Alfieri, a lawyer in his fifties turning gray; he is portly, good-humored, and thoughtful. The two pitchers nod to him as he passes. He crosses the stage to his desk, removes his hat, runs his fingers through his hair, and grinning, speaks to the audience.
Alfieri
You wouldn’t have known it, but something amusing has just happened. You see how uneasily they nod to me? That’s because I am a lawyer. In this neighborhood to meet a lawyer or a priest on the street is unlucky. We’re only thought of in connection with disasters, and they’d rather not get too close.
I often think that behind that suspicious little nod of theirs lie three thousand years of distrust. A lawyer means the law, and in Sicily, from where their fathers came, the law has not been a friendly idea since the Greeks were beaten.
I am inclined to notice the ruins in things, perhaps because I was born in Italy . . . I only came here when I was twenty-five.
In those days, Al Capone, the greatest Carthaginian of all, was learning his trade on these pavements, and Frankie Yale himself was cut precisely in half by a machine gun on the corner of Union Street, two blocks away. Oh, there were many here who were justly shot by unjust men. Justice is very important here.
But this is Red Hook, not Sicily. This is the slum that faces the bay on the seaward side of Brooklyn Bridge. This is the gullet of New York swallowing the tonnage of the world. And now
we are quite civilized, quite American. Now we settle for half, and I like it better. I no longer keep a pistol in my filing cabinet.
And my practice is entirely unromantic."

 

 1666929-662c94212b575224520bdee223437244.jpg
Arthur Miller (17 oktober 1915 – 10 februari 2005)
Scarlett Johanssen (Catherine) en Liev Schreiber (Eddie) in een uitvoering op Broadway

 

 

De Nederlandse schrijfster en dichteres Nel Noordzij (Eig. Pieternella Margaretha Breevoort-Noordzij) werd geboren in Rotterdam op 17 oktober 1923. Zie ook mijn blog van 17 oktober 2010 en eveneens alle tags voor Nel Noordzij op dit blog.

 

De eenzame nacht

En nu, nu de nacht merkwaardigerwijs
donkerder zich voordoet, weet:
hij meent het niet. Hij is als alle nachten
zwart, misschien heet, misschien,
misschien ondoorgrondelijkerwijs heter
dan alle andre nachten, maar hij meent
het niet. Geloof mij! Ik ken de nacht
beter dan alle slapelozen.
Niets moet, niets hoeft, de nacht wil
niemand manen, hij wil zelf slapen gaan en
boze vrienden vergeten:
de vorigen, de volgenden, – zacht ligt hij aan
Uw zijde, zonder vragen. Hij ligt
en draagt het duister als een zomer
in ‘t verschiet, hij fluistert:
luister, wij zijn altijd samen,
vergeet elk en-zo-voort der dagen,
maar mij, vergeet mij niet, ik kan
mijn eenzaam nachtzijn
slecht verdragen.

 

 1666929-c6e4f6c2d8be17d8fcecf7bddf61d704.jpg
Nel Noordzij (17 oktober 1923 – 7 september 2003)

 

 

De Duitse dichter en schrijver Emanuel Geibel werd geboren op 17 oktober 1815 in Lübeck. Zie ook mijn blog van 17 oktober 2010 en eveneens alle tags voor Emanuel Geibel op dit blog.

 

Sei getrost

Sei getrost, und ob die Stunden
Rascher Jugend dir verweht!
Hast du doch in dir gefunden,
Was unalternd fortbesteht:
Kannst du ringend doch gestalten,
Was der Geist dir reichlich gibt,
Kannst im Lied die Liebe halten -
Selig ist, wer schafft und liebt.

Nimmer nun des Segels Schwinge
Stell' ich aus ins weite Meer;
Denn gewaltig zieht die Dinge
Frommer Liebeszwang mir her.
Alle Wunder, die ich ferne
Suchte, trägt der Heimat Schoß;
Und so segn' ich meine Sterne,
Und so preis' ich still mein Los.

 

 

Herbstlieder - II

Ach, in diesen blauen Tagen,
Die so licht und sonnig fließen,
Welch ein inniges Genießen,
Welche stillverklärte Ruh'!
Heiter ist das Blut gezügelt,
Leichter Schlaf und klarer Morgen
Wissen nichts von bangen Sorgen,
Und die Seele schweift beflügelt
Jeder lieben Stelle zu.

Ach, in diesen blauen Tagen,
Die wie Wellen so gelinde
Mich ins Leben weiter tragen,
Muß ich hoffen, muß ich fragen,
Ob ich nie dich wiederfinde,
Liebling meiner Seele du!

 

 1666929-0a72b38846e59f22b07b26139101c459.jpg
Emanuel Geibel (17 oktober 1815 - 6 april 1884)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 17e oktober ook mijn blog van 17 oktober 2011 deel 1 en eveneens deel 2.

Geschreven door Romenu om 18:52 Reageer op dit bericht

Mark Gatiss

De Engelse schrijver, acteur en komiek Mark Gatiss werd geboren op 17 oktober 1966 in Sedgefield.
Al in zijn jeugd was Gatiss geïnteresseerd in Arthur Conan Doyles 'Sherlock Holmes’, de werken van HG Wells en de tv-serie Doctor Who. In 1992 publiceerde hij zijn eerste Doctor Who verhaal “Nightshade”, er volgden er nog drie. Ook schreef hij zijn eerste scenario's en hoorspelen. Als acteur, werd hij in de Engels sprekende wereld bekend door het komische kwartet The League of Gentlemen, waartoe hij behoort, samen met Reece Shearsmith, Steve Pemberton en Jeremy Dyson. Hun programma won in 1997 de Perrier Award op het Edinburgh Festival Fringe. In hetzelfde jaar ontstond een komische radio-serie, “The League of Gentlemen” en twee jaar later ontstond een tv-serie. In 2005 kwam de film The League of Gentlemen's Apocalypse als een spin-off van de tv-serie in de bioscopen. In de BBC-miniserie Jekyll speelde hij in 2007 de schrijver Robert Louis Stevenson.  Samen met Moffat, ontwikkelde hij het concept van de succesvolle BBC TV-serie Sherlock, waarin ze Arthur Conan Doyle 'verhalen overbrengen naar de moderne tijd. Naast Benedict Cumberbatch en Martin Freeman speelt hij sinds het begin van de reeks Sherlock Holmes’ broer Mycroft Holmes. Hij werkte ook als uitvoerend producent en schreef eerder voor elk seizoen zijn eigen scenario (The Great Game, De Hond van de Baskervilles en De lege doodskist). Sinds 2014 is Gatiss te zien in de tv-serie Game of Thrones, waarin hij Tycho Nestoris speelt. In verband met Doctor Who en de League of Gentlemen heeft Mark Gatiss verschillende boeken gepubliceerd. In 2004 publiceerde hij de eerste Lucifer Box roman Namens “The Vesuvius Club”.De trilogie werd voortgezet met “The Devil In Amber en eindigde met “Black Butterfly”.

 Uit: The Vesuvius Club

“I have always been an appalling judge of character. It is my most beguiling virtue.
What, then, did I make of the Honourable Everard Supple whose likeness I was conjuring on to canvas in my studio that sultry July evening?
He was an imposing cove of sixty-odd, built like a pugilist, who had made a fortune in the diamond mines of the Cape. His declining years, he'd told me during the second sitting - when a client begins to thaw a mite - were to be devoted entirely to pleasure, principally in the gaming houses of the warmer and naughtier parts of Europe. A portrait, in his opinion (and his absence), would be just the thing to hang over the vast baronial fireplace in the vast baronial hall he had recently lavished a hundred thou' upon.
The Supples, it has to be said, were not amongst the oldest and most distinguished families in the realm. Only one generation back from the Honourable Everard had been the less than honourable Gerald who had prospered only tolerably in a manufactory of leather thumb-braces. Son and heir had done rather better for himself and now to add to the title (of sorts) and the fake coat of arms being busily prepared across town he had his new portrait. This, he told me with a wheezy chuckle, would convey the required air of old-world veracity. And if my painting were any good (that hurt), perhaps I might even be interested in knocking up a few carefully aged canvases of his ancestors?
Supple blinked repeatedly, as was his habit, one lid lingering over his jade-irised glass eye (the left one) as I let myself imagine him tramping into the studio in doublet and hose, all in the name of family honour.
He cleared his throat with a grisly expectoration and I realized he'd been addressing me. I snapped out of my reverie and peeped around the side of the canvas. I've been told I peep rather well."

 

 1823988-d8657efb13e09c9e74315917911042bf.jpg
Mark Gatiss (Sedgefield.17 oktober 1966)

Geschreven door Romenu om 00:00 Reageer op dit bericht

Tom Rachman

 

Onafhankelijk van geboortedata

De Engelse schrijver Tom Rachman werd geboren in Londen in 1974 en groeide op in Vancouver, Rachman studeerde film aan de Universiteit van Toronto, daarna journalistiek aan Columbia University in New York. In 1998 trad hij toe tot de Associated Press als een desk editor buitenland in New York, werd toen correspondent in Rome in 2002. Hij schreef artikelen vanuit o.a. India, Turkije, Japan, Zuid-Korea, Sri Lanka, Egypte, België, Groot-Brittannië. Van 2006 tot 2008 was hij redacteur bij de International Herald Tribune in Parijs. Zijn artikelen verschenen in The New York Times, The Wall Street Journal, The Guardian, Slate en en The New Statesman. Hij woont in Londen. Tom Rachman publiceerde twee romans, "The Rise & Fall of Great Powers" (2014) en "The Imperfectionists" (2010), een internationale bestseller, die is vertaald in 25 talen.

Uit:The Imperfectionists

“Lloyd shoves off the bedcovers and hurries to the front door in white underwear and black socks. He steadies himself on the knob and shuts his eyes. Chill air rushes under the door; he curls his toes. But the hallway is silent. Only high-heeled clicks from the floor above. A shutter squeaking on the other side of the courtyard. His own breath, whistling in his nostrils, whistling out.
Faintly, a woman's voice drifts in. He clenches his eyelids tighter, as if to drive up the volume, but makes out only murmurs, a breakfast exchange between the woman and the man in the apartment across the hall. Until, abruptly, their door opens: her voice grows louder, the hallway floorboards creak - she is approaching. Lloyd hustles back, unlatches the window above the courtyard, and takes up a position there, gazing out over his corner of Paris. She taps on his front door.
"Come in," he says. "No need to knock." And his wife enters their apartment for the first time since the night before. He does not turn from the window to face Eileen, only presses his bald knees harder into the iron guardrail. She smoothes down the back of his gray hair. He flinches, surprised to be touched.
"Only me," she says.
He smiles, eyes crinkling, lips parting, inhaling as if to speak. But he has no reply. She lets go.
He turns finally to find her seated before the drawer where they keep old photographs. A kitchen towel hangs from her shoulder and she wipes off her fingers, damp from peeled potatoes, dishwashing liquid, diced onions, scented from mothballed blankets, soil from the window boxes - Eileen is a woman who touches everything, tastes all, digs in. She slips on her reading glasses.
"What are you hunting for in there?" he asks.
"Just a picture of me in Vermont when I was little. To show Didier." She rises, taking a photo album with her, and stands by the front door. "You have plans for dinner, right?"

 

 1675024-78dbc236e17470c315006729cf91be5e.jpg
Tom Rachman (Londen, oktober 1974)

Geschreven door Romenu om 00:00 Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten