Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
akke.beakke.be

Berichten van 29 oktober 2014 tot 30 oktober 2014

Jan Van Loy, Fjodor Dostojevski, Ezra Pound, Paul Valéry, Georg Heym

De Vlaamse schrijver Jan Van Loy werd op 30 oktober 1964 geboren te Herentals, in de Antwerpse Kempen. Zie ook alle tags voor Jan Van Loy op dit blog.

Uit: Veertig jaar liefde

“[23 september 1961]
Lieve dochter, In de eerste plaats verontschuldig ik mij voor de aanhef, die u ongetwijfeld heeft doen schrikken. Ik ben uw ‘natuurlijke’ vader. Zo zegt men dat, geloof ik. De manier waarop ik en uw moeder u in het leven riepen, was volkomen ‘natuurlijk’. De mensen die u kent als uw ouders, zijn goede mensen die uw ouders wilden zijn, wat men noemt uw ‘civielrechtelijke’ ouders, geloof ik. Als wij de beschaving erkennen, dan hebben zij meer recht van spreken dan de natuur, maar aangezien u zeventien jaar bent, hebben zij al veel met u gesproken, vermoed ik. Nu zou ik eens iets willen zeggen.
Deze brief dient om u alles uit te leggen. Houdt hem voor uzelf. Er zijn redenen waarom hij getypt is, niet ondertekend, niet gepost waar ik woon of werk. Voorlopig kunt u mij niet terugschrijven, laat staan ontmoeten — als u dat na het lezen van deze brief nog zou willen. Het is niet veilig, in elk geval.
Schaamte heeft mij ervan weerhouden u te schrijven, maar ze is overwonnen door de drang — de plicht, zou een hypocriet zeggen — om u mee te delen waar gij vandaan komt. Hoe dan ook, ik wil u inlichten over uw ‘natuurlijke’ afkomst, die volgens de leer van de erfelijkheid bepaalt wie iemand is. ‘Opvoeding’ heeft steeds meer aanhangers, maar ik geloof niet dat ‘vlees en bloed’ de persoonlijkheid ongerept kan laten.
Als uw natuurlijke vader, ben ik dus trots wanneer ik verneem dat u één jaar vroeger dan op de gewoonlijke leeftijd gaat studeren aan de universiteit van Gent, proficiat. Ik weet ook dat gij zijt opgevoed door ‘twee simpele werkmensen’, zoals ze zichzelf zouden voorstellen en zoals ik ze mij zonder schamperheid eveneens voorstel.
Wees gerust, ik heb uw dagboek niet gelezen. Wat ik over u weet, is niet zo moeilijk te weten te komen. En ofschoon ik u heb moeten achterlaten, ben ik uw spoor altijd blijven volgen. Jawel.”

 

 1672661-a7b3f2f41822b37f3338e16819b92f7b.jpg
Jan Van Loy (Herentals, 30 oktober 1964)

 

 

De Russische schrijver Fjodor Michajlovitsj Dostojevski werd geboren ergens tussen 30 oktober en 11 november 1821 in Sint Petersburg. Zie ook mijn blog van 30 oktober 2010 en eveneens alle tags voor Fjodor Dostojevski op dit blog.

Uit: De Gebroeders Karamazow

“En juist in die tijd stak in het noorden, in Duitsland, een gruwelijke nieuwe ketterij de kop op. “Een reusachtige ster, als een toorts (dat is dus de Kerk) viel neer in de bronnen van de stromen en het water werd bitter.” Deze ketterijen begonnen godslasterlijk de wonderen te ontkennen. Maar zij die trouw bleven aan het geloof, geloofden alleen nog maar vuriger. De tranen van de mensheid rezen als voorheen naar Hem op, de mensen verwachtten zijn komst, hadden Hem lief, hoopten op Hem en hunkerden ernaar net als tevoren voor Hem te lijden en te sterven. Hoeveel eeuwen had de mensheid met een vurig geloof gebeden: “O Heer onze God, kom spoedig”; zoveel eeuwen hadden tot Hem geroepen, opdat Hij zich in zijn oneindige barmhartigheid zou verwaardigen tot zijn dienaren neer te dalen. Hij was al eerder neergedaald. Hij was aan enkele heiligen, martelaren en kluizenaars verschenen, zoals we in hun levensbeschrijvingen kunnen lezen. Bij ons aan Tyutchev, die heilig in zijn eigen woorden geloofde, en getuigt, dat onder de last van het Kruis, in een slavische dracht,

De Hemelse Koning, uitgeput en afgetobd
Onze moeder, Rusland, kwam  zegenen,
En Hij trok zwervend door het land.
En ik verzeker u, dat het zo was.

"En zie, één ogenblik verwaardigde Hij zich aan het volk te verschijnen, aan de gefolterden, aan de lijdenden, aan de in zonden vervallenen, die Hem desondanks kinderlijk liefhadden. Mijn verhaal speelt zich in Spanje af, in Sevilla, in de gruwelijke tijd van de Inquisitie, toen ter ere van God elke dag de brandstapels oplaaiden, en “in de luisterrijke auto-da-fe de goddeloze ketters werden verbrand.”

 

 1672661-1b9a3334d83f95a80c8b26d03798c1e6.jpg
Fjodor Dostojevski (30 oktober 1821 - 9 februari 1881)

 

 

De Amerikaanse dichter Ezra Pound werd geboren in Hailey, Idaho op 30 oktober 1885. Zie ook mijn blog van 30 oktober 2010 en eveneens alle tags voor Ezra Pound op dit blog.

 

Middle-Aged

‘Tis but a vague, invarious delight
As gold that rains about some buried king.

As the fine flakes,
When tourists frolicking
Stamp on his roof or in the glazing light
Try photographs, wolf down their ale and cakes
And start to inspect some further pyramid;

As the fine dust, in the hid cell
Beneath their transitory step and merriment,
Drifts through the air, and the sarcophagus
Gains yet another crust
Of useless riches for the occupant,
So I, the fires that lit once dreams
Now over and spent,
Lie dead within four walls
And so now love
Rains down and so enriches some stiff case,
And strews a mind with
precious metaphors,

And so the space
Of my still consciousness
Is full of gilded snow,

The which, no cat has eyes enough
To see the brightness of.

 

 

Nicotine
Hymn to the Dope

Goddess of the murmuring courts,
Nicotine, my Nicotine,
Houri of the mystic sports,
trailing-robed in gabardine,
Gliding where the breath hath glided,
Hidden sylph of filmy veils,
Truth behind the dream is veiléd
E'en as thou art, smiling ever, ever gliding,
Wraith of wraiths, dim lights dividing
Purple, grey, and shadow green
Goddess, Dream-grace, Nicotine.

Goddess of the shadow's lights,
Nicotine, my Nicotine,
Some would set old Earth to rights,
Thou I none such ween.
Veils of shade our dream dividing,
Houris dancing, intergliding,
Wraith of wraiths and dream of faces,
Silent guardian of the old unhallowed places,
Utter symbol of all old sweet druidings,
Mem'ry of witched wold and green,
Nicotine, my Nicotine:

Neath the shadows of thy weaving
Dreams that need no undeceiving,
Loves that longer hold me not,
Dreams I dream not any more,
Fragrance of old sweet forgotten places,
Smiles of dream-lit, flit-by faces
All as perfume Arab-sweet
Deck the high road to thy feet

As were Godiva's coming fated
And all the April's blush belated
Were lain before her, carpeting
The stones of Coventry with spring,
So thou my mist-enwreathéd queen,
Nicotine, white Nicotine,
Riding engloried in they hair
Mak'st by-road of our dreams
Thy thorough-fare.

 

 1672661-f6d9c00020f7d04cace65628711d3ac9.jpg
Ezra Pound (30 oktober 1885 - 1 november 1972)
Portret door Eugene Paul Ullmann, 1909 

 

 

De Franse dichter en schrijver Paul Valéry werd geboren op 30 oktober 1871 in Sète Zie ook mijn blog van 30 oktober 2010 en eveneens alle tags voor Paul Valéry op dit blog.

 

Die Schläferin

Welches Geheimnis da in der jungen Freundin glüht vor sich hin,-
Seele, die einer Blume Duft durch die sanfteste Maske genießt?
Aus was für nichtiger Nahrung erschließt
ihre arglose Wärme das Schimmern der Schläferin?
 
Atem, Traum, Schweigen -, unbezwingliche Stille, drin
du den Sieg hast, Friede, der stärker als Weinen fließt,
wenn der volle Schlaf, der sich ernsthaft und breit ergießt, -
einer solchen Feindin bewältigt den Eigensinn.
 
Schläferin: Hingabe, Schatten und Goldes ein Hauf,
aber dein furchtbares Ruhn tut so große Begabungen auf,
langhin, o Hindin, bei einer Traube gestreckte,
 
daß, wird die Seele, dir fern, auch im Hades betroffen,
doch deine lautere Form, die ein Arm wie im Fließen verdeckte,
wacht; sie wacht deine Form, und meine Augen sind offen.
 

 

 

Die Granaten

Halboffne Granaten, beengte,
die fast schon die Körner verlieren,
ihr seid mir wie Stirnen, von ihren
Gedanken gewaltig gesprengte!

Wenn Sonnen, die ihr ertruget,
euch also zum Hochmut geraten,
daß ihr, ihr geklafften Granaten,
rubinere Wände durchschluget,

und wenn eine Kraft es gewollt,
daß der Rinde trockenes Gold
über saftroten Steinen zerspringe,

so rührt sich in mir vor dem Spalt
eine meinige Seele der Dinge
und ihrer geheimen Gestalt.

 

Vertaald door Rainer Maria Rilke

 

 1672661-3dcd988652abe71bc4ee955694fc9d01.jpg
Paul Valéry (30 oktober 1871 – 20 juli 1945)
Zelfportret, z.j.

 


De Duitse dichter Georg Heym werd geboren op 30 oktober 1887 in Hirschberg. Zie ook mijn blog van 30 oktober 2010 en eveneens alle tags voor Georg Heym op dit blog.

 

Ein Herbst-Abend

Du bist in einem alten Park geboren
Des Düfte, schwarz von Ulmen und Zypressen,
In deine Tage frühe Schatten warfen.

Warum sind sonst so traurig deine Wimpern
In dunkele Melancholie verloren
Wie an dem Herbstweg eines Blinden Harfen.

In Trauerweiden bist du einst gegangen,
Die vorbedeutend deinen Scheitel schlugen,
Und zittern sahst du dich in tiefen Bronnen.

Aus ihren Büschen, wenn die Schwestern riefen,
Wenn ihre hellen Stimmen fern verliefen,
Dann standest du in einen Traum versonnen,

Auf eine niedre Mauer sanft gelehnt,
Und spiegeltest die weiße Stirn so gern
In grüner Himmel müden Abendsonnen.

Wir trafen uns in Wald und bösem Sterne,
Da des Saturns gelbhaariger Fittich flog
Durch Waldes Wirrsal. Und in Waldes Ferne

Der Weg im Ausgang stand Donner-Licht.
Und wie verstockt von Schwüle sog das Blut
In unsrer Hand. - Vergiß der Stunde nicht.

Und zähle jede, die durch deine Hände
In leere Luft zerrinnt. Vielleicht, daß bald
Du einsam starrest in die toten Wände

Und daß dein Rufen ungehört verhallt.

 

 

Der Mond verbarg sich...

Der Mond verbarg sich, dunkel ward das Land.
Die Schatten sprangen aus der Büsche Wand.
Die Wiesen wuchsen grenzenlos und weit
In tiefe Nacht hinaus und ferne Dunkelheit.

Einsam im öden Moor, in tiefer Nacht.
Grausame Stille. Nur der Giergen Jagd
Läßt manchmal leis die Fledermäuse pfeifen,
Die mit dem Flügel kühl die Wange streifen.

 

 1672661-717e3b2cd980df46ac78c5755fb92a78.jpg
Georg Heym (30 oktober 1887 – 16 januari 1912)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 30e oktober ook mijn blog van 30 oktober 2011 deel 2.

Geschreven door Romenu om 18:44 Reageer op dit bericht

Matthias Zschokke, Harald Hartung, Mohsen Emadi, Claire Goll, Zbigniew Herbert

De Zwitserse dichter, schrijver en filmmaker Matthias Zschokke werd geboren op 29 oktober 1954 in Bern. Zie ook mijn blog van 29 oktober 2010 en eveneens alle tags voor Matthias Zschokke op dit blog.

Uit: Die strengen Frauen von Rosa Salva

„Anfang Januar lag in seinem Kasten ein Brief. Darin die Anfrage einer Kulturstiftung, ob er Lust und Zeit habe, zusammen mit seiner Familie ein halbes Jahr in einer venezianischen Wohnung zu residieren. Für alles sei gesorgt. Eine ortsansässige Frau werde ihm die Schlüssel überreichen und sich kümmern um sämtliche praktischen Probleme, die möglicherweise auftauchen könnten.
Er hatte keine Familie. Auch Freunde waren ihm nicht mehr viele geblieben, seitdem sich herumgesprochen hatte, dass er vom Glück auf beunruhigende Weise bevorzugt würde. Er fürchtete, die Einladung nach Venedig werde als weiterer Beweis für diesen Glücksverdacht betrachtet, worauf auch noch die letzten Bekannten den Kontakt zu ihm abbrechen – »sich mit Grausen von ihm abwenden« – würden. Doch I., die Frau, mit der zusammen er in Berlin lebte, hielt das für dummes Zeug. Sie kannte keine Angst vor dem Neid der Götter. Ihr gefiel die Vorstellung, ein halbes Jahr in Venedig zu verbringen. »Etwas Besseres als den Tod findest du überall«, sagte sie. Also nahm er die Einladung an.
01.06.
Letzte Mail aus Berlin an seinen Freund in Köln, nicht was man tut, wenn man gestochen ist, will ich wissen (Essigwickel, Zitronensäure, Muttispucke, Eiweißoder Siliceapaste usw.), sondern wie ich es anstellen soll, nachts nicht umsirrt zu werden, das möchte ich ein für alle Mal erfahren: Lavendelsträuße ins Zimmer, Zitronenbäume vors Fenster, einen Katzenkadaver auf den Fenstersims, Hausfledermäuse halten, Licht brennen lassen, Fenster geschlossen halten, im Durchzug liegen, sich vor dem Schlafengehen mit Franzbranntwein einreiben, mit Lebertran? Was hält Mücken davon ab, mir um die Ohren zu sirren und mich wach zu halten? Ab morgen muss ich die Antwort kennen.“

 

 1672158-b2c6c25c1f6b6eb20b02ac88126f8ffa.jpg
Matthias Zschokke (Bern, 29 oktober 1954)

 

 

De Duitse schrijver, dichter en literatuurwetenschapper Harald Hartung werd geboren op 29 oktober 1932 in Heme. Zie ook mijn blog van 29 oktober 2010 en eveneens alle tags voor Harald Hartung op dit blog.

 

Wie Zachäus

Am Weg die Sykomore wächst schneller
als du hinaufgelangst auf diesen Baum
dich dem milden Mann zu empfehlen der
von der Menschenmenge erwartet wird

Sie werden auf den falschen tippen auf
die Tiara oder das gelbe Trikot
Doch gesetzt du tippst auf den richtigen –
da ist noch das Handicap mit dem Baum

Auch ist der Kühlschrank leer und kein Feuer
unter dem Herd

 

 

Nutzen der Archäologie

Heißer August, die Asche als glühender Regen –
so stimmig liest sich die klassische Katastrophe
Aber in Wahrheit reiften schon die Granatäpfel
gärte der Wein in den Fässern, trugen die Leute
Kappen aus Pelz, ein Nordostwind wehte gewöhnlich
(der transportierte dann auch den tödlichen Fallout)
Also November! Auch ein Fortschritt der Wissenschaft:
drei Monate Frist für die Bewohner Pompejis
(wenn auch post festum aber doch besser als gar nichts)
Die Ahnungslosen, wären sie dankbar gewesen?
So wenig wie wir. Wie nachsichtig sind die rückwärts-
gewandten Propheten. Gerne wimmeln wir weiter

 

 

Ende der Partie

Wir legen die Schmerzen ab (den Schmerz)
die Bitterkeiten (die Bitterkeit)
die Träume (den Traum)
und die Worte (das Wort)
jene Karte die endlich
zeitlupenhaft den ganzen Stapel
ins Rutschen bringt

 

 

 1672158-5eae9e9fd9887dc65fb593d81c219d3f.jpg
Harald Hartung (Herne, 29 oktober 1932)

 

 

De Iraanse dichter en vertaler Mohsen Emadi werd geboren op 29 oktober 1976 in Sari. Zie ook mijn blog van 29 oktober 2010 en eveneens alle tags voor Mohsen Emadi op dit blog.

 

The moon always shines in vain

The moon always shines in vain
and wars don’t start without a reason,
but the one who goes and the one who remains
are both defeated by accident.
So look into my eyes
as you pack your bags
and say your goodbyes.
Without regret
you will carry the joy of your last cigarette
until the train starts to leave
because truth is the child of regret
and I don’t want to be your truth
So close your eyes
and kiss me
until the metal of your kisses melts in my veins
and gets cast in the indifference of the moon
because the train is approaching the station,
that is to say– beauty is the child of impossibility
and gets to be possible only in the womb of despair
where my skin
is the imagination of the earth
at the moment you snub out
your cigarette with your feet
and you turn eternal.

searchlights halt
on the sculpture of the full moon
in the abandoned station
at the moment of bombardment.

 

Vertaald door Lyn Coffin

 

 1672158-98eef0725d0d9f02fcd2ed1caa556746.jpg
Mohsen Emadi (Sari, 29 oktober 1976)

 

 

De Duits – Franse schrijfster Claire Goll werd geboren op 29 oktober 1890 in Nürnberg. Zie ook mijn blog van 29 oktober 2010 en eveneens alle tags voor Claire Goll op dit blog.

 

Während wir einschlafen

Während wir einschlafen wird Frühling:
Blüht Goldlack aus deinen Augen,
Versucht ein Vogel sein Nachtgebet:
Ich möchte noch schluchzen,
Aber ich schlafe schon.

Es ist warm wie in Italien in deinem Arm.
Deine Augen sind Datteln, braun und süss,
Und dein Mund schmeckt noch östlicher
Nach Feigen von Smyrna.
In rosa Lorbeerhainen
Geht der neue Orpheus spazieren
Mit seinem Dackel.

Von deinem Traum zu meinem
Führen Palmenalleen;
Denn wir träumen ein und denselben Traum,
Ein und dasselbe Leben,
Ein und denselben Tod.

 

 

Liebe

Ich liebe die Stille zwischen uns
Dieselbe Stille wie zwischen Blumen.
Das leise Schweigen am Morgen,
Das lautere des Abends
Und das zitternde zu Mitternacht
Das um den Andern fürchtet.

Ich mag nicht, dass Menschen kommen
Und uns unsere Stille stehlen,
Die gross ist wie die Stille der Kathedralen.
Ach, wie sie es zerbrechen
Unser blaues Schweigen aus venetianischem Glas.
Ich könnte weinen, wenn Fremde kommen.
Nur die Vögel draussen verstehen uns
Und singen unsre Stille
Und machen uns noch stummer vor der Ewigkeit.
Stille, süsser Vorschuss auf den Tod,
Sag dem Geliebten wie ich ihn liebe.

 

 1672158-ecd2d517f99b468ac68d3be1e10f7263.jpg
Claire Goll (29 oktober 1890 – 30 mei 1977)
Portret door Albert Gleizes, 1920 

 

 

De Poolse dichter, schrijver en essayist Zbigniew Herbert werd geboren op 29 oktober 1924 in Lemberg. Zie ook alle tags voorZbigniew Herbert op ditblog en ook mijn blog van 29 oktober 2009 en ook mijn blog van 29 oktober 2010

 

Regen

Toen mijn oudste broer
terugkwam van de oorlog
had hij een zilveren sterretje op het voorhoofd
en onder dat sterretje
was de afgrond

het was een scherf van een schrapnel
die hem bij Verdun had getroffen
of misschien bij Grunwald
(de bijzonderheden was hij vergeten)

hij sprak veel
in vele talen
maar het meest hield hij
van de taal van de geschiedenis

zolang hijn ademen kon had hij
gevallen kameraden overeind getrokken
Roland Karelsen Hannibal

steeds geroepen
dat dit de laatste kruistocht was
dat Carthago weldra vallen zou
waarna hij snikkend bekende
dat Napoleon niet van hem hield

we zagen hem
verbleken
verlaten door zijn zinnen
werd hij langzaam tot een beeld
in de muziekschelpen van zijn oren
trad een stenen bos

terwijl de huid van zij gezicht
werd dichtgeknoopt
met twee blinde droge
knoopjesoren

wat hem restte
was de tast

ongelooflijk zoals hij
met zijn handen kon vertellen
in de rechter had hij liefdesverhalen
in de linker soldatenherinneringen

mijn broer werd opgehaald
en uit de stad gebracht

nu komt hij elk najaar terug
stil en mager
hij wil niet binnen komen
klopt op het raam ik ga naar buiten

we wandelen door de straten
en hij vertelt mij
de meest fantastische verhalen
zijn gezicht aanrakend
met blinde vingers die huilen.

 

Vertaald door Gerard Rasch

 

 1672158-f3b20d9af5a056d1e28d408bdc3c86ff.jpg
Zbigniew Herbert (29 oktober 1924 – 28 juli 1998)
Portret door Zbigniew Kresowaty, z.j.

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 29e oktober ook mijn blog van 29 oktober 2011 deel 1 en eveneens deel 2.

Geschreven door Romenu om 18:32 Reageer op dit bericht

Lodewijk van Oord

 

Onafhankelijk van geboortedata

De Nederlandse schrijver Lodewijk van Oord werd geboren in Madrid in 1977. Van Oord woont al het grootste deel van zijn leven in het buitenland. Na zijn studies in Leiden en Utrecht doceerde hij in een twaalfde-eeuws kasteel op de kliffen van Wales. Hij debuteerde met gedichten in “De Revisor” en publiceerde verhalen, essays en opiniestukken in verschillende dagbladen en literaire tijdschriften. Zijn bijdragen werden meermaals genomineerd voor literaire prijzen. Voor het verhaal ‘Thesmophoria’ won hij de Nieuw Proza Prijs 2011. In 2010 verruilde Van Oord het kasteel in Wales voor de heuvels van Swaziland, waar hij onderwijsdirecteur werd aan het Waterford Kamhlaba, de eerste en lange tijd enige multiraciale school in Afrika. Sinds 2014 woont en werkt hij in het Italiaanse dorpje Duino, nabij Triëst.

Uit:Albrecht en wij

“De gorgelende neussnuif van het nijlpaard, abrupt in de rede gevallen door getrompetter van twee olifanten, daarna een roekeloze brul uit de diepte van een leeuwenmuil. De medemens heeft een wekker, ik heb de monsterlijke klanken der natuur. Elke ochtend als ik naar de badkamer loop bedenk ik dat er beroerdere manieren zijn om wakker gemaakt te worden. In de spiegel werp ik een snelle blik op mijn driedagenbaardje, scheren lijkt me ook vandaag niet nodig. Het grootste deel van de dag zal ik thuis aan mijn keukentafel doorbrengen en werken aan de presentatie die ik aan het eind van de middag ga houden.
De dagen dat ik gehaast de grachten af fietste, van subsidiecommissie naar private mede-investeerder, van de bank naar het Filmfonds, met onder mijn snelbinders financieringsvoorstellen en project proposals, behoren gelukkig tot het verleden. Ik leef nu in een absolute jongensdroom, ben als hoofdpersoon gecast in de film waarvan ik zelf het scenario heb mogen schrijven. Inmiddels is het twee jaar geleden dat ik de stap nam waar velen van opkeken, maar die ik zelf nog altijd niet als een al te radicale overgang beschouw. Ik verruilde de geldwolven op de Herengracht voor de manenwolven in het hondenverblijf, de gieren aan het Museumplein voor hun vale soortgenoten in de monumentale roofvogelvolière. Die hele kudde aan spitsvondige, goedgebekte collega’s heb ik eigenlijk nog geen seconde gemist: als ik de mensen uit mijn vorige leven in de stad tegen het lijf loop komen ze me als wezensvreemd voor, een gevoel dat haast wel wederzijds moet zijn. Het verplichte oppervlakkige gesprekje – hoe gáát het, ja, man, goed, druk, oké – stokt over het algemeen al snel, waarna een van ons zich met een matig excuus uit de voeten maakt.
Ik open mijn gordijnen en werp een blik naar buiten. Bewolkte lucht, wiegende toppen, gevallen blad op de perken en paden. Het is droog, maar zo te zien nog fris, met een stevige wind die weleens venijnig zou kunnen zijn. Uit de mand met vuile was haal ik mijn rode lievelingsshirt en trek daaroverheen mijn gelukscolbertje aan, het rafelige suède jasje dat ik een leven geleden voor een geeltje op het Waterlooplein heb gekocht.”

 

 1672155-75102814cef081c843e4bdeab1f19253.jpg
Lodewijk van Oord (Madrid, 1977)

Geschreven door Romenu om 18:22 Reageer op dit bericht

Dominick Dunne

De Amerikaanse schrijver, journalist en filmproducent Dominick Dunne werd geboren 29 oktober 1925 in Hartford, Connecticut. Dunne was een van de zes kinderen uit een rijke familie. Zijn vader Edwin Richard Dunne was chef-arts in een kliniek en een bekend cardioloog. Een van zijn broers was de schrijver John Gregory Dunne. Na zijn studie aan de Universiteit van Williams, diende hij als een soldaat in WO II. Na een professionele start bij de televisie produceerde hij een aantal films: 1970 The Boys in the Band, 1971 The Panic in Needle Park met Al Pacino 1972 Play As It Lays en 1973 Ash Wednesday, met Elizabeth Taylor en Henry Fonda. Alcoholisme en drugsgebruik maakten een einde aan zijn carrière als filmproducent. Een persoonlijk drama gaf de impuls voor zijn tweede carrière: In 1982 werd zijn 22-jarige dochter, de actrice Dominique Dunne, gewurgd door haar minnaar. Tina Brown, toen hoofdredacteur van Vanity Fair, stelde hem voor om voor het tijdschrift over het proces te berichten. Hij schreef de reportage “Justice: A Father’s Account of the Trial of His Daughter’s Killer”. De ervaringen rondom de dood van zijn dochter verwerkte hij in deroman “People Like Us”, waarin een vader probeert de moordenaar van zijn dochter te vermoorden en daarom wordt veroordeeld. Dunne rapporteerde o.a. ook over de berechting van Claus von Bulow, tegen de broers Lyle en Erik Menendez en 1994 over de moordzaak van OJ Simpson. In zijn rapport maakte hij van zijn overtuiging dat Simpson schuldig was, geen geheim. Vanwege zijn meedogenloze rapportages werd Dunne vaak vergeleken met Truman Capote. In 1990 verscheen de roman “An inconvenient Woman”, in 1993 „A Season in Purgatory“, en in 1997 „Another City, Not My Own“.

Uit: Another City, Not My Own

“Yes, yes, it's true. The conscientious reporter sets aside his personal views when reporting events and tries to emulate the detachment of a camera lens, all opinions held in harness, but the man with whom this narrative deals did not adhere to this dictum, at least when it came to the subject of murder, a subject with which he had had a personal involvement in the past. Consequently, his reportage was rebuked in certain quarters of both the journalistic and the legal professions, which was a matter of indifference to him. He never hesitated to speak up and point out, in print or on television, that his reportage on matters of murder was cheered by much larger numbers in other quarters. "Walk down Madison Avenue with me and see for yourself how often I am stopped by total strangers," he said in reply to a hate letter he received from an enraged man who wrote that he had vilified O.J. Simpson "through the pages of your pretentious magazine for two and a half years."
His name, as it appeared in print or when he was introduced on television, was Augustus Bailey, but he was known to his friends, and even to those who disliked him intensely, because of the way he had written about them, as Gus, or Gus Bailey. His name appeared frequently in the newspapers. His lectures were sold out. He was asked to deliver eulogies at important funerals or to introduce speakers at public events in hotel ballrooms. He knew the kind of people who said "We'll send our plane" when they invited him for weekends in distant places.
From the beginning, you have to understand this about Gus Bailey: He knew what was going to happen before it happened. His premonitions had far less to do with fact than with his inner feelings, on which he had learned to rely greatly in the last half dozen years of his life. He said over the telephone to his younger son, Zander, the son who was lost in a mountain-climbing mishap during the double murder trial of Orenthal James Simpson, "I don't know why, but I keep having this feeling that something untoward is going to happen to me."


1806837-3385c6e5e57e7dfbaf3921166777e4d0.jpg
Dominick Dunne (29 oktober 1925 - 26 augustus 2009)

Geschreven door Romenu om 00:00 Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten