Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
akke.beakke.be

Berichten van 13 juni 2015 tot 14 juni 2015

Alex Boogers, Lieve Joris, Peter O. Chotjewitz, Allard Schröder, Thomas Graftdijk, Hermann Kant

De Nederlandse schrijver Alex Boogers werd geboren op 14 juni 1970 in Vlaardingen. Zie ook alle tags voor Alex Boogers op dit blog.

Uit: Alleen met de goden

“De eerste keer dat mijn moeder merkte dat ik ’s nachts niet kon slapen zei ze: ‘Je ligt toch niet met je piemel te spelen, hè?’ Ze had het licht onder de kier van de deur gezien en zwaaide hem open. ‘Ga je nu verdomme slapen?’ Ik was negen jaar, knipte het licht van mijn bureaulamp uit en zag de gloeiende kegel van haar shaggie oplichten. Ze had de deurklink beet en was een silhouet gehuld in rook, die langs haar hoofd omhoog kringelde. Daarna sloeg ze de deur hard dicht. Ik was eraan gewend geraakt dat mijn moeder altijd boos leek over iets.
We woonden in de stad die papa Leeuw het naamloze gat noemde, want hij kwam uit Rotterdam, en die stad kende iedereen. Op een dag zei hij dat het tijd was om te verhuizen naar een betere wijk. Er waren voetbalvelden, scholen op loopafstand, speeltuintjes, er was treinstation West, en een park met een groot meer, dus ik denk dat hij wel gelijk had. Tot mijn zesde woonden we in een straat met alleen maar buitenlanders. In Rotterdam was het net zo erg, zei mijn vader, of zoals hij zei: ‘Rrrrrotterrrdam.’ Op de hoek zat een druk café. Veel huizen stonden schots en scheef, er zaten kuilen in de weg, en als het hard geregend had, dan stroomde het water onze gang binnen. De Turkse buren riepen elke dag om een man die Allard heette, mijn moeder schold papa Leeuw kapot als hij weer eens te laat thuiskwam, en ik kende samen met mijn vriendjes elk weggetje door de stegen van de stad, langs de haven, naar huis. Mijn moeder had een venijnige stem die iedereen stil kon krijgen. Ze brulde elke keer als ik naar buiten ging: ‘Als ik je moet zoeken, krijg je op je lazer, als je dat maar weet!’ Ze was nooit naar me op zoek, omdat ze altijd druk was met haar eigen bezigheden. Ik kon toen al mijn gang gaan.

Veel meer weet ik me niet van onze tijd in het centrum te herinneren. Oude panden en vrouwen met hoofddoeken, boodschappentassen en kinderwagens, een voetbal die lek of zacht was, het café op de hoek met de bezopen gasten die ik ’s nachts in bed nog hoorde zingen en lachen, en mijn Turkse vriendjes met wie ik door de stad slenterde. Ze kwamen ook bij mij thuis. Mijn moeder gaf ons op goede dagen boterhammen met kaas en worst, ook al mochten mijn vriendjes van hun ouders geen varkensvlees eten.”

 

 1777144-3d1007adc2c48225b1a09c333df1fdd1.jpg
Alex Boogers (Vlaardingen, 14 juni 1970)

 

 

De Vlaamse schrijfster Lieve Joris werd geboren op 14 juni 1953 in Neerpelt. Zie ook alle tags voor Lieve Joris op dit blog.

Uit: The Rebels' Hour (Vertaald door Liz Waters)

“Assani felt naked as a baby on his arrival in Kinshasa. For years he’d been driving around in the east in a pickup with eight soldiers, armed to the teeth. Now he stepped off the plane with just a few bodyguards. The sky above the city was milky white. He’d forgotten how hot it could get here—the tropical heat fell like a clammy blanket and he was struck by the sickly reek of palm oil and putrefaction. The asphalt gave slightly under his army boots.
Sirens blaring, the convoy drove the miles-long boulevard to the city center. The overpopulated cités* with their labyrinths of narrow sandy streets were hidden behind garish billboards for Vodacom and Celtel telecom services. Minibuses shot past, so full that legs dangled from the half-open back doors and children hung their heads out of the small windows, gasping for air. One bus stopped to pick up a maman* carrying a basket of baguettes; the passengers somehow made room for her.
Then suddenly he was in the Grand Hotel, formerly the Hotel Intercontinental, his bodyguards warily investigating the corridors while he inspected his room. Through the window he could see the Congo River, water hyacinths bobbing toward the rapids, and the skyline of Brazzaville in the misty distance. He’d recently learned to swim. In the high plains in the east of the country where he’d grown up the rivers ran fast and cold and he was always horribly sick if he had to travel by boat, but now he’d overcome his aversion to water.
No more traipsing along a riverbank trying to devise a way across. 
That afternoon he was driven out to Camp Tshatshi to meet the others. Some had phoned him while he was still in Goma. He had no idea how they’d gotten hold of his number, but as soon as his nomination was announced the calls started coming. People complained about their superiors, saying they couldn’t wait for him to arrive. That subservient, singsong tone—he couldn’t stand flattery, and nothing they said made the slightest impression on him.”

 

 1777144-324801b9524c2a2deb4f25e1bada5d4d.jpg
Lieve Joris (Neerpelt, 14 juni 1953)

 

 

De Duitse schrijver, vertaler en jurist Peter O. Chotjewitz werd geboren op 14 juni 1934 in Berlijn. Zie ook alle tags voor Peter O. Chotjewitz op dit blog.

Uit: Mein Freund Klaus

„Er, Zimmermann, stamme ja auch aus Nürtingen.
»Ihr Klaus hingegen aus Kirchheim.«
Es gebe aber in Kirchheim »so eine Patriziergesellschaft«, an die ich mich wenden könne.
»Die wird den Croissant mit Naserümpfen verfolgt haben.«
Die könnten mir sicher einiges erzählen.
»Und können Sie mir da jemand empfehlen?«
»Empfehlen? Wie meinen Sie das?«
Herr Zimmermann nennt eine Reihe möglicher Informanten – Dr. Klaus Gottlieb, früher Chefredakteur des Teckboten. Dr. Riethmüller von der Firma C. Riethmüller. Den früheren Kirchheimer Oberbürgermeister Hauser. Dr. Oskar Vogel, der lange bei der Volksbank war –, bricht plötzlich ab und fragt:
»Wie war noch mal Ihr Name?«
»Chotjewitz.«
»Sind Sie der Chotjewitz, der die Romane schreibt?«
»Wieso?«
»Dann müssen Sie verzeihen, dass ich einen etwas anderen Geschmack habe. Nehmen Sie es mir nicht übel. Ich habe jedenfalls einen etwas anderen Geschmack.«
Dies sagend legt er auf. Ich aber lade mein Handy und telefoniere noch ein paar Stunden.
»Guten Tag mein Name ist Chotjewitz, ich hätte gerne Herrn Oskar Vogel gesprochen. Ich rufe an auf Empfehlung von Herrn Zimmermann, dem Buchhändler aus Nürtingen. Herr Zimmermann meinte, Herr Vogel könnte mir vielleicht eine Auskunft geben den verstorbenen Rechtsanwalt Dr. Klaus Croissant betreffend, der in seiner Kindheit in Kirchheim ansässig war.«
»Guten Tag mein Name ist Chotjewitz, ich rufe an auf Empfehlung von Herrn Zimmermann, dem Buchhändler aus Nürtingen. Ich hätte gerne Herrn Riethmüller gesprochen. Herr Zimmermannmeinte, Herr Riethmüller ...«

 

 1777144-8344a217c0845a57788ff4c94db11be7.jpg
 Peter O. Chotjewitz (14 juni 1934 – 15 december 2010)

 

 

De Nederlandse dichter en schrijver Allard Schröder werd geboren in Haren op 14 juni 1946. Zie ook alle tags voor Allard Schröder op dit blog.

Uit: Nieuwe tijden

'Als alle kunst heeft literatuur het vermogen door middel van zo’n geestelijke ruimte een ervaring van vrijheid te scheppen - en dat is misschien wel haar belangrijkste reden van bestaan. In dictaturen is ze er zelfs de enige schatbewaarder van. Je kunt de schrijver opsluiten en zijn boeken vernietigen, maar zodra de inhoud in het hoofd zit, is die onbereikbaar geworden en kan de bezitter van het hoofd, zolang het op zijn schouders staat, in het genot van een greintje vrijheid leven.
Het tegenovergestelde is ook mogelijk. Literatuur kan ook een gevangenis voor de geest zijn en een ondraaglijke beklemming veroorzaken waaraan niet te ontkomen valt. Al dat schone, lichte en heldere waarmee de literatuur wel wordt aangeprezen heeft ook een grauwe, duistere keerzijde, die misschien minder in het oog springt omdat we graag wegkijken, maar daarom wel werkelijk is. Zij die erdoor aangetrokken worden zijn niet in de meerderheid, het is nu eenmaal niet ieders zaak zich uit te leveren aan de monotonie van het bestaan, aan peilloze melancholie, vernietigingsdrift of waanzin, aan doodsangst of doodsdrift. Toch is het zo: ook de gruwel maakt deel uit van het vrije domein van de kunst en kan dus niet genegeerd worden. Wanneer de helderheid van de wereld vals of ondraaglijk wordt, treedt haar donkere kant op als onze bevrijder, omdat hij zijn kracht ontleent aan onze bereidheid onze ziel te verkopen in ruil voor de toegang tot nieuwe werelden met nieuwe perspectieven. Geestelijke vrijheid wordt niet alleen aangewend voor het verhevene of het goede, maar ook voor het onbenullige, het negatieve, het boosaardige, het kwetsende, het zwarte.'

 

 1777144-da27cce5fc18e86d58f2cd1340d98913.jpg
Allard Schröder (Haren,14 juni 1946)

 

 

De Nederlandse dichter, schrijver en vertaler Thomas Graftdijk werd geboren in Amsterdam op 14 juni 1949. Zie ook alle tags voor Thomas Graftdijk op dit blog.

 

De bodem

Platvloerse Thalassa, genadeloze vamp
met polsen van storm
en een blik die alles wist,
ik was aan je verslingerd als een stuurloos schip
en op de klippen ben ik tot het wrak
versplinterd dat nog altijd op de bodem ligt,
in het restspoor van je licht.

 

 

Uit:Friedrich Nietzsche Voorbij Goed en Kwaad (Vertaald door Thomas Graftdijk)

“Aangenomen dat de waarheid een vrouw is “ , wel? is de verdenking dan niet gegrond dat de filosofen, voorzover zij dogmatici waren, geen van allen veel verstand van vrouwen hadden? dat de akelige ernst, de lompe opdringerigheid waarmee zij tot dusverre de waarheid benaderd hebben, onhandige en ongepaste middelen waren om uitgerekend een vrouwspersoon voor zich te winnen? Zeker is dat zij zich niet heeft laten winnen: “ en alle dogmatiek staat er vandaag bedroefd en moedeloos bij. Als zij tenminste nog staat! Want er zijn spotvogels die beweren dat zij gevallen is, dat de hele dogmatiek op haar achterste en zelfs op sterven ligt. In ernst gesproken, er is goede reden te hopen dat het dogmatiseren in de filosofie, hoe plechtig het zich ook het air van een laatste, definitieve geldigheid heeft aangemeten, misschien toch niet mÉÉr is geweest dan een veredelde dilettantistische flauwiteit; en de tijd is wellicht zeer nabij waarop men telkens weer zal begrijpen wat eigenlijk al volstond om als hoeksteen te dienen voor de verheven en categorische filosofenbouwwerken die de dogmatici tot dusverre hebben opgetrokken, “ een of ander populair bijgeloof uit onheuglijke tijden (zoals het bijgeloof aan de ziel, dat als bijgeloof aan subject en Ik ook tegenwoordig nog onheil sticht), een of ander woordenspel misschien, een verleiding die van de grammatica uitgaat of een roekeloze generalisering van zeer  beperkte, persoonlijke, zeer menselijk-al-te-menselijke feiten."

 

 1777144-0b6426545fd7c0b7d3dab99fdc56ed63.jpg
Thomas Graftdijk (14 juni 1949 – 10 februari 1992)
Cover

 

 

De Duitse schrijver Hermann Kant werd op 14 juni 1926 in Hamburg geboren. Zie ook alle tags voor Hermann Kant op dit blog.

Uit: Lebenslauf, zweiter Absatz

„Noch härgerlicher jedoch schien Herrn Buttewegg das plötzliche Versagen der Beleuchtung in einem anderen Falle gewesen zu sein, von dem er allerdings nur unter Stammtischbrüdern sprach und auch dort nicht ohne verschämte Absicherungen: »Sie wissen ja, meine Herren, in einem Hauswesen wie dem meinen verschwindet immer mal was, und so ist man auf der Hut. Komme ich neulich an der Mädchenkammer vorbei und höre ganz accidentaliter ein Geräusch hinter der Tür; ich denke, willst doch mal sehen, bücke mich also zum Schlüsselloch, nun ja, die Sophie zog sich gerade um ... und nun lassen Sie sich von einem Connaisseur sagen, so eine Rückenpartie ... aber mehr eben nicht, denn dann passierte es wieder; ich sage Ihnen, es ist einfach bitter!«
Was Wunder also, daß Herr Buttewegg sehr bald einen Elektriker zu Rate gezogen oder, wie ihn seine mit der Zeit ranzig gewordene Bildung sagen ließ, »einen hiesigen Spezialisten konsultiert« hatte. Und eben aus den Kreisen der hiesigen Spezialisten bezog ich mein Wissen um den Fluch des Hauses Buttewegg – zählte ich doch, wenn auch mit Einschränkungen, mit weitaus größerem Recht zu ihnen als zu den wohlhabenden Ständen, deren Privileg es war, jene Geschichten des Herrn Buttewegg zu kennen und weiterzuerzählen, die alle mit dem melancholischen Ausruf endeten: »Und dann passierte es wieder!«
Mit Einschränkungen, sage ich, gehörte ich zu den ortsansässigen Fachleuten für Kurzschlüsse, und das ist leicht erklärt: Zum einen war ich noch Lehrling, und zum anderen war mein Meister der allerkleinste und nicht zählende Krauter im Ort.“

 

 1777144-783e71dc84684e7a782131553f72d6d3.jpg
Hermann Kant (Hamburg, 14 juni 1926)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 14e juni ook mijn vorige blog van vandaag.

Geschreven door Romenu om 15:10 Reageer op dit bericht

Peter Mayle, Jerzy Kosinski, Harriet Beecher Stowe, Laurence Yep, René Char

De Britse schrijver Peter Mayle werd geboren in Brighton op 14 juni 1939. Zie ook alle tags voor Peter Mayle op dit blog.

Uit: Encore Provence

“We wallowed in the convenience of America, in the efficiency and the extraordinary variety of choice, and we practiced native customs. We came to know California wines. We shopped by phone. We drove sedately. We took vitamins and occasionally remembered to worry about cholesterol. We tried to watch television. I gave up taking cigars to restaurants, but smoked them furtively in private. There was even a period when we drank eight glasses of water a day. In other words, we did our best to adapt.
And yet there was something missing. Or rather, an entire spectrum of sights and sounds and smells and sensations that we had taken for granted in Provence, from the smell of thyme in the fields to the swirl and jostle of Sunday-morning markets. Very few weeks went by without a twinge of what I can best describe as homesickness.
Returning to a place where you have been happy is generally regarded as a mistake. Memory is a notoriously biased and sentimental editor, selecting what it wants to keep and invariably making a few cosmetic changes to past events. With rose-colored hindsight, the good times become magical; the bad times fade and eventually disappear, leaving only a seductive blur of sunlit days and the laughter of friends. Was it really like that? Would it be like that again?”

 

 1777142-8b28c80c72200d00bab1a032b892ea6c.jpg
Peter Mayle (Brighton, 14 juni 1939)

 

 

De Amerikaans-Poolse schrijver Jerzy Kosiński werd geboren in Łódź op 14 juni 1933. Zie ook alle tags voor Jerzy Kosiński op dit blog.

Uit: The painted bird

“When noon approached, Lekh hastened his steps and wiped the perspiration from his brow more often. The most important hour of his day was nearing. A woman locally nicknamed Stupid Ludmila was waiting for him in some distant forest clearing known only to the two of them. I would proudly trot behind him, the bag of twitching birds slung over my shoulder.
The forest became increasingly dense and forbidding. The slimy striped trunks of snake-colored hornbeams shot straight up into the clouds. The linden trees, all of which, according to Lekh, remembered the very beginnings of the human race, stood broad-shouldered, their trunks resembling coats of mail festooned with the gray patina of mosses. The oaks stretched out of their trunks like the necks of starving birds looking for food, and obscured the sun with gloomy branches, casting the pines and poplars and lindens into shadow. Sometimes Lekh would stop and silently look at some spoors in the crannies of decaying bark, and in tree knots and gallnuts full of black, curious holes from whose interior shone bare white wood. We would pass through groves of young birches with lean, fragile shoots, diffidently flexing their thin, small branches and buds.
Through the gauzy curtain of foliage we were noticed by perching flocks of birds who became frightened and would soar away with beating wings. Their chirping mixed with the chorus of bees murmuring around us like a moving, gleaming cloud. Lekh protected his face with his hands and fled from the bees to a denser thicket, while I ran at his heels holding on to the bag of birds and basket of traps, waving my hand to drive off the harassing and vengeful swarm.
Stupid Ludmila was a strange woman and I feared her increasingly. She was well built and taller than the other women. Her hair, seemingly never cut, cascaded down her shoulders. She had large breasts, which hung nearly to her belly, and strong muscular calves. In the summer she went around dressed only in a faded sack which revealed her breasts and a clump of red hair at her crotch. Men and boys would tell of the pranks they played with Ludmila when she was in the mood. The village women often tried to trap her but, as Lekh said with pride, Ludmila’s tail was windblown and no one could catch her against her will. She would disappear in the undergrowth like a starling and creep out when no one was around.”

 

 1777142-9bb16765bb7408242cbccb435effc3e0.jpg
Jerzy Kosiński (14 juni 1933 – 3 mei 1991)
Jerzy Kosinski – Steps 72 door John Thompson

 

 

De Amerikaanse schrijfster en abolitioniste Harriet Beecher Stowe werd geboren in Litchfield, Connecticut, op 14 juni 1811. Zie ook mijn blog van 14 juni 2010 en eveneens alle tags voor Harriet Beecher Stowe op dit blog.

Uit: Uncle Tom's Cabin

"Hulloa, Jim Crow!" said Mr. Shelby, whistling, and snapping a bunch of raisins towards him, "pick that up, now!" The child scampered, with all his little strength, after the prize, while his master laughed. "Come here, Jim Crow," said he. The child came up, and the master patted the curly head, and chucked him under the chin.
"Now, Jim, show this gentleman how you can dance and sing." The boy commenced one of those wild, grotesque songs common among the negroes, in a rich, clear voice, accompanying his singing with many comic evolutions of the hands, feet, and whole body, all in perfect time to the music.
"Bravo!" said Haley, throwing him a quarter of an orange. "Now, Jim, walk like old Uncle Cudjoe, when he has the rheumatism," said his master. Instantly the flexible limbs of the child assumed the appearance of deformity and distortion, as, with his back humped up, and his master's stick in his hand, he hobbled about the room, his childish face drawn into a doleful pucker, and spitting from right to left, in imitation of an old man.
"Well, then, Haley, how will you trade?" said Mr. Shelby, after an uneasy interval of silence. "Well, haven't you a boy or gal that you could throw in with Tom?" "Hum!—none that I could well spare; to tell the truth, it's only hard necessity makes me willing to sell at all. I don't like parting with any of my hands, that's a fact.”
Here the door opened, and a small quadroon boy, between four and five years of age, entered the room. There was something in his appearance remarkably beautiful and engaging. His black hair, fine as floss silk, hung in glossy curls about his round, dimpled face, while a pair of large dark eyes, full of fire and softness, looked out from beneath the rich, long lashes, as he peered curiously into the apartment.”

 

 1777142-d4b5c295862a438178e1687ae679e9b6.jpg
Harriet Beecher Stowe (14 juni 1811 – 1 juli 1896)
Cover

 

 

De Chinees-Amerikaanse schrijver Laurence Michael Yep werd geboren op 14 juni 1948 in in San Francisco. Zie ook alle tags voor Laurence Yep op dit blog.

Uit: Designs By Isabelle

“HDC, so she had danced some of the most important roles. Then, after retiring from dancing, she’d become the ballet mistress at HDC. Ms. Ferri was so nice that I couldn’t help wishing she taught ballet at my school, Anna Hart School of the Arts, so that I could have her all week instead of just on the weekends. But Ms. Ferri was too busy conducting the daily class for the HDC’s professional dancers. And this year, she was busy rehearsing her own role in The Nutcracker, too—the role of Mother Ginger. Ms. Ferri’s stilts were made out of metal rods about a yard high. In New York City Ballet’s version of The Nutcracker, men played Mother Ginger because the costume was so big and heavy. But Ms. Ferri was tall and strong enough to handle it. After years of playing Mother Ginger, she was a pro at managing the costume’s weight while she walked on stilts. No one would see the stilts, because she’d wear a skirt big enough to hide them—plus eight kids. Ms. Ferri glanced my way when she heard the door to the studio close behind me. “Where have you been, Isabelle?”

 

 1777142-b346f9ca640bd467520f1325953f4acf.jpg
Laurence Yep (San Francisco, 14 juni 1948)
Cover 

 

 

De Franse dichter René Char werd geboren op 14 juni 1907 in L'Isle-sur-la-Sorgue, Vaucluse. Zie ook mijn blog van 14 juni 2010 en eveneens alle tags voor René Char op dit blog.

 

Poètes

La tristesse des illettrés dans les ténèbres des bouteilles
L'inquiétude imperceptible des charrons
Les pièces de monnaie dans la vase profonde

Dans les nacelles de l'enclume

Vit le poète solitaire

Grande brouette des marécages

Pyrénées

Montagne des grands abusés.

Au sommet de vos tours fiévreuses

Faiblit la dernière clarté.

Rien que le vide et l'avalanche,
La détresse et le regret!

Tous ces troubadours mal-aimés
Ont vu blanchir dans un été
Leur doux royaume pessimiste.

Ah! la neige est inexorable
Qui aime qu'on souffre à ses pieds.
Qui veut que l'on meure glacé
Quand on a vécu dans les sables.

 

 1777142-2a67db0bfaf5f6c01dc0f6b587e41e0b.jpg
René Char (14 juni 1907 – 19 februari 1988)

Geschreven door Romenu om 15:09 Reageer op dit bericht

In Memoriam Drs. P.

In Memoriam Drs. P.

De Nederlands-Zwitserse schrijver, tekstschrijver, componist, zanger en pianist Drs. P is gisteren op 95-jarige leeftijd in Amsterdam overleden. Dat heeft zijn uitever laten weten. Drs. P (eig. Heinz Hermann Polzer) werd geboren in het Zwitserse Thun op  24 augustus 1919. Zie ook mijn blog van 24 augustus 2010 en eveneens alle tags voor Drs. P. op dit blog.

 

De geneugten van de roem 

Het volk is hier op literair gebied
Nu niet bepaald tot geeuwens toe verwend
Vandaar ook, dat men in de houding schiet
Zodra men een auteur/auteuse ziet
Dit wordt de jeugd zo duchtig ingeprent
Dat zelfs de meest a-culturele blagen
Je respecteren als een exponent
Van al wat men moet hebben om te slagen
Je vindt je roem verwoord in heldensagen
Wanneer je een bekende schrijver bent
 
Als schrijver ga je door voor erudiet
Ervaren psycholoog en leuke vent
En (monkelend verteld of impliciet)
Een artistiek verantwoord sybariet –
Erotisch liberaal en vrij potent
Zodat je, waar je ook maar op komt dagen
Uitbundig wordt begroet, en geen moment
Om exclusieve aandacht hoeft te vragen
Men doet hier alles om je te behagen
Omdat je een bekende schrijver bent
 
De overheid, van allerhoogste piet
Tot onbezoldigd hulpverkeersagent
Het huisdier en de koekoek en de griet
Ja, al wat stem heeft zingt het hoogste lied
En dat dit jou betreft, is evident
In alle streken en bevolkingslagen
Bewierookt men je kwistig en frequent
En blijft men van je meesterschap gewagen
Geen mens, geen recensent zal aan je knagen
Zolang je een bekende schrijver bent
 
O willekeurling, doet het u verdriet
Dat niemand nergens nimmer u herkent?
Dan mag u zich, wat mij betreft, beklagen
Het leven is veel beter te verdragen
Indien je een bekende schrijver bent
 

 

 K.P. Kaváfis
 
Hij heeft het nooit gezien, zijn vaderland
Maar was en bleef een Griek, wat heet, Helleen
Zowel in tijd als plaats een vreemdeling
 
Alexandrië bruiste langs hem heen
Hij vond er in 't geheim bevrediging
Maar niet de rust der Elyzeese velden
 
En buiten een beperkte vriendenkring
Wist niemand van zijn dromen en zijn helden -
Bestond hij slechts als kennis of passant
 
Een pennelikker die op jongens viel
Maar met de jeugd der Oudheid in zijn ziel

 

 

Nazomer
 
’t Is prachtig weer; we profiteren
Van deze dag vol kleur en licht,
En dragen opgewekte kleren.
‘Iets koeler,’zegt het weerbericht.
 
Men hoort een dikke bromvlieg zoemen;
De lucht is onmiskenbaar blauw;
Er hangt een ijle geur van bloemen.
Toch valt de avond al weer gauw.
 
’t Is prachtig weer; we zitten samen
Te zonnen op ’t café-terras.
Een windstoot rammelt aan de ramen;
Er valt een herfstblad in mijn glas.
 
We laten onze blikken dwalen
En praten over ‘t mooie weer.
Maar na de laatste zonnestralen
Is het ineens geen zomer meer.

 

 

 1777136-65d13f23c85e9a656fb7a6a522b1f202.jpg
Drs. P (24 augustus 1919 – 13 juni 2015)

Geschreven door Romenu om 13:29 Reageer op dit bericht

John van Ierland

De Nederlandse schrijver en uitgever John van Ierland werd op 14 juni 1964 geboren in Breda. Van Ierland behaalde zijn diploma bedrijfskunde, Hoger Management en zijn diploma Uitgeverij aan de Boek Academie. Hij heeft verschillende betrekkingen gehad bij diverse bedrijven, waaronder Würth en de Hoogovens, waarna hij in dienst kwam bij NHTV internationale hogeschool Breda als studiebegeleider, docent en coördinator. Via NHTV kwam hij begin 2011 bij Hogeschool Zeeland als Studieloopbaan coördinator terecht, de werkzaamheden bij deze laatste twee hogescholen combineert hij nog steeds met zijn passies boeken schrijven en uitgeven. In 2000 richtte hij zijn Ierland Evenementen en Relatiemarketing’ bedrijf op, in 2004 werd dit omgezet naar Van Ierland Uitgeverij. Tegenwoordig bedrijft hij zijn eigen Woordmagie. Zijn eerste boek schreef hij in 1999, sindsdien volgden er nog zeker vijfendertig. De boeken zijn erg divers van stijl en onderwerp; zijn Jasper & Jasmijn reeks kent al vijf kinderboeken, verder is van Ierland zich gaan specialiseren in de volksverhalen, sagen en legenden van streken.

Uit: Fietsend verliefd worden op Breda…

“Ik ben een kind van de stad, nu weer druk bezig met het herontdekken van haar hotspots om ze ook anderen te tonen tijdens een mooie fietstocht. Ze openen mijn ogen wederom en doen me op mijn tussenstop even dagdromen.
De milde regen zingt in de bomen, wast het stof van de straatplavuizen, ritselt door de bladeren en ruist door de binnenstadse pleinen de dampende aarde bevruchtend. Hij springt door de straat en roffelt op de ruit, op de kleine ruit van het petieterige café dat ’t Begijntje heet. De glimmende kranen spiegelen er het blauwe boezeroen van de kastelein achter de tap¬kast. Warm is hier het leven en schoon.
Mijn anders zo bezige ziel suddert soezend diep in mijn lijf. Ik hoor de gesprekken links en rechts van me, ik hoor de woorden, maar toch weer niet.
“C'est le ton qui fait la musique.”
Het is de sfeer in een omgeving die me aan het peinzen zet. Nee, aan het peinzen niet, want ik voel alleen, ik ontvang slechts de gulheid van hemel en aarde, het wondere samenzijn van mensen en dingen. De regen lekt langs het raam en onder de overkapping van de winkel aan de overkant omhelst een meisje met druipende haren haar jongen. Wat is de liefde? Een goddelijke spijs, het levens¬elixer, en verliefdheid is de naam van de driftige wijn aan die maaltijd.
Ik gewaar me als op een rondreis door het Brabantse land, dat ooit een dichter heeft genoemd als moederlijk en gul en rond en zo jubelend alsof er geen bitterheid bestaat op deze grond! Ik ben verliefd geworden op Breda.”

 

 1849232-63cf27c7b890187f2da9467a360d10ee.jpeg
John van Ierland (Breda, 14 juni 1964)

Geschreven door Romenu om 00:00 Reageer op dit bericht

Fernando Pessoa , Willem Brakman, William Butler Yeats, Thomas Heerma van Voss, Tristane Banon, Dorothy L. Sayers, Marcel Theroux

De Portugese dichter en schrijver Fernando António Nogueira Pessoa werd geboren in Lissabon op 13 juni 1888. Zie ook alle tags voor Fernando Pessoa op dit blog.

 

I don’t know if the stars rule the world

I don’t know if the stars rule the world
Or if Tarot or playing cards
Can reveal anything.
I don’t know if the rolling of dice
Can lead to any conclusion.
But I also don’t know
If anything is attained
By living the way most people do.

Yes, I don’t know
If I should believe in this daily rising sun
Whose authenticity no one can guarantee me,
Or if it would be better (because better or more convenient)
To believe in some other sun,
One that shines even at night,
Some profound incandescence of things,
Surpassing my understanding.

For now...
(Let’s take it slow)
For now
I have an absolutely secure grip on the stair-rail,
I secure it with my hand –
This rail that doesn’t belong to me
And that I lean on as I ascend...
Yes... I ascend...
I ascend to this:
I don’t know if the stars rule the world.

 

 

Magnificat

When will this inner night – the universe – end
And I – my soul – have my day?
When will I wake up from being awake?
I don’t know. The sun shines on high
And cannot be looked at.
The stars coldly blink
And cannot be counted.
The heart beats aloofly
And cannot be heard.
When will this drama without theater
– Or this theater without drama – end
So that I can go home?
Where? How? When?
O cat staring at me with eyes of life, Who lurks in your depths?
It’s Him! It’s him!
Like Joshua he’ll order the sun to stop, and I’ll wake up,
And it will be day.
Smile, my soul, in your slumber!
Smile, my soul: it will be day!

 

 

Countless lives inhabit us

Countless lives inhabit us.
I don’t know, when I think or feel,
Who it is that thinks or feels.
I am merely the place
Where things are thought or felt.

I have more than just one soul.
There are more I’s than I myself.
I exist, nevertheless,
Indifferent to them all.
I silence them: I speak.

The crossing urges of what
I feel or do not feel
Struggle in who I am, but I
Ignore them. They dictate nothing
To the I I know: I write.

 

Vertaald door Richard Zenith

 

 

 1776755-01bf84a1ed0c3c4c29c04ef17793ce4f.jpg
Fernando Pessoa (13 juni 1888 – 30 november 1935)

 

 

De Nederlandse schrijver Willem Brakman werd geboren op 13 juni 1922 in Den Haag. Zie ook alle tags voor Willem Brakman op dit blog.

Uit: De grote schok was Rilke

“Men ziet hoe een dergelijk, naar vele richtingen vertellend beeld het lineaire karakter van taal en verhaal kan doorbreken. Rilke, die niet alleen een zeer beeldend schrijver maar ook een beschikker over superbe beelden was, verdiende alleen al hierom een betere aansluiting met onze tijd. Maar het is stil om deze verstilde figuur. De vertaling van Nabokov's Ada, zo'n tien jaar na verschijnen, deed in Duitsland honderd maal meer stof opwaaien dan de honderdste geboortedag van Rilke, in 1975. Het is druk in de letteren, te druk. Zeker voor een man ‘langsamen und abgewandten Geistes’. Voor mij was Rilke een geschenk van de oorlog, van honger, kou, duisternis en vooral van veel tijd. Prima Malte- elementen en ook hier bloeide de poëzie niet bepaald op een gezonde en sprankelfrisse bodem. Toch leefde ik met die poëzie op een intense, maar ook wel natuurlijke manier, want ik beschikte erdoor over bezwerende formules op momenten van grote zwakte. Brak ik op weg naar een vriend mijn nek door de duisternis ergens in een tuin, dan lag ik op mijn gezicht in ‘die Gärten des dunkelblaus’. Zeulde ik met mijn vader in de eindeloze hongerwinter de loodzware emmers as en sintels tegen de huthoge berg afval op voor ons huis, dan mompelde ik krachtgevend over ‘die Berge des Urleids’. Natuurlijk was dit een poging een uitgesproken rotwereld in zuivere versregels te transponeren en de vraag blijft knellen hoezeer een uitgesproken rotwereld voorwaarde is voor zuivere versregels.
Dat was in de oorlog. Na de oorlog werd dat anders. Zo werd Rilke een junge-Mädchendichter, een altes Weib. Thomas Mann, een andere ook door mij hoog in het vaandel gevoerde figuur, werd bij monde van Günter Grass ‘überkommener Existenz, verälteter Blödsinn’. Zelfs John Cowper Powys, een episch gigant der Engelse letteren en een sierraad in mijn boekenkast, mocht ik kortelings in 'n kritiek aantreffen als ‘an old windbag’. Een pijnlijke golfslag van de tijd en dubbel pijnlijk bij Rilke, want hem bewoog nu juist in hoge mate wat men zou kunnen noemen ‘der Wille zur Dauer’, een streven naar levensverduurzaming. Dit thema treedt op in tal van zijn gedichten en toont zich nadrukkelijk in veel situaties en personages van zijn Malte, ondermeer in Malte's grootvader, die geen verschil maakt in de omgang met overleden familieleden, historische figuren en levende tijdgenoten.”

 

 1776755-75266a3d60982f93381e2e85a7f090b6.jpg
Willem Brakman (13 juni 1922 – 8 mei 2008)

 

 

De Ierse dichter, toneelschrijver en mysticus William Butler Yeats werd geboren in Sandymount bij Dublin op 13 juni 1865. Zie ook alle tags voor William Butler Yeats op dit blog.

 

The Three Monuments

They hold their public meetings where
Our most renowned patriots stand,
One among the birds of the air,
A stumpier on either hand;
And all the popular statesmen say
That purity built up the State
And after kept it from decay;
And let all base ambition be,
For intellect would make us proud
And pride bring in impurity:
The three old rascals laugh aloud.

 

 

To A Shade

IF you have revisited the town, thin Shade,
Whether to look upon your monument
(I wonder if the builder has been paid)
Or happier-thoughted when the day is spent
To drink of that salt breath out of the sea
When grey gulls flit about instead of men,
And the gaunt houses put on majesty:
Let these content you and be gone again;
For they are at their old tricks yet.
A man
Of your own passionate serving kind who had brought
In his full hands what, had they only known,
Had given their children's children loftier thought,
Sweeter emotion, working in their veins
Like gentle blood, has been driven from the place,
And instilt heaped upon him for his pains,
And for his open-handedness, disgrace;
Your enemy, an old fotil mouth, had set
The pack upon him.
Go, unquiet wanderer,
And gather the Glasnevin coverlet
About your head till the dust stops your ear,
The time for you to taste of that Salt breath
And listen at the corners has not come;
You had enough of sorrow before death --
Away, away! You are safer in the tomb.

 


Vacilliation

I
Between extremities
Man runs his course;
A brand, or flaming breath.
Comes to destroy
All those antinomies
Of day and night;
The body calls it death,
The heart remorse.
But if these be right
What is joy?

 

 1776755-b30c0a78c157f2ef8e57a1aad9f8deda.jpg
William Butler Yeats (13 juni 1865 – 28 januari 1939)
Portret door Augustus Edwin John, 1930

 

 

De Nederlandse schrijver Thomas Heerma van Voss werd geboren in Amsterdam op 13 juni 1990. Zie ook alle tags voor Thomas Heerma van Voss op dit blog.

Uit: Stern

“Weet ik, maar ik wil niet. Niet vandaag.’
De ballen waarmee Stern zojuist wierp komen teruggerold, klaar voor de volgende speler.
‘Hoezo niet vandaag? Voel je je weer niet lekker?’
‘Nee, dan zou ik dat wel zeggen. Ik heb gewoon niet zo’n zin.’
‘Maar lieverd, we gaan zowat elke week naar De Kegel. Dit is traditie.’ Stern doet zijn best begripvol te klinken, maar hoort verongelijktheid in zijn stem, verontwaardiging misschien wel.
‘Papa, alsjeblieft. Ik wil gewoon niet meer.’
De afgelopen maand waren er al genoeg aanwijzingen geweest voor dit moment, beseft Stern. De ene keer wilde Bram niet bowlen omdat hij zijn eindexamens moest voorbereiden, de andere keer omdat hij zich niet lekker voelde. Stern was telkens in zijn eentje gegaan. En als hij dan twee uur later thuiskwam, trof hij Bram achter zijn computer. Soms zat hij te chatten via Facebook, soms speelde hij een spelletje. Nooit enig teken van misselijkheid of zenuwen voor naderende tentamens. ‘Alles goed hier?’ vroeg Stern meestal, waarop Bram antwoordde: ‘Ach.’ Of: ‘Gaat wel.’
Hij kijkt naar de twee bowlingballen naast hem. Het is of ze smeken opnieuw gebruikt te worden. Stern kan de verleiding niet weerstaan, hij pakt de eerste en gooit hem op volle kracht vooruit.
Pats, zes kegels om.
Bram gaat zitten op het bankje naast de baan. Hij pakt zijn iPhone. Sinds hij die vorige zomer gekocht heeft, zijn Bram en zijn mobiel onafscheidelijk. Voortdurend haalt hij het compacte, zwarte apparaatje tevoorschijn en typt gehaast allerlei berichten. Af en toe krijgt Stern het idee dat zijn zoon meer via zijn smartphone zegt dan mondeling.”

 

 1776755-c6255b1c3479c9cf869335fb5b8c70fc.jpg
Thomas Heerma van Voss (Amsterdam, 13 juni 1990)

 

 

De Franse journaliste en schrijfster Tristane Banon werd geboren op 13 juni 1979 in Neuilly-sur-Seine. Zie ook alle tags voor Tristane Banon op dit blog.

Uit: “Erreurs avouées…”.

« Je le regarde droit dans les yeux: 
- Si vous êtes si humain que ça, pourquoi avoir choisi la politique où la moindre erreur peut vous être fatale! Où tout n'est que mécanique de guerre? 
Posément, il me répond. 
- Les gens qui ont réussi leur vie professionnelle sont souvent considérés par les autres comme des machines. On pense que tout leur réussit alors que c'est faux. Et quand enfin ils commettent une bourde, on prend conscience que tout ne leur réussit pas forcément. Paradoxalement, ça rassure, ça humanise. Pour ma part, je n'aime pas cette idée qu'on puisse me prendre pour un automate, c'est vraiment désagréable! 
Je glisse sur la remarque (me visait-elle?) et enchaîne: 
- C'est maintenant au professeur que je m'adresse: qu'est-ce qu'une erreur? 
Ton docte: 
- Une erreur, c'est quelque chose qui n'est pas fait comme ça devrait l'être. Ce qui ne veut pas dire que ce soit mal. Si je tourne à droite au lieu de tourner à gauche, c'est une erreur; or cela n'a pourtant rien de critiquable en soi. 
Je souris: 
- Vous ne croyez pas que l'exemple est mal choisi? 
Il acquiesce. 
- Quoi qu'il en soit, cela n'a rien à voir avec une faute. Une faute, c'est quelque chose qui va à l'encontre d'un code personnel que l'on est tous supposés respecter, généralement un code moral."

 

 1776755-0220a44e3f095de01c6d3bb78431f69d.jpg
Tristane Banon (Neuilly-sur-Seine,13juni 1979)

 

 

De Engelse schrijfster, dichteres en vertaalster Dorothy Leigh Sayers werd geboren op 13 juni 1893 in Oxford. Zie ook alle tags voor Dorothy L. Sayers op dit blog.

Uit: Are Women Human? Astute and Witty Essays on the Role of Women in Society

“A man once asked me ... how I managed in my books to write such natural conversation between men when they were by themselves. Was I, by any chance, a member of a large, mixed family with a lot of male friends? I replied that, on the contrary, I was an only child and had practically never seen or spoken to any men of my own age till I was about twenty-five. "Well," said the man, "I shouldn't have expected a woman (meaning me) to have been able to make it so convincing." I replied that I had coped with this difficult problem by making my men talk, as far as possible, like ordinary human beings. This aspect of the matter seemed to surprise the other speaker; he said no more, but took it away to chew it over. One of these days it may quite likely occur to him that women, as well as men, when left to themselves, talk very much like human beings also.”
(…)

“In reaction against the age-old slogan, "woman is the weaker vessel," or the still more offensive, "woman is a divine creature," we have, I think, allowed ourselves to drift into asserting that "a woman is as good as a man," without always pausing to think what exactly we mean by that. What, I feel, we ought to mean is something so obvious that it is apt to escape attention altogether, viz: (...) that a woman is just as much an ordinary human being as a man, with the same individual preferences, and with just as much right to the tastes and preferences of an individual. What is repugnant to every human being is to be reckoned always as a member of a class and not as an individual person.”

 

 1776755-77770c6f64aae20f034771d3fa6c6e54.jpg
Dorothy L. Sayers (13 juni 1893 – 17 december 1957)

 

 

De Britse schrijver en presentator Marcel Theroux werd geboren op 13 juni 1968 in Kampala, Oeganda. Zie ook alle tags voor Marcel Theroux op dit blog.

Uit: Far North

“It'salmost worth more to me as firewood. Some winters I've looked at it longingly as I sat under a pile of blankets, teeth chattering in my head, snow piled up to the eaves, and thought to myself, Damn it, take a hatchet to it, Makepeace, and be warm again! But it's a point of pride with me that I never have. Where will I get another pianola from? And just because I can't tune the thing and don't know anybody who can, that doesn't mean that person doesn't exist, or won't be born one day. Our generation's not big on reading or tuning pianolas. But our parents and their parents had plenty to be proud of. Just look at that thing if you don't believe me: the burl on the maple veneer, and the workmanship on her brass pedals. The man who made that cared about what he was doing. He made that pianola with love. It's not for me to burn it.
The books all belonged to my folks. Charlo and my ma were the big readers. Except for that bottom shelf. I brought those back here myself.
Usually when I come across books I take them to an old armory on Delancey. It's empty now, but there's so much steel in the outer door, you'd need a keg of gunpowder to get to them without the key. As I said, I don't read them myself, but it's important to put them aside for someone who will. Maybe it's written in one of them how to tune a pianola.
I found them like this: I was going down Mercer Street one morning. It was deep winter. Snow every where, but no wind, and the breath from the mare's nostrils rising up like steam from a kettle. On a windless day, the snow damps the sound, and the silence every where is eerie. Just that crunch of hooves, and those little sighs of breath from the animal.
All of a sudden, there's a crash, and a big armful of books flops into the snow from what must have been the last unbroken window on the entire street until that moment. The horse reared up at the sound. When I had her calm again, I looked up at the window, and what do you know, there's a little figure hang-dropping into the books.”

 

 1776755-ada7dd6242bb7b329fb344b4f2b859ac.jpg
Marcel Theroux (Kampala, 13 juni 1968)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 13e juni ook mijn vorige blog van vandaag.

Geschreven door Romenu om 13:33 Reageer op dit bericht

Gonzalo Torrente Ballester, Lode Zielens, Hector de Saint-Denys Garneau, Fanny Burney, Bruno Frank, Leopoldo Lugones, Heinrich Hoffmann

De Spaans-Galicische schrijver Gonzalo Torrente Ballester werd geboren op 13 juni 1910 in Serantes, Ferrol, Galicië. Zie ook alle tags voor Gonzalo Torrente Ballester op dit blog.

Uit: Santiago de Compostela (Vertaald door Victor Andrés Ferretti en Karina Gómez-Montero)

„Zuträglicher wäre es, hinter jedem Namen einen Mythos zu vermuten, die Augen vor der Vergangenheit zu verschlie-ßen, die Dokumente zu vergessen und daran zu glauben, dass Compostela eben erst entstanden ist. Betrachtet, was ihr seht, einfach als ein Geschenk der Engel. Und wenn der Betrachter Protestant ist und nicht an Engel glaubt – Compostela wird er gläubig wieder verlassen –, dann sollte er die Stadt für ein Geschenk der Feen halten, so er an Feen glaubt. Und wenn er auch das nicht tut, mag sie ihm als Geschenk des Geistes erscheinen, an den sich seine Seele klammert, um nicht den Verstand zu verlieren. Nur wenn er nicht einmal an den Geist glaubt, sollte er sich an die Wissenschaft halten. Aber dann wird er Compostela niemals verstehen.
Vergesst nicht: Einzig diejenigen, die sich die Fähigkeit zu staunen bewahrt haben, finden den Weg in die Stadt. Das Stau­ nen wird ihnen die Offenbarung sichtbar machen, welche Gott uns senden will und welche die Steine und die Namen jedem deutlich verkünden, der Augen hat zu sehen und Ohren zu hören. Natürlich bleibt noch der Weg der Gelehrsamkeit: Man kann an jedem Stein ein Schild befestigen, ihn mit Namen und Datum versehen und die unterschiedlichen Stile präzise be-stimmen, um sich genüsslich der Betrachtung der Architektur hinzugeben. Und es gibt den anderen, lichten Weg, den Weg der herrlichen Hypothesen und prächtigen Theorien, der An­ deutungen und überaus poetischen historischen Fälschungen. Aber nein, das Ergebnis wird niemals Compostela sein.”

 

 1776747-c550132b468544a7fabfd6fa2ead02be.jpg
Gonzalo Torrente Ballester (13 juni 1910 – 27 januari 1999)
Borstbeeld in Ferrol

 

 

De Vlaamse schrijver Lode Zielens werd geboren in Antwerpen op 13 juni 1901. Zie ook alle tags voor Lode Zielens op dit blog.

Uit: Het duistere bloed

“Mijn vader baatte destijds een gasterije uit te Antwerpen: ‘Het rood Konijn’. Binnen haar zweetende muren kwamen meestal overspelige dames en heeren hun schamele liefde verbergen.
Als vereenzaamd kind, geheel aangewezen op de hulp van dienstboden, was me nochthans dit groote, droeve huis lief om de vele duistere gangen en trappen, om de vele, zij het dan duffe kamers, waarin ik dartelen en joelen kon naar welbehagen als de meisjes ze schoonmaakten. De meiden vertroetelden mij, deels uit medelijden om mijn verlatenheid, deels uit lust. Vooral met één ging ik zeer vertrouwelijk om en ook zij onderscheidde zich van al de anderen door haar bijzondere liefkoozingen. Zij deed mij nooit pijn, zooals de anderen in hun wildheid vaak deden, maar was steeds van een zachtheid, welke mij zeer voor haar innam. Die eene was Anna, - de vertrouwelinge van mijn vader. Daar zij vooral zoo lief tegen mij was als niemand ons kon zien prikkelde zij bij mij al vrij spoedig den drang naar het ongewetene, het geheimzinnige, - wat elk kind aangeboren is.
Niemand sprak mij ooit van mijn moeder. Nochthans had ik eenig besef van haar tegenwoordigheid in dit huis. Ik zie ze met mij op wandel om op de Groenplaats een kerstboom te koopen. Zij is zeer ernstig, - haar gelaat staat strak. Zij koopt den boom, zonder een woord tot den handelaar te zeggen. Ik herinner mij het ontglooien van den boom en de algemeene vreugde in huis. En hoe laat ik opblijven mag! Maar nog zie ik moeders bleek gelaat aan het eind van de tafel, - en hoe ze plots in schreien uitbreekt en wegloopt. Een tijd nadien is ze uit het huis verdwenen. Er was veel lawaai van vader. Een hooge mannenstem lachte hoonend, - er was een vrouw, die de trappen afvluchtte. Ik lig in mijn bedje te huiveren van angst en van kou, - men heeft mij te weinig deksel gegeven. Ik houd den adem in om beter te kunnen hooren. Dan wordt het heel stil. En den volgenden dag is moeder verdwenen.”

 

 1776747-1b55b6a451dfd521659ea522bb5546f2.gif
Lode Zielens (13 juni 1901 - 28 november 1944)
In 1936 

 

 

De Frans-Canadese dichter en schilder Hector de Saint-Denys Garneau werd geboren op 13 juni 1912 in Montréal. Zie ook alle tags voor Hector de Saint-Denys Garneau op dit blog..

 

Ah ! ce n'est pas la peine...

Ah ! ce n'est pas la peine qu'on en vive
Quand on en meurt si bien
Pas la peine de vivre
Et voir cela mourir, mourir
Le soleil et les étoiles

Ah ! ce n'est pas la peine de vivre
Et de survivre aux fleurs
Et de survivre au feu, des cendres
Mais il vaudrait si mieux qu'on meure
Avec la fleur dans le coeur
Avec cette éclatante
Fleur de feu dans le coeur.

 

 1776747-2827997719080ecd0371696c137ec9fe.jpg
Les foins

 

 

La grande voix du vent

La grande voix du vent
Toute une voix confuse au loin
Puis qui grandit en s'approchant,
Devient
Cette voix-ci, cette voix-là
De cet arbre et de cet autre
Et continue et redevient
Une grande voix confuse au loin

 

 

 1776747-ae03f9f6da91ad7dcae6bb825faa366e.jpg
Hector de Saint-Denys Garneau (13 juni 1912 – 24 oktober 1943)
Portret door  Christian Tiffet

 

 

De Engelse schrijfster Frances „Fanny“ Burney werd geboren op 13 juni 1752 in King's Lynn, Norfolk. Zie ook alle tags voor Fanny Burney op dit blog.

Uit: Evelina

“I have the honour to be quite of your Lordship's opinion," said Mr. Lovel, looking maliciously at Mrs. Selwyn, "for I have an insuperable aversion to strength, either of body or mind, in a female."
"Faith, and so have I," said Mr. Coverley; "for egad I'd as soon see a woman chop wood, as hear her chop logic."
"So would every man in his senses," said Lord Merton; "for a woman wants nothing to recommend her but beauty and good nature; in every thing else she is either impertinent or unnatural. For my part, deuce take me if ever I wish to hear a word of sense from a woman as long as I live!"
"It has always been agreed," said Mrs. Selwyn, looking round her with the utmost contempt, "that no man ought to be connected with a woman whose understanding is superior to his own. Now I very much fear, that to accommodate all this good company, according to such a rule, would be utterly impracticable, unless we should chuse subjects from Swift's hospital of idiots.”
(…)

“Young, animated, entirely off your guard, and thoughtless of consequences, Imagination took the reins; and Reason, slow-paced, though sure-footed, was unequal to the race of so eccentric and flighty a companion. How rapid was then my Evelina's progress through those regions of fancy and passion whither her new guide conducted her!-She saw Lord Orville at a ball,-and he was the most amiable of men! -She met him again at another,-and he had every virtue under Heaven!”

 

 1776747-171b434be9eddceb499c7c1540ab8028.jpg
Fanny Burney (13 juni 1752 – 6 januari 1840)
Cover 

 

 

De Duitse schrijver Bruno Frank werd geboren in Stuttgart op 13 juni 1887. Zie ook alle tags voor Bruno Frank op dit blog.

Uit: Der Bürger als Künstler (Biografie door Sascha Kirchner)

„Die von Einstein und Frank geleitete Privatbank erlebte in den Jahren bis zum Ersten Weltkrieg anscheinend einen bemerkenswerten Aufstieg ; die beiden Inhaber werden von Maria Zelzer in ihrem Erinnerungsbuch zu den »neu aufstrebenden Reichen der Stuttgarter jüdischen Gemeinde« gezählt. Die Stuttgarter Juden waren, gemessen an ihrem Bevölkerungsanteil, unter den wohlhabenden Bürgern der Stadt überdurchschnittlich stark vertreten. Für das Jahr 1914 lassen sich die finanziellen Verhältnisse Sigismund Franks genau beziffern : Er besaß zwei Millionen Mark Vermögen und versteuerte ein Jahreseinkommen von 140.000 Mark.
Die Firma Gebrüder Rosenfeld war seit 1912 in der Kronprinzstraße 30 ansässig, in bester Innenstadtlage von Stuttgart. Später, im Juni 1921, traten Helmuth Frank und Edgar Einstein, die Söhne der Inhaber, als weitere Gesellschafter in die Firma ein.
Die Familie Frank wohnte zunächst in der Silberburgstraße 195, dann in der Forststraße 68.
Das Milieu, in dem Bruno Frank aufwuchs, wurde vom Geld regiert. Gegen die Ausschließlichkeit des »Erwerbstriebes« polemisiert der Erzähler in Franks zweiter Veröffentlichung, dem Prosabüchlein „Im dunkeln Zimmer“: »Erwerben ! Das große und schreckliche Wort schließt alles für sie ein, wovon sich reden, woran sich denken läßt, selbst dann noch, wenn längst keine Not mehr drängt, sondern behaglicher Überfluß vorhanden ist. [...] Wo steckt aber die Würde im Tun dieser ehrbaren, aneinandergereihten Geschlechter, die sich ausschließlich dem Erwerben weihen ? « Hier spricht der durchaus verwöhnte, dem Leben und den schönen Künsten zugewandte Bankierssohn selbst. Diejenigen, die sich ganz der Arbeit widmen hingegen – so läßt er seinen Erzähler sagen –, »erklären Genuß und Freude und Kunst und was noch alles für ein Nichts, für einen leeren Klingklang, für Allotria, für unwürdig«

 

 1776747-1665feaceb9025864a535f28940df1c9.jpg
Bruno Frank (13 juni 1887 - 20 juni 1945)
In 1934 

 

 

De Argentijnse schrijver en journalist Leopoldo Lugones Argüello werd geboren op 13 juni 1874 in Villa María del Río Seco, een stad Córdoba, in het hart van Argentinië. Zie ook alle tags voor Leopoldo Lugones op dit blog.

 

Indulgence

The afternoon, with light strokes
that lit the peace of our asylum,
sketched in chrysoberylic shades
a subtle violet decoration.

The moon surged enormous in the thicket;
the leaves increased their secret;
and a spider, on the point of its thread,
was weaving hypnotized above the spheric moon.

Bats filled the crooked arc
of sky, as on a Chinese screen;
your bloodless knees against the plinth

revealed our motionless delight,
at our feet a sapphire river
ran in silence toward it death.

 

Vertaald door Julie Schumacher

 

 1776747-7cbe3ce1d65840aa78ecdef7f4a5f2ac.jpg
Leopoldo Lugones (13 juni 1874 – 18 februari 1938)
In 1922

 

 

De Duitse schrijver en psychiater Heinrich Hoffmann werd geboren op 13 juni 1809 in Frankfurt am Main. Zie ook alle tags voor Heinrich Hoffmann op dit blog.

 

Die Geschichte vom Suppen-Kaspar

Der Kaspar, der war kerngesund,
ein dicker Bub und kugelrund,
Er hatte Backen rot und frisch;
Die Suppe aß er hübsch bei Tisch.
Doch einmal fing er an zu schrei’n:
»Ich esse keine Suppe! Nein!
Ich esse meine Suppe nicht!
Nein, meine Suppe ess’ ich nicht!«
Am nächsten Tag, — ja sieh nur her!
da war er schon viel magerer.
Da fing er wieder an zu schrei’n:
»Ich esse keine Suppe! Nein!
Ich esse meine Suppe nicht!
Nein, meine Suppe ess’ ich nicht!«
Am dritten Tag, o weh und ach!
Wie ist der Kaspar dünn und schwach!
Doch als die Suppe kam herein,
gleich fing er wieder an zu schrei’n:
»Ich esse keine Suppe! Nein!
Ich esse meine Suppe nicht!
Nein, meine Suppe eß ich nicht!«
Am vierten Tage endlich gar
der Kaspar wie ein Fädchen war.
Er wog vielleicht ein halbes Lot —
und war am fünften Tage tot.

 

 1776747-9582edf8f0b881ac661f4c7314f9f77b.jpg
Heinrich Hoffmann (13 juni 1809 – 20 september 1894)
Illustratie bij Die Geschichte vom Suppen-Kaspar

Geschreven door Romenu om 13:12 Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten