Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
akke.beakke.be

Berichten van 16 december 2015 tot 17 december 2015

Ronald Giphart, Yvonne Keuls, Jón Kalman Stefánsson, Frank Martinus Arion, Paul Snoek, Hans Henny Jahnn, Jules de Goncourt

De Nederlandse schrijver Ronald Giphart werd geboren op 17 december 1965 in Dordrecht. Zie ook alle tags voor Ronald Giphart op dit blog.

Uit:Dahag, lieve vrienden!

“Tussen die Amsterdamse geniaaltjes zat ik er maar een beetje zwijgend bij. Ik luisterde naar hun felle debatten, ik glimlachte onzichtbaar om hun aandoenlijk principiële meningen, ik grinnikte onhoorbaar om de stroom literaire monstruositeiten, terwijl ik ondertussen dacht: Waar is bij mij dat Ware Vuur gebleven? Ik stel me deze vraag wel vaker, meestal als ik in een stadsbus zit tussen de trouwe belastingbetalers op weg naar mijn ‘schrijfateliertje’ in de binnenstad, of als ik mij door een regenbui en een windhoos naar het ziekenhuis wring om mijn gezondheid te verpesten met een wurgende dienst van zeven aaneengesloten nachten. Hallo Dostojevsky, hoor ik een stem dan zeggen, waar zijn wij nu helemaal mee bezig?
Tom Lanoye schrijft in zijn gedicht ‘Het vuurpeleton’ uit de bundel Hanestaart (wanneer schrijft een van jullie aankomende wetenschappers dáár eens een afstudeerscriptie over?): ‘Waarom heb ik mijzelf tot schrijven geprogrammeerd, terwijl ik weet dat het me afleert om te leven? Ik kan mij niet meer geven [...] of ik zit mezelf over mijn eigen schouder te observeren, op zoek naar een groot literair verband.’
Zoals ik al zei ben ik tijdens de ascetische stemming waarin ik mijzelf de afgelopen maanden gebracht heb tot de conclusie gekomen dat ik alle vreselijke moedwillige ontberingen (dat slopende nachtritme, die minimale verdiensten, die voortdurende beschimpingen, dat voortdurende opgehemel waarmee ik me geen raad weet, die liefdesbrieven, dat ‘afgeleerde leven’) natuurlijk niet onderga om gratis voor Vooys en andere ‘Ware Vuur’-loze blaadjes te schrijven ten koste van eventuele prachtige romans. Met andere woorden: dit is mijn laatste column, want ik ga weer aan het werk.
‘Wij moeten 100.000 boeken schrijven, met z'n allen, en om ter dunst.’ schrijft Lanoye in ‘Het vuurpeleton’, waarna hij besluit met: ‘Ik wou dat ik kon geloven in kunst.’ Ik wou dat ik dat ook kon. Doei, lieve mensen.”

 

 1852413-0f9559e6de52c16778fa7a297459e6a1.jpg
Ronald Giphart (Dordrecht, 17 december 1965)

 

 

De Nederlandse schrijfster Yvonne Keuls werd geboren op 17 december 1931 in Batavia, toen nog een onderdeel van Nederlands-Indië. Zie ook alle tags voor Yvonne Keuls op dit blog.

Uit: Familiegedoe

“Rosaline ligt met haar vierde kind in het kraambed als er in de winkel brand uitbreekt en zij met kin lief door rook en vlammen de vlucht moet nemen. Door dit voorval krijgt zij psychische problemen, want in die tijd was er natuurlijk geen slachtofferhulp Zij ziet plots koningen en prinsessen in gouden gewaden verschijnen. Zij groet ze nederig en spreekt ze aan. Dat wekt verbazing binnen de familie en er wordt met spoed een vergadering belegd. Is Rosaline wel in staat om een goede katholieke moeder te zijn?
Als zij nu engelen had gezien of desnoods de Maagd Maria, ja, dat zou iedereen kunnen begrijpen. Maar de verschijning van dat gekroonde stelletje ongeregeld, dat bij navraag niet eens omhangen was met kruisen, voorspelde niet veel goeds.
Rosaline moet nodig worden opgenomen in de psychiatrische instelling Endegeest, dat lijkt de familie het beste. Maar zo nu en dan mag ze een poosje naar huis, alwaar ze door haar echtgenoot meteen zwanger wordt gemaakt, een activiteit waarmee hij plichtsgetrouw doorgaat tot het dozijn compleet is en Rosaline - die nog steeds bezoek krijgt van koningen en prinsessen - voorgoed in Endegeest kan worden opgeborgen. (Op hoge leeftijd overlijdt ze daar, volgens het bidprentje ‘Hem dankend voor al dat lijden van tientallen jaren’.)
De door elkaar heen krioelende kinderen ten huize Hooigracht worden nu door de overgebleven moedersloof verder opgevoed en de beide broers Carolus en Petrus Jacobus (die ik vanaf nu als een soapster P.J. ga noemen) ploeteren samen wat af om hun bloedjes in leven te houden. Tot zich een nieuwe ramp voltrekt, een ramp die de jaarlijkse reünie van de Keulsen altijd langdurig bezighoudt. (Want alle Keulsen zijn nu eenmaal dol op hun eigen voorbije ellende.) Een van de reünisten - die de Leidse stadsarchieven heeft doorgelicht - kan ons hier alles over vertellen.”

 

 1852413-6ac623a706d756296e5fc94c920406a8.jpg
Yvonne Keuls (Batavia, 17 december 1931)
 

 

 

De IJslandse schrijver Jón Kalman Stefánsson werd geboren in Reykjavík op 17 december 1963. Zie ook alle tags voor Jón Kalman Stefánsson op dit blog.

Uit: Heaven and Hell (Vertaald door Philip Roughton)

“Two long weeks and when the weather finally settled it looked quite as if the world had returned, look, there’s the sky, so it’s true, it exists, and the horizon is a fact! Yesterday the storm’s fury had slackened so much that they could clear rocks from the landing, clambered down there, twelve in number from both huts, two crews, toiled away moving huge stones tossed by the sea onto the landing, mere pebbles beneath which they lost their footing, scratched and bloodied themselves, six hours of labour on the slippery fore-shore. This morning a wind blew from the west, rather weakly, but when it blows from the west the breakers frequently make voyages impossible, it’s a crying shame, almost vilifying, to see this foaming obstruction and the sea beyond it more or less calm enough for sailing. One’s temper is soothed, however, by knowing that cod shy away in the western wind, simply vanish, and besides, it provides an excellent opportunity to make a trip into town. Men left the main huts in groups, the beaches teeming and the mountainsides crawling with fishermen.
Bárur and the boy sometimes catch a glimpse of the group ahead of them and modify their pace in such a way that they draw farther apart rather than closer together, the two of them travel by themselves, it’s best that way, so much that needs to be said intended for just the two of them, about poetry, about dreams and the things that cause us sleepless nights.
They have just crossed over the Impassable. From here it is approximately a half-hour’s walk home to the hut, for the most part along the stony beach where the sea snaps at them. They stand high up on the slope, put off the descent, look out over more than ten kilometres of cold blue sea that tosses and turns as if impatient at the head of the fjord, and at the white beach opposite. The snow never fully leaves it, no summer manages to melt the snow completely, and still folk live wherever there is even a trace of a bay. Wherever the sea is fairly accessible there stands a farm, and at midsummer the little home-field surrounding it turns green, pale green areas of tussocky ground stretch up the mountainside and yellow dandelions kindle in the grass, but even further away, to the north-east, they see more mountains rise into the grey winter sky: these are the Strands, where the world ends. Bárur removes his bag, takes out a bottle ofbrennivín, they both take a gulp.”

 

 1852413-8c2c43cb85b872c931e94f8ed23850db.jpg
Jón Kalman Stefánsson (Reykjavík, 17 december 1963)

 

 

De Antilliaanse dichter en schrijver Frank Martinus Arion werd geboren op 17 december 1936 op Curaçao. Frank Martinus Arion overleed op 27 september jongstleden. Zie ook alle tags voor Frank Martinus Arion op dit blog.

 

Negers

Negers hebben eigenlijk geen taal
Zij doen maar alsof zij spreken.

Zij lenen in het land van hun inwoning
Enkele voor de hand liggende woorden
Om hun behoeften mee te doen.

Negers hebben hun spraakorganen groots weggegeven
Reeds in de twintiger jaren
En met wat uit die jaren over is
Bootsen zij heden ten dage stemmen na.

Negers hebben eigenlijk geen taal, helaas.
En als het erop aankomt ook geen leven.
Dat hebben zij vóór de twintiger jaren al weggegeven
Aan Amerika, Europa en aan enkele andere landen.

 

 1852413-d93f1a6f87d23ccae25673ef2d1b54d1.jpg
Frank Martinus Arion (17 december 1936 - 27 september 2015)

 

 

De Vlaamse dichter, schrijver en schilder Paul Snoek werd geboren in Sint-Niklaas op 17 december 1933. Zie ook alle tags voor Paul Snoek op dit blog.

 

Zeewaarts gezegd

De zee is trots op haar duinen.
Brekensgereed houdt zij de duinen bestendig.
Zij heeft haar kusten lief en kust ze.

De zee plant zich voort in het water.
De zee is voedzaam als een rijpe boomgaard.
Zij is de moeder van de grootste sterren.

De zee is een regen van goedheid,
beken het maar, zij is onmisbaar.
De zee blijft zoals altijd altoos vrede,
want in zee werd nog niemand mishandeld.

 

 

Negende gedicht voor Maria Magdalena

Ik heb je aan de ketting van mijn slaap gelegd.
De kamer stuiptrekt en het bed wordt groot.
Mijn zaad bevlekt de lakens met violette tatoeages.

De lege lamp voltooit ondraaglijk het lichtjaar.

Wij weten weinig van de weelde, maar we weten
dat weelde niet meer wederkerig is. Immers
na de paartijd gaan de vrienden huiswaarts
blauw geschminkt als een onweer en somber.

De liefde leeft niet van de mens alleen.

 

 1852413-c0eed244971dbfd740304703ed4722d5.jpg
Paul Snoek (17 december 1933 – 19 oktober 1981)

 

 

De Duitse schrijver Hans Henny Jahnn werd geboren op 17 december 1894 in Hamburg.Zie ook alle tags voor Hans Henny Jahn op dit blog.

Uit: Das Holzschiff

„Das Schiff fuhr mit dunklen bauchigen Segeln über den Abgründen, die mit Wasser ausgefüllt sind. Die Luft war ungewöhnlich lange nur voll leichter Wirbel gewesen. Der neue Tag, wie um den Triumph des weißen Lichtes zu überhöhen, war klar und kalt, ganz ausgeleuchtet mit dem Schimmer der silbrigen Helligkeit. Die Gegenstände an Deck erschienen allesamt hart, unförmig, gar nicht der geringen Bewegung von Wasser und Wind angemessen. Noch vor Abend strichen warme Schwaden um das Schiff. Unbegreiflich schnell mischte sich die fahle Kälte mit dem lauen Dunst. Nebelmauern rückten heran. Wolken, kaum wahrgenommen, fielen schon aus der Höhe herab und umdampften das Schiff. Masten und Segel wuchsen riesenhaft. Vor kurzem noch war der Horizont das Maß aller Dinge gewesen. Jetzt war das Sichtbare verengt. Das Gebilde aus Menschenhand schwebte im Nebelmeer, war von der Erde abgestürzt.“

 

 1852413-8fc9946901a69d4262402cd2f4787152.jpg
Hans Henny Jahnn (17 december 1894 – 29 november 1959)
Portret door  Dieter Braun

 

 

De Franse schrijver Jules de Goncourt werd geboren op 17 december 1830 in Parijs. Zie ook alle tags voor Jules de Goncourt op dit blog.

Uit: Germinie Lacerteux (Door Jules en Edouard de Goncourt)

« Les croix de la semaine, de l’avant-veille, de la veille, descendaient la coulée de la terre ; elles glissaient, elles enfonçaient, et, comme emportées sur la pente d’un précipice, elles semblaient faire de grandes enjambées.
Mademoiselle se mit à remonter ces croix, se penchant sur chacune, épelant les dates, cherchant les noms avec ses mauvais yeux. Elle arriva à des croix du 8 novembre : c’était la veille de la mort de Germinie, Germinie devait être à côté. Il y avait cinq croix du 9 novembre, cinq croix toutes serrées : Germinie n’était pas dans le tas. Mlle de Varandeuil alla un peu plus loin, aux croix du 10, puis aux croix du 11, puis aux croix du 12. Elle revint au 8, regarda encore partout : il n’y avait rien, absolument rien… Germinie avait été enterrée sans une croix ! On n’avait pas même planté un morceau de bois pour la reconnaître !
À la fin, la vieille demoiselle se laissa tomber à genoux dans la neige, entre deux croix dont l’une portait 9 novembre et l’autre 10 novembre. Ce qui devait rester de Germinie devait être à peu près là. Sa tombe vague était ce terrain vague. Pour prier sur elle, il fallait prier au petit bonheur entre deux, dates, — comme si la destinée de la pauvre fille avait voulu qu’il n’y eût, sur la terre, pas plus de place pour son corps que pour son cœur!"

 1852413-01df47a096ff0ccfd0de217fe4242bb4.jpg
Jules de Goncourt (17 december 1830 - 20 juni 1870)
Cover

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 17e december ook mijn blog van 17 december 2014 en ook mijn blog van 17 december 2011 deel 2 en eveneens deel 3.

Geschreven door Romenu om 18:50 Reageer op dit bericht

Adriaan van Dis, Jane Austen, Adriaan van der Veen, Noël Coward, Tip Marugg

De Nederlandse schrijver en televisiemaker Adriaan van Dis werd op 16 december 1946 geboren in het Noord-Hollandse Bergen aan Zee. Zie ook alle tags voor Adriaan van Dis op dit blog.

Uit:Ik kom terug

“… Ik moest mij goed gedragen, onze toekomst stond op het spel. Hun geld zou ons bevrijden van zuinigheid en oorlogsangst. Speciaal voor het bezoek droeg ik een grijsfluwelen lange broek met omslag. Hij jeukte van nieuwigheid. Tante Elise en tante Desiree koesterden hun afkomst, generaties geleden waren hun voorvaderen voor de roomsen uit het zuiden van Frankrijk naar het noorden gevlucht.‘Vaudois’ noemden ze zich, maar wij zeiden thuis gewoon waldenzen. De tantes hingen nog altijd aan een familiewapen uit die tijd, al hadden ze zich vermengd met Brabantse boeren en deelden we dezelfde achternaam. Vroom zijn was hun hobby en ik zat nog niet of de tantes lazen me de les. Of ik wel wist hoe de Vaudois geleden hadden? Opgejaagd waren ze, door de inquisitie vervolgd om hun sober geloof. Waar ze in Frankrijk ook heen vluchtten, tot aan de Alpengrotten toe, keer op keer werden hun kale kerken verbrand en hun nederzettingen vernietigd. Vrouwen hadden moeten toezien hoe de roomsen hun baby’s tegen de rotsen smakten, jonge zonen werden in stukken gesneden en hun lichaamsdelen in de velden omgeploegd en de mannen de hersenen uitgesneden. De roomsen kookten die en aten ze op. De tantes lieten me een oude Franse bijbel zien, met roestig bloed op de band. Ik kneep van angst in de tafelrand, mijn moeder keek naar buiten en begon over het weer. ‘Wij zijn de joden van de christenen,’ zei tante Desiree. En ik mocht daarbij horen? …”.
(…)

“… Een vreemde taal was in haar strot gekropen, een mannenstem. Mōshiwake gozaimasen! Tennõheika no meirei deshita! Mōshiwake gozaimasen! De stem zong en snauwde tegelijk. Mijn moeder boog voorover tot haar voorhoofd de tafel raakte. De dames hesen haar op. Maar ze sloeg ze van zich af. De Russin peuterde de banderol van de dop van de wodkafles. Ik sloop beschaamd weg. De vreemde stem vulde de gang, de trap, mijn kamer, tot een hoge gil hem overtrof. Ik werd naar beneden geroepen. Mijn moeder lag half onder de tafel, ze was in trance van haar stoel gegleden. De handoplegster zat geknield naast haar en jammerde met haar mee. De stem had Japans gesproken…”.

 

 1852078-9f3c22f1efcd5f5835bf7480adced368.jpg
Adriaan van Dis (Bergen aan Zee, 16 december 1946)

 

 

De Engelse schrijfster Jane Austen werd geboren op 16 december 1775 in Steventon, Hampshire. Zie ook alle tags voor Jane Austen op dit blog.

Uit: Emma

“Sorrow came—a gentle sorrow—but not at all in the shape of any disagreeable consciousness.—Miss Taylor married. It was Miss Taylor's loss which first brought grief. It was on the wedding-day of this beloved friend that Emma first sat in mournful thought of any continuance. The wedding over and the bride-people gone, her father and herself were left to dine together, with no prospect of a third to cheer a long evening. Her father composed himself to sleep after dinner, as usual, and she had then only to sit and think of what she had lost.
The event had every promise of happiness for her friend. Mr. Weston was a man of unexceptionable character, easy fortune, suitable age, and pleasant manners; and there was some satisfaction in considering with what self-denying, generous friendship she had always wished and promoted the match; but it was a black morning's work for her. The want of Miss Taylor would be felt every hour of every day. She recalled her past kindness—the kindness, the affection of sixteen years—how she had taught and how she had played with her from five years old—how she had devoted all her powers to attach and amuse her in health—and how nursed her through the various illnesses of childhood. A large debt of gratitude was owing here; but the intercourse of the last seven years, the equal footing and perfect unreserve which had soon followed Isabella's marriage on their being left to each other, was yet a dearer, tenderer recollection. It had been a friend and companion such as few possessed, intelligent, well-informed, useful, gentle, knowing all the ways of the family, interested in all its concerns, and peculiarly interested in herself, in every pleasure, every scheme of her's;—one to whom she could speak every thought as it arose, and who had such an affection for her as could never find fault.”

 

 1852078-e0a2d19071e1211655e87d6e80ad6d61.jpg
Jane Austen (16 december 1775 – 18 juli 1817)
Jeremy Northam (George Knightley) en Gwyneth Paltrow (Emma) in de film uit 1996

 

 

De Nederlandse schrijver Adriaan van der Veen werd geboren op 16 december 1916 in Schiedam. Zie ook alle tags voor Adriaan van der Veen op dit blog.

Uit: Het wilde feest

“Er was een mager meisje met zwierende rokken, altijd druk aan de arm van vriendinnen, die met haar grote schuchtere ogen tersluiks naar mij keek en de hele reis door steeds ergens op de achtergrond was, lopend, draaiend, dansend, onverwacht achter deuren of om de hoek van gangen opduikend. Het magere lijfje fladderde en de handen bracht zij theatraal tezamen, het hoofd geheven en de mond geopend in een geschandaliseerd oooh..., als zij mij op een nieuwe lichtzinnigheid had betrapt. Naast de intiem donkere meisjes viel zij op, haar Duits was melodieus, en in haar banaalste zinnen drong haar intense verbazing nog door over het vreemde leven, wantrouwde mij heel erg, sinds zij mij - en geschrokken had zij met haar handen haar mond bedekt - het mollige meisje achter de hut van de marconist had zien zoenen. Als zij mij zag aankomen, was haar lichaam een ogenblik verstard in echte en half gespeelde ontsteltenis en dan in een oogwenk fladderde zij weg, een hoek om. Ik had haar graag willen vangen om met mijn armen om haar heen naar haar wild kloppende hart te luisteren.
Zij was eerder mijn droombeeld dan het korte mollige meisje, dat met haar broertje al een paar jaar in Engeland had gewoond en nu op weg was naar haar oom, die in San Francisco een warenhuis had. Maar met haar ging het vanzelf en zij probeerde alles voor mij te beslissen. Zij ging's avonds, wanneer wij dachten dat niemand ons zag, mee naar mijn hut, zij heel zeker en een beetje kortademig voor mij uit lopend. En wanneer wij binnen stonden, kneep zij haar ogen dicht, kreunde en sloeg haar armen om mij heen. Dat was haar oorlogskreet. Op een keer toen zij weer stevig haar ogen dicht had, meer alsof zij een explosie dan een kus verwachtte, barstte ik in lachen uit. Zij sperde haar ogen beduusd open, maar was niet kwaad. Ik was op de rand van mijn bed gaan zitten en zij viel voor mij neer en begon mij in de maag te stompen. ‘Je bent een ongevoelige ijsklomp. Je weet niets, poor boy! Je weet niet eens wat passie is’ en zij stootte met haar hoofd tegen mijn maag, zodat ik naar adem snakte en achterover viel.”

 

 1852078-f466ddd8e81670f04b3363894cedbd5b.jpg
Adriaan van der Veen (16 december 1916 – 7 maart 2003)
Winter in Schiedam

 

 

De Engelse schrijver en songwriter Noël Coward werd geboren op 16 december 1899 in Teddington, Londen. Zie ook alle tags voor Noël Coward op dit blog.

Uit:I'll Leave It To You

““Joyce. You're not my idolized brother at all—Oliver is. (Turning away, pouting.)
Bobbie (seated R. on Chesterfield, sweetly). If that were really so, dear, I know you have much too kind a heart to let me know it.
Sylvia. What is the matter with you this afternoon, Bobbie—you are very up in the air about something.
(Joyce takes her coat off, puts on back of chair R. of table).
Bobbie (rising and sitting on club fender). Merely another instance of the triumph of mind over matter; in this case a long and healthy walk was the matter. I went into the lobby to put on my snow boots and then—as is usually the case with me—my mind won. I thought of tea, crumpets and comfort. Oliver has gone without me, he simply bursts with health and extraordinary dullness. Personally I shall continue to be delicate and interesting.
Sylvia (seriously). You may have to work, Bobbie.
Bobbie. Really, Sylvia, you do say the most awful things, remember Joyce is only a school-girl, she'll be quite shocked.
Joyce. We work jolly hard at school, anyhow.
Bobbie. Oh, no, you don't. I've read the modern novelists, and I know; all you do is walk about with arms entwined, and write poems of tigerish adoration to your mistresses. It's a beautiful existence.
Joyce. You are a silly ass. (Picks up magazine.)
Sylvia. It's all very well to go on fooling Bobbie, but really we shall have to pull ourselves together a bit. Mother's very worried, as you know, money troubles are perfectly beastly, and she hasn't told us nearly all. I do so hate her to be upset, poor darling.
Bobbie. What can we do? (Sits L. end of Chesterfield. Joyce puts down magazine and listens.)"

 

 1852078-ab25687994dc0df362624301e5e2aedb.JPG
Noël Coward (16 december 1899 - 26 maart 1973)
Scene uit een opvoering in het  Pentameters Theatre, Londen, 2009

 

 

De Antilliaanse dichter en schrijver Tip Marugg werd geboren op 16 december 1923 in Willemstad, Curaçao. Zie ook alle tags voor Tip Marugg op dit blog.

 

Heb je wel eens een vogel gedood?

Heb je wel eens een vogel gedood?

Heb je wel eens een bloem vertrapt?

Heb je in de spiegel rode
vlekken gezien?
Heb je de zonde uit de
gevangenis bevrijd?
Heb je alle lichten gedoofd
toen je had moeten kijken?
Trilden je handen toen je had
moeten vechten?
Heb je een aalmoes gegeven
met gesloten vuist?
Heb je wierook gebrand om de
deugd weg te houden?
Heb je sigaretten gerookt met
het brandende eind in je mond?
Is je beste vriend de halflege
fles?
Bid dan met gesloten ogen
om niet te weten wat je krijgt
om niet de kunstbloem te
moeten zien

de bloedende vogel, zijn vleugels verroest.

 

 1852078-935153e71861bd10ed00d286d9aa5fbc.jpg
Tip Marugg (16 december 1923 - 22 april 2006)
Cover
 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 16e december ook mijn blog van 16 december 2012 deel 2.

Geschreven door Romenu om 18:16 Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten