Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
akke.beakke.be

Berichten van 22 september 2016 tot 23 september 2016

Peter Drehmanns, Antonio Tabucchi, Tom de Cock, Ellen Warmond, Olga Kirsch, Mary Coleridge, Leni Saris, Jaroslav Seifert

De Nederlandse dichter en schrijver Peter Drehmanns werd op 22 september 1960 in Roermond geboren. Zie ook alle tags voor Peter Drehmanns op dit blog.


Precisering

Ik ben niet degene
die zijn problemen mee naar huis neemt
ik ben niet de man in de trein
tussen alle anderen
niet degene die zijn bloed
te slapen legt in een kantoortuin
of plotgericht de clou incasseert.
 
Niet uitgediept tot bagger, niet geladen
met betekenis ben ik
niet de as die verstrooid
moet worden, niet een kind
van gescheiden ouders
of de zoon van een verstofte mijnwerker.
 
Weet wel: ik zit in mijn stoel
met miskende tepels en afgebrande vleugels
niet doodgeboren maar gewoon
ontoelaatbaar onteerd.

 

Grow what you lack now

er waren dagen
dat het beter ging
dat er kabouterhuisjes
op de graven groeiden
en dat het niet
naar bloeddoorlopen mayonaise rook
 
er waren dagen
dat de koek nog een pact
wilde sluiten met het ei
dat de meisjes mij nog begieterden
met oogsproeisel
met hooggistende glimlach
 
maar gegeven de huidige omstandigheden
verkeer ik onontkoombaar
onder de Ludlum lezende luchtreizigers
en wacht op de vertrektijden
wacht op de dooilucht van de waanzin

 

1958965-fc0ef3040814f1bf8e69782ca7361bfe.jpg
Peter Drehmanns (Roermond, 22 september 1960)

 


De Italiaanse schrijver, vertaler, en literatuurwetenschapper Antonio Tabucchi werd op 23 september 1943 geboren in Pisa. Zie ook mijn blog van 23 september 2010 en eveneens alle tags voor Antonio Tabucchi op dit blog.

Uit: Für Isabel (Vertaald door Karin Fleischanderl)

Und wie heißt du?, fragte er. Ich heiße Waclaw, antwortete ich, aber das ist nur mein Taufname, meine Freunde nennen mich Tadeus. Der misstrauische Blick verschwand und er lächelte breit. Du bist also getauft, sagte er, ein Christ, dann lade ich dich auf ein Getränk ein, was möchtest du? Ich sagte, ich hätte gern einen weißen Portwein, und er rief den Kellner. Ich weiß jetzt, was dir fehlt, nahm der kleine Mann das Gespräch wieder auf, dir fehlt eine Frau, eine schöne achtzehnjährige Afrikanerin, ich kenne eine, die ist billig, fast noch Jungfrau, sie ist gestern von den Kapverden gekommen. Nein danke, sagte ich, ich muss bald gehen, ich werde versuchen, ein Taxi zu bekommen, ich habe heute Abend eine wichtige Verabredung, ich habe gerade keine Zeit für Mädchen. Er sah mich verdutzt an. Hmm, sagte er, aber was suchst du dann in dieser Gegend? Ich zündete mir schweigend eine Zigarette an. Andererseits suche ich schon eine Frau, sagte ich dann, ich versuche etwas über sie herauszufinden, ich bin hier nur zufällig gelandet, um Zeit zu gewinnen, denn ich habe eine Verabredung mit einer Dame, die mir etwas über sie erzählen kann, ich möchte wissen, was sie mir zu sagen hat, und ich werde jetzt besser gehen, an der Haltestelle steht ein Taxi, ich sollte mich beeilen.
Warte einen Augenblick, sagte er, warum suchst du diese Frau, fehlt sie dir? Vielleicht, antwortete ich, sagen wir, ich habe sie aus den Augen verloren und bin extra vom Großen Hund hergekommen, um sie zu suchen, falls dich das interessiert, genau deshalb habe ich diese Verabredung. Und wo findet diese Verabredung statt?, fragte er mich. Im elegantesten Restaurant von ganz Lissabon, antwortete ich, einem Lokal voller Spiegel und Kristalllüster, ich bin noch nie dort gewesen, wahrscheinlich ist es nicht gerade billig, aber ich werde nicht bezahlen, was soll’s, mein Freund, ich bin auf Heimurlaub und habe kaum Geld in der Tasche, ich tue gut daran, Einladungen anzunehmen. Ist das ein Faschistenlokal?, fragte der Alte. Das kann ich dir nicht sagen, antwortete ich, ehrlich gesagt, habe ich darüber noch nie nachgedacht.".



1958965-1f6b201dcc18d1a303c9b431d552f17d.jpg
Antonio Tabucchi (23 september 1943 – 25 maart 2012)
 

 

De Vlaamse schrijver en radio-dj Tom De Cock werd geboren in Rotselaar op 23 september 1983. Hij woont in Borgerhout. Zie ook alle tags voor Tom de Cock op dit blog.

Uit:En toen kwam jij

"Ik weet het, ik weet het. We zitten hier al direct met een serieus probleem. Tegen de tijd dat jij oud genoeg bent om dit boek te lezen, zit je ongetwijfeld net in een levensfase waarin het volstrekt niet cool is dat een van je vaders zijn zielenroerselen heeft neergepend, met jou als hoofdpersonage en geadresseerde. Er zal ongetwijfeld om gelachen worden op school – als ik het daar al niet op een van mijn vele andere excentrieke manieren voor je verpest heb – en ik kan me al helemaal niet voorstellen hoe je dit aan je eerste geliefde gaat uitleggen. Misschien moet ik dat zelf doen. Of niet. Maar toch wilde ik je deze uitdaging niet besparen. Dat ging zo.
Je zou het niet zeggen, maar ik heb een diploma. Dat zou er echter nooit gekomen zijn zonder Ellen, mijn studiemaatje in Leuven. Zij deed vier jaar over Germaanse Taal- en Letterkunde, ik vijf jaar, want ik was nogal slordig wat studeren betreft. Ellen was een heerlijke griet: groot, blond, fashionista, geen blad voor de mond. Als zij me niet al haar aantekeningen had geleend en mij niet manu militari had meegesleept naar ongeveer elk examen, zou ik wellicht nog steeds een paar studiepunten tekortkomen.
Intussen waren we een decennium verder, en hoe gaat dat: een occasioneel etentje niet meegeteld waren Ellen en ik elkaar wat uit het oog verloren. Tot haar naam op een goede dag op het schermpje van mijn Samsung verscheen.
‘Dag sjoe!’ Ellen was het type vrouw dat zelfs de paus nog een koosnaampje zou geven, en ze zou ermee wegkomen ook. Ze wilde weten of ze mij een professionele vraag mocht stellen. Dat mocht ze natuurlijk, aangezien ik op de mnm-redactie aan mijn radioprogramma zat te werken en dus geacht werd alleen met professionele zaken bezig te zijn. Ik klikte Facebook dicht en luisterde.”

1958965-d376e2279d723c430c07126f2651757f.jpg
Tom De Cock (Rotselaar, 23 september 1983)

 


De Nederlandse dichteres en schrijfster
Ellen Warmond (pseudoniem van Pietronella Cornelia van Yperen) werd geboren in Rotterdam op 23 september 1930.


Kleine akte van geloof

Hopend op meer dan dit:
hopende op geluk
de lachwekkend ontroerende bloesem
die geen vrucht draagt

iedere ochtend een kans
iedere avond een aanloop
naar later misschien?

en elke dag opnieuw
verwachten wat niet bestaat

dit weten tot elke polsslag
dit weten met elke vezel

en toch?
en toch.



Nadagen

Langzamerhand ken ik veel
te veel doden
vervagend vervallen
aan vroeger zij hebben
meer tijd dan wij

veinzend geen verleden
ontledigd te hebben
geen ruimte
aan ons ontstolen
te hebben
geen boodschap
aan ons.

1958965-4ebe1d42453da747030112f695a7ca93.jpg
Ellen Warmond (23 september 1930 – 28 juni 2011)



De Zuid-Afrikaanse / Israëlische dichteres
Olga Kirsch werd geboren in Koppies in de Oranje Vrijstaat op 23 september 1924. Zie ook alle tags voor Olga Kirsch op dit blog.



Sy naam was Sasha

Sy naam was Sasha. Ek het hom weer onthou
vanmiddag toe ek strandgoed huis toe bring
van die see, en op die stoep gehurk 'n kring
waterglad klippe om 'n plantpot skaar.
Sasha...Hy was glo offisier in die tsaar
se leermag. Daarvoor het hulle hom vyf jaar
in die tronk gestop. Tanja, sy Joodse vrou,
'n dokter, het hul ook 'n jaar gehou
in die gevangeskap (dit was 'n fout
het hulle haar later meegedeel).
Reeds oud
kom hulle hier. Sy hart was nie meer sterk
maar hy het aldag in die tuin gewerk,
die aarde glad en kluiteloos gestreel,
paadjies gemaak en onder om die steel
van elke struik, 'n kring wit klippies - werk
van 'n gevangene.
Later moes hy maar lê
Ons het kom kuier, daar is min gesê,
ons praat nie Russies nie. Maar hy't my naam
- roeskoja imja - saggies met 'n skaam
glimlag mymerend herhaal.
Hy het gesterf
en is begrawe in die wye erf
van die Russiese Kerk in Jaffa - eiendom
van die U.S.S.R. in die heilige land -
waar Tanja steeds op sy gedenkdag kom.
Wat sy verhaal beteken, weet ek nie
maar wou sy naam 'n oomblik in ons tyd
van waansin en wraak ontruk aan vergetelheid.



1958965-9b27cabc16d03a73c110ceeeb9617d78.jpg
Olga Kirsch (23 september 1924 – 5 juni 1997)



De Engelse dichteres en schrijfster
Mary Elizabeth Coleridge werd geboren in Londen op 23 september 1861. Zie ook mijn blog van 23 september 2010 en eveneens alle tags voor Mary Colderidge op dit blog.



Gibberish

Many a flower have I seen blossom,
Many a bird for me will sing.
Never heard I so sweet a singer,
Never saw I so fair a thing.

She is a bird, a bird that blossoms,
She is a flower, a flower that sings;
And I a flower when I behold her,
And when I hear her, I have wings.



Punctilio

O LET me be in loving nice,
Dainty, fine, and o’er precise,
That I may charm my charmàd dear
As tho’ I felt a secret fear
To lose what never can be lost,—
Her faith who still delights me most!
So shall I be more than true,
Ever in my ageing new.
So dull habit shall not be
Wrongly call’d Fidelity.


1958965-c17e6d24d420054b23c903688dffd0d3.jpg
Mary Coleridge (23 september 1861 – 25 augustus 1907)
St Paul's vanaf Ludgate Hill door John O'Connor, 1887



De Nederlandse schrijfster
Leni Saris werd geboren in Rotterdam op 23 september 1915. Zie ook mijn blog van 23 september 2010 en eveneens alle tags voor Leni Saris op dit blog.

Uit:Regine

"Nee, blijf nu maar boven," bromt de huishoudster terug terwijl ze zelf op de bezoeker afloopt.
Over het wasgoed, dat ze opeens met zenuwachtige ijver verder ophangt, kijken Regines grote kinderogen hevig verbaasd naar de bijzonder hartelijke begroeting daar beneden.
De huishoudster heeft ontdekt wie de bezoeker is. Ze is buitengewoon verrukt van het feit dat het mijnheer Frank is. Enthousiast schudt ze zijn hand en kijkt hem verheugd aan.
"Regine, ga vlug mijnheer vertellen dat mijnheer Frank teruggekomen is!" roept ze.
"Ja, dat doe ik!" In overmaat van ijver laat Regine alles wat ze vast heeft uit haar handen vallen. Dat is niet erg bevorderlijk voor het schone wasgoed. Ze rent weg, steeds haar boodschap repeterend. Ze rent het huis door naar de kamer van de heer des huizes. Ze blijft haar boodschap herhalen en mompelt telkens: "G'nädiger Herr, der Herr Frank ist da! G'nädiger Herr, der Herr Frank ist da....."

1958965-3bde334541895a6fad755b9c76c4ec29.jpg
Leni Saris (23 september 1915 – 9 december 1999)
Cover



De Tsjechische dichter
Jaroslav Seifert werd op 23 september 1901 geboren en groeide op in Praag. Zie ook mijn blog van 23 september 2010 en eveneens alle tags voor Jaroslav Seifert op dit blog.



The Year 1934

The happiness of youth
is pleasant to remember.
Only the river doesn’t age.
The windmill has collapsed,
capricious winds
are whistling, unconcerned.

A touching wayside cross remains.
A cornflower wreath like a nest without birds
upon Christ’s shoulder,
and a frog blaspheming in the sedge.

Have mercy upon us!
A bitter time has come
to the banks of sweet rivers,
two years the factories have stood empty
and children learn the language of hunger
at their mothers’ knees.

And still their laughter rings
under the willow sadly silent
in its silver.

May they give us a happier old age
than the childhood we’re giving them!



1958965-1977f8838b19fd994fca7d7539bf83a0.jpg
Jaroslav Seifert ( 23 september 1901 – 10 januari 1986)



Zie voor nog meer schrijvers van de 23e september ook mijn blog van 23 september 2015 deel een en ook
deel 2 en eveneens mijn blog van 23 september 2012 deel 2. 

Geschreven door Romenu om 13:57 Reageer op dit bericht

Inge Boulonois

De Nederlandse dichteres en schilderes Inge Boulonois werd geboren in Alkmaar op 23 september 1945. Na de middelbare school volgde zij een kunstenaarsopleiding aan de Academie voor Beeldende Kunsten te Arnhem. In 1988 studeerde ze af als waarnemingspsycholoog aan de Universiteit in Nijmegen. In 2000 begon ze met het schrijven van gedichten. Ze debuteerde in 2004 met de bibliofiele bundel “Ooglijke tijd”. In 2007 volgde de bundel “Haast feestelijk”. Verder bundels zijn “Het geluk van een tafel” (2011), “Heerhugowaardse gedichten” (2014), “Lichte en Bonte Gedichten” (2015) en “Idioom van geluk” (2016).Boulonois schrijft zowel vrije als gebonden verzen, “serieuze” als lichtvoetige gedichten. In haar light verses overheerst humoristische maatschappijkritiek. Haar light verses worden door haar zelf geïllustreerd. Daarnaast maakt ze animaties van gedichten en beeldsonnetten. Sinds 2005 analyseert ze poëzie voor Meander op klassiekegedichten.net. Van 2011 tot 2015 was ze officieel stadsdichter van Heerhugowaard. Ze schrijft wekelijks een actueel snelsonnet voor gedichten.nl. Haar poëzie werd opgenomen in diverse literaire tijdschriften en bloemlezingen. Daarnaast zijn haar gedichten meermalen gelauwerd in Nederland en Vlaanderen: Plantage Poëzieprijs (2005), Concept Poëzieprijs (2006), Guido Wulmsprijs (2006), Culturele Centrale Boontje Poëzieprijs (2008), Poëzieprijs Merendree (2009) en de Nieuwegeinse Poëzieprijs (2009).

 

Kleinood

Hoe het als terloops de eigen plaats vond
in een stenen wereld, niemand in de weg,
net tussen macadam en stoeprand.
Kwetsbaarder dan vlees en bloed

bestaande dankzij minder dan één
vingerhoed bijeen gewaaide aarde.

Uit alle macht de deining van de dag
verdragend, het steeds aanwezige
gevaar van misstappende hakken,
van roekeloos verkerend blik
in de haast van haast te laat.

Door de aardbol net als wij
heel stevig aan zijn boezem
gedrukt terwijl bloot zonlicht
het een grootspraak van jawelste geeft:
Klein Hoefblad, karaatgeel bloeiend –

 


Verpleeghuis

Zo'n plaats waar je liever niet, maar
als het thuis niet meer
omdat er door je hoofd te veel verleden
slingert, dan liever hier dan elders.

Dit huis slaat zijn armen veilig
om je heen. Je mag er tijd verliezen,
door bezoekers wakker worden gekust
en beesten strelen in de patio.

Terwijl je woorden moe van het bedoelen
worden, zinnen zich vergeten
en je lippen een geheimtaal vinden,
waait in je al meer stilte aan, totdat –

En tot die tijd, ook als je dat niet meer beseft,
hangen in je eigen kamer boven het bed
de foto's van alle dierbaren, je kleinkinderen
lachend. Aan jou, hoe dan ook, gehecht –

 

 1994853-ebf39ee0b48b21ca582728254ca178ef.jpg
Inge Boulonois (Alkmaar, 23 september 1945)

Geschreven door Romenu om 00:00 Reageer op dit bericht

Dannie Abse, Lodewijk van Deyssel, Nick Cave, Fay Weldon, György Faludy, Hans Leip

De Britse dichter en schrijver Dannie Abse werd geboren op 22 september 1923 in Cardiff, Wales. Zie ook mijn blog van 22 september 2010 en eveneens alle tags voor Dannie Abse op dit blog.

 

The Old Gods - Poem by Dannie Abse

The gods, old as night, don't trouble us.
Poor weeping Venus! Her pubic hairs are grey,
and her magic love girdle has lost its spring.
Neptune wonders where he put his trident.
Mars is gaga - illusory vultures on the wing.

Pluto exhumed, blinks. My kind of world, he thinks.
Kidnapping and rape, like my Front Page exploits
adroitly brutal - but he looks out of sorts when
other unmanned gods shake their heads tut tut,
respond boastingly, boringly anecdotal.

Diana has done a bunk, fearing astronauts.
Saturn, Time on his hands, stares at nothing and
nothing stares back. Glum Bacchus talks ad nauseam
of cirrhosis and small bald Cupid, fiddling
with arrows, can't recall which side the heart is.

All the old gods have become enfeebled,
mere playthings for poets. Few, doze or daft,
frolic on Parnassian clover. True, sometimes
summer light dies in a room - but only
a bearded profile in a cloud floats over.



1958714-ce4e57914922dab7eb89aeed0f408a95.jpg
Dannie Abse (Cardiff, 22 september 1923 – 28 september 2014)
Portret door Peter Douglas Edwards, 1980



 

De Nederlandse dichter, schrijver en criticus Lodewijk van Deyssel werd geboren op 22 september 1864 in Amsterdam. Zie ook mijn blog van 22 september 2010 en eveneens alle tags voor Lodewijk van Deyssel op dit blog.

 

Burgerhuisje

Door 't burger-huis op laten middag traden
Wij de open lucht in, waar seringen-geur
Hing over de achterdeur en lente-wind
Stil witte wolken dreef door 't hemelblauw.

Een kleine stadse tuin, alzijds bemuurd
Door grauwe steen, en waar een enge ring
Groen gras en witte kiezel 't perk
Veelkleurge bloemen, 't éénge, rond omsloot.

Luwte beving ons, zon op achtermuur
Scheen goud, geluid van schelpjes aan de zee
Maakte de kiezel onder 't zachte gaan.

Seringenblaadjes streelden langs ons heen,
Rozen, violen, en purpre papaver
Bloeiden, en ginds in killen schaduwhoek
De schuchtre blanke lelietjes-van-dalen.

Zó rijk, zó schoon leefde in die lutle tuin
De volle lente, dat ik dralend toef
Voor 'k met een klánk nog de herinnering
Diepst doe herleven: blijde gekwinkel
Van klokkentoren daalde spelend neer
Langs steile muur, door luwte in 't loof, verzellend
Ons stille spreken. Toren verborgen
Achter de muren, slechts een enkle dag,
Een feestdag, deed gij meerder dan 't gewoon,
Niet meer bespeurde, daaglijks zelfde, tinklen,
En zong ge, telkens weer, de uren door...

De zoele wind en 't heldre spelen wiegden
Mijn ziel in sluimring, makend zon en bloemen,
Gras-rand en pad tot kleurig droomtafreel.

 

1958714-e7c0d88c4092e772369ba7172f72d62f.jpg
Lodewijk van Deyssel (22 september 1864 - 26 januari 1952)


 

De Australische singer / songwriter, dichter, schrijver en acteur Nicholas Edward Cave werd geboren in Warracknabeal op 22 september 1957. Zie ook alle tags voor Nick Cave op dit blog.

Uit:And the Ass Saw the Angel

“And I know why our friendship must be kept a secret. Or they will kill You like they killed You in the Bible. And then we could not be together. If not for them we would live in this valley together. As best friends. But we must be careful, Jesus. I think I would die if anything happened to You...' - she cried ah think, for ah could hear her little sobs as she spoke - '...just close my eyes and die.' And she let fall a heavy tear, and it passed through the slats and exploded upon mah face, just below the right cheek. And as the droplet began to roll, ah caught it with mah tongue. And ah was shocked momentarily by that tear's sweetness, having known them only as bitter things - only bitter things - always bitter things.”
(...)

“...because once you've got one scar on your face or your heart, its only a matter of time before someone gives you another - and another - until a day doesn't go by when you aren't being bashed senseless, nor a town that you haven't been run out of, and you get to be such a goddamn mess that finally it doesn't feel right unless you're getting the Christ beaten out of you - amd within a year of that first damming fall, those first down borne fists, your first run out, you wind up with flies buzzing around your eyes, back at the same place, the same town, deader than when you left, bobbiong around in the swill - a dirty deadbeat whore in a roadside ditch. But a little part of you deosn't die. A little part of you lives on. And you make an orphan of that corrupt and contemtible part, dumping it right smack in the laps of the ones who first robbed you of your sweetness, for it is the wicked fruit of their crimes, it is their blood, their sin, it belongs there, this child of blood, this spawn of sin...”


1958714-ae02e1a0e1e056d59831a08a74bdec9f.jpg
Nick Cave (Warracknabeal , 22 september 1957)

 

 

De Britse schrijfste Fay Weldon werd geboren op 22 september 1931 in Alvechurch, Engeland. Zie ook mijn blog van 22 september 2010 en eveneens alle tags voor Fay Weldon op dit blog.

Uit: Run Daddy And Ask If He Has Any More Money

"David, this has to stop," Bettina had said to him in the History Tutorial Room one day, seven years ago. "You are a married man and I'm going to be married too. The ceremony is next week. I wanted to tell you earlier but didn't like to, because I didn't want to upset you. You are the only man I'll ever really love but I have to think of my future. We have to be realistic. You could never support two homes in any comfort and I'm just not cut out for employment. I'm not that kind of person." He'd thought his heart would break. He was surprised it went on beating. Later he'd told himself he was lucky to be out of a trivial, passing affair with such an unfeeling, whimsical person, but he'd never really believed himself. The truth was that he'd taken no real pleasure since in Milly's straight hair and earnest face. He could see Milly was good, but what a man wanted was something more than honest worth. Sometimes he felt guilty because others called his wife Frilly Mood, ironically, but then he'd tell himself she'd always been like that. Not his doing.
His blood ran cold--I say this advisedly. When David heard Bettina's voice--last heard on the floor behind the sofa in the History Tutorial Room--echoing through the shop at two minutes past four, he felt a chill strike down his head to his right shoulder, into his arm and down to his fingers, and he had the feeling that if that section of blood didn't warm up before it got back up to his heart, that organ would freeze and this time stop once and for all. So much a heart can stand, no more.
David turned his back on his customers, lest he be seen and recognised by Bettina, and busied himself looking for a Peruvian crucifixion scene, grateful that his heart had survived the shock. But not before he had seen the little girl obediently leave her mother's side and head through shopping bags and spring-clad elbows towards her father. Bettina, near the door, was clearly interested in purchasing the papier-mache bowl at 65 [pounds sterling]; Daddy flicked through Easter cards at the back of the shop."

1958714-fa89ec7f8063da7585656099b9fea31a.jpg
Fay Weldon (Alvechurch, 22 september 1931)

 

 

De Hongaarse dichter en schrijver György Faludy werd geboren op 22 september 1910 in Boedapest. Zie ook mijn blog van 22 september 2010 en eveneens alle tags voor György Faludy op dit blog.

 

Michelangelo's Last Prayer

Your anvil is the earth, spanning the sky
your arm describes the orbit of the sun.
I’ve worked seventy-six years on the high
scaffold but could not find you, mighty one.

I shape the marble, but it goes awry
into dead idols when the work is done.
The dreamy rainbows now elude my eye
that used to see them under every stone.

Now I’m a weathered rock, it is my turn
to be ill-temperaed, tortured, taciturn,
but in my soul the rainbows brightly shine.

How can I breach my body’s prison gate?
Strike me, if you can love this reprobate:
I am the marble, Stone-carver Divine!

 

 

My English Reader

In Toronto the locals tried to warn me very soon
that young roughs rob pedestrians in parks and lonely streets,
but I didn’t listen. Then on a spring afternoon,
carrying a bagful of milk, various cheeses and meats,

I was walking on my way home. A tall young African
ran straight towards me, grabbed my shopping bag as he got near
and seized me firmly. No doubt, he will stab me, if he can.
He was panting after his spurt. I was trembling with fear.

Is he going to strangle me, this barbarous disgrace?
I watched his heavy lips become a smile across his face.
He was enjoying it. Shall I shout? “He kills me, the beast!”

But the street was empty. There was no help within sight.
He went on squeezing me harder and said, as he squeezed:
“Let me embrace you. I adore the poems you write.”


Vertaald door Peter Zollman

 

 1958714-5b8075731168e485f52cb0d58e637b14.jpg
 György Faludy (22 september 1910 – 1 september 2006)

 

 

De Duitse dichter en schrijver Hans Leip werd geboren op 22 september 1893 in Hamburg. Zie ook alle tags voor Hans Leip op dit blog.

Uit: Die Nächtezettel der Sinsebal

"Nun hebt sich meine Decke steil. Sie liegt der schwarzen Nacht auf.
O du süßer Tisch! War ich ein klein Kind, daß ich darunter kroch, in Dielenritzen die Nadeln stach, die meiner Mutter vom Schoß fielen. Silberne Nadelknopfreihe wie sanfte Abendperlen, die nicht weh tun, gebettet im Feudeldreck. Wann war denn die Zeit, daß die Spitzen sich wandten, in meine Finger stachen, in meine Schultern, in meine Knie, in meine roten Lippenkreise?
Kleine Nacht! Ach, kleine Sammetpfotennacht, wie schwarz machst du die Tropfen Blut, darob doch meine Augen schlafen sollen. Bist du verliebt in mich? O du, verliebt, daß ich an dich und an keins gedenken soll. Still! Nun ist meine Hand dir über! Schmal steigt sie über dich, scharf auf, hell von Mond. Nun bist du hart zurück, so flach, so steil gestreckt. Was will meine weiße Decke hinter meiner Hand? Sie spreitet sich dir an, du trägst sie, starr dir angelegt, kleine, einsame Nacht.
Was geht meine Hand von mir? Ist meine Hand mir über? Nun legt sie alle Nadeln von mir fort, aus meinen Fingern, aus meinen Schultern, meinen Knien, aus meinen roten Lippenringen, die im Herzen sich verflechten.
Hatte ich ein Nadelkissen, hergeweht ein Geschenk, war wie eins der kleinen Brüste, als ich sechzehn war.
Nun liegt eine Hand mir breit gehöhlt. O Lust, sprich nicht von ferne! O andre Hand, du klirrst vom Schreiben der Stunden. Von allen Spitzen schreibt das schwarze Nachtblut, Wort, Schrei und das erstickte Nichts, auch den Pulsschlag, Liebster, als du schliefest, und die Geschichten zwischen Wand und Unerforschlichkeit.
Nun hebt sich meine Decke wie ein Blatt. Nun ritzen alle Nadeln ihren Weg. Nun hebt sich meine Decke wie ein Buch.
Nun blättern seine Seiten aus mir auf.”

 

1958714-2fa6f3982db226c23b45bffb995628a5.jpg
Hans Leip (22 september 1893 – 6 juni 1983)

 

 

Zie voor nog meer schrijves van de 22e september ook mijn blog van 22 september 2013 deel 2.



Geschreven door Romenu om 19:11 Reageer op dit bericht

Nathan Hill

 

Onafhankelijk van geboortedata

De Amerikaanse schrijver Nathan Hill werd geboren in Cedar Rapids, Iowa, in 1976 en groeide op in het Middenwesten, waar zijn grootouders als maïs-, soja- en veeboeren hadden gewerkt. Zijn familie verhuisde voortdurend toen hij opgroeide – naar Illinois, Missouri, Oklahoma en Kansas – terwijl zijn vader zich omhoog werkte naar het management bij Kmart. Boeken waren schaars bij hem thuis, maar zijn ouders verwenden hem met de Choose Your Own Adventure series. Vanaf de lagere school wilde Hill schrijver worden. In de tweede klas, schreef hij een verhaal over een dappere ridder proberen om een ​​prinses te redden uit een spookkasteel: "The Castle of No Return" en hij illustreerde het zelf. Hij studeerde Engels en journalistiek aan de Universiteit van Iowa, waar hij studeerde bij de schrijfster Sara Levine. Hill probeerde de journalistiek voor een tijdje door te schrijven voor The Cedar Rapids Gazette, toen ging terug naar de University of Massachusetts, Amherst voor zijn M.F.A. aan. Hij publiceerde verhalen in een handvol bekende tijdschriften als The Iowa Review, Agni en The Gettysburg Review. Maar doorbreken in de New Yorkse literaire wereld was zwaarder dan hij had verwacht. Zijn verhalenbundel werd afgewezen door 38 literaire agenten. Toen de afwijzingen zich opstapelden begon Hill te wanhopen. Om zichzelf af te leiden, begon hij met het spelen van World of Warcraft, die al snel een obsessie werd. Hij stopte na een paar jaar met spelen en begon zich meer te richten op het schrijven en onderzoek doen voor "The Nix", een rommelig proces dat hij beschreef als “drie jaar van schrijven, zes jaar van onderzoek en ploeteren" Tegenwoordig werkt Hill als Associate Professor Engels aan de Universiteit van St. Thomas in St. Paul, Minnesota, waar hij creatief schrijven doceert en literatuurcursussen geeft.

Uit: The Nix

“Late Summer 1988
 If Samuel had known his mother was leaving, he might have paid more attention. He might have listened more carefully to her, observed her more closely, written certain crucial things down. Maybe he could have acted differently, spoken differently, been a different person.
 Maybe he could have been a child worth sticking around for.
 But Samuel did not know his mother was leaving. He did not know she had been leaving for many months now—in secret, and in pieces. She had been removing items from the house one by one. A single dress from her closet. Then a lone photo from the album. A fork from the silverware drawer. A quilt from under the bed. Every week, she took something new.
A sweater. A pair of shoes. A Christmas ornament. A book. Slowly, her presence in the house grew thinner.
 She’d been at it almost a year when Samuel and his father began to sense something, a sort of instability, a puzzling and disturbing and some-times even sinister feeling of depletion. It struck them at odd moments. They looked at the bookshelf and thought: Don’t we own more books than that? They walked by the china cabinet and felt sure something was missing. But what? They could not give it a name—this impression that life’s details were being reorganized. They didn’t understand that the reason they were no longer eating Crock-­Pot meals was that the Crock-Pot was no longer in the house. If the bookshelf seemed bare, it was because she had pruned it of its poetry. If the china cabinet seemed a little vacant, it was because two plates, two bowls, and a teapot had been lifted from the collection.
 They were being burglarized at a very slow pace.
 “Didn’t there used to be more photos on that wall?” Samuel’s father said, standing at the foot of the stairs, squinting. “Didn’t we have that picture from the Grand Canyon up there?”
 “No,” Samuel’s mother said. “We put that picture away.”
 “We did? I don’t remember that.”
 “It was your decision.”

 

 1969124-97129f433da26f76aabaaf92cd129b1f.JPG
Nathan Hill (Cedar Rapids, 1976)

Geschreven door Romenu om 00:00 Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten