Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
akke.beakke.be

Berichten van 28 september 2016 tot 29 september 2016

Pé Hawinkels, Hristo Smirnenski, Elizabeth Gaskell, Miguel de Unamuno, Miguel de Cervantes, Colin Dexter, Ingrid Noll

De Nederlandse dichter, schrijver, songwriter en vertaler Pé Hawinkels werd geboren op 29 september 1942 in Heerlen. Zie ook mijn blog van 29 september 2010 en eveneens alle tags voor Pé Hawinkels op dit blog.

Uit: Autobiografische flitsen en fratsen

"Mijn vader stak een pijp op, (een onglooflijke pijp, ongeveer ter grootte van een schaam-kalebas der Papoea's, overdekt met de in meerschuim uitgesneden beeltenis van raspaarden. Deze dieren joegen in gestrekte draf bergop, als een teruggedraaide bergbeek, zonder ooit de wouden van mijn vaders baard binnen to denderen, iets wat evenmin gelukt is aan een der andere paarden, die het leven van deze man vulden:paarden op een sigarepijpje, paarden op een horlogestandaard, paarden op & in dat horloge zelf, paarden op zijn dasspeld en manchetknopen, paarden in de wei en paarden in zijn hart, en ten slotte de paarden, die hij voor mij placht te tekenen, minder met fantasie dan met precisie . Achthonderd paardetekeningen bezit ik van zijn hand, waarvan er geen een van welke ander dan ook is te onderscheiden anders dan met het oog der liefde, met als enige uitzondering, om welk feit vast te stellen ook het doodgewone, algemeen verbreide oog der banaliteit dienst kan doen, om welke reden ik u allen van harte inviteer eens een kijkje to komen nemen, de wandschildering van een paard, een Lippizaner appelschimmel, waaraan hij & ik, ongeveer ten tijde van de wisseling mijner melktanden een voile week gewerkt hebben, en die thans nog de zolder van mijn ouderlijk huis een unieke charme verleent: het paard is acht meter lang en bijna zes meter hoog. Het is helemaal omgeven door een knetterende kleur groen, waarmee wij als het ware wilden aangeven dat het edele dier, zoals dat een vrij paard betaamt, zich in een weide bevindt, - iets wat niet helemaal van elke aanvechtbaarheid verstoken is: Lippizaner appelschimmels worden doorgaans alleen in maneges gehouden, en mogen zeker niet vrij rondlopen tussen de ongelikte Friezen, de koudbloedige Belgen, de amorfe fjordenpaarden, en Engelse of Franse volbloeden, om van de Oldenburgers, de Zeeuwen, Friezen, Brabanders, Groningers of Geldersen, laat staan de verwijfde Arabieren en andere oosterlingen - vrijwel zonder uitzondering seksueel geinverteerde dieren, walgelijk! Foei! - maar helemaal to zwijgen. Iedereen nu weet, dat paarden edele dieren zijn, en niemands achting voor mijn vader kan eronder lijden, als ik mededeel, dat hij aan nets anders dacht dan aan paarden, reeel of fictief, en levend of historisch."

 

1961063-2de68714c54bd50197192727685c7834.jpg
Pé Hawinkels (29 september 1942 – 16 augustus 1977)

 

 

De Bulgaarse dichter en schrijver Hristo Smirnenski werd geboren op 29 september 1898 in Koukoush. Zie ook mijn blog van 29 september 2010 en eveneens alle tags voor Hristo Smirnenski op dit blog.

Uit: The Tale Of The Stairs

"The young man paused and listened.
"How strange! Why have they suddenly begun to sing happy songs and to laugh lightheartedly?..." Again he set off at a run.
Again the Devil stopped him. "For you to go three more steps I must have your eyes."
The young man made a gesture of despair. "But then I shall be unable to see my brothers or those I go to punish."
"You still shall see them..." The Devil said. "I will give you different, much better eyes."
The young man rose three more steps and looked back.
"See your brothers' naked bleeding bodies," the Devil prompted him.
"My God, how very strange! When did they manage to don such beautiful clothes? And not-bleeding wounds but splendid red roses deck their bodies..."
At very third stair the Devil exacted his little toll. But the young man proceeded, willingly giving everything he had in order to reach his goal and to punish the well-fed nobles and princes. Now one step, just one last step remained and he would be at the top. Then indeed he would avenge his brothers.
"I am a plebeian by birth and all ragged folk..."
"Young man, one last step still remains. Just one more step and you shall have your revenge. But for this last step I always exact a double toll: give me your heart and give me your memory."
The young man protested.
"My heart? No, that is too cruel!"
The Devil gave a deep and masterful laugh: "I am not so cruel as you imagine. In exchange I will give you a heart of gold and a brand-new memory. But if you refuse me, then you shall never avenge your brothers whose faces are the colour of sand and who groan more bitterly than December blizzards."
The young man saw irony in the Devil's green eyes.”

 

 1961063-58d057c94a4db4b6d2bc53685c756b98.jpg
Hristo Smirnenski (29 september 1898 – 18 juni 1923)
Portret in de regionale bibliotheek in Pleven

 

 

De Britse schrijfster Elizabeth Gaskell werd geboren op 29 september 1810 in Londen. Zie ook mijn blog van 29 september 2010 en eveneens alle tags voor Eilzabeth Gaskel op dit blog.

Uit: North and South

“I choose to believe that I owe my very life to you--ay--smile, and think it an exaggeration if you will.
I believe it, because it adds a value to that life to think—oh, Miss Hale!' continued he, lowering his voice to such a tender intensity of passion that she shivered and trembled before him, 'to think circumstance so wrought, that whenever I exult in existence henceforward, I may say to myself, "All this gladness in life, all honest pride in doing my work in the world, all this keen sense of being, I owe to her!" And it doubles the gladness, it makes the pride glow, it sharpens the sense of existence till I hardly know if it is pain or pleasure, to think that I owe it to one--nay, you must, you shall hear'--said he, stepping forwards with stern determination--'to one whom I love, as I do not believe man ever loved woman before.' He held her hand tight in his. He panted as he listened for what should come. ”
(...)

“Oh! that look of love!" continued he, between his teeth, as he bolted himself into his own private room. "And that cursed lie; which showed some terrible shame in the background, to be kept from the light in which I thought she lived perpetually! Oh, Margaret, Margaret! Mother, how you have tortured me! Oh! Margaret, could you not have loved me? I am but uncouth and hard, but I would never have led you into any falsehood for me.”

 

 1961063-ca1d29f6050c006c48cfb3f6e66c1b13.jpg
Elizabeth Gaskell (29 september 1810 – 12 november 1865)
Cover

 

 

De Spaanse dichter en filosoof Miguel de Unamuno y Jugo werd geboren op 29 september 1864 in Bilbao. Zie ook mijn blog van 29 september 2010 en eveneens alle tags voor Miguel de Unamuno y Jugo op dit blog.

Uit: Nevel (Vertaald door Bart Peperkamp

"Toen Augusto in de deuropening van zijn huis verscheen strekte hij zijn rechterarm uit, met de palm van zijn geopende hand naar beneden, en terwijl hij naar de lucht keek bleef hij een ogenblik als een ware keizer Augustus staan in deze verheven statueske houding. Dat was niet zijn manier om bezit te nemen van de buitenwereld, maar om na te gaan of het regende. En toen hij op de rug van zijn hand de koele en trage motregen voelde fronste hij zijn voorhoofd. En dat was evenmin omdat de motregen hem hinderde, maar wel omdat hij zijn paraplu moest openmaken. Die zat zo chic, zo gracieus opgevouwen in zijn hoes! Een dichte paraplu is even chic als een geopende paraplu lelijk is.
«Het is zo jammer wanneer men gebruik moet maken van dingen,» dacht Augusto, «wanneer men ze moet gebruiken. Het gebruik ervan doet afbreuk aan hun schoonheid en maakt hen zelfs lelijk. De meest verheven functie van voorwerpen is dat ze aanschouwd kunnen worden. Hoe mooi is een sinaasappel voordat die gegeten wordt! Dat zal anders worden in de hemel, wanneer al wat we nog maar hoeven, of beter gezegd: mogen doen is het aanschouwen van God en van alles wat in Hem is. Hier, in dit armzalige aardse bestaan laten we ons niets aan God gelegen liggen, tenzij om Hem voor onze eigen doeleinden te gebruiken; wij willen Hem openen, zoals je dat met een paraplu doet, zodat Hij ons zal beschermen tegen ieder soort kwaad.»
Dat zei hij bij zichzelf en hij bukte zich om zijn broek goed te doen. Ten slotte opende hij zijn paraplu en hij bleef een ogenblik weifelend staan, terwijl hij dacht: «En nu, waar zal ik heengaan? Ga ik rechtsaf of linksaf?»
Want Augusto was geen wandelaar, maar iemand die het leven al wandelend beschouwde. «Ik wacht even tot er een hond voorbijkomt,» zei hij bij zichzelf, «en om te beginnen neem ik de richting waar die heenloopt.»
En toen kwam er op straat geen hond voorbij, maar een knap jong meisje, en hij liep achter haar ogen aan, als aangetrokken door een magneet en zonder dat hij, Augusto, er erg in had.
En zo ging dat één straat door, en nog een en nog een."

 

 1961063-719bb25936d0aa7b5ec4cea939feba84.jpg
Miguel de Unamuno (29 september 1864 – 31 december 1936)
Portret door Vázquez Días, 1920

 



De Spaanse dichter en schrijver Miguel de Cervantes werd geboren op 29 september 1547 in Madrid. Zie ook mijn blog van 29 september 2010 en eveneens alle tags voor Miguel de Cervantes op dit blog.

Uit: Don Quichot van La Mancha (Bewerkt door J.J.A. Goeverneur)

“De meiden echter, toen zij zoo onverwachts een geharnasten ridder voor zich zagen, gilden en gierden het uit en vluchtten vol schrik de herberg in. Don Quichot, die zich dit vreemd gedrag niet verklaren kon, snelde haar na, riep haar terug, lichtte het vizier van zijn helm op, ontdekte zijn mager, bestoven gezicht en zeide met lispelende stem en onder eene diepe buiging: "Mijne edele en hooggeboren jonkvrouwen, vlucht toch niet zoo voor een ridder, van wien gij nooit in der eeuwigheid eenige oneerbiedige behandeling te duchten hebt, maar die veeleer bereid is, u ten allen tijde naar zijn beste vermogen te dienen en bij te staan."
Op eene haar zoo vreemde en ongehoorde wijze aangesproken, barstten de beide deernen in een luid, schaterend lachen uit en maakten zulk een leven en misbaar, dat Don Quichot in 't eind ernstig boos begon te worden. Evenwel bedwong hij zijne drift en sprak:
"Mijne geëerde dames, zonder reden zoo te lachen verraadt onverstand. Gelieft dit echter niet als eene beleediging te beschouwen; want ik herhaal u met den diepsten eerbied, dat ik bloed en leven aan uw dienst wensch toe te wijden."
De dolle taal van den gekken ridder deed de meiden, in plaats van haar tot bedaren te brengen, nog maar harder te lachen, en Don Quichots ergernis klom reeds tot een bedenkelijken graad, toen nog juist van pas de dikke herbergier voor de deur verscheen en als een vreedzaam man vrede zocht te stichten. Niettegenstaande zijne goede bedoeling was hij echter bijna zelf in den lach geschoten, toen hij\ de wonderbaarlijk kluchtige figuur van onzen ridder wat nader had opgenomen; alleen het gezicht van de dreigende lans in Don Quichots vuist maakte, dat hij zich met geweld goedhield.”

 

1961063-28168191287a89637004a9111ac5c06b.jpg
Miguel de Cervantes (29 september 1547 – 23 april 1616)
Cover
 

 

De Britse schrijver Colin Dexter werd geboren op 29 september 1935 in Stamford, Lincolnshire. Zie ook alle tags voor Colin Dexter op dit blog.

Uit: Inspector Morse

"Perhaps (I hope) the most sensible way for me to write about Chief Inspector Morse is to try to answer some of the many questions that have been put to me most frequently by audiences and correspondents. Then, at least, I can believe that my answers will be focused upon things in which people seem genuinely interested.
But first, a few brief words about myself. The whole of my working life was spent in education: first, as a teacher of Latin and Greek in English grammar schools; second, with increasing deafness blighting my life, as a senior administrative officer with the Oxford Delegacy of Local Examinations, in charge of Latin, Greek, Ancient History, and English.
Well, here goes!
What emboldened you to enlist in the rather crowded ranks of the crime-writing fraternity?
It is not unknown, even in midsummer, for the heavens to open in North Wales; and there are few things more dispiriting than to sit in a guesthouse with the rain streaming in rivulets down the windows, and with offspring affirming that every other father somehow manages to locate a splendid resort, with blue skies and warm seas, for the annual family holiday. That was my situation one Saturday afternoon in August 1973. Having rather nervously asserted that we were not planning a premature return to Oxford, I shut myself up in the narrow confines of the kitchen with a biro and a pad of ruled paper-with only a very vague idea of what I was intending to do. I had already finished reading the two paperback detective stories left by previous guests, and I figured that if I tried hard, I might possibly do almost as well in the genre myself. So for a couple of hours I tried very hard, resulting in how many paragraphs, I cannot recall. I doubt more than two or three. It was, however, that all-important start: Initium est dimidium facti (the beginning is one half of the deed), as the Roman proverb has it.
Had I any reason other than vanity for wishing to see my name on the jacket of a detective story? Not money, certainly, since I was fortunate enough to enjoy a well-paid university post, annually climbing a little higher up the salary scale. If, as Dr. Johnson remarked-in an uncharacteristically cynical vein-“no man but a blockhead ever wrote except for money,” then I was one of the blockheads. And not because I thought I had anything of criminological, psychological, or sociological import to communicate to my fellow man. I had just one simple aim in mind-an aim to which I have always held firm in my subsequent writings: to tell a story that would entertain whatever readers might be coming my way."

 

 1961063-6cdaae6a84d6abb5d43c5723e3a9e1a3.jpg
Colin Dexter (Stamford, 29 september 1935)
John Thaw als Inspector Morse en Kevin Whately als Sergeant Lewis in de TV-serie

 

 

De Duitse (detective)schrijfster Ingrid Noll werd geboren op 29 september 1935 in Shanghai. Zie ook alle tags voor Ingrid Noll op dit blog.

Uit:Hab und Gier

"Vor etwa zwanzig Jahren erhielt ich gelegentlich eine Einladung zum Sonntagsbrunch, doch dann kamen Mittagstermine aus der Mode. Die Gastgeber wurden es leid, weil einige der Besucher bis zum Abend blieben und man mehr als eine Mahlzeit auftischen mußte. Daher war ich völlig überrascht. als ich kürzlich die handgeschriebene Karte eines ehemaligen Kollegen im Briefkasten fand: Wolfram Kempner, von dem ich schon lange nichts mehr gehört hatte – und der nun offenbar auch aus der Bibliothek ausgeschieden war -‚ bat an einem bevorstehenden Feiertag zu einem Gabelfriihstück. Ganz der alte Bücherwurml, dachte ich. Wer außer ihm kannte heute schon noch dieses altmodische. seltsame Wort für einen Imbiss!
Noch zwei Wochen hatte ich Zeit, um eventuell abzusagen, meine Gefühle sehwankten zwischen Neugier und Unlust. Vorsichtshalber wollte ich mir vor einer Zusage eine gewisse Grabinschn'fl noch einmal anschauen. Gedankenverloren wanderte ich über den Weinheimer Friedhof. Ich war einige Monate nicht mehr dort gewesen, obwohl sich die Gräber meiner Verwandten hier befanden. Frühling lag in der Luß, es war ein milder Tag, Vögel zwitscherten munter, frisch aufgeworfene Erde glänzte in der Sonne, die Blumengebinde erfroren nicht mehr über Nacht, sondern hielten sich fast so gut wie in der Vase. Am Tag zuvor hatte es geregnet, auf den glitsehigen Nebeanen musste ich mich in Acht nehmen, um nicht auszurutschen. Erstaunt bemerkte ich, dass sich die kleinen Patten aus wetterfestem Steinguss wundersam vermehrt hatten. Manche Gräber wiesen bis zu acht Engel auf, einige eine Madonna. Die meisten Himmelsboten waren rel.1tiv neu und blendend weiß. die paar älteren aus Keramik wiesen Sprünge auf, setzten Moos an, «grauten, passten sich dem Erdreich an und wurden irgendwann zu Staub. immer wieder wunderte ich mich, dass die Verstorbenen persönlich angesprochen wurden: Ruhe sanft."

 

 1961063-d16d8dc557999b80e8ec1c351c4f2370.jpg
Ingrid Noll (Shanghai, 29 september 1935)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 29e september ook mijn blog van 29 september 2015 en ook mijn blog van 29 september 2013 deel 2.

Geschreven door Romenu om 22:16 Reageer op dit bericht

Herinnering aan Hella Haasse

 

Herinnering aan Hella Haasse

De Nederlandse dichteres en schrijfster Hella Haasse is vandaag precies vijf jaar geleden overleden. Hélène Serafia Haasse werd op 2 februari 1918 geboren te Batavia, in het toenmalige Nederlands-Indië. Zie ook alle tags voor Hellas Haasse op dit blog .

Uit: De scharlaken stad

“Waken en dromen, inslapen en wakker worden, geheimzinnige zielstoestanden, corresponderend met dag en nacht en zonsondergang en dageraad. Terwijl hij voortging de torso's van de gebonden slaven vrij te beitelen, brandde in hem als koorts de drang vorm te geven aan die nieuwe denkbeelden. Hij voelde dat zijn last verdubbeld was. Hij zwoegde niet meer met overgave aan het mausoleum. Bij het werk had bij zijn gevaarlijkste tegenstander te bestrijden, zijn eigen afkeer van zijn taak, en die kracht in hem die hem dreef naar het scheppen van de andere gestalten, die niét zijn knechtschap, zijn steunend dragen van een gehate last, maar de enig mogelijke bevrijding verzinnebeelden zouden. De woorden van paus Clemens - vergeet de Medici-kapel niet - had hij bewust uit zijn gedachten verbannen, om niet in verleiding te komen, maar nu lieten die zich niet meer verdringen, hij kon er zijn oren niet tegen verstoppen. Zij waren als de wind die het vuur aanwakkert. Op een dag smeet hij zijn werktuigen neer, trok doeken over de onvoltooide torso's die naar voren puilden uit hun marmerblokken, en keerde zich naar de tafel waar de ontwerptekeningen lagen. Hij gaf zich over aan een roes, hij zag onder zijn handen de gestalten ontstaan die hij had gedroomd. Hij vergat gedurende twee, drie etmalen de slaven. Maar daarna begon de tweestrijd weer, die op den duur niet te onderdrukken pijn. De aanwezigheid van de stenen lichamen daar achter hem en van de onzichtbare last die zij torsten, vergiftigde zijn werklust, stoorde zijn concentratie. Het besef van het onvoltooide kwelde hem. Het onvoltooide, dat betekende meer, oneindig veel meer dan een niet afgemaakt werkstuk, een nederlaag tegenover opdrachtgevers. Het werd een symbool van alles wat hij, ongeordend, nog niet doorschouwd, onoverwonnen meedroeg in zichzelf. Tegelijk groeide de angst: dat hij niet bij machte zou zijn wat hem bezielde zichtbaar, tastbaar te maken voordat hij de belofte van een vroegere levensperiode ingelost, het mausoleum voor paus Julius tot het laatste onderdeel toe afgeleverd had.”

 

1960944-b1290f7441da0a95a7b7772f8c3bddf4.jpg
Hella Haasse (2 februari 1918 – 29 september 2011)

Geschreven door Romenu om 21:45 Reageer op dit bericht

My Computer Ate My Homework 2, Dolce far niente, Charles Bukowski

Dolce far niente

 

1960602-8ef645f18c69349a36cc5e222e7b5c16.jpg
Computers And Wires door Tommy Midyette, 2011

 

My Computer

My Computer

"what?" they say, "you got a
computer?"

it's like I have sold out to
the enemy.

I had no idea so many
people were prejudiced
against
computers.

even two editors have
written me letters about
the computer.

one disparaged the
computer in a mild and
superior way.
the other seemed
genuinely
pissed.

I am aware that a
computer can't create
a poem.
but neither can a
typewriter.

yet, still, once or
twice a week
I hear:
"what?
you have a
computer?
you?"

yes, I do
and I sit up here
almost every
night,
sometimes with
beer or
wine,
sometimes
without
and I work the
computer.
the damn thing
even corrects
my spelling.

and the poems
come flying
out,
better than
ever.

I have no
idea what causes
all this
computer
prejudice.

me?
I want to go
the next step
beyond the
computer.
I'm sure it's
there.

and when I get
it,
they'll say,
"hey, you hear,
Chinaski got a
space-biter!"

"what? "

"yes, it's true!"

"I can't believe
it!"

and I'll also have
some beer or
some wine
or maybe nothing
at all
and I'll be
85 years old
driving it home
to
you and me
and to the little girl
who lost her
sheep.
or her
computer.

 

1960602-3c5ebcf87d0e5abc15a5298d43be4a27.jpg
Charles Bukowski (16 augustus 1920 – 9 maart 1994)
Andernach. Charles Bukowski werd in Andernach geboren.

 

Zie voor de schrijvers van de 28e september ook mijn blog van 28 september 2015 en ook mijn blog van 28 september 2014 deel 1 en eveneens deel 2.




Geschreven door Romenu om 16:12 Reageer op dit bericht

Philip Huff, Ellis Peters, Ben Greenman, Thijs Zonneveld, Albert Vigoleis Thelen, Robert Thomas

De Nederlandse schrijver Philip Huff werd geboren op 28 september 1984 in Zwolle. Zie ook alle tags voor Philip Huff op dit blog.

Uit:Het verdriet van anderen

“Bakkers schrijfstijl – de stem van zijn verteller – biedt zo minimaal mogelijk verwoord verdriet, zo direct mogelijk gedeelde wijsheid, en is daarmee oer-Nederlands, zoals een soort ingetogen en in zichzelf gekeerd protestantisme Hollands is. De woorden zijn evenwichtig en tegelijkertijd is deze verteller uit balans. De scène gaat zo verder: ‘“Wat doe je?” vroeg hij. – “Je gaat verhuizen,” zei ik. – “Ik wil hier blijven.” – “Nee.”’
Ook hier is veel verdriet voelbaar, net als woede, en erkenning van dat verdriet en van die woede: ‘Hij mocht zijn bed houden.’
Aan de andere kant van vaders bed, vertelt de verteller, ligt nog steeds een kussen, al is die kant al tien jaar onbeslapen. Oftewel: Helmers moeder, de vrouw van zijn vader, is al tien jaar dood. Al tien jaar en er is niets veranderd. Maar niet alleen in het leven van Helmers vader gebeurt weinig: Helmer zit aan het einde van het korte eerste hoofdstuk in de keuken te wachten tot de verf in vaders nieuwe kamer boven droog is.
Tweede hoofdstuk, enkele dagen later: ‘Het regent en de harde wind heeft de laatste bladeren uit de es geblazen. November is niet kraakfris en stil meer. De ouderlijke slaapkamer is nu mijn slaapkamer.’ Helmer heeft zijn kinderkamer eindelijk verlaten.
Helmer is een melkveehouder, met wat schapen, en twee ezels, die meer als huisdieren functioneren. Twee melkrijders komen er langs op de boerderij: een oudere, die stuurs is en vloekt, en over een paar jaar met pensioen gaat (en daar niet op kan wachten), en het leven áchter hem ziet liggen, en een jongere, tot wie Helmer zich aangetrokken voelt. In deze twee karakters wordt, in het kort, de worsteling van de hoofdpersoon gevangen.
Dit is de wereld van Helmer, waar onrustige koeien en melkrijders voor de enige opwinding zorgen in een landschap dat kaal en vlak is, gebukt gaat onder een grote hemel, in een Nederland dat sinds de jaren vijftig niet meer leek te bestaan. Maar bijna zestig jaar later vindt de lezer het, haast onveranderd en onaangedaan, dit prachtige, tijdloze, Noord-Hollandse akker-gras-en-wilgenlandschap.
De visie van Helmer op het leven wordt direct duidelijk: wat is het leven anders dan doorknauwen. Soms gebeurt dat door middel van wat Coetzee Bakkers ‘laconieke humor’ noemde: grappen, om erdoorheen te komen, of de wereld op afstand te houden, en soms door het verdriet te tonen door het niet te benoemen. Het verdriet én de humor: deze tegelijkertijd kalme en gegriefde blik op de wereld manifesteert zich in het boek door de stem van de verteller.”

 

1962542-b2e2c9885090b00f7fca68c22ce1dc9d.jpg 
Philip Huff (Zwolle, 28 september 1984)

 

 

De Engelse schrijfster Ellis Peters werd op 28 september 1913 als Edith Pargeter geboren in Horsehay. Zie ook ook mijn blog van 28 september 2010 en eveneens alle tags voor Ellis Peters op dit blog.

Uit:Das Erbe des Baumeisters (The Green Branch, vertaald door Marcel Bieger en Barbara Röhl)

“Der Knabe, der in der Baumkrone hockte, kniff die Lider zusammen und spähte gen Osten in die aufgehende Sonne
      Aus der bewaldeten Flußniederung unter ihm leuchteten Lichtpunkte wie Messer auf und stachen ihm in die Augen. Die flach einfallenden langen Sonnenstrahlen, welche durch den Morgennebel drangen, hatten soeben das steile, tief eingeschnittene Tal erreicht und trafen auf das tanzende Wasser zwischen den Bäumen. Langsam hob der Junge den Blick und betrachtete über das gleißende Licht hinweg den stumpfen Felsvorsprung, auf dem sich die Mauern der halb vollendeten Feste erhoben. Über die Weiden, auf denen kein einziges Schaf zu erblicken war, breitete sich weit und bunt das Lager der königlichen Truppen aus.
      Dort fühlten die Engländer sich in ihrer Überzahl sicher genug, ihre Banner zu zeigen, aber jedesmal wenn sie es wagten, in die Wälder einzudringen, kam das Aufblitzen eines scharlachroten Stücks Stoff oder einer Helmzier sie teuer zu stehen. Allein in der vergangenen Woche hatten die Waliser über vierzig von ihnen in Rufweite ihres eigenen Lagers getötet. Harry selbst hatte zwei Männer mit einem Pfeilschuß erledigt, als sie im Morgengrauen zu ihren Kaninchenschlingen geschlichen kamen und zu hungrig waren, um Vorsicht walten zu lassen. Die Armee des Justitiars darbte. Das wenige Fleisch, das die Soldaten in den letzten drei Wochen gekostet hatten, war bestenfalls das ihrer eigenen Pferde. Beim Heranrücken der Engländer hatte die Bevölkerung die Dörfer verlassen und Rindvieh, Schweine und Schafe in die Wildnis gescheucht. Selbst das Wild in den Wäldern hatte man planmäßig nach Westen getrieben, damit es dem Feind nicht zur Nahrung dienen konnte.
      Unablässig peinigten die grellen Lichtreflexe die Augen des Knaben. Ein ungutes Gefühl beschlich ihn plötzlich. Er wandte seine Aufmerksamkeit von dem Flickenteppich aus Zelten und Pavillons ab und ließ den Blick über das dahinter liegende zurückweichende breite Tal schweifen. Gesäumt wurde es von tief eingeschnittenen Hügeln, deren dunkle blaue Schatten im kräftiger werdenden Tageslicht intensiver wurden. Genauer betrachtete der Knabe jetzt die Spur, welche die blinkenden Lichtschafte tief unter seinem Ausguck durch die Bäume webten.
      Das Herz des Jungen tat einen Satz. Die Strahlen, die sich auf der Wasseroberfläche brachen, schienen den Bachlauf verlassen zu haben und wandten sich hügelaufwärts zum Sattel des Höhenzugs hinauf, als schlängele ein silbriges Reptil sich durch die Wälder an der Flanke des Gwernesgob.”

 

1962542-76e34e2a398f50d1f7bbe5dc0f8716ba.jpg
Ellis Peters (28 september 1913 – 14 oktober 1995)
Cover biografie

 

 

De Amerikaanse schrijver en uitgever Ben Greenman werd geboren op 28 september 1969 in Chicago. Zie ook mijn blog van 28 september 2010 en eveneens alle tags voor Ben Greenman op dit blog.

Uit: What He's Poised to Do

“He does not like the fact that thinking of his son makes his heart sink. He takes a postcard from the desk and writes to his son. The man takes the postcard and puts it in the outer pocket of his suitcase, aware that he will never mail it. The next day, he does not see the young woman from the bar. He does not see her the day after that, either. He is busy with work, and when he is not working he is walking up and down the city streets. He looks into the faces of the people he passes and tries to guess if they have ever betrayed someone they loved, or been betrayed by someone they loved. He supposes that most have, and this cheers him a bit, not for any reason other than the fact that it locates him. He returns to the hotel after the second day of working and walking and writes his wife a postcard. This one has a more optimistic message than the first: that, although he is not ready to talk on the telephone, he is ready to think about it, and that this is progress. He ends on a romantic note.
He takes that postcard downstairs to mail it. The young woman from the bar is now working at the reservations desk. She pretends not to know him. At first, he is offended, and then he comes to understand that it is a game. She calls him sir, stiffly, and he hands her the postcard face down, suddenly concerned that she might try to read it. She tells him that she would be happy to be of service. She calls him sir again, with no additional warmth. He returns to his room. An hour later, there is a knock at his door. He opens it to find the young woman there. This time, she undoes her skirt herself. The next morning, he remembers that she did not call out his name, but that she looked at him as if she was thinking of doing so. He remembers that she recited a series of names: her father's name, her husband's name, her son's name. He is surprised to find that it is the same as his son's name. He keeps this information to himself."

 

 1962542-829e6a909c351f5f0955156ffd2cf193.jpg
Ben Greenman (Chicago, 28 september 1969)
Cover

 

De Nederlandse schrijver, journalist en columnist Thijs Zonneveld werd geboren op 28 september 1980 in Sassenheim. Zie ook mijn blog van 28 september 2010 en eveneens alle tags voor Thijs Zonneveld op dit blog.

Uit: Peter (Column)

“En toen, na een WK dat eindeloos lang maar uren te kort duurde, kreeg Peter Sagan het woord. Hij had het kunnen hebben over zijn verpletterende zege, over zijn vernietigende demarrage, over de revanche na honderd miljoen tweede plaatsen.
Maar hij begon over de vluchtelingencrisis.
Als je me zou vragen wat hij precies zei, dan zou ik je het antwoord schuldig moeten blijven. Eén ding weet ik wel: het was prachtig. Heel even heb ik overwogen om het interview terug te kijken, maar ik heb het niet gedaan. Ik hoef niet precies te weten wat hij zei.
Het ging er niet om wát hij zei, het ging erom dát hij het zei. In Richmond stond een jonge sporter voor een microfoon die net de grootste overwinning van zijn carrière had behaald na een jaar waarin alles nét niet lukte, waarin hij onder druk werd gezet door zijn megalomane teameigenaar, waarin hij aan zichzelf twijfelde en waarin hij werd overreden door een motor. Hij had alle recht om in een sorbet van narcisme en euforie springen, maar dat deed hij niet. Hij richtte de aandacht op iets anders. De vluchtelingen, mensen, de vluchtelingen.
Peter Sagan sprak zijn eigen regering toe, die alleen maar oorlogsvluchtelingen accepteert als ze toevallig christelijk zijn; hij sprak het fort Europa toe, dat alleen maar bezig is met opvanggetallen en spreidingsstatistieken in plaats van met mensen; hij sprak ons allemaal toe.
In zijn hoofd waren zijn zinnen ongetwijfeld beter verwoord en meer gepolijst, maar dat maakte niet uit. Hij zei het zoals het is: verwarrend, overweldigend, nauwelijks in woorden te vertalen.“

 

 1962542-10ec75e1d7ac295ab5cd05fb1e7657bc.jpg
Thijs Zonneveld (Sassenheim, 28 september 1980)
Peter Sagan

 

De Duitse dichter, schrijver en criticus Albert Vigoleis Thelen werd geboren in Süchteln op 28 september 1903. Zie ook mijn blog van 28 september 2010 en eveneens alle tags voorAlbert Vigoleis Thelen op dit blog.

 

Vergiß-sie-nicht

Weine nicht, weil du nicht weinen kannst
über die heiligen Wetterschläge der Welt:
Das öffentliche Ärgernis im Garten Eden,
die göttliche Sintflut,
Sodom und Gomorha,
der Untergang der Atlantis mit Mann und Maus,
der Untergang der Titanic mit Mann und Maus,
der Untergang von 2367 Sprachen
benebst deren Sprechern,
der Ausbruch des Krakatau,
der Lues,
des Burenkriegs,
der Maul- und Klauenseuche,
Zyklon und Orkan,
Taifun und Tornado,
das Kino-Unglück in Harburg,
Bleidächer, Gummizellen, Gaskammern,
eine erwürgte Braut,
eine lebendgebärende Päpstin,
schlagende Wetter,
ein gottloser Gott –
und du weinst immer noch nicht?
Sei dann eindächtig der Zwiebel,
alium cepa:
sie löst dir das Rätsel der Tränen
und die Träne dazu.

 

 

Spiegelschrift

Das ungeschriebene Buch
ist die einzige Lektüre
des Analphabeten
Wo er es aufschlägt
erkennt er sich selbst
in archetypischer Nacktheit
und vom Scheitel zur Sohle
ist jedes Wort
an ihm wahr.

 

 1962542-f5e58be7c3f3ebc1a4a77c64aeadfe58.jpg
Albert Vigoleis Thelen (28 september 1903 - 9 april 1989)
Getekend portret door Peter K. Kirchhoff, 1989

 

 

De Franse schrijver, regisseur en acteur Robert Thomas werd geboren op 28 september 1927 in Gap. Zie ook alle tags voor Robert Thomas op dit blog.

Uit:Huit femmes

“ACTE PREMIER
Matinée d'hiver, un rayon de soleil un peu pâle fait jouer les vitraux. Atmosphère chaude et provinciale. Le feu pétille. Une pendule sonne dix coups, quelque part dans la maison.
On voit la grand-mère se glisser dans le salon et atteindre la bibliothèque. Elle se déplace dans un fauteuil à roulettes... (Note de l'auteur : ce fauteuil est facultatif). Elle regarde à gauche et à droite, puis fait jouer un déclic dans les livres, déclenchant la porte d'une cachette. Mais elle entend du bruit, elle referme tout et se sauve. Madame Chanel descend l'escalier, écoute à la porte du père.
Soudain, on entend à l'extérieur un klaxon de voiture. Madame Chanel descend et court à la baie en s'essuyant les mains à son tablier.
Madame CHANEL (folle de joie) - La voilà ! La voilà ! (Elle fait de grands signes vers le parc, puis revient crier au bas de l'escalier.) Voilà Suzanne qui arrive ! Voilà Suzon ! Le mauvais temps n'a pas retardé le train ! (En haut des marches apparaît Louise, la bonne, un plateau à la main.) Voilà Mademoiselle !
LOUISE - Oui ! Oui ! J'ai entendu !
Madame CHANEL - Ah ! si vous saviez comme ça me fait plaisir de retrouver ma Suzon... C'est moi qui l'ai élevée... Il y a dix ans, nous étions deux amies inséparables...
LOUISE - Je sais...
Madame CHANEL - Mais les années vous poussent et voilà que ma Suzon a dépassé vingt ans ! Depuis qu'elle est partie dans ce collège anglais, je ne la vois plus que deux fois l'an. Quel beau Noël nous allons avoir !
LOUISE (sans conviction). - Oui...
Ça va !”

 

 1962542-bc8cecb1036d9c156668058f560b0b8d.jpg
Robert Thomas (28 september 1927 - 3 januari 1989)
Scene uit een opvoering in Parijs, 2012

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 28e september ook mijn blog van 28 september 2014 deel 1 en eveneens deel 2.

 

Geschreven door Romenu om 00:00 Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten