Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
akke.beakke.be

Berichten van 1 oktober 2016 tot 2 oktober 2016

Dimitri Verhulst, Göran Sonnevi, Graham Greene, Wallace Stevens, Andreas Gryphius, Nes Tergast, Waltraud Anna Mitgutsch, Jan Morris

De Vlaamse dichter en schrijver Dimitri Verhulst werd op 2 oktober 1972 geboren in Aalst. Zie ook mijn blog van 2 oktober 2010 en eveneens alle tags voor Dimitri Verhulst op dit blog.

Uit: Bloedboek

“Indien er effenaf niks was in het begin, dan ook geen toekomst. Dus was er God, van wie niemand weet en weten zal van waar Die zelf dan komt, Hij had uit al dat niks gewoon Zichzelf gemaakt, vraag niet hoe, vraag niet waarom, en Die nadien, om Zijn status te verdienen uit Zijn krammen had te schieten en te scheppen, om te beginnen de hele hemel en een ietepetieterige jammerbol, waarop vooralsnog geen sprietje onkruid stond. Dood en troosteloos lag het maaksel van de wereld in de smerig zwarte, universele leegte waarin zelfs God geen halve meter voor Zich uit kon zien. Zijn djinn doolde over de vreugdeloze vlakten, en over het water, dat er door Zijn toedoen ondertussen ook al was. Toen kreeg Hij een, welja, zeer goddelijk gedacht, en vond Hij dat er licht moest zijn. En Hij had geluk, want Hij had die dingen maar uit te spreken en, pardaf, daar was dat licht dan al. Meteen, ja, inderdaad. En omdat de dingen eigenlijk maar pas ten volle gaan bestaan indien ze zijn voorzien van één of andere naam, noemde Hij dat lichtelijke licht ‘het licht’, lidwoord incluis. Zeer, zeer slim voorwaar, die aandacht voor de taal. Want niks zal hebben bestaan, niks zal zijn gebeurd, dat niet ooit kan worden naverteld. Hij gaf al Zijn creaties Zelf een naam, en als er later trammelant ontstond over dit verhaal, dan alleen omdat het zo kadukelijk werd vertaald.
Wisselde Hij de donkerte en dat lichte af, dan ontstond er dag en nacht. Zodoende werd de machine van de tijd op gang gebracht. Er waren dagen, en zij gingen voorbij. Het eerste van nog vele etmalen trad al toe tot het rijk van de opspelende vergetelheid toen Hij van oordeel was dat dit kladwerk nood had aan een duidelijke boven- en een al even zo duidelijke onderkant. Hij spleet het weinige wat was horizontaal en met vaste hand in twee, etiketteerde het bovenste gedeelte geheel content als het firmament, hetgeen niet simpel was, want de hele operatie nam de volledige tweede dag toch in beslag. Op de derde dag is Hij ongetwijfeld zeer vroeg opgestaan, om al dat water te laten stromen, meer bepaald naar beneden, zodat alle druppels en spetters en stralen zich konden verenen in de zeeën en het land hoog en droog, of alleszins toch iets minder nat, boven al dat water lag. Echt waar prachtig vond Hij dat. Nu pas kon Hij beginnen aan het onkruid en het gewas, vol zaden, zodat die dingen zichzelf konden hermaken. De bomen schonk Hij eikels, en ook al had het eigenlijk iets heikels, zij waren nu geoutilleerd het hele perpetuum van de voortplanting voor hun eigen rekening te nemen."

 

 1961885-70bfd83098038ce67b755e9cace340d8.JPG
Dimitri Verhulst (Aalst, 2 oktober 1972)

 

 

De Zweedse dichter en vertaler Göran Sonnevi werd geboren in Lund op 2 oktober 1939. Zie ook mijn blog van 2 oktober 2010 en eveneens alle tags voor Göran Sonnevi op dit blog.

Uit: Das Unmög;iche; zweiter Teil

Die ernsthafte arbeit

Wo existiert deren raum, wo
deren zeit?

Sie existiert in verschiedenen stadien
ungleich verteilt in
raum und zeit
Zersplittert, zusammengefügt, wieder
zersplittert, mit scherben die glänzen
unter den bäumen

Es gibt gruppen hier, menschen
unterwegs,
in feindschaft, zersplitterung, gemeinschaft
In kollektiven
lügen, fehlurteilen, wahrheiten
Bisweilen abgeschirmt
in den blendbildern der geschichte
so daß fast jeder weg hinaus
unmöglich scheint
Auch dort
vollzieht sich die ernsthafte arbeit

Sie wird ausgeführt von menschen
die nicht anders
handeln können
Und in der hoffnung,
bisweilen maskiert als freude,
bisweilen als bodenlose verzweiflung,
daß das beinah unmögliche
sich als möglich erweist

Der durchbruch der freiheit

Die wirklichkeit der großen demokratie

 

Vertaald door Klaus-Jürgen Liedtke

 

 1961885-0b3030f4c1bb22846260e12cb1413042.jpg
Göran Sonnevi (Lund, 2 oktober 1939)

 

 

De Engelse schrijver Graham Greene werd geboren op 2 oktober 1904 in Berkhamsted, Hertfordshire. Zie ook mijn blog van 2 oktober 2010 en eveneens alle tags voor Graham Greene op dit blog.

Uit: The Power And The Glory

“No.  Hit’s jest like I been tellin’ ye, I went to Tarver’s wife—­she’s got a plenty.  I knowed in reason she’d have baby clothes that she couldn’t expect to wear out on her own chillen.  I said as much to her, when she told me she was liable to need ’em befo’ I did.  I says, ’Ye cain’t need more’n half of ’em, I reckon, an’ half’ll do me, an’ I’ll return ’em to ye when I’m done with ’em.’ She acted jest as selfish—­said she’d like to know how I was goin’ to inshore her that it wouldn’t be twins agin same as ’twas before. Some folks is powerful mean an’ suspicious.”
All this time the nurse had been standing with the quiet small packet which was the storm centre of preparation lying like a cocoon or a giant seed-pod against her bosom.
“She’s a mighty likely little gal,” said she finally. “Have ye any hopes o’ gittin’ anything to put on her?”
The woman in the bed—­she was scarcely more than a girl, with shining dark eyes and a profusion of jetty ringlets about her elfish, pretty little face—­seemed to feel that this speech was in the nature of a reproach. She hastened to detail her further activities on behalf of the newcomer.
“Consadine’s a poor provider,” she said plaintively, alluding to her absent husband. “Maw said to me when I would have him that he was a poor provider; and then he’s got into this here way of goin’ off like. Time things gets too bad here at home he’s got a big scheme up for makin’ his fortune somewhars else, and out he puts. He ’lowed he’d be home with a plenty before the baby come. But thar—­he’s the best man that ever was, when he’s here, and I have no wish to miscall him. I reckon he thought I could borry what I’d need. Biney Meal lent me enough for the little un that died; but of course some o’ the coats was buried with the child; and what was left, Sis’ Elvira borried for her baby. I was layin’ off to go over to the Deep Spring neighbourhood when I could git a lift in that direction—­the folks over yon is mighty accommodative,” she concluded, “but I was took sooner than I expected, and hyer we air without a stitch, I’ve done sont Bud an’ Honey to Mandy Ann Foncher’s mebby they’ll bring in somethin’.”

 

 1961885-88eff2b2c8f07a6c64a2f308bd6f4e85.jpg
Graham Greene (2 oktober 1904 – 3 april 1991)
Affiche voor de gelijknamige film uit 1961

 

 

De Amerikaanse dichter en essayist Wallace Stevens werd geboren op 2 oktober 1879 in Reading, Pennsylvania. Zie ook mijn blog van 2 oktober 2010 en eveneens alle tags voor Wallace Stevens op dit blog.

 

Sunday Morning

2
Why should she give her bounty to the dead?
What is divinity if it can come
Only in silent shadows and in dreams?
Shall she not find in comforts of the sun,
In pungent fruit and bright green wings, or else
In any balm or beauty of the earth,
Things to be cherished like the thought of heaven?
Divinity must live within herself:
Passions of rain, or moods in falling snow;
Grievings in loneliness, or unsubdued
Elations when the forest blooms; gusty
Emotions on wet roads on autumn nights;
All pleasures and all pains, remembering
The bough of summer and the winter branch.
These are the measure destined for her soul.


3
Jove in the clouds had his inhuman birth.
No mother suckled him, no sweet land gave
Large-mannered motions to his mythy mind.
He moved among us, as a muttering king,
Magnificent, would move among his hinds,
Until our blood, commingling, virginal,
With heaven, brought such requital to desire
The very hinds discerned it, in a star.
Shall our blood fail? Or shall it come to be
The blood of paradise? And shall the earth
Seem all of paradise that we shall know?
The sky will be much friendlier then than now,
A part of labor and a part of pain,
And next in glory to enduring love,
Not this dividing and indifferent blue.


1961885-dabd8e17d59a2a70adc96d66207196c7.jpg 
Wallace Stevens (2 oktober – 1879 – 2 augustus 1955)
Hier met  William Faulkner (rechts)

 

 

De Nederlandse dichter en kunstcriticus Nes Tergast (eigenlijk Albert Ernest Bruno Johannes) werd geboren in Salatiga, Java, op 2 oktober 1896. Zie ook alle tags voor Nes Tergast op dit blog.

 

Gemis

Sinds ik je milde oogen missen moet,
hangt om de leegten, en de hoeken van
dit huis de stilte van oud linnengoed.
Des avonds dwarlen uit het grijs behang
de bloemen die allengs zijn uitgebloeid
om mijn vergelende herinneringen
en dingen die met jou zijn opgegroeid…
Ik hoor de waterketel droever zingen.
De terriër die met je heeft gespeeld,
stelt mij zijn onbeantwoordbare vragen,
want hij, nog meer dan ik, voelt zich misdeeld.
Hij heeft je muilen in zijn mand gedragen.

 

 1961885-8d38a60da16225f9f6d6ac1ad7817444.jpg
Nes Tergast (2 oktober 1896 – 12 december 1974)
Salatiga, met de Merbabu vulkaan (Geen portret beschikbaar)

 

 

De Duitse dichter en schrijver Andreas Gryphius (gelatiniseerde naam van Andreas Greif) werd geboren op 2 oktober 1616 in Glogau (Silezië). Zie ook mijn blog van 2 oktober 2010 en eveneens alle tags voor Andreas Gryphius op dit blog.

 

Auff den Tag Johannis deß Evangelisten

Johann. 21.

Sagst du der Welt Ade? ist Christus gantz allein
Der Grund/ auff den du wilst die keusche Liebe setzen?
So muß dich wenn er rufft/ vnd fragt kein Trauren letzen/
Du must der Menschen Haß/ du must die grimme Pein/
Schläg/ Elend/ Band vnd Schmach/ du must Schmertz Angst vnd Stein
Womit der Teufel pocht/ für lauter Wollust schätzen:
Ia/ wenn die Feind auff dich/ gleich alle Länder hetzen
Doch must du allzeit treu/ vnd vnerschrocken seyn.
Vor/ da dein junger Geist von heisser Lust entbrennet/
Bistu nach eignem Sinn bald hier bald dort gerennet/
Wo eitel Freud vnd Ehr die Strasse dir gezeigt.
Itzt trit den rauen Patz/ vnd lern in Ketten gehen
Hin/ wo der Holtzstoß brennt/ wo hohe Pfäler stehen
Da stirb dem der sein Haupt die von dem Creutz herneigt.


 1961885-8cc1c520079b1e3266f9dc5132b26e04.jpg
Andreas Gryphius (2 oktober 1616 - 16 juli 1664)
Johannes de Evangelist op Patmos door Diego Velazquez, 1619-20 

 

 

De Oostenrijkse schrijfster en literatuurwetenschapster Waltraud Anna Mitgutsch werd geboren in Linz op 2 oktober 1948. Zie ook alle tags voor Waltraud Anna Mitgutsch op dit blog en ook mijn blog van 2 oktober 2010

Uit: Ausgrenzung

„Gehen wir also zurück an den Anfang dieser ganzen Kette von Schuld, beginnen wir mit Ihrer Kindheit, sagte die Ärztin mit sanfter Stimme, Marta redete tapfer gegen ihr Zittern und ihre Atemnot an, alles mußte sie tun, um ihrem Kind zu helfen, auch das, was ihr sinnlos erschien, Zusammenhänge finden, wo es keine gab.
Ihrem Vater sahen Sie ähnlich, rief die Frau erfreut, Ihrem toten Vater? Ersatz also für den Toten?
Wie ihre Augen blitzten vor Freude über all die Zusammenhänge, Tod und Geburt und Leben und Ersatz für das Leben, Ersatz für den Tod, Todeswunsch also, um den Tausch rückgängig zu machen, die Lebende für den Toten. Todeswunsch weitergereicht, von Mutter zu Mutter, von Generation zu Generation, eine Lawine des für das Geliebte, scheinbar Geliebte wohlgemerkt, ersehnten Todes, schließlich sichtbar geworden im toten lebendigen Kind, der »leeren Festung«.
Lesen Sie Bettelheim, empfahl sie zum Abschied.
Was ich noch wollte, sagte Marta eingeschüchtert, wenn Sie mir erklären könnten, helfen könnten zu verstehen, was in meinem Kind vorgeht.
Nein, das könne sie nicht, das werde die Therapeutin können, mit der Jakob nun, reichlich spät, lernen werde, eine erste Beziehung aufzubauen, einen Ersatz für die fehlende Beziehung zur Mutter.
Ob sie nicht gesehen habe, wollte Marta fragen, wie das Kind sich an sie geklammert, wie Jakob die Mutter angestrahlt hatte, stolz und begierig nach ihrem Lob, als die Klötzchen sauber nebeneinandergereiht auf dem Tisch lagen?
Sie trug das Kind hinaus in die blendende Helle des Frühlingsnachmittags, und nichts drang zu ihr, kein Straßenlärm, keine Stimmen, nur die Straße erschien ihr sehr fremd. Später rief ihre Freundin Luise an und fragte, wie es gewesen sei in der Klinik, und ob sie schon etwas wüßte. Sie hörte sich Martas Schluchzen und Stammeln eine Weile an, dann riet sie ihr Selbstbeherrschung und schlug vor, das Gute in allem zu suchen: Vielleicht macht dieser Schicksalsschlag dich zu einem besseren Menschen.“

 

 1961885-e6a95fe0822fb253a7aff3c0c9a6580e.JPG
Waltraud Anna Mitgutsch (Linz, 2 oktober 1948)

 

 

De Britse (reis)schrijfster en historica Jan Morris werd als James Humphrey Morris geboren op 2 oktober 1926 in Clevedon, Somerset. Zie ook alle tags voor Jan Morris op dit blog en ook mijn blog van 2 oktober 2009 en ook mijn blog van 2 oktober 2010

Uit: Conundrum

“I was three or perhaps four years old when I realized that I had been born into the wrong body, and should really be a girl. I remember the moment well, and it is the earliest memory of my life.
I was sitting beneath my mother’s piano, and her music was falling around me like cataracts, enclosing me as in a cave. The round stumpy legs of the piano were like three black stalagmites, and the sound-box was a high dark vault above my head. My mother was probably playing Sibelius, for she was enjoying a Finnish period then, and Sibelius from underneath a piano can be a very noisy composer; but I always liked it down there, sometimes drawing pictures on the piles of music stacked around me, or clutching my unfortunate cat for company.
What triggered so bizarre a thought I have long forgotten, but the conviction was unfaltering from the start. On the face of things it was pure nonsense. I seemed to most people a very straightforward child, enjoying a happy childhood. I was loved and I was loving, brought up kindly and sensibly, spoiled to a comfortable degree, weaned at an early age on Huck Finn and Alice in Wonderland, taught to cherish my animals, say grace, think well of myself, and wash my hands before tea. I was always sure of an audience. My security was absolute. Looking back at my infancy, as one might look back through a windswept avenue of trees, I see there only a cheerful glimpse of sunshine—for of course the weather was much better in those days, summers were really summers, and I seldom seem to remember it actually raining at all.
More to my point, by every standard of logic I was patently a boy. I was James Humphry Morris, male child. I had a boy’s body. I wore a boy’s clothes. It is true that my mother had wished me to be a daughter, but I was never treated as one.“

1961885-b968456ac95e93c2bdcf4d360b93e099.jpg
Jan Morris (Clevedon, 2 oktober 1926)

Geschreven door Romenu om 11:25 Reageer op dit bericht

Joost Baars

De Nederlandse dichter, essayist, bloemlezer en boekhandelaar Joost Baars werd geboren op 2 oktober 1975 in Leidschendam. Baars volgde het VWO en studeerde daarna enkele jaren psychologie en antropologie te Amsterdam. Hij was zakelijk coördinator en programmeur bij Stichting Perdu; organisator van het poëziefestival Dichtersmarathon en redacteur van het literair tijdschrift Lava. Hij is de uitgever van Halverwege Chapbooks en geestelijk vader van VersSpreken, een podcast over poëzie. Baars is medewerker aan Het Liegend Konijn, Poëziekrant, Revolver en Vooys.

 

marktblues

ik heb een blanco boodschappenlijstje
en overvloed

wat kook ik vanavond

de hemel sluit zich en het begint zachtjes
zachtjes gebeurtenissen te regenen

appels worden bevoeld, fietslichtjes bekeken,
prijzen in twijfel getrokken, schoenzolen slepen

over het nog natte asfalt, moeders sjokken met hun versleten
kinderen langs de patatkraam van meneer Donkers

een zwarte man met opgerolde broekspijpen
en tandeloos speelt mondharmonica
just strummin'

ik kan alleen maar struinen

naar het einde van de straat, ik weet niet waar
naar een avond met ik weet niet wie

langs kraampjes vol met dingen die zouden kunnen
zouden kunnen mislukken

 

 

tussen vertrek en aankomst

tussen vertrek en aankomst is alleen een lijn,
geen ruimte, en net daar

bevindt hij zich, de veerman,
midden tussen de oevers

denkt hij (en ik weet niet

of je wel eens een ongeluk hebt gehad,
aangereden of van een ladder gevallen of zo, maar het is verbazing-
wekkend hoeveel je kunt denken

in een fractie van een seconde) water, al
het water in de wereld, is een druppel,
één druppel, buiten

dan misschien de wolken, en her en der wat spetters
in de lucht (schepen, dolfijnen, spelende kinderen,

verdrinkende kinderen) of op een kade, maar in de hele wereld is geen kade
die dit water, dat ik elke dag zo routineus bedwing,
nu niet beroert

 

2043948-df1d5b48668b8dec6f5ca35343e49381.jpg 
Joost Baars (Leidschendam, 2 oktober 1975)

Geschreven door Romenu om 00:00 Reageer op dit bericht

Khlaid Boudou, Günter Wallraff, P. N. van Eyck, Israël Querido, Charles Cros, John Hegley, Tim O'Brien

De Nederlands – Marokkaanse schrijver Khalid Boudou werd geboren in Tamsamane, Marokko op 1 oktober 1974. Zie ook mijn blog van 1 oktober 2010 en eveneens alle tags voor Khalid Boudou op dit blog.

Uit:Iedereen krijgt klappen

„Die vechtlust, die energie. Wauw! Ik raakte ervan in de ban. Het zweet spatte alle kanten op. Ik kon er wel uren naar kijken. Naar die klappende, sterke mannen. Hun verwoestende kracht. Die kracht daagde me uit.
Op een dag ben ik naar binnen gelopen. Een ouwe man kwam op me af lopen.
‘Meneer, ik wil hier trainen,’ zei ik.
‘Mijn moeder ook,’ reageerde die ouwe vals en hij draaide zich weer om.
Maar ik bleef aandringen. ‘Meneer, meneer, ik ben serieus. Ik ben echt serieus. Ik heb talent, meneer! Ik wil echt! Ik zal het bewijzen! Laat het me bewijzen!’
Met een frons in zijn ouwe kop keek de man mij doordringend aan. ‘Kom dan maar mee,’ zei hij na een diepe zucht. Alsof ik de zoveelste was die fantaseerde dat hij de nieuwe Mohammed Ali was. Ik liep achter hem aan, de zaal door, nagekeken door die boksende krachtpatsers. Ze sloegen hard op de bokszakken. Sommigen waren aan het touwtjespringen.Achter in de zaal van de boksschool Serious Gym mocht ik mijn jas uittrekken.
‘Laat maar zien,’ zei de man kleinerend en hij knipoogde naar een langharige spierbundel. ‘Laat maar eens zien aan opa.’
Ik mocht helemaal losgaan op de stootzak. Ik gooide er alle woede uit. Als een bom die heel Amsterdam kon platleggen.
Nee, heel Europa. De wereld! Zoveel woede had ik in me. Baf! Baf! Baf! Ik stootte alles van me af.
Baf! Baf! Baf! Ik hijgde als een hond.
Toen ik klaar was, zag ik hoe Mickey en de twee jongens die aan het trainen waren mij verrast aanstaarden.Ik had duidelijk indruk gemaakt met mijn natuurtalent.Ze keken me aan zoals geen enkele stiefvader ooit naar me had gekeken. Met iets van bewondering in de ogen.
Nooit eerder had ik zoveel bewondering gevoeld. Ik kreeg ook zomaar schouderklopjes. En vriendelijke tikjes tegen mijn achterhoofd. Ik voelde me sterk. Ik voelde me verdomme eens gewaardeerd. Eye of the Tiger! Mr T., champion of the world.
‘Hier valt wat van te maken! Morgenochtend om acht uur in de gym,’ zei Mickey enthousiast. ‘En geen minuut later!’

 

 1961678-4f84c9bd59ad23249c9339eb5d29c159.jpg
Khalid Boudou (Tamsamane, 1 oktober 1974)

 

 

De Duitse schrijver en undercoverjournalist Günter Wallraff werd geboren op 1 oktober 1942 in Burscheid bij Keulen. Zie ook mijn blog van 1 oktober 2010 en eveneens alle tags voor Günter Wallraff op mijn blog.

Uit: Aus der schönen neuen Welt

„Ich antworte, dass ich drei Jahre im Goethe-Institut in Daressalam Deutsch gelernt habe. – Ob ich Arbeit habe? – Nein, antworte ich. Da schlägt er mir vor, ich solle es doch als Kuli versuchen, am besten gleich hier: "Rudern, rudern!", ruft er und zeigt auf das Boot, das wir gerade verlassen haben.
Dass die Abneigung gegen Schwarze keine Altersfrage ist, erlebe ich später in einer Fußgängerzone in Cottbus . Ich komme an einem Juweliergeschäft vorbei und erkundige mich nach einer Armbanduhr mit Stoppfunktion. Die junge Verkäuferin behauptet, so etwas führe sie nicht. Ich weise sie darauf hin, dass die Uhr im Schaufenster sehr wohl eine Stoppfunktion hat. Die Frau lässt sich dann doch auf ein Verkaufsgespräch ein und zieht schließlich eine teure goldene Uhr hervor. Als ich sie in die Hand nehmen will, hält die Verkäuferin die Armbanduhr mit verkniffenem Lächeln krampfhaft fest.
Ich kann mir nicht vorstellen, dass die Frau schon einmal Erfahrungen – gar schlechte – mit schwarzen Kunden gemacht hat. Aber Fremdenfurcht, genau wie Antisemitismus, hat ja auch nichts mit realen Erfahrungen zu tun, tritt sogar umso häufiger auf, je seltener Menschen Fremden begegnen.
Ein Kollege aus unserem Filmteam, der den Laden betritt, als ich ihn gerade frustriert verlasse, bittet die junge Frau ebenfalls darum, ihm die Uhr über den Tresen zu reichen, und bekommt sie ganz selbstverständlich ausgehändigt. Dann fragt er sie mitfühlend, ob sie gerade Angst gehabt habe um das gute Stück.“

 

 1961678-c3f4507404b60a69dfe7eb3d08a06cf0.jpg
Günter Wallraff (Burscheid, 1 oktober 1942)

 

 

De Nederlandse dichter criticus, essayist en letterkundige Pieter Nicolaas van Eyck werd geboren op 1 oktober 1887 in Breukelen. Zie ook mijn blog van 1 oktober 2010 en eveneens alle tags voor P. N. van Eyck op dit blog.

 

Landschap: bomen van licht

Landschap: bomen van licht, bij 't óp-stralende blaken
van zonne-vlakken, in schettren, scherp, op de daken;
en óm: de zware tocht van stromen, - wijde stromen
gekomen tot een meer als van glooiënd goud-laken.

Neer, door het goud-doorzegen blauw, geselen striemen
van schelle klaart die 't heil van open lichten lacht,
en de aureate horizon van brede pracht
schijnt in een purpren wrong de aarde óm te willen riemen.

Zie: vogels draaien gek door 't golpend zonne-zijn
dat giet zijn stralen-brand van woeste licht-orkanen.
En enkel déze vreê: de vreê der staat'ge zwanen
op 't peerlen-telend vlak van 't welig meer-gedein...

- o Lente, die daar tiert in 't vreugde-hijgend streven;
Lente, blij-flakkrend zijn van wijdse heerlijkheid;
Lente, die 't broeiend vuur van 't bremstig gloren zijt
dat ik, tot zang en daad, door hoofd en hand voel beven;

Lente, o Lente in de macht van gloed-zaaiende goden;
gierend uw wellust bij het zwoegen van uw willen:
ik, zat van nieuwe zon en vreugd-schaatrende gillen,
zinge u Hymnen van goud, gulzig-wassend als Oden!

 

 1961678-b4661508490827d0cce96edf47cc5d7f.jpg

P. N. van Eyck (1 oktober 1887 – 10 april 1954)

 

 

De Nederlandse schrijver Israël Querido werd geboren in Amsterdam op 1 oktober 1872. Zie ook alle tags voor Israël Queriodo op dit blog.

Uit: Levensgang: roman uit de diamantwerkerswereld

“En daarom had ze van daag, meer sluipend dan loopend, naast d'r vader doorgestapt, angstiglijk dragend den bol vóor d'r buikje, op sidderend vierkant houten staakje, in één kramphouding, haar armen verlamd voelend. Door borst en schouders had ze pijnstriemingen en iets heets-verdoovends voelen tintelen toen, maar toch had ze volgehouden, onder porren van d'r vader, haar lippen stuk bijtend van wilsinspanning. Zóó was de ordenaal, zonder 'n droppel groen zeelicht minder, de nieuwe woning ingedragen. De meubelbrokken waren maar dwars-mal, op- en in elkaar, in het stikdonkere achterkrot - de woon- en slaapkamer - gestapeld, dat kelder-kil, z'n leegen, zwarten muil met houtrommel en nog wat toegestopt kreeg. Er was een duffe nachtstank, een luchtloos waas van schimmel weggescheurd en uitgeslagen, door luid gestommel en geschreeuw van verhuizers, door krijschgeroep van hier-en-daar neergesmak. Verwarrend, over elkaar heen tuimelend, zich ijler achter elkaar verdringend, waren de nacht-duffe gestalten van 't luchtloos achterkrot naar de keuken gevloeid. Het eerst was Hols' werkplaats in orde gebracht. Zelf had ie geen bal mee geholpen; dáár was ie veel te lijs voor. Alles had vrouw Hols moeten doen met haar twee leegloopers-zonen. Toen hij nou den heelen boel zoo zenuwachtighaastig had opgejaagd, dat ze 't groen en geel voor de oogen werd, was de boel maar wild dooreen in het slaap- en woonkrot weggeduwd en neergestommeld. Uitgemaakt was 't al lang, dat de drie doodvreters op 't zolderhok zouën slapen, - een vuil krotzoldertje, half door tengelmuur afgeschut, met 'n stik-bestoft, sterachtig gebarsten lichtraam, op zij het kamertje in-hellend. Overal, zat 't vol sappig-druipende vuilnisklonten, net vettige spin-lijven schommelend tusschen vermolmd spinragweefsel, lijmerig uitgeschimmelde, bemorste balkpunten en dakreten, als insectenafgrond gapend achter tengelhaar en inwaterenden muur. De ingang van het krot stond open aan de trap, waarvoor 'n verrot latten deurtje bibberde, bruin-kwasterig, half beteerd, wild bepenseeld met ingeweekte zwartselplekken en groen-breiïge verfklodders. Vocht wasemde sieperend langs de wanden, uit de kapotte dakpannen en open gaten onder 't gebarsten ruit, 't krot zuur in-stinkend als beschimmeld stijfsel, in stralige bochten uitspuitend bij 't vensterraam in den hoek.“

 

 1961678-eb51625ea7dc35c7eefc32d7b61af65a.jpg
Israël Querido (1 oktober 1872 - 5 augustus 1932)

 

 

De Franse dichter Charles Cros werd geboren in Fabrezan op 1 oktober 1842. Zie ook mijn blog van 1 oktober 2010 en eveneens alle tags voor Charles Cros op mijn blog.

 

A tuer

Voici venir le printemps vague
Je veux être belle. Une bague
Attire à ma main ton baiser.

Aime-moi bien ! Aime-moi toute
Surtout jamais, jamais de doute.
Ta fureur ? Je vais l'apaiser.

J'ai mal fait. - Mais ne sois pas triste,
Enterre-moi sous la batiste.
Je meurs ! des coussins, des coussins !

A présent je serai bien sage
Tes bras autour de mon corsage
Et tes lèvres entre mes seins.

 

 

Phantasma

J'ai rêvé l'archipel parfumé, montagneux,
Perdu dans une mer inconnue et profonde
Où le naufrage nous a jetés tous les deux
Oubliés loin des lois qui régissent le monde.

Sur le sable étendue en l'or de tes cheveux,
Des cheveux qui te font comme une tombe blonde,
Je te ranime au son nouveau de mes aveux
Que ne répéteront ni la plage ni l'onde.

C'est un rêve. Ton âme est un oiseau qui fuit
Vers les horizons clairs de rubis, d'émeraudes,
Et mon âme abattue est un oiseau de nuit.

Pour te soumettre, proie exquise, à mon ennui
Et pour te dompter, blanche, en mes étreintes chaudes,
Tous les pays sont trop habités aujourd'hui.

 

 1961678-0b3a11957158fec2195054525199d1f6.jpg
Charles Cros (1 oktober 1842 - 9 augustus 1888)
Cover cd

 

De Engelse dichter John Hegley werd geboren op 1 oktober 1953 in Londen. Zie ook mijn blog van 1 oktober 2010 en eveneens alle tags voor John Hegley op dit blog.

 

Mum’s the World

In nineteenoseventy, we come
to Bristol City, 'cos my Mum
has seen an advert for some rows
of brand new chalet bungalows
at knockdown prices in The West
and mum knows bungalows the best-
In Pucklechurch they both invest:
some country air, some country folk,
electric fires and no more smoke-
My dad has just retired from work,
but not a man to rest or shirk
he takes up all the household chores,
he does the carpets on all fours-
He empties bins, he fills the shelves
while Mum, the younger of themselves
in Staple Hill inspecting bras
with girls who are not 'la de dahs'
she takes an interest in cars:
she gets a mini, eight years old,
she gets a man to paint it gold
and once a week her hair is dressed
inside the chalet in The West
and once a month she takes a rest-
To lose the pesky Learner’s plates,
it takes a while, it's worth the wait
and Gladys comes to add to this
from Canada, to see her sis
and this completes my mother’s bliss:
so many years since they last clapped
their eyes and hands and overlapped
and Glad goes home and when she's gone
my mum she drives the motor on-
The key is curled, the world ignites-
She drives and dad, he dips the lights-

thank you very much indeed

 

 1961678-c1b89a8d59295c29329c2294685536e8.jpg
John Hegley (Londen, 1 oktober 1953)

 

 

De Amerikaanse schrijver Tim O'Brien werd geboren op 1 oktober 1946 in Austin, Minnesota. Zie ook alle tags voor Tim O'Brien op dit blog en ook mijn blog van 1 oktober 2010.

Uit: The Things They Carried

“The things they carried were largely determined by necessity. Among the necessities or near-necessities were P-38 can openers, pocket knives, heat tabs, wristwatches, dog tags, mosquito repellent, chewing gum, candy, cigarettes, salt tablets, packets of Kool-Aid, lighters, matches, sewing kits, Military Payment Certificates, C rations, and two or three canteens of water. Together, these items weighed between 15 and 20 pounds, depending upon a man’s habits or rate of metabolism. Henry Dobbins, who was a big man, carried extra rations; he was especially fond of canned peaches in heavy syrup over pound cake. Dave Jensen, who practiced field hygiene, carried a toothbrush, dental floss, and several hotel-sized bars of soap he’d stolen on R&R in Sydney, Australia. Ted Lavender, who was scared, carried tranquilizers until he was shot in the head outside the village of Than Khe in mid-April. By necessity, and because it was SOP, they all carried steel helmets that weighed 5 pounds including the liner and camouflage cover. They carried the standard fatigue jackets and trousers. Very few carried underwear. On their feet they carried jungle boots—2.1 pounds—and Dave Jensen carried three pairs of socks and a can of Dr. Scholl’s foot powder as a precaution against trench foot. Until he was shot, Ted Lavender carried 6 or 7 ounces of premium dope, which for him was a necessity. Mitchell Sanders, the RTO, carried condoms. Norman Bowker carried a diary. Rat Kiley carried comic books. Kiowa, a devout Baptist, carried an illustrated New Testament that had been presented to him by his father, who taught Sunday school in Oklahoma City, Oklahoma. As a hedge against bad times, however, Kiowa also carried his grandmother’s distrust of the white man, his grandfather’s old hunting hatchet. Necessity dictated. Because the land was mined and booby-trapped, it was SOP for each man to carry a steel-centered, nylon-covered flak jacket, which weighed 6.7 pounds, but which on hot days seemed much heavier. Because you could die so quickly, each man carried at least one large compress bandage, usually in the helmet band for easy access. Because the nights were cold, and because the monsoons were wet, each carried a green plastic poncho that could be used as a raincoat or groundsheet or makeshift tent. With its quilted liner, the poncho weighed almost 2 pounds, but it was worth every ounce. In April, for instance, when Ted Lavender was shot, they used his poncho to wrap him up, then to carry him across the paddy, then to lift him into the chopper that took him away. »

 

 1961678-98448d1effab3391c761b65e2b967d76.jpg
Tim O'Brien (Austin, 1 oktober 1946)
 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 1e oktober ook mijn vorige blog van vandaag.

Geschreven door Romenu om 18:15 Reageer op dit bericht

Michael Schindhelm, Louis Untermeyer, Inge Merkel, Sergej Aksakov, Michael Bijnens

De Duitse schrijver, vertaler en dramaturg Michael Schindhelm werd geboren op 1 oktober 1960 in Eisenach. Zie ook mijn blog van 1 oktober 2008 en ook mijn blog van 1 oktober 2009 en ook mijn blog van 1 oktober 2010

Uit: Dubai Speed

„Zum Glück muss ich auf meine Umgebung achtgeben, denn ich werde gemeinsam mit munteren und bunten Scharen aus dem Flugzeug geleitet und mische mich unter weitere muntere Scharen, die aus anderen Maschinen und Himmelsrichtungen angekommen sind. Man sieht vielen Gesichtern die Aufregung an, ein leichter Rausch breitet sich aus in der Menge, vielleicht die Erwartung von etwas Unvorstellbarem, und wer weiß, ob das an diesem Ort oder dem neuen Jahr liegt.
Das Telefon meldet sich nach ein paar hundert Metern. Textsalven der staatlichen Gesellschaft Etisalat: Desert Safari, Ballooning, City of Gold. Auf dem Weg zum Immigration Counter kommt mir eine Gruppe von angejahrten Briten entgegen, die sich heute Nacht zu gegebener Stunde Papphüte aufgesetzt und Lametta zugeworfen haben, einander untergehakt halten und mit feuchten Lippen ›Waltzing Mathilda‹ vor sich hinsummen. Es gibt immer Leute, die es leichter haben. Meistens sind es Briten.
Ich finde vier Schalter vor, an denen Arbeitsvisa ausgeteilt werden: jeweils einen für arabische, asiatische und afrikanische Immigranten und einen für Europäer und Amerikaner. Dieser ist nicht besetzt. Vor den anderen ballt sich eine Menschentraube, die Leute kommen wahrscheinlich aus Indien, Bangladesch und Pakistan. Ein junger Emirati hinter dem afrikanischen Schalter winkt mich zu sich. Er trägt einen schwanenweißen Dischdasch und hat ein schönes, schmales, von einem kurzgeschnittenen schwarzen Bart gerahmtes Gesicht. Mit nervöser Neugier beobachte ich, wie er jedes Mal seine Kopfbedeckung gerade rückt, bevor er den Stempel auf das vor ihm liegende Dokument sausen lässt. Vor mir warten zwei Jungs mit tansanischen Pässen. Sie sind mindestens einen Kopf größer als ich und höchstens Anfang zwanzig. Der eine schleudert mit der rechten Hand lässig eine weiße Perlenkette im Kreis herum und zeigt mir ab und zu sein tadelloses Gebiss. Nachdem der Emirati die beiden entlassen und meinen Pass gesehen hat, nuschelt er ein Grüß Gott! Ich will ihn fragen, wo er das her hat, aber schon bekomme ich meinen Pass mit einem eingeklebten Doppelblatt zurück.“

 

 1961674-5968afa15d4cb74aa9f11ca07b10f6c9.jpg
Michael Schindhelm (Eisenach, 1 oktober 1960)

 

 

De Amerikaanse dichter en bloemlezer Louis Untermeyer werd geboren op 1 oktober 1885 in New York City. Zie ook mijn blog van 1 oktober 2010

 

Ivory And Rose

Here in this moonlit room, I watch you slip
One shoulder from your dress and turn to me;
A polished statue, flushing to the tip
Of marble fingers gradually.

And, like a ripe moon out of flimsy clouds,
Blossoms the shining fulness of your breast.
These curves conceal, this dear perfection shrouds
A soft, miraculous nest.

Your ivory body pulses as the white
Flesh catches flame and rosy tremblings move
Over this sanctuary of delight,
The last asylum of our love.

 

 

Only Of Thee And Me

Only of thee and me the night wind sings,
Only of us the sailors speak at sea,
The earth is filled with wondered whisperings
Only of thee and me.

Only of thee and me the breakers chant,
Only of us the stir in bush and tree;
The rain and sunshine tell the eager plant
Only of thee and me.

Only of thee and me, till all shall fade;
Only of us the whole world's thoughts can be --
For we are Love, and God Himself is made
Only of thee and me.

 

 1961674-3c9f35c346733150d76f2453e4524c25.jpg
Louis Untermeyer (1 oktober 1885 - 18 december 1977)

 

 

De Oostenrijkse schrijfster Inge Merkel werd geboren op 1 oktober 1922 in Wenen. Zie ook alle tags voor Inge Merkel op dit blog en ook mijn blog van 1 oktober 2009 en ook mijn blog van 1 oktober 2010

Uit: Eine ganz gewöhnliche Ehe: Odysseus und Penelope

“Warum ist in diesem Frühling das weinrote Inselmeer voll von rauschenden Schiffen? Alle halten sie Kurs auf die Peloponnesos zu! Hochmastige Schiffe mit weißen und gelben Segeln. Segel auf schlanken und langen, Segel auf breiten, bauchigen Schiffen. Rote Schiffe und schwarze Schiffe, den Vordersteven mit großen, geschweiften Augen bemalt. Dreigeteilt der hochgezogene Bug, am Heck nach innen gebogen der Kopf eines Pferdes. Die Segel knattern im frischen Wind an den knirschenden Rahen.
Warum sind in diesem Frühling alle Straßen, die nach Sparta führen, so voll von Wagen? Leichte, zweirädrige Gefährte. Vierrädrige große, kunstreich verziert, beschlagen mit gehämmerter Bronze, überdacht zum Schutz vor der Sonne und mit geflochtenen Sitzen ausgestattet, die im Wagenkorb schaukeln und die Stöße abfangen von den holprigen Straßen, in die der Winterregen Rinnen und Löcher gewaschen hat. Gemächliche Maultiere ziehen die Wege entlang, überholt von Gespannen feuriger Rosse, Peitschengeknall und Wolken des Staubes, Rädergeratter und das Knirschen des ledernen Zaumwerks, das oft mit glitzernden Glöckchen behangen ist. Auch Lastwagen rumpeln daher, von Ochsen gezogen, gedeckt mit Planen, damit der spritzende Kot nicht verdirbt, was an kostbaren Gaben nach Sparta geführt wird.
Keiner - er käme denn aus der Barbarei - hätte eine solche Frage stellen müssen! Jeder Bauer und Hirt, der von Acker und Weide den Zügen nachsah, die Augen mit der Hand gegen das Blenden der Frühjahrssonne bedachend, jeder von ihnen wußte, warum in diesen Wochen die Straßen und Wege Lakedaimons so ungewöhnlich belebt waren.
Helena, Ziehtochter des Königs von Sparta, war mannbar geworden. Alles was Namen hatte und auf sich hielt auf den Inseln und dem griechischen Festland, kam, um zu werben oder um wenigstens dabei zu sein bei diesem großen Treffen.“

 

 1961674-7a17734fbe2cd3078ca42f7d120eae13.jpg
Inge Merkel (1 oktober 1922 – 15 januari 2006)

 

 

De Russische schrijver Sergej Aksakov werd geboren op 1 oktober 1791 in Oefa.Zie ook alle tags voor Sergej Aksakov en ook mijn blog van 1 oktober 2010

Uit: A Russian Gentleman (Vertaald door J. D. Duff)

“It was said, indeed, that an entertainment of this kind might last a week or even a fortnight: it was impossible for Bashkirs to do business in a hurry, and every day it was necessary to ask the question, "Well, good friend, is it time now to discuss my business?" The guests had been eating and drinking, without exaggeration, all day and all night; but, if they were not completely satisfied with the entertainment, if they had not had enough of their monotonous singing and playing on the pipe, and their singular dances in which they stood up or crouched down on the same spot of ground, then the greatest of the chiefs, clicking his tongue and wagging his head, would answer with much dignity and without looking his questioner in the face:
"The time has not come; bring us another sheep!" The sheep was forthcoming, as a matter of course, with fresh supplies of beer and spirits; and the tipsy Bashkirs began again to sing and dance, dropping off to sleep wherever they felt inclined. But everything in the world has an end; and a day came at last when the chief would look his host straight in the face and say: "We are obliged to you, batyushka, ever so much obliged!
And now, what is it that you want?" The rest of the transaction followed a regular fashion. The customer began with the shrewdness native to your true Russian: he assured the Bashkir that he did not want anything at all; but, having heard that the Bashkirs were exceedingly kind people, he had come to Ufa on purpose to form a friendship with them, and so on. Then the conversation would somehow come round to the vast extent of the Bashkir territory and the unsatisfactory ways of the present tenants, who might pay their rent for a year or two and then pay no more and yet continue to live on the land, as if they were its rightful owners; it was rash to evict them, and a lawsuit became unavoidable. These remarks, which were true enough to the facts, were followed up by an obliging offer to relieve the kind Bashkirs of some part of the land which was such a burden to them; and in the end whole districts were bought and sold for a mere song.”

 

 1961674-bc8e7f9c5810cdef74737fd8ccf3dff4.jpg
Sergej Aksakov (1 oktober1791 - 12 mei 1859)
Portret door Vasily Perov, 1872

 

 

Onafhankelijk van geboortedata

De Vlaamse schrijver Michael Bijnens werd geboren in 1990 in Genk. Zie ook alle tags voor Michael Bijnens op dit blog.

Uit: Cinderella

“Het was haar luidste kreet tot dusver. Het stuk bos tussen mijn moeders barak en de dichtstbijzijnde autostrade leek te zijn opgeschrikt. Langs alle kanten fladderde en ritselde er iets. De andere twee honden waren Gucci ondertussen gevolgd. Ze hadden geen enkele bestemming, geen konijn om op te jagen, geen hol om in te kruipen, en toch spurtten ze opnieuw verbeten en onvermoeibaar in het rond.
Hier waren wij opnieuw minstens een kwartier zoet mee. Ik zette mij neer op een blok brandhout en stak een sigaret op, uit het pak van mijn moeder, zij smoorde er toch zestig per dag.
‘Maak dat gij hier zijt. Subiet gaat gij wat meemaken!’
Tegen die honden, gelukkig niet tegen mij. Dat durfde ze al jaren niet meer.
Mijn moeder draaide rond in de pirouetten van een gehandicapte balletdanseres. De manier waarop zij met haar armen zwaaide, kon niet anders dan zeer doen aan haar gewrichten. Haar stem klonk gelijk het gekraak van een sopraan met een chronisch gezwel in haar keel. Alles aan haar was continu overspannen, de show van haar leven had geen begin en geen einde. Een van de belangrijkste redenen dat zij mij had gebaard was om haar toeschouwer te zijn.
‘Gij moet die honden in slaap laten doen,’ zei ik.
‘Michael, houd gij alstublieft efkes uw bakkes.’ Zij deed moeite om dat in een vriendelijk timbre te zeggen door de woorden te rekken, maar slaagde daar nauwelijks in.

 

 1961674-f43413312b2e40992ede1b388b7aea76.jpg
Michael Bijnens (Genk, 1990)

Geschreven door Romenu om 18:15 Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten