Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
akke.beakke.be

Berichten van 15 april 2017 tot 16 april 2017

Osterwind (Hilde Domin)

 

Aan alle bezoekers en mede-bloggers een Vrolijk Pasen! 

 

 2027691-eb9ca418c2ae00a5ddff1cc26993368a.jpg
De verrijzenis van Christus door Nicolas Bertin, ca. 1730

 

 

Osterwind

Wir haben es den Blumen und Bäumen voraus:
Unsere Jahreszeiten
sind schneller.

Der Tod
steigt im Stengel unseres Traumes
alle Blüten werden dunkel
und fallen.
Kaum ein Herbst.
Der Winter kommt
in einer Stunde.

Doch da ist keine Wartezeit,
sicheres Warten
für kahle Zweige.

So wie der Vogel
innehält und sich wendet im Flug,
so jäh, so ohne Grund
dreht sich das Klima des Herzens.
Weisse Flügelsignale im Blau,
Auferstehung
all unserer toten

Blumen
im Osterwind
eines Lächelns.

 

 

 2027691-61b93aaade6273f1ba307f7e057c3e53.jpg
Hilde Domin (27 juli 1909 - 22 februari 2006)
Keulen, Grote St. Martin en Dom. Hilde Domin werd in Keulen geboren.

 

 

Zie voor de schrijvers van de 16e april ook mijn twee vorige blogs van vandaag.

Geschreven door Romenu om 11:22 Reageer op dit bericht

Sarah Kirsch, Thomas Olde Heuvelt, Kingsley Amis, Patricia De Martelaere, Tristan Tzara, Ewald Vanvugt, Sibylle Lewitscharoff

De Duitse schrijfster en dichteres Sarah Kirsch (eig. Ingrid Hella Irmelinde Kirsch) werd geboren op 16 april 1935 in Limlingerode. Zie ook alle tags voor Sarah Kirsch op dit blog.

 

Hirtenlied

Ich sitz über Deutschlands weißem Schnee
Der Himmel ist aufgeschlitzt
Wintersamen
Kommt auf mich wenn nichts Schlimmres
Haar wird zum Helm
Die Flöte splittert am Mund

Der Wald steht schwarz es kriecht
Draht übern Felsen es riecht
Nach Brand da hüte ich
Die vier Elemente am Rand des Lands

Meine Federn am Kleid
Mein ängstlicher Schuh
Seid ruhig ruhig tragt
Mich nicht fort

Ich knote an Bäume mich lieg unter Steinen
Streu Eis mir ins Hemd ich schneide
Das Lid vom Aug da bleibe ich wach:
Meine tückische Herde
Die sich v
ereinzelt die sich vermengt
Meine dienstbare tückische Herde
Wird Wolke sonst: winters noch
Ist sie zerkracht

 

 

Das grüne Meer mit den Muschelkämmen

Das grüne Meer mit den Muschelkämmen
Dampft in der Winternacht
Sanften Auges der Leuchtturmwärter
Setzt Laternen ein, hau ruck
Einfach so, vor dem Neuen Jahr
Ging seine Frau übers Wasser
Keine Fische wollte sie schuppen
Nicht unterm Nebelhorn schlafen
Ach, die Laternen des Leuchtturmwärters
Finden nur Muschelkämme.

 

 2027684-8b6d022c162b6f9436ae0c3c45443a15.jpg
Sarah Kirsch (16 april 1935 – 5 mei 2013)

 

 

De Nederlandse schrijver Thomas Baudelet Olde Heuvelt werd geboren in Nijmegen op 16 april 1983. Zie ook alle tags voor Thomas Olde Heuvelt op dit blog.

Uit: HEX

“De visboer was door de muziek uit zijn kraam gelokt en keek met de andere toeschouwers achterdochtig naar het draaiorgel. Stefan liep eromheen terwijl hij met zijn arm het voorhoofd droog streek. Toen hij zag dat de fraai gelakte zijwand werd gevormd door een openstaande klapdeur, onderdrukte hij zijn glimlach niet langer. Het orgel was vanbinnen tot de wielas compleet hol. Katharina stond roerloos in het donker, tot Loes de deur sloot en haar aan het zicht onttrok. Nu was het orgel weer een orgel. En spelen, dat deed het. 'Zo; zei hij, nog uithijgend en met zijn handen hoog in de zij, 'heeft de A1VD de kas weer gespekt?' Marlijn kwam op hem toegelopen en grijnsde. 'Dat dacht je. Weet Je wel hoe duur die krengen zijn? En geloof me, die knakkers heb-ben de geldkraan zo goed als dicht staan: Hij knikte naar het draaiorgel. 'Dit is puur schijn. Goed hè? Het is gewoon een oude aanhangwagen: Stefan was onder de indruk. Nu hij beter keek viel het inderdaad op dat de facade slechts een samenraapsel was van oubollige porse-leinen beeldjes en slordig opgeplakte tierelantijnen - en nog slecht geschilderd ook. De orgelpijpen waren niet eens van chroom, maar van goudgelakte pvc-buis. Zelfs de Radetzkyman klonk vlak, als een illusie, zonder het sfeervolle zuchten van de ventielen of het klappen van het orgelboek zoals je zou verwachten bij een instru-ment van weleer. Martijn las zijn gedachten en zei: Ten iPod en een flinke speaker. Als je de verkeerde playlist aanzet, komt er heavy metal uit' 'Dat klinkt als een idee van Grim; lachte Stefan. 'Uhuh: 'Ik dacht dat het hele idee was om de aandacht juist van haar af te leiden, in plaats van op haar te vestigen?' Marlijn haalde zijn schouders op. 'Je kent de stijl van de meester: 'Het is voor openbare gelegenheden: legde Loes uit. 'Voor op de braderie, of tijdens het festival als er veel mensen van buiten zijn: Nou, succes: grijnsde Stefan, terwijl hij aanstalten maakte om weer verder te gaan. 'Het ziet ernaar uit dat jullie geld kunnen gaan inzamelen.' Hij liep de laatste anderhalve kilometer naar huis rustig uit en zodra hij buiten gehoorsafstand was, dacht hij al niet meer aan de vrouw die in het donker stond, de vrouw in de buik van het draaiorgel, hoewel de Radetzkymars door zijn hoofd bleef spelen in het ritme van zijn passen.”

 

 2027684-d8aa789aefcc9de734855b42a36c200d.jpg
Thomas Olde Heuvelt (Nijmegen, 16 april 1983)

 

 

De Engelse schrijver Kingsley Amis werd geboren op 16 april 1922 in Londen. Zie ook alle tags voor Kingsley Amis op dit blog.

 

Instead of an Epilogue
To H.

I.
In 1932 when I was ten
In my grandmother's garden in Camberwell
I saw a Camberwell Beauty butterfly
Sitting on a clump of Michaelmas daisies.
I recognised it because I'd seen a picture
Showing its brownish wings with creamy edges
In a boy's paper or on a cigarette-card
Earlier that week.  And I remember thinking,
What else would you expect?  Everyone knows
Camberwell Beauties come from Camberwell;
That's why they're called that.  Yes, I was ten.

II.
In 1940 when I was eighteen
In Marlborough, going out one winter's morning
To walk to school, I saw that every twig,
Every leaf in the vicar's privet hedge
And every stalk and stem was covered in
A thin layer of ice as clear as glass
Because the rain had frozen as it landed.
The sun shone and the trees and shrubs shone back
Like pale flames with orange and green sparkles.
Freak weather conditions, people said,
And one was always hearing about them.

III.
In '46 when I was twenty-four
I met someone harmless, someone defenceless,
But till then whole, unadapted within;
Awkward, gentle, healthy, straight-backed,
Who spoke to say something, laughed when amused;
If things went wrong, feared she might be at fault,
Whose eye I could have met for ever then,
Oh yes, and who was also beautiful.
Well, that was much as women were meant to be,
I thought, and set about looking further.
How can we tell, with nothing to compare?

 

 2027684-dd1923cc66a9c65798025926631b77c5.jpg
Kingsley Amis (16 april 1922 – 22 oktober 1995)

 

 

De Vlaamse dichteres, schrijfster, filosofe, hoogleraar en essayiste Patricia De Martelaere werd geboren in Zottegem op 16 april 1957. Zie ook alle tags voor Patricia de Martelaere op dit blog.

Uit: Een verlangen naar ontroostbaarheid

“En er is het type schrijver als Agatha Christie of P.G. Wodehouse, dat de grootste lol beleeft aan de creatie van fictieve werelden, en dat dan ook in een handomdraai hele boekenplanken vol kan schrijven. Het schrijverstype dat ik op het oog heb wordt gekenmerkt door een soort passionele ambiguïteit tegenover het eigen schrijverschap. Talloos zijn de schrijvers die, rechtstreeks of onrechtstreeks, aforistisch of epistolair, getuigenis afleggen van deze ambiguïteit - die er intussen evenwel niet veel beter op begrepen is geworden. ‘Ik heb een hekel aan schrijven,’ zei de science fiction-schrijver Frederick Brown, ‘maar ik vind het heerlijk om geschreven te hebben.’ Een uitspraak waar heel wat schrijvers geld voor zouden geven om die zelf te hebben bedacht. Te verklaren, bij dit soort schrijvers, is het merkwaardige samengaan van volgende, tegenstrijdige elementen: de absolute innerlijke dwang tot schrijven, die zich uit in gevoelens van onrust, ontevredenheid en schuld bij langdurig niet-schrijven; het ontbreken, vervolgens, van nochtans elk plezier bij het schrijven zelf, de grote weerstand die bij elke zin, door sommigen bij elk woord moet worden overwonnen, en de vaak onoverkomelijke moeilijkheid om een begonnen werk ook af te maken; maar dan, ten slotte, de euforische vreugde, het dolzinnige geluk wanneer uiteindelijk tóch een werk is afgeraakt, het gevoel van bevrijding en eeuwige gelukzaligheid, van nooit meer te moeten schrijven en dat wellicht ook nooit meer te zullen willen. Dit is het trieste ras van nagelbijters, dat zich niet goed voelt wanneer het niet schrijft, dat zich geen haar beter voelt wanneer het wél schrijft, en dat dus alleen dat korte moment voor ogen heeft van extatisch welbevinden bij het beëindigen van een werk. Weliswaar komt daar na verloop van tijd de bescheiden voldoening bij van een publikatie, het zielverheffende gevoel te worden gelezen en goed te worden gevonden, en de onnoemelijke ijdelheid zelf, in recensies en interviews, tot literair personage te worden gepromoveerd. En naarmate schrijvers moeizaam vorderen in hun schrijverschap leren ze ook, mét de knepen van hun vak, hoe ze zichzelf moeten knijpen om wat minder moeizaam aan de gang te kunnen blijven. Maar dat neemt niet weg dat de meeste schrijvers het, mét Brown, een ongelukkige omstandigheid blijven vinden dat men nu eenmaal moet schrijven om te kunnen ‘geschreven hebben’.

 

 2027684-d2d6fa06a40c20ea6b087412e2c1109d.jpg
Patricia De Martelaere (16 april 1957 – 4 maart 2009)
Cover 

 

 

De Franse dichter, dadaïst en surrealist Tristan Tzara werd op 16 april 1896 in de Roemeense plaats Moinesti geboren als Samuel Rosenstock. Zie ook alle tags voor Tristan Tzara op dit blog.

 

Chanson dada

I

la chanson d'un dadaïste
qui avait dada au coeur
fatiguait trop son moteur
qui avait dada au coeur

l'ascenseur portait un roi
lourd fragile autonome
il coupa son grand bras droit
l'envoya au pape à rome

c'est pourquoi
l'ascenseur
n'avait plus dada au coeur

mangez du chocolat
lavez votre cerveau
dada
dada
buvez de l'eau

 

 2027684-b671ed9f4e4fe2378f9e0e709801196d.jpg
Tristan Tzara (16 april 1896 – 24 december 1963)
“La mélancolie de Tristan Tzara” door Niklas Nenzén

  

 

De Nederlandse schrijver Ewald Vanvugt werd geboren op 16 april 1943 in 's-Hertogenbosch. Zie ook alle tags voor Ewald Vanvugt op dit blog.

Uit:Roofgoed

“De vraag of de landen van Europa een gemeenschap vormen en een gezamenlijke identiteit bezitten, wordt hier overtuigend positief beantwoord: alle vooraanstaande Europese musea konden overzee gestolen cultuurgoed bijdragen. Speciaal de voormalige koloniale machten bewaren nog veel schatten van overzee, maar kruisridders en andere buitzoekers verspreidden al in de middeleeuwen exotische kostbaarheden door het hele continent. Gewoonlijk wordt bij de uitstalling van deze stukken weinig of niets gezegd over hun `herkomstgeschiedenis’. Het geeft een wonderlijk bevrijdend gevoel dat het Europees Museum glashelder vertelt hoe de juwelen van Azteken en Inca’s en andere uitheemse kunstwerken in Europese handen zijn gekomen. Want het is juist de gemeenschappelijke `verwervingsgeschiedenis’ die deze opmerkelijke collectie bijeen heeft gebracht. Zonder overzeese roof geen rijk Europa!
De uitstalling van de honderden dingen laat onverhuld zien dat de Europese landen elk afzonderlijk en als gemeenschap hun samenlevingen ontwikkelden met uit andere werelddelen geplunderde rijkdom. Het Europees Museum is een theater van het geheugen: de buitgoederen zijn geheugensteunen van de wereldgeschiedenis. De presentatie van de unieke voorwerpen wordt nog verlevendigd met schaalmodellen van de standbeelden van de dieven en veroveraars, die verspreid over heel Europa in parken en pleinen ook vandaag hun oude werk doen: de koloniale onderneming een respectabel aanzien geven.”

 

 2027684-be87c83a57367c78686b9bc7ee85e35a.jpg
Ewald Vanvugt (’s-Hertogenbosch, 16 april 1943)
’s-Hertogenbosch, markt 

 

 

De Duitse schrijfster Sibylle Lewitscharoff werd geboren op 16 april 1954 in Stuttgart als dochter van een Bulgaarse vader en een Duitse moeder. Zie ook alle tags voor Sibylle Lewitscharoff op dit blog.

Uit: Das Pfingstwunder

„Nein. In meinen Kindertagen ja, seither nein. Dieses Nein will betont sein, denn es bedeutet etwas, es bedeutet sogar viel. In meinen Kindertagen war ich fromm, faltete die Händ-chen beim Zubettgehen, wie meine Mutter es von mir wollte, und hängte die Kleider ordentlich über die Stuhllehne, weil Jesus nachts kam und schaute, ob alles in schöner Ordnung am rechten Platz lag. Dann, in der Pubertät, setzte der große Kritikschub ein, und mit der Frömmigkeit war's mit einem Mal vorbei. Ist es etwa gerecht, daß an so vielen Orten der Welt die Menschen auf übelste Weise verrecken, daß sie verhungern, vergast, erschossen, erschlagen, aufgeschlitzt oder gefoltert werden bis zum Wahnsinn, daß sie ohne ärztliche Hilfe den schlimmsten Krankheiten ausgeliefert sind? Und Gott schaut einfach zu? Von Seinem Eingreifen ist jedenfalls nichts be-kannt. Und eine mehr als vage Hoffnung auf ein Paradies, in dem alle Schmerzen abgetan sind und die gereinigten See-len sich des ewigen Lebens erfreuen — kann ein erwachsener Mensch, der seine Tassen im Schrank hat, das wirklich ernst nehmen? Einen derart verzweifelt naiven Trostwunsch? Meine Kinderseele war immer gerecht gewesen, und das Gerechtigkeitsgefühl, der Zorn über die katastrophalen Zu-stände in den armen Ländern der Welt, hat mich nie verlas-sen. Allerdings ist in meinem späteren Envachsenenleben der Zorn einer schlappen Mutlosigkeit gewichen. Der Schnarch-sack da oben senkt auch bloß die Lider. Nein, ich ändere die Welt nicht, wie ich in einer grandiosen Aufwallung der Selbst-überschätzung geglaubt hatte. Als edlen, uneigennützigen Kommunisten sah ich mich, als einen Superhelden der Armen und Geschlagenen, der ihnen durchaus nicht nur mit Geld und guten Worten zur Seite stand, sondern mit der Ka-Iaschnikow im Arm, die ihre Peiniger Mores lehrte. Überflüs-sig zu erwähnen, daß ich von meinen häuslichen Brot- und Fleischmessern abgesehen nie Waffen in der Hand hatte, und mit diesen Messern habe ich bloß friedliche Brotschei-ben abgeschnitten und Fettstücke vom Steak getrennt, sonst nichts. Friedlich nach außen, im Inneren sieht's kriegerisch aus, selbstzerfleischend. Obwohl ich inzwischen zweiundsechzig Jahre alt bin und eigentlich ziemlich abgebrüht sein müßte. Was vor wenigen Tagen in Rom geschah, hat jedoch alles über den Haufen geworfen. Ich kenne mich selbst nicht mehr. Als hätte eine fremde Person meine Körperhülle gekapert und in ihr Platz genommen.“

 

 2027684-85ff8208d28ea41a4c061c5a7512dd18.jpg
Sibylle Lewitscharoff (Stuttgart, 16 april 1954)
Cover 

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 16e april ook mijn vorige blog van vandaag.

Geschreven door Romenu om 11:21 Reageer op dit bericht

Jan Luyken, Rolf-Dieter Brinkmann, Anatole France, Eberhard Panitz, Spike Milligan, John Millington Synge, Konstantin Vaginov

De Nederlandse dichter en etser Jan Luyken werd geboren in Amsterdam op 16 april 1649. Zie ook alle tags voor Jan Luyken op dit blog.

 

De Morgenstond

ô Welkom, schone Dageraad,
Die uit een gulden kamer gaat,
Met glans van held're stralen;
'k Ontsluit mijn venster voor uw licht,
Om met een vrolijk aangezicht
U minnelijk in te halen.
Gij wacht niet als ik open doe,
Maar dringt teneerste mild'lijk toe;
Ja, eer ik kom t'ontsluiten,
En nog in 't nare duister zij,
Zo staat en wacht gij al na mij,
Voor toegeloken ruiten.
Zo ook de Meester, die u riep
En tot een licht der wereld schiep,
Die grote Zon der Zonnen,
Schijnt met een glans van eeuwig goed
Voor 't venster van het toe gemoed,
Met opdoen was 't gewonnen.
Stofwormpje onder 't dak van stro,
In 't leeme huis, hoe zijt gij zo?
Het is een Heer der Heren,
Die voor uw arme hutje staat
En uwe kleinheid niet versmaadt,
Om zich tot u te keren.
Laat in, laat in de waarde Gast,
Opdat uw heil voorspoedig wast,
Hij komt met grote zegen,
En brengt een blijde boodschap mee,
Een eeuwig wel, voor eeuwig wee,
Daar leit u aan gelegen.

 

 2027676-b76445a47b59ddf485b7add9dab02e45.gif
Jan Luyken (16 april 1649 – 5 april 1712)

 

 

De Duitse dichter en schrijver Rolf-Dieter Brinkmann werd geboren op 16 april 1940 in Vechta. Zie ook alle tags voor Rolf-Dieter Brinkmann op dit blog.

 

Eiswasser an der Guadelupe Str.

warme Dunkelheit mit
Neonlichtern, Baumschatten
hinter den Häusern, ver
schiedene Stimmen, das

ist Frühling. Auf dem
gelben sandigen Weg morgens
die Spatzen, ein zerfallenes
Holzgitter, einige schwarze

Ölflecken auf dem Weg, die
Kulisse der Vorstadt, die kei
nen Unterschied macht zu der
Innenstadt: verschiedene Wege,

die nirgendwoher kommen,
direkt aus der Mitte. Ich
vermisse nur die Hühner,
sagte die Lady mit

den rotgeschminkten Lippen.
Ist das ein Anfang? In den
Büros bewegt sich der auto
matische Dollar, riesige

Summen über der Tasse
Kaffee, die ein Pappbecher
ist. Eine gelbe Abenddämmerung,
sie bleibt stehen, das Licht

neben dem Bücherturm, aus
dem dünnen Schiebefenster
gesehen. Der Tag endet in
den Baumgestrüppen, warm

und dunkel, jenseits der
zerfallenen Holzgitter und der
zerfallenen Häuser, langsam
und ohne Hast, mit Anmut.

 

 2027676-152c0fb6af3f3a13789672bf43c1c5a2.jpg
Rolf-Dieter Brinkmann (16 april 1940 – 23 april 1975)
Cover

 

 

De Franse dichter en schrijver Anatole France werd geboren in Parijs op 16 april 1844. Zie ook alle tags voor Anatole France op dit blog.

 

Sonnet

Elle a des yeux d’acier ; ses cheveux noirs et lourds
Ont le lustre azuré des plumes d’hirondelle ;
Blanche à force de nuit amassée autour d’elle,
Elle erre sur les monts et dans les carrefours.

Et nocturne, elle emporte à travers les cieux sourds,
Dans le champ sépulcral où fleurit l’asphodèle,
La pâle jeune fille idéale, et fidèle
À quelque rêve altier d’impossibles amours.

Vierge, elle aime le sang des vierges ; et, farouche,
Elle entr’ouvre la fleur funèbre de sa bouche
Et d’un sourire froid éclaire ses pâleurs,

Lorsque, prête à subir une peine inconnue,
La victime aux cheveux de miel chargés de fleurs,
Mourante et les yeux blancs, offre sa gorge nue.

 

 

Denys, tyran de Syracuse (Fragment)

LE TYRAN

Je suis roi, fils de Zeus, car Zeus ayant reçu
Dans sa couche d’airain la Nuit aux sombres voiles,
En son flanc mit mon germe. Ainsi je fus conçu
Avant que dans les cieux veillassent les étoiles.

LE CHŒUR

Fils auguste de Zeus et de la sombre Nuit,
Ne pleure point des cieux l’obscurité première :
Nos yeux sont si bien clos que le soleil qui luit,
N’y pourrait pas glisser un trait de sa lumière.

LE TYRAN

Sachez-le bien : je suis entre vous et les cieux,
Et je viens parmi vous, esclaves aux fronts pâles,
Afin que vous n’ayez que ma bouche et mes yeux ;
Et moi j’enfanterai seul entre tous vos mâles.

LE CHŒUR

Et tu nous vois aussi, troupeau morne et tremblant,
Au poids de ton cothurne accoutumer nos nuques.
La belle Liberté nous a tendu son flanc,
Et nous avons connu que nous étions eunuques.

 

 2027676-958088646f97fd7e95750b28cf0acd37.jpg
Anatole France (16 april 1844 – 12 oktober 1924)

 

 

De Duitse schrijver Eberhard Panitz werd geboren op 16 april 1932 in Dresden. Zie ook alle tags voor Eberhard Panitz op dit blog.

Uit:Meines Vaters Straßenbahn

„An der leeren Straßenbahn, die dahinraste und doch ♦ kaum vom Fleck kam, quietschend hielt und dann wie über Steine rumpelnd weiterfuhr, winkte Vater unwirsch ab, als ich ihn an diese Zeit erinnerte. »Sie haben mich bald wieder aus der Partei geworfen«, sagte er, »weil ich ein Versager war.« Er hatte bei den Versammlungen nur dagesessen, staunend zugehört und seinen Parteibeitrag nicht bezahlt, weil Mutter darauf bestand, daß wir Kinder zuerst einmal Schuhe erhielten. »Vielleicht hätte ich ehrlich sagen sollen, daß wir in Schwierigkeiten waren. Ich hab mich damals sogar an meiner Kasse vergriffen, damit Mutter ihr Manko zurückzahlen konnte«, gestand er und zuckte mit den Schultern, als begreife er immer noch nicht, wie er sich dazu gegen alle seine Prinzipien hatte hin-reißen lassen. »Einmal hat mich euer Lehrer wegen deiner Schreiberei zu sich geholt«, erzählte er, und es fielen ihm Sätze aus meiner Geschichte von der Ger-mania ein, die ich selber vergessen hatte. Danach war die steinerne Dame mit der Laterne in der Hand vor unserem Fenster erschienen, um mit mir nach einer guten, glücklichen Zukunft zu suchen. »Dein Lehrer hat mir Vorwürfe gemacht, daß ich solche Phantaste-reien dulde, ich, ein Genosse«, sagte er und gab zu, verwundert und entsetzt gewesen zu sein, was für Dinge ich schrieb. Aber damals hatte er mir keinerlei Vorhaltungen gemacht, mich nur gefragt, wie ich darauf käme und mir so etwas ausdenken könne. »Woher hast du das nur, Junge?« Ein wenig schien er stolz auf meine Schreibereien zu sein, manchem auch zuzustimmen, obwohl er den Kopf schüttelte oder ver-legen lächelte, wenn er einen meiner Schulzeitungsar-tikel las. »Es macht mir zu schaffen«, gestand er mir nun, »daß ich mich selber nicht richtig ausdrücken kann, meist keine Worte finde, auch gar nicht weiß, was überhaupt zu sagen wäre.« Es kamen neue Lehrer an unsere Schule: Dr. Wilson, der Mathematiker, Herr Völz, ein Schauspieler und Rezitator, der Deutsch und Geschichte unterrichtete, Oberstudienrat Götze, ein Biologe und Chemiker, in dessen Haus am Oberwachwitzer Berg wir oft eingela-den waren.“

 

 2027676-bc064873f808889803ebfed67134cb71.jpg
Eberhard Panitz (Dresden, 16 april 1932)

 

 

De Ierse dichter, musicus en komiek Spike Milligan werd geboren op 16 april 1918 in Ahmednagar in Indië. Zie ook alle tags voor Spike Milligan op dit blog.

 

Emptiness

only alchemized. Many times
it's become a paragraph or a page.
But usually I've hidden it,
not knowing until too late
how enormous it grows in its dark.
Or how obvious it gets
when I've donned, say, my good
cordovans and my fine tweed vest
and walked into a room with a smile.
I might as well have been a man
with a fez and a faux silver cane.
Better, I know now, to dress it plain,
to say out loud
to some right person
in some right place
that there's something not there
in me, something I can't name.
That some right person
has just lit a fire under the kettle.
She hasn't said a word.
Beneath her blue shawl
she, too, conceals a world.
But she's been amazed
how much I seem to need my emptiness,
amazed I won't let it go.

 

Pussy-Cat

Pussy-cat
What are vices?
Catching rats
And eating mices!

 

 2027676-accc34d20dd28a686672970acf82527d.jpg
Spike Milligan (16 april 1918 – 27 februari 2002)
Portret door  Daphne Todd, 1996

 

 

De Ierse (toneel)schrijver en dichter John Millington Synge werd geboren op 16 april 1871 in Rathfarnham. Zie ook alle tags voor John Millington Synge op dit blog.

 

Beg-Innish

Bring Kateen-beug and Maurya Jude
To dance in Beg-Innish,
And when the lads (they're in Dunquin)
Have sold their crabs and fish,
Wave fawny shawls and call them in,
And call the little girls who spin,
And seven weavers from Dunquin,
To dance in Beg-Innish.

I'll play you jigs, and Maurice Kean,
Where nets are laid to dry,
I've silken strings would draw a dance
From girls are lame or shy;
Four strings I've brought from Spain and France
To make your long men skip and prance,
Till stars look out to see the dance
Where nets are laid to dry.

We'll have no priest or peeler in
To dance in Beg-Innish;
But we'll have drink from M'riarty Jim
Rowed round while gannets fish,
A keg with porter to the brim,
That every lad may have his whim,
Till we up sails with M'riarty Jim
And sail from Ben-Innish.

 

 2027676-ea1ff8b47fe6ed64434679773167edd5.jpg
John Millington Synge (16 april 1871 – 24 maart 1909)
Portret door  John Butler Yeats, rond 1905

 

 

De Russische dichter en schrijver Konstantin Vaginov werd geboren op 16 april 1899 in Sint Petersburg. Zie ook alle tags voor Konstantin Vaginov op dit blog.

Uit: Satyr Chorus(Vertaald door Chris Lovett)

“Like many of her compatriots, she loved to talk about her former wealth, about the lacquered carriage upholstered in quilted blue satin: how it would wait for her at the doorway while she descended the red-carpet staircase, how the passers-by would give way as she entered the carriage.
“Young boys would gawk at me,” she’d intone. “Men in winter coats with sealskin collars eyed me from head to toe. My husband, an elderly colonel, slept in the carriage, while the valet stood on the footboard in his cockade hat. We’d all be on our way to the Imperial Theater.”
At the word “Imperial,” Teptyolkin would come to life, as if roused by something poetical. He’d see Averescu in a uniform fringed with gold traveling to meet Mussolini. He’d see them conferring about how to gobble up the Yugoslav state and how to resurrect the Roman Empire: Mussolini is marching on Paris. Mussolini conquers Gaul. Spain and Portugal join Rome of their own free will. The Academy in Rome is called into session to find a dialect to serve as a common tongue for the newly created empire. Among these academicians we find–Teptyolkin.
Meanwhile, the landlady would go on jabbering on the edge of his bed until she remembered it was time for her to go to the Political Education Institute. Inserting her broad feet into her Tartar shoes, she’d shuffle off towards the door. Her name was Yevdokia Sladkopevtseva. She was the widow of a bandmaster.
Raising his greying, dried-up head, Teptyolkin would follow her spitefully with his eyes.
“Lacks noble breeding,” he’d say to himself. “Sticks to me like a pimple and gets in the way of my work.”

 

 2027676-746cfa6d9fd1404cdd6847ecd632b2c0.jpg
Konstantin Vaginov (16 april 1899 – 26 april 1934)
Cover

Geschreven door Romenu om 11:20 Reageer op dit bericht

Stille Zaterdag (Nel Benschop)

 

Bij Stille zaterdag

 

 2027395-14bf2e031b108eef5e3872be5e09ce07.jpg
De kruisafneming door Jacopo Tintoretto, ca.1518-1594

 

 

Stille Zaterdag

't Is morgen Pasen - God, maar overal is dood;
en zou ik dan van leven moeten spreken?
Mijn denken blijft bij Goede Vrijdag steken,
want daar leed Jezus onze diepste nood.

't Is morgen Pasen - maar waar blijft de zon
die onze zieke wereld kan genezen?
Ik sta met Uw discipelen in angst en vrezen
bij 't lege graf, waar 'k U niet vinden kon.

't Is morgen Pasen - feest van het gericht
dat U gevoerd hebt tegen dood en lijden,
feest van voorbijgaan van de dood, feest van bevrijden;
Heer, doe ons opstaan in Uw levenslicht!

 

 

 2027395-84766939708eb7c918487ba0c94893d1.jpg
Nel Benschop (16 januari 1918 – 31 januari 2005)
De Grote Kerk in Den Haag. Nel Benschop werd in Den Haag geboren.

 

 

Zie voor de schrijvers van de 15e april ook mijn twee vorige blogs van vandaag.

Geschreven door Romenu om 10:45 Reageer op dit bericht

Tomas Tranströmer, Daniël Samkalden, Jérôme Lambert, Patrick Bernauw, Benjamin Zephaniah, Henry James, Wilhelm Busch, Ina Boudier-Bakker

De Zweedse dichter en schrijver Tomas Tranströmer werd geboren in Stockholm op 15 april 1931. Zie ook alle tags voor Tomas Tranströmer op dit blog.

 

Streets in Shanghai

1
The white butterfly in the park is being read by many.
I love that cabbage-moth as if it were a fluttering corner of truth itself!

At dawn the running crowds set our quiet planet in motion.
Then the park fills with people. To each one, eight faces polished like jade, for all situations, to avoid making mistakes.
To each one, there's also the invisible face reflecting "something you don't talk about."
Something that appears in tired moments and is as rank as a gulp of viper schnapps
with its long scaly aftertaste.

The carp in the pond move continuously, swimming while they sleep, setting an example for the faithful: always in motion.

2
It's midday. Laundry flutters in the gray sea-wind high over the cyclists
who arrive in dense schools. Notice the labrinths on each side!

I'm surrounded by written characters that I can't interpret, I'm illiterate through and through.
But I've paid what I owe and have receipts for everything.
I've accumulated so many illegible receipts.
I'm an old tree with withered leaves that hang on and can't fall to the ground.

And a gust from the sea gets all these receipts rustling.

3
At dawn the trampling hordes set our quiet planet in motion.
We're all aboard the street, and it's as crammed as the deck of a ferry.

Where are we headed? Are there enough teacups? We should consider ourselves lucky to have made it aboard this street!
It's a thousand years before the birth of claustrophobia.

Hovering behind each of us who walks here is a cross that wants to catch up with us, pass us, unite with us.
Something that wants to sneak up on us from behind, put its hands over our eyes and whisper "Guess who!"

 

Vertaald door Patty Crane

 

 2027390-9031f43382b3b8dae939550f2f2a7bfe.jpg
Tomas Tranströmer (15 april 1931 - 26 maart 2015)

 

 

De Nederlandse schrijver, columnist, kleinkunstenaar en zanger Daniël Samkalden werd geboren op 15 april 1979 in Naarden. Zie ook alle tags voor Daniël Samkalden op dit blog.

Uit:Jezus staat op uit de dood en dus kan ik geen boodschappen doen? (Column)

“Het begon allemaal op Witte Donderdag. Met open mond keek ik van begin tot het eind naar het tv-musical-spektakel The Passion waarin Danny de Munk als Jezus, Frans Bauer als Petrus, Philip Freriks als verteller en vele, vele andere bekende Nederlanders middels een eigentijds openlucht Lijdensverhaal de Publieke Omroep en het Christendom nog maar weer 's in de uitverkoop zetten. Twee miljoen mensen keken ernaar, nadat eerder in alle 'kunstprogramma's' ruimschoots zendtijd gegund werd aan dit project voor cultureel zwakzinnigen. Een onthutsend begin van het Paasfeest. In de druilerige dagen die volgden viel alles aan Pasen mij verkeerd.
Jezus en de krant
Wat zijn eigenlijk de gronden waarop ik als burger word gedwongen stil te staan bij Christelijke aangelegenheden? Ik wens helemaal geen verband tussen het feit dat er mensen zijn die zeggen dat Jezus opgestaan is uit zijn graf en de mogelijkheid of ik wel of niet de krant kan lezen of boodschappen kan doen. En al die kinderen die met grote ogen in de druipende tuin op zoek gaan naar eieren. We proberen ze de moeilijkste dingen te leren, kopen stapels boeken over verantwoord opvoeden, pedagogie, de ideeën van Freud en ondertussen zeggen we dat er een enorme haas met een buidel in de tuin gekleurde eieren heeft verstopt.
We doen ze in therapie als het geringste trauma op de loer ligt, maar zijn ze acht, dan zeggen we met een glimlach dat Sint Nicolaas niet bestaat, de allerbelangrijkste figuur in hun leven tot dan toe. Een kerstman op een vliegende arreslee. Wrede trucs om het evangelie draaglijker en commerciëler te maken.”

 

 2027390-f027cdeaf006b9484550fb2d9f715abf.jpg
Daniël Samkalden (Naarden, 15 april 1979)

 

 

De Franse schrijver Jérôme Lambert werd geboren op 15 april 1975 in Nantes. Zie ook alle tags voor Jérôme Lambert op dit blog.

Uit: Comme le soleil

« Le mercredi, il a plu toute la matinée.
Par la fenêtre, j'ai regardé mon hamac se tremper, s'alourdir sous le poids de l'eau et dégouliner sur l'herbe.
J'ai vu les gouttes de pluie se rassembler et former des ruisseaux de boue le long de la terrasse et sous les rocailles de fleurs. J'ai vu que des animaux différents prenaient la place de ceux qui étaient partis se cacher dès les premières gouttes ; des escargots, des limaces, des grenouilles et les canards d'une maison voisine. Ils étaient cinq qui marchaient en se dandinant, l'eau glissait sur leurs plumes comme si de rien n'était. Je me suis dit que j'aimerais avoir ce pouvoir.
- Quel pouvoir ?
Maman avait lu dans mes pensées ?
- De quel pouvoir tu parles, ma chérie ? a-t-elle insisté.
J'avais dû encore penser tout haut comme ça m'arrive parfois. Maintenant, j'étais bien obligée de lui répondre :
- Que l'eau glisse sur mes plumes comme les canards. Que les choses désagréables ne me touchent pas.
- Mais elles nous touchent forcément, m'a répondu maman en souriant. Ce n'est pas toujours ce qu'on préfère mais il ne peut pas arriver que des choses agréables dans la vie.
- Alors, je veux bien qu'elles me touchent, je veux bien les sentir, mais qu'elles ne me fassent pas mal. Tu vois ? Comme les canards !
Maman a trouvé que c'était une très bonne façon de voir les choses, m'a félicitée et s'est replongée dans son livre. »

 

 2027390-3f9d1e683b55ec4110ccf9b6aaef9ca2.jpg
Jérôme Lambert (Nantes,15 april 1975)

 

 

De Vlaamse schrijver, cenarist, acteur en regisseur Patrick Bernauw werd geboren op 15 april 1962 in Aalst. Zie ook alle tags voor Patrick Bernauw op dit

Uit: Het Bloed van het Lam

`Deze plek is verschrikkelijk,' vertaalde ik. Mijn spontane tussenkomst kwam me op een nieuwe onderzoekende blik te staan, maar ze ging er niet verder op in. 'Daarachter verrees een standbeeld van de demon Asmodeus,' zei ze, 'en dat is de bewaker van geheimen en van verborgen schatten. Asmodeus schijnt ook de bouwer van Salomons Tempel geweest te zijn.' `Het lijkt er dus op dat Saunière de toevallige bezoeker van zijn kerkje iets duidelijk wilde maken?' `Dat mag je wel zeggen. Saunière begon daar ineens ook heel wat bezoekers over de vloer te krijgen. Soms waren er heel hoge gasten bij, zoals aartshertog Johann von Habsburg, de neef van de Oostenrijkse keizer. Toen een nieuwe bisschop de parochiepriester een verklaring vroeg voor zijn vreemde gewoonten en de oorsprong van zijn plotselinge rijkdom, negeerde Saunière het verzoek. Het is nog altijd een raadsel of het fortuin dat de abbé te beurt viel afkomstig was van de aartsbisschop, van het weinig inschikkelijke Vaticaan dat uiteindelijk toch zou gezwicht zijn voor zijn chantage, of van nog een andere instantie.' Saunière overleed op 17 januari 1917 aan een hartaanval. Hoewel zijn parochianen verklaarden dat hij vijf dagen voordien nog in blakende gezondheid verkeerde, bestelde Marie Denarnaud op 12 januari toch al een lijkkist voor hem. De priester die bij het doodsbed van Saunière werd geroepen, weigerde hem de absolutie toe te kennen. Zijn lichaam werd rechtop gezet in een stoel op het terras van de Tour Magdala, de toren die hij had laten bouwen. `Saunière stierf zonder een rooie duit op zak,' besloot ik het relaas van Lena. 'Blijkbaar had hij al zijn centen doorgesluisd naar Marie Denarnaud. Zij bewoonde de Villa Bethania tot na de Tweede Wereldoorlog en verkocht het buitenhuis toen. Ze overleed in 1953, als ik me niet vergis. Ook in januari en ook aan een hartaanval.' Lena zat me verbijsterd aan te kijken. Haar ogen waren groot geworden, het bloed leek uit haar gezicht weggetrokken en haar mond was open gevallen. 'Hoe weet jij dat?' stamelde ze ten slotte. Ik stond op, liep naar mijn bibliotheek en haalde The Holy Blood & The Holy Grail uit het rek. 'Pastoor Saunière verloor zijn geloof door de vondst die hij in zijn kerk deed. En die vondst bestond uit de documenten met — volgens Baigent, Leigh en Lincoln althans — de stamboom van Jezus Christus. Zowel de Tempeliers als de katharen die niet geloofden dat Christus aan het kruis was gestorven, waren actief in de buurt van Rennes-le-Cháteau. Zowel de Tempeliers als de katharen zouden de Graal hebben bezeten”

.

 2027390-c61041fad949b5a664f72644e39672e0.jpg
Patrick Bernauw (Aalst, 15 april 1962)
Cover 

 

 

De Engelse dichter en schrijver Benjamin Zephaniah werd geboren op 15 april 1958 in Handsworth, Birmingham. Zie ook alle tags voor Benjamin Zephania op dit blog.

 

Sos (Save Our Sons)

We Black men of England
Too proud to cry for shame,
Let's cry a sea
Cry publicly,
Expose our very pain,
For Babylon the bandit
Is on our sisters trail,
The bad talk
And the cool walk
Will not keep us out of jail.

We Black men of England
Our guns are killing us,
How dare we?
Now hear me
How great is dangerous?
There's a fascist and a druggist
Out to get our kith and kin,
Let silent guns
Save our sons
The power is within.

We Black men of England
Excel as if in sport
For our people,
Because some people
Want to see our face in court,
When we Black men of England
Look the mirror in the face,
Through our sisters eyes

 

 2027390-8e8e5d76bb74058c8960e0d632746f64.png
Benjamin Zephaniah (Handsworth, 15 april 1958)

 

 

De Amerikaanse schrijver Henry James werd geboren in New York op 15 april 1843. Zie ook alle tags voor Henry James op dit blog.

Uit: The Portrait of a Lady

“He had certainly had a great experience of men, but there was an almost rustic simplicity in the faint smile that played upon his lean, spacious cheek and lighted up his humorous eye as he at last slowly and carefully deposited his big tea-cup upon the table. He was neatly dressed, in well-brushed black; but a shawl was folded upon his knees, and his feet were encased in thick, embroidered slippers.
A beautiful collie dog lay upon the grass near his chair, watching the master's face almost as tenderly as the master took in the still more magisterial physiognomy of the house; and a little
bristling, bustling terrier bestowed a desultory attendance upon the other gentlemen.
One of these was a remarkably well-made man of five-and-thirty, with a face as English as that of the old gentleman I have just sketched was something else; a noticeably handsome face, fresh-coloured, fair and frank, with firm, straight features, a lively grey eye and the rich adornment of a chestnut beard. This person had a certain fortunate, brilliant exceptional look--the air of a happy temperament fertilised by a high civilisation--which would have made almost any observer envy him at a venture. He was booted and spurred, as if he had dismounted from a long ride; he wore a white hat, which looked too large for him; he held his twohands behind him, and in one of them--a large, white, well-shaped fist--was crumpled a pair of soiled dog-skin gloves.
His companion, measuring the length of the lawn beside him, was a person of quite a different pattern, who, although he might have excited grave curiosity, would not, like the other, have provoked you to wish yourself, almost blindly, in his place."

 

 2027390-c823f4b4e6040c0ff68c0a8a27a31dbb.jpg
Henry James (15 april 1843 - 28 februari 1916)
Cover

 

 

De Duitse dichter en tekenaar Wilhelm Busch werd geboren in Wiedensahl op 15 april 1832. Zie ook alle tags voor Wilhelm Busch op dit blog.

Uit: Max und Moritz

Ach, sie bleiben an dem langen,
Dürren Ast des Baumes hangen.
Und ihr Hals wird lang und länger,
Ihr Gesang wird bang und bänger.

Jedes legt noch schnell ein Ei,
Und dann kommt der Tod herbei.

Witwe Bolte in der Kammer
Hört im Bette diesen Jammer;

Ahnungsvoll tritt sie heraus,
Ach, was war das für ein Graus!

»Fließet aus dem Aug', ihr Tränen!
All mein Hoffen, all mein Sehnen,
Meines Lebens schönster Traum
Hängt an diesem Apfelbaum!«

2027390-40cacbb21e97ae808790ca35d7ab1153.jpg

Tiefbetrübt und sorgenschwer
Kriegt sie jetzt das Messer her,
Nimmt die Toten von den Strängen,
Daß sie so nicht länger hängen,

Und mit stummem Trauerblick
Kehrt sie in ihr Haus zurück.
Dieses war der erste Streich,
Doch der zweite folgt sogleich.

 

 2027390-972aebf33b0d1efedf35d55915ff36c7.JPG
Wilhelm Busch (15 april 1832 - 9 januari 1908)
Standbeeld in Seesen

 

 

De Nederlandse schrijfster Ina Boudier-Bakker werd geboren in Amsterdam op 15 april 1875. Zie ook alle tags voor Ina Boudier-Bakker op dit blog.

Uit:De klop op de deur

“Annètje Goldeweijn ging aan vaders hand door de drukke straten. Altijd vast ging zij met vader uit wenschen. Bij heel oude neef en nicht Stork op de Prinsengracht bij het Molenpad, en bij de nichten Van der Keer op het Singel.
Annètje drong soms huiverend tegen vader aan, angstig haar groote oogen in een onwijs grinnekend mannengezicht. Dit griezelige dat haar diep-in een schrik gaf met niets te vergelijken, hoorde onverbrekelijk voor haar gevoel bij den Nieuwjaarstocht. Even als dat andere, vertrouwd prettige: het zien van den lantaarnopsteker, den waldieper en den vuilnisman, die stoep op stoep af hun wenschen afgaven. Thuis zou zij straks de lange verzen met prentjes vinden liggen in de keuken bij Leentje....
Ja, dit hoorde alles bij den dag, zoo goed als het wenschen gaan met vader. De visites zelf waren wel naar, vond Annètje. Zooveel menschen die langs je wangen streken en tegen je lachten. Maar je hadt mooie nieuwe laarsjes aan, en je hoedje was ook mooi en nieuw, dat was prettig om aan te denken terwijl je daar zat. Bij de nichten waren altijd akelige allerhandjes, die je eten moèst. 't Hielp niets of je bedankte, dan zeiden ze: ‘Kom kòm,’ en stopten ze in je hand. Je handschoentje werd er zoo kruimelig van. Ze bleef altijd maar vlak bij vader, en luisterde naar wat de groote menschen allemaal praatten: dat de winter zoo zacht was, er liepen buiten nog koeien in 't land. En in de krant stond dat ergens maandrozen vol knoppen zaten - wat 't worden moest als er geen vorst kwam....
Op 't laatst werd ze doezelig, en keek verlangend of zijn kopje chocola al minderde. Want straks op straat zou 't weer heerlijk zijn. Als zij zoo samen uit waren - en dat gebeurde haast maar alleen op Nieuwejaar - dan had ze 't gevoel of ze alles zeggen kon tegen vader.
En nu was het ook alweer een beetje donker!”

 

 2027390-b2114c9d661c2d1510a02bf203f649a4.jpg
Ina Boudier-Bakker (15 april 1875 - 26 december 1966)
Portret door Isaac Israëls, 1925

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 15e april ook mijn vorige blog van vandaag.

Geschreven door Romenu om 10:44 Reageer op dit bericht

Bliss Carman, Beate Morgenstern, Jeffrey Archer, Bernhard Lassahn, Erich Arendt, Pol De Mont, Staf Weyts, Hans Egon Holthusen

De Canadese dichter Bliss Carman werd geboren in Fredericton, in de provicincie New Brunswick op 15 april 1861. Zie ook alle tags voor Bliss Carman op dit blog.

 

A Creature Catechism by Bliss Carman

I
Soul, what art thou in the tribes of the sea?

LORD, said a flying fish,
Below the foundations of storm
We feel the primal wish
Of the earth take form.

Through the dim green water-fire
We see the red sun loom,
And the quake of a new desire
Takes hold on us down in the gloom.

No more can the filmy drift
Nor draughty currents buoy
Our whim to its bent, nor lift
Our heart to the height of its joy.

When sheering down to the Line
Come polar tides from the North,
Thy silver folk of the brine
Must glimmer and forth.

Down in the crumbling mill
Grinding eternally,
We are the type of thy will
To the tribes of the sea.

 

 

The Rainbird

Far off I hear a rainbird. Listen!
How fine and clear
His plaintive voice comes ringing
With rapture to the ear!

Over the misty wood-lots,
Across the first spring heat,
Comes the enchanted cadence,
So clear, so solemn-sweet.

How often I have hearkened
To that high pealing strain,
Across the cedar barrens,
Under the soft gray rain!

How often I have wondered,
And longed in vain to know
The source of that enchantment —
That touch of long ago!

O brother, who first taught thee
To haunt the teeming spring
With that divine sad wisdom
Which only age can bring?

 

 2027384-0a4174f29288ce50c84a86a362d624b9.jpg
Bliss Carman (15 april 1861 – 8 juni 1929)



De Duitse schrijfster Beate Morgenstern werd geboren op 15 april 1946 in Cuxhaven. Zie ook alle tags voor Beate Morgenstern op dit blog.

Uit: Nest im Kopf

„In der Nacht, bevor Anna nach Gottshut fuhr, hatte sie diesen Traum:
In der Mitte der Dunkelheit sah sie Licht wie über einem Moor. Sie glitt auf das Licht zu. Da löste es sich in Helligkeiten und Dunkelheiten auf aus denen sich Bilder formten. Sie erkannte sich als Fünf- oder Sechsjährige an den hellen Locken, die spiralförmig den Kopf herunterhingen. Obwohl sie als Älteste die Geschwister überragte, schienen sie sonst alle in einem Alter.
Sie hielt die Fotos in den Händen und sah voller Glück eine Zeit abgebildet, von der sie bisher nur eine schwache Ahnung gehabt hatte. Die Kinder, hellhaarig und wenig bekleidet, saßen einträchtig auf einer alten Holzbank, dann wieder waren sie in ein Spiel vertieft, und nur eines schaute sie an, und das war immer sie selbst. Die Fotos ähnelten in gewisser Weise denen, die sie schon kannte. Die Kinder waren in Licht- und Schattenflecken eines Laubwaldes getaucht, sodass sie erst genau hinsehen musste, um die Gesichter zu erkennen. Die Fotos bekamen eine ungeheure Tiefe, als könne sie hineingreifen wie in ein offenes Fenster. Mit Bestimmtheit wusste sie jetzt, dass die Kinder sich auf dem mit Buchen bewachsenen Berg befanden. Sie spürte den herben Geschmack der Bucheckern auf der Zunge und die Splitter zwischen den Zähnen.
Wem gehören die Fotos? fragte sie und stand auf einer langen, schmalen Straße. Wer hat die Fotos dreißig Jahre aufbewahrt, ohne dass wir davon wussten? Die Flickschneiderin, war die Antwort. Es konnte auch nur die Flickschneiderin sein, schien ihr. Sie ging die Straße hinauf zu einem Haus, von dem sie annahm, dass die Flickschneiderin darin wohne. Aber dort stand nur eine mit Grün überwucherte Ruine. Die Frau zeigte sich nicht.Wahrscheinlich war sie tot. So konnte sie nicht um die Fotos bitten, mit denen sie eine Zeit voller Frieden und Harmonie in die Gegenwart hinüberretten wollte. Ohne Einwilligung der Frau hatte sie kein Recht auf die Fotos. Sie entglitten ihren Händen. Eine unsagbare Traurigkeit erfüllte sie.”

 

 2027384-fa745eade55cdbba6dba5cc1c18a6e65.jpg
Beate Morgenstern (Cuxhaven, 15 april 1946)

 

 

De Britse schrijver Jeffrey (Howard) Archer, Baron Archer of Weston-super-Mare, werd geboren op 15 april 1940 in Londen. Zie ook alle tags voor Jeffrey Archer op dit blog.

Uit: The First Miracle

“Tomorrow it would be 1 A.D., but nobody had told him.
If anyone had, he wouldn’t have understood, because he thought it was the forth-third year of the reign of the Emperor. And in any case, he had more important things on his mind.
His mother was still angry with him, and he had to admit that he had been naughty that day, even by the standards of a normal thirteen-year-old. He hadn’t meant to drop the pitcher when she had sent him to the well for water. He had tried to explain to her that it wasn’t his fault he had tripped over a stone – that bit was at least true. What he hadn’t told her was that he had been chasing astray dog at the time. And then there was that pomegranate: how was he meant to know that it was the last one and that his father had taken a liking to them?
The young Roman was now dreading his father’s return and the possibility that he might be given another leathering. He could still recall the last one: he hadn’t been able to sit down for two days without being reminded of the pain, and the thin red scars hadn’t completely disappeared for three weeks.
He sat on the window ledge in a shaded corner of his room, trying to think of some way he could redeem himself in his mothers’ eyes. He had spilt cooking oil all over his tunic and she had thrown him out of the kitchen. ‘Go and play outside,’ she had snapped, but playing outside wasn’t much fun if you were only allowed to play by yourself. Pater had forbidden him to mix with the local boys.
How he hated this uncivilised country! If only he could be back home among his friends, there would be so much for him to do. Still, only another three weeks and he would…
The door swung open and his mother bustled into the room.”

 

 2027384-06bdc6471ad3a85f904655ee2dd55b51.jpeg
Jeffrey Archer (Londen, 15 april 1940)

 

 

De Duitse schrijver Bernhard Lassahn werd op 15 april 1951 in Coswig / Anhalt geboren. Zie ook alle tags voor Bernhard Lassahn op dit blog.

Uit: Kleines Lied für Christa Wolf

„Christa Wolf ist gestorben. Ich habe sie noch bei einer Lesung im Literarischen Colloquium am Wannsee erlebt. Sie wirkte entspannt, souverän und sympathisch. Sie hatte das Publikum von Anfang an auf ihrer Seite.
Ich hatte keine Vorurteile – dachte ich zumindest. Ich kannte sie ja kaum. Dabei bin ich als halber Ossi ein treuherziger Freund der DDR-Literatur (gewesen): Barbara Honigmann mag ich besonders und natürlich Jurek Becker. Insgesamt gesehen verliert diese Sonderform der Literatur jedoch viel von ihrem Glanz, wenn man sie nicht mehr mit gutwilligem Blick betrachtet. Ich war jedenfalls gespannt.
Sie las aus ihrem neuen Buch Stadt der Engel oder The Overcoat of Dr. Freud, das in Los Angeles spielt. Die Sorgen der alten Welt verfolgen sie bis dahin, sie leidet darunter, dass sie mit einer Stasi-Vergangenheit behängt wird – und wie sich nun im fernen Deutschland die Medien und ihre Bekannten dazu verhalten. In der Stunde schwerer Not fängt sie überraschenderweise an, alte deutsche Lieder zu singen, bis sie erlöst wird, als am frühen Morgen ein Vogel zu ihr kommt.
Ich hätte mich vorgedrängelt und nachgefragt, welche Lieder sie da gesungen hat. Den Gefallen tat sie mir auch so. Es folgte eine nicht enden wollende Liste von Kinder- Kampf- und Kirchenliedern – und gleichzeitig spürte man, wie sich im Publikum etwas tat. Es gluckerte und brodelte. Mich hatte sie damit auch gewonnen. Christa Wolf schöpfte mit vollem Eimer aus einem verloren geglaubten Fundus, als gäbe es eine gesamtdeutsche Musikbox, und man müsste nur die Titel vorlesen, und schon summt und brummt es überall in den Hinterköpfen. War es vorher ein wenig dröge gewesen (die Luft war auch so schlecht, und es war rappelvoll), so kam nun fast so etwas wie Stimmung auf. Hier und da fühlte sich jemand erinnert und reagierte mit einem Schmunzeln.“

 

 2027384-407ab8ff95e1cbc149f9f626ca9adb67.jpg
Bernhard Lassahn (Coswig 15, april 1951)

 

 

De Duitse dichter en schrijver Erich Arendt werd geboren op 15 april 1903 in Neuruppin. Zie ook alle tags voor Erich Arendt op dit blog.

 

GARCÍA LORCA

Du grüner Wind! O Sang heißblütiger Gitarren!
Du Mondlicht still, am Munder der Zigeunerin! −
Mit einem Mal verweht – nun knarrt der Schinderkarren
hart durch Granadas Traum, den du besungen, hin…

und Schüsse fliegen, und es falln wie Vogelschatten
die Menschen rings. Unkenntlich liegt im Sand der Nacht
die schöne Stirn: Die Mörder deines Lebens hatten
dein Lied gehaßt, von Sternensturm und Glanz entfacht.

Durch Andalusiens Gärten tobt der feige Mord.
Mit stummen Fäusten kämpft dein Volk. −
                   Doch wenn es wieder
froh deine Strophen singt im großen Schlußakkord,

dann, Männer, stimmet die vergessenen Gitarren,
dann brause, Sierrawind, daß die Nevada glüh’!
Zigeunerinnen lächeln von Balkonen nieder:
Hell brennt in Flammen auf dem Platz der Schinderkarren!

 

 2027384-0a945f6a6c6570d89c04d77b72a11ebb.jpg
Erich Arendt (15 april 1903 - 25 september 1984)
Neuruppin

 

 

De Vlaamse dichter en schrijver Pol De Mont werd geboren in Wambeek op 15 april 1857. Zie ook alle tags voor Pol de Mont op dit blog.

 

De stilte trekt, op donzen voeten

De stilte trekt, op donzen voeten,
een stomme schildwacht, gans alleen,
door lege straten... Treurig groeten
de sterren door de nevels heen.

Lang was de dag en zwaar van zorgen...
Mijn hart is lam; mijn hersens moe...,
en dubbele zorgen brengt de morgen
misschien...; mijn ogen vallen toe...

En toch, - toch vindt mijn ziel geen ruste! -
Gelijk de zeemeeuw, afgedwaald
bij 't wilde noodweer van de kuste,
waar zij, om te azen, nederdaalt,

op klamme, half doorweekte schachte,
dwars tegen wind en waterslag
in, door- en voortvliegt heel de nachte
en voort- en doorvliegt heel de dag;-

zo wou, wat haar te pletter drukke,
aan laag en grof haar kluistren moog,
mijn ziel het al aan flarden rukken
en vliegen, waar zij nimmer vloog;

zo wou mijn ziel, de wreed geslagene,
ópwiekend hoog uit slijk en slam,
áfwerpen 't al te lang gedragene
slavinnenpak, en - als een vlam

óptongend boven mist en wolken,
uitspannen, groots, in 't groots azuur,
tot ogenlust van alle volken
mijn hemeldroom in zevenkleurig vuur. -

 

 

Het orgel speelt…

Het orgel speelt een heel oud liedje
beneden in de stille straat…
Ik luister, leg de penne neder,
berg in mijn handen mijn gelaat

Een heel onnozel volkskoepletje,
slecht drie, vier noten traag en teer;
maar elke klank, die in mijn oor dringt,
wekt echo’s in mijn binnenste weer.

Ik hoor het oude deuntje klagen,
klagen en zuchten beurt om beurt,
en ‘t is me, of ‘t opwelt uit mij zelve
en ‘t is me, of mij ’t harte scheurt…

Wat in dat oud onnozel deuntje
zijn kunsteloos gestamel beeft,
mijn eigen ziel is ‘t, die het uitsnikt…
Die heeft het, ach, zo vaak beleefd...

 

 2027384-4d4d8d564b9faf658b8b8373674bb771.jpg
Pol De Mont (15 april 1857 - 29 juni 1931)
Portret door  Hans De Smedt, z.j.

 

 

De Vlaamse dichter en schrijver Staf Weyts werd geboren op 15 april 1909 in Mechelen. Zie ook alle tags voor Staf Weyts op dit blog.

 

Er komen nog dagen van rouw…

Er komen nog dagen van rouw en grote droefenis.
De dagen als eenmaal het grauw gelaat van de dood er is
voor mij of voor mijn vrouw,
en smartvol een van beiden plots zal vereenzaamd staan
in de avond van zijn leven.
Want de kinderen die wij het bestaan en onze liefde hebben
gegeven, zullen hun eigen wegen gaan
en vromelijk ieder jaargetijde
nog vlug eens overkomen
met bloemen, fruit of wijn.
Zij zullen vragen hoe het gaat?
Waarom de tuin verwildert? Bomen en rozenstruiken niet
gesnoeid zijn, en 't onkruid nog te wieden staat?
Waarom het hout voor 't open vuur ontbreekt?
In het aquarium een dode vis op 't water drijft,
en aan de witte buitenmuur nog slechts één rankgeranium die
niet verdord is, overblijft?
Waarom de deur altijd gesloten en haast geen mens meer
welkom is,
en vele kamers die weleer
van zonlicht waren overgoten
nu klam zijn en vol duisternis?
En schoon ons hoofd steeds zal terneerhangen, en
menigmaal een traan aan ons verschroeide ogen beven,
zullen zij onzer eenzaamheid
de diepe pijn haast niet verstaan,
noch dat wij aan dit aardse leven
onthecht zijn, en voor God bereid.

 

 2027384-4bae5a889fd894bb8acdfd492bf121b6.jpg
Staf Weyts (15 april 1909 – 12 januari 1985)

 

 

De Duitse dichter, essayist, criticus en literatuurwetenschapper Hans Egon Holthusen werd geboren op 15 april 1913 in Rendsburg. Zie ook Zie ook alle tags voor Hans Egon Holthusen op dit blog.

Uit: Klage um den Bruder

III
Wo sich dein Leib wie eine junge Larve
Zart und verletzlich vor dem Tod verschloß,
Da traf dich dieses unbegreiflich scharfe,
Nicht wieder gut zu machende Geschoß.

Von schneidender Beklemmung überfallen,
Als stiegest du in ein zu heißes Bad,
So fühltest du's wie dunkle Missetat
In deiner Wunde sich zusammenballen.

Und immer tiefer seh ich dich erschrecken
Vor Angst und Scham, als wär der Tod ein Laster,
Und mit der Hand das viele Blut bedecken.

Sekunden später wird dein Herz gefaßter.
Schon leuchtet dir die Erde nicht mehr ein,
Und rasch verblutend gibst du dich darein.

 

 2027384-2d233c0d11f8e50717c993ddceb7d3c6.jpg
Hans Egon Holthusen (15 april 1913 – 21 januari 1997)

Geschreven door Romenu om 10:43 Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten