Naar de inhoud

Romenu

Over literatuur, gedichten, kunst en cultuur
akke.beakke.be

Berichten van 13 mei 2017 tot 14 mei 2017

Moeder (Gerrit Achterberg)

 

Bij Moederdag

 

 2036462-1cbb1d12bf7bacf431169a194f7a094d.jpg
Elisabeth und kleiner Walter door August Macke, 1912

 

 

Moeder

Mijn moeder is een grijze vrijdagmorgen:
zij moet de kamer doen; stof beeft;
dan dweilen, voor het eten zorgen,
zien wat van gisteren overbleef.

Ik ben in haar liefde geborgen,
die elk verraad der wereld overleefd:
wie ik ook werd, wij eten overmorgen
de koek die zij gebakken heeft.

Wanneer de zondagmorgen is ontloken
staat heel haar wezen in de blijde bloei,
waarin mijn wezen moet zijn aangebroken,

omdat ik dan niet meer gevoel
hoe door de dood is aangestoken,
wat bij een andere vrouw begon.

 

 2036462-086372d000a496196ddb1b2b463e4ddf.jpg
Gerrit Achterberg (20 mei 1905 - 17 januari 1962)
Achterbergs moeder Pietje Achterberg - van de Meent

 

 

Zie voor de schrijvers van de 14e mei ook mijn vorige twee blogs van vandaag.

Geschreven door Romenu om 12:18 Reageer op dit bericht

Jo Gisekin, Karl-Markus Gauß, Eoin Colfer, Gaby Hauptmann, Wilma Vermaat, Frans Bastiaanse

De Vlaamse dichteres Jo Gisekin werd geboren in Gent op 14 mei 1942. Zie ook alle tags voor Jo Gisekin op dit blog.

 

Ik zou je

Ik zou je als zaligheid
bestempelen
soms ben je hard

Ik zou je met lauweren
omhangen
je ogen spuien licht

Ik zou je met goed fatsoen
roerloos naast een ander leggen
het is vergeefse moeite

Bijna was ik doorgegaan
met wolken op je
hoofd te stapelen
van je lichaam
een vindplaats te maken
vol goud en zilverlingen
maar ook dat is vals bericht

Je bent het breviarium
van mijn langste dag
de gastheer aan mijn tafel
het transparante
in dit gedicht.

 

 

Wierook van vandaag

Als jij niet meer komt
ga ik je tegen
al moet het dan met huiver
van volslagen manke benen
ruimten vullen we op
met tijd die we hebben
verspeeld
de leegte van gisteren
met wierook van vandaag

terwijl de kievit in mijn
droom danst op de vijver
dragen ranonkels op
stijve stelen de stilte
uit het huis

hetgeen nog komen moet
hangt als een klepel
in mijn schaarse boom.

 

 2036458-f8014c419b542dd6bbb072eb57be24a9.jpg
Jo Gisekin (Gent, 14 mei 1942)
Cover

 

 

De Oostenrijkse schrijver, essayist en uitgever Karl-Markus Gauß werd geboren op 14 mei 1954 in Salzburg. Zie ook alle tags voor Karl-Markus Gauß op dit blog.

Uit: Der Alltag der Welt

„Ich blättere durch das Album und hole ein zweites, ein drittes hervor, und ich entdecke nach dem Kind, das bereits mit seinem Hochmut zu experimentieren scheint, einen Jugendlichen, dessen Trotz etwas Abschätziges hat, und endlich den Erwachsenen in seiner Pose freundlicher Überlegenheit. Die drei, die sich sonst seltsam wenig ähneln, denn das Kind ist blond und kräftig, der Jugendliche schwarz gelockt und mager, und den Erwachsenen kann man geradezu dabei beobachten, wie er zulegt und frühzeitig ergraut – diese drei, die einander sonst nicht gleichen, sind unverkennbar ein- und derselbe in der Manier, wie sie sich erhobenen Hauptes zu präsentieren bemühen. Diese Haltung haben sie stets wie von selbst eingenommen, sie hat ihnen gutgetan, mir aber die Halswirbel abgeplattet und die verdammte cervikuläre Cephalea, den vom Nacken zur Schläfe schießenden Kopfschmerz, eingetragen (so geht diese Sprache, die jetzt die meine wird).
Mai 2011, 57. Geburtstag: Nicht mehr zurückschauen, dorthin, wo unablässig die Welt verschwindet, aus der ich gekommen bin, und in der großen Mühle gleichermaßen zermahlen wird, wofür wir uns begeistert haben und wogegen wir uns empörten? Gerade weil es anders kam, darf ich nicht vergessen, wovon ich geträumt habe, und erst recht nicht vergessen, wovon ich überzeugt war, dass ich mich niemals mit ihm abfinden werde.
Ich war eingenickt, zu Mittag, und als ich aus dem Dämmer erwachte, umschloss mich ein geradezu räumliches Gefühl der Glückseligkeit. Es hatte mit der Musik zu tun, die aus dem Radio kam und von der mir bewusst wurde, dass sie mich schon seit einigen Minuten durch den Halbschlaf geleitete. Ich lauschte den Tönen, einem tief und sordin gestimmten Streichinstrument, auf dem in einem leicht hallenden Raum Akkord auf Akkord gestrichen wurde, kein Cello und keine Bassgeige.“

 

 2036458-ad5e05e263b7ae0176b02dbffe3b4d0c.jpg
Karl-Markus Gauß (Salzburg, 14 mei 1954)
 

 

 

De Ierse schrijver Eoin Colfer (zijn voornaam wordt uitgesproken als Owen) werd geboren in Wexford op 14 mei 1965. Zie ook alle tags voor Eoin Colfer op dit blog.

Uit:Artemis Fowl

“By midnight, Artemis had successfully fed his findings into the Macintosh. All he had to do now was press Decode. He did so. What emerged was a long, intricate string of meaningless gibberish.
A normal child would have abandoned the task long since. The average adult would probably have been reduced to slapping the keyboard. But not Artemis. This book was testing him, and he would not allow it to win.
The letters were right, he was certain of it. It was just the order that was wrong. Rubbing the sleep from his eyes, Artemis glared at the pages again. Each segment was bordered by a solid line. This could represent paragraphs or chapters, but they were not meant to be read in the usual left to right, top to bottom fashion.
Artemis experimented. He tried the Arabic right to left and the Chinese columns. Nothing worked. Then he noticed that each page had one thing in common - a central section. The other pictograms were arranged around this pivotal area. So, a central starting point, perhaps. But where to go from there? Artemis scanned the pages for some other common factor. After several minutes he found it. There was on each page a tiny spearhead in the corner of one section. Could this be an arrow? A direction? Go this way? So the theory would be, start in the middle then follow the arrow. Reading in spirals.
The computer program wasn't built to handle something like this, so Artemis had to improvise. With a craft knife and ruler, he dissected the first page of the Book and reassembled it in the traditional Western languages order - left to right, parallel rows. Then he rescanned the page and fed it through the modified Egyptian translator.
The computer hummed and whirred, converting all the information to binary."

 2036458-6b80ebc35d1291194da147d96c96a4e2.jpg
Eoin Colfer (Wexford, 14 mei 1965)

 

 

De Duitse schrijfster Gaby Hauptmann werd geboren op 14 mei 1957 in Trossingen. Zie ook alle tags voor Gaby Hauptmann op dit blog.

Uit: Yachtfieber

„Marc drehte sich um. Das hätte er sich denken können, seine Tochter Kim und deren Freundin Alissa standen hinter ihm.
»Laß doch!« Kim warf ihm einen typischen Tochter-Vater­Blick zu: »Sei doch kein Spielverderber.«
Alissa blinzelte verschlafen zu dem Boot hinüber. »Gibt's 'ne Party?«
»Verschon mich bitte damit«, sagte Marc und drehte sich hilfesuchend nach Pia um. Sie hatte sich ein weißes Herren­hemd übergeworfen und kam heran.
»Das ist eine Überraschung«, sagte sie indifferent und reichte Franco ihre Hand, die er übersah.
Statt dessen zog er sie gleich in seine Arme, küßte sie rechts und links auf die Wange und grinste dabei Marc an. »Habt ihr wirklich geglaubt, ihr könntet euch vor der Welt ver­stecken?«
»Och ...« Marc tat unschuldig. »Und jetzt willst du dich mit deiner Bande hier bei uns einnisten?«
Franco lachte. »Ich wollte mal meinen Mädchen hier den berühmten Modedesigner aus Deutschland vorstellen«, sagte er laut, und leise fügte er mit Verschwörermiene hinzu: »Ein bißchen mit dir angeben, versteht sich ...«
»Das fehlt mir noch!« Marc schaute zu dem Rennboot, eine feuerrote Zigarre mit weißer Lederinnenausstattung. »Ein wenig dezenter hätte dir das Ding nicht gefallen?« fragte er rhetorisch.
»In meinem Alter doch nicht.« Franco zwinkerte ihm zu und machte eine Handbewegung zum Boot hin. Es war schon klar, was er meinte. Die beiden Mädchen, die er dabei­hatte, waren bildhübsch und Anfang Zwanzig, jede von ihnen sicherlich dreißig Jahre jünger als er selbst. Er fuhr sich mit seiner rechten Hand kurz durch sein gewelltes braunes Haar, das er aus der Stirn nach hinten gekämmt und nackenlang trug. »Die haben Spaß«, sagte er dazu, »und ich auch!«
In diesem Moment setzte die Musik wieder ein. Ein jun­ger Mann, der aus der Kajüte aufgetaucht war, hatte auf den Knopf gedrückt.
»Ich nicht.« Marc wandte sich ab. »Aber wenn du jetzt schon mal da bist, dann laß uns was trinken. Vielleicht finden wir ja ein lärmgeschütztes Eckchen ..."

 

 2036458-f896f0cb34c6c3866c6dc7d3ac4b3b71.png
Gaby Hauptmann (Trossingen, 14 mei 1957)

 

 

De Nederlandse schrijfster Willemina (Wilma) Vermaat werd geboren in Zetten op 14 mei 1873. Zie ook alle tags voor Wilma Vermaat op dit blog.

Uit: Moeder Stieneke

“De dokter wachtte hen.... het was hoog tijd. Het leven was nog niet gevloden, maar het doodszweet parelde den arme op het voorhoofd; het sterke roepen was gesmoord in het eindelijke breken van de laatste krachten; de dood zelf had mededoogen en draalde nog op den drempel eer hij door de poort ging met zijn droeven last.
De Dominé knielde bij den divan, waarop men den man in haast had neergelegd.
Stieneke hield zich op den achtergrond om niet te storen door haar vreemde tegenwoordigheid. Maar ze bad mee.... o, hoe ze meebad en onder 't bidden voelde, hoe de dood zijn mantel van stilte begon uit te plooien, om er dien eenzaam vertrekkenden mensch in te hullen. Het was een groot gebed in weinig woorden, zooals past bij een, voor wien de reistijd aangebroken is; en het werd nagestameld, maar zóó zwak, dat alleen God het nog kon verstaan.
Toen stond de Dominé op en legde zijn hand op het kille voorhoofd. ‘Nu kom Heere Jezus,’ zei hij zacht, ‘want bij U is vergeving.’
De oogen van den vertrekkende schenen zich vast te hechten in de zijne, voor een oogenblik,.... toen dekten de zware oogleden langzaam het gebroken licht.... hij was voorbij. -
Stil in de verbijstering van dit plotselinge gebeuren stonden ze een tijdlang bij den doode.
Edel was zijn voorhoofd, om den zwakken mond scheen een glimlach zijn lichte spel te spelen.... Stieneke bukte zich iets over den divan.... ‘Vader,’ zei ze haastig.... De dokter schudde het hoofd. Toen keerde Stieneke zich van het bed; die glimlach dreigde alles in haar te doen breken in wilde tranen. Om haar zelfbeheersching te herkrijgen keek ze de kamer rond, een ordelijke werkkamer, nu ontredderd door de komst van dien haastig-geroepen dood.”

 

 2036458-46fd1a1b995c4f16a80264d6b09f9c61.jpg
Wilma Vermaat (14 mei 1873 - 20 maart 1967)
Borstbeeld in Beekbergen

 

 

De Nederlandse dichter Wilhelm Ange François (Frans) Bastiaanse werd geboren in Utrecht op 14 mei 1868. Zie ook alle tags voor Frans Bastiaanse op dit blog.

 

Het kind

"Het schoonst geluk, dat gij mij ooit kunt geven
Zal wezen als eenmaal een nieuw gelaat,
Uit u en mij geboren bloeien gaat,
Maar toch het meest heeft van uw stralend leven;

En, zoals naar het gouden pracht-sieraad
Een kleiner wordt in fijner goud gedreven,
Zal 't flonkrend blond zijn voorhoofd-blank omgeven
Als 't graan, dat in de zon te gloeien staat."

Toen kuste ik om dat schone woord mijn lief,
Die om mijn hals de strelende armen hief
En 'k sprak: "ja! dat zal groot en heerlijk wezen,

Als ik u zien zal in hetzelfde kind,
Waarin gij mij opnieuw geboren vindt:
Twee-eenheid in één enig beeld te lezen."

 

 

Koekoek

Als de vroege koekoek roept
En de lijster, onder 't fluiten
Van de rode bessen snoept,
Loop ik ook mijn woning uit en
Fluit in zonnige' ochtend buiten,
Waar ik zoeter luiden zoek
Dan de lijsters kunnen fluiten,
Dan de koekoek roept: Koekóék!

Koekoek vroeg in 't koele bos,
Lijster in de groene struiken,
Roep de blauwe blinden los
Die een venster hóóg beluiken,
Waar de wingerd-ranken sluiken
Bleek van blaren, teer van tros,
Lijster in de groene struiken,
Koekoek roep de blinden los!

 

 2036458-e8766e19eb275b307e5611102162da0a.jpg
Frans Bastiaanse (14 mei 1868 - 12 juni 1947)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 14e mei ook mijn vorige blog van vandaag.

Geschreven door Romenu om 12:17 Reageer op dit bericht

Dante Alighieri, Krister Axel, Jens Sparschuh, Evelyn Sanders, Kasper Peters, Walter E. Richartz, Karin Struck

De Italiaanse dichter Dante Alighieri werd tussen 14 mei en 13 juni 1265 (volgens hemzelf in de Divina Comedia in de Goede Week en in het teken van de Tweelingen) in Florence geboren. Zie ook alle tags voor Dante Alighieri op dit blog.

Uit: Divina Comedia Canto I (Fragment)

Are aim’d at by this bow; but even those,
That have intelligence and love, are pierced.
That Providence, who so well orders all,
With her own light makes ever calm the Heaven,
In which the substance, that hath greatest speed,
Is turn’d: and thither now, as to our seat
Predestined, we are carried by the force
Of that strong cord, that never looses dart
But at fair aim and glad. Yet is it true,
That as, oft-times, but ill accords the form
To the design of art, through sluggishness
Or unreplying matter; so this course
Is sometimes quitted by the creature, who
Hath power, directed thus, to bend elsewhere;
As from a cloud the fire is seen to fall,
From its original impulse warp’d, to earth,
By vitious fondness. Thou no more admire
Thy soaring (if I rightly deem) that lapse
Of torrent downward from a mountain’s height.
There would in thee for wonder be more cause,
If, free of hindrance, thou hadst stay’d below,
As living fire unmoved upon the earth.”
So said, she turn’d toward the Heaven her face.
ALL ye, who in small bark have following sail’d,
Eager to listen, on the adventurous track
Of my proud keel, that singing cuts her way,
Backward return with speed, and your own shores
Revisit; nor put out to open sea,
Where losing me, perchance ye may remain
Bewilder’d in deep maze. The way I pass,
Ne’er yet was run: Minerva breathes the gale;
Apollo guides me; and another Nine,
To my rapt sight, the arctic beams reveal.

 

Vertaald door H. F. Cary

 

 2036455-6a3efbb74c5f65b7993875fabfe936d6.jpg
Dante Alighieri (14 mei/13 juni 1265 - 13/14 september 1321)
Portret in de kathedraal van Orvieto

 

 

De Amerikaanse dichter en musicus Krister Axel werd geboren op 14 mei 1974 in Parijs.Zie ook alle tags voor Krister Alex op dit blog.

 

Holland Park Road

I don't know what's missing
but I'll see if I can find it
climbing up the hill it starts to rain
I still feel like walking
I'm not so good with talking
and I just ran out of pretty things to say

I'm thinking of the city
with it's arms around the river
with no end and no beginning
just like a chain of stars
and it's trying to tell me something
about the light between two lovers
the light that's on your face
all you have to do is
shine on for me
if you can't afford to sleep
I'll be the push that brings you back
it's Saturday and there's something in the air
I don't believe that we are lost

honey keep them coming
because I'm drinking through the morning
I got a million miles to go inside my head
and I hear a voice calling
from the other side of the ocean
and I swear I left my heart in her Venice bed

 

 2036455-24149dd3e365c31ffd14ffd55f4228b9.jpg
Krister Axel (Parijs, 14 mei 1974)
Cover

 

 

De Duitse schrijver Jens Sparschuh werd geboren op 14 mei 1955 in Karl-Marx-Stadt en groeide op in Oost-Berlijn Zie ook alle tags voor Jens Sparschuh op dit blog.

Uit: Stinkstiefel

„Vier Marzipanhasen sitzen da - darunter ist übrigens ein etwas angestaubter Vorjahreshase, der sich ein ganzes Jahr lang erfolgreich hinter dem Flurschrank versteckt gehalten hatte. Drum herum liegen dreiundzwanzig kleine Ostereier in allen Farben und fünf große Schokoladenkugeln.
Außerdem hat Herr Dinkhübel noch gefunden: eine zerknickte Ansichtskarte aus Rom von Tante Paula; den blauen Socken, den er schon seit Weihnachten vermisste und der erstaunlicherweise ungewaschen im Fotobildband Die Welt ist schön als Lesezeichen steckte; drei entwertete Fahrscheine; eine Hand voll Staubflusen; ein angebissenes, steinhartes Stück Streuselkuchen.
Und dann noch etwas, und zwar hinter dem Kühlschrank: eine tote Maus. Ganz schöne Ausbeute diesmal!, denkt Herr Dinkhübel zufrieden. Und da er alleine wohnt, sagt ihm nun auch niemand: Iss doch nicht alles auf einmal, Felix!"
Also isst er alles auf einmal.
Er kann zwar schon nicht mehr, aber da sitzt noch ein Osterhase ziemlich kopflos herum... Nein, das sieht gar nicht schön aus. Also weg damit! Ordnung muss sein. Und mit einem tiefen Seufzer - oder ist das sein Bauch, der seufzt? - stopft sich Herr Dinkhübel den letzten Osterhasen hinein. Zwei Schokoladenkugeln kullern hinterher.
Sie plumpsen dumpf im Bauch auf, genauso wie die restlichen Ostereier... Bis alles alle ist.
Die graue Maus hat er natürlich nicht angerührt! Die liegt noch auf dem Tisch. Mucksmäuschenstill.
Er packt sie am Schwanz und lässt sie kopfschüttelnd in eine Tüte fallen. Ja, kleine Maus, für dich ist Ostern heute schon vorbei!
Morgen, wenn er seinen Osterspaziergang macht, wird er sie begraben. Im Hof. Beim Blumenbeet hinter den Mülltonnen.
Und was soll mit dem harten Kuchenstück geschehen? Hätte er doch einen Dackel! Oder wenigstens eine Frau.“

 

 2036455-a4fae0998e0885c0cae90ffa54cac63f.jpg
Jens Sparschuh (Karl-Marx-Stadt, 14 mei 1955)
Cover

 

 

De Duitse schrijfster Evelyn Sanders werd geboren op 14 mei 1934 in Berlijn. Zie ook alle tags voor Evelyn Sanders op dit blog.

Uit: Schuld war nur die Badewanne

„Zwischendrin quäkt Katja: »Nun geh doch endlich ran, ich weiß ja, dass du da bist!« Kann sie überhaupt nicht! Sie hat jetzt im Hörsaal zu sein und sich mit den Werken von Pestalozzi und Frau Montessori herumzuschlagen. Angehende Lehrer müssen auch das lernen, was dank unzähliger Schulreformen und neuer psychologischer Erkenntnisse längst überholt ist. Endlich habe ich den Hörer in der Hand. »Wieso bist du nicht in der Uni?« »Weil die letzte Vorlesung mal wieder ausgefallen ist. Sitzt du?« Nein, ich sitze nicht. Den einzigen erreichbaren Stuhl hat Hund Otto belegt, der meine Aufforderung, den Platz zu räumen, stoisch ignoriert. Nicht umsonst ist er ein gebürtiger Bayer. Wahrscheinlich hat er es uns nie verziehen, dass er in einen preußischen Haushalt geraten ist. Notgedrungen lehne ich mich also gegen den Esstisch. »Ich bin darauf trainiert, Katastrophenmeldungen auch stehend entgegenzunehmen. Raus mit der Sprache, was ist passiert?« »Sei nicht immer so destruktiv«, kichert Katja, »freu dich lieber! Du wirst nämlich Oma!« »Bei wem? Etwa bei dir?« Katja ist Studentin im siebten Semester und sollte eigentlich hinreichend aufgeklärt sein. Außerdem nimmt sie die Pille. Sie wiegelt auch sofort ab. »Im Augenblick reichen mir die Kids, mit denen ich mich im Praktikum herumärgern muss. Nein, Vicky ist schwanger.« »Woher weißt du das?« »Sie hat es Steffi erzählt, und die hat mich gerade angerufen.« Die Kommunikation innerhalb unserer Familie klappt immer noch hervorragend. »Konnte sie sich das nicht früher überlegen?«, jammert Katja. »Ich habe doch meine Weihnachtsgeschenke schon alle zusammen. Was meinst du, ob ich ihr einen Gutschein für fünf Packungen Pampers schenke? Den brauche ich erst im Herbst einzulösen. Momentan bin ich nämlich total pleite.« Das ist sie meistens und nicht nur zwei Wochen vor Weihnachten. »Wann soll denn das Baby kommen?« »Na ja, September oder so. Ich nehme doch an, dass auch Engländerinnen die gleiche Tragezeit haben wie normale Frauen. Oder glaubst du, dass die später werfen?« »Vicky ist kein Elefant!« »Noch nicht«, gluckst Katja. »Ach ja, noch etwas: Du weißt natürlich nichts von dem Familienzuwachs. Vicky hat es Stefanie unter dem Siegel der Verschwiegenheit erzählt.« »Und deshalb hat sie dich auch gleich angerufen?«

 

 2036455-c386c225ba17f5ede6f9e6174e993e36.jpg
Evelyn Sanders (Berlijn, 14 mei 1934)
Berlijn. Aan de oever van de Spree in de Tiergarten

 

 

Onafhankelijk van geboortedata:

De Nederlandse dichter, schrijver, dramaturg en toneelspeler Kasper Peters werd geboren in Doetinchem in 1973. Zie ook alle tags voor Kasper Peters op dit blog.

 

een plein is een kamer

een plein is een kamer
zonder deuren

tussen het gevelbehang
openen zich straten
met mensen die je kent

het gaat niet om gebouwen
maar om de leegte
de plekken er tussenin

door tijd groeit ruimte
kamer wordt plein
plein wordt wijk
wijk wordt stad

ga op een dag naar buiten
kijk in een weiland
naar de stad waar je begon

trek de uren die je telde
van herinneringen af
en merk dat er veel overblijft

 

 2036455-cf83143c8b30649bb3839fa32e06617e.jpg
Kasper Peters (Doetinchem, 1973)

 

 

Zie voor onderstaande schrijvers ook mijn blog van 14 mei 2016.

De Duitse schrijver en chemicus Walter E. Richartz werd op 14 mei 1927 in Hamburg geboren. Zie ook alle tags voor Walter E. Richartz op dit blog.

De Duitse schrijfster Karin Struck werd geboren op 14 mei 1947 in Schlagtow. Zie ook alle tags voor Karin Struck op dit blog.

Geschreven door Romenu om 12:17 Reageer op dit bericht

Jan Lauwereyns, Reinout Verbeke, Bruce Chatwin, Daphne du Maurier, Kathleen Jamie, Armistead Maupin, Alphonse Daudet, Kōji Suzuki

De Vlaamse dichter Jan Lauwereyns werd geboren op 13 mei 1969 in Antwerpen. Zie ook alle tags voor Jan Lauwereyns op dit blog.

 

Lectori salutem

Je fronst je lippen bij het lezen van de achterflap.
Je tandenknarst en spreidt je neusvleugels -
de onderlip kon wat meer nadruk hebben.
Het haar helt over je wenkbrauwen, valt dan
in pieken naar beneden.

Zo gaat het in een handomdraai pijpen-
stelen regenen op hardhorige tortelduiven
en zachtjes fluisterende pantervrouwen,
en alles wat in spiegelschrift geschreven
wordt, verdrinkt dan in de plas.

 

 

Zeer persoonlijke muggen en hun tijd

Het gieren van golven,
de versterkte luchtstroom.

‘Iets coronaals, dat je net hebt gehoord
als je het hoorde.’

Ze verscheen als een kleine zwarte stip
die zich traag maar zeker over de
zonneschijf voortbewoog.

De gedachte liet zich weer denken
dat automorfe functies toch wel
noodzakelijk waren.

‘Het kan zijn dat er iemand is.’
Aldus het nagelaten bloed.

Hebben we bewijs van spijt?

(Rommelige ingewikkelde grafieken.)
(Niets nieuws vergeleken bij vorig jaar.)

 

 

Fragmenten galopperen

Het labyrint, aandacht,
is niets dan een weg om het lichaam
van dit woord naar het volgende te voeren.

Hoe de hiel zich licht!
Hoe de enkel scharniert!

Das Fragment an sich, da capo con malinconia.

Askleurig stromend
laat de rivier dwars door goud
de tijger drinken.

Muze, vernietig ons integraal.
Handen, krabbelen maar.

The flight to Seoul [uitgesproken als ziel]
is now ready for boarding.

Lippen, doe jullie ding.

 

 2036096-98d8ebda93498890038744af7e472509.jpg
Jan Lauwereyns (Antwerpen, 13 mei 1969)

 

 

De Vlaamse dichter Reinout Verbeke werd geboren op 13 mei 1981 in Roeselare. Zie ook alle tags voor Reinout Verbeke op dit blog.

 

Vader Staat

Geland in het Land van de makke cadans
van bakken vallend glas in vuilniswagens,
intussen het blussen van mailboxen, het aanblazen
van smeulende vrienden. Hier tikt de beige chauffage
waarnaast we op woensdagen
vrijend tot stilstand komen

Dit is het dan, ontheemd wonen in Hem
die het systeem vader bedacht
de draaideur, het rattenrad
waarin de verleden vaders
zich voorzichtig
leerden vermenigvuldigen
tot de vaders van vandaag

Dit is het Vaderland, dat na de daad
de drift van teen tot hals begraaft, aanstampt,
en het hoofd voor de vorm
de vluchtwegen uitstippelt

Dit zondagse gedicht dat Hij
voorzag

 

 

Vlek

Ergens bij de lidwoorden zit een lek in de taal
waarlangs een blauwe, hete stof
op mijn schedel drupt
tot mijn kop smelt en een en al
het blauwe spul wordt
en smeltend
overloopt in nek en schouders
in borstkas en buik
in lies
in knie
in voet
in een vlek

Er is op verzoek geen beter beeld
dan dat waarin ik verdwijnend
jou nooit genoeg zal zijn

 

 2036096-65926132574da43fbcd7a852608d8ccd.jpg
Reinout Verbeke (Roeselare, 13 mei 1981)

 

 

De Engelse schrijver Bruce Chatwin werd op 13 mei 1940 in Sheffield geboren. Zie ook alle tags voor Bruce Chatwin op dit blog.

Uit: De gezongen aarde (Vertaald door Peter van Oers)

"Tijdens zijn werk als onderwijzer hoorde Arkady over het labyrint van onzichtbare paden die zich door heel Australië slingeren en door Eu-ropeanen `Droomwegen' of 'Zangsporen' worden genoemd en door de Aboriginals <de voetstappen van de voorouders' of `de weg van de wet'. De scheppingsmythen van de Aboriginals verhalen van legendarische totemische wezens die in de Droomtijd over het continent hadden ge-zworven, terwijl deze de naam zongen van alles wat ze op hun weg von-den — vogels, dieren, planten, rotsen, waterplaatsen — en zo de wereld tot leven zongen."
(...)

"... De eerste reizigers meldden dat de Aboriginals geen verband legden tussen seks en voortplanting: een bewijs, als dat al nodig was, van hun hopeloos 'primitieve' manier van denken. Dit was natuurlijk onzin. Ie-mand wist best wie zijn vader was. Maar daarnaast was er nog een soort parallelvaderschap dat zijn ziel verbond met een bepaald punt in het landschap. Elke voorouder zou, terwijl hij zich een weg door het land zong, een spoor van levenscellen' of 'geesteskinderen' hebben uitgezaaid langs de baan van zijn voetstappen. `Een soort muzikaal sperma', zei Arkady, waar iedereen om moest la-chen, zelfs Flynn ditmaal. Het idee was dat het lied zich over de grond uitstrekte in een ononder-broken aaneenschakeling van coupletten: een couplet per paar voetaf-drukken van de voorouder, bestaande uit de namen die hij onder het lopen 'uitzaaide'. `Een naam naar rechts en een naam naar links?' `Ja,' zei Flynn. Zo moet je je een zwangere vrouw voorstellen die rondscharrelde op haar dagelijkse fouragetocht. Opeens stapt ze op een couplet, het 'gees-teskind' springt op, via haar teennagel naar haar vagina of in een eelt-kloof in haar voet, zoekt zijn weg naar haar baarmoeder en bevrucht de foetus met gezang. `De eerste schop van de baby,' zei hij, 'valt samen met de "geestesbevruchting".

 

 2036096-d7f9a79a5e38f766cb732a56759e2d9b.jpg
Bruce Chatwin (13 mei 1940 – 18 januari 1989)
Cover

 

 

De Britse schrijfster Daphne du Maurier werd geboren in Londen op 13 mei 1907. Zie ook alle tags voor Daphne du Maurier op dit blog.

Uit: Jamaica Inn

“This was a lashing, pitiless rain that stung the windows of the coach, and it soaked into a hard and barren soil. No trees here, save one or two that stretched bare branches to the four winds, bent and twisted from centuries of storm, and so blackened were they by time and tempest that, even if spring did breathe on such a place, no buds would dare to come to leaf for fear that the late frost should kill them. It was a scrubby land, without hedgerow or meadow; a country of stones, black heather, and stunted broom.
There would never be a gentle season here, thought Mary; either grim winter as it was today, or else the dry and parching heat of midsummer, with never a valley to give shade or shelter, but grass that turned yellow-brown before May was passed. The country had gone grey with the weather. Even the people on the road and in the villages changed in harmony with their background. At Helston, where she had taken the first coach, she had trodden familiar ground. So many childish memories clung about Helston. The weekly drive to market with her father in the vanished days, and, when he was taken from them, the fortitude with which her mother held his place, driving backwards and forwards, winter and summer, as he had done, with her hens and her eggs and her butter at the back of the cart, while Mary sat at her side, clutching a basket as big as herself, her small chin resting on the handle. Folk were friendly in Helston; the name of Yellan was known and respected in the town, for the widow had had a hard fight against life when her husband died, and there were not many women who would have lived alone as she did with one child and a farm to tend, with never a thought of taking another man. There was a farmer at Manaccan who would have asked her had he dared, and another up the river at Gweek, but they could tell from her eyes she would have neither of them, but belonged in body and mind to the man who had gone. It was the hard work of the farm that told upon her in the end, for she would not spare herself, and, though she had driven and flogged her energy for the seventeen years of her widowhood, she could not stand up to the strain when the last test came, and her heart went from her.”

 

 2036096-b0f4c4aecb90cd8ab977c285eb8ab789.jpg
Daphne du Maurier (13 mei 1907 – 19 april 1989)
Cover 

 

 

De Schotse dichteres Kathleen Jamie werd geboren op 13 mei 1962 in Currie, Edinburgh. Zie ook alle tags voor Kathleen Jamie op dit blog.

 

Before The Wind

If I'm to happen upon the hill
where cherries grow wild
it better be soon, or the yellow-
eyed birds will come squabbling

claiming the fruit for their own.
Wild means stones barely
clothed in flesh, but that's rich
coming from me. A mouth

contains a cherry, a cherry
a stone, a stone
the flowering branch
I must find before the wind

scatters all trace of its blossom,
and the fruit comes, and yellow-eyed birds.

 

 

The Dipper

It was winter, near freezing,
I'd walked through a forest of firs
when I saw issue out of the waterfall
a solitary bird.

It lit on a damp rock,
and, as water swept stupidly on,
wrung from its own throat
supple, undammable song.

It isn't mine to give.
I can't coax this bird to my hand
that knows the depth of the river
yet sings of it on land.

 

 2036096-fe434f01d77c7af4f738469e9df36604.jpg
Kathleen Jamie (Currie, 13 mei 1962)

 

 

De Amerikaanse schrijver Armistead Jones Maupin Jr. werd geboren op 13 mei 1944 in Washington. Zie ook alle tags voor Armistead Maupin op dit blog.

Uit: Mary Ann in Autumn

“As soon as she caught sight of the lych-gate at Number 28, a flock of wild parrots swooped low over the lane, cackling like crones. Those birds—or ones just like them—had been here when she was here, long before they became global celebrities in a popular documentary. She remembered how proud she had felt when she saw that film in Darien, and how utterly irrational that feeling had been, as if she were claiming intimacy with someone she had known slightly in high school who had grown up to be famous.
Those birds did not belong to her anymore.
The lych-gate was the same, only new. The redwood shingles on its roof had been crumbly with dry rot when she moved to the East Coast in the late eighties. Now they were made of slate—or a good imitation thereof. The gate itself, once creaky but welcoming, had been fitted with a lock and a buzzer and something under the eaves that looked like a security camera. So much for a quick snoop around the garden.
She peered through a hole in the lattice at what she could see of the house. The shingle siding had been replaced, and fairly recently. The trim around the windows was painted a hard, glossy black. There were now French doors opening onto the courtyard in roughly the spot where Mrs. Madrigal’s front door had been. (Had anyone even thought to save that door with its wonderful stained-glass panels?) Most of the outside stairways, she noticed with a shiver, had been removed or modified to serve the transformation of an apartment house into—what was the official term?—a Single-Family Dwelling.
We had been a family, she thought. Even in our separate dwellings.
From this angle, of course, she couldn’t see the little house on the roof, the funky matchbox studio Mrs. Madrigal’s tenants had referred to as “the pentshack.” Her guess was it no longer existed, given the extensive nature of this remodeling. It had probably been replaced by a deck—or another floor entirely—and she wasn’t sure how to feel about that. Her memories of the place held both dread and delight.”

 

 2036096-59050f45252f16e7cad7f3cd006b012b.jpg
Armistead Maupin ( Washington, 13 mei 1944) 

 

 

De Franse dichter en schrijver Alphonse Daudet werd geboren in Nîmes op 13 mei 1840. Zie ook alle tags voor Alphonse Daudet op dit blog.

 

Trois jours de vendanges

Je l’ai rencontrée un jour de vendange,
La jupe troussée et le pied mignon ;
Point de guimpe jaune et point de chignon :
L’air d’une bacchante et les yeux d’un ange.

Suspendue au bras d’un doux compagnon,
Je l’ai rencontrée aux champs d’Avignon,
Un jour de vendange.

* * *

Je l’ai rencontrée un jour de vendange.
La plaine était morne et le ciel brûlant ;
Elle marchait seule et d’un pas tremblant,
Son regard brillait d’une flamme étrange.

Je frisonne encore en me rappelant
Comme je te vis, cher fantôme blanc,
Un jour de vendange.

* * *

Je l’ai rencontrée un jour de vendange,
Et j’en rêve encore presque tous les jours.
Le cercueil était couvert en velours,
Le drap noir avait une double frange.

Les sœurs d’Avignon pleuraient tout autour…
La vigne avait trop de raisins ; l’amour
A fait la vendange.

 

 2036096-6061d758fe329583c1f8eff0dcb4a9ac.jpg
Alphonse Daudet (13 mei 1840 - 17 december 1897)
Alphonse Daudet dans son cabinet de travail avec son épouse (détail) door Louis Montegut, ca. 1880

 

 

De Japanse schrijver Koji Suzuki werd geboren op 13 mei 1957 in Hamamatsu.Zie ook alle tags voor Kōji Suzuki op dit blog.

Uit:Ring (Vertaald door Robert B. Rohmer en Glynne Walley)

“She looked at the clock. Almost eleven. She thought of watching the day's baseball wrap-up on TV. Maybe she'd catch a glimpse of her parents in the infield seats. But Tomoko, who wanted in the worst way to get into college, was worried about the test. All she had to do was get into college. It didn't matter where, as long as it was a college. Even then, what an unfulfilling summer vacation it had been! The foul weather had kept her from having any real fun, while the oppressive humidity had kept her from getting any work done.
Man, it was my last summer in high school. I wanted to go out with a bang and now it's all over. The end.
Her mind strayed to a meatier target than the weather to vent her bad mood on.
And what's with Mom and Dad anyway? Leaving their daughter all alone studying like this, covered in sweat, while they go gallivanting out to a ball game. Why don't they think about my feelings for a change?
Someone at work had unexpectedly given her father a pair of tickets to the Giants game, and so her parents had gone to Tokyo Dome. By now it was almost time for them to be getting home, unless they'd gone out somewhere after the game. For the moment Tomoko was home alone in their brand-new house.
It was strangely humid, considering that it hadn't rained in several days. In addition to the perspiration that oozed from her body, a dampness seemed to hang in the air. Tomoko unconsciously slapped at her thigh. But when she moved her hand away she could find no trace of the mosquito. An itch began to develop just above her knee, but maybe it was just her imagination. She heard a buzzing sound. Tomoko waved her hands over her head. A fly. It flew suddenly upwards to escape the draft from the fan and disappeared from view. How had a fly gotten into the room? The door was closed. Tomoko checked the window screens, but nowhere could she find a hole big enough to admit a fly. She suddenly realized she was thirsty. She also needed to pee.”

 

 2036096-95e2f66af6bb3a961f0c4d95243cfbc3.jpg
Kōji Suzuki (Hamamatsu, 13 mei 1957)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 13 mei ook mijn vorige blog van vandaag.

Geschreven door Romenu om 10:47 Reageer op dit bericht

Gregor von Rezzori, Theo van Baaren, Reinhold Schneider, Jacob Haafner, Adolf Muschg, Roch Carrier, Franz Michael Felder

De Oostenrijkse schrijver en acteur Gregor von Rezzori werd geboren op 13 mei 1914 in Czernowitz. Zie ook alle tags voor Gregor von Rezzori op dit blog.

Uit: Mir auf der Spur

„Es war einmal ein Tag, da wollte ich einen Blick in die Zukunft tun. Einen winzigen nur, allerdings. Nach einigen vorangegangenen Einblicken in das, was doch demnächst Vergangenheit sein sollte, bin ich nicht mehr neugierig auf morgen. Das Kommende kommt, habe ich gelernt. Das Geschehende geschieht. Es geschieht mit mir über mich hinweg. Es läßt mir kaum Entscheidung über den nächsten Augenblick. Ich weiß: Dieser nächste Augenblick – jedernächste Augenblick - birst vor Fatalität. Was immer ich nach Gutdünken wähle, wird Folgen haben, deren Wendungen ich nicht voraussehe. Sie werden mitbestimmt von der Zeit. Sie verlaufen darin, wie alles sich in der Zeit verläuft. Daß es gewesen ist, davon zeugt allein, was sich davon erzählen läßt. Die Welt ist ein ungeheuerlicher Speicher von erzähltem Wiedererzählbarem. Alles Gewesene ist gewesen wie die Saurier. Es war einmal.
An jenem fernen Tag war ich bedrängt von einem Wunsch und mußte wissen, ob er in Erfüllung gehen würde. Es war der Wunsch, einen Schritt aus Deutschland hinauszutun. Nach Deutschland war ich geraten wie in eine Falle. Das Zeitgeschehen hatte mich hingeschwemmt. Gestrandet war ich in Hamburg an der Elbe. Dort gehörte ich nicht hin. Ich war's nicht, der dort unter meinem Namen, mit meiner Nase, meinem blauen Blick, meinen besonderen unvermerkten Merkmalen und in meinen Kleidern herumlief; und war doch erst recht auf mich festgelegt. Mir war nicht wohl in meiner Haut. Ich verspürte das Bedürfnis, aus mir heraus zu mir zurückzufinden. Es lag aber nicht in meiner Macht, anderswohin zu gehen und wieder in meine alte Haut zu schlüpfen. Sie war mir abhanden gekommen. Später habe ich versucht, mir einige ihr ähnliche umzulegen. Es waren Verkleidungen. Das Kostüm paßte nicht zur Epoche. Damals erst recht nicht.“

 

 2036091-b381a34ed62583122cebe1ccb02787b4.jpg
Gregor von Rezzori (13 mei 1914 – 23 april 1998)

 

 

De Nederlandse dichter, vertaler en godsdiensthistoricus Theo van  Baaren werd op 13 mei 1912 geboren in Utrecht. Zie ook alle tags voor Theo van Baaren op dit blog.

 

God, werp mij niet...

God, werp mij niet als een verrotte vrucht
bij mest en slijk in Uw verbolgenheid,
aanhoor nog eenmaal, wat ik biddend zucht:
Ik wil, maar kan niet! ach, Uw heiligheid
is veel te groot voor mij, Uw kleinste zoon,
en wat ik doe, spreekt, wat ik wilde, hoon.
Ik kan niet zelf. Wijkt Gij geheel van mij,
spoel 'k dra aan land met winden en getij.

 

 

In duizend dingen..

In duizend dingen zag ik U verschijnen,
om duizend hoeken Uwe schim verdwijnen,
in duizend nachten hoorde ik Uw stem,
maar nu ik eenzaam door de branding zwem
van 't hete leven tussen scherpe klippen
voel ik mij alle zekerheid ontglippen
en weet mij ver van Uw Jerusalem.

 

 2036091-84319a33f4d14a62700a2fd9dc0812f3.JPG
Theo van  Baaren (13 mei 1912  -  4 mei 1989)
Cover

 

 

De Duitse dichter Reinhold Schneider werd op 13 mei 1903 geboren in Baden-Baden. Zie ook alle tags voor Reinhold Schneider op dit blog.

Nun baut der Wahn die tönernen Paläste

Nun baut der Wahn die tönernen Paläste
Und läßt sein Zeichen in die Straßen rammen;
Er treibt das blindverirrte Volk zusammen
Von Lärm zum Lärm und vom Fest zum Feste.

Schon reißt der höllische Schwarm verruchter Gäste
Die letzten mit, die bessrer Art entstammen,
Und tanzend in des Hasses grellen Flammen,
Entweihn sie noch der Toten arme Reste.

Jetzt ist die Zeit das Kreuz des Herrn zu lieben
Und auszufüllen jeden unsrer Tage
Mit Opfer und Verzicht und heißen Bitten.

Es wird das Wahnreich über Nacht zerstieben
Und furchtbar treffen uns des Richters Frage,
Ob Stund um Stunde wir Sein Reich erstritten.

 

 

Den Technikern

Ihr fasst die Dinge nüchtern in die Augen,
So wie sie sind, nicht größer, nicht geringer.
Ihr seid des Lebens rechnende Bezwinger
Und habt das Recht, es völlig auszulaugen!

Wie alle Dinge euren Zwecken taugen
Und jedem Druck sich fügen eure Finger!
Wie sie im Dienst der Heil- und Segenbringer
Sich finden, formen, hämmern, wählen, saugen!

Phantasien, die ihr seid! In euch entsprang
Die karge Welt, die ihr bestätigt findet!
Fort rollt von Untergang zu Untergang

Das Rad, und keiner greift ihm in die Felgen!
Ihr träumt die Nüchternheit! Ihr träumt und schwindet. –
Ich lieb’s, im Reich der Wirklichkeit zu schwelgen

 

 2036091-4a0b093ea9706c7a4c69cc18de65eb90.jpg
Reinhold Schneider (13 mei 1903 – 6 april 1958)
Cover

 

De Duits-Nederlandse schrijver Jacob Gottfried Haafner werd geboren op 13 mei (volgens anderen op 13 maart) 1754 in Halle an der Saale. Zie ook alle tags voor Jacob Haafner op dit blog. 

Uit: Lotgevallen op eene reize van Madras over Tranquebaar naar het eiland Ceilon

“Eindelijk na verbazend sukkelen kwamen wij op de Nagapatnamsche reede. Het volgende geval was oorzaak, dat ik 'er aan den wal werd bescheiden.
Onze kapitein, (Koelbier was de naam van dezen tijger,) had, geduurende onze reize, het scheepsvolk, en zelfs verscheidene onder- en opper- Officieren, op eene schandelijke en allerbeestachtigste manier behandeld. Dit was zijne gewoonte, zoo had hij altijd geleefd op alle de schepen die hij kommandeerde.
Onder andere mishandelingen, liet hij, om eene geringe oorzaak, twee Lascars, zoo vreezelijk met touwen, anders gezegd endjes, slaan, dat zij het beide, nog dien zelfden dag, bestierven.
Ik had heimelijk eene verklaaring opgemaakt, waarin dit afschuwelijk feit op eene krachtige en aandoenelijke wijze was voorgesteld; zij was door mij, den Dominé of Ziekentrooster, den tweeden Derdewaak, (die hij beide in den kuil had geschopt), den Schieman, den Konstapel, en eenige andere onder- Offiçieren, en sommige van het scheepsvolk, onderderteekend, en met deze voorzien, ging de Serang(*) der Lascars aan land, om den kapitein van den moord aan zijn volk gepleegd, te beschuldigen, en aanteklaagen.
Eenige dagen daarna kwam een Peon(†), van den Fiskaal aan boord; ik moest met de andere nog onverhoorde getuigen terstond aan den wal en op het Stadhuis komen, waar de Raad van Justitie reeds vergaderd was.
Wij wierden ondervraagd, onze getuigenissen opgeschreeven of aangeteekend; toen dit alles gedaan was, wilde men weeten wie de opstelder der verklaaring was.
Mijne medegetuigen weezen op mij. Het was jammer, zeide toen de Sekretaris, dat ik op een schip bleef; ik had eene goede hand, eenen redelijken stijl, 'er was van mij wel iets te maaken; zoo ik genegenheid had om aan den wal te blijven, wilde hij mij op zijn kantoor plaatsen.”

 

 2036091-dde2acee4171107d8be26ff6a4d89b76.jpg
Jacob Haafner (13 mei 1754 – 4 september 1809)
Cover

 

 

De Zwitserse schrijver en literatuurwetenschapper Adolf Muschg werd geboren op 13 mei 1934 in Zollikon, kanton Zürich. Zie ook alle tags voor Adolf Muschg op dit blog.

Uit:Im Erlebensfall

“Rainer Maria Rilke sucht in Grimms Wörterbuch nach einem bündigen Ausdruck für «das Innere der Hand». Er wird nicht fündig – «Handfläche» oder «Handteller» (er war ein Dichter und haßte das Ungefähre) treffen es nicht. Ich habe es ihm über dreißig Spalten des großen Wörterbuchs nachgetan, mit gleichem Mißerfolg. Das Deutsche hat kein Äquivalent zu «palma», es vermag die Hand nicht als strahlenförmiges Gebilde, als Palmblatt zu sehen. Wir haben Schulterblätter – Handblätter kennen wir nicht.
Aber wie man Rilke kennt, ging es ihm hier nicht um eine passende Metapher, sondern – in Umkehrung der üblichen Semantik – um das im Wort verborgene Ding. Was er «Dinggedichte» nennt, sind durchweg kunstvolle Offenbarungen jenes besonderen Anteils, den Dinge an dem haben, was er später «Weltinnenraum» nennen wird und wozu e in der Neunten Duineser Elegie eine hermetische Kosmologie entwirft – mit einem Erlösungsauftrag an den Dichter.
Sind wir vielleicht hier, um zu sagen: Haus, / Brücke, Brunnen, Tor, Krug, Obstbaum, Fenster, – / Höchstens: Säule, Turm ... aber zu sagen, verstehs, / oh zu sagen, wie selber die Dinge niemals / innig meinten zu sein.
Wie aber wären die Dinge «innig» zu bezeichnen? Die Antwort darauf, am Schluß der Elegie, ist eine rhetorische Frage, hymnisch getönt: Erde, ist es nicht dies, was du willst: unsichtbar / in uns erstehn? – Ist es dein Traum nicht, / einmal unsichtbar zu sein? – Erde! Unsichtbar!
Hier singt ein Orpheus der Verführung, der das offenbare Geheimnis der Welt in ihrem Beruf zur Verwandlung erblickt. In der Alchemie der Dichtung erscheint sie in ihrer innigsten Metamorphose, derjenigen des Gesangs, gewissermaßen aufgelöst zu sich selbst. Novalis: Dann fliegt vor einem geheimen Wort / Das ganze verkehrte Wesen fort.
Das verkehrte Wesen, die verkehrte Welt ist, ohne den frommen Hintergrund des Barock, die Materie der Existenz, welche die Kunst, sie allein, «ins Offene» wenden kann, in jene Richtung also, in welche die Kreatur «mit allen Augen» blickt.“

 2036091-5aeba6905a8b35f0792aeb6bfdbc712f.jpg
Adolf Muschg (Zollikon, 13 mei 1934)

 

 

De Canadese schrijver Roch Carrier werd geboren op 13 mei 1937 in Sainte-Justine, Quebec. Zie ook alle tags voor Roch Carrier op dit blog.

Uit: The Hockey Sweater

“My mother did not like the order forms included in the catalogue. They were written in English and she did not understand a single word of it. To order my hockey sweater, she did what she always did. She took out her writing pad and wrote in her fine schoolteacher's hand, "Dear Monsieur Eaton, Would you be so kind as to send me a Canadiens' hockey sweater for my son Roch who is ten years old and a little bit Please send me the change if there is any. I hope your packing will be better than it was last time."
Monsieur Eaton answered my mother's letter promptly. Two weeks later, we received the sweater.
That day I had one of the greatest disappointments of my life! Instead of the red, white, and blue Montréal Canadiens sweater, Monsieur Eaton had sent the blue-and-white sweater of the Toronto Maple Leafs. I had always worn the red, white, and blue sweater of the Montréal Canadiens. All my friends wore the red, white, and blue sweater. Never had anyone in my village worn the Toronto sweater. Besides, the Toronto team was always being beaten by the Canadiens.
With tears in my eyes, I found the strength to say: "I'll never wear that uniform."
"My boy," said my mother. "first you're going to try it on! If you make up your mind about something before you try it, you won't go very far in this life."
My mother had pulled the blue and white Toronto Maple Leafs sweater over my head and put my arms into the sleeves. She pulled the sweater down and carefully smoothed the maple leaf right in the middle of my chest.
I was crying: "I can't wear that."
"Why not? This sweater is a perfect fit."
"Maurice Richard would never wear it."
"You're not Maurice Richard! Besides, it's not what you put on your back that matters. It's what you put inside your head."
tall for his age? Docteur Robitaille thinks he is a little too thin. I'm sending you three dollars.

 

 2036091-3b977f34596a6c860ae49993bd3f3aff.jpg
Roch Carrier (Sainte-Justine, 13 mei 1937)

 

 

De Oostenrijkse schrijver Franz Michael Felder werd geboren op 13 mei 1839 in Schoppernau. Zie ook alle tags voor Franz Michael Felder op dit blog.

Uit: Reich und arm

„Weiter draußen, dort, wo die äußersten Tannenwipfel des Waldes ins rötlichblaue Licht hineinragten, trugen goldige Engelchen mit Feuerflügeln der scheidenden Sonne den Strahlenmantel[27] nach und winkten dabei mit weiß und rötlich schimmernden Händen ihre letzten Grüße zurück ins Tal. »Viel schöner doch und so, daß man dabei auch etwas empfindet, ist die Art, wie die Natur ihr Auferstehungsfest feiert«, begannen jetzt auf einmal mehrere. Gleich fielen auch andere ein: »Das Osterlied der Vögel im weihrauchduftenden Walde draußen – hört, hört! Und droben in den Bergen das Wiedergeben der angeschwollenen, tosenden Ach – oh, das geht einem durch Leib und Seele, ganz, ganz anders noch als das lateinische Osterlied, welches der Kaplan bis von Innsbruck heraus hat kommen lassen.«
Ganze Minuten lang schlug man jetzt überall Feuer, doch der Zunder wollte gar nicht recht »empfangen«. Die krummrohrigen Tiroler Pfeifen blieben kalt, wie gewöhnlich vor der glücklichen Zeit der Zündhölzchen, wenn es einmal etwas zu sehen und auszukopfen gab.
Noch hatten viele nicht eingeheizt, als das Mathisle, ein ärmlich gekleidetes Bäuerlein, welches den Wolkengestalten nicht nachblicken mochte, bis es sich die scharfen grauen Augen verdarb, auf einmal ausrief: »Sehet dort! Jetzt kommt der Bot' und geht ins Kronenwirtshaus. Was er wohl alles drin hat in der großen Tasche, daß er gar so eilt?«
»Nun, der bringt ja jeden Samstag Zeitungen für die Wirtin oder die, welche vornehm und reich genug sind, ins Herrenstüble.«
»Es wäre doch nun ganz in der Ordnung«, begann das Mathisle nach einer Weile wieder, »wenn endlich Hansjörg, der Soldat, ein Briefchen schickte. Ist's doch schon mehr als ein halbes Jahr seit dem letzten, und es wäre die einzige Freude, die er mir machen könnte. Nun, eine Frag' ist wohl jedem erlaubt«, fügte er, das Kopfschütteln der Umstehenden bemerkend, bei und eilte dem Wirtshause zu.“

 

 2036091-f8c5166fa43b378905a575cca5522ad7.JPG
Franz Michael Felder (13 mei 1839 – 26 april 1869)
Gedenkplaat aan zijn geboortehuis

Geschreven door Romenu om 10:36 Reageer op dit bericht

Meer van Romenu

↑ Terug naar de berichten